Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Asca wedstrijd regelementen

Dovnload 41.98 Kb.

Asca wedstrijd regelementen



Datum28.04.2017
Grootte41.98 Kb.

Dovnload 41.98 Kb.

ASCA wedstrijd regelementen;

Gemaakt in 1997


Het doel van de drijvende hond is het werk van de mens over te nemen, bewerkstelligend wat nodig is, zonder schade, onnodige stress, of gevaar voor het vee. Het juiste referentie kader voor keurmeesters en handlers is het werk van de hond dusdanig te evalueren als „ het beste voor het vee“
De ideale herdershond is de hond die kan drijven op de meest efficiente manier horend bij die specifieke kudde en werkend in harmonie met de handler. Om stress en gewichtsverlies te minimaliseren is de beste snelheid voor de kudde in stap of jog. Daarom zal de ideale hond zijn snelheid aanpassen aan de kudde en hen niet onnodig opjagen. Het is evident dat een kudde soms zal rennen wanneer zij merken dat zij zijn losgelaten in een arena. De hond dient zich ervoor in te zetten om controle te verkrijgen en de kudde bijelkaar te krijgen. Waneer controle is verkregen, dient de hond zich terug te trekken en de kudde de kans geven een langzamer tempo aan te nemen. Honden die aanvallen, najagen een stampij maken en de kudde splitsen, dienen verontschuldigd te worden.
De ideale hond is gevoelig voor de beweging van de kudde, maar is ontvankelijk voor de commando’s gegeven door de handler. Hij dient natuurlijke bezorgdheid te hebben om de kudde bijelkaar te houden, en zal daarom altijd contact houden met de kudde. Contact met de kudde houdt niet noodzakelijkerwijs in „ grijpen“ De hond zal een kalm zelfvertrouwen ten toon stellen, en het vermogen een mate van kracht ten toon te spreiden die geschikt is voor iedere situatie, zoals het happen naar koppen of hielen, waneer noodzakelijk.
Wedstrijd divisies

Divisie richtlijnen; Hieronder volgen algemene richtlijnen over wat er wordt verwacht van Beginnende, Open, Advanced en Post advanced honden. Houd in gedachten dat het vee een groot aandeel heeft in het gladjes verlopen van een wedstruijd. Hoe moeilijker het vee, hoe moeilijker de wedstrijd lijkt te verlopen.
Started ( beginnende honden) Deze honden hebben geen of weinig wedstrijd ervaring maar horen controle te hebben over de kudde en onder controle te zijn van de handler. De beginnende hond dient rudimentaire flank commando’s te hebben, een „walk on“ en stop. Deze divisie is niet bedoeld het instinct van de hond te testen. Honden deelnemend aan de wedstrijd met weinig of geen controle doen zichzelf schade aan, alsook het vee, en degenen die na hen moeten werken en weer controle dienen te krijgen over gestressed vee . De lijnen voor handlers zijn toegevoegd aan het programma om zowel het ophalen als het drijven door de hond te kunnen tonen. Beginnende honden hebben niet te maken met grenslijnen voor de handlers. Dientengevolge, is de beginnende hond toegestaan om de kudde dusdanig te bewerken als het meest voordelig is voor hond en handler. Zij mogen de kudde zowel drijven als ophalen (of een combinatie van beide) met geen verlies van punten zoland de hond controle heeft over de kudde en onder controle staat van de handler.
Open honden Deze honden dienen het vee onder controle te hebben en te kunnen inschatten. De flank commando’s ( links / rechts), langzamer en de stop dienen solide te zijn. Deze honden dienen te drijven in een lijn, het begin van een „ drive“ en een goede „ haal op“ te beheersen. Response op een commando dient vloeiend te zijn, en de hond dient op grotere afstand van de handler te werken.
Advanced ( gevorderde honden) De gevorderde hond dient in staat te zijn efficient te kunnen werken op elke afstand van de handler. De handler en de hond dienen een goed team werk ten toon te spreiden terwijl de hond de juiste respons geeft op commando’s terwijl de handler de hond toestaat zefstandig te werken. Deze honden dienen een „ crossdrive“ en een „ drive“ te hebben en dienen welke commando’s dan ook op te volgen die noodzakelijk zijn om een karwei te klaren. Deze honden dienen in staat te zijn om alle soorten vee te drijven van vluchtig tot zwaar met maximale controle en minimale stress.
Post advanced Deze honden dienen efficient te kunnen werken vanaf elke afstand tot de handler zonder gebruik van een omheining. Deze honden dienen in staat te zijn om alle soorten vee te drijven van vluchtig tot zwaar met maximale controle en minimale stress.
Junior handler ( jeugd) Deze klasse is voor jeugd tot en met een leeftijd van 17 jaar. De jeugd mag elke hond gebruiken vanaf een hond die nooit wedstrijden heeft gedaan tot een Working Trial Champion.( WTCH ) De handler wordt beoordeeld op zijn/haar vermogen om de hond onder controle te houden, de course te kennen, kennis van het lezen van vee, hond en handler team work en houding. Er mag hulp gegeven worden van buiten de ring maar dit kost wel punten.
Novice handler Deze klasse is voor volwassenen ouder dan 17 jaar. De handler mag een hond gebruiken vanaf een hond die nooit wedstrijden heeft gelopen tot aan een Working Trial Champion ( WTCH) De handler word beoordeeld op zijn/haar vermogen om de hond onder controle te houden, de course te kennen, kennis van het lezen van vee, hond en handler teamwork en houding. Er mag hulp gegeven worden van buiten de ring maar dit kost wel punten.
Wedstrijd onderdelen
Koeien; De ideale koeien hond werkt dicht op de koeien, maakt gebruik van weven, correcte positie, kracht en beet om het vee bijelkaar te houden en in beweging te krijgen. Veel kracht ( niet te verstaan onnodig bijten) is meestal nodig om koeien te stoppen en te bewegen. Koeien mogen niet rennen door het parcours, maar ook niet dwalen zonder dat de hond contact heeft door gebrek aan kracht.

Schapen ; De ideale schapen hond drijft de kudde voorzichtig en met zo min mogelijk fysiek contact. De mate van vluchtigheid van de schapen bepaalt hoever de hond van de kudde af werkt. Hoe vluchtiger de schapen, hoe verder weg de hond er vanaf werkt, hoe weerbarstiger de schapen, hoe dichter de hond er bij werkt. Bij weerbarstige schapen kan een greep in de hiel noodzakelijk zijn. Als een hond te maken krijgt met vechtende schapen, die niet uit de weg gaan terwijl de hond toch stand houd, kan een greep in de kop noodzakelijk zijn. In de meeste gevallen zijn het bijten van het lijf of het happen van wol niet noodzakelijk en kan in het resulteren in het afbreken van de wedstrijd.
Eenden; De ideale eenden drijvende hond werkt ver van de eenden en beweegd langzaam en glad. Bijten, omverlopen of stappen op de eend is onnodig en reden voor het afbreken van de wedstrijd. Het drukken met de neus is acceptabel als de eend niet wil wijken voor de hond.
Instructies voor het scoreformulier.
De score word verdeeld in twee onderdelen. Het eerste onderdeel is de “ parcours score”. De hond krijgt punten voor elk stuk vee dat hij door een obstakel drijft, ongeacht hoe de hond dit bewerkstelligt, zolang hij het maar voor elkaar krijgt. Het tweede onderdeel is het vermogen van de hond om de controle te hebben over het vee. Deze score is voor hoe de hond het werk doet. Voor dit onderdeel moet het vee het obstakel nemen als gevolg van de acties van de hond. Voor de obstakels word een score gegeven bij de eerste keer dat het obstakel succesvol genomen wordt. Voor verdere pogingen wordt geen score toegekend. De obstakels dienen in de juiste volgorde genomen te worden.
Pogingen; Maximaal 2 pogingen worden toegestaan voor ieder obstakel in parcours A en B De handler mag na een poging doorgaan naar het volgende obstakel. Het is aan de keurmeester om te beoordelen of het werk van de hond rondom de hindernis als poging gezien wordt. Waneer een keurmeester van oordeel is dat er 2 pogingen gedaan zijn zal hij de handler daarvan in kennis stellen en de handler dient dan door te gaan naar het volgende obstakel. Er mag een poging geteld worden als de hond aan het werk is en de kudde langs het obstakel glipt, als de kudde ½ van de arena aflegt en terug rent naar het repen gebied, of als de kudde twee keer de verkeerde kant van de arena oploopt.

In de volgende situaties dient de keurmeester de handler van zijn besluit in kenneis te stellen;



  1. de handler ziet zijn eerste werk rond een obstakel als een poging en gaat door. Als de keurmeester dit niet als een poging beschouwt, moet hij de handler hiervan onmiddelijk in kennis te stellen.

  2. De handler is moet na 2 pogingen doorgegaan. De keurmeester dient de handler ervan in kennis te stellen dat hij van mening is dat er 2 pogingen zijn gedaan en dat de handler door dient te gaan met het olgende obstakel. De 2 pogingen bestaan uit het volgende;

    1. De hond heeft twee keer de kudde in de nabijheid van het obstakel gedreven of,

    2. Twee of meer stuks vee hebben twee verschillende keren de “ wegrenlijn” overschreden.

  3. Na een redelijke tijdsspanne terwijl er geen vorderingen zijn gemaakt richting een obstakel, dient de keurmeester de handler te adviseren door te gaan naar het volgende obstakel.



Wegrenlijnen; De wegrenlijnen voor obstakel 1 en 2 zijn de advanced handler lijn en voor het obstakel in het midden zal de achterste omheining bij de repen zijn. Iedere keer als 1 of meer stuks vee over een wegrenlijn uitbreken, zal dit als poging tot een obstakel worden beschouwd. Als 2 of meer stuks vee twee keer uitbreken naar de achterste omheining terwijl ze aan het middenobstakel werken, word de poging afgebroken en moet men doorgaan naar de repen.
Score geven aan de controle van de hond van het vee; Iedere sectie van een run wordt beoordeeld op de manier waarop de hond de kudde voor deze sectie onder controle heeft. Controle punten moeten gegeven worden voor alle delen van het parcours die de hond volbracht heeft of waartoe de hond een poging waagde. Controle punten worden gegeven voor hoe hij het werk volbracht. Dit omvat het natuurlijke instinct van de hond, gezond verstand, training, concentratie, interesse, kracht, en omgang met de kudde. Keurmeesters worden geacht alle soorten drijvende rassen te beoordelen. Zij dienen erzich van bewust te zijn van het verschil in werkstijl van de verschillende rassen en overeenkomstig te oordelen, niet te vergelijken.Om een juiste controle score te geven, moet er NATUURLIJK INSTINCT getoond worden.Een mechanische hond die succesvol het parcours voltooid alleen tengevolge van training mag geen hogere score worden gegeven alleen tengevolge van die training. Het vermogen van de hond om de kudde in bedwang te houden is aan de keurmeester om te beoordelen op grond van wat deze verwacht van de hond.

Bovenstaande beschrijving is een algemene, aangezien deze sectie de mening van de keurmeester weergeeft, maar het kan de handlers helpen te begrijpen wat er van hen verwacht word.



Parcours richtlijnen;
Deze richtlijnen zijn gemaakt met de ideale run van de gevorderde hond in gedachten waarbij absoluut geen aandacht is geschenken aan de mate van moeilijkheid van de kudde. Vanzelfsprekend, dient de keurmeester zijn verwachtingen aan te passen aan de Beginnende en de Open honden dient hij de aard van de kudde in beschouwing te nemen.
Course A
Verzamelhok( repen) Het scoren begint wanneer de handler de poort opent en eindigt waneer de kudde succesvol de opening van het verzamelhok vrijmaakt. Parcours punten worden verdiend voor het aantal stuks ( of het percentage) dat de hond de eerte keer naar buiten brengt. Als de handler het vee zonder hond naar buiten brengt, worden er geen punten verdient. Controle punten worden verdiend voor hoe het werk word volbracht.De handler kan de pen ingaan met de hond en toch nog parcours punten verdienen.Als de kudde uit de pen breekt, buiten schuld van de hond, mag de handler de hond in de arena positioneren om de kudde weer onder controle te krijgen terwijl zij uit de pen rennen zonder verlies van punten, parcours- noch controle punten.
Kudde uit de pen krijgen zou gladjes en gemakkelijk moeten verlopen terwijl de hond naar de omheining gaat om de kudde maximaal in staat te stellen om de opening te vinden.De hond dient een houding vol zelfvertrouwen te hebben t.o.v. de kudde en dient te tonen dat hij zich bewust is van de taak om de hele kudde uit de pport te krijgen. Controle punten kunnen verloren worden voor; het houden van de kudde in de pen, door het midden van de kudde stormen voordat zij naar buiten zijn gebracht, of het naar buiten brengen van een paar dieren tegelijk. Een soepel penwerk gedaan met de handler buiten de pen dienen meer controle punten te krijgen dan eentje waarbij de handler de pen in ging.

PARCOURS PUNTEN = 5 CONTROLE PUNTEN = 15


Drijven/ophalen door obstakel 1; Scoren begint bij het voltooien van de takepen en eindigd waneer de kudde obstakel 1 verlaat of waneer er 2 pogingen zijn gedaan. Parcours A, een parcours tegen de klok in, vereist een rechterhand drijven/ophalen. Daarom dient de kudde naar obstakel 1 gedreven te worden aan de rechterhand van het middenobstakel. Als de kudde aan de linkerkant erlangs word gestuur, kunnen controle punten verloren gaan. Parcours punten worden verdiend voor het aantal stuks vee ( of het %) dat de drijf/ophaal voltooit en obstakel 1. Controle punten worden verdiend voor de manier waarop het gebeurd. De hond mag het drijven/ophalen beginnen onmiddelijk nadat de takepen is voltooid, of mag de kudde stoppen terwijl de handler de poort sluit en daarna aan het drijven/ophalen beginnen. Het drijven/ophalen moet de controle van de hond tonen terwijl de hond het vee naar obstakel 1 brengt. Het bewust zijn van de hond van de hele kudde en het vermogen van de hond om de kudde onder bedwang te hebben als deze afwijkt van course is essentieel. De juiste mate van kracht dient te worden gebruikt om de kudde de juiste richting te blijven gaan.Het vermogen van de hond om enkele stuks vee die uit de kudde breken terug te laten keren en de kudde samen te laten blijven aan het begin van deze run is erg belangrijk. De kudde dient tegen de klok in door obstakel 1 te gaan met minimale stress voor de kudde. Het vermogen van de hond om de kudde langs de omheining en bewegend bij de ingang te houden is erg belangrijk. Zijn vermogen om het drijven/ophalen gaande te houden zal de kudde verhinderen in de hoek te stoppen.Hij zal in staat moeten zijn teverhinderen dat de kudde aan de verkeerde kant van het obstakel beweegt.

PARCOURSPUNTEN = 5 CONTROLE PUNTEN = 20


Cross drive/ophalen door obstakel 2; Scoren begint waneer de kudde obstakel 1 verlaat en eindigd waneer de kudde obstakel 2 verlaat of nadat 2 pogingen zijn gedaan. Parcours punten worden verdiend voor het aantal stuks vee ( of het %) dat de hond erdoor heen drijft met de 1e poging ze erdoorheen gaan. Controle punten worden verdiend door de manier waarop het gebeurd. Idealiter dient de hond direct van de uitgang van obstakel 1 naar obstakel 2 te gaan en door het obstakel in en richting tegen de klok in met zo weinig mogelijk stress voor de kudde.Het vermogen van de hond om een cross drive te maken van obstakel 1 naar obstakel 2 spreidt zijn vermogen ten toon om problemen te voorkomen waneer de kudde daglicht ziet nadat ze obstakel 1 hebben verlaten. Deze taak houdt vaak acties in om de kudde te draaien die terug willen breken de arena in. De hond dient in staat te zijndieren onder bedwang te houden zonder ze simpelweg te volgen naar het andere eind van de arena en ze weer terug te brengen. Na het binnengaan van obstakel 2, is het belangrijk dat de hond controle toont en gehoorzaamheid om het mogelijk te maken dat de hele kudde door de uitgang gaat, liever dan dat een deel van hen terugbreekt rond de uiteinden van het obstakel.

PARCOURS PUNTEN = 5 CONTROLE PUNTEN = 25


Set up en werken bij de trechter in het midden (alleen Open en Advanced) Scoren begint als de kudde obstakel 2 verlaat en eindigt waneer de kudde de trechter verlaat of waneer er twee pogingen ondernomen zijn.Parcourspunten worden verdient door het aantal stuks vee ( of het %) dat de hond de trechter doordrijft met de 1e poging dat ze er doorheen gaan. Controle punten worden verdient voor hoe het werk gedaan word. Idealiter dient de kudde van obstakel 2 direct door te gaan naar en door de trechter. Nadat de kudde obstakel 2 verlaten heeft, word deze van de omheing af geleid naar het midden van de arena. De hond dient controle te houden zonder hulp van de omheing en de kudde door de trechter te leiden. Extra verliesvan controle punten kan het resultaat zijn van buitensporige hulp van de handler zoals teveel gebruik van de stok of door de kudde te duwen.

PARCOURSPUNTEN = 5 CONTROLE PUNTEN = 25


Controle naar en repen; Scoren begint waneer de poging voor het laatste obstakel is beindigd en eindigt wanneer de handler de poort van de pen sluit. Zodra de poort van de pen is geopend, dient de hond de kudde zo efficient mogelijk naar de pen te drijven. Parcours punten worden verdient voor het aantal stuks vee ( of het %) dat de hond de eerste keer in de pen drijfr. Controle punten worden verdient voor de manier waarop dit plaatsvind. Idealiter zou de kudde van het laatste obstakel of de trechter in het midden direct naar de repen moeten gaan met zo weing mogelijk stress. Het is zinvol de kudde weg van de poort te drijven voor het openen.

PARCOURS PUNTEN = 5 CONTROLE PUNTEN = 25


Alle handler lijnen zullen afgedwongen worden. Het zal tot een verlies van 15 punten leiden in de Open competitie als de handler de Open handlers lijn overschrijd en een verlies van 50% in Advanced als de handler de advanced handlerslijn overschrijdt.
Course B

Verzamelen; Scoren begint zodra de hond word logelaten en eindigt waneer de hond de kudde voorbij de advanced handlers lijn heeft gebracht. Parcours punten worden verdiend voor het aantal stuks vee ( of het %) dat het verzamelen ( de gather ) voltooid.Controle punten worden verdiend voor de manier waarop dat plaatsvindt. Het vezamelen dient het vermogen van de hond te laten zien om al het vee in een groep te stoppen die onder controle is. De hond dient zo wijd om de kudde te gaan als noodzakelijk is om ze rustig te houden of mogelijk is. Als de kudde tegen een omheining staat, waneer de hond word gestuurd om ze op te halen, en het is nodig ze van de omheining af te hale, dan dient de hond het vermogen te tonen om tussen de omheining en de kudde te gaan op een beheerste manier. Zodra de hond alle vee in een beheerste groep heeft samengebracht, zal de handler het drijven/ophalen naar het eerste obstakel beginnen. Het vee hoeft niet direct naar de handler worden gebracht. Voorbeelden voor mogelijk verlies van punten zijn; het opsplitsen van de kudde, overmatig weven van de kudde, leden van de kudde achterlaten, de kudde omcirkelen, overmatig rennen van de kudde, overmatig blaffen, hond blijft kijken naar de handler, het houden van de kudde bij de achterste omheining, opzettelijk drijven van de kudde naar de achterste omheining voor het klaarmaken voor het drijven/ophalen. ( toont geen verzamelen)

PARCOURSPUNTEN = 5 CONTROLE PUNTEN = 5


Drijven/ophalen door obstakel 1 ; Scoren begint waneer de kudde de advanced handlers lijn kruist en eindigd waneer de kudde obstakel 1 verlaat of nadat 2 pogingen zijn ondernomen.Parcours B is een parcours met de klok mee, dus vereist een linkerhand drijven/ophalen; daarom dient de kudde naar obstakel 1 gestuurd te worden langs de linkerkant van de vrijstaande pen. Als de kudde aan de rechterkant gedreven wordt kunnen controle punten verloren worden. Parcours punten worden verdient voor het aantal stuks ( of het %) vee dat het drijven/ophalen en obstakel 1 voltooid. Controle punten worden verdiend voor de manier waarop dit gebeurd. Idealiter zou de hond aan het einde van het bijeendrijven de kudde onder controle hebben en ze direct naar obstakel 1 brengen. Zie parcours A ophalen/drijven beschrijving. De kudde dient door obstakel 1 te bewegen met de klok mee met zo min mogelijk stress voor de kudde. Het vermogen van de hond om de hele kudde bij de omheining te houden en in beweging te houden bij de ingang is belangrijk. Zijn vermogen van het drijven/ophalen en in beweging houden zal verhinderen dat de kudde in de hoek blijft staan. Hij zou in staat moeten zijn de kudde te keren als deze probeert aan de verkeerde kant van het obstakel te lopen.

PARCOURSPUNTEN = 5 controle punten = 20


Cross drive/ ophalen door obstakel 2; Scoren begint als de kudde obstakel 1 verlaat en eindigd waneer ze obstakel 2 verlaten of 2 pogingen tot obstakel 2 ondernomen hebben. Parcours punten worden verdient voor het aantal stuks vee ( of het % ) dat de hond met de erste poging door het obstakel drijft. Controle punten worden verdient voor de manier waarop dit gebeurd. Idealiter zou de kudde van obstakel 1 direct door obtakel 2 gaan door het obstakel met de klok mee met zo min mogelijk stress voor de kudde. Het vermogen van de hond om een cross drive te maken van obstakel 1 naar obstakel 2 spreidt zijn vermogen ten toon om problemen te voorkomen waneer de kudde daglicht ziet nadat ze obstakel 1 hebben verlaten. Deze taak houdt vaak acties in om de kudde te draaien die terug willen breken de arena in. De hond dient in staat te zijndieren onder bedwang te houden zonder ze simpelweg te volgen naar het andere eind van de arena en ze weer terug te brengen. Na het binnengaan van obstakel 2, is het belangrijk dat de hond controle toont en gehoorzaamheid om het mogelijk te maken dat de hele kudde door de uitgang gaat, liever dan dat een deel van hen terugbreekt rond de uiteinden van het obstakel.

PARCOURS PUNTEN = 5 CONTROLE PUNTEN = 25


Set up en werken van de center pen; ( alleen voor Open en advanced)Scoren begint waneer de kudde obstakel 2 verlaat en eindigd waneer de poort van de centerpen gesloten word. De handler hoeft de poort niet vast te blijven houden. Parcours punten worden verdient voor het aantal stuks vee ( of het %) dat de hond in de centerpen drijfr. Controle punten worden gegeven voor de manier waarop dit gebeurd. Idealiter dient de kudde van obstakel 2 direct naar de centerpen te worden gedreven met zo min mogelijk stress voor de kudde. Nadat de kudde obstakel 2 heeft verlaten, of nadat een poging tot obstakel 2 is ondernomen, mag de handler over de advanced handlers lijn gaan om naar de pen te werken. De handler mag de Open handler lijn niet overschrijden. Als hij dat wel doet verliest hij 50 % van zijn score. De kudde dient van de omheing af en naar de pen gedreven te worden. De hond moet controle behouden en precies commando’s opvolgen. De kudde dient naar de opening van de pen gebracht te worden en toegestaan worden tot rust te komen als ze het hok binnengaan, terwijl de hond de opening bewaakt en de handler de poort sluit.Extra controle punten kunnen verloren worden door overmatige hulp van de handler zoals het gebruik van de stok of duwen van het vee. Als de centerpen is voltooid mag de handler zijn hond helpen om het vee uit de pen te krijgen. Er zullen geen punten toegekend worden voor deze activiteit. Maar de wedstrijd mag afgebroken worden, tengevolge van mishandeling van het vee terwijl dit word gedaan.

Parcourspunten = 5 Controle punten = 30


Controle naar en repen; Scoren begint waneer de poging voor het laatste obstakel is beindigd en eindigd wanneer de handler de poort van de pen sluit. Zodra de poort van de pen is geopend, dient de hond de kudde zo efficient mogelijk naar de pen te drijven. Parcours punten worden verdient voor het aantal stuks vee ( of het %) dat de hond de eerste keer in de pen drijfr. Controle punten worden verdient voor de manier waarop dit plaatsvind. Idealiter zou de kudde van het laatste obstakel of de trechter in het midden direct naar de repen moeten gaan met zo weing mogelijk stress. Het is zinvol de kudde weg van de poort te drijven voor het openen.

PARCOURS PUNTEN = 5 CONTROLE PUNTEN = 25


Diverse zaken
Parcours A- take pen- vrijlaten van de kudde;Als de takepen te klein wordt geacht of onveilig om te gebruiken door de keurmeester en de parcoursbeheerder, mag een verzamelen ( gather) worden gebruikt in plaats van de takepen. Als het ophalen word gebruikt zal het volgens dezelfde regels gaan als het ophalen in parcours B. In geen enkel geval kan de advanced handler de advanced handlerslijn overschrijden zonder verlies van 50 % van de punten of de Open handler de Open handlers lijn zonder verlies van 15 punten.
Parcours B- positie van de handler bij het verzamelen – beginners en Open; Geen beperkingen. Ze mogen van welke positie dan ook starten die het voordeligst is voor hun hond. Hun honden mogen aan hun zijde staan of in een down positie worden gelaten terwijl de handler opnieuw een positie in kan nemen voordat zij hun hond sturen. De uitzondering hierop is dat de Open handler de Open handlers lijn nimmer mag overschrijden zonder verlies van 15 punten.

Advanced handlers; Handler moet staan bij de centerpen aan de repen kant van de advanced handler lijn waneer hij de hond stuurt om te verzamelen. Handlers mogen aan beide kanten van de centerpen staan. Waneer een handler de handlers lijn overschrijd verliest hij 50 % van zijn punten. Zodra de hond is gestuurd kan de handler zich vrij bewegen aan de repen kant van handler lijn om de vrijstaande poort te openen tot nadat 1 stuks vee obstakel 2 heeft voltooid. Parcours punten worden toegekend alleen voor dat deel van de kudde dat het obstakel voltooid voordat de handler de lijn overschreid. Terwijl hij de centerpen opendoet, mag de advanced handler zich vrij bewegen en hoeft niet bij de poort te blijven, maar mag niet de Open handlers lijn overschreiden zonder verlies van 50 % van zijn punten. Nadat een poging is ondernomen to obstakel 2 mag de handler de lijn overschreiden om de poort van de centerpen te openen met alleen parcourspunten verlies maar niet 50 % van de score. Als de centerpen voltooid is, zullen hond en/of handler de kudde uit de pen halen maar dit zal niet gescoort worden als onderdeel van de centerpen. Er zijn geen beperkingen waar de handler moet staan met uitzondering van de Open handlers lijn. HANDLERS HOEVEN NIET BIJ DE POORT TE STAAN.
Daglichten ( daylighting); Als voor enige reden de kudde door de uitgang de obstakels binnengaan, moeten ze uit het obstakel verwijderd worden en opnieuw door de ingang naar binnengebracht worden om parcourspunten te verdienen. Dit houdt alle obstakels in, ook de trechter in het midden. Tenminste 1 stuk vee moet de ingang vrijmaken van het obstakel voor terug gekeerd te worden om geldig te zijn voor parcourspunten. Echter alleen die stuks vee die de daglicht lijn vrijmaken zullen meetellen voor punten.
Redenen om verontschuldigd te worden van de arena;

  1. Onnodig bijten of ernstig bijten. Beten moeten op de koppen of hielen gericht zijn. Lijf, nek,buik,rug en dij zijn alle onnodige beten. Een ernstig bijten zou zijn opzettelijk wol trekken, vasthangen aan, slashing en trekken van benen onder het dier vandaan. In het geval van eenden; bek gebruiken, bijten, rennen over en staan op de eenden is onnodig.

  2. Kudde overmatig laten rennen.

  3. Gebrek aan vooruitgang. Als een deelnemer en zijn hond niet voorbereid zijn en niet in stat zijn de taak te volbrengen, mag de wedstrijd voortijdig worden beeindigd, zelfs als de kudde niet beschadigd wordt

  4. Handler die zijn hond vastgrijpt in de arena om hem te corrigeren.

  5. Elke hond die niet van de kudde afgehaald kan worden en door de handler moet worden opgejaagd. Het maakt niet uit of de hond bijt of niet. Kudde de omheining injagen kan zeer schadelijk zijn voor de kudde.

Honden moeten aangelijnd de arena worden binnengebracht. De lijn kan afgedaan zodra de keurmeester aangeeft dat hij klaar is of net voordat de run begint. Nadat de run is begonnen, mag de handler de hond niet meer in bedwang houden door halsband of lijf vast te houden en de hond rond de kudde te sturen. Dit houdt niet in dat de handler de hond niet mag vasthouden om te checken op verwondingen, gezondheid of vreemde voorwerpen in de poot.

Een obstakel word als voltooid beschouwd waneer 1 of meer stuks vee door de hond door het obstakel is gedreven.

De deelnemer mag niet terug gaan en proberen meer punten te verdienen door een obstakel opnieuw te doen.

Noch de trechter in het midden noch de centerpen dienen voltooid te worden om een qualificerende score in enige divisie te verdienen. Het is aan de deelnemer om ervoor te zorgen dat de keurmeester het juiste startnummer heeft en divisie loopt voordat hij start.

Elke deelnemer heeft het recht voortijdig de wedstrijd te beeindigen, en dat word zeer gewaardeerd als de situatie erom vraagt. Alle deelnemers mogen het vee opnieuw repennen, nadat obstakel 1 is genomen en ervoor punten krijgen.



Keurmeesters mogen vragen de kudde opnieuw in de pen te doen in plaats van de wedstrijd af te breken en zullen een score geven.
Voorbeelden van mogelijk punten verlies voor vermogen de kudde onder controle te houden;

  • splitsen van de kudde

  • 1 of meer stuks vee achter laten

  • kudde overmatig omcircelen

  • overmatig laten rennen van de kudde

  • overmatig blaffen

  • hond blijft handler aankijken

  • opzettelijk de kudde naar de achterste omheinig drijven voor het beginnen van het ophalen

  • onnodige stress voor de kudde veroorzaakt door hond of handler

  • verlies van controle over de kudde

  • wanneer de hond het contact met de kudde verliest en de kudde door de obstakels dwalen zonder de hond

  • hond snuffelt de grond of eet gras,vuil etc. en vermijdt te werken


Dingen om naar te kijken bij het vaststellen van het vermogen de kudde te beheersen; Moeilijke kudde en controle van de hond hierover; een hond dient geen controlepunten te verliezen als de kudde moeilijk is en het de hond tijd kost ze onder controle te krijgen. De hond met een moeilijke kudde dient niet meer punten te verliezen dan een hond met een kudde die meewerkt zolang de hond de controle kan behouden.

  • Wedstrijd divisies Divisie richtlijnen;
  • Started ( beginnende honden)
  • Advanced ( gevorderde honden)
  • Junior handler ( jeugd)
  • Wedstrijd onderdelen Koeien;
  • Instructies voor het scoreformulier.
  • Score geven aan de controle van de hond van het vee;
  • Course A Verzamelhok( repen)
  • Drijven/ophalen door obstakel 1;
  • Cross drive/ophalen door obstakel 2;
  • Set up en werken bij de trechter in het midden ( alleen Open en Advanced)
  • Controle naar en repen;
  • Course B Verzamelen;
  • Drijven/ophalen door obstakel 1 ;
  • Cross drive/ ophalen door obstakel 2;
  • Set up en werken van de center pen; ( alleen voor Open en advanced )
  • Diverse zaken Parcours A- take pen- vrijlaten van de kudde;
  • Parcours B- positie van de handler bij het verzamelen – beginners en Open;
  • Daglichten ( daylighting);
  • Redenen om verontschuldigd te worden van de arena;
  • Voorbeelden van mogelijk punten verlies voor vermogen de kudde onder controle te houden;
  • Dingen om naar te kijken bij het vaststellen van het vermogen de kudde te beheersen;

  • Dovnload 41.98 Kb.