Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


A. De traditionele godsdiensten

Dovnload 303.14 Kb.

A. De traditionele godsdiensten



Pagina5/6
Datum05.12.2018
Grootte303.14 Kb.

Dovnload 303.14 Kb.
1   2   3   4   5   6

5. Hindoeïsme


a. Ontstaan

Het hindoeïsme heeft in tegenstelling tot de vier andere wereldgodsdiensten geen Schepper. Het is vanaf 1500 voor Christus gegroeid uit plaatselijke religies van het Indogermaans volk dat India binnenviel. Deze Ariërs waren bekend met de religies van de oude Grieken, Romeinen en Germanen. Ze kenden een kastensysteem met drie kasten. Onder de goden speelde de moedergodin een belangrijke rol. Het kastensysteem en de moedergod vinden we in het hindoeïsme terug. Het kastensysteem is een allesomvattend systeem dat maatschappelijke zaken zoals beroep, huwelijk, omgang met mensen vastlegt. De bovenste klasse is die van de priesters of de Brahmanen, de onderste kaste noemt men deze van de onaanraakbaren. Officieel is het kastensysteem in India afgeschaft, maar in praktijk bestaat het nog.



b. Godsvoorstelling

Vanaf ca. 1200 voor Christus staan drie goden centraal: Brahma, Sjiva en Visnu. Brahma is de schepper die afgebeeld wordt met vier hoofden die een getuigenis zijn van zijn grote kennis. Hoewel Brahma een prominente functie heeft, wordt deze God opvallend weinig vereerd en staat er in gans India slechts één tempel die aan Brahma is gewijd, in Pushkar. Sjiva is de vernietiger die heerst over leven en dood in de wereld. Visnu is de beschermer die vrede en orde in de wereld herstelt. Hij komt voor in verschillende gedaanten waarvan Rama en Krisjna de meest geliefde zijn.
Het blijkt duidelijk dat het hindoeïsme een complexe godsvoorstelling geeft. Onder invloed van de islam en het christendom is er een neiging om alle goden als element van de ene absoluut opgevatte god Brahma te beschouwen. In die zin zou het hindoeïsme een monotheïstische godsdienst zijn waarbij de vele goden slechts verschillende facetten van de ene ware God weerspiegelen.
Hindoes gaan niet op een bepaalde dag in de week naar de tempel om gezamelijk te bidden en de goden te vereren. De tempels zijn altijd open voor de gelovigen, maar worden weinig bezocht. Slechts op religieuze feestdagen is er een massaal bezoek aan de tempel. Het gewone dagelijkse ritueel wordt thuis uitgevoerd op een willekeurig tijdstip. Alle hindoes hebben een beeld(je) van een godheid thuis. De hindoe gelooft erin dat de ziel van de godheid in het beeldje zit. Offers zijn dan ook bedoeld als voedsel voor de godheid. Deze nuttigt op abstracte wijze het geofferde voedsel. Het materiële voedsel dat overblijft, wordt na de offergave aan de armen of de dieren gegeven. Overigens wordt de godheid behandeld alsof hij een menselijk wezen was. 's Ochtends wordt hij met muziek gewekt, hij wordt voorgelezen, gewassen, aangekleed, versierd, gevoed, et cetera.

c. Heilig boek

De oudste heilige schriften: de veda's (heilige wetten) dateren van iets voor 1200 voor Christus en zijn onderverdeeld in vier boeken waarvan de Rig Veda de oudste is. De kern bestaat uit een aantal gebeden en een beschrijving van de rituelen die door de priesters nauwgezet moeten worden uitgevoerd. De Ayur Veda bevat de tekst van leven en gezondheid waarop de Ayurvedische wetenschap in India gebaseerd is. Het principe van deze wetenschap is dat lichaam en geest in verhouding tot elkaar moeten staan en bij ziekte de harmonie door middel van kruiden hersteld moet worden. Vanaf 1200 voor Christus ontstaan er nieuwe filosofische geschriften, de Upanishaden. De Upanishaden zijn een schriftelijke neerslag van filosofische denkers (guru's of leraars genoemd) die zich bezig hielden met filosofische problemen over leven en dood, het goddelijke, het hiernamaals enzovoort. De belangrijkste gedachte is de idee dat het goddelijke alles en iedereen doordringt, in alles en iedereen aanwezig is. Dit goddelijke wordt Brahman genoemd.
Omstreeks 500 na Christus ontstaat de Bhagavad gita, een populair epos over de strijd van Krishna, een gedaante van Visnu.

d. Fragment uit een Heilig boek

"In overeenstemming met zijn handelwijze, in overeenstemming met zijn gedrag, zo wordt iemand. Die goed doet, wordt goed. Die slecht doet, wordt slecht ..." (uit de Rig Veda).




6. Boeddhisme


a. Ontstaan

Het boeddhisme is ontstaan als hervorming van het hindoeïsme. Het complexe godensysteem, de heilige boeken en het kastensysteem zijn in het boeddhisme niet aanwezig. Het nirvana of de eindbestemming in de kringloop der wedergeboorten kan op eigen krachten doorbroken worden zonder genade van een God of goden. Hierdoor wordt het boeddhisme vaak niet beschouwd als een godsdienst, maar als een religie.


In tegenstelling tot het hindoeïsme, ligt er aan de basis van het boeddhisme een stichter: Siddharta Gautama. Meer dan 2600 jaar geleden werd hij geboren. Hij groeide in een paleis in rijkdom en afgezonderd van de wereld op. Van ouderdom, ziektes, lijden, sterfte enzovoort werd hij afgeschermd. De overlevering vermeldt dat Gautama op enkele uitstappen achtereenvolgens een oude man, een zieke, een dode en een asceet tegenkwam. Deze ervaringen deden hem nadenken over de aard van het leven. Op 29-jarige leeftijd besloot Gautama zich terug te trekken en zijn lichaam te onderwerpen aan zware beproevingen. Na zes jaar strenge ascese was zijn lichaam totaal uitgeput. Hij begon te mediteren en bereikte na een periode van 49 dagen eenzame meditatie de verlichting: zo werd hij de Boeddha, wat 'de ontwaakte' of 'de verlichte' betekent.
Hij verkondigde zijn leer mondeling aan monniken.
 
b. Leer

Boeddha ontdekte dat er vier dingen in het leven als een paal boven water staan. Deze vier elementen worden de vier edele waarheden genoemd.



  • Het leven is een lijdensweg: "Alles is lijden". Dit impliceert dat lijden verder reikt dan wat wij als lijden aanduiden zoals dood, ouderdom, ziekte, aftakeling et cetera. De uitspraak "alles is lijden" wijst op het inzicht dat alles vergankelijk, tijdelijk is.
     

  • De oorzaak van ons lijden is de begeerte waaraan we moeilijk kunnen verzaken en waardoor de mens aan de vergankelijke wereld gehecht is. Door middel van de vijf zintuigen kleeft de mens aan de vergankelijke werkelijkheden. Dit is de oorzaak van alle lijden.
     

  • Iedereen kan en moet dit verlangen overwinnen. Hiervoor moet de begeerte naar het vasthouden aan wereldse dingen overwonnen worden, maar vooral de ik-waan dient uitgeroeid te worden. De belangrijkste lijdensoorzaak is het illusoire ik-bewustzijn. De uitschakeling van dit illusioire ik-bewustzijn is de voorwaarde tot het hoogste geluk.
     

  • Het middel daartoe is het achtvoudige pad waarop Boeddha wees.
    Het achtvoudige pad geeft een richtlijn voor het leven: (1) juist zien (2) juist denken (3) juist spreken (niet liegen) (4) juist handelen (niet stelen, niet doden) (5) juist levensonderhoud (6) juiste inspanning (wilskracht, inspanning) (7) juist bewustzijn (kennen van drijfveren) (8) juiste concentratie/meditatie.
     
    Centraal staat de filosofie dat het bestaan vergankelijk en illusoir is. Hierdoor moeten mensen loskomen van de materiële wereld en geestelijk het nirvana proberen te bereiken. Wie het nirvana bereikt, beleeft enerzijds een toestand van volheid en anderzijds ook van volledige leegte.

 
c. Heilig boek

Het boeddhisme is een 'godsdienst' zonder geopenbaarde boeken. Boeddha verkondigde zijn leer mondeling aan monniken. In een latere tijd werden zijn inzichten neergeschreven en in kloosters bewaard. Vele van de teksten zijn echter verloren gegaan, waardoor een studie naar de oorspronkelijke leer erg moeilijk is.

 
d. Een fragment uit een boeddhistisch schrift

"En dit is de edele waarheid van het opheffen van het leed: het is het opheffen van de begeerte, zodat er geen hartstocht meer is. En dit is de edele waarheid van de weg die leidt naar het opheffen van het leed. Het is het edele achtvoudige pad" (uit de Theravada, Boeddha's preek te Benares).

 
e. Enkele boeddhistische passages

Umon, Zenmeester in de 10e eeuw, vatte Zen als volgt samen:



Als je loopt, loop dan.
Als je zit, zit dan
en wiebel vooral niet.

Uitspraak van Boeddha:



Alles berust op de geest, wordt geleid door de geest, wordt gevormd door de geest. Als je spreekt en handelt met een verontreinigde geest, dan zal lijden je volgen, zoals de wielen van een ossewagen de stappen van de os volgen. Alles berust op de geest, wordt geleid door de geest. Als je met een zuivere geest spreekt en handelt, dan zal geluk je volgen, zoals een schaduw zich aan een vorm hecht.

Tekst van een groot Japans Zenmeester, 1200-1254



De Boeddha-weg bestuderen is het zelf bestuderen. Het zelf bestuderen is het zelf vergeten. Het zelf vergeten is verlicht worden door de tienduizend dharma's is het verwijderen van de barrières tussen zichzelf en anderen.

 


1   2   3   4   5   6

  • 6. Boeddhisme

  • Dovnload 303.14 Kb.