Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Bakken vol ellende

Dovnload 25.5 Kb.

Bakken vol ellende



Datum24.07.2017
Grootte25.5 Kb.

Dovnload 25.5 Kb.

(intro)

Voor de buitenwacht kan Raad voor de Kinderbescherming het nooit goed doen. Of hij grijpt te laat in, of hij is de boeman omdat hij kinderen en ouders uit elkaar rukt. De werkelijkheid is complexer. Hoe de kinderbescherming de beste oplossing voor het kind zoekt.


BAKKEN VOL ELLENDE
(Door Monique de Knegt)

(GPD) - In de wachtkamer op de gang zit een slank, in zwart gekleed meisje. De kleding is versierd met doodshoofden. Littekens van messneden en sigarettenpeuken op haar armen. Shyama (15) is van huis weggelopen. Toen de politie haar vond, weigerde ze hulp. Een nachtje in de cel zou haar wel op andere gedachten brengen, dachten ze bij de Raad voor de

Kinderbescherming. En nu zegt Shyama inderdaad wel hulp te willen.

Raadsonderzoeker Ingrid Molenaar wil crisisopvang voor haar. Want Shyama drinkt, blowt, spijbelt, loopt weg, steelt in de supermarkt en speelt met messen. Thuis heeft ze veel ruzie met haar moeder. Haar vader woont in Suriname en haar oudere zus heeft eerder de wijk genomen naar oma. ,,Gaan we een voorlopige ondertoezichtstelling vragen bij de rechter?'', vraagt Molenaar aan de teamleider. ,,We gaan het proberen.'' De gedragsdeskundige draagt nog wat bouwstenen aan om de maatregel te bemachtigen. ,,Het kind is zowel depressief als agressief, er is een kans op zelfmoord op vijftienjarige leeftijd.''

Molenaar tikt het verzoek uit, de teamleider zet een handtekening; nog diezelfde dag geeft de kinderrechter een voorlopige ondertoezichtstelling af en krijgt een gezinsvoogd mede het gezag over Shyama. Het meisje wordt naar een opvanghuis gebracht waar wonderwel voor zes weken plaats is. Iedereen lijkt opgelucht. Hoe vaak moeten ze niet leuren met kinderen? Het halve land afbellen voor een plekje, of genoegen nemen met een noodbed waar iemand maar een nacht mag blijven? Eén keer is er zelfs een kind mee naar huis genomen. Dat kan en

mag niet. Maar wat moet je als iedereen 'nee' verkoopt?

Shyama is in ieder geval onderdak. De Raadsonderzoeker heeft nu drie maanden de tijd om de rechter gedegen te adviseren over een ondertoezichtstelling voor langere tijd. Daarvoor zal ze gaan praten met de school, de moeder, de zus en mogelijke hulpverleners. Haar bevindingen worden tussentijds steeds besproken met de teamleider en gedragskundige.
***
Helaas, de rust is van korte duur. Shyama ontpopt zich in het opvanghuis al snel als de leider van de groep en jaagt met griezelige verhalen iedereen de gordijnen in. Ze vertelt dat ze bij een duivelssekte heeft gezeten, dieren heeft geofferd en in haar arm met een mes de naam van haar band heeft gekerfd. Het opvanghuis is haar zat en vraagt de gezinsvoogd het meisje te komen ophalen. Maar dan is Shyama al gevlogen: naar haar vriendje Jim, ook vijftien jaar. Samen gaan ze er met een scooter en pistool vandoor. ,,We zullen je omleggen'', schrijven ze op een papiertje aan moeder. Die doet aangifte bij de politie en belt de Kinderbescherming. Daar ligt het dossier van Jim al op de stapel kinderleed om te worden behandeld. Jeugdzorg had op aandringen van moeder ook al aan de bel getrokken. Zij wil graag hulp, want het gaat niet goed met haar zoon. Jim spijbelt, blowt de godganse dag, slikt pillen, is agressief, brutaal. Zijn moeder kan hem niet meer in de hand houden. Vader is niet meer in beeld. Moeder is voor de derde keer gescheiden. Een zusje van Jim is overleden toen ze nog geen jaar oud was. Kort daarna werd Jim geboren. Moeder was niet in staat van hem te houden uit angst hem te verliezen. ,,Een bak vol ellende'', verzucht de raadsonderzoeker. Het dossier van Jim wordt versneld ter hand genomen. Voor Shyama wordt bij de rechter om een machtiging gevraagd voor een plek in een gesloten inrichting, want anders is ze via de achterdeur weer verdwenen. Haar moeder is het er volledig mee eens. De aanvraag lijkt een beetje laat, maar een gesloten

inrichting is het zwaarste middel. Een rechter geeft daarvoor alleen een machtiging als blijkt dat eerdere hulp geen zin heeft gehad. Vraag is of er plek zal zijn. Als er plaats is, moet Shyama binnen 24 uur worden gevonden. Anders gaat de plek naar een ander. Tot die tijd zwerven Shyama en Jim ergens op straat. Met gevaar voor diefstal, roof en prostitutie. De politie heeft beloofd naar het tweetal uit te kijken.


***
In de kamer van Raadsonderzoeker Seretha Riemersma zitten zowaar Veronique en haar moeder en stiefvader. Talloze malen is het gezin door de Raad benaderd voor een gesprek. ,,Wat er allemaal niet is verdwenen aan post in die portiekwoning! Het ging altijd mis met de brievenbus'', lacht moeder. En natuurlijk kon er niemand opendoen voor de Raad of wijkagent. Ze waren net verhuisd, voor de tiende keer in negen jaar. Moeder zet grote verbaasde ogen op als haar wordt voorgehouden dat Veronique volgens de leerplichtambtenaar vorig schooljaar hele maanden niet op school is verschenen. Dat moet een misverstand zijn! Stiefvader zwijgt onderuitgezakt. Veronique zit erbij en kijkt ernaar. Spijkerbroek, coltrui en het haar kortgeknipt, met de kamstreken er nog in. ,,Ik begrijp er niets

van'', zegt moeder. ,,Wij brachten en haalden haar altijd naar en van school. Ze was hooguit een of twee dagen in de maand ziek vanwege zware menstruatie. Het loopt er dan gewoon door. Ze moet steeds schoon ondergoed aan doen.''

Sinds september zit Veronique inderdaad niet op school, erkent moeder, maar dat heeft alles te maken met de speciale middelbare school die haar heeft geweigerd, omdat de basisschool een reguliere VMBO-school heeft geadviseerd. En dat wil moeder niet. ,,Een gewone school is niet goed voor Veronique. Ze kan het leerniveau wel aan, maar ze heeft een leeftijdsachterstand. Dat zie ik gewoon als ze speelt met andere kinderen.'' Veronique zou voor een speciale middelbare school opnieuw getest moeten worden en dat vond moeder ,,te lang duren''. Maar nu zit het kind al maanden thuis. ,,Help me maar dat ze op school komt. Ik heb het ook liever vandaag dan morgen'', zegt moeder.

Raadsonderzoeker Riemersma legt het gezin uit dat ze de ongerijmdheden over het schoolverzuim zal onderzoeken, omdat er ergens iets niet klopt. Ze rept nog niet over het verleden, toen Veronique opgenomen is geweest bij pleegouders. Het was kort na de geboorte, er waren financiële problemen en wisselende verblijfplaatsen. Moeder begint zelf over haar ,,hele nare ervaringen'' bij de kinderbescherming. ,,Ik had destijds een gewone man-vrouw discussie met mijn man waar we zouden gaan wonen. Daarna las ik in het rapport van de Raad terug dat ik een hoog oplopende ruzie had met mijn echtgenoot. Het kind moest

daardoor naar een observatiekliniek in Hilversum. Ik ben dus heel wantrouwend naar de kinderbescherming! Niets tegen u, maar dat blijft je je leven bij. De eerste de beste die nu probeert m'n kind weg te halen...''

Als Riemersma vraagt of moeder een papier wil lezen en tekenen waarin staat dat de Raad informatie mag inwinnen bij huisarts of familie, komen de emoties los. ,,Ik wil absoluut niet dat er contact met de vader wordt opgenomen.'' Stiefvader veert op. ,,Als jullie dat doen, trek ik godverdomme m'n handen terug! En als jullie gaan informeren terwijl ik hier ben, kun je de

politie en ambulance bellen! Toen hij zijn kind mocht zien wilde hij niet. Ik mag m'n eigen kind al tien jaar niet meer zien!''

Moeder sust de boel en belooft nog de volgende dag naar de speciale middelbare school te gaan om haar dochter opnieuw aan te melden. Een rapport met het schoolkeuze-advies zal ze kopiëren en afgeven. Na enkele dagen belt raadsonderzoeker Riemersma de moeder, die opgewekt meldt dat ze de schooldirecteur heeft gesproken en Veronique heeft aangemeld. Als Riemersma de directie belt, weet die van niets. Ook is het beloofde rapport nog altijd niet door moeder bezorgd. Riemersma voelt zich belazerd. ,,Je geeft iemand het voordeel van de twijfel en dan krijg je dit.''

***
De twee weglopers Shyama en Jim blijken bij een alcoholist te verblijven. De politie is al twee keer aan de deur geweest, maar steeds als het tweetal het busje zag aankomen, vluchtten ze door de achterdeur. Shyama zegt over de telefoon best een gesprek te willen hebben met de gezinsvoogd, maar weigert te worden opgepakt door de politie. De gezinsvoogd wil over ruim

een week wel in gesprek gaan, maar alleen als het tweetal naar de Raad komt of het Bureau Jeugdzorg. Je moet laten zien wie er baas is, redeneert de voogd. Flauwekul, menen de raadsonderzoekers, die besluiten tot een afspraak met de jongeren in het park. Maar ze komen niet opdagen. Diezelfde dag worden ze door de politie aangehouden met een levensgroot mes in de boodschappentas.

Met de machtiging van de rechter kan Shyama nu eindelijk naar een gesloten inrichting worden gebracht. Maar er is geen plek. Tot verbijstering van de Raad moet de politie het gezochte tweetal laten gaan. De teamleider: ,,Dat betekent dat je de ergste categorie niet acuut kunt helpen. Dat is ernstig. Wij zijn de laatste trede op de ladder. Als je naar een gesloten kliniek vraagt, mag je eigenlijk geen nee horen. In zo'n zaak branden je handen om wat te doen. Maar wij zijn een onderzoeksinstelling met kortdurende contacten; we geven geen hulpverlening.''

De Raad voor de Kinderbescherming wordt ingeschakeld als eerdere hulp niet heeft geholpen. Bureau Jeugdzorg of het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling (AMK) vragen de Raad dan te onderzoeken wat kan worden gedaan.

Om tot een goed oordeel te komen over Shyama, voert raadsonderzoeker Molenaar een gesprek met de moeder. Ze wil voor de rechter zo'n compleet mogelijk beeld kunnen schetsen van de situatie thuis. De spreekkamer oogt gezellig met speelgoed in de hoek. Maar de alarmbalk onder tafel neemt elke gedachte van onschuld en vrijblijvendheid weg.

De moeder van Shyama gaat geen stennis maken. In alle rust vertelt de verpleegkundige haar verhaal. Dat haar dochter eerst op het Havo zat, maar is afgegleden naar het VMBO. Twee jaar geleden trok de school aan de bel, omdat het meisje na school rondzwierf en niet naar huis ging. ,,Ik heb mijn dagdiensten toen verruild voor nachtdiensten. Maar sindsdien gaat ze 's nachts op pad.'' Moeder heeft wiet gevonden op haar slaapkamer, zilverpapier en flessen alcohol onder het bed. Erover praten lukt niet. Het contact tussen moeder en Shyama is slecht. Met haar andere dochter heeft moeder al jaren geen contact meer.

,,Eigenlijk bent u nu uw beide dochters kwijt'', zegt Molenaar na een gesprek van een uur. ,,Dat is nogal wat''. Moeder knikt, speelt wat met de ring aan haar vinger maar lijkt verder onberoerd. Molenaar: ,,Gaat u niet aan uzelf twijfelen?'' Moeder: ,,Nee. Ik wil gewoon dat ze haar best doet, terug naar school gaat en alles oppakt. Gewoon wat bereiken in je leven als je zo pienter bent.'' Molenaar: ,,Houdt u van haar?'' Moeder: ,,Natuurlijk. Het is mijn kind.'' Er valt een lange stilte. Voor het eerst breekt er iets in de moeder en wist ze haar stille tranen met een sjaal.
***
Aan de koffie verzuchten raadsonderzoekers dat er donderdag een baby van goed tien maanden uit huis moet worden gehaald. Baby Anna woont bij oma, want moeder (32) is verslaafd, lijdt aan schizofrenie, borderline (persoonlijkheidsstoornis met stemmingswisselingen en de neiging tot verslavingen en zelfverwondingen) en verblijft in een psychiatrische inrichting. Toen ze nog bij het Leger des Heils was, liet ze zich ontvallen dat Anna niet goed zat bij haar oma en een verslaafde broer met aids. Het Leger des Heils schakelde het AMK in, en dat klopte aan bij de Raad voor de Kinderbescherming. Een psychiater die het gezin al acht jaar kent, werd om advies gevraagd. De psychiater acht oma niet in staat tot een goede opvoeding. Ze zou heel agressief omgaan met haar kinderen. Haar dochter liep op haar veertiende van huis en ging samenwonen met een drugsdealer. Niettemin komen de kinderen steeds weer terug naar haar. Het is volgens de psychiater een ziekelijk contact. De kinderen komen niet los van hun moeder, die nu met Anna weer macht kan uitoefenen over haar dochter. Die cyclus moet volgens de psychiater worden doorbroken. Baby Anna moet weg bij oma. Raadsonderzoeker Esther Wolters ziet er vreselijk tegenop. Dit is het werk waar de Kinderbescherming om berucht is, terwijl het jaarlijks misschien één keer voorkomt in een stad. Uit vrees voor verzet worden twee raadsonderzoekers begeleid door drie agenten in burger. Op de hoek wacht een agent en iets verderop staan twee politieauto’s. Oma doet open voor vijf mensen. ,,Ik heb niet zo'n goed nieuws'', zegt Wolters. Oma wacht niet af en roept verschrokken: ,,Ze komen Anna halen!''. De inwonende zoon wordt agressief en schreeuwt dat hij zijn aids tegen hen zal gebruiken. Er blijkt nog een andere zoon in huis. De politie stuurt de raadsonderzoekers naar buiten en halen Anna uit huis.

,,Het was rampzalig'', zegt Wolters. ,,De politie deed ons werk. Boven, links en rechts verschenen buren. Schandelijk dat jullie dit doen, zei een van hen. Als iemand goed voor dat kind zorgde, was zij het. Alle vooroordelen over de Raad werden in korte tijd bevestigd. Ik voelde me diep ongelukkig over deze situatie. Thuis had ik het koud, voelde me rillerig en had twijfels. De feitelijke verzorging van Anna leek goed. Het gaf een onbevredigend gevoel. Je gaat af op de prognose van een deskundige.''

De volgende dag krijgt oma in alle rust nog eens uitleg. Het gesprek sterkt Wolters in het besluit om baby Anna weg te halen. ,,Oma heeft het er alleen over dat háár feestdagen zijn verziekt. Geen vraag over Anna. Hoe het met haar gaat. Of ze haar speen wel heeft, of haar lievelingsknuffel.''
***
De weglopers Shyama en Jim hebben onderdak gevonden bij Jim's moeder. De begeleidende voogd is in geen tien dagen meer gezien. De Raad is verbijsterd en belt de voogd, die dezelfde dag nog langs gaat. Hij wil Shyama een tweede kans geven. Jim wacht een plek in een gesloten inrichting.

De Raad betreurt de hele gang van zaken. Er zit niets anders op dan de machtiging voor een gesloten plek voor Shyama in te trekken. Feitelijk vindt de kinderbescherming het nog steeds de beste plaats voor het meisje, maar het is juridisch niet haalbaar. Molenaar: ,,Een machtiging waar je twee maanden geen gebruik van maakt, wordt door iedere advocaat onderuit gehaald. Er is in die tijd vast ergens plek geweest, maar de voogd zat er niet bovenop.''


***
Twaalf dagen nadat baby Anna bij oma is weggehaald, is de rechtszitting waarop de Raad moet uitleggen waarom een tijdelijke ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing gerechtvaardigd was. Omdat de Raad de zaak zo klaar als een klontje vindt, wordt
meteen om een langdurige ondertoezichtstelling gevraagd. Op de gang zitten oma en moeder al een uur voor de zitting te wachten. Oma vitaal en scherp, moeder verdwaasd en opgezwollen van de medicijnen. Oma is woedend. ,,Ze hebben Anna van de ene op de andere dag met vier politieauto’s gehaald. De jeugdpolitie zei dat ze dit in 23 jaar niet hebben meegemaakt. En waarom? Op basis van een rapport van een psychiater die ik zes jaar geleden één keer heb gezien. Margot heeft wel eens negatieve dingen over de familie gezegd, maar toen was ze in de war, hè Margot?'' De dochter knikt. Ze is verdrietig. Ze vertelt dat Anna naar haar moeder is vernoemd. Meer kinderen zal ze niet krijgen, snift ze. ,,Ik ben gesteriliseerd.'' Oma kalmeert haar.

Dan begint de zitting. Moeder staat op en schuifelt met gebogen knieën de rechtszaal binnen. In haar voetspoor volgen een medewerker van de Raad en twee vrouwen van de voogdij-instelling. Na een kwartiertje komen alle partijen weer naar buiten. In tranen en hoofdschuddend. Oma en moeder zijn verdrietig dat Anna niet onmiddellijk naar huis komt. ,,Ze willen haar voorgoed afnemen''. De Raad en voogd zijn verbaasd over het vonnis van de

rechter, die slechts tot maart een OTS (ondertoezichtstelling) en uithuisplaatsing heeft uitgesproken. De rechter wil een nadere toelichting op de ongezonde relatie tussen moeder en dochter. Oma neemt ondertussen een advocaat om de uithuisplaatsing aan te vechten. En als haar kleinkind dan toch weg moet, kan ze dan niet naar een kindertehuis? ,,Ik wil niet dat het kind mamma zegt tegen die pleegmoeder. Ze heeft een moeder en dat is Margot.''

De Raad is doordrongen van de band tussen ouder en kind. Maar ze moet steeds weer afwegen wat belangrijker is: de affectieve band met moeder/vader of de ontwikkeling van het kind. ,,Je kunt moeder blijven zonder op te voeden. Dat is soms veel beter'', weet de gedragsdeskundige. De Raad is er zelden op uit het contact tussen ouders en kinderen geheel te verbreken. ,,Er gaan zelfs kinderen mee naar de gevangenis, op bezoek bij vader, de moordenaar van moeder.''


***
Zes weken nadat Anna uit huis is gehaald, mogen oma en moeder hun (klein)kind voor het eerst weer even zien. Anna wordt die dag 1 jaar.

Veronique gaat nog altijd niet naar school. Moeder beweert van wel, maar de school weet beter.

(De namen van de cliënten zijn vanwege privacy gefingeerd. Op verzoek van de medewerkers van de Raad zijn ook hun namen veranderd uit angst voor bedreigingen).

31 jan 03 GPD, MONIQUE DE KNEGT

(Nieuwsankeiler)
STEEDS MEER KINDEREN NAAR INRICHTING
(Door Monique de Knegt)

DEN HAAG (GPD) _ Steeds meer kinderen komen in een jeugdinrichting terecht omdat ze thuis onhandelbaar zijn of gevaar lopen in hun ontwikkeling. In twee jaar tijd is het aantal kinderen in jeugdinrichtingen met bijna twintig procent gestegen naar bijna 1300 in 2001.


Uit cijfers van het ministerie van justitie blijkt dat er ook nog een wachtlijst is van 160 kinderen, die soms wel een jaar op een plek moeten wachten. Zelfs voor crisisopvang voor meisjes bestaat een wachtlijst van 25 namen. Dat betekent dat meisjes die onmiddellijk moeten worden opgevangen omdat ze gevaar lopen (bijvoorbeeld als slachtoffer van seksueel misbruik), geen veilig onderkomen kan worden geboden.

Soms is de nood zo hoog, dat een kind door een medewerker van de Raad voor de Kinderbescherming mee naar huis wordt genomen, om te voorkomen dat het aan zijn lot wordt overgelaten. De raad moet regelmatig met kinderen leuren van het ene naar het andere 'noodbed'. Soms is er wel plaats, maar wordt die aan een ander vergeven doordat de voogdij-instelling die het gezag heeft gekregen, te laat reageert.

De Raad voor de Kinderbescherming is de laatste sport op de ladder van de jeugdhulpverlening. In een ideale situatie zouden daar zelden kinderen terecht moeten komen. Maar in werkelijkheid doet de raad jaarlijks 8000 onderzoeken naar kinderen die in de knel zitten en mogelijk een beschermende maatregel nodig hebben. Jaarlijks worden ongeveer 5000 kinderen op advies van de raad onder toezicht gesteld van een voogd. Ruim veertig procent van deze kinderen wordt daarbij uit huis geplaatst naar een pleeggezin of inrichting.

De Raad voor de Kinderbescherming vindt dat de privacy van ouders te veel wordt beschermd en dat de overheid meer bemoeienis met het kind moet krijgen. ,,Het gat tussen vrijwillige en gedwongen hulp is groot'', zegt woordvoerster L. Rijsdijk.



De raad omarmt het idee om bij het Bureau Jeugdzorg een gezinscoach te plaatsen, die onder drang bij gezinnen kan ingrijpen. Een opvoedcursus mag wat betreft de raad net zo vanzelfsprekend zijn als een kraampakket voor de bevalling.


Dovnload 25.5 Kb.