Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Almende college leerlingenstatuut

Dovnload 98.93 Kb.

Almende college leerlingenstatuut



Datum01.08.2017
Grootte98.93 Kb.

Dovnload 98.93 Kb.


ALMENDE COLLEGE

LEERLINGENSTATUUT

SUPPLEMENT BLUEMERS


Vastgesteld in de locatiedeelraad op 26-11-2013

Supplement leerlingenstatuut locatie Bluemers

Indien in de tekst een mannelijke vorm voor een persoon wordt genoemd, wordt tevens de vrouwelijke vorm bedoeld.

Algemeen


LEGENDA
Personeel

Alle medewerkers van de locatie Bluemers, alsmede onder hun verantwoordelijkheid

functionerende stagiairs, met een onderwijskundige en/of pedagogische

verantwoordelijkheid.


Ouders

De ouders of verzorgers van leerlingen van de locatie Bluemers.


Mentor

Docent met een specifieke verantwoordelijkheid voor een klas (onderbouw) of een

individuele leerling (bovenbouw).
Directie/directeur

De locatiedirecteur.


Locatieleiding

De locatiedirecteur en de kernteamleiders.


Kernteamleider

Direct leidinggevende van de leden van een kernteam.


Kernteam

Een groep docenten, onder verantwoordelijkheid van een kernteamleider, die als eerste

verantwoordelijk is voor onderwijs en begeleiding van een bepaalde groep leerlingen (er

zijn twee kernteams in de onderbouw (leerjaar 1-2) en een kernteam in de bovenbouw

(leerjaar 3-4).
Leerlingenraad

De afvaardiging namens de leerlingen.





GA Algemeen

Procedure

*Artikel GA1

Het supplement (locatiereglement) wordt vastgesteld, resp. gewijzigd door de directie van

de locatie. Het voorstel daartoe behoeft de instemming van de locatiedeelraad. De

leerlingenraad geeft voordien advies aan de locatiedeelraad. Het leerlingenstatuut kan

tussentijds worden gewijzigd op voorstel van de locatiedeelraad, de leerlingenraad,

tien leerlingen, tien ouders of de locatieleiding.

Geldigheidsduur

*Artikel GA2

Het supplement wordt voor een periode van tenminste vier jaar vastgesteld. Op basis van

Artikel GA1 kan het statuut tussentijds gewijzigd worden. In het vierde schooljaar, volgend

op de vaststelling, wordt het statuut geëvalueerd door de leerlingenraad, de

locatiedeelraad en de locatiedirectie.



Toepassing

*Artikel GA3

Het supplement is van toepassing op de leerlingen, de ouders en het personeel en kan

nooit in strijd zijn met de wet of de met het personeel gesloten arbeidsovereenkomst.



Publicatie

*Artikel GA4

Aan alle nieuwe leerlingen zal jaarlijks het algemene reglement van het Almende College, de

gedragscodes en het locatiereglement bekend gemaakt worden. Ditzelfde geldt voor nieuwe

medewerkers en de secretariaten van de locatiedeelraad en het bestuur van de oudervereniging.

Het leerlingenstatuut en de gedragscodes zijn via de website van de locatie te raadplegen. Een

inkijkexemplaar is op te vragen bij de administratie.


GB Onderwijs

*Artikel GB1

De leerlingen hebben er recht op dat het personeel zich inspant om het onderwijs naar beste vermogen te verzorgen.
*Artikel GB2

Als een lid van het personeel naar het oordeel van (een) leerling(-en) het onderwijs niet goed verzorgt en de leerling(-en) zich daarover wil(-len) beklagen dan kan dat door de leerling(-en) aan de orde worden gesteld bij de betrokkene. Wendt/wenden hij/zij zich niet tot de betrokkene of levert dit geen bevredigend resultaat op dan kunnen achtereenvolgens de mentor, de kernteamleider of de directeur worden ingeschakeld. Deze neemt vervolgens contact op met degene tegen wie bezwaar is aangetekend om te proberen tot een aanvaardbare oplossing te komen.

Betreft de klacht een kernteamleider dan wordt de klacht gedeponeerd bij de directeur. Betreft de klacht de directeur dan wordt de klacht gedeponeerd bij de rector.
*Artikel GB3

De mentor, resp. de locatieleiding geven elk binnen vijf schooldagen de leerling(en) een reactie op de klacht.

*Artikel GB4

Indien de leerling(en) of de leraar zich niet met de reactie kan/kunnen verenigen kan beroep worden aangetekend bij de klachtencommissie. De klachtenregeling ligt ter inzage bij de locatiedirectie en de administratie. Relevante gegevens inzake de klachtenregeling worden opgenomen in de schoolgids.


*Artikel GB5

Op het personeel berust de inspanningsverplichting het onderwijs volgens het vastgestelde leerplan/schoolwerkplan naar beste vermogen te verzorgen. Het gaat daarbij om zaken als een redelijke verdeling van de lesstof over de lessen, een goede presentatie en duidelijke uitleg van de stof.



Het volgen van onderwijs

*Artikel GB6

De leerlingen zijn verplicht zich in te spannen om een goed onderwijsproces mogelijk te maken.
*Artikel GB7

Een leerling die een goede voortgang van de les verstoort of verhindert, o.a. door niet

toelaatbaar gedrag ter beoordeling van de docent, kan door de docent verplicht worden de

les te verlaten en zich te melden bij de administratie en eventueel daarna bij de

betreffende kernteamleider.

Onderwijstoetsing

(V.w.b. de examenkandidaten wordt verwezen naar het examenreglement en PTA.)

*Artikel GB8

Toetsing van de leerstof kan op twee verschillende wijzen geschieden:


  1. Door oefentoetsen. Een oefentoets is uitsluitend bedoeld om de

leerling en de leraar inzicht te geven in hoeverre de leerling de lesstof

begrepen en geleerd heeft.




  1. Door beoordelingstoetsen. Daartoe behoren:

- overhoringen, schriftelijk dan wel mondeling;

- proefwerken/repetities;

- werkstukken/spreekbeurten/practica en

- praktische opdrachten en handelingsdelen.


*Artikel GB9

Een proefwerk/repetitie wordt tenminste één week van tevoren opgegeven. Uitsluitend in overleg met de klas kan hiervan worden afgeweken.


*Artikel GB10

Op de eerste schooldag na een vakantieweek kan alleen een toets worden gegeven als dat met de klas overeengekomen is.


*Artikel GB11

Op de dagen voorafgaand aan de toetsweek die in diezelfde week begint, mogen er geen proefwerken worden gegeven.


*Artikel GB12

Een schriftelijke of mondelinge overhoring van huiswerk betreft de lesstof van een les of enkele lessen en kan zonder vooraankondiging gehouden worden.


*Artikel GB13

Van een cijfer dat het resultaat is van een af te nemen beoordelingstoets wordt van tevoren meegedeeld hoe zwaar het telt bij de vaststelling van het rapportcijfer.


*Artikel GB14

Behoudens bijzondere omstandigheden heeft een leerling maximaal drie toetsmomenten op één schooldag, waarvan maximaal twee leerproefwerken. Proefwerken waarvoor geen expliciet leerwerk nodig is, kunnen als derde proefwerk opgevoerd worden. Voor de proefwerkweken gelden bijzondere regelingen. Voor de examenklassen gelden eigen regels zoals vastgesteld in het reglement schoolonderzoek (PTA: programma van toetsing en afsluiting).


*Artikel GB15

Een leraar beoordeelt een afgenomen beoordelingstoets en maakt het resultaat aan de leerlingen bekend binnen twee weken nadat deze is afgenomen, tenzij er zich bijzondere omstandigheden voordoen, dit ter beoordeling van de locatieleiding.


*Artikel GB16

De normen voor proefwerken/repetities alsmede werkstukken, spreekbeurten en practica-

beoordelingstoetsen, worden vastgesteld door de desbetreffende vaksectie, door de leraar

meegedeeld en zo nodig toegelicht.


*Artikel GB17

Van werkstukken, spreekbeurten en practica dient van tevoren bekend te zijn hoe zij

worden beoordeeld, wanneer zij gereed en ingeleverd moeten zijn en welke sancties er

staan op het niet of te laat verzorgen resp. inleveren.


*Artikel GB18

Een leerling heeft het recht op inzage in zijn beoordelingstoets, nadat deze is

beoordeeld (op school, onder toezicht van de docent).
*Artikel GB19

Indien een leerling het niet eens is met de beoordeling van een toets tekent hij eerst bezwaar aan bij de leraar. Blijkt dit niet mogelijk of levert dit geen bevredigend resultaat op dan kunnen achtereenvolgens de mentor, kernteamleider of de directeur worden ingeschakeld. Dezen zullen elk binnen vijf schooldagen reageren. De directeur beslist, al dan niet na ingewonnen advies van een deskundige.


*Artikel GB20

De leerling die met een voor de leraar of locatieleiding aanvaardbare reden niet heeft deelgenomen aan een beoordelingstoets heeft het recht alsnog getoetst te worden.


*Artikel GB21

Op elke vorm van fraude staat een sanctie. De locatieleiding bepaalt, welke sancties er staan op onrechtmatige afwezigheid, fraude en het niet volgens afspraak uitvoeren of inleveren van opdrachten.

De sanctie op fraude moet in redelijke verhouding staan tot de ernst van de fraude.
Proefwerkweken
*Artikel GB20

Onderbouw

In het eerste leerjaar en tweede leerjaar is er alleen een proefwerkweek aan het einde van het

schooljaar. Uitzondering hierop is het tweede leerjaar havo-d dat ook een proefwerkweek

in het voorjaar heeft.
Bovenbouw

Het derde leerjaar heeft drie proefwerkweken per leerjaar, de derde proefwerkweek valt onder het

PTA.

Het vierde leerjaar kent toetsen en toetsperiodes die beschreven staan in het PTA.


De schoolleiding bepaalt of er tijdens proefwerkweken wel of geen lessen worden gegeven.

Tijdens de proefwerkweken kunnen eventueel meer dan twee proefwerken op een dag gegeven

worden.
*Artikel GB21

De leerling draagt er zorg voor dat hij zijn resultaten bijhoudt.



GC. Rapporten

*Artikel GC1

Een rapport geeft de leerling en zijn ouders een overzicht van zijn prestaties over een bepaalde periode. Het rapport is gericht aan de ouders, tenzij de leerling meerderjarig is.

*Artikel GC2

Een rapportcijfer dient vastgesteld te worden aan de hand van minimaal drie beoordelingen van proefwerken/repetities, spreekbeurten, werkstukken en/of overhoringen, enz. De locatieleiding kan een sectie en/of een docent in bepaalde gevallen toestemming geven hiervan af te wijken.
*Artikel GC3

De ouders worden na elke rapportuitreiking in de gelegenheid gesteld, het rapport met de mentor (en eventueel met de vakdocenten) te bespreken. Leerlingen hebben het recht om hierbij aanwezig te zijn.



GD. Doorstroming


*Artikel GD1

Ouders en leerlingen ontvangen bij de uitreiking van het eerste rapport een schrijven met daarin de normen waaraan een leerling moet voldoen om toegelaten te worden tot een hoger leerjaar.
*Artikel GD2

Een kernteam en/of de kernteamleider beslist of een leerling aan normen en eigenschappen voldoet om, tijdens of aan het einde van een leerjaar, toegelaten te worden tot een hoger niveau. Dit gebeurt altijd in overleg met ouders.


*Artikel GD3

Wanneer een leerling twee keer in hetzelfde leerjaar blijft zitten, dient de leerling

(behoudens bijzondere omstandigheden ter beoordeling van de

overgangsvergadering onder voorzitterschap van de kernteamleider) de leerweg/school te verlaten.


*Artikel GD4

Voor leerlingen geldt in principe een maximale verblijfsduur van vijf jaar.



GE. Huiswerk


*Artikel GE1

Leerlingen dienen in alle redelijkheid te worden belast met huiswerk. Hiertoe wordt ook

rekening gehouden met het maken van werkstukken, praktische opdrachten en

handelingsdelen.
*Artikel GE2

De leerling die om enige reden het huiswerk niet heeft gemaakt, meldt dit bij aanvang van de les bij de docent. Indien de docent de reden waarom de leerling het huiswerk niet heeft kunnen maken niet aanvaardbaar acht, kan de docent een redelijke straf opleggen. Indien de leerling het hiermee niet eens is, kan hij in beroep gaan bij de mentor.


*Artikel GE3

De schoolleiding kan jaarlijks twee huiswerkvrije dagen vastleggen. Er wordt

dan geen huiswerk opgegeven voor de eerstvolgende schooldag.

I.v.m. de examendruk kan de schoolleiding besluiten dat huiswerkvrije dagen niet gelden voor klassen waarop het Programma van Toetsing en Afsluiting van toepassing is.




GF. Regels over de school als organisatie


Toelating

*Artikel GF1

Het schoolbestuur stelt op voorstel van de schoolleiding en met inachtneming van hetgeen

daarover is vastgesteld in het medezeggenschapsreglement en in de wet op het voortgezet

onderwijs de criteria vast op grond waarvan een aspirant-leerling tot de school kan worden

toegelaten. De schoolleiding draagt zorg voor voldoende informatie hierover aan de

aspirant-leerling en zijn ouders.

N.B.: De toelating van leerlingen is afhankelijk van algemene regelgeving, -voorschriften die ter

uitvoering van Artikel 27 van de Wet op het Voortgezet Onderwijs gelden- die hier nauwlettend zijn

gevolgd. Voorts is de toelating van leerlingen afhankelijk van het beleid dat de school hieromtrent voert.

Ouders/leerlingen dienen de doelstellingen van de school te respecteren. Ontheffing van onderdelen

van leerplan en/of lesrooster kan alleen door de directie worden gegeven.

De vaststelling of wijziging van het beleid met betrekking tot de toelating en verwijdering van

leerlingen is één van de onderwerpen waaromtrent aan de medezeggenschapsraad het

instemmingsrecht is toegekend.

Schoolkrant

*Artikel GF2

De schoolleiding kan in overleg met de redactie van de schoolkrant een redactiestatuut

vaststellen, waarin onder meer de mate van verantwoordelijkheid van de redactie voor de

inhoud van de schoolkrant en de faciliteiten daarvoor worden geregeld. De schoolleiding

kan de publicatie van een nummer van de schoolkrant of een deel daarvan verbieden

indien dit in strijd is met de grondslag of doelstelling van de school, een discriminerende of

beledigende inhoud bevat dan wel iemands privacy schaadt.



Aanplakborden

*Artikel GF3

Er is een aanplakbord waarop de leerlingenraad, de schoolkrantredactie en eventueel aanwezige leerlingencommissies, zonder toestemming van de locatieleiding vooraf, mededelingen en affiches van niet-commerciële aard kunnen ophangen, tenzij de inhoud daarvan redelijkerwijs in strijd geacht kan worden met de grondslag of doelstelling van de school, er sprake is van uitlatingen van discriminerend of beledigende aard of schending van iemands privacy. Na toestemming van de locatieleiding heeft ook de individuele leerling het recht mededelingen op het aanplakbord op te (doen) hangen.


Leerlingenraad

*Artikel GF4

De leerlingenraad bestaat uit minimaal acht leerlingen (vier uit de onder bouw, vier uit de bovenbouw) en vergadert minimaal drie keer per jaar met de locatiedirecteur.

*Artikel GF5

De (twee) leden van de subgeleding leerlingen van de locatiedeelraad worden gekozen door

de leden van de leerlingenraad uit hun midden gekozen of, indien de leerlingenraad daar aanleiding toe

ziet, door de leerlingen van de locatie. In het laatste geval vindt de verkiezing plaats onder

verantwoordelijkheid van de leerlingenraad. Vanuit de subgeleding leerlingen van de locatiedeelraad

zal één leerling zitting nemen in de medezeggenschapsraad van het Almende College.

Faciliteiten leerlingenraad


*Artikel GF7

Voor activiteiten van de leerlingenraad worden door de schoolleiding desgewenst

drukfaciliteiten, apparatuur en andere materialen in redelijke mate ter beschikking gesteld.




GG. Aanwezigheid

*Artikel GG1

Lessen en andere activiteiten vallen in beginsel van maandag t/m vrijdag tussen 8.15 uur ’s

ochtends en 16.00 uur ’s middags (of daarbuiten indien het schoolprogramma daar aanleiding

toe geeft). Leerlingen dienen op deze tijden beschikbaar te zijn.
*Artikel GG2

Indien een leerling een of meer lessen niet kan bijwonen door ziekte, dienen de ouders op de

eerste dag van afwezigheid de school hiervan z.s.m. telefonisch of schriftelijk in kennis te

stellen.
*Artikel GG3

Bij bijzondere omstandigheden (bijv. familieomstandigheden) die afwezigheid tengevolge

hebben, delen de ouders dit vooraf, en indien dit vooraf niet mogelijk is dan z.s.m., mee aan

de desbetreffende kernteamleider.
*Artikel GG4

In andere dan de in Artikel GG2 en GG3 genoemde situaties kunnen de ouders schriftelijk

verzoeken om verlof van een of meer lessen. De kernteamleider zal bij het wel/niet toekennen

van het verlof handelen conform het gestelde in de leerplichtwet.


*Artikel GG5

Als een leerling spijbelt, worden de gemiste uren ingehaald. Bovendien zal een straf worden gegeven. Ouders/verzorgers worden hierover geïnformeerd.


*Artikel GG6

Bij herhaaldelijk te laat komen en/of spijbelen wordt de leerplichtambtenaar op de hoogte

gebracht.
*Artikel GG7

Indien een leerling niet kan deelnemen aan de lessen bewegingsonderwijs, dan moet dat voor

aanvang van de les aan de betreffende docent worden gemeld via een briefje van de

ouders/verzorgers. De gymdocent bepaalt dan de vervangende activiteit.


*Artikel GG9

Leerlingen kunnen via hun klassenvertegenwoordiger bij de schoolleiding wijzigingen in het

rooster voorstellen.


GH. Regels over orde in en om school

In de schoolgids zijn regels inzake orde opgenomen. Leidraad bij het opstellen van een ordereglement zijn redelijkheid, gelijkheid en rechtszekerheid. De schoolleiding kan, in overleg met de leerlingenraad, nadere regels vastleggen en deze mondeling/schriftelijk aan de leerlingen meedelen.


Zorg voor eigendommen
*Artikel GH1

Boeken behoren goed gekaft te zijn en in een stevige tas te worden vervoerd. Bij verlies en/of

beschadiging van leermaterialen zijn de ouders/verzorgers aansprakelijk.
*Artikel GH2

Leerlingen moeten hun jassen onder schooltijd in de garderobe op het aangewezen nummer hangen. De tassen worden buiten de lesuren in de rekken boven de kapstok gezet.


*Artikel GH3

Alle kapstokken en garderobes moeten op vrijdag na het laatste lesuur vrij zijn van eigendommen van leerlingen. Achtergebleven spullen worden verwijderd en aan een goed doel geschonken als ze na twee weken niet opgehaald zijn.


*Artikel GH4

Fietsen en scooters moeten op slot gezet en geplaatst worden in de daarvoor bestemde rekken. Iedere klas heeft een eigen vak.


*Artikel GH5

Op het schoolplein mag niet op brommers/scooters gereden worden.


*Artikel GH6

Kauwgom en correctielak zijn in en om school verboden.


*Artikel GH7

Het is niet toegestaan schoeisel te dragen dat beschadigingen aan vloeren veroorzaakt.


*Artikel GH8

Tijdens het schooljaar heeft in principe elke leerling een aantal keren corveedienst.


*Artikel GH9

Eten en/of drinken e.d. mag in principe uitsluitend in de aula of op het schoolplein. Energydrankjes en grote verpakkingen chips en frisdrank zijn niet toegestaan.


*Artikel GH10

Tijdens de pauzes mogen leerlingen het schoolplein verlaten. Zij mogen echter geen overlast veroorzaken en/of samenscholen.


*Artikel GH11

In bepaalde lokalen gelden specifieke regels i.v.m. bepaalde apparatuur. Deze regels

worden door de betreffende docent bekend gemaakt.
*Artikel GH12

Het is niet toegestaan in de les petten e.d. te dragen. Aanstootgevende kleding, teksten en symbolen en gezichtsbedekkende kleding/attributen zijn op school verboden.


*Artikel GH13

Als een leerling zich bij herhaling onbehoorlijk gedraagt en/of bij herhaling uit de lessen wordt

gestuurd, worden de ouders/verzorgers daarvan op de hoogte gebracht.
*Artikel GH14

Leerlingen dienen uiterlijk een half uur na hun laatste schoolactiviteit het schoolterrein verlaten te

hebben.

Genotmiddelen en gokken (zie ook het protocol genotmiddelen)

*Artikel GH15

Een school moet vrij zijn van genotmiddelen. Gebruik, handel, bezit en/of onder invloed zijn van

alcohol en/of drugs tijdens schoolactiviteiten is verboden. Bij overtreding worden ouders/verzorgers op

de hoogte gebracht en volgt een sanctie.
*Artikel GH16

Voor leerlingen van het eerste en tweede leerjaar is roken op het schoolterrein en het meenemen van

rookwaren naar school verboden. Van leerlingen van de leerjaren drie en vier wordt roken gedoogd,

doch uitsluitend op de speciale rokersplek onder het afdak op het schoolplein.


*Artikel GH17

Het is verboden om op school, het schoolterrein of in de directe schoolomgeving te gokken om geld of (waardevolle) spullen.


GI. Gebruik van elektronische informatie- en communicatiemiddelen

*Artikel GI1

Gebruik van mobiele telefoons is alleen toegestaan tijdens pauzes en wel in ruimtes waar leerlingen pauze mogen houden. Bellen met een mobiele telefoon binnen het gebouw is niet toegestaan en bij gebruik als mediaspeler moet altijd een koptelefoon aangesloten zijn.
*Artikel GI2

Computers en alle daarbij behorende apparatuur mogen door leerlingen alleen worden

gebruikt na opdracht van een medewerker en onder toezicht van een medewerker van de

school.
*Artikel GI3

In en om de school is het verboden om geluids- en/of beeldopnames te maken zonder

toestemming van een lid van de locatieleiding en zonder toestemming van degenen die

opgenomen worden.
*Artikel GI4

Het is verboden om geluids- en/of beeldopnames te gebruiken voor zaken waarvoor ze niet

bedoeld zijn, zoals plaatsing op het internet of het versturen naar anderen.
*Artikel GI5

Het is verboden anderen lastig te vallen, te pesten, te beledigen enz., ook door middel van

elektronische informatie- en communicatiemiddelen, zowel in als buiten de school.
*Artikel GI6

Indien er problemen zijn met schoolapparatuur, dient een leerling dit onmiddellijk te melden

aan een medewerker van de school.
*Artikel GI7*

Opzettelijk toegebrachte schade door een leerling ook aan elektronische informatie- en

communicatiemiddelen zal op de leerling verhaald worden.
GJ. Strafbevoegdheden

*Artikel GJ1

Bij overtreding van regels wordt bestraft en worden ouders/verzorgers op de hoogte gebracht. De strafmaat is afhankelijk van de aard van de overtreding en/of herhaling hiervan. In ernstige gevallen wordt aangifte gedaan bij de politie.

Van diefstal, gebruik van geweld, wapenbezit, bedreiging jegens medeleerlingen en/of medewerkers van de school of opzettelijke vernieling van eigendommen van de school, medewerkers of medeleerlingen, wordt in beginsel aangifte gedaan bij de politie. Bovendien zal de school een passende strafmaatregel nemen. Verwijdering van school is daarbij een uiterste maatregel.


*Artikel GJ2

Meent de leerling ten onrechte of onredelijk zwaar te zijn gestraft, dan kan hij zich wenden tot

de mentor of de kernteamleider, die na overleg met de strafoplegger uiteindelijk beslist.

Daar waar het reglement niet in voorziet, beslist de docent en/of de schoolleiding.




  • Algemeen
  • Procedure
  • Geldigheidsduur
  • Het volgen van onderwijs
  • Onderwijstoetsing (V.w.b. de examenkandidaten wordt verwezen naar het examenreglement en PTA.)
  • GD. Doorstroming
  • GE. Huiswerk
  • Faciliteiten leerlingenraad
  • Genotmiddelen en gokken (zie ook het protocol genotmiddelen)

  • Dovnload 98.93 Kb.