Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Begroting Veiligheid en Justitie

Dovnload 405.81 Kb.

Begroting Veiligheid en Justitie



Pagina1/13
Datum24.04.2017
Grootte405.81 Kb.

Dovnload 405.81 Kb.
  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   13

Begroting Veiligheid en Justitie


Aan de orde is de behandeling van:

  • het wetsvoorstel Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Veiligheid en Justitie (VI) voor het jaar 2015 (34000-VI).

De voorzitter:


Ik heet de bewindslieden van Veiligheid en Justitie van harte welkom.

Alle fracties hebben indicatieve spreektijden. Als u daaroverheen gaat, gaat dat ten koste van uw collega's bij andere begrotingen. Ik zal steeds de klok instellen. Interrupties zijn uiteraard mogelijk. Het helpt als ze kort, puntig en duidelijk zijn.

De algemene beraadslaging wordt geopend.

Mevrouw Gesthuizen (SP):


Voorzitter. Toen Rutte I aantrad, traden ook ministers aan van een tot dan toe onbekende soort. We kregen te maken met de minister en de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie. Dat beloofde wat. Op zijn minst verwachtten wij dat het land heel snel een stuk veiliger zou worden, dat er minder criminaliteit zou zijn, dat de pakkansen hoger zouden worden, dat de toegang tot het recht zou verbeteren en dat er minder recidive zou zijn. Nu we een aantal jaar verder zijn en deze bewindspersonen de kans hebben gehad om zich in te werken, maken we de balans op. Hoe is het gesteld met de pakkans van bijvoorbeeld fraudeurs? Hoe staat het met de mogelijkheid om aangifte te doen als je slachtoffer bent? Hoe zit het met het voorkomen van herhaling, bijvoorbeeld bij mensen die willens en wetens ondernemingen laten failleren om er zelf beter van te worden? Hoe veilig ben je als ondernemer? Hoe hard zijn je rechten als consument?

Ik kom op de bestrijding en voorkoming van fraude. De minister heeft veel plannen en wetsvoorstellen, en dat is hard nodig, want de door het ministerie grondig uitgevoerde analyse van een individuele casus bracht onlangs aan het licht dat er ontzettend veel misgaat. De fraudeur kon naar hartenlust opereren. Hij nam de ene na de andere bv over en liet ze allemaal ploffen. Het personeel, dat argwaan had, trok overal aan de bel, maar zonder resultaat. Nu is de zaak waar deze mensen werkten failliet. Was dit maar het enige voorbeeld van fraudeurs die de lachende derde zijn! De pakkans is nog steeds bedroevend laag. Door onvoldoende besef van de urgentie om samen te werken bij de diensten die fraude moeten bestrijden en door het ontbreken van een coördinator, zijn er vele voorbeelden te noemen. Nog worden mensen bij de politie weggestuurd met de opmerking: het is civiel, u kunt geen aangifte doen. En dat allemaal met gedupeerde en gefrustreerde burgers en ondernemers als slachtoffer en een overheid die inkomsten misloopt.

Maar een succesvolle aanpak ligt binnen handbereik. Ten eerste noem ik de Fraudehelpdesk. Als de Fraudehelpdesk met voldoende middelen en mandaat wordt toegerust, zal die er alles uithalen wat erin zit. Maar minister Kamp van Economische Zaken moet dan ook een duit in het zakje doen. Hoe zit het met de betrokkenheid van het ministerie van EZ bij het Nationaal Platform Criminaliteitsbeheersing (NPC)? Die vraag stel ik aan de minister van V en J.

Ten tweede heb ik de minister een plan gegeven om te komen tot een nationale fraudeautoriteit, maar dat ziet hij niet zitten. De minister is het toch met mij eens dat de aanpak beter moet? Hoe gaat hij ervoor zorgen dat de fraudebestrijding bij politie en justitie prioriteit krijgt? Als de minister al mijn voorstellen afwijst, waar komt hij dan zelf mee?

Net als elk jaar wil ik het belang van financieel rechercheurs benadrukken. De SP reserveert daar bij amendement wederom extra geld voor. Neem de aanpak van faillissementsfraude en witwaspraktijken via het centraal aandeelhoudersregister. Hierover heb ik een initiatiefnota geschreven, die ik zo dadelijk zal overhandigen. De SP pleit hiermee voor een gedeeltelijk openbaar register. Niet alleen notarissen maar alle beroepsgroepen en instellingen die vallen onder de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme, moeten inzage kunnen krijgen in het aandeelhoudersregister. Dat roepen zij zelf ook. Neem bijvoorbeeld de makelaars en de advocaten.

Ik kom te spreken over de flitsfaillissementen. Ik wacht met spanning het wetsvoorstel af over prepack, maar wil alvast mijn zorgen delen. Er moet niet alleen goed gekeken worden naar de rechten van werknemers, maar ook naar die van klanten. Dat laatste gebeurt nu onvoldoende bij de zaken die ik heb gezien, waarbij een door de aangewezen bewindvoerder goedgekeurd flitsfaillissement aan de orde was. Hoe ziet de minister dit?

Er zijn miljoenen schikkingen in fraudezaken. Eerder was er volstrekt geen transparantie en ontstond een sterk vermoeden van klassenjustitie: ben je rijk, pin dan hier maar om celstraf te voorkomen. De situatie is inmiddels sterk verbeterd. Het OM verantwoordt zo veel mogelijk zijn handelwijze, stelt voorwaarden aan de bedrijfshuishouding en vervolgt particulieren alsnog. Volledige transparantie ontbreekt echter, net als een rechterlijke toets.

Deze zorgen uitte ook de voormalige president van de Hoge Raad, de heer Corstens. Daarom stel ik hier een eerder door mij onderzochte oplossing voor. In Duitsland worden voorgenomen schikkingen onderworpen aan een marginale toetsing door de rechter. Dat lijkt mij een werkbare oplossing. Ik hoor graag de reactie van de minister op dit voorstel.

Mijn volgende onderwerp betreft afpersing van ondernemers. VNO-NCW berichtte vorige week over een groeiend aantal afpersingen in het bedrijfsleven. Hetzelfde concludeerde de regering naar aanleiding van het rapport Ondergaan of ondernemen. Er is een lage aangiftebereidheid en onvoldoende kennis bij het baliepersoneel van de politie om signalen van afpersing goed te herkennen. De regering wil inzetten op voorlichting, preventie, aanpakken et cetera, maar hoe zit het met de samenwerking tussen politie, Kamer van Koophandel, brancheorganisaties, gemeenten en het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC)?

In hetzelfde rapport lees ik dat als er opsporingshandelingen worden verricht, deze meestal succesvol zijn. Hieruit begrijp ik dus dat er meer ingezet moet worden op opsporing. Kunnen ondernemers eigenlijk anoniem aangifte doen? Er ligt toch al jaren een uitstekend rapport van het WODC, met een plan van aanpak dat is opgesteld met medewerking van het bedrijfsleven, het ministerie van Veiligheid en Justitie en het ministerie van Economische Zaken, getiteld Je bedrijf of je leven? Wat gebeurt daarmee?

De voorzitter:
Ik zie dat de heer Recourt van de PvdA zich gemeld heeft voor de eerste korte en puntige interruptie.

De heer Recourt (PvdA):


De SP stelt dan ook veel korte en puntige zaken voor. Over een daarvan, de marginale toetsing door de rechter na een schikking door het OM, heb ik een heel concrete vraag. Waar precies moet de rechter marginaal aan toetsen?

Mevrouw Gesthuizen (SP):


Als er sprake is van een strafbaar feit en als het OM ervan overtuigd is dat het gaat om een strafbaar feit — anders zou het OM niet zeggen de zaak door te zetten en tot een schikking te willen komen — moeten je in principe altijd meer zaken interesseren dan alleen maar het zo snel mogelijk afdoen, het binnenhalen van de som geld waar het om gaat, het opleggen van een boete en het terugpakken van het geld dat onterecht is verworven. Het interesseert je dan ook of er sprake is van een strafbaar feit door een bepaalde persoon. Dat zie je bij een schikking echter niet. Ik vind het wenselijk dat een rechter de mogelijkheid krijgt om daarnaar te kijken. Je wilt immers voorkomen dat mensen alleen maar met de schrik vrijkomen. Dat is het doel van het voorstel.

De voorzitter:


Hebt u nog een vraag?

De heer Recourt (PvdA):


Ja, een korte vervolgvraag, voorzitter. Een rechter moet ergens aan toetsen, ook al gaat het om een marginale toets. Hij moet ergens een norm hebben, en de concrete casus langs die norm houden. Ik geef geen appreciatie mee, maar ik probeer alleen te bedenken wat de rechter moet doen.

Mevrouw Gesthuizen (SP):


Misschien begrijp ik dan de vraag van de heer Recourt niet. Waar denkt hij aan? Wij hebben natuurlijk uiteindelijk de wet zoals die staat in het Wetboek van Strafrecht. Daarin dien je je te houden, of je je nu schuldig hebt gemaakt aan valsheid in geschrifte, oplichting of wat voor zaken dan ook. Als je je daar niet aan gehouden hebt, vormt die wet het kader waaraan we de strafrechter zouden moeten laten toetsen. Maar misschien begrijp ik de vraag van de heer Recourt niet goed.

De heer Recourt (PvdA):


De rechter moet beslissen of de schikking al dan niet goed te keuren is. Dat doet hij een beetje op afstand. Het gaat dan niet om de vraag of er gefraudeerd is of niet, maar meer om de vraag of het OM de deal kon maken. Wat is het handvat van de rechter om die beslissing te nemen?

Mevrouw Gesthuizen (SP):


Nu snap ik de vraag goed. Excuses. Het zal gedeeltelijk moeten blijken in een debat en vervolgens moet je dat dan in de rechtspraktijk gaan uitvinden, maar ik denk dat je als rechter moet beoordelen of een rechtsvraag — die speelt altijd, ook bij schikkingen — dan wel de ontwikkeling van het recht gediend is met het feit dat het OM in een bepaalde casus gekozen heeft voor een schikking. Het kan zijn dat de rechter oordeelt dat hij dat op dat moment niet het geval vindt.

Eigenlijk is dat een vraag die politiek gezien nu al bij de minister ligt, want hij is degene die zijn handtekening moet zetten, zeker bij hoge transacties. Ik heb gemerkt dat het uiterst lastig is om daarover in de Kamer het debat aan te gaan. Ik kan mij nog een zeer fel debat herinneren met mevrouw Van Toorenburg van de CDA-fractie, die het buitengewoon oneens was met het feit dat wij hier een zaak aan de orde stelden die nog niet voor de rechter lag maar al wel in behandeling was. Dat snap ik. Als je het politiek gezien echter zo moeilijk maakt, waarom zorg je er dan niet voor dat een rechter uiteindelijk over de wenselijkheid van dit soort beslissingen kan oordelen?

Voorzitter. Ik heb hier intussen ook de nota over het aandeelhoudersregister die ik wilde indienen.

De voorzitter:


Zullen wij die dan maar meteen aanbieden?

Mevrouw Gesthuizen (SP):


Zeker, graag!

De voorzitter:


Ik neem aan dat er geen bezwaar tegen bestaat dat dit stuk ter inzage wordt gelegd bij het Centraal Informatiepunt van de Kamer.

(Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt van de Tweede Kamer der Staten-Generaal.)

Mevrouw Gesthuizen (SP):
Ik ga nu in op het toezicht op rechtspersonen. Het ministerie heeft een interessante, maar niet echt transparante manier van reageren op WOB-verzoeken. In september bereikte mij een melding over het disfunctioneren van Radar, over de dubieuze manier waarop Capgemini aan de kant werd gezet wegens broddelwerk en over de nieuwe aanbesteding die had plaatsgevonden. De reactie werd verkapt in een brief aan de Kamer gestuurd, zonder de correspondentie waar ik om vroeg. Krijg ik die nog? De reden waarom het contract met Capgemini is stopgezet, is opvallend genoeg dat er onvoldoende ruimte en zekerheid zou worden geboden om adequaat te kunnen inspelen op de benodigde functionaliteit. Dat roept bij mij de vraag op of er inderdaad rommel is geleverd. Toch wordt Capgemini nu nog verantwoordelijk voor het beheer en blijft het bedrijf meekijken, hoewel intussen een ander bedrijf is ingehuurd. Hoeveel duurder is Radar inmiddels eigenlijk geworden?

Ik ben langzaam opgeschoven naar de portefeuille van de staatssecretaris en dus ook naar het onderdeel "immigratie en asiel". Het was wederom een jaar van confrontaties, niet alleen met de Kamer, maar ook binnen de coalitie. Ik noem het kinderpardon, "bed, bad, brood", het 1F-beleid, de uitzettingen van mensen die vervolgbehandeling voor een ziekte of aandoening behoeven en de beschikbaarheid van zo'n vervolgbehandeling in landen van herkomst, het landenbeleid en tot slot uit te nodigen Syrische vluchtelingen, onder wie de vluchtelingen met familie in Nederland. Er was eigenlijk maar weinig waarover de coalitie het tijdens het afgelopen jaar eens was. Dat is erg onhandig als het om zo'n gevoelige portefeuille gaat. Het is zeer zeker ook gekmakend voor de mensen die het betreft. Dit leidt tot vluchtelingen, uitgeprocedeerde vreemdelingen die verstoken zijn van een onderkomen, kinderen die wel onder de belangrijkste voorwaarde van het kinderpardon vallen, maar door een bizar kronkelende wettelijke uitsluiting bij gebrek aan rijkstoezicht toch in de kou staan, en een uitzetbeleid ten aanzien van mensen uit Irak, Somalië en Afghanistan — en naar ik vrees in de nabije toekomst ook mensen uit Syrië — dat zo hardvochtig is dat ik werkelijk niet begrijp hoe de woordvoerders van de Partij van de Arbeid met droge ogen hun debatten kunnen voeren.

Acht woordvoerders in vier jaar tijd, en dat op een onderwerp waarop hun huidige partijvoorzitter zich altijd zo nadrukkelijk heeft geprofileerd. Hoe kunt u, vraag ik via de voorzitter aan de PvdA-fractie, de mensen voor wie u eerder altijd zo nadrukkelijk opkwam, nu zo hard laten vallen? Dat gebeurt nu ook weer met de uitlatingen van de heer Samsom in de media: wij snappen wel dat staatssecretaris Teeven ervoor kiest om zich niet aan een Kameruitspraak gebonden te voelen en wij nodigen gewoon niet 250 schrijnende gevallen uit Syrië uit om naar Nederland te komen. Schaamt u zich niet, als u terugleest wat de vorige woordvoerder nog verklaarde over de uitspraak van het Europees Comité voor Sociale Rechten ten aanzien van "bed, bad, brood"? "Een definitieve uitspraak zullen wij eerbiedigen." Nu de koude maanden zijn begonnen, komt de PvdA daar alsnog op terug. Ik begrijp ook wel waarom. Het is nu een stuk onaangenamer om op straat te moeten verblijven. Dan gaan mensen misschien ook wel eerder weg. Dat is de reden van de VVD. Het siert u niet, maar zegt veel over een partij als zij dit soort principes opgeeft om op het pluche te kunnen zitten.

Ik heb nog een aantal vragen. Mare Nostrum mag geen drenkelingen meer redden, want dan komen er nog meer mensen naar de EU. Hoe cynisch moet je zijn? Kan de staatssecretaris een overzicht geven van de veranderingen in de reddingscapaciteit op de Middellandse Zee voor en na het einde van de operatie, inclusief de mogelijke stijging van het aantal dodelijke slachtoffers? Waarom is de staatssecretaris van mening dat Mare Nostrum een aanzuigende werking heeft? Nederland en andere lidstaten denken volgens zijn verslagen van de JBZ-Raad namelijk dat dit zo is.

Ik heb ook een aantal vragen over specifieke casuïstiek. Klopt het dat in Detentiecentrum Zeist naast de celdeur van gedetineerden documenten hangen waarop vrijwel alle persoonsgegevens van de gedetineerden vermeld staan en dat medegedetineerden deze persoonsgegevens kunnen inzien? Ik heb bovendien signalen gehoord over de slechte omstandigheden waaronder gezinnen met kinderen in Zeist gevangen zitten. Kan de staatssecretaris daarop reageren?

Klopt het dat het Bureau Medische Advisering zich soms van de volgende redenering bedient? Ik citeer letterlijk uit een rapport: medische hulp na uitzetting is onnodig omdat cliënte voor uitzetting waarschijnlijk toch zelfmoord pleegt. Dat stond letterlijk in het BMA-advies.

Tot slot. Hoe zit het met de aanbesteding van het COA in Den Helder? Waarom is onduidelijkheid ontstaan over de gunningscriteria van de opleverdatum? En waarom zijn de vragen van de inschrijver aan wie de opdracht niet gegund werd, niet netjes beantwoord?

De heer Fritsma (PVV):


De Socialistische Partij is altijd een groot voorstander van het heel makkelijk toelaten van heel veel asielzoekers, voorstander van alle generaalpardonregelingen en voorstander van illegalenopvang. Begrijpt de SP echt niet dat dit helemaal niet in het belang is van de gewone man of vrouw in Nederland? Die kan de gevolgen van de massa-immigratie en de kosten daarvan immers allang niet meer aan.

Mevrouw Gesthuizen (SP):


Laat ik even twee misverstanden uit de wereld helpen. Ik ben geen voorstander van het zo veel mogelijk hierheen halen van zo veel mogelijk mensen. Ik ben ook geen voorstander van het continu afkondigen van een generaal pardon.

De tweede misvatting: er is geen sprake van massa-immigratie. Dat wil de heer Fritsma zijn kiezers heel graag doen geloven, maar daar is geen sprake van. Ik begrijp de vraag dus eerlijk gezegd niet.

De heer Fritsma (PVV):
Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek kwamen er vorig jaar 165.000 migranten naar Nederland. Dat is in de ogen van de SP dus geen massa-immigratie. Dat is een rare gedachte. Maar het klopt wel: de SP is altijd de grootste voorvechter van het naar Nederland halen van asielzoekers. U had het over die 5.000 die opgehaald moesten worden naast de duizenden die al naar Nederland komen. U bent wel degelijk de beschermer van illegalen. U pleit de laatste weken ook steeds voor illegalenopvang. U hebt ...

De voorzitter:


En uw vraag?

De heer Fritsma (PVV):


U hebt ook wel degelijk alle generaalpardonregelingen geaccordeerd. Sterker nog, u wilde al die generaalpardonregelingen uitbreiden. Nogmaals, snapt de SP echt niet dat dit allemaal helemaal niet in het belang is van de gewone Nederlander? Die kan de kosten en alle problemen van de massa-immigratie allang niet meer aan.

De voorzitter:


De vraag is duidelijk.

Mevrouw Gesthuizen (SP):


De heer Fritsma blijft zijn betoog maar doorspekken met kleine leugentjes. Ons ontbreekt de tijd om die allemaal bloot te leggen, maar ik noem heel simpel nog een zaak. De heer Fritsma benoemt hier de massa-emigratie, omdat er meer dan 165.000 mensen naar Nederland kwamen. Wat zijn dan de cijfers van de emigratie geweest, zo vraag ik aan de heer Fritsma. Er vertrekken ook heel veel mensen uit Nederland. Bovendien hebben wij het bij de opvang van kwetsbare mensen, bijvoorbeeld vluchtelingen, natuurlijk bij lange niet over dat soort cijfers. Dat weet de heer Fritsma best.

Laat ik één punt heel helder maken over in ieder geval een deelvraag die de heer Fritsma wel duidelijk heeft geformuleerd, bijvoorbeeld de opvang in de vorm van "bed, bad, brood" voor uitgeprocedeerde vreemdelingen. Ik was vorige week bij de mensen die hier buiten in de kou stonden. De heer Fritsma heb ik daar niet gezien. Dat doet hij namelijk nooit. Ik heb daar mijn eigen kwalificaties voor, maar die passen niet in een fatsoenlijk Kamerdebat. De heer Fritsma is daar nooit, ik wel. Ik heb die mensen daar verteld: u hoeft er niet op te rekenen dat er een generaal pardon komt wat mij betreft. Daar ben ik namelijk geen voorstander van. Ik heb die mensen ook klip-en-klaar gezegd: ik verwacht niet dat u allemaal hier een verblijfsvergunning krijgt. Voor een aantal van u zal gelden dat als er een herhaalde asielaanvraag komt of als de procedure opnieuw wordt bekeken, u wel kunt blijven. Voor een heel aantal van u vind ik dat u terecht in de opvang moet komen, want ik wil geen mensen op straat; dat vind ik onmenselijk. Uiteindelijk zal er door een heel aantal van die mensen gewerkt moeten worden aan terugkeer. Dat zijn mijn eerlijke woorden. Dat hoor ik de Partij voor de Vrijheid niet op straat zeggen, want hé, die komen niet op straat.

De heer Fritsma (PVV):
Hieruit blijkt dat de SP weer precies de verkeerde teksten gebruikt richting illegalen. Wat mevrouw Gesthuizen niet heeft gezegd, maar wel tegen al die mensen had moeten zeggen, is: u bent uitgeprocedeerd, u had allang Nederland uit gemoeten.

Mevrouw Gesthuizen (SP):


U mag vinden dat dat gezegd had moeten worden. Waar was u dan om dat te zeggen?

De heer Fritsma (PVV):


Ik heb dat vorige week ook gezegd in de zaal waar deze mensen bij zaten. Dat weet mevrouw Gesthuizen ook. De SP beschermt mensen, wil mensen van dure opvang voorzien die niet meewerken aan hun verplichte vertrek naar het land van herkomst en dat ook niet eens willen. Als zij het wel willen, dan krijgen zij van de staatssecretaris gewoon opvang. Dus nogmaals, waarom beschermt de SP deze mensen, die het belastinggeld echt niet verdienen omdat zij hier niet mogen zijn, hun vertrekplicht negeren en, plat gezegd, gewoon uit Nederland weg moeten? Waarom beschermt de SP die mensen? Je kunt de opvang beter aan onze ouderen bieden.

Mevrouw Gesthuizen (SP):


De discussie over de opvang van ouderen versus de opvang van illegalen is een heel brede discussie die ik ook graag voer. Dat is een interessant punt. De PVV creëert op dit vlak steeds een valse tegenstelling. Laten we er verder maar niet op ingaan.

Ik heb steeds heel duidelijk gezegd dat opvang niet alleen om humanitaire redenen nodig is. Voor mij persoonlijk staat die reden overigens op nummer een. Opvang is echter vooral ook nodig, omdat terugkeer vanaf de straat niet werkt. Praat daar maar over met bijvoorbeeld de mensen van de Dienst Terugkeer en Vertrek. Zij zeggen hetzelfde. Opvang vanaf de straat? Ik dacht het niet! Dat is wat zij zeggen. De manier waarop de PVV het probleem aanvliegt, is gewoon het miskennen van de realiteit. Mijnheer Fritsma kan roepen, schelden, schreeuwen, zich voordoen als een bang jongetje en andere mensen tegen die vreemdelingen in het harnas jagen, maar deze mensen zullen er op die manier uiteindelijk alsnog zijn. Mensen laten zich niet wegdefiniëren. Ook als je alleen maar wilt dat iedereen vertrekt en als vertrek je hoogste prioriteit is, zul je deze mensen eerst vanuit de opvang aan vertrek moeten laten werken.

De voorzitter:
Ik zie dat de heer Fritsma hierop weer wil reageren. Ik ga hem en mevrouw Gesthuizen een geheim verklappen. Zij gaan het samen niet eens worden. Ik geef de heer Fritsma nog één keer de gelegenheid om iets terug te zeggen. Daarna krijgt mevrouw Gesthuizen die gelegenheid nog één keer. Daarna moeten zij het verder in zalen in verkiezingstijd bespreken, maar niet meer hier.

De heer Fritsma (PVV):


Dit is gewoon pure misleiding van de SP. Mensen die wel willen meewerken aan hun terugkeer, krijgen van de staatssecretaris al opvang aangeboden. Mevrouw Gesthuizen ontkent dat. Dat is pure misleiding! Nogmaals vraag ik haar, waarom zij het opneemt voor mensen die met opzet hun terugkeer traineren, hun plicht om te vertrekken negeren en niet willen terugkeren. Dat is namelijk het punt. De mensen die dit wel willen, biedt de staatssecretaris al opvang. Mevrouw Gesthuizen schetst hier gewoon een onjuiste voorstelling van zaken.

Mevrouw Gesthuizen (SP):


Ik weet dat als deze mensen morgen tekenen bij het kruisje dat ze terug willen, zij recht hebben op een aantal weken opvang. Dat weet ik en dat weten eerlijk gezegd die mensen in de Vluchthaven, de vluchtkelder of de Vluchtkerk ook. Daarover vertel ik deze mensen, en alle mensen in Nederland helemaal geen leugens. Het volgende weet je echter volgens mij alleen maar als je wél onderzoek doet, als je je wél buiten de Kamerdebatten begeeft en je neus in zaken steekt. Dan weet je dat terugkeer, waar het mijnheer Fritsma en de PVV zozeer om te doen is, beter werkt in de opvang. Dan kan het zo zijn dat mensen in eerste instantie er nog geen trek in hebben om te vertrekken, maar als daarna blijkt dat er echt geen grond is om in Nederland te blijven, dan werkt het beter om mensen dat aan hun verstand te peuteren als ze in de opvang zitten.

De heer Recourt (PvdA):


Het is geen geheim dat de VVD en de Partij van de Arbeid op het asieldossier vaak een andere mening hebben. Ik heb hier een lijstje voor me. Ik zal het niet helemaal voorlezen, maar ik noem een aantal punten. Er is een eenmalige structurele regeling voor gewortelde kinderen. Vreemdelingenbewaring wordt sterk gehumaniseerd. Detentie voor gezinnen met kinderen is afgeschaft. De opvang van zieke vreemdelingen is uitgebreid. Illegale kinderen mogen vaker stagelopen om hun opleiding af te ronden. Vluchtelingen krijgen een gratis aanbod om in te burgeren. De huwelijkseis voor gezinsmigratie, die door het vorige kabinet is ingevoerd, is teruggedraaid. Het lijstje is nog veel langer. Mevrouw Gesthuizen zal zeggen dat het allemaal niet genoeg en niet goed genoeg is. Ik vraag haar echter, wat de SP op dit vlak concreet voor elkaar heeft gekregen.

Mevrouw Gesthuizen (SP):

  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   13


Dovnload 405.81 Kb.