Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Bachelor in het Bedrijfs- en Office management Voetweg 66 9000 Gent Academiejaar 2010-2011

Dovnload 0.57 Mb.

Bachelor in het Bedrijfs- en Office management Voetweg 66 9000 Gent Academiejaar 2010-2011



Pagina4/17
Datum04.04.2017
Grootte0.57 Mb.

Dovnload 0.57 Mb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   17





1.5Interview Mevr. Ponsaerts (28/03/2011)


Legende:

L = Liesbeth

S = Sabien

RV = Rita Van Langenhove

KP = Kaat Ponsaerts – Bedrijfspsychologe & Vertrouwenspersoon Jan Palfijn


  • Inleiding:

Liesbeth en Sabien stellen zichzelf voor. We leggen onze opdracht uit.


  • Interview:

L: Eerst en vooral: kent de opleiding?

RV: Ja.. Ik heb zelf vroeger medisch secretariaat gedaan. Ik ben medisch secretaresse. Ik krijg nu stagiaires van Medical Management Assistants.

L: Dus u bent op de hoogte over de opleiding…

RV: Via vroegere opleiding en nu de opleiding een beetje ook via de stagiaires.

L: Zijn dat dan stagiaires van hogeschool Gent?

RV: Ja, inderdaad. Maar ook veel van Syntra nu. Dat zijn mensen die de opleiding volgen in avondonderwijs. Het is een opleiding van 2 jaar. Ik vind die opleiding wel goed.

L: Waarom is die opleiding goed?

RV: Ze bezitten een goede kennis van medische terminologie. Anderzijds krijgen ze ook vakken die nu aan de orde zijn die we vroeger nooit gekregen hebben. Meer in de richting van MKG, MZG, MVG,…

Het speelt ook een grote rol wat de voor studie is van diegene die die opleiding volgt. Daarmee bedoel ik , welke voorkennis zij al hebben op andere vlakken. Vb. kunnen zij goed Nederlands, kunnen ze schrijven zonder fouten? Zijn zij matuur? Er zijn daar mensen bij die 25 jaar zijn die de opleiding volgen of op je 18de. Je voelt dan duidelijk het verschil. Ook interesse en motivatie zijn zeer belangrijk. Als je nog maar net je middelbaar hebt afgemaakt en je gaat dan die opleiding volgen, dan is dat eerder twijfelachtig.

L: De medische secretaresse die van syntra komen, zijn er daar ook bij die reeds A1 diploma hebben (vb. bedrijfsmanagement, lerarenopleiding,…)?

RV: Bedrijfsmanagement niet, lerarenopleiding wel. Of verpleegkundigen omdat de job als medisch secretaresse fysiek gemakkelijker is. Ze stappen over omwille van rugklachten,…

L: Heeft het ziekenhuis ook mensen in dienst die effectief het diploma MMA hebben?

RV: Ja, er zijn er al verschillende.



L: Zou de opleiding goed aangepast zijn aan jullie verwachtingen?

RV: Ja, ik denk van wel. Meer dan wel. Het hangt natuurlijk van persoon tot persoon af.

L: Er zijn nog aantal andere opleidingen die misschien gepast zouden kunnen zijn voor deze job? Vb. verpleegkunde.

RV: Hebben wij hier verpleegkundige niet in dienst als MMA? Ooit is er hier iemand geweest van een interimkantoor. Zij was van opleiding kinesiste maar zij had dus alles zelf bijgedaan (administratie). Die persoon was ook geschikt om de job uit te voeren.

L: Wat zijn de huidige taken van een MMA? Er is waarschijnlijk ook een verschil tussen de verschillende diensten.

RV: In het ziekenhuis zijn er 2 diensten waar medische secretaresses werken. Radiologie en het centraal medisch secretariaat. De taken zijn totaal verschillend.

Radiologie: onthaalfunctie en het typwerk. De onthaalfunctie dat houdt in de mensen onthalen maar ook de facturatie. Voor typwerk ze met spraaktechnologie. Dan zitten de protocols al in het dossier van de patiënt. Medisch secretaresse hebben ook de ingesproken versie en ze moeten dan die protocols dan nalezen.

L: Wat zijn protocols?

RV: bvb. als er een RX foto, wordt genomen dan moet de dokter te bekijken en dan alle normale maar abnormaliteiten van doorgeven in de vorm van een protocol. Het is niet echt een brief. Het is moeilijk uit te leggen…

L: De dokter spreekt dus het protocol in…

RV: Inderdaad, hij ziet dus de foto’s hangen en bekijkt hij die. Vervolgens spreekt hij zijn protocol in. Automatisch komt dat onder geschreven taal in de computer terecht. De secretaresse die krijgt dan het ingesproken geluidsbestand en zij gaan na wat of het spraaktechnologieprogramma zijn werk goed heeft gedaan. Wat niet overeenkomt met het gesproken gedeelte wordt aangepast door de medische secretaresse. De spraaktechnologie is niet onfeilbaar. Het is wel al heel veel verbeterd tegenover vroeger.

L: Ik wist niet dan Jan Palfijn met spraaktechnologie werkte.

RV: Op dienst radiologie wel. Bepaalde stukken radiologische protocollen komen regelmatig terug. De normale en standaardgegevens komen eigenlijk altijd terug. Daardoor moet de dokter niet telkens opnieuw de normale gegevens uitleggen. Hij moet enkel vb. “standaardprotocol 1” uitspreken. Abnormaliteiten moet hij dan wel uitgebreid uitleggen en uitspreken.

L: Waar let u op als iemand aanneemt voor de functie MMA?

RV: Eerst en vooral het “voorkomen”. Niet dat het daarom de knapste moet zijn maar we verwachten toch wel dat ze er verzorgd uitzien.

Daarnaast moet ze ook een goed taalgebruik hebben. Bij ons is het ook niet nodig dat ze super taalvaardig zijn. Een deftig en verzorgd taalgebruik.

L: Nu we toch over talen bezig zijn, welke talen moet een MMA kennen?

RV: Bij ons enkel Nederlands omdat wij een openbare instelling zijn. Een openbare instelling in het Vlaamse landsgedeelte moet naar buiten uit enkel Nederlands spreken en schrijven. Dat wil niet zeggen dat wij soms geen vreemde talen gebruiken. Maar het mag hier niet vereist worden.

L: Van de overheid uit dus?

RV: Ja inderdaad, de overheid zegt: alle openbare instellingen (ziekenhuizen, ministeries,…) in het Vlaamse landgedeelte spreken en schrijven Nederlands. En “mogen” geen andere talen gebruiken. Maar u begrijpt ook, meestal in de vakanties, er ook mensen met vreemde landen naar hier komen. Nederlands is niet de meest universele taal. Dus als er mensen zijn die een Duitse, Franse of Engelse brief willen, die talen, doen we toch ons best om het in die taal te schrijven. Ook de dokter kan hiermee rekening houden. Er zijn dan wel een aantal fouten in staan maar we doen natuurlijk ons best om zo weinig mogelijk fouten te maken.

L: Als je dan iemand moet aannemen, hou je dat dan niet in het achterhoofd.

RV: nee eigenlijk niet nee. We hebben bvb. wel iemand die toevallig, in het Waalse gewerkt heeft of iemand met opleiding Duits,… Maar dat is niet de reden waarom we hen hebben aangenomen. Op die manier zijn we in staat vrij goed te communiceren naar onze patiënten.

We verlangen enkel dat onze kandidaten de Nederlandse taal perfect beheersen. Zowel schrijven als spreken. … medische terminologie… Maar dankzij het internet en Google is dat veel verbeterd.

L: Zijn dat dan de Latijnse benamingen?

RV: Dat zijn de Latijnse en Griekse benamingen.

L: Er is verschillen tussen de Latijnse benamingen en de vernederlandste vormen. Moeten MMA beide kennen?

RV: In praktijk gebruiken de artsen vooral de Latijnse benamingen dus we verwachten van MMA dat zij de Latijnse benamingen kennen. (twaalfvingerige darm vs appendix)

L: Is fysiologie, anatomie belangrijk?

RV: Ja dat is belangrijk. Het is niet in die mate belangrijk dat bvb. de volledige werking kunt uitleggen van de dikke darm, dunne darm en alle enzymen die daarmee gepaard gaan. Dat hoeft niet. Je moet er wel al van gehoord hebben. Eigenlijk dus vooral de medisch terminologie beheersen.

L: Eigenlijk een goede basiskennis.

RV: Ja, je moet toch een inzicht hebben in waar welk orgaan ligt.

L: En pathologie?

RV: Pathologie ook.

L: En farmacologie?

RV: Ja, inderdaad. Maar die kan niet voldoende zijn als je van school komt want medicamenten kunnen 3 à 4 keer per jaar veranderen. Het is moeilijk om die kennis vanuit de opleiding mee te geven.

L: Misschien wel een basiskennis?

S: Of bvb. belangrijkste medicatie? Vb. dalfagan.

RV: Dat zijn zaken die je van thuis ook wel kent. Het is wel interessant dat je toch al ooit eens hebt gehoord van opeaten. Dit zijn producten die in de medicatie zitten.

L: Moeten ze bijvoorbeeld ook laboresultaten kunnen interpreteren?

RV: Nee, dat is de taak van de arts.

L: Of moeten ze kennis hebben over medische onderzoeksmethodes?

RV: Weten dat ze bestaan is positief. Maar eigenlijk ligt die taak vooral bij de dokter.

L: Dan zullen ze waarschijnlijk ook geen kennis moeten hebben van medische beeldvorming?

RV: Dat wordt niet verwacht. Er is een specifiek opleiding “medische beeldvorming” voor verpleegkundigen. Ze er zijn dus verpleegkundigen die daar in gespecialiseerd in zijn. Dat is ook verplicht voor de subsidiëring.

L: Als er dan kandidaten komen voor de job MMA, hoe gaat dat in zijn gang?

KP: Eerst worden alle kandidaturen gescreend door mezelf. Daarna plannen we afspraken in met de geschikte kandidaten. In de tweede ronden vraag ik aan mijn collega RV om er ook bij te zitten.

L: Waarom zijn bepaalde kandidaten meer bekwaam dan andere?

KP: Soms heeft het ook met ervaring te maken. Natuurlijk moet je ook kans geven met weinig ervaring. Daarvoor is de dienst Algemeen Medisch Secretariaat wel zeer interessant. Wij werken centraal, wij hebben een enorm gamma van diensten. Dat is niet gemakkelijk om aan te leren. Maar als je dat een paar jaar doorlopen hebt dan heb je toch wel een degelijke kennis. Het moeten vooral mensen zijn die bereid zijn om te bijleren.

RV: Ja, iemand die er zich voor inzet.

L: Dan spreken we eigenlijk al over de attitudes die een MMA moet bezitten.

RV: Zoals jullie hier nu zitten, dynamisch eigenlijk.

L: Gedreven?

RV: Maar niet overdreven hé.

KP: Ze moeten eigenlijk geïnteresseerd zijn om medische terminologie bij te leren.

S: Dus ook vooral graag doen eigenlijk.

RV: Wat bij ons dus wel een belangrijk punt is: typ je graag? Als je niet graag typt dat zal de job als medisch secretaresse niet voor jou zijn.

L: Hoeveel % van taken bestaat uit typen?

RV: 75 à 80%

L: Dus jullie verlangen dus van de kandidaten dat ze perfect blind kunnen typen

RV: Ja dat is een minimum vereiste. Dat is noodzakelijk. Ook een goede kennis van de terminologie. Een groepsgeest dat is ook belangrijk. Ook sociaal zijn.

L: Behalve contact in team, hebben ze dan ook contact met patiënten via onthaal?

RV: Het centraal medisch secretariaat is een afgesloten dienst. Er zijn mensen die zich daar toe geroepen voelen. Er zijn andere die zeggen van "ik heb dat niet gestudeerd, ik zou graag contact hebben met patiënten." En dan is radiologie geschikter.

L: Welke kennis moeten ze hebben op vlak van ICT?

RV: Word!

L: Excel?

RV: Positief als je dat kan. Het is een meerwaarde maar echt niet noodzakelijk. Alleen ik iemand anders gebruiken Excel. We moeten enkel een aantal gegevens aanvullen (vb. wachtlijsten) in een vooraf opgesteld sjabloon.

L: Werken jullie met specifiek software? Vb. Sint-Lucas – MedLuc

RV: Ja zeker, we hebben Meddos (medisch dossier). Dat is een programma oorspronkelijk ontworpen voor openbare diensten van Brugge. Het programma is zeer uitgebreid. Waar uit bestaat dat? Al onze patiënt hebben een medisch dossier. Het medisch dossier bestaat uit alle onderzoeken die hier gedaan zijn. Ook de gegevens van de patiënten zitten in dit dossier (adres, contactgegevens, huisarts, gegevens van huisarts,…). Ook de volledige historiek van de patiënt zit daar in.

L: Het programma wordt dus enkel in Brugge en hier in Jan-Palfijn gebruikt?

RV: Ja, maar ook privé-artsen hebben het al. Oorspronkelijk was het programma enkel voor de openbare diensten. Onlangs is een onderzoek geweest en daaruit kwam Meddos al beste programma. Het is dus zeer gebruikvriendelijk.

Dus wat zit er dan in? Alle labonderzoeken, alle ct-, RX scans,…

L: Het is dus een programma dat gemakkelijk kan aangeleerd worden?

RV: Ja inderdaad, eens men het 1 keer heeft voorgedaan dan is men er snel mee weg.

L: Is dat iets dat we vanuit de opleiding kunnen aanleren?

RV: Nee, ik denk het niet. Het is niet nodig. De brieven worden ook automatisch in het programma aangemaakt die naar de artsen moeten verstuurd worden. De brief verschijnt in MS Word met het logo van Jan-Palfijn en de medisch secretaresse moeten slechts enkele gegevens aanpassen. Het zijn een soort sjablonen die gelinkt worden aan het dossier. De brieven worden ook automatisch gesaved in het dossier.

L: Moeten een MMA’er ook kennis hebben van sociaal recht (vb. RSZ)?

RV: Op onze dienst niet. Dat is vooral voor MKG, MVG, RZG,…

L: Dat wordt nu niet in de opleidingen gestoken. Ook in Medical Management Assistent wordt dat ingestoken die rechten enzo.


S: Bijvoorbeeld formaliteiten naar mutualiteiten toe. Ik denk dat dat daar ook bij hoort.

RV: Inderdaad, de dienst centraal Medisch Secretariaat en radiologie heeft men dat niet nodig.

In ziekenhuizen is alles gescheiden: boekhouding, facturatie, medisch secretariaat,… In kleiner ziekenhuis of in groepspraktijk gaat de MMA alles moeten kennen. Het werk zal ook meer divers zijn.

S: Hier gebeurt alles apart…

RV: Ja, zodanig dat de mensen die hier werken zijn meer gespecialiseerd in hun taken.

L: Een totaal andere vraag: zijn er veel kandidaten voor de functie?

KP: Meestal hebben we heel wat kandidaten. Wel, wij zijn gebonden aan een aantal voorwaarden. Zo heeft elke functie zijn bepaalde diploma voorwaarde. Er zijn dus ook heel wat mensen die solliciteren voor de job die niet aan die voorwaarde voldoen. Mensen met een administratieve achtergrond krijgen wij ook over de vloer.

L: Jullie verlangen een A1 niveau van een MMA?

KP: Ja, inderdaad. En ook mensen met effectief het diploma MMA of medisch secretaresse.

RV: Je voelt meteen ook het verschil. Er bestaat ook een richting aan de humaniora, een soort 7de jaar met medisch sociaal recht? Die tijd is te kort om die mensen voldoende op te leiden. Hun kennis is te beperkt om hen op korte termijn al te laten presteren.

L: U zei daarnet dat medisch secretaresses leergierig en gemotiveerd moeten zijn. Zijn er nog andere attitudes die belangrijk zijn voor de job goed te kunnen uitoefenen?

RV: Discreet! Zowel voor informatie over patiënten als ook andere gevoelige informatie van collega’s en artsen. Niemand zou tenslotte willen dat zijn diagnose of sociale problemen op straat wordt gegooid. Of informatie over gegevens van iemand die je toevallig zou kennen maar dat komt weinig voor.

L: Voor de radiologie is er dan medisch secretaresses die de patiënten onthalen. Zij hebben dus veel sociaal contact. Ik veronderstel dat er op dat vlak toch ook een aantal vereisten zijn.

RV: Die persoon moet een verzorgd voorkomen hebben. Ook geduldig zijn. Die zich dus kan bedwingen als de stoppen bij de patiënten doorslaan.

L: Ja, ok.

KP: Dat loopt niet altijd even vlot. Je moet je een beetje kunnen behelpen denk ik.

RV: Geduld.

KP: Geduld, ja.

L: Ok. Ja, ze moeten goed kunnen communiceren naar de patiënt. In team kunnen werken. Dan meer...

RV: Ja, maar ook op radiologie. Daar zit je ook met een team en als er iemand plots... En we zitten er ook met verscheidene groepen die werken dus er moet iemand... Ge kunt niet werken van half 8 's morgens tot 6 uur 's avonds. Dan heb je teveel uren. Dus er is iemand bij die om half 8 begint. Er zit iemand bij die tot 6 uur blijft en dan zit er nog een groep bij die onder de middag blijven. Als er iemand uitvalt van... 's Morgens vroeg kan je dat niet weten als je hier niet komt die nacht. Maar als er iemand uitvalt die tot 6 uur moest werken door omstandigheden, ziek of niet goed zijn, niet kan komen. Ja, dan moet je wel bereid zijn om direct in te springen. Dus...

L: Flexibiliteit.

RV: Flexibiliteit. Ja. En ook een beetje ja...

L: Ja, ja. Ok.

S: Maar waarschijnlijk ook veel in het weekend of af en toe in het weekend?

RV: Enkel zaterdagvoormiddag.

L: Ok. Ja, inderdaad. Personen met die job die gaan al waarschijnlijk ook met multiculturele mensen, mensen met multiculturele achtergrond. Bijvoorbeeld, ja, vluchtelingen, analfabeten,...

RV: Ja, ja. Het is een pluralistisch ziekenhuis. Een pluralistisch ziekenhuis dat betekent dat het ziekenhuis verplicht is van iedereen die zich aanmeldt, de eerste nodige zorgen toe te dienen. Hier mag geen patiënt geweigerd worden terwijl in een zelfstandig ziekenhuis, een privé ziekenhuis, mogen zij mensen weigeren waarvan... Ze moeten ze de eerste zorgen ook toedienen, maar verdere verzorging mogen zij weigeren en naar hier sturen. Ze mogen ze weigeren op basis van het feit dat ze weten dat ze nooit aan hun geld gaan geraken. Dat kan hier niet. Als we hier niet aan ons geld geraken dan krijgen zij dat betaald van het OCMW van Gent en het OCMW van Gent moet het geld terugvorderen van de gemeente waarin die patiënt woont. Het OCMW van de gemeente waarin... Dus dat mag niet. Hier is, pluralistisch betekent dat iedereen gelijk is voor de wet, als ik mag zeggen, of dat hij zwart, geel, bruin, groen, gelijk van kleur, even welke kleur, even welke taal, eender welke godsdienstovertuiging. Dat mag geen rol spelen. Arm, rijk mag geen rol spelen. Iedereen is gelijk en iedereen heeft recht op verzorging.

L: Ja, ok. Mooie visie.

RV: Wablieft?

L: Mooie visie.

RV: Ja, het is daarvoor dat die mannekes ook staan. Dus in het logo van Jan Palfijn.

L: Vertel dat straks een keer op het einde.

RV: Kijk, op de computer staat het. Jan Palfijn waar die 3 mannekes staan. En die 3 mannekes staan elk voor een principe. En eigenlijk betekent dat het pluralistische.

L: Ja, dan nog een ander vraagje. Moet een Medical Management Assistent ook andere medewerkers die bijvoorbeeld A2 niveau hebben kunnen coachen?

RV: Nee, nee. In principe kunnen die niet werken... Ja.

L: Ja, ok. En ja, er zijn al Nederlandse ziekenhuizen die werken met Medical Management Assistent die ook triage doen. Die als een persoon binnenkomt, de patiënt, en die dan kunnen zeggen van "Ja, dat is niet dringend. Dat is totaal dringend."

RV: Nee, nee, nee. Dat mag niet. Zelfs... Allé ja. Nee. Ja, verpleegkundige hoofden deden dat soms, maar wel altijd toch wel in samenspraak met de arts. Bijvoorbeeld op oftalmologie zie je een patiënt met een rood oog. Wordt altijd dringend genomen. Dat wordt altijd voorgenomen zonder afspraak.

L: Maar zou dat bijvoorbeeld op radiologie niet interessant zijn dat zij dat kunnen? Of zijn dat echt mensen die een afspraak hebben en die...

RV: En ja, de spoed die gaat voor. Als mensen die van accidenten of... Accidenten kunnen ook arbeidsongevallen zijn. Dat is niet altijd accidenten op straat of zulke zaken of mensen die op spoed binnengebracht worden die...

L: Ik veronderstel dat er ook dat er op de spoed iemand is die de telefonie doet, die het onthaal doet, die dan de eerste...

RV: Dat wordt door verpleegkundigen gedaan hoor. Ja.

KP: Daar zit geen medische secretaresse.

RV: Nee. Nee.

L: Wij vragen ons af of dat dat er niet op termijn kan naar evolueren. Dat is natuurlijk wel...

RV: Dan moet je eigenlijk een hele grote spoedopname hebben. Een spoedarts werkt 24 uur op 24. Dan ga je die mensen ook 24 uur op 24 uur moeten laten werken. En dan moet je daar ook nog wel werk... Want je mag niet... Het kostenplaatje mag je ook niet onderschatten. Dus als gij een verpleegkundige laat telefoons opnemen dan kan die nog andere zaken doen waarmee de secretaresse de telefoons en ja, administratief werk. Maar 's nachts administratief werk. Dat is wel kostelijk.

L: Ja.

RV: Dat kost teveel geld.



L: Ja, ja. Jammer.

RV: Daar zit je ook altijd mee. Ge kunt 24 uur werk verrichten als medische secretaresse. Maar buiten de normale uren werken dat kost geld aan het ziekenhuis. Dus dat gaat ...

KP: En ik denk ook medische achtergrond. Triage gaan doen,...

L: Ja, ze willen natuurlijk, Artevelde, zoveel mogelijk de kennis bijbrengen. Gaat nooit evenwaardig zijn aan een verpleegkundige. Maar ja, we zouden er toch misschien op termijn eventueel een aantal technische handelingen aanleren. Zo bloedafname of ja urinetesten of ja zwangerschapstesten. Zo van die dingen.

RV: Zwangerschapstesten, als ge dat dat op medisch vlak doet dan is het best dat je bloed prikt. Dat is de... In een ziekenhuis of bij een arts prikt ge bloed. Dan worden daar ook nog waarden bij vermeld waarover je dan denk ik als je geen arts bent toch niet kunt oordelen. Gelijk die AVG waarden enzo. Vanaf wanneer is dat zwanger, vanaf wanneer is dat niet? Is dat zeker? Moet dat herhaald worden? Moet daar controle uitgevoerd worden?

L: Gewoon een aantal technische handelingen zoals bloed prikken. Dat kan op zich wel nog gemakkelijk zijn dat de medische secretaressen dat...

RV: In een ziekenhuis zijn daar laboranten voor. Dat kan in een privé praktijk. Maar dan gaan die artsen dat wel aanleren. Dus als je in een privé praktijk gaat, vanaf het ogenblik dat ...Het zijn meer specialisten die medische secretaresse aanwerven. Ja, ja. Een huisarts, de groepspraktijken misschien en dat gaat diegene die daar is ook wel zien als daar iets dringend binnenkomt of niet. Dat zij dat als mens kun je ook al wat. Als mens kun je ook al zien is er iets dringend of niet. Je weet ook dat als iemand zware pijn heeft hier toekomt en ja, dat daar dringend een arts moet bijgeroepen worden. Dat dat niet voldoende is van een verpleegkundige daarbij te roepen. Dat weet u hier op spoedopname ook. Dat zijn zo van die zaken die je uit ervaring toch wel kent.

L: Ja. Dus ik denk dan dat dat eigenlijk de, hoe moet ik dat zeggen, dat het Jan Palfijn eerder gericht zijn administratief.

RV: Ja, ja. Maar ik denk dat dat wel meer... op de meeste plaatsen zo is.

L: Dat uittypen van die protocollen?

RV: Ja, nu wat ik wel weet dat is dat er specialisten zijn die thuis een medische secretaresse hebben en geen... en een aantal handelingen aanleert. Zo gasten die bloed prikken, gipsen afdoen, dat kan perfect. Vroeger hielpen wij onze dienst heelkunde en daar heb ik dikwijls helpen gipsen afdoen. Maar als je een beetje open bent en ge wilt leren en ge wilt iets kunnen, dan kun je dat. Als je dat een beetje bekeken hebt.

L: Wat zijn die namen van die specialisten of...

RV: Ik kan geen namen geven. Nee, nee. Ja en nee.

L: Je kan achteraf altijd een mailtje sturen ook als je het niet direct nog weet. Maar dat zou voor ons wel interessant zijn.

RV: Ja, ok.

L: Behalve dat typwerk, wat zijn dan nog zo de administratieve taken? Ik zeg maar het klassement ofzo.

RV: Klassement dat is...

L: Alles is geïnformatiseerd dan.

RV: Ja, er wordt zoveel mogelijk geïnformatiseerd en daar wordt het eigenlijk door het programma zelf geklasseerd. Je hebt zo'n dossier van de patiënt dat bestaat uit een rij omgekeerde geboortedata. En achteraan staat daar de cijfertjes bij van 0. 5 staat voor vrouw, 0 staat voor man. En daartussen zijn 3 unieke cijfers. En die worden aangemaakt door de computer zelf.

L: Ja.


RV: En daar is een resultaat voor uitgerekend. Het is... De kans dat daar dezelfde patiënt met zelfde nummer inzit, dat is minimaal zodanig dat dat praktisch niet kan voorkomen. Dus dat dezelfde vrouw met dezelfde geboortedatum en dan nog keer die 9 cijfers in het midden hetzelfde hebben, dat is bijna onmogelijk.

L: Ja, ok.

RV: En dan moet je als je de geboortedatum van de patiënt weet dan kan je direct zijn dossier uithalen. En alles zit daarin. Schoon genoteerd.

L: Moeten ze ook gegevens kunnen verwerken?

RV: Ja.

L: De namen?

RV: Ja, ja, ja.

L: Correspondentie?

RV: Ja. Er wordt wel nog geklasseerd hier, papieren dossiers, maar dat gebeurt niet door medische secretaressen. Dat gebeurt door onze medische secretarissen. Want we hebben hier medische secretarissen ook. Dat gebeurt door mensen die geen opleiding, administratieve opleiding gekregen hebben of gewoon de humaniora gedaan hebben. Omdat daarvoor zijn geen... Daarvoor is geen vereiste van kennis of terminologie ofzo nodig. Die mensen moeten ook discreet en zeer discreet zijn, maar ik denk dat dat gewoon in andere firma's ook nodig is. Dat je discreet zijt.

L: Ja, ja.

RV: Als in een firma aan een project gewerkt wordt, in dat project dan kan je dat ook niet op straat gooien.
L: Ik merk eigenlijk dat je eigenlijk vrij tevreden bent van iemand met dat diploma Medical Management.

RV: Ja, ja. Zij voldoet aan de eisen. Ja.

L: Ik denk dat... Ik heb nog niet echt tekorten of...

RV: En mensen die dat volgen die weten ook precies wel wat zij... precies wat zij willen. Zij weten ook dat je in de medische wereld terecht komt en dat je ook niet kunt...geen avontuur zoals iemand die in de winkel staat in de Veldstraat bijvoorbeeld. Niet dat ik die mensen misprijs of minder acht, maar het is anders hé.

L: Ja, ja. Ok. De toekomst van iemand met dat diploma. Hebben jullie daar een beeld over?

RV: Ik denk dat dat vooral gegevens verwerken zal zijn en dat dat meer aan de orde komt. Ja. Ja.

L: Wat bedoel je? Kan je dat uitleggen precies wat je hiermee bedoelt.

RV: Meer hoe dat je... Wacht hé. Hoe moet ik het gaan zeggen. Dus dat gaat in een medische dossier af. Bijvoorbeeld de arts vult zelf in de voorgeschiedenis van die patiënt en hij vult dat in. Dan doet hij zijn klinisch onderzoek. Dat betekent een onderzoek waarvoor geen instrumenten voor nodig zijn. Wat hij kan doen? Hij kijkt in uw ogen, hij ausculteert u enzovoort en hij schrijft daar zijn bevindingen in op. Dan laat hij andere onderzoeken doen. Die onderzoeken zitten ook allemaal op verschillende plaatsen in dat medisch dossier. Ik denk naar de toekomst toe... Een medische secretaresse gaat moeten kunnen al die gegevens samen in één brief onderbrengen. Een beetje in zinvorm zetten. En uiteindelijk dat alleen de dokter nog gaat zijn resultaat bespreken, inspreken en dat dan aanvullen. Dus dat het een beetje anders gaat zijn dan nu waarin dat hij nu een ganse brief gewoon dicteert. En dat je alleen maar in te typen hebt wat hij zegt.

L: Een soort verslag?

RV: Ja, een verslag opmaken en langs de andere kant... Een verslag maken aan de hand van gegevens die op het scherm ter plaatse moet gaan uithalen.

L: Ja, dat systeem. De belangrijkste elementen filteren.

RV: Ja, dat denk ik. Ja. En aanvullen waar... Een bespreking van de dokter als dat nodig is een besluit van de dokter en de therapie.

L: Ja, ja, ja. Ok. Goed. Dan een iets delicatere vraag. Op vlak van verloning. Kun jij daar ons een beeld over geven van iemand...

KP: De verloning van een A1. Ja, ik ben niet zeker. Ik ga het weten... Dat wordt gewoon naar een A1 diploma verloond. Dat zijn vaste barema's.

RV: Officiële barema's.

L: Ik heb al gehoord van 1.41, 1.44

KP: Ja, iemand met een A1 komt dan natuurlijk in een B terecht.

RV: Een B schaal.

KP: Ja, maar ik ga u dat dan op mail zetten. Want ik weet dat ook niet allemaal juist. Ik heb er geen idee van hoeveel zo iemand verdient.

RV: Ik vind de verloning eigenlijk niet slecht. Je moet ook zien wat je ervoor moet voor doen.

L: En kun je mij daar nu een bedrag op kleven of...

KP: Goh, ik denk dat als je als bachelor start met nul jaar anciënniteit...

L: Netto of bruto?

KP: Ik ga een wilde gok doen. Ik denk bruto toch op een 2300 start denk ik.


RV: Ik denk dat je netto 1400, meer dan 1500 dan start. Natuurlijk daar komt bij met de jaren. En redelijk veel. Dat vind ik toch.

KP: Het is de anciënniteit en de schaal. Dat is een weegschaal en dat gaat altijd een trap omhoog. Ik weet niet... ik denk dat per twee of per drie jaar is dat dat omhoog schuift.

RV: Zeker per 2 jaar.

KP: Zeker per 2 jaar.

RV: En ik denk aan 23 jaar dat je aan je maximum zit. Aan 23 jaar.

KP: Ja, ja.

RV: En dan maximum, dat zou nu netto 2100 zijn. Netto.

KP: Maximum.

RV: Ik mag hier geen kemels schieten. 2300, 2400 bruto.

L: Ja, ok.

KP: Maar ik zal ze u op mail zetten.

RV: Maar er zijn weinig mensen die solliciteren die naar hun wedde vragen. En die acheraf dan als ... en ook naar hun voorwaarden. Zo weinig zijn er ook niet. Dus ge werkt in 2 groepen nog altijd.

L: Is daar een verschil op?

RV: Nee, nee. Dat niet. Ik bedoel als medische secretaresse. Dus vroeger was dat ziekenhuis hier een OCMW en werden de mensen die kwamen werken benoemd. Achteraf is in het OCMW ook een aantal contractueel daar geworden. Met dezelfde voorwaarden eigenlijk als de statutaire maar de statutaire hebben een gunstiger pensioenregeling. En dan is Jan Palfijn ontstaan. Nee, een eigen statuut.

KP: Een eigen personeelsgroep.

RV: Een eigen Jan Palfijn statuut en dat is volledig privé gericht. Nu die wedde is niet slechter.

KP: Dat niet.

RV: Zeker niet. Nee, want vroeger... Het is zelfs iets meer.

KP: Ik weet het niet. Ik kan het niet zeggen.

RV: Iets meer, maar natuurlijk het pensioen is volledig naar privé gericht. Wat dat veel minder is. Mensen die solliciteren denken niet onmiddellijk aan hun pensioen of ze moeten van huis uit een beetje gepusheerd zijn. Maar dat komt achteraf heb ik al ondervonden. Dus ze tekenen hun contract, ze zijn een tijd in dienst en dan zeggen ze "ik heb minder verlof." Want ze hebben behoorlijk minder verlof diegene die nieuw binnenkomen. "ah, en hoe zit dat met die verloning en die verloning?" Als je solliciteert en vooraleer ge uw contract tekent, trouwens ge moogt dat meenemen naar huis, ge moogt dat thuis, ge moet lezen en aan mensen een idee vragen en dan pas zeggen "ja, ik ga dat contract ondertekenen of ik onderteken dat contract niet." En er zijn er bitterweinig die dat doen. En dan achteraf komen ze wel met vragen naar mij.

KP: Of bij ons.

RV: Of bij u waarschijnlijk. Ja, dus vooraleer je iets tekent, dat heeft nu niets met medische secretaresse te maken. (lacht) Dat is wat ik ondervind. Weet wat ge ondertekent. En aanvaard dan ook dat er mensen zijn die statutair zijn en dat dat nu niet meer kan. Ge stapt in totaal in iets anders.

L: Andere voorwaarden?

RV: Andere voorwaarden. Ja.

Liesbeth: En lees uw voorwaarden goed. Stel eventueel toch vragen als ge twijfels hebt vooraleer je daar zomaar uw handtekening zet.

L: En zouden jullie bereid zijn dat loon nog te verhogen of eigenlijk die...
RV: Daar hebben wij niets aan.

KP: Wij hebben daar niets op te zeggen

RV: Dat is dus een officieel barema. En daar kan niks aan veranderd worden.

KP: Nee. Het is niet gelijk in de privé waar je zegt dat de gesprekken in de onderhandeling zitten en die is goed in onderhandelen. Die kan een extra krijgen. Bij ons lukt dat niet. Dat is een barema. En dat is wat het is.

RV: Maar bijvoorbeeld. Ik heb 38 jaar dienst. Ik zou op een ander beginnen als verantwoordelijke. En ik zou mijn eisen stellen. Op eenzelfde manier ga ik niet gaan werken. Dat is een feit dat zeker is. Dat kan je in privé en als ge dan echt sterk zijt in iets dan kan je dat afdwingen. Als ze je echt nodig hebben. Maar hier gaat dat niet.

KP: Nee.


RV: Dat is de wedde en zo is het.

L: Dat is geen probleem. Dus die Medical Management Assistent die hebben... We hebben nog een paar extra vragen. Die hebben toegang tot medische protocollen?

RV: Ja, ja, ja.

L: Mogen ze die ook aanpassen?

RV: Nee, nee, nee. Want als je iets moet aanpassen dan moet je iedere keer uw wachtwoord ingeven zodanig dat achteraf...

L: ...na te gaan is?

RV: ...na te gaan is wie dat wat heeft aangepast. Ook vooraleer dat ge in Meddos gaat, in dat programma gaat, moet je uw gebruikersnaam en uw wachtwoord ingeven. En alle documenten, dat is allemaal terug te vinden, wie wat gedaan heeft, en om welk uur en tijd...

L: Eigenlijk is er wel de mogelijkheid om kleine aanpassingen te doen?

RV: Bijvoorbeeld ja. Maar dat is... Ik ga bijvoorbeeld geen protocollen van radiologie gaan veranderen, ook al zie ik daar een fout in staan. Dat is een protocol van iemand anders en daar kom ik niet aan. Ik kan dat wel veranderen als ik dat protocol nodig heb voor die brief van mij in te putten. Dus als ik dat verslag uit radiologie neem voor in die brief van mij en ik zie daar fouten in staan dan kan ik die fout wel verbeteren. Maar niet een protocol.

L: Ja, ok. Ik veronderstel dat ze dan ook niet echt een invloed hebben op de financiering, financiële middelen van...


RV: Wij bekostigen.

L: Wablieft?

RV: Wij kosten. (lachen) Ik bedoel... Wij zijn geen dienst die...

KP: Wij brengen niets op. Ik zal het zo zeggen.

RV: Voila. Ja.

KP: Wat bedoel je met financieren van het ziekenhuis?

L: Of ze daar ook invloed op hebben? Zo bedoel ik het.

RV: Wie?


KP: Nee.

RV: Wij zijn een kostenplaatje. Maar onrechtstreeks moet dat geld wel opbrengen naar ...

KP: Dat gebeurt dan door de mensen van MZG, MVG en MKG. Ze staat voor minimale ziekenhuis gegevens, minimale klinische gegevens en minimale verpleegkundige gegevens. Er zijn zo bepaalde periodes in het jaar en zeker...

RV: MKG is altijd.

KP: Dat de eigenlijke dossiers gescoord worden naar de handelingen en de onderzoeken die gedaan worden. En op basis van die scoring...

RV: Daar kunnen ook medische secretaresse tewerkgesteld worden, maar momenteel werkt er één op MKG.

KP: Ja, ja.

L: Ik denk dat dat voor ons ook wel interessant kan zijn om met die mensen te praten ook. We zullen straks nog zien.

KP: Ik weet dat niet. Ik zal anders...

RV: Dat is eigenlijk een dienst MKG waar dat je, MZG denk ik niet dat dat gaat als medische secretaresse, dat weet ik niet. Daar ben ik niet van op de hoogte. Maar MKG dat gaat wel als medische secretaresse. Daarvoor moet je een opleiding hebben. Moet je geen brieven kunnen typen, sociaal moet je zijn naar uw dienst toe maar daarbuiten niet want je hebt met niemand geen contact. Ge zit volledig afgesloten nog meer dan in de centrale medische secretariaat. Terminologie is noodzakelijk, maar daar heb je een opleiding van ongeveer een jaar voor nodig vooraleer dat je kan opbrengen. Ik heb een dochter die verantwoordelijke is voor MZG en MZG is een overkoepelend MKG, MVG en daar moet je echt lang inzitten vooraleer dat je kunt productief zijn. Die coderen dus in een ziekenhuis...

L: Dat ging ik nog vragen op vlak van kennis van codeertaal of...

RV: Wel, dat kan je niet leren op school. Dat kan niet.

KP: Nee, want alle mensen die daar starten moet een extra cursus volgen.

RV: Ja.


S: En er worden wel/niet extra cursussen voorzien?

RV: Nee, nee, nee. In Leuven is dat meestal. Cursussen daarover worden in Leuven gegeven. Dat is iets dat je graag moet doen. En discretie, dat is vooral belangrijk. Daar kom je nog echt met alles in contact.

L: Mensen van jullie die moeten niets van codeertaal kennen.

RV: Ja. Wij? Nee.

L: En op radiologie?

RV: En ook niet op radiologie.

L: Ja, ok.

RV: Radiologie doet wel facturatie. Dat is ook intern dat dat moet gegeven worden. MKG, MVG MZG moet ook intern ... krijgen. Want dat is een dienst die heel belangrijk is voor het ziekenhuis omdat zij langs die weg geld creëren van het ministerie van volksgezondheid. Dus per patiënt die opgenomen wordt, wordt een diagnose opgesteld en daarnaast zoveel mogelijk nevendiagnosen. Ik ga een voorbeeld geven. Je komt binnen met een gebroken been, maar je hebt ook een verhoogde bloeddruk, je hebt diabetes. Erg hé. (lachen)

L: Dus hoe meer...

RV: En je hebt cholesterol en dus hoe meer nevendiagnosen dat je stelt, hoe meer subsidies dat je kunt krijgen voor het verblijven van een patiënt.

Liesbeth: Ja.

RV: Hetzelfde met die verpleegkundige arts. Als je verpleegkundige artsen die worden aangesteld. Hoe meer verpleegkundige artsen dat je kunt opgeven, hoe meer dat je subsidies krijgt. Dus voor de dienst is dat financieel het belangrijkste.


L: Daar kunnen we misschien ook een keer een afspraak mee maken.

RV: Een belangrijke dienst voor het ziekenhuis. En die brengt het meeste op.

L: Ja, ok. (lachen) En dan nog een klein slotvraagje. Moeten ze fysische eigenschappen hebben? Ik veronderstel van niet. Bijvoorbeeld kunnen heffen van zware lasten ofzo.

RV: Nee, dat niet.

L: Het zijn meer verpleegkundigen die eerder...

RV: Ja.


KP: En de klachten die dan...

RV: Wel nu, ge moogt wel niet onderschatten. Een ganse dag op een stoel zitten. Mensen met rugklachten is ook niet evident. (lachen) Wij hebben wel goede stoelen. (lachen)

KP: Het is een ganse dag zitten.

RV: Je mag dat ook niet onderschatten. Iemand die graag beweegt gaat daar niet moeten gaan.

L: Ja dan denk ik dat we alle vraagjes...
Bron: PONSAERTS (K.) EN VAN LANGENHOVE (R.), bedrijfspsychologe en vertrouwenspersoon Jan Palfijn, geïnterviewd te Gent, 28/03/2011.

1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   17


Dovnload 0.57 Mb.