Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


1. 1 Aanleiding

Dovnload 446.54 Kb.

1. 1 Aanleiding



Pagina3/7
Datum13.03.2017
Grootte446.54 Kb.

Dovnload 446.54 Kb.
1   2   3   4   5   6   7

Tabel 3.2 Tijdsbestek popartiesten en hoeveelheid gevonden artikelen.

Jaar

Artiest

Geslacht

Tijdsbestek

Aantal artikelen

1993

43. Valensia

Man

13-11-1993 t/m 23-04-1994

0

1997

3. Anouk

Vrouw

20-09-1997 t/m 04-09-1999

15




26. Jewel

Vrouw

08-11-1997 t/m 20-06-1998

1




44. Spice Girls

Vrouw

24-08-1996 t/m 03-10-1998

15

1999

33. Westlife

Man

01-05-1999 t/m 01-04-2000

2




20. Britney Spears

Vrouw

30-01-1999 t/m 26-08-2000

8

2001

24. Linkin Park

Man

03-03-2001 t/m 05-10-2002

2




49. Gorillaz

Man

24-03-2001 t/m 12-01-2002

1




22. Alicia Keys

Vrouw

01-09-2001 t/m 29-03-2003

2




41. Anastacia

Vrouw

10-06-2000 t/m 18-05-2002

4

2003

36. Justin Timberlake

Man

26-10-2002 t/m 10-04-2004

8




15. Hind

Vrouw

11-10-2003 t/m 01-01-2005

4




26. Norah Jones

Vrouw

20-04-2002 t/m 17-04-2004

5

2005

10. James Blunt

Man

16-07-2005 t/m 16-09-2006

5




4. Lucie Silvas

Vrouw

12-03-2005 t/m 23-12-2006

2




47. Pussycat Dolls

Vrouw

03-09-2005 t/m 25-08-2007

1

2007

15. Mika

Man

17-02-2007 t/m 14-06-2008

7




19. Wouter Hamel

Man

15-12-2007 t/m 13-09-2008

1




50. Moke

Man

07-04-2007 t/m 22-03-2008

3

2009

47. Waylon

Man

15-08-2009 t/m 05-06-2010

3




18. Lisa Lois

Vrouw

16-05-2009 t/m 05-06-2010

6




19. Adele

Vrouw

02-02-2008 t/m 13-02-2010

7

Bron: Dutch Single Top 100 en Dutch Album top 100, www.dutchcharts.nl / Databank Lexis Nexis

In Lexis Nexis zal specifiek gezocht worden met de naam van de artiest en de term ‘succes’ in de zoekopdracht. Ook al bestaat er geen vaste definitie voor de term ‘succes’, populaire artiesten die succes hebben worden in de media veelal besproken in combinatie met deze term. Deze zoekopdracht sluit onbruikbare artikelen sneller uit en maakt het selecteren van gerelateerde artikelen eenvoudiger. Zodra de data verzameld is, zal de inhoudsanalyse plaatsvinden.



3.3 Verdeling gender en media
Kranten waar bruikbare artikelen over het succes van de gekozen popartiesten gevonden zijn, zijn het Algemeen Dagblad, het Parool, Metro, NRC, NRC Next, de Telegraaf, Trouw, Volkskrant en Volkskrant Banen. In tabel 3.2 is te zien hoeveel artikelen per artiest gevonden is. En in tabel 3.3 is overzichtelijk te zien hoe de hoeveelheid artikelen per krant verdeeld is over de mannelijke en vrouwelijke popartiesten. Tevens is af te lezen hoe de gender van de auteur verdeeld is per krant.

Tabel 3.3 Verdeling kranten gender popartiesten en auteurs.







Gender Artiest

Totaal

Gender Auteur

Totaal







Man

Vrouw




Man

Vrouw

Beide

Geen




Krant

AD

25,0% (8)

42,9% (30)

37,3% (38)

43,1% (25)

33,3% (6)

50,0% (1)

25,0% (6)

37,3% (38)




Het Parool

9,4% (3)

15,7% (11)

13,7% (14)

12,1% (7)

16,7% (3)

,0% (0)

16,7% (4)

13,7% (14)




Metro

3,1% (1)

1,4% (1)

2,0% (2)

1,7% (1)

,0% (0)

,0% (0)

4,2% (1)

2,0% (2)




NRC

6,3% (2)

14,3% (10)

11,8% (12)

8,6% (5)

33,3% (6)

,0% (0)

4,2% (1)

11,8% (12)




NRC Next

6,3% (2)

1,4% (1)

2,9% (3)

,0% (0)

11,1% (2)

,0% (0)

4,2% (1)

2,9% (3)




Telegraaf

15,6% (5)

10,0% (7)

11,8% (12)

5,2% (3)

,0% (0)

,0% (0)

37,5% (9)

11,8% (12)




Trouw

3,1% (1)

7,1% (5)

5,9% (6)

8,6% (5)

,0% (0)

,0% (0)

4,2% (1)

5,9% (6)




Volkskrant

31,3% (10)

7,1% (5)

14,7% (15)

20,7% (12)

5,6% (1)

50,0% (1)

4,2% (1)

14,7% (15)

Totaal




100% (32)

100% (70)

100% (102)

100% (58)

100% (18)

100% (2)

100% (24)

100% (102)

Bron: Eigen berekeningen
In bovenstaand tabel is af te lezen, dat in totaal 102 bruikbare artikelen gevonden zijn voor analyse. Hier moet wel opgemerkt worden dat één artiest is afgevallen tijdens het zoeken van bruikbare artikelen, namelijk de mannelijke popartiest Valensia. Er zijn dus 102 artikelen gevonden over 21 artiesten. Opvallend is dat tweeëndertig artikelen verdeeld zijn over de mannelijke popartiesten en zeventig artikelen zijn verdeeld over de vrouwelijke popartiesten. Dus meer dan de helft van de artikelen die gebruikt zijn voor analyse gaan over het succes van vrouwelijke popartiesten, namelijk 68.6%. En 31.4 % van alle artikelen gaat over het succes van mannelijke popartiesten.
De meeste bruikbare artikelen zijn gevonden in het Algemeen Dagblad, namelijk 37.3%. Vervolgens zijn de meeste artikelen gevonden in het Parool (13,7%) en de Volkskrant (14,7%). Hierna komen de meeste artikelen uit het NRC en de Telegraaf, met elk 12 bruikbare artikelen (11.8% van het totaal). Ook zijn er zes bruikbare artikelen gevonden in de Trouw (5,9%) en de overige artikelen zijn gevonden in de Metro (2%) en NRC Next (2,9%).
Als er gekeken wordt naar de verdeling over gender is opvallend dat het succes van vrouwelijke popartiesten vooral besproken wordt in het Algemeen Dagblad, namelijk 42.9%. Naast dat het succes van mannelijke popartiesten ook veel wordt besproken in het Algemeen Dagblad (25%), wordt in vergelijking met vrouwelijke popartiesten het succes van mannelijke popartiesten meer besproken in de Volkskrant. 31.3% van alle artikelen over het succes van mannelijke artiesten is afkomstig uit de Volkskrant. Het succes van vrouwelijke popartiesten wordt maar met 5.9% van het totaal besproken in laatstgenoemde krant.
In tabel 3.3 is ook de verdeling te zien van de auteurs verdeeld over de kranten. Opvallend is dat meeste artikelen geschreven zijn door mannelijke auteurs, namelijk van de 102 artikelen zijn 58 artikelen (56.9%)geschreven door mannelijke auteurs. Achttien artikelen (17.6%) zijn geschreven door vrouwelijke auteurs. Twee artikelen zijn geschreven door auteurs waar gender niet duidelijk aan toe te schrijven was. Eén artikel is afkomstig uit de Volkskrant. Deze is geschreven door een man en een vrouw. En de andere is afkomstig uit het Algemeen Dagblad is was een samenwerking met meerdere auteurs. Van alle gevonden artikelen was van 24 artikelen (23.5%) niet mogelijk om het geslacht van de auteur te achterhalen.

Tabel 3.4 Verdeling gender auteur en gender popartiesten.







Gender Artiest

Totaal







Man

Vrouw




Gender Auteur

Man

65,6% (21)

52,9% (37)

56,9% (58)




Vrouw

12,5% (4)

20,0% (14)

17,6% (18)




Beide

3,1% (1)

1,4% (1)

2,0% (2)




Geen

18,8% (6)

25,7% (18)

23,5% (24)

Totaal




100% (32)

100% (70)

100% (102)

Bron: Eigen berekeningen

Tabel 3.4 gaat specifieker in op de verdeling van de auteurs over de popartiesten. Uit deze tabel is af te lezen dat het merendeel van de auteurs die artikelen hebben geschreven over het succes van mannelijke en vrouwelijke artiesten mannelijk zijn. 65.6% van alle artikelen over mannelijke popartiesten zijn geschreven door een mannelijk auteur en 52.9% van de geselecteerde artikelen over het succes van vrouwelijke popartiesten zijn geschreven door een mannelijk auteur. Vrouwelijke auteurs komen in mindere mate voor in de selectie artikelen. Opvallend is dat vrouwelijke auteurs meer artikelen schrijven over het succes van vrouwelijke popartiesten dan over het succes van mannelijke popartiesten, er is namelijk een verschil van 7.5 procentpunt. En er zijn meer artikelen over het succes van vrouwelijke popartiesten waar het geslacht van de auteur niet te achterhalen was. 25,7% in tegenstelling tot 18.8% voor artikelen over het succes van mannelijke popartiesten.



3.4 Inhoudsanalyse
De specifieke methode die gekozen is voor dit onderzoek is een inhoudsanalyse naar de gevonden artikelen over het succes van de popartiesten. De inhoudsanalyse is een specifieke methode van onderzoek doen; het kan kwalitatief en kwantitatief van aard zijn (Wester, 2006). Bij een inhoudsanalyse wordt de inhoud van gedrukt of audiovisueel materiaal op een systematische manier geïnterpreteerd. Dit kan gaan over zowel verbaal als non- verbaal materiaal. Bij verbaal materiaal worden kranten, tijdschriften, films, radio –en televisie-uitzendingen bedoeld en bij non –verbaal materiaal gaat het in eerste instantie om registratie van het menselijk gedrag (’t Hart & Boeije, 2005:298). Hier wordt mee bedoeld dat allerlei aspecten van het menselijk gedrag geregistreerd zijn/worden. Hiernaast kan het gaan om sporen van het menselijk gedrag in de fysieke omgeving (’t Hart & Boeije, 2005). De methode die ik wil gebruiken is een combinatie van een kwalitatieve en een kwantitatieve onderzoeksmethode. Hiervoor wil ik gebruik maken van verbaal materiaal, namelijk Nederlandstalige landelijke kranten. Een kwalitatieve inhoudsanalyse zal toegepast worden aangezien ik in dit onderzoek een beter beeld wil krijgen van de criteria die de media hanteren bij het toekennen van succes aan popartiesten. Er zal specifiek gelet worden op een aantal thema’s die duidelijk naar voren komen bij de bespreking van mannelijke en vrouwelijke popartiesten in de media. Kwantitatieve analysemethoden zijn bedoeld voor het analyseren van numerieke of tot numerieke te herleiden data, zoals aantallen, omvang en voorkomen van waargenomen verschijnselen (’t Hart et al, 2005). Tevens beginnen kwantitatieve onderzoekers de analyse met hun gegevens en werken aan de hand van hypotheses (’t Hart & Boeije, 2005:260-276). Deze zijn in het vorige hoofdstuk gevormd. De verschillen en verbanden tussen mannelijke en vrouwelijke popartiesten kunnen getalsmatig opgespoord worden. Als de media meer verwijst naar het uiterlijk als een determinant voor succes bij vrouwelijke popartiesten, dan kan dit getalsmatig gecodeerd worden. Tevens kan dit geïllustreerd worden met citaten.

3.5 Operationalisering en onderzoeksmodel
Voor de operationalisering met betrekking tot dit onderzoeksonderwerp is het van belang om te weten hoe de media succes toekennen aan de popartiesten die besproken worden. Een definitie voor succes kan hier dus niet gegeven worden, aangezien de wijze waarop het begrip succes wordt gebruikt juist onderwerp is van dit onderzoek. Het discours over het succes, de evaluatieve criteria die de media hanteren, is van belang.
Er is een aantal indicatoren waar op gelet zal worden. Voor dit onderzoek is het onderscheid in gender van belang. Het geslacht van de artiest is de belangrijkste onafhankelijke variabele. Het toekennen van succes aan mannelijke en vrouwelijke popartiesten zal onderzocht worden in de media. Dit onderzoek is vooral gebaseerd op het proefschrift van Schmutz (2009). Hij heeft onderzocht hoe er geschreven is over artiesten in het tijdschrift Rolling Stone; welke criteria wordt er gehanteerd om de reputatie van geconsacreerde artiesten te evalueren? Ook heeft hij specifiek gekeken naar de variabele gender. Met betrekking tot succes zal gelet worden op de verwijzingen naar het uiterlijk en harde werken (Kruse, 2002; Johnson –Grau, 2002). Op basis van het proefschrift van Schmutz (2009) zal verder specifiek gelet worden op verwijzingen naar de muzikaliteit, originaliteit, autonomie, samenwerkingen, authenticiteit en het netwerk. Met muzikaliteit worden verwijzingen bedoeld die aanduiden dat de artiest talent heeft voor wat hij/zij doet. Originaliteit is gericht op het feit dat de artiest innovatief is en bereidt is om risico’s te nemen. Met betrekking tot autonomie zal onderzocht worden in hoeverre het succes toegeschreven wordt aan het feit dat de artiest het brein achter zijn of haar muziek is of dat de popartiest hulp van buitenaf heeft gekregen. Hiernaast zal ook aandacht gegeven worden aan verwijzingen die betrekking hebben op samenwerkingen. Kennen de media succes toe aan artiesten aangezien er samengewerkt is met andere artiesten of professionelen die binnen of buiten de muziekwereld werkzaam zijn? Authenticiteit heeft vooral betrekking op verwijzingen naar emotionele authenticiteit en de sociale achtergrond van de artiesten. Emotionele authenticiteit heeft betrekking op verwijzingen die aanduiden dat de popartiest dicht bij zijn of haar persoonlijkheid en gevoelens blijft, de artiest is oprecht. Verwijzingen naar de sociale achtergrond verwijzen voornamelijk naar de afkomst van de artiest. Wordt het succes toegeschreven aan de afkomst/sociale achtergrond van de artiest? En de laatste variabele waar op gelet gaat worden is het netwerk. Is het succes toe te schrijven aan het hebben van bepaalde connecties die er toe hebben geleid dat de artiest een muziekcarrière kon opbouwen? Waren dit persoonlijke connecties of is de artiest benaderd? Hiernaast zal er gekeken in hoeverre de steun van familie, vrienden en naasten als succesfactor is gebruikt. In dit onderzoek naar de media zal specifiek op deze indicatoren gelet worden. Het codeboek bij deze variabelen is te zien in de bijlage (Bijlage 3 – codeboek).
Deze verschillende concepten heb ik tot elkaar in verband gezet in een model:

Model 1: Onderzoeksmodel discours in de media. Boven het model zijn de determinanten te zien en onder de indicatoren.

In dit onderzoeksmodel heb ik de volgende verbanden weergegeven. Centraal staat het discours van de media over het succes. Daarboven zijn de determinanten te zien. Dit zijn aspecten die een invloed gehad kunnen hebben op het verkregen succes. Voor dit onderzoek is de variabele gender van groot belang. Ik verwacht namelijk dat de media andere kenmerken van succes aankaart bij mannelijke popartiesten dan bij vrouwelijke popartiesten. Hierdoor is de variabele ‘gender artiest’ een determinant. Overige controle variabele is onder andere het geslacht van de auteur. Schrijft een vrouwelijk auteur anders over popartiesten dan een mannelijke auteur? Of worden artikelen voornamelijk alleen geschreven door mannelijke auteurs? De verandering in de tijd zal onderzocht worden door het jaar van de publicatie. Naast informatie over de media zelf, zal ik aandacht geven aan een aantal andere determinanten, namelijk nummer één hits, de muziekstijl en het winnen van prijzen. Het is mogelijk dat het genre waar de popartiest in zingt een invloed heeft op de manier waarop de media het succes evalueert. Debutanten kunnen de hitlijsten binnenkomen met een nummer één hit. Ook dit zou een mogelijk invloed kunnen hebben op de manier hoe de media het succes toekent aan de popartiest. Hetzelfde geldt voor het winnen van prijzen. Het soort prijs dat een artiest gewonnen heeft, kan een invloed hebben op de manier waarop de media het succes verklaard.


Helemaal onder het model zijn de indicatoren te zien. Dit zijn de elementen waar specifiek op gelet zal worden als het discours in de media onderzocht wordt. Er zal aandacht geven worden aan indicatoren die verwijzen naar authenticiteit, originaliteit, samenwerkingen, autonomie, uiterlijk, harde werken, muzikaliteit en netwerk. Het is mogelijk dat tijdens de analyse meerdere succestoekenningen naar voren komen tijdens het analyseren van één artikel. Dit zal per artikel onderzocht worden. Tijdens de analyse wordt er rekening gehouden met een aantal verschillende variabelen, maar het is mogelijk dat het succes toegeschreven wordt aan aspecten waar in dit onderzoek niet specifiek naar gekeken is. Deze zal vallen in de groep ‘overig’.

3.6 Data-analyse
De hoofdvraag voor dit onderzoek is: In hoeverre verschilt de manier waarop succes geduid wordt aan mannelijke en vrouwelijke popartiesten in de media?
Dit zal onderzocht worden aan de hand van een aantal geformuleerde deelvragen. Naast het discours in de media over het toekennen van succes aan popartiesten, zal er een mogelijke verandering over de tijd onderzocht worden. Voor mijn onderzoek ga ik in totaal 21 mannelijke en vrouwelijke popartiesten nader onderzoeken. De onafhankelijke variabele is de gender van de popartiesten, aangezien ik wil onderzoeken in hoeverre de media succes anders toekennen aan mannelijke en vrouwelijke popartiesten. De verschillende toekenningen van succes die in de media discours voorkomen zijn de afhankelijke variabelen. Welke aspecten komen in de media meer naar voren bij de bespreking van het succes van mannelijke en vrouwelijke popartiesten? Het is mogelijk dat meerdere succestoekenningen naar voren komen bij de bespreking van de artiest in één artikel. De analyse van de data heeft betrekking op de verwerking van de gegevens tot resultaten en conclusies (Hart & ’t Boeijje, 2005: 276). Hieronder zal per deelvraag de analyse besproken worden.

Deelvraag 1: Hoe wordt succes toegekend aan mannelijke popartiesten in de media?
Deze deelvraag zal beantwoord worden door zowel een kwalitatieve als een kwantitatieve methode te gebruiken. Dit zal gebeuren door middel van een inhoudsanalyse naar artikelen over mannelijke popartiesten in Nederlandstalige kranten. Specifieker zijn dit landelijke kranten in de online krantendatabank Lexis Nexis. In totaal zullen over de periode 1993 t/m 2009 tien mannelijke popartiesten onderzocht worden. Er zal specifiek gelet worden in hoeverre de artikelen verwijzen naar authenticiteit, originaliteit, samenwerkingen, autonomie, uiterlijk, harde werken, muzikaliteit en netwerk als indicatoren voor het succes. Voor de verwerking van de gegevens zal gebruik gemaakt worden van SPSS 15. Door middel van een kruistabel zullen de gegevens systematisch weergegeven worden. Hiermee kunnen verschillende verbanden tussen gender en de indicatoren onderzocht worden (Smchutz, 2009). De codering van de gegevens in het SPSS bestand is kwantitatief en het illustreren van de resultaten is kwalitatief.

Deelvraag 2: Hoe wordt succes toegekend aan vrouwelijke popartiesten in de media?

Voor deze deelvraag geldt hetzelfde. Er zullen uitspraken gedaan worden over twaalf vrouwelijke popartiesten, verspreid over de periode 1993 t/m 2009. En de gevonden gegevens zullen in een SPSS bestand gevoerd worden. Deze zullen net als Schmutz (2009) in een kruistabel worden weergeven. In de kolommen zet ik de variabele ‘gender’ en in de rijen zal ik de indicatoren zetten waar ik op zal letten tijden de inhoudsanalyse.


Deelvraag 3: Zijn de kenmerken van succes door de tijd heen veranderd voor mannelijke en vrouwelijke popartiesten?

Ook deze deelvraag zal kwantitatief (met behulp van SPSS 15) als kwalitatief onderzocht worden. Bij deze deelvraag is de variabele ‘jaar’, ‘gender’ en de criteria van succes die toegekend worden in de media aan popartiesten van belang. Hier zal er een onderscheid gemaakt worden in gender en mogelijke verschillen/veranderingen in de tijd onderzocht worden.

1   2   3   4   5   6   7

  • Bron: Dutch Single Top 100 en Dutch Album top 100, www.dutchcharts.nl / Databank Lexis Nexis
  • Tabel 3.3 Verdeling kranten gender popartiesten en auteurs.
  • Gender Artiest Totaal Gender Auteur Totaal
  • Bron: Eigen berekeningen
  • Tabel 3.4 Verdeling gender auteur en gender popartiesten.
  • Gender Artiest Totaal
  • Model 1: Onderzoeksmodel discours in de media. Boven het model zijn de determinanten te zien en onder de indicatoren.

  • Dovnload 446.54 Kb.