Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Belastingdienst

Dovnload 2.98 Mb.

Belastingdienst



Pagina23/55
Datum04.04.2017
Grootte2.98 Mb.

Dovnload 2.98 Mb.
1   ...   19   20   21   22   23   24   25   26   ...   55

Belastingdienst | Handboek Loonheffingen 2011 15 Bijzondere arbeidsrelaties | 118

15.7 Bestuurders van coöperaties

met werknemerszelfbestuur

Personen die als bestuurder werken bij een coöperatie met

werknemerszelfbestuur en lid zijn van die coöperatie, zijn in

fictieve dienstbetrekking. Voor hen gelden de gewone regels

voor de loonheffingen.

Er is sprake van een coöperatie met werknemerszelfbestuur

als wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:

• Ten minste tweederde van de werknemers is doorgaans

lid van de coöperatie.

• Iedere werknemer kan onder dezelfde voorwaarden lid

worden van de coöperatie. Voorwaarden van financiële

aard mogen geen wezenlijke belemmering vormen.

• Ieder lid heeft één stem.

• De arbeidsvoorwaarden komen overeen met wat gebruikelijk

is bij soortgelijke ondernemingen in de bedrijfstak.

• Een lid kan bij beëindiging van het lidmaatschap ten

hoogste aanspraak maken op zijn inleg, behalve in geval

van liquidatie.



Let op!

Voor de coöperatie die maar uit twee personen bestaat, geldt geen

verzekeringsplicht voor de ww en wao/wia.

15.8 Commissarissen

Commissarissen zijn functionarissen die toezicht houden

op het bestuur van een lichaam, bijvoorbeeld leden van

raden van toezicht. Commissarissen zijn in fictieve dienstbetrekking

voor de loonbelasting/premie volksverzekeringen

en bijdrage Zvw. Voor hen gelden de gewone regels voor

de loonbelasting/premie volksverzekeringen en bijdrage

Zvw. Commissarissen zijn niet verzekerd voor de werknemersverzekeringen.

Als een commissaris voor zijn werkzaamheden

een factuur met omzetbelasting stuurt, is het

bedrag van de factuur exclusief omzetbelasting belast loon.



Afstaan van commissarisloon

Een werknemer kan voor zijn dienstbetrekking ook werken

als commissaris bij een vennootschap of een ander lichaam.

Hij is in dat geval door zijn werkgever aangewezen om bij

die vennootschap of bij dat lichaam als commissaris te fungeren.

Daarbij heeft de werknemer de verplichting om het

commissarisloon af te staan aan zijn werkgever. Als aan een

aantal voorwaarden is voldaan, hoeft de vennootschap of

het lichaam dat het loon van de commissaris betaalt, geen

loonheffingen in te houden (zie ook paragraaf 4.8).

15.9 Gelijkgestelden

Als iemand in maatschappelijk opzicht gelijk kan worden

gesteld aan iemand die in echte dienstbetrekking werkt,

is er sprake van een zogenoemde gelijkgestelde als aan de

volgende voorwaarden is voldaan:

• Hij verricht persoonlijk de arbeid waarvoor loon wordt

betaald.

• Het bruto-inkomen voor de arbeid bedraagt doorgaans

over een week ten minste 2/5 van het wettelijk minimumloon.

Een week is een aaneengesloten tijdvak van zeven

dagen. Het minimumloon is het loon in de zin van de Wet

minimumloon en minimumvakantiebijslag. Op grond

van deze wet geldt voor werknemers jonger dan 23 jaar

een lager wettelijk minimumloon dan voor andere werknemers.

Als het loon niet afhankelijk is van leeftijd, geldt

voor de 2/5-grens het minimumloon voor werknemers

van 23 jaar of ouder.

• Hij werkt doorgaans op ten minste twee dagen per week,

ongeacht het aantal uren.

• De arbeidsrelatie is aangegaan voor onbepaalde tijd of

voor ten minste een maand. Hierbij kan het ook gaan om

twee arbeidsrelaties met dezelfde opdrachtgever die elkaar

binnen een maand opvolgen en die samen ten minste een

maand duren. Een maand is een aaneengesloten periode

van dertig dagen.

• Hij is niet in echte of fictieve dienstbetrekking, zoals aannemers

van werk of hun hulpen, agenten, subagenten,

artiesten, A-topsporters, bestuurders van een coöperatie

met werknemerszelfbestuur, commissarissen, leerlingen,

stagiairs, meewerkende kinderen, uitzendkrachten of

thuiswerkers of hun hulpen.

Een gelijkgestelde is in fictieve dienstbetrekking bij zijn

opdrachtgever.

Uitzonderingen

Iemand is geen gelijkgestelde als hij behoort tot een van

de volgende groepen:

• degenen die arbeid van overwegend geestelijke aard

verrichten,

bijvoorbeeld geestelijk verzorgers

• auteurs of redactiemedewerkers die niet bij wijze van

beroep werkzaam zijn voor een uitgever

• bestuurders van verenigingen en stichtingen

• degenen van wie de arbeidsrelatie in overwegende mate

wordt beheerst door een familieverhouding

• zelfstandig ondernemers

• degenen die arbeid verrichten in de persoonlijke of

huishoudelijke

sfeer van de opdrachtgever

Voor personeel of dienstverlening aan huis gelden bijzondere

regels (zie hoofdstuk 24).

Of iemand bij u in fictieve dienstbetrekking is, moet u

beoordelen aan de hand van verwachtingen bij het begin

van de arbeidsrelatie. Wordt er incidenteel afgeweken van

de voorwaarden, bijvoorbeeld wanneer er in een week maar

op één dag arbeid wordt verricht, dan leidt dat niet tot een

onderbreking van de fictieve dienstbetrekking. Maar gaat

het om een blijvende afwijking, dan moet u opnieuw beoorBelastingdienst

| Handboek Loonheffingen 2011 15 Bijzondere arbeidsrelaties | 119

delen of de arbeidsrelatie als een fictieve dienstbetrekking

kan worden beschouwd.

Let op!

Het is mogelijk dat bij een blijvende afwijking de gelijkgestelde niet meer

aan de voorwaarden, bijvoorbeeld het tijdscriterium, voldoet. Dan is er

geen sprake meer van een gelijkgestelde en dus ook niet meer van een

fictieve dienstbetrekking. Vanaf dat moment geeft u de beloning niet

meer aan in de aangifte loonheffingen. U moet die beloning dan bij ons

melden als een uitbetaald bedrag aan een derde (zie paragraaf 1.2).

Speciale regels loonbelasting/premie volksverzekeringen

voor gelijkgestelden

Voor gelijkgestelden moet u de loonbelasting/premie volksverzekeringen

op een andere manier berekenen en met

afwijkende percentages (zie tabel 4, 5, 6a en 6b achter in dit

handboek). Bij deze percentages is al rekening gehouden

met de belaste vergoeding van de bijdrage Zvw.

Berekent u de grondslag voor de loonbelasting/volksverzekeringen

op de manier zoals beschreven in paragraaf 7.1,

dan berekent u het loon voor de loonbelasting/volksverzekeringen

voor gelijkgestelden als volgt:



Grondslag voor de loonbelasting/volksverzekeringen

+ Ingehouden premies voor aanspraken die overeenkomen met

de werknemersverzekeringen

+ Ingehouden bijdrage voor aanspraak op uitkering bij overlijden of invaliditeit

door een ongeval

- Vergoeding bijdrage Zvw

= Loon voor de loonbelasting/volksverzekeringen waarop u de tabel voor

aannemers van werk en gelijkgestelden toepast (A)
Op dit loon past u het percentage toe voor aannemers van

werk en gelijkgestelden (zie tabel 4, 5, 6a en 6b).

In de aangifte loonheffingen moet u een ander loonbedrag

vermelden, uitgaande van het bij (A) berekende loon.

U berekent dit loonbedrag als volgt:

Loon voor de loonbelasting/volksverzekeringen waarop u de tabel voor

aannemers van werk en gelijkgestelden toepast

+ Vergoeding bijdrage Zvw

- Ingehouden premies voor aanspraken die overeenkomen met

de werknemersverzekeringen

- Ingehouden bijdrage voor aanspraak op uitkering bij overlijden of invaliditeit door een ongeval

= Loon voor de aangifte loonheffingen

15.10 Leerlingen en stagiairs

Voor leerlingen van bepaalde onderwijsinstellingen, zoals

hotelvakscholen, scholen voor technisch onderwijs en

scholen

voor administratief onderwijs, is het in de praktijk



werken onderdeel van hun opleiding. Leerlingen die in de

praktijk werkzaam zijn, noemen we stagiairs. Over het

algemeen

zijn de leerlingen en stagiairs niet in een echte

dienstbetrekking werkzaam (zie paragraaf 1.1.1). Maar als

een stagiair

werk doet net als uw overige werknemers tegen

een reële beloning, bijvoorbeeld het minimum(jeugd)loon,

is hij wel in echte dienstbetrekking. In dit geval gelden de

gewone regels voor de loonheffingen. De stagiairs zijn

verzekerd

voor alle werknemersverzekeringen. U moet dan

premies werknemersverzekeringen berekenen en ook de

ingehouden bijdrage Zvw aan hen vergoeden.

Als er geen echte dienstbetrekking is, maar de stagiairs krijgen

wel een beloning, dan is er sprake van een fictieve dienstbetrekking.

Deze stagiairs zijn wel verzekerd voor de Wet

Wajong en voor de zw. U hoeft geen premies werknemersverzekeringen

te berekenen. Als aan bepaalde voorwaarden

is voldaan, heeft de stagiair ook recht op een uitkering. Voor

meer informatie

hierover kunt u terecht bij uwv. Bij deze fictieve

dienstbetrekking hebt u geen recht op afdrachtverminderingen

(zie hoofdstuk 23). Een uitzondering geldt voor stagiairs

van een beroepsopleiding in de beroepsopleidende

leerweg op mbo-niveau 1 of 2. Als aan bepaalde voorwaarden

is voldaan,

mag u voor deze stagiairs de afdrachtvermindering

onderwijs toepassen (zie paragraaf 23.2.7).

Als de stagiair de stagevergoeding niet zelf krijgt, hoeft u geen

loonheffingen in te houden en te betalen, als tenminste

wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:

• De stagevergoeding wordt rechtstreeks aan de school

of het stagefonds overgemaakt, met uitzondering van

kostenvergoedingen.

• De school of het stagefonds geeft het stagegeld niet door

aan de stagiair, maar gebruikt dit voor algemene schoolse

activiteiten.

• De school of het stagefonds administreert de stagevergoedingen

en de besteding daarvan.

• De stageverlener legt binnen twee maanden na afloop van

elk jaar de volgende gegevens in zijn administratie vast:

de naam, het adres en het bsn/sofinummer van de stagiair,

de naam en het adres van de school of het stagefonds

en het bedrag van de beloning. Hierbij vermeldt hij de

datum en het nummer van het besluit waarop de regeling

is gebaseerd: 14 december 2010, nr. dgb2010/2202m.

15.11 Meewerkende kinderen

Een kind dat meewerkt in de onderneming van zijn ouder(s),

kan in echte dienstbetrekking zijn (zie paragraaf 1.1.1). Dat is

het geval als het meewerkende kind onder dezelfde arbeidsvoorwaarden

werkt als andere werknemers. Hij is dan ook

verzekerd voor de werknemersverzekeringen. In dat geval

gelden de normale regels voor de loonheffingen.

Voor meewerkende kinderen geldt de fictieve dienstbetrekking

als het kind ten minste 15 jaar is en de familierelatie in



Belastingdienst | Handboek Loonheffingen 2011 15 Bijzondere arbeidsrelaties | 120

de arbeidsrelatie tussen ouder en kind overheerst, met andere

woorden: de arbeidsvoorwaarden zijn niet gelijk aan die

van de andere werknemers. In dat geval geldt het volgende:

• De ouders zijn inhoudingsplichtig voor de loonbelasting/

premie volksverzekeringen en de bijdrage Zvw.

• De ouders moeten aan alle bijbehorende administratieve

verplichtingen voldoen.

• Het meewerkende kind is niet verzekerd voor de

werknemersverzekeringen.

De fictieve dienstbetrekking geldt niet als de onderneming

ook voor rekening van het kind wordt gedreven.

Voor meewerkende kinderen mag u onder bepaalde voorwaarden

een vereenvoudigde regeling voor de loonbelasting/

premie volksverzekeringen en de Zvw toepassen (zie paragraaf

15.11.1). Voor de waardering van kleding, maaltijden en

inwoning die meewerkende kinderen van hun ouders krijgen,

gelden speciale regels (zie paragraaf 15.11.2, 15.11.3 en 15.11.4).



15.11.1 Vereenvoudigde regeling voor

meewerkende kinderen

Voor kinderen die meewerken in de onderneming van hun

ouders, mag onder bepaalde voorwaarden een vereenvoudigde

regeling worden toegepast. De regeling houdt het

volgende

in:


• U doet eenmaal per jaar aangifte loonheffingen.

• U maakt gebruik van een afzonderlijk loonheffingennummer.

Dat kunt u aanvragen met het formulier Melding

loonheffingen werkgever van meewerkende kinderen. Als u al een

apart loonheffingennummer voor meewerkende kinderen

hebt, kunt u daarmee ook voor andere meewerkende

kinderen


aangifte doen.

• Uw kind hoeft zijn naam, geboortedatum, bsn/sofinummer,

adres en woonplaats niet schriftelijk,

gedagtekend

en ondertekend aan u te verstrekken.

• U hoeft geen loonstaten in te vullen.

• U moet de specificatie van de verschillende bestanddelen

van het loon bij de loonadministratie bewaren.

• U past altijd de loonheffingskorting toe.

• U houdt de loonbelasting/premie volksverzekeringen en

de bijdrage Zvw één keer per jaar in op de eerste werkdag

van het volgende kalenderjaar.

U doet één maand na afloop van het kalenderjaar aangifte.

Dit betekent dat u de aangifte over 2011 uiterlijk 31 januari 2012

moet doen. In de aangifte vermeldt u de gegevens van de

kinderen. Als u geen ontheffing hebt, doet u deze aangifte

digitaal. Dat kan op drie manieren (zie paragraaf 10.2.1).

Voorwaarden vereenvoudigde regeling voor meewerkende

kinderen

De vereenvoudigde regeling voor meewerkende kinderen

mag u toepassen onder de volgende voorwaarden:

• Vóór de eerste uitbetaling van het loon moeten naam,

adres en bsn/sofinummer van het meewerkende kind

in de administratie zijn opgenomen.

• Het kind werkt in de onderneming van de ouder(s).

• Het kind behoort tot het huishouden van deze ouder(s).

• Het kind is ten minste 15 jaar.

• Het kind is niet verzekerd voor een andere sociale

verzekering

dan de volksverzekeringen en de Zorgverzekeringswet

(Zvw).

Voor toepassing van de vereenvoudigde regeling moet u



toestemming aan ons vragen. Als u die toestemming niet

hebt gevraagd of als niet aan alle voorwaarden is voldaan,

moet u aan alle administratieve verplichtingen voldoen die

ook voor andere werknemers gelden. Bovendien moet u het

meewerkende kind net als andere werknemers in de maandof

vierwekenaangifte opnemen.



Let op!

Als u gebruikmaakt van de vereenvoudigde regeling voor meewerkende

kinderen, vindt de inhouding en afdracht van loonbelasting/premie

volksverzekeringen en bijdrage Zvw één keer per jaar plaats. Besluit u

op het moment van inhouding om de loonbelasting/premie volksverzekeringen

en de bijdrage Zvw niet op het meewerkende kind te verhalen,

dan is de niet-verhaalde loonbelasting/premie volksverzekeringen en

bijdrage Zvw een voordeel dat tot het loon behoort. Voor sommige

afdrachtverminderingen mag het loon van de werknemer niet hoger

zijn dan een bepaald grensbedrag, het zogenoemde toetsloon (zie ook

hoofdstuk 23). De niet-verhaalde loonbelasting/ premie volksverzekeringen

en bijdrage Zvw behoort niet tot dit toetsloon, omdat het loon is

dat slechts eenmaal per jaar wordt toegekend.

15.11.2 Waardering kleding meewerkende

kinderen

Is de kleding die u verstrekt aan uw meewerkende kinderen,

loon? Dan behoort de waarde van die kleding tot een

bepaald normbedrag tot het loon als u gebruikmaakt van de

oude regeling van vrije vergoedingen en verstrekkingen (zie

tabel 13 achter in dit handboek). Maakt u gebruik van de

werkkostenregeling, dan behoort de factuurwaarde van de

kleding inclusief btw tot het loon.



15.11.3 Waardering van aan meewerkende

kinderen verstrekte maaltijden

Krijgen de meewerkende kinderen in uw woning een gratis

maaltijd? Dan wordt de waarde van de maaltijden vastgesteld

volgens de regeling voor maaltijden in bedrijfskantines als

u gebruikmaakt van de oude regeling van vrije vergoedingen

en verstrekkingen (zie paragraaf 18.27). Maakt u gebruik van

de werkkostenregeling, dan geldt voor de waarde van de

maaltijden een normbedrag van € 2,90 per maaltijd.



15.11.4 Waardering inwoning van meewerkende

kinderen

Wonen de meewerkende kinderen bij u thuis? Dan wordt de

waarde van de inwoning per meewerkend kind gesteld op

Belastingdienst | Handboek Loonheffingen 2011 15 Bijzondere arbeidsrelaties | 121

15% van de huur of van de huurwaarde van de woning als u

gebruikmaakt van de oude regeling van vrije vergoedingen

en verstrekkingen. Maakt u gebruik van de werkkostenregeling,

dan geldt voor de waarde van de inwoning per

meewerkend kind een normbedrag van € 5,00 per dag.

15.12 Oproepkrachten

Een oproepkracht is iemand die op afroep beschikbaar is voor

het verrichten van werkzaamheden. U beloont een oproepkracht

vaak op basis van zijn gewerkte uren. Een oproep kan

op verschillende soorten overeenkomsten gebaseerd zijn.

De arbeidsrelatie van een oproepkracht is meestal een echte

dienstbetrekking (zie paragraaf 1.1.1).

In grote lijnen zijn er drie soorten oproepovereenkomsten:

• de overeenkomst met werkgarantie en verschijningsplicht

• de overeenkomst zonder werk- of loonbetalingsgarantie,

maar met verschijningsplicht (nul-urencontract)

• de overeenkomst zonder garantie en zonder

verschijningsplicht

De overeenkomst met werkgarantie en verschijningsplicht

In deze overeenkomst garandeert de werkgever aan de

werknemer

een bepaald minimumaantal uren werk per

week. De werkgever is verplicht om bij uitblijven van

werkaanbod over dat minimumaantal uren loon te betalen.

De werknemer heeft de verplichting om aan een oproep

gehoor te geven, de zogenoemde verschijningsplicht. Er is

een doorlopende dienstbetrekking waarbij er sprake is van

een vorm van deeltijdwerk en er soms gedurende korte of

langere tijd sprake kan zijn van voltijdwerk. Het loontijdvak

is afhankelijk van de duur van de oproep en de periode

waarover het loon wordt uitbetaald (zie paragraaf 7.3.5).

De overeenkomst zonder werk- of loonbetalingsgarantie,

maar met verschijningsplicht (nul-urencontract)

In deze overeenkomst is er geen werk- of loonbetalingsgarantie,

maar heeft de werknemer wel verschijningsplicht.

Dit wordt ook wel een ‘nul-urencontract’ genoemd. Het

gaat hier om een overeenkomst met uitgestelde prestatieplicht.

Er is sprake van een doorlopende dienstbetrekking,

waarbij er niet regelmatig – zoals elke week of maand –

arbeid hoeft te worden verricht. Het loontijdvak is afhankelijk

van de duur van de oproep en de periode waarover het

loon wordt uitbetaald (zie paragraaf 7.3.5).



De overeenkomst zonder garantie en zonder verschijningsplicht

In deze overeenkomst is er geen werk- of loonbetalingsgarantie

en is er ook geen verschijningsplicht. Bij deze overeenkomst

is er dus een zekere vrijblijvendheid tussen u en

de oproepkracht. Er is geen sprake van een doorlopende

dienstbetrekking. Na een oproep die tot werk leidt, is er telkens

sprake van een nieuwe dienstbetrekking die na afloop

van de oproep eindigt. Het loontijdvak is afhankelijk van de

duur van de oproep en de periode waarover het loon wordt

uitbetaald (zie paragraaf 7.3.5).

15.13 Personeel in het kader van

het persoonsgebonden budget

sociale werkvoorziening

Als u in aanmerking komt voor een budget in het kader van

de Regeling persoonsgebonden budget sociale werkvoorziening

(pgb wia) kunt u bijvoorbeeld een beroep doen op een

jobcoach, doventolk of voorleeshulp. Gaat u als budgethouder

met zo’n jobcoach, doventolk of voorleeshulp een echte of

fictieve dienstbetrekking aan, dan bent u inhoudingsplichtige.

Voor u als inhoudingsplichtige geldt een aangiftetijdvak van

een kalenderjaar. Dit geldt ook wanneer u de aangifte door

de svb laat doen.

15.14 Personeel of dienstverlening

aan huis


In hoofdstuk 24 – Personeel aan huis – leest u wanneer

u aangifte moet doen.

15.15 Pseudowerknemers (opting-in)

Als de arbeidsrelatie tussen de opdrachtgever en de

opdrachtnemer geen echte of fictieve dienstbetrekking is

(zie paragraaf 1.1.1 en 1.1.2), kunnen zij er samen voor kiezen

hun arbeidsrelatie aan te merken als een fictieve dienstbetrekking.

Deze regeling wordt ook ‘opting-in’ genoemd.

De opdrachtnemer wordt wel ‘pseudowerknemer’ genoemd.

Let op!

Opting-in geldt niet als de opdrachtnemer zijn werkzaamheden



verricht als ondernemer.

Opting-in geldt niet voor de werknemersverzekeringen.

De pseudowerknemer en u hoeven de keuze alleen bij

ons te melden. Hiervoor kunt u het formulier Verklaring



Loonheffingen Opting-in gebruiken. Dit formulier kunt u

downloaden van www.belastingdienst.nl of aanvragen bij

de BelastingTelefoon: 0800 - 0543.

Let op!

Voordat de pseudowerknemer bij u gaat werken, moet het volgende zijn

geregeld (zie ook hoofdstuk 2):

U moet de identiteit van de pseudowerknemer vaststellen.

De pseudowerknemer moet zijn gegevens aan u verstrekken.

Na de melding bent u inhoudingsplichtig en gelden de gewone

regels voor de loonbelasting/premie volksverzekeringen. Dit

betekent bijvoorbeeld ook dat u de pseudowerknemer de mogelijkheid

kunt geven om deel te nemen aan een spaarregeling

Belastingdienst | Handboek Loonheffingen 2011 15 Bijzondere arbeidsrelaties | 122

(zie hoofdstuk 20) of een pensioenregeling. Ook kunt u

gebruikmaken van vrije vergoedingen en verstrekkingen

of van


de werkkostenregeling (zie paragraaf 4.4 en hoofdstuk 17). Op

de arbeidsbeloning van de pseudowerknemer moet u verder

5,65% bijdrage Zvw inhouden. Deze ingehouden bijdrage hoeft

u niet aan de pseudowerknemer te vergoeden.



Let op!

Bij opting-in brengt u de arbeidsrelatie op vrijwillige basis onder de

loonbelasting/

volksverzekeringen. U kunt uw keuze voor opting-in ook

weer terugdraaien, maar niet met terugwerkende kracht. De keuze voor

opting-in heeft geen arbeidsrechtelijke gevolgen. Er ontstaat bijvoorbeeld

geen ontslagbescherming. De afdrachtverminderingen (zie hoofdstuk 23)

zijn op de pseudowerknemer niet van toepassing.

15.16 Sekswerkers die werken

voor een exploitant

Als exploitant van sekswerkers beoordeelt u eerst of de

sekswerker in een echte dienstbetrekking werkzaam is

(zie paragraaf 1.1.1). Is de sekswerker niet in een echte

dienstbetrekking werkzaam, dan is de sekswerker in een

fictieve


dienstbetrekking werkzaam. Als exploitant moet u

de loonheffingen inhouden op het loon van de sekswerker

en betalen aan ons. Daarnaast moet u de bijdrage Zvw aan

de sekswerker vergoeden. Voor de loonheffingen zijn de

normale regels van toepassing.

1   ...   19   20   21   22   23   24   25   26   ...   55

  • Afstaan van commissarisloon
  • Belastingdienst
  • Speciale regels loonbelasting/premie volksverzekeringen voor gelijkgestelden
  • 15.11.1 Vereenvoudigde regeling voor meewerkende kinderen
  • Voorwaarden vereenvoudigde regeling voor meewerkende kinderen
  • 15.11.2 Waardering kleding meewerkende kinderen
  • 15.11.3 Waardering van aan meewerkende kinderen verstrekte maaltijden
  • 15.11.4 Waardering inwoning van meewerkende kinderen
  • De overeenkomst met werkgarantie en verschijningsplicht
  • De overeenkomst zonder werk- of loonbetalingsgarantie, maar met verschijningsplicht (nul-urencontract)
  • De overeenkomst zonder garantie en zonder verschijningsplicht

  • Dovnload 2.98 Mb.