Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Belastingdienst

Dovnload 2.98 Mb.

Belastingdienst



Pagina18/55
Datum04.04.2017
Grootte2.98 Mb.

Dovnload 2.98 Mb.
1   ...   14   15   16   17   18   19   20   21   ...   55

Let op!

Een ander aangiftetijdvak dan de gebruikelijke maand of vier weken

geldt voor:

personeel van zelfstandige binnenschippers (aangiftetijdvak is



een halfjaar)

personeel aan huis, waaronder personeel in het kader van een



persoonsgebonden budget voor zorg (aangiftetijdvak is een jaar)

(zie hoofdstuk 24)

meewerkende kinderen (aangiftetijdvak is een jaar)



(zie paragraaf 15.11)

personeel in het kader van een persoonsgebonden budget sociale



werkvoorziening (aangiftetijdvak is een jaar) (zie paragraaf 15.13)

Aangiftebrief

Als u aangifte moet doen, krijgt u van ons vóór het begin

van het kalenderjaar een Aangiftebrief loonheffingen, meestal

in november. Als u zich in de loop van het jaar aanmeldt

als werkgever, krijgt u de aangiftebrief na aanmelding.

In de aangiftebrief staan de aangiftetijdvakken waarover u

het komende jaar aangifte moet doen en de bijbehorende

uiterste aangifte- en betaaldatums (zie bijlage 4). Op de

achterkant van de Aangiftebrief loonheffingen 2011 staan de

betalingskenmerken van de aangiftetijdvakken.



Mededeling loonheffingen aangifte doen en betalen

Aan het eind van elk aangiftetijdvak krijgt u van ons een



Mededeling loonheffingen aangifte doen en betalen. Bij deze

mededeling zit een acceptgiro. Vermeld bij uw betaling

altijd het betalingskenmerk dat op deze mededeling staat.

In de mededeling staan ook de uiterste aangifte- en

betaaldatum voor dat tijdvak.

Ander aangiftetijdvak dan het loontijdvak

Het loontijdvak (het tijdvak waarover een werknemer loon

geniet) kan afwijken van het aangiftetijdvak. Het is handig

Belastingdienst | Handboek Loonheffingen 2011 10 Stap 10 Loonheffingen aangeven en betalen | 91

als het aangiftetijdvak aansluit bij het loontijdvak van uw

werknemers. Als het loontijdvak niet gelijk is aan het aangiftetijdvak,

houd dan rekening met het volgende:

• U moet per aangiftetijdvak aangifte doen voor het bedrag

dat u in het aangiftetijdvak hebt uitbetaald als loon.

• U mag bij de datum aanvang inkomstenperiode geen datum

invullen die buiten het aangiftetijdvak ligt. Ligt die datum

buiten het aangiftetijdvak, dan moet u de eerste datum van

het aangiftetijdvak invullen. Alleen als u uitkeringen uitbetaalt

met terugwerkende kracht (zogenoemde aanlooptermijnen),

mag de datum aanvang inkomstenperiode

eenmalig wel buiten het aangiftetijdvak liggen.

• U moet per aangiftetijdvak het aantal sv-dagen (loondagen)

invullen waarover u het loon hebt uitbetaald.

Dat aantal kan dus anders zijn dan het aantal loondagen

in het aangiftetijdvak.

Voorbeeld

U hebt een loontijdvak van vier weken en een aangiftetijdvak van een

kalendermaand. Stel dat de eerste vierwekenperiode eindigt op 27 januari.

Over de maand januari geeft u het loon aan dat u in januari hebt uitbetaald,

dus het loon en de loonheffingen van de eerste vierwekenperiode.

Over

februari geeft u het loon aan dat u in februari hebt uitbetaald, dus het loon

en de loonheffingen van de tweede vierwekenperiode. Bij de aangifte over

februari moet u als datum aanvang inkomstenperiode een datum in februari

invullen. U vult dus niet 28 januari in, maar 1 februari. In de aangifte over

december geeft u het loon aan dat u in december hebt uitbetaald, dus meestal

het loon en de loonheffingen van de twaalfde en dertiende vierwekenperiode.

Als datum aanvang inkomstenperiode vult u in deze aangifte 1 december in.

Als een werknemer volledig gewerkt heeft, vult u 40 loondagen in:

2 vierwekenperioden van 20 dagen. Werkt hij 36 uur met een vierdaagse

werkweek, dan vult u 32 loondagen in: 2 vierwekenperioden van 16 dagen.

Aangiftetijdvak veranderen

U kunt het aangiftetijdvak pas veranderen met ingang van

1 januari 2012. Als u dat wilt, gebruik dan het formulier

Wijziging aangiftetijdvak loonheffingen, dat u kunt downloaden

van www.belastingdienst.nl. Op dat formulier kunt u

aangeven welk aangiftetijdvak (maand of vier weken) u voor

2012 wilt gebruiken. Het wijzigingsformulier moet uiterlijk

op 14 december 2011 bij ons binnen zijn. Komt het later

binnen, dan kan de wijziging pas op 1 januari 2013 ingaan.

10.2 Aangifte doen

In dit hoofdstuk vindt u informatie over de volgende

onderwerpen:

• hoe aangifte doen? (paragraaf 10.2.1)

• wanneer aangifte doen? (zie paragraaf 10.2.2)

• nihilaangifte en nulaangifte (zie paragraaf 10.2.3)

• samenhangende groep inhoudingsplichtigen

(zie paragraaf 10.2.4)

• nummer inkomstenverhouding (nummer dienstbetrekking)

(zie paragraaf 10.2.5)

• bedragen afronden in uw aangifte (zie paragraaf 10.2.6)

• status van uw aangiften (zie paragraaf 10.2.7)

• storing in computersysteem (zie paragraaf 10.2.8)

• bezwaar maken (zie paragraaf 10.2.9)

• u bent niet meer inhoudingsplichtig (zie paragraaf 10.2.10)

10.2.1 Hoe aangifte doen?

U bent verplicht de aangifte loonheffingen digitaal te doen.

In twee uitzonderingssituaties doet u aangifte op papier:

• U hebt geen computer en degene die uw aangifte

verzorgt, heeft ook geen computer. In dat geval kunt

u ontheffing krijgen voor het digitaal doen van aangifte.

U mag dan op papier aangifte doen. U vraagt de ontheffing

ieder jaar aan met het ontheffingsformulier dat u kunt

opvragen bij de BelastingTelefoon: 0800 - 0543.

• U moet pseudo-eindheffing betalen over excessieve

vertrekvergoedingen of over de backservice voor

pensioen bij hoge inkomens. Hiervoor doet u apart op

papier aangifte (zie paragraaf 10.7).

U kunt op drie manieren digitaal aangifte loonheffingen doen:

U doet aangifte met ons aangifteprogramma.

• U doet aangifte met andere aangifte- of

administratiesoftware.

U laat uw aangiften verzorgen door een intermediair,

zoals een accountant of een belastingadviseur.

Wij stellen specificaties vast waaraan uw aangifte moet

voldoen. Deze specificaties zijn inhoudelijk en technisch

van aard. De aangifte die u met ons aangifteprogramma

doet, voldoet aan de specificaties. Softwareleveranciers

hebben deze specificaties ook. Zij moeten ervoor zorgen

dat hun software aan onze specificaties voldoet.

Hierna vindt u een korte toelichting op de drie manieren

om digitaal aangifte te doen. Meer informatie vindt u op

www.belastingdienst.nl en in de brochure Digitaal aangeven,

die u van onze internetsite kunt downloaden.

U doet aangifte met ons aangifteprogramma

Wilt u aangifte doen met ons aangifteprogramma, dan downloadt

u dit programma van www.belastingdienst.nl. Ga daarvoor

via ‘Inloggen ondernemers’ naar het beveiligde gedeelte

van onze internetsite. Daar logt u in met de gebruikersnaam

en het wachtwoord die u van ons hebt gekregen. Weet u uw

gebruikernaam en/of wachtwoord niet meer, dan kunt u

nieuwe aanvragen op onze internetsite (‘Inloggen ondernemers’),

of bij de BelastingTelefoon: 0800 - 0543.

Let op!

Met ons aangifteprogramma kunt u per loonheffingennummer aangifte

doen voor maximaal tien werknemers. Wilt u voor meer werknemers aangifte

doen, dan moet u andere aangifte- of administratiesoftware gebruiken.

Belastingdienst | Handboek Loonheffingen 2011 10 Stap 10 Loonheffingen aangeven en betalen | 92

U doet aangifte met andere aangifte- of administratiesoftware

Doet u aangifte met gekochte of zelfontwikkelde aangifteof

administratiesoftware, dan verzendt u uw digitale aangifte

rechtstreeks vanuit uw softwarepakket naar ons. Voor deze

manier van aangeven moet u het volgende hebben:

• een digitale handtekening (pincode van ons of een

digitaal certificaat van DigiNotar)

Gebruikt u een digitaal certificaat? Verleng het dan op

tijd. Zo’n certificaat is meestal vier jaar geldig.

• een digitale postbus

• een modem- of internetverbinding

In de brochure Digitaal aangeven leest u hier meer over. U kunt

deze brochure downloaden van www.belastingdienst.nl.

Let op!

Als u aangiften gaat versturen die groter zijn dan 2 mb (vanaf

ongeveer 5.000 werknemers), moet u een zogenoemd fos-account

en proces-id aanvragen. Dat doet u met een apart aanvraagformulier,



Aanvraag of wijziging fos-account’, dat u kunt downloaden van



www.belastingdienst.nl.

Wisseling van softwarepakket

Als u wisselt van softwarepakket, moet het nieuwe

softwarepakket het volgende kunnen:

• doorgaan met voortschrijdend cumulatief rekenen

(zie paragraaf 5.5.3)

• hetzelfde nummer inkomstenverhouding gebruiken

(zie paragraaf 10.2.5)

• aangiften corrigeren (ook over vorige jaren) die met

het vorige pakket zijn gedaan

Bij een aantal softwarepakketten levert dat problemen op.

Laat u goed informeren.

Let op!

Ook als u van intermediair verandert, kan er sprake zijn van een

wisseling van softwarepakket.

U laat uw aangiften verzorgen door een intermediair

Als u uw aangiften loonheffingen laat verzorgen door een

intermediair, dan stelt hij de digitale aangifte samen met

een softwarepakket. Daarna kunt u de aangifte zelf digitaal

in- of aanvullen, (digitaal) ondertekenen en verzenden.

Maar u kunt uw intermediair ook machtigen om voor u

de aangifte in te vullen, te ondertekenen en te verzenden.

Het is verstandig om hierover goede afspraken te maken.

Want u blijft zelf verantwoordelijk voor de juistheid van

de aangifte, ook als een intermediair deze ondertekent.



10.2.2 Wanneer aangifte doen?

Uw aangifte moet uiterlijk bij ons binnen zijn op de datum

die staat in de Aangiftebrief loonheffingen en de Mededeling

loonheffingen aangifte doen en betalen. In principe doet u

aangifte na afloop van het aangiftetijdvak. Maar als u weet

dat uw aangiftegegevens niet meer gaan veranderen, mag u

ook binnen het aangiftetijdvak aangifte doen en betalen

(zie paragraaf 10.4).

U kunt geen aangifte doen of betalen vóór het begin van het

aangiftetijdvak. Wij kunnen dat niet verwerken. Een

uitzondering geldt voor bv’s van directeuren-grootaandeelhouders

en pensioen- en stamrecht-bv’s.

Aangifte doen voor directeuren-grootaandeelhouders

en pensioen- en stamrecht-bv’s

Besloten vennootschappen (bv’s) met alleen een of meer

directeuren-grootaandeelhouders (dga’s) mogen aangifte

loonheffingen doen over aangiftetijdvakken die nog niet

zijn begonnen. Hierbij gelden twee voorwaarden:

• In het bedrijf werken alleen dga’s, eventueel met

meewerkende echtgenoten en kinderen. Er is geen ander

personeel.

• De dga’s en de eventueel meewerkende echtgenoten

en kinderen zijn niet verzekerd voor de werknemersverzekeringen.

De regeling geldt ook voor pensioen- en stamrecht-bv’s

die – naast de uitbetaling van het loon van de dga – alleen

uitkeringen doen waarover ze geen premies werknemersverzekeringen

hoeven te betalen.

Kijk voor meer informatie op

www.belastingdienst.nl/loonheffingen.



10.2.3 Nihilaangifte en nulaangifte

Als u over een aangiftetijdvak geen loon en loonheffingen

hoeft aan te geven, moet u toch op tijd aangifte doen.

U doet dan een zogenoemde nihilaangifte of nulaangifte:

• U doet een nihilaangifte als u in het aangiftetijdvak geen

werknemers in dienst had. U vult dan geen werknemersgegevens

in en het collectieve deel van de aangifte blijft

leeg of u vult daar ‘0’ in.

• U doet een nulaangifte als u in het aangiftetijdvak wel

werknemers in dienst had, maar geen loon hebt uitbetaald.

U vult wel alle werknemersgegevens in, maar bij het loon

en de loonheffingen vult u ‘0’ in. Dit geldt bijvoorbeeld

bij een directeur-grootaandeelhouder met een jaarloon

voor de aangiftetijdvakken waarin u hem geen loon hebt

uitbetaald.

Let op!

Moet u over een tijdvak wel loon en loonheffingen aangeven, maar

had u in dat tijdvak ook werknemers in dienst aan wie u geen loon hebt

uitbetaald? Dan moet u die werknemers wel opnemen in de aangifte.

U vult voor hen alle werknemersgegevens in, waarbij u bij loon en

loonheffingen ‘0’ invult.

Belastingdienst | Handboek Loonheffingen 2011 10 Stap 10 Loonheffingen aangeven en betalen | 93

10.2.4 Samenhangende groep inhoudingsplichtigen

Hebben wij u aangemerkt als een samenhangende groep

inhoudingsplichtigen (zie paragraaf 3.2.1)? Dan moet u voor

elk loonheffingennummer binnen deze groep wel apart

aangifte (blijven) doen. Dit is onder andere nodig voor de

premies werknemersverzekeringen, omdat deze per werkgever

(loonheffingennummer) kunnen verschillen.

10.2.5 Nummer inkomstenverhouding

(nummer dienstbetrekking)

In softwarepakketten komt u de rubriek ‘Nummer inkomstenverhouding’

tegen. Deze rubriek wordt ook wel ‘Nummer

dienstbetrekking’ genoemd, bijvoorbeeld in ons aangifteprogramma

en het papieren aangifteformulier.

Deze rubriek, het bsn/sofinummer van de werknemer en uw

loonheffingennummer identificeren samen in de polisadministratie

bij uwv de inkomstenverhouding (dienstbetrekking)

tussen u en de werknemer. Daarom moet u,

zolang de inkomstenverhouding bestaat, hetzelfde nummer

gebruiken voor alle aangiften (en correcties) voor deze

inkomstenverhouding met uw werknemer.

Voor het nummer inkomstenverhouding geldt het volgende:

• Hebt u voor een inkomstenverhouding eenmaal een

bepaald nummer gekozen? Gebruik dat nummer dan in

alle volgende aangiften voor die inkomstenverhouding,

ook als u overstapt op een ander softwarepakket voor

salarisadministratie of op een ander aangiftepakket.

• Zorg ervoor dat de combinatie van het bsn/sofinummer

en het nummer inkomstenverhouding waarmee u elke

werknemer in uw aangifte identificeert, maar één keer

voorkomt in uw aangifte. Als wij constateren dat er

binnen één aangifte of correctie bij een bsn/sofinummer

meer dan een keer hetzelfde nummer inkomstenverhouding

voorkomt, dan krijgt de verzender een

Responsemessage Error (zie paragraaf 10.3).

• U mag een gebruikt nummer inkomstenverhouding bij

hetzelfde loonheffingennummer niet hergebruiken voor

een nieuwe inkomstenverhouding van dezelfde werknemer

binnen zeven jaar na afloop van het kalenderjaar.

• U kunt de nummers inkomstenverhouding het beste

oplopend nummeren, te beginnen bij 0001. Zo loopt u

het minste risico dat u nummers hergebruikt als u overstapt

op een ander salaris-/aangiftepakket. U mag de nummers

niet hernummeren.

Ander nummer inkomstenverhouding gebruiken

Verandert de inkomstenverhouding van de werknemer en is

er dus sprake van een nieuwe inkomstenverhouding, gebruik

dan voor deze werknemer een nieuw nummer inkomstenverhouding.

Dit doet u in de volgende situaties:

• De verzekeringssituatie van de werknemer verandert,

bijvoorbeeld:

• Een stagiaire treedt in vaste dienst.

• Een werknemer gaat met (pre)pensioen.

• Een werknemer wordt 65 jaar en blijft werken. Dan

gebruikt u vanaf de datum waarop de werknemer 65

jaar wordt, een nieuw nummer inkomstenverhouding.

Vanaf die datum geeft u in de aangifte ook aan dat de

werknemer niet meer verzekerd is voor de werknemersverzekeringen.

In sommige aangifte- of administratiesoftware

kunt u geen nieuw nummer inkomstenverhouding

opnemen. In dat geval neemt u vanaf de datum

waarop uw werknemer 65 jaar wordt, een nieuwe

inkomstenperiode op.

• Een werknemer krijgt een familierelatie met de directeurgrootaandeelhouder.

• Een meewerkend kind die bij de onderneming van

de ouder in fictieve dienstbetrekking werkt, gaat bij

die onderneming in echte dienstbetrekking werken.

• U neemt een ex-werknemer opnieuw aan. In dat geval is

er sprake van een nieuwe dienstbetrekking. Daarvoor moet

u een nieuw nummer inkomstenverhouding gebruiken.

• Uw werknemer is op 1 januari 61 jaar of ouder en neemt

tegoeden op uit zijn levenslooptegoed. Voor deze

opnamen gebruikt u een nieuw nummer inkomstenverhouding.

Als de werknemer ook nog in deeltijd voor u

blijft werken, gebruikt u voor het loon uit deeltijd het

nummer inkomstenverhouding dat u al voor deze

werknemer gebruikte.

Doen deze veranderingen zich tijdens het aangiftetijdvak

voor? Neem dan de werknemer voor dat aangiftetijdvak

tweemaal in de aangifte op, onder twee verschillende

nummers inkomstenverhouding.

Als een werknemer tegelijkertijd meer dan een inkomstenverhouding

met u heeft, neem hem dan voor iedere

inkomstenverhouding

onder een ander nummer inkomstenverhouding

op in uw aangifte. Dit is bijvoorbeeld het geval

als een werknemer van u een pensioenuitkering krijgt

(loon uit vroegere dienstbetrekking) en daarnaast nog

één dag per week bij u blijf werken (loon uit tegenwoordige

dienstbetrekking).



Hetzelfde nummer inkomstenverhouding blijven gebruiken

U hoeft het nummer inkomstenverhouding niet te

veranderen als uw werknemer hetzelfde werk blijft doen

en de verzekeringspositie niet verandert. U blijft het

bestaande nummer inkomstenverhouding bijvoorbeeld

gebruiken als:

• u een tijdelijk arbeidscontract omzet in een vast

arbeidscontract

• u een oproepcontract omzet naar een tijdelijk of vast contract

• u een nul-urencontract omzet naar een tijdelijk of vast

contract

Belastingdienst | Handboek Loonheffingen 2011 10 Stap 10 Loonheffingen aangeven en betalen | 94

• de proeftijd verstrijkt

• de fase flex en zekerheid verandert (uitzendbranche)

• u tegelijk met het loon ook een wao- of wia-uitkering

gaat uitbetalen (als eigenrisicodrager of via uwv)

• de functie van de werknemer verandert of als de arbeidsvoorwaarden

veranderen

• uw werknemer op 1 januari nog geen 61 jaar is en

tegoeden uit zijn levenslooptegoed opneemt

Let op!

Als bijvoorbeeld een rechter bepaalt dat een dienstbetrekking ten onrechte

is beëindigd, loopt de dienstbetrekking met deze werknemer door. Dit

betekent dat er geen sprake is van een nieuwe inkomstenverhouding en

dat u het oude nummer inkomstenverhouding moet blijven gebruiken.

10.2.6 Bedragen afronden in uw aangifte

In de werknemersgegevens van uw aangifte vult u alle

bedragen in met twee cijfers achter de komma. U mag

daarbij afronden in het voordeel van u of uw werknemer.

In het collectieve deel van uw aangifte mag u alleen

bedragen in hele euro’s invullen. Enkele rubrieken van het

collectieve deel, bijvoorbeeld de lonen en loonheffingen,

zijn optellingen van de bedragen die u bij de werknemersgegevens

hebt ingevuld. U telt bij deze rubrieken de

bedragen van de werknemersgegevens op, inclusief centen.

Het totaalbedrag rondt u af op hele euro’s. Daarnaast vult u

in het collectieve deel van de aangifte ook bedragen in die

los staan van de werknemersgegevens, zoals eindheffingen,

afdrachtverminderingen en premiekortingen. Ook deze

bedragen rondt u af op hele euro’s. U mag in elke collectieve

rubriek afronden in uw voordeel.

Hebt u correcties bijgevoegd? Dan moet u ook de correctiesaldo’s

invullen. Dat doet u ook in hele euro’s. Het bedrag

dat u moet betalen, moet gelijk zijn aan de optelling van

alle loonheffingen plus of min het saldo van alle correcties.



10.2.7 Status van uw aangiften

U kunt op het beveiligde gedeelte van onze internetsite

de status van uw aangiften bekijken. U logt via ‘Inloggen

ondernemers’ in met uw gebruikersnaam en wachtwoord

en gaat daarna naar een overzicht met uw aangiften. In dit

overzicht ziet u welke aangiften u nog moet doen en welke

wij binnen hebben gekregen en kunnen verwerken. Hebt

u op dit beveiligde gedeelte een e-mailadres ingevuld, dan

krijgt u van ons een e-mail als de status van een aangifte

is gewijzigd.

U hebt alleen zelf toegang tot het beveiligde gedeelte. Een

derde, bijvoorbeeld uw intermediair, kan hier dus niet de status

zien van de aangiften die hij voor u heeft gedaan. Wel krijgt

degene die de aangifte heeft gedaan, een digitaal bericht van

ons dat het overzicht van aangiften en opgaven van zijn klant

op het beveiligde gedeelte van www.belastingdienst.nl is

bijgewerkt. Hieruit kan hij afleiden dat wij een aangifte hebben

gekregen die wij kunnen verwerken.



10.2.8 Storing in computersysteem

Wij zijn verantwoordelijk voor onze eigen systemen en zorgen

voor een optimale beschikbaarheid daarvan. Mocht er een

storing in onze systemen zijn, dan beoordelen wij per

situatie of het daardoor voor u onmogelijk was uw aangifte

op tijd te doen. Als dat het geval is, zorgen wij voor een

passende oplossing. Lees ook altijd de serviceberichten als

u op het beveiligde gedeelte van onze internetsite inlogt.

U bent zelf verantwoordelijk voor de beschikbaarheid

en prestaties van uw eigen computersysteem. Computeren

internetproblemen ontslaan u niet van de verplichting

om op tijd aangifte te doen: voor digitale aangiften gelden

de gewone regels van tijdigheid. Wacht met het doen van

aangiften dus niet tot het laatste moment.



10.2.9 Bezwaar maken

Hebt u te veel aangegeven? Dan kunt u dat zelf herstellen

door de aangifte te corrigeren (zie hoofdstuk 11). Maar het

kan ook zijn dat u de loonheffingen volgens de geldende

regelgeving hebt berekend, aangegeven en betaald, terwijl

u het niet eens bent met die regelgeving. Dan kunt u binnen

zes weken na betaling bezwaar maken tegen het betaalde

bedrag. U krijgt dan een uitspraak van ons. Tegen deze

uitspraak kunt u eventueel in beroep gaan bij de rechter.

1   ...   14   15   16   17   18   19   20   21   ...   55

  • Mededeling loonheffingen aangifte doen en betalen
  • Ander aangiftetijdvak dan het loontijdvak
  • Aangiftetijdvak veranderen
  • 10.2.1 Hoe aangifte doen
  • U doet aangifte met ons aangifteprogramma
  • Belastingdienst
  • U laat uw aangiften verzorgen door een intermediair
  • 10.2.2 Wanneer aangifte doen
  • Aangifte doen voor directeuren-grootaandeelhouders en pensioen- en stamrecht-bv’s
  • 10.2.3 Nihilaangifte en nulaangifte
  • 10.2.5 Nummer inkomstenverhouding (nummer dienstbetrekking)
  • Ander nummer inkomstenverhouding gebruiken
  • Hetzelfde nummer inkomstenverhouding blijven gebruiken
  • 10.2.6 Bedragen afronden in uw aangifte
  • 10.2.7 Status van uw aangiften
  • 10.2.8 Storing in computersysteem

  • Dovnload 2.98 Mb.