Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


1. 1 Aanleiding

Dovnload 446.54 Kb.

1. 1 Aanleiding



Pagina1/7
Datum13.03.2017
Grootte446.54 Kb.

Dovnload 446.54 Kb.
  1   2   3   4   5   6   7

  1. Inleiding

1.1 Aanleiding
In februari 2010 stond in E! magazine een artikel over het succes van vrouwelijke popartiesten. Er werd besproken of het hebben van blond haar een verklaring kon zijn voor het succes van topzangeressen, aangezien steeds meer popartiesten blond haar hebben.1 Ook in andere artikelen worden met name uiterlijke kenmerken genoemd bij de bespreking van vrouwelijke popartiesten. Een artikel dat de Grammy’s van 2008 aankondigde haalt naar voren dat Tina Turner haar legendarische benen misschien wel zou laten zien.2 Tijdens deze show was ook Rihanna, de popster uit Barbados, aanwezig: ‘She looked fabulous in a black mini dress, and it’s nice to see this gal has real curves’.3 Op basis van deze constatering wordt er gezegd, dat haar optreden geen teleurstelling was. Opvallend is dat bij de bespreking van de nieuwe clip van Lady Gaga in samenwerking met Beyonce ‘Telephone’ meer aandacht wordt gegeven aan het uiterlijk van Lady Gaga. Er wordt gezegd dat de popster heel erg dun is in haar nieuwste clip; ze is vel over been.4 En een ander artikel gericht op het succes van Jennifer Lopez kaart aan dat ze vooral beroemd is om haar achterwerk.5
Naast verwijzingen naar het uiterlijk zijn er andere aspecten die vooral aandacht krijgen bij de bespreking van vrouwelijke popartiesten. Een aantal voorbeelden zijn emotie, samenwerkingen en het harde werken. Zo bespreekt een artikel het optreden van Leona Lewis tijdens de Grammy’s. Deze zou overladen zijn met emoties. En Whitney Houston, die daar ook aanwezig was, is bezig met haar comeback album in samenwerking met Clive Davis.6 Een ander artikel bespreekt dat Jennifer Lopez hard moet werken voor haar succes.7 Hetzelfde geldt voor Rihanna; deze popartiest is hard werkend en de auteur stelt zich de vraag: ‘Does Rihanna ever sleep?’.8
Opvallend is dat de artikelen over mannelijke popartiesten andere kwaliteiten, zoals zakelijk inzicht, muzikaliteit en talent, naar voren halen. Een artikel over P Diddy bespreekt wat hij allemaal zelf heeft opgebouwd in de jaren dat hij werkzaam is in de muziekwereld.9 Timbaland wordt een superproducer genoemd en een ‘megamusic man’.10 Clive Davis is een muzieklegende en werkt samen met Whitney Houston aan haar comeback zoals boven eerder vermeld.11 Jay Z wordt Rihanna’s mentor genoemd12 en Justin Timberlake is naast een ongelofelijke zanger en danser ook nog eens een fantastische komediant.13 Justin Timberlake wordt één van de grootste entertainers van onze generatie genoemd.14 Dit onderscheid in de artikelen van het E! magazine viel erg op en is de aanleiding voor het onderwerp van dit onderzoek. Welke kenmerken schrijven de media toe aan popartiesten om hun succes te verklaren? En in hoeverre wordt in de media succes bij mannen en vrouwen anders gedefinieerd?

1.2 Succes, gender en de media
Niet alle popartiesten werkzaam in de muziekwereld krijgen de gewenste erkenning en succes. Er kan een onderscheid gemaakt worden tussen het krijgen van kritische en populaire erkenning. De meeste cultuurwetenschappelijke onderzoeken gaan over het verkrijgen van kritische erkenning (Baumann, 2007; Bourdieu, 1984; Janssen, 1997; Van Rees & Vermunt, 1996 ). Kritische receptie is vooral van belang in het autonome productieveld (Bourdieu, 1984). Critici spelen hier een grote rol en het gaat om de productie en verspreiding van symbolisch kapitaal. Dit is bijvoorbeeld terug te vinden in het literaire veld. Critici hebben daar een invloed op de hoeveelheid aandacht en waardering dat cultureel werk krijgt (Van Rees & Vermunt, 1996). Om succesvol te zijn en een reputatie op te bouwen moet het werk van de artiest door meerdere recensenten besproken worden. Dit waarborgt succes op een langere termijn. Doordat het werk van een artiest besproken wordt, wordt de kans groter dat toekomstig werk van dezelfde artiest besproken zal worden (Janssen, 1997). Tevens zorgt de bespreking van het werk door critici voor legitimiteit. Hoe vaker het werk positief besproken wordt, hoe meer er onderling critici consensus bestaat, dat het uitgebrachte werk legitiem is (Bourdieu, 1984, Janssen, 1997).
Naast kritische erkenning is er ook een andere vorm van erkenning, namelijk populaire erkenning. Deze vorm van erkenning is vooral van belang in het heteronome productieveld (Bourdieu, 1984). Het heteronome productieveld is grootschaliger en commerciëler opgesteld. Het gaat om producten die door de industrie in grote oplage verspreidt worden in de samenleving in de hoop dat het aanslaat bij een omvangrijk publiek. In tegenstelling tot het autonome productieveld spelen critici hier geen rol. Het gaat hier meer om verkoopcijfers, hitlijsten en het verkrijgen van commercieel succes. Het betreft populaire legitimiteit, ook wel populaire erkenning (Bourdieu, 1984). In dit productieveld geldt: hoe meer mensen het kopen, hoe groter de erkenning.
Popartiesten strijden om erkenning, maar gender speelt een grote rol in de mate waarin het succes en erkenning verkregen wordt. Gender heeft een invloed op de manier hoe artiesten beoordeeld worden. Pheterson, Kiesler & Goldberg (1971) hebben onderzoek gedaan naar de beoordeling van visuele artiesten en de mate waarin ze succesvol zijn. Hier hebben ze specifiek gekeken naar het onderscheid in gender en hebben geconcludeerd dat het werk van mannelijke artiesten beter beoordeeld worden dan het werk van vrouwelijke artiesten. Schmutz (2009) heeft recentelijk onderzoek gedaan naar popartiesten en heeft specifiek aandacht gegeven aan het onderscheid in gender. Hij komt tot de conclusie dat de reputatie van geconsacreerde mannelijke en vrouwelijke popartiesten aan andere factoren wordt toegeschreven. Hij gaat in zijn onderzoek uit van popartiesten die kritische erkenning hebben verkregen en onderzoekt vanuit deze invalshoek hoe er over de artiesten geschreven is. Echter, er is nog geen onderzoek gedaan naar de evaluatie van popartiesten die op basis van populaire erkenning geselecteerd zijn. Popartiesten kunnen succesvol zijn in de samenleving door populariteit, onder andere gemeten aan de hand van verkoopcijfers, zonder het verkrijgen van kritische erkenning. Het verkrijgen van populaire erkenning sluit het verkrijgen van kritische erkenning meestal uit. Dit onderzoek gaat uit van popartiesten die populaire erkenning hebben verkregen, namelijk door een plek in de Nederlandse hitlijsten. Vanuit dit uitgangspunt zal er onderzocht worden hoe de media het succes van popartiesten verklaren.
Dit onderzoek zal gericht zijn op het discours in de media. Popartiesten worden besproken in tijdschriften, dag –en weekbladen, kranten en op het internet. Het discours in de media over populaire muziek heeft een invloed op de manier hoe artiesten door de buitenwereld gezien worden (Shuker, 1988). Door de factoren te onderzoeken die de media toeschrijven aan het succes van popartiesten kan er een beter beeld geschetst worden welke kenmerken popartiesten moeten hebben om succesvol te worden volgens de media. Ook onderzoeken naar het discours in de media en het onderscheid in gender concluderen dat vrouwen minder en anders besproken worden dan mannen (Johnson – Grau, 2002; Kruse, 2002). In dit onderzoek zal de bespreking van het succes van popartiesten onderzocht worden en er zal specifiek gekeken worden naar het onderscheid in gender.

1.3 Gendered erkenning
Voor deze scriptie is vooraf eerst een literatuurstudie gedaan. Deze studies gingen over het onderscheid in het toekennen van succes op basis van gender. Hoewel hier nog niet veel onderzoek naar is gedaan, concludeert onderzoek dat het succes van mannen en vrouwen anders geëvalueerd wordt (Pheterson et al., 1977, Schmutz, 2009).
Het discours in de media over het succes van popartiesten zal onderzocht worden en ik zal specifiek kijken naar het onderscheid in gender. Hiernaast wil ik onderzoeken of er een verandering over de tijd heeft plaatsgevonden in het succes dat toegeschreven wordt aan mannelijke en vrouwelijke popartiesten. Zijn de kenmerken van succes door de tijd heen anders veranderd voor mannelijke en vrouwelijke popartiesten? De onderzoeksvraag die ik voor dit onderzoek heb geformuleerd is:

In hoeverre verschilt de manier waarop succes geduid wordt aan mannelijke en vrouwelijke popartiesten in de media?

Hiervoor heb ik een aantal deelvragen geformuleerd die beantwoord zullen worden om een antwoord op de hoofdvraag te kunnen geven.



1: Hoe wordt succes toegekend aan mannelijke popartiesten in de media?

2: Hoe wordt succes toegekend aan vrouwelijke popartiesten in de media?

De eerste twee deelvragen hebben betrekking op het toekennen van succes en het onderscheid in gender. De derde deelvraag heeft betrekking op de mogelijke verandering in de tijd. Bij deze deelvraag zal onderzocht worden of er over een bepaalde periode een verandering heeft plaatsgevonden in de kenmerken van succes die toegeschreven worden aan de popartiesten in de media. De muziekindustrie wordt voornamelijk gedomineerd door mannen zowel aan de productiekant als de verdeling van de artiesten. Wel hebben vrouwen over de jaren heen meerdere mogelijkheden gekregen binnen deze industrie (Clawson, 1999; Dowd, Liddle & Blyler, 2005). Hierdoor is het interessant om te onderzoeken of ook het beeld van het vrouwelijke en mannelijke succes veranderd is. De vraag die hierbij geformuleerd is:


3: In hoeverre zijn de kenmerken van succes door de tijd heen veranderd voor mannelijke en vrouwelijke popartiesten?
1.4 Onderzoek
Dit onderzoek zal descriptief van aard zijn. Er zal een beter beeld geschetst worden van hoe de media succes toekennen aan popartiesten in de media. Voorafgaand het onderzoek zullen er hypothesen gevormd worden aan de hand van theorieën. Deze zullen gedurende het onderzoek onderzocht worden. De variabele gender staat centraal in dit onderzoek, aangezien ik op zoek ga naar verschillen in het toekennen van succes tussen mannen en vrouwelijke popartiesten. Hiernaast wil ik een verandering over de tijd onderzoeken. Dit zal gebeuren door een inhoudsanalyse te doen naar 102 artikelen geschreven over het succes van popartiesten over een bepaalde periode, namelijk 1993-2009. Voor de dataverzameling zal gebruik gemaakt worden van het online databank Lexis Nexis. Er zal specifiek gekeken worden naar het succes dat toegekend wordt in de media aan popartiesten die hun debuut maken in deze periode. In totaal zullen tien mannelijke en twaalf vrouwelijke popartiesten nader onderzocht worden.
De indeling van dit onderzoek zal er als volgt uitzien: In het volgende hoofdstuk zal het theoretisch kader besproken worden. Hier zullen hypothesen gevormd worden en termen als popmuziek, popartiesten, gender en succes nader gedefinieerd worden. Vervolgens zal in het derde hoofdstuk de methode besproken worden, de inhoudsanalyse, de keuze van de popartiesten en het onderzoeksmodel zullen meer aandacht krijgen. In het vierde hoofdstuk zullen de resultaten besproken en in het laatste hoofdstuk zal de conclusie besproken worden, de mogelijke verklaringen voor de bevindingen en aanbevelingen voor verder onderzoek.

2. Theoretisch kader

In dit hoofdstuk zullen de begrippen popmuziek en popartiesten nader gedefinieerd worden. Er zal dieper ingegaan worden op waarom gender een interessant aspect is om te onderzoeken in relatie tot het muziekveld. Waar de nadruk zal liggen op het onderscheid in gender in combinatie met succes in de muziekindustrie. Wordt het succes van vrouwelijke popartiesten vooral toegeschreven aan het uiterlijk en die van mannelijke artiesten aan hun muzikaliteit en zakelijk inzicht? En is er een verandering in de tijd geweest? Tevens zal er aandacht gegeven worden aan de mogelijke verklaringen voor het onderscheid in gender en toekennen van succes. Al deze aspecten zal ik bespreken door het te koppelen aan een aantal theorieën die in de voorafgaande jaren op dit gebied gevormd zijn. Tevens zullen in dit hoofdstuk de geformuleerde hypothesen aan bod komen.



2.1 Definiëring popmuziek en popartiesten
Er is veel discussie gaande over de definiëring van popmuziek. Het begrip popmuziek is ontstaan in het spraakgebruik van alledag en het is niet geïntroduceerd als een wetenschappelijk, theoretisch begrip (Denisoff, 1975; Jones & Rahn, 1981). De term popmuziek is moeilijk te omschrijven en er bestaat geen vaste definitie voor (Nuchelmans, 2002; Shuker, 1994). Popmuziek is de afkorting voor populaire muziek en het is een terrein vol met verschillende tradities, stijlen en invloeden. Zoals de term al aangeeft suggereert populaire muziek populaire erkenning in plaats van kritische erkenning. De definitie voor deze term is door de tijd heen alleen maar breder geworden.
Hoewel er geen vaste definitie is voor popmuziek, hebben meerdere auteurs wel geprobeerd de verschillende kenmerken van popmuziek te bespreken. Ook al is populaire muziek niet geïntroduceerd als een wetenschappelijk theoretisch begrip, Denisoff (1975) is van mening dat populaire muziek vooral een sociaalwetenschappelijk begrip is. Het gaat om muziek dat succesvol en bekend is in de samenleving. Jones en Rahn (1981) komen ook niet met een vaste definitie voor populaire muziek. Ze maken gebruik van criteria waarmee ze specifieke kenmerken van populaire muziek proberen aan te duiden. Zo heeft popmuziek onder andere een hoge amusementwaarde, het is vluchtig van karakter en het wordt door een heterogeen publiek beluisterd. Bepaalde muzieksoorten voldoen min of meer aan deze criteria en worden hiermee aangeduid als populaire muziek. Ook Tagg (1982) maakt gebruik van aantal criteria om een aanduiding te geven van populaire muziek. Hij doet dit door middel van populaire muziek te vergelijken met volksmuziek en kunstmuziek. Tagg (1982: 42) komt tot de indeling dat populaire muziek vooral gemaakt wordt door professionelen, de opname is de belangrijkste bewaarvorm, het wordt massaal verspreid, het komt vooral voor in industriële samenlevingen en de componisten zijn meestal bekend. Nuchelmans (2002: 10) noemt popmuziek een ‘genre dat andere genres in zich opneemt en constant aan vernieuwing onderhevig is’. De twee belangrijkste kenmerken van popmuziek zijn dynamiek en complexiteit (Rutten, 1992).
Zoals naar voren komt bestaat er geen eenduidigheid over de definitie van popmuziek; het is een begrip dat erg breed gedefinieerd wordt. Voor dit onderzoek is een definitie nodig die specifiek gericht is op de manier hoe popmuziek geproduceerd en verspreid is. Daarom zal in dit onderzoek de definitie gebruikt worden die Shuker (1994) geeft aan populair muziek, namelijk: ‘the main commercially produced and marketed musical genres, primarily in a Western context. (Shuker, 1994: ix). Shuker (1994) bakent popmuziek af als muziek dat commercieel geproduceerd en op de markt gebracht is. Het trekt een groot publiek aan, door massale verspreiding. De definitie van Shuker (1994) past goed bij dit onderzoek aangezien het uitgaat van populaire erkenning. Het gaat om popartiesten die in een commerciële markt werkzaam zijn en succesvol zijn door middel van populaire erkenning.
Popartiesten werkzaam in de muziekindustrie bevinden zich in de autonome of het heteronome productieveld (Bourdieu, 1993). Binnen deze twee productievelden is er sprake van onderlinge concurrentie voor machtsverhoudingen die door middel van verschillende soorten kapitaal verkregen wordt. Bourdieu maakt een onderscheid tussen economisch, cultureel en symbolisch kapitaal. In het veld van de culturele productie is het hebben van symbolisch kapitaal vooral van belang in het autonome veld en het verkrijgen van economisch kapitaal is vooral aantrekkelijk in het heteronome veld. Hier spreekt Bourdieu (1993) over de duale structuur van de culturele productie. Het autonome productieveld is een veld dat kleinschalig is en verspreidt voornamelijk symbolisch kapitaal. De rol van critici speelt erg mee in de waardering van muzikanten werkzaam in dit muziekveld. En het heteronome productieveld is grootschaliger en commerciëler opgesteld. Hier spelen hitlijsten en het verkrijgen van commercieel succes een veel groter rol. Hitmuziek zijn muzieknummers die op een bepaald moment in de vorm van singles het meest verkocht en de meeste aandacht van de massamedia krijgen (Rutten, 1992:39). Hoe meer de muziek van popartiesten beluisterd en verkocht wordt; hoe succesvoller de artiesten zullen zijn. De popartiesten die onderzocht zullen worden in dit onderzoek zijn werkzaam in het heteronome productieveld; commercie is van groter belang en er wordt gestreden voor het hebben van succes en populaire erkenning.
Popartiesten werkzaam in de commerciële sector kunnen een plek bemachtigen in de hitlijsten (Rutten, 1992; Shuker, 1994). In deze hitlijsten kunnen nationale en internationale popartiesten staan van verschillende muziekstijlen.15 Voor dit onderzoek zal er onderzocht worden hoe de media succes toekennen aan deze popartiesten, waar specifiek geselecteerd zal worden op Engelstalige popartiesten. Deze popartiesten worden geïntegreerde professionelen genoemd (Alexander, 2003; Becker, 1982). Becker maakt met betrekking tot artiesten een onderscheid tussen vier soorten, namelijk geïntegreerde professionelen, mavericks, volksartiesten en naïeve artiesten. Dit onderscheid in artiesten geeft aan hoe artiesten staan tegenover de kunstwereld. Professionele artiesten werken in een kunstwereld; ze handelen volgens afgesproken conventies waardoor ze sneller gewaardeerd worden in de kunstwereld. Becker is van mening dat sommige van deze artiesten heel getalenteerd en origineel zijn, maar het tegenovergestelde is ook mogelijk. Mavericks zijn in eerste instantie professionele artiesten, alleen deze weigeren te werken volgens de conventies van de kunstwereld. Ze zijn erg innovatief en willen dat de kunstwereld deze innovaties gaat gebruiken. Volksartiesten zijn niet werkzaam in een professionele kunstwereld. Hun kunstwereld bestaat uit een sociaal netwerk en hun doel is niet om hun kunst te verkopen aan een groot publiek; ze werken meestal op een amateurbasis. De naïeve artiesten werken helemaal buiten een kunstwereld en gaan hun eigen gang. De focus in dit onderzoek zal liggen op geïntegreerde popartiesten die in de muziekwereld werken en op basis van populaire erkenning succesvol zijn, deze staan ook in de hitlijsten (Rutten, 1992). Het muziek van popartiesten met een plek in de hitlijsten is erg populair. Ze zijn volgens bepaalde conventies van de muziekindustrie gemaakt en het uitgangspunt van dit soort muziek is niet om innovatief te werk te gaan. De carrières van popartiesten in de muziekindustrie zijn onzeker en het hebben van succes varieert heel erg (Rutten, 1992; Zwaan, Ter Bogt & Raaijmakers, 2009). Dus niet alle geïntegreerde popartiesten zijn zeker van een plek in de hitlijsten.

2.2 Gender
Dit onderzoek onderzoekt of het succes anders toegeschreven wordt aan popartiesten op basis van gender. Gender is een sociale constructie; het impliceert een bepaalde manier van handelen op basis van sekse.16 Gender gaat er van uit dat bepaalde acties en gedragingen typerend zijn voor mannen en vrouwen. Het gaat niet alleen uit van het onderscheid tussen mannen en vrouwen. Gender onderscheidt zich van sekse aangezien het meestal gaat om aangeleerd en wenselijk gedrag op basis van sekse. Sekse is een biologisch onderscheid en gender is een sociale constructie. De laatstgenoemde vertegenwoordigt verschillende rollen, rechten en verplichtingen aan mannen en vrouwen. En zijn geworteld in een cultuur of een samenleving. Het heeft een effect op de organisatie van sociale instituties, zoals families, gemeenschappen en werkplekken.17 Deze rollen en verwachtingen op basis van sekse zijn echter niet statisch. Net zoals samenlevingen kunnen veranderen, zo kunnen er ook veranderingen plaatsvinden in opvattingen omtrent gender. Maar waarom is het onderscheid in gender interessant om te onderzoeken? In de voorafgaande jaren is er onderzoek gedaan naar het onderscheid in gender.

2.2.1 Gender, carrière en succes
Vrouwen komen in hun loopbaan barrières tegen als er gekeken wordt naar het inkomen, posities, promoties en mogelijkheden (Coulangeon, Ravet & Roharik, 2005; Reskin, 1993; Shuker, 1994; Zwaan et al. 2009). Reskin (1993) heeft onderzocht in hoeverre er sprake is van segregatie op basis van sekse als er gekeken wordt naar de werkplek. Segregatie op basis van sekse houdt in dat de mogelijkheden voor mannen en vrouwen niet gelijk verdeeld zijn. Dit is bijvoorbeeld zo in de filmindustrie (Bielby & Bielby, 1996). Mannen domineren belangrijke posities in deze industrie, zowel aan de productie –en de distributiekant. Deze dominante positie kwam in gang toen het beroep als scenarioschrijver steeds lucratiever werd. Net als in de filmindustrie wordt het literaire veld voornamelijk gedomineerd door mannen. Naarmate het schrijven van romans steeds meer prestige kreeg, namen mannelijke schrijvers dit veld over. Hier spreekt Tuchman (1984) over de ‘empty field’ theorie. Zodra een gebied in de industrie, dat voorheen gedomineerd werd door vrouwen, winstgevend blijkt te worden en meer prestige krijgt, gaan steeds meer mannen dat gebied overnemen en proberen te profiteren van de verandering.
In de filmindustrie en literair veld wordt het vrouwelijke talent voornamelijk alleen ingezet voor bepaalde genres (Bielby & Bielby, 1996; Tuchman, 1984). Zo kunnen vrouwen volgens de filmindustrie geen scenario’s schrijven voor avonturen films. Daar is alleen een mannelijk scenario schrijver in staat toe. Mannelijke scenarioschrijvers komen geen beperkingen tegen in hun carrière zowel op het gebied van inkomsten als mogelijkheden. Hoe vrouwelijker een baan is; hoe minder er voor uitbetaald wordt; hoe minder voordelen het met zich meeneemt; hoe kleiner de mogelijkheid voor promotie is en hoe minder gezag/autoriteit het uitstraalt (Coulangeon, Ravet & Roharik, 2005; Reskin, 1993). Mannen hechten meer waarde aan zelfstandigheid, autoriteit en de mogelijkheid tot promotie. Vrouwen hebben te maken met nadelen als het gaat om succes in hun loopbaan. Hoe langer ze werkzaam zijn in een bepaalde industrie, hoe meer hun inkomsten achterlopen bij die van hun mannelijke collega’s. Over de jaren heen is segregatie op basis van sekse wel minder geworden, maar het is nog steeds aanwezig. Vrouwen krijgen de mogelijkheid om een mannelijke taak te vervullen, alleen is dit meestal het geval als de mannen andere en betere mogelijkheden aangeboden hebben gekregen (Reskin, 1993).
Ook komen vrouwen meerdere obstakels tegen om een succesvolle positie te verkrijgen in de muziekindustrie. Net als in de filmindustrie wordt de muziekindustrie vooral gedomineerd door mannen (Frith & McRobbie, 1990). Vrouwen werkzaam in deze industrie hebben niet dezelfde mogelijkheden als mannen (Shuker, 1994). Aan de productiekant zijn het vooral mannen die taken vervullen met autoriteit. Zo zijn mannen onder andere vaker producers, managers, bazen van platenmaatschappijen, promotoren en talenten scouts. De vrouwen vervullen vooral ondersteunende rollen, zoals het assisteren van de mannelijke werkgever (Negus, 1992).
Hiernaast hebben vrouwelijke muzikanten in hun muziekcarrière vooral te maken met korte periodes van succes en er is sprake van veel concurrentie (Dowd, Liddle & Blyler, 2005; Zwaan, Ter Bogt & Raaijmakers, 2009). De groep met de meest succesvolle artiesten wordt voor het merendeel vertegenwoordigd door mannen. Vrouwelijke artiesten moeten harder werken, meer inspanning tonen en meer opofferen dan mannelijke artiesten (Pheterson et al., 1971: 115). Met de opkomst van country muziek waren het vooral mannen die een betekenis vormde voor de opkomende industrie. En vrouwen werkzaam in deze industrie worden verwacht om stereotypische rollen te vervullen (Peterson, 1997).
Deze mannelijke dominantie zorgt onder andere voor een mannelijke representatie in de hedendaagse popmuziek. Dit is bijvoorbeeld te zien in de representatie van vrouwen in rock muziek (Frith & McRobbie, 1990; Shuker, 1994). Vrouwen in rockbands spelen over het algemeen geen instrumenten, ze vervullen altijd de rol van de zangeres en representeren seksualiteit. Hier is langzamerhand wel een verandering in gekomen. Als het gaat om het bespelen van instrumenten, bespelen het overgrote deel van de vrouwen in rockbands steeds vaker de basgitaar (Clawson, 1999). Dit is te verklaren doordat het bespelen van de basgitaar makkelijker wordt geacht in vergelijking met de gitaar. Het vereist minder bekwaamheid en het instrument werd minder aantrekkelijk voor de man. De basgitaar geeft het ritme aan van de muziek en vrouwen zijn hier goed in, omdat ze emotioneler van aard zijn. Vrouwen hebben door middel van het bespelen van de basgitaar andere mogelijkheden gekregen binnen een industrie dat vooral gedomineerd wordt door mannen. Echter, gender stereotypen zijn nog steeds sterk aanwezig en hebben een invloed op de loopbaan en het succes van vrouwen (Clawson, 1999). Vrouwelijke muzikanten worden vooral vertegenwoordigd in de commerciële populaire muziek en ook hier zijn ze eerder vocalisten dan instrumentalisten (Bayton, 1997). Hoewel discriminatie op basis van gender in meerdere gebieden van de kunstindustrie voorkomt, zoals de dans –en acteerindustrie, is dit het grootst in de muziekindustrie (Coulangeon, Ravet & Roharik, 2005, Zwaan et al, 2009).

2.2.2 Beoordeling van ‘vrouwelijk’ succes
Bovenstaande onderzoeken tonen aan dat het onderscheid in gender een interessant aspect is om onderzoek naar te doen, omdat deze onderzoeken een verschil constateren tussen rollen die mannen en vrouwen vervullen in de industrie. Echter, in dit onderzoek zal gekeken worden naar het onderscheid in gender en het toekennen van succes in popmuziek. Er zal blijken dat als het vrouwen eenmaal gelukt is om een positie in de muziekindustrie te krijgen, dan worden ze ook nog een anders beoordeeld (Pheterson, Kiesler & Goldberg, 1971; Mischel, 1974; Etaugh & Rose, 1975).
Muzikanten moeten beschikken over een aantal eigenschappen om een succesvol carrière op te bouwen (Zwaan, Ter Bogt & Raaijmakers, 2009). Ze moeten onder andere flexibel, spontaan en professioneel zijn. Hiernaast is het opbouwen van een netwerk ook van belang. Andere eigenschappen waar succesvolle muzikanten over moeten beschikken zijn, vastbeslotenheid, professionaliteit, perfectionisme, authenticiteit, muzikale vaardigheden en muzikaal talent (Zwaan & Ter Bogt, 2009). Hoe meer popartiesten beschikken over deze kwaliteiten, hoe groter de kans op succes is. In popmuziek worden deze karakteristieken meer toegekend aan mannelijke popartiesten en ervaren hierdoor meer succes in hun carrière (Zwaan et al., 2009). Het succes van vrouwelijke popartiesten wordt vooral verklaard aan het feit dat ze geluk hebben gehad (Dowd et al. 2005; Deaux & Emswiller, 1974 ). Ze zijn vastberaden, ze tonen toewijding en hard werk, ze maken gebruik van mogelijkheden, doen mee aan wedstrijden en participeren aan speciale muziekkampen en doen aan educatie op het muziekgebied (Stremikis, 2002). Hiernaast is het hebben van sociale steun en het hebben van mentors een factor dat invloed heeft op het succes (Schmutz, 2009).
Als vrouwelijke artiesten succesvol zijn, dan worden ze hiernaast ook nog anders geclassificeerd. Gender is dus een factor dat een invloed heeft op de manier hoe artiesten beoordeeld worden. Het werk van mannelijke artiesten wordt anders en beter geëvalueerd, dan het werk van vrouwelijke artiesten (Pheterson, Kiesler & Goldberg, 1971; Mischel, 1974; Etaugh & Rose, 1975). Pheterson et al. hebben vooral gekeken naar de manier hoe vrouwelijke participanten mannelijke en vrouwelijke visuele artiesten beoordelen in de mate van succes. En hebben geconcludeerd dat vrouwen het werk van mannelijke artiesten beter beoordelen dan het werk van vrouwelijke artiesten. Tevens beoordelen mannen het werk van mannelijke artiesten beter (Etaugh & Rose, 1975). Het succesvolle werk van mannelijke artiesten wordt toegekend aan het feit dat ze over de kwaliteiten beschikken om het tot een succesvol product te maken en als vrouwen succes hebben komt het door geluk (Deaux & Emswiller, 1974). Ook Dowd et al. (2005) hebben onderzoek gedaan naar het succes van mannelijke en vrouwelijke popartiesten. En concluderen dat gender een factor is dat een invloed heeft op de beoordeling van popartiesten. Tevens komt Schmutz (2009) bij de evaluatie van de reputaties van popartiesten tot dezelfde conclusie. Het succes van mannelijke popartiesten wordt mede toegeschreven aan het muzikaal talent en het feit dat ze zelf het muzikale brein zijn achter de muziek. Vrouwelijke popartiesten danken onder andere hun succes aan hun netwerk en samenwerkingen met andere artiesten.

2.3 De media en legitimiteit
Bij het toekennen en de beoordeling van succes spelen de media een belangrijk rol, zowel bij kritische als populaire receptie. Maar wat wordt er precies bedoeld met de media? De media bestaan uit classificatiesystemen. Culturele producten, mensen, plekken en dingen worden door de media in categorieën geplaatst (Schmutz, 2009). En door het discours in de media ontvangen onder andere films, muzikanten en auteurs legitimiteit (Schmutz, 2009). Bourdieu (1993) maakt een onderscheid tussen drie soorten legitimiteit, namelijk ‘specifieke legitimiteit’, ‘bourgeois legitimiteit’ en ‘populaire legitimiteit’. De eerste vorm van legitimiteit wordt toegeschreven door andere culturele producenten, de tweede vorm wordt toegeschreven door de dominante klasse en de derde vorm van legitimiteit wordt toegeschreven op basis van publieke erkenning.
De media hebben dus een invloed op de reputatie die, en het beeld dat gecreëerd en getoond wordt aan de buitenwereld (McCombs & Shaw, 1972; Thornton, 1995). Het geeft aandacht aan specifieke onderwerpen en beïnvloedt waar de massa kennis van krijgt. Hierdoor speelt het een belangrijk rol bij de receptie van popartiesten. Thornton (1995) maakt een onderscheid tussen drie soorten media, namelijk massamedia, niche -media en micro -media. Voor dit onderzoek beperk ik mijn dataverzameling tot de massamedia. De massamedia omvatten kranten, tijdschriften, radio en televisie die behoren tot de nationale media. Het tonen de muziek, geproduceerd in de muziekindustrie, aan het publiek (Rutten, 1992). Niche –en micro –media hebben betrekking op het vormen en ontwikkelen van subculturen. Het uitgangspunt van dit onderzoek is het discours over populaire muziek in de media (Jones, 2002). En de massamedia past het best bij wat onderzocht gaat worden.
Artikelen in de media zijn niet neutraal. De auteurs geven een bepaalde lading aan de artikelen; ze willen een bepaalde boodschap overdragen aan de lezers. Hier moet wel opgemerkt worden, dat de intentie van het artikel niet altijd gezien wordt door de lezer. Lezers kunnen andere boodschappen meekrijgen uit het artikel. De media hebben dus geen directe invloed op lezers; er vindt een interactie plaats tussen de media en de mediaconsumenten (Morley & Brunsdon, 1999). Deze interactie wordt ‘encoding/decoding’ genoemd (Hall, 1973). Ook Shuker (1994) kaart aan dat de populaire muziek discours een invloed heeft op de receptie van genres en de performers. Dit beeld dat de media vormt met betrekking tot het succes van popartiesten zal onderzocht worden door middel van het bestuderen van artikelen.
Vele onderzoeken zijn gedaan naar de rol van de media en het verkrijgen van kritische receptie (Allen & Lincoln, 2004; Baumann, 2007; Bourdieu, 1984). Dit onderzoek is gericht op de rol van de media en het toekennen van succes aan popartiesten op basis van populaire erkenning. Studie naar de culturele consecratie staat centraal in het werk van Bourdieu (1984). Hij verklaart consecratie aan de hand van het hebben van specifieke vormen van kapitaal. Bourdieu (1984) maakt een onderscheid tussen cultureel, economisch en sociaal kapitaal. Culturele consecratie wordt als belangrijk beschouwd, omdat het culturele legitimiteit geeft aan de producenten en hun producten (Allen & Lincoln, 2004). Geconsacreerde artiesten hebben specifieke prijzen of een bepaalde eer gekregen binnen het veld van de culturele productie. Deze artiesten worden gezien als een voorbeeld voor andere artiesten (Allen & Lincoln, 2004). Allen & Lincoln (2004) hebben net als Schmutz (2009) onderzocht waarom culturele producten geconsacreerd worden. Schmutz heeft dit gedaan aan de hand van de ‘500 greatests songs of all time’ van de Rolling Stone en Allen & Lincoln hebben dit gedaan aan de hand van de bestudering van films. De laatste studie concludeert dat films die één van de drie vormen van legitimiteit verkregen hebben een kans hebben om geconsacreerd te worden. Echter, films die professionele en kritische erkenning verkrijgen hebben groter kans om geconsacreerd te worden. Ik ben geïnteresseerd in popartiesten die populaire erkenning hebben verkregen. Vanuit dit uitgangspunt wil ik onderzoeken hoe de media succes toekennen aan deze popartiesten. Populaire popartiesten werkzaam in de commerciële sector kunnen genomineerd zijn voor belangrijke prijzen en hebben deze wel of niet gewonnen. Hiervoor hoeft de artiest niet besproken te zijn door critici. Het is dus mogelijk om alleen op basis van populaire erkenning succesvol te worden (Allen & Lincoln, 2004).

2.4 De media en gendered succes
Zoals in de inleiding besproken variëren popartiesten in het succes dat ze hebben. Ondanks pogingen om een carrière zo zorgvuldig mogelijk op te bouwen, zijn niet alle popartiesten verzekerd van een succesvolle loopbaan (Negus, 1993). Dit onderzoek zal zich richten op het succes dat toegekend wordt aan popartiesten door de media. Maar wat wordt er precies bedoeld met succes?
Het succes wordt in dit onderzoek gemeten aan de hand van een plek in de hitlijsten. Vanuit dit uitgangspunt wordt er onderzocht wat er over de betreffende artiest geschreven wordt. De hoeveelheid aandacht in de media verschilt ook op basis van gender. Mannelijke popartiesten krijgen in de media meer aandacht dan vrouwelijke popartiesten (Kruse, 2002; Schmutz, 2009). Vrouwelijke popartiesten krijgen meer aandacht in populaire muziekbladen in tegenstelling tot klassieke muziekbladen. Bij het laatste worden vooral mannelijke popartiesten besproken (Schmutz, 2009). Opvallend is dat de meest populaire genres die de meeste media aandacht krijgen worden gedomineerd door mannelijke artiesten (Schmutz, 2009). Kruse (2002) heeft onderzoek gedaan naar het discours in populaire muziek bladen en heeft specifiek gekeken naar het onderscheid in gender. Ook zij komt tot de conclusie dat vrouwelijke artiesten nauwelijks besproken worden in deze bladen. In dit onderzoek is de hoeveelheid succes dat een popartiest krijgt in de media niet relevant. Er zal specifiek gekeken worden naar het discours in de media over het succes van de popartiesten. Welke criteria gebruiken de media om het succes van popartiesten te verklaren en in hoeverre verschilt dit voor mannelijke en vrouwelijke popartiesten?
Mannelijke en vrouwelijke popartiesten zijn onderhevig aan stereotypische evaluaties in de media. In de media krijgt muziek van mannelijke popartiesten op een ander manier aandacht dan die van vrouwelijke popartiesten (Whiteley, 1997). Schmutz (2009) heeft voor zijn proefschrift een soortgelijk onderzoek verricht. Hij heeft onderzocht hoe er geschreven is over artiesten in het tijdschrift Rolling Stone; welke criteria wordt er gehanteerd om de reputatie te evalueren? Schmutz (2009) heeft een aantal variabelen nader onderzocht met betrekking tot gender en de kans om geconsacreerd te worden. De muziek van mannelijke artiesten wordt vooral omschreven als intens, ‘raw’ en serieus; ze zijn innovatief en origineel. De laatste twee elementen worden ‘hoge kunst’ criteria genoemd (Bourdieu, 1984). Hiernaast wordt het succes van mannelijke popartiesten toegeschreven in termen van hun muzikaliteit en bekwaamheid (Deaux & Emswiller, 1974; Millar, 2008). Ook zijn verwijzingen naar de ‘autonome artiest’ voornamelijk aanwezig bij de bespreking van het succes van mannelijke popartiesten (Tuchman, 1984; Schmutz, 2009).
Het succes van vrouwelijke popartiesten wordt in de media vooral toegeschreven aan hun uiterlijk, harde werken, netwerk, emotie en authenticiteit (Feigenbaum, 2005; Johnson –Grau, 2002; Kruse, 2002; Schmutz, 2009). Vrouwelijke popartiesten worden minder besproken in de media dan mannelijke popartiesten. En als ze besproken worden gaan deze artikelen en recensies vooral over het uiterlijk (Kruse, 2002). Het uiterlijk, kleding en haar van vrouwelijke popartiesten krijgen meer aandacht in bladen dan hun muziek (Johnson –Grau, 2002; McLeod, 2002). Feigenbaum (2005) heeft onderzoek gedaan naar het discours in de media en media -aandacht van Ani DiFranco tussen 1993 en 2003. Ze heeft specifiek onderzocht in hoeverre er gerefereerd wordt naar typische vrouwelijke verwijzingen als het werk van DiFranco besproken wordt. Ook zij komt tot de conclusie dat het werk van vrouwelijke muzikanten voornamelijk besproken wordt door aandacht te geven aan de ‘vrouwelijkheid’ van de muziek. Het image, uiterlijk en de persoon worden meer besproken dan het muziek van de artiest (Kruse, 2002; Tuchman, 1984). Vooral bij vrouwelijke muzikanten is het hebben van talent geen garantie voor het hebben van succes (Dowd et al., 2005). Het succes van vrouwen wordt verklaard door hun harde werken en het geluk dat ze gehad hebben (Deaux & Emswiller, 1974; Millar, 2008). Ook wordt bij de bespreking van het vrouwelijk succes vooral gekeken naar het aantal verkoopcijfers en het aantal nummer 1 hits. Schmutz (2009) en Tuchman (1984) hebben in hun onderzoek specifiek gekeken naar verwijzingen die gericht zijn op de autonomie en het sociale netwerk. Vrouwelijke artiesten worden omschreven als artiesten die meer afhankelijk zijn van hun netwerk en samenwerkingen met andere artiesten en professionelen. Tevens heeft Schmutz (2009) geconcludeerd dat vrouwelijke artiesten meer gelegitimeerd worden aan de hand van verwijzingen naar hun authenticiteit. Vrouwelijke artiesten blijven bij hun persoonlijkheid en emoties en verwijzingen naar de sociale achtergrond komen ook veel meer voor. De muziek van vrouwelijke artiesten wordt in de media vooral omschreven als zachtaardig en sentimenteel. Hiernaast worden vrouwen gezien als imitaties en kopieën van de mannelijke muzikant (Feigenbaum, 2005).
Deze onderzoeken sluiten aan bij mijn onderzoek aangezien ik ook aandacht zal geven in hoeverre de media andere criteria hanteert bij het toekennen van succes aan mannelijke en vrouwelijke artiesten. Ik zal gebruik maken van dezelfde criteria die gehanteerd is bij de evaluatie van popartiesten die op basis van kritische erkenning succesvol zijn. Er zal specifiek gelet worden op verwijzingen naar de muzikaliteit, autonomie, samenwerkingen, authenticiteit, netwerk en uiterlijk. Aan de hand van deze theorieën heb ik voor de eerste en tweede deelvraag de volgende hypothese geformuleerd:
  1   2   3   4   5   6   7

  • 2. Theoretisch kader

  • Dovnload 446.54 Kb.