Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Belastingdienst

Dovnload 2.98 Mb.

Belastingdienst



Pagina52/55
Datum04.04.2017
Grootte2.98 Mb.

Dovnload 2.98 Mb.
1   ...   47   48   49   50   51   52   53   54   55

Belastingdienst | Handboek Loonheffingen 2011 24 Personeel aan huis | 253

u deze aangifte digitaal. Voor personeel aan huis is er geen

aparte digitale aangifte. U moet dezelfde digitale aangifte

doen als alle andere werkgevers (zie ook hoofdstuk 10).

Als u niet meer weet welk betalingskenmerk bij welk

aangiftenummer

hoort, kunt u de zoekhulp op

www.belastingdienst.nl gebruiken. Daarmee kunt u een

betalingskenmerk samenstellen. U kunt het betalingskenmerk

dat bij uw aangiftenummer hoort, ook opvragen

bij de BelastingTelefoon: 0800 - 0543.

Verwijzingen in de toelichting bij de aangifte loonheffingen

naar de loonstaat

In de toelichting bij de papieren aangifte loonheffingen

2011 wordt bij een aantal rubrieken voor de werknemersgegevens

verwezen naar een kolomnummer van de loonstaat.

Die verwijzing is voor de loonstaat voor werknemers die niet

onder de vereenvoudigde regeling voor personeel aan huis

vallen. In de volgende gevallen geldt een afwijkend kolomnummer

voor deze vereenvoudigde regeling:

Rubriek papieren

aangifte


loonheffingen

werknemersbladen

Verwijzing naar

kolomnummer loonstaat

in de toelichting

bij de aangifte

Kolom in

de loonstaat

personeel

aan huis


3a 3 2

3b 3 2


3d 3 2

3e 4 3


3g 3 2

3i 3 2


3l 19 15

4a 8 5


6a 16 12

7a 14 10


7b 15 11

7c 18 14


Invullen van de aangifte loonheffingen

Had u in 2011 meer dan een werknemer, dan moet u voor

het invullen van het collectieve deel van de aangifte loonheffingen

2011 eerst de bedragen van de betreffende rubrieken

van alle werknemers optellen. Daarna rondt u het bedrag

af op hele euro’s (in uw voordeel).

De premies voor de werknemersverzekeringen (ww en wia)

betaalt u ook aan ons. Als u gedifferentieerde wga-premie

aan ons betaalt, dan mag u die voor de helft verhalen op

uw werknemer. Het deel van de wga-premie dat u verhaalt,

moet u inhouden op het nettoloon van de werknemer.

Voor de berekening van de basispremie wia, de gedifferentieerde

wga-premie en de sectorpremie kunt u gebruikmaken

van de hulpstaten (zie paragraaf 24.3.9). Neem voor meer

informatie contact met ons op.

24.3.8 Jaaropgaaf personeel aan huis invullen

en geven

U bent verplicht na afloop van het kalenderjaar aan uw

dienstverlener een jaaropgaaf te verstrekken, ook als hij er

zelf niet om vraagt. Op de jaaropgaaf moet u een aantal verplichte

gegevens vermelden. De jaaropgaaf personeel aan

huis is dezelfde als de jaaropgaaf voor andere werknemers.

U kunt het model van de jaaropgaaf gebruiken dat u kunt

downloaden van www.belastingdienst.nl. U mag ook een

eigen model gebruiken.

Rubriek: Gegevens werknemer

Neem de gegevens die u in deze rubriek moet vermelden,

over uit de gegevens die uw dienstverlener vóór zijn eerste

werkdag bij u moet inleveren. Houd rekening met

adreswijzigingen.

Rubriek: Gegevens werkgever

In deze rubriek vult u uw naam, adres, postcode en

woonplaats in.

Rubriek 1: Loon voor de loonbelasting/volksverzekeringen

In deze rubriek vult u het eindbedrag in van kolom 10

van de loonstaat.

Rubriek 2: Ingehouden loonbelasting/premie

volksverzekeringen

In deze rubriek vult u het eindbedrag in van kolom 11

van de loonstaat.

Rubriek 3: Verrekende arbeidskorting

In deze rubriek vult u het eindbedrag in van kolom 14

van de loonstaat.

Rubriek 4: Loonheffingskorting/met ingang van/code

In deze rubriek vult u in:

• code 0 als de loonheffingskorting niet is toegepast

• code 1 als de loonheffingskorting wel is toegepast

• ingangsdatum van het wel of niet toepassen van de

loonheffingskorting

• bij wijziging: code 0 of 1 en de datum van wijziging

Rubriek 5: BSN/sofinummer

Het bsn/sofinummer dat u in deze rubriek moet vermelden,

neemt u over uit de gegevens die uw dienstverlener vóór

zijn eerste werkdag bij u moet inleveren.



Rubriek 6: Loon Zorgverzekeringswet

In deze rubriek vult u het eindbedrag in van kolom 8

van de loonstaat.

Rubriek 7: Ingehouden bijdrage Zorgverzekeringswet

In deze rubriek vult u het eindbedrag in van kolom 12

van de loonstaat.

Belastingdienst | Handboek Loonheffingen 2011 24 Personeel aan huis | 254

Rubriek 8: Levensloopverlofkorting

In deze rubriek vult u het eindbedrag in van kolom 15

van de loonstaat.

24.3.9 Hulpstaten

Voor de vereenvoudigde regeling voor personeel aan huis

is een aantal hulpstaten ontwikkeld, die u kunt gebruiken

voor de berekening van de premies werknemersverzekeringen

(hulpstaat 1 tot en met 4) en de bijdrage Zvw

(hulpstaat 5). U kunt deze hulpstaten downloaden van

www.belastingdienst.nl.

24.4 Vrijstelling voor buitenlandse

au pairs

Voor een buitenlandse au pair hoeft u geen loonheffingen

te betalen als is voldaan aan de volgende voorwaarden:

• Voor de au pair is geen tewerkstellingsvergunning vereist.

• De beloning die de au pair krijgt voor het werk in de

huishouding en voor de verzorging en opvang van uw

kinderen, legt u vast in een overeenkomst.

• De beloning bestaat voor meer dan 90% uit:

• kost en inwoning

• een vergoeding voor ziektekosten- en

aansprakelijkheidsverzekeringen

• een geldbedrag van maximaal € 340 per maand,

dat ook gebruikt moet worden voor reiskosten, visumkosten,

bemiddelingskosten en andere kosten die

verband houden met het werk

• De au pair geniet geen ander belastbaar inkomen voor

de inkomstenbelasting.

Is niet aan deze voorwaarden voldaan, dan geldt voor

buitenlandse au pairs de regeling dienstverlening aan huis

(zie paragraaf 24.2) of de vereenvoudigde regeling voor

personeel aan huis (zie paragraaf 24.3).

Belastingdienst | Handboek Loonheffingen 2011 25 Gemoedsbezwaarden | 255

25 Gemoedsbezwaarden

Werknemers en werkgevers kunnen gemoedsbezwaard zijn.

Dat wil zeggen dat zij door een levensovertuiging bezwaar

hebben tegen elke vorm van verzekeren. Een gemoedsbezwaarde

kan bij de Sociale Verzekeringsbank (svb)

ontheffing vragen van de premieplicht voor de volksverzekeringen

(aow, Anw, awbz) en/of de werknemersverzekeringen

(zw, wao, wia, ww). Voor de Zorgverzekeringswet (Zvw)

kan geen afzonderlijke ontheffing worden aangevraagd.

Maar als uw werknemer ontheffing heeft voor de awbz,

geldt de ontheffing automatisch ook voor de Zvw.

Voor werknemers en werkgevers met een Ontheffing wegens

gemoedsbezwaren van de svb gelden speciale regels voor de

inhoudingen op het loon van de werknemer en voor de

bijdragen in de verzekeringen die een werkgever moet

betalen (de werkgeversdelen). Het gaat in dit hoofdstuk

om de volgende situaties of een combinatie ervan:

• De werknemer heeft een ontheffing voor een of meer

verzekeringen (zie paragraaf 25.1 en 25.2). U houdt bijdrageof

premievervangende loonbelasting in, in plaats van

premie volksverzekeringen en inkomensafhankelijke

bijdrage Zvw (hierna: bijdrage Zvw).

• De werkgever heeft een ontheffing voor een of meer

verzekeringen (zie paragraaf 25.3). U houdt premieof

bijdragevervangende

loonbelasting in, in plaats van

premie volksverzekeringen en bijdrage Zvw, en u betaalt

werkgeversbijdragen voor de werknemersverzekeringen.

In dit hoofdstuk vindt u ook informatie over de terugbetaling

van eventueel te veel betaalde bijdrage- of premievervangende

loonbelasting (zie paragraaf 25.4), over

premiekorting of -vrijstelling (zie paragraaf 25.5) en over de

aangifte loonheffingen en de jaaropgaaf (zie paragraaf

25.6).


Ontheffing wegens gemoedsbezwaren

De werknemer of werkgever die gemoedsbezwaren heeft

tegen elke vorm van verzekeren, kan bij de svb een formulier

Verklaring van gemoedsbezwaren indienen. De svb beoordeelt

het verzoek en geeft dan een Ontheffing wegens gemoedsbezwaren

af. In de ontheffing staat voor welke verzekeringen de

ontheffing geldt.

Tot en met 2005 gaf uwv ontheffingen af voor de werknemersverzekeringen

en de svb voor de volksverzekeringen. Sinds

2006 geeft de svb ook de ontheffingen voor de werknemersverzekeringen

af. Met ingang van 2011 zijn dat alleen nog

maar ontheffingen voor alle werknemersverzekeringen.

Ontheffingen van vóór 2011 voor een of meer werknemersverzekeringen

blijven geldig, totdat ze verlopen of worden

ingetrokken. Voor de volksverzekeringen blijven ontheffingen

voor een of meer verzekeringen mogelijk.

De svb geeft de ontheffingsgegevens door aan een aantal

instanties die bij de ontheffing betrokken zijn: het College

voor Zorgverzekeringen (cvz), uwv, de Belastingdienst

en het Waarborgfonds Motorrijtuigenverkeer.

Meer informatie over gemoedsbezwaren en het aanvragen

van een ontheffing vindt u op www.svb.nl.

25.1 De werknemer is gemoedsbezwaard

voor de volksverzekeringen en de Zvw

Als uw werknemer van de svb een ontheffing heeft voor

een of meer volksverzekeringen, moet u premievervangende

loonbelasting inhouden in plaats van premie volksverzekeringen.

Ook moet u dan bijdragevervangende loonbelasting

inhouden in plaats van de bijdrage Zvw.



Let op!

Ook als de ontheffing niet voor alle volksverzekeringen geldt, houdt u

toch voor alle volksverzekeringen en voor de Zvw premievervangende

en bijdragevervangende loonbelasting in.

De premievervangende loonbelasting bedraagt evenveel

als de premie volksverzekeringen waarvoor zij in de plaats

komt. U houdt dus gewoon het bedrag in uit de tabel

loonbelasting/premie volksverzekeringen die voor de

werknemer van toepassing is.

De bijdragevervangende loonbelasting bedraagt evenveel als

de bijdrage Zvw waarvoor zij in de plaats komt. De bijdragevervangende

loonbelasting moet u wel vergoeden aan

de werknemer. Deze vergoeding is alleen belast voor

de loonbelasting/volksverzekeringen (zie ook hoofdstuk 6).

Belastingdienst | Handboek Loonheffingen 2011 25 Gemoedsbezwaarden | 256

Hoe u de premie- en bijdragevervangende loonbelasting

verwerkt in de aangifte loonheffingen en op de jaaropgaaf,

leest u in paragraaf 25.6.

25.2 De werknemer is gemoedsbezwaard

voor de werknemersverzekeringen



Werknemersdeel van de premie

Omdat alleen de premie ww-Awf nog een werknemersdeel

heeft en dit sinds 1 januari 2009 0% is, is er in de praktijk

geen verschil meer met niet-gemoedsbezwaarde werknemers.

U hoeft dus geen premie of premievervangende loonbelasting

in te houden op het loon van de werknemer.



Werkgeversdeel van de premie

U betaalt gewoon de werkgeversdelen van de premies

werknemersverzekeringen. Die verwerkt u op dezelfde

manier in de aangifte loonheffingen als bij een nietgemoedsbezwaarde

werknemer (zie paragraaf 25.6).

Het zijn echte premies en er is dus géén sprake van

premievervangende loonbelasting.

Ook al is uw werknemer gemoedsbezwaard, u mag toch

maximaal 50% van de gedifferentieerde premie wga die

u als werkgever moet betalen, verhalen op zijn nettoloon

(zie paragraaf 5.4.6).

25.3 De werkgever is gemoedsbezwaard

voor de volksverzekeringen

en de Zvw en/of de werknemersverzekeringen

Als gemoedsbezwaarde werkgever kan worden aangemerkt:

• een natuurlijk persoon

• een rechtspersoon

Dit kan alleen als een meerderheid van de natuurlijke

personen in het bestuur hiermee instemt.

Als gemoedsbezwaarde werkgever betaalt u geen premies

volks- of werknemersverzekeringen en geen bijdrage Zvw,

maar premie- en bijdragevervangende loonbelasting.

Het maakt in de praktijk niet uit of de werknemer gemoedsbezwaard

is of niet.



Volksverzekeringen en Zvw

U houdt voor al uw werknemers premie- en bijdragevervangende

loonbelasting in in plaats van premie volksverzekeringen

en bijdrage Zvw. Zie voor meer informatie

paragraaf 25.1.

U kunt in uw verzoek om ontheffing aangeven welke volksverzekeringen

u als verzekering beschouwt. Beschouwt u

een of meer volksverzekeringen als verzekering, dan houdt

u voor alle volksverzekeringen en de Zvw premievervangende

en bijdragevervangende loonbelasting in. Beschouwt

u geen enkele volksverzekering als een verzekering, dan

gelden de normale regels en houdt u van uw niet-gemoedsbezwaarde

werknemers gewoon premie volksverzekeringen

en bijdrage Zvw in.



Let op!

Ook als de ontheffing niet voor alle volksverzekeringen geldt, houdt u

toch voor alle volksverzekeringen en voor de Zvw premievervangende

en bijdragevervangende loonbelasting in.

Werknemersverzekeringen

Omdat alleen de premie ww-Awf nog een werknemersdeel

heeft en dit sinds 1 januari 2009 0% is, is er in de praktijk

geen verschil meer tussen wel en niet-gemoedsbezwaarde

werkgevers en tussen het in dienst hebben van wel en

niet-gemoedsbezwaarde werknemers. U hoeft dus geen

premie of premievervangende

loonbelasting in te houden

op het loon van de werknemer.

In plaats van de werkgeversdelen van de premies werknemersverzekeringen

betaalt u premievervangende loonbelasting.

U betaalt deze premievervangende loonbelasting alleen

voor de verzekeringen waarvoor uw ontheffing geldt.

Voor de andere verzekeringen betaalt u de echte premies

werknemersverzekeringen, dus geen premievervangende

loonbelasting.



Let op!

U moet de premievervangende loonbelasting zelf berekenen aan

de hand van de rekenregels voor de berekening van de premies

werknemersverzekeringen.

Hoe u de premievervangende loonbelasting verwerkt

in de aangifte loonheffingen, leest u in paragraaf 25.6.

Ook al bent u gemoedsbezwaard, u mag toch maximaal

50% van de premievervangende loonbelasting (die in de

plaats komt van de gedifferentieerde premie wga) verhalen

op het nettoloon van de werknemer (zie paragraaf 5.4.6).

Het maakt niet uit of de werknemer gemoedsbezwaard

is of niet.

25.4 Te veel betaalde premie- en/of

bijdragevervangende loonbelasting

In paragraaf 5.14 en 6.3 vindt u de informatie over de

terugbetaling van te veel betaalde premies werknemersverzekeringen

en bijdrage Zvw. Die informatie geldt ook

voor de premievervangende loonbelasting (in plaats van

de premies werknemersverzekeringen) en de bijdragevervangende

loonbelasting (in plaats van de bijdrage Zvw).

Belastingdienst | Handboek Loonheffingen 2011 25 Gemoedsbezwaarden | 257

Let op!

U en uw werknemer krijgen over deze teruggaven dezelfde brief als

niet-gemoedsbezwaarde werkgevers en werknemers. Het is namelijk niet

mogelijk om voor gemoedsbezwaarden specifieke brieven te versturen.

25.5 Premiekorting of -vrijstelling

Hebt u te maken met een werknemer voor wie u premiekorting

of -vrijstelling zou kunnen krijgen? En bent u of

is uw werknemer gemoedsbezwaard? Dan mag u toch de

premiekorting of -vrijstelling toepassen. Die geldt dan

als korting op de premievervangende loonbelasting.

In paragraaf 5.6 tot en met 5.12 vindt u informatie over

de premiekortingen en -vrijstellingen.

Voor de kleinebanenregeling geldt naast een vrijstelling

voor de werknemersverzekeringen ook een vrijstelling

voor de inhouding en vergoeding van de bijdrage Zvw

(zie paragraaf 5.12). Voor gemoedsbezwaarden geldt die

vrijstelling voor de premie- en bijdragevervangende

loonbelasting.

25.6 Aangifte loonheffingen

en jaaropgaaf

Aangifte loonheffingen

Op de aangifte loonheffingen zijn geen aparte rubrieken

opgenomen voor premie- of bijdragevervangende loonbelasting.

U handelt als volgt:

• De ingehouden premievervangende loonbelasting

(in plaats van premie volkverzekeringen) vermeldt

u in de rubriek ‘Ingehouden loonbelasting/premie

volksverzekeringen’.

• De bijdragevervangende loonbelasting vermeldt u in

de rubriek ‘Ingehouden bijdrage Zorgverzekeringswet’.

• De vergoeding van de bijdragevervangende loonbelasting

vermeldt u in de rubriek ‘Werkgeversvergoeding

Zorgverzekeringswet’.

• De premievervangende loonbelasting (in plaats

van premies werknemersverzekeringen) vermeldt

u in de rubrieken voor de werknemersverzekeringen.

• De korting (premiekorting) op de premievervangende

loonbelasting vermeldt u bij de desbetreffende

premiekorting.

Omdat wij weten dat het om een gemoedsbezwaarde

werknemer of werkgever gaat, maken wij de premieen

bijdragevervangende loonbelasting afzonderlijk over

naar uwv, svb en cvz. Zowel svb als cvz houden voor de

gemoedsbezwaarde werknemer een spaarfonds of -rekening

bij. svb doet dat voor premievervangende loonbelasting

voor de aow en cvz voor bijdragevervangende loonbelasting

voor de Zvw. Gemoedsbezwaarden kunnen voor hun zorgkosten

een beroep doen op het spaartegoed bij cvz. Bij

het bereiken van de 65-jarige leeftijd kunnen zij voor de

aow-uitkering een beroep doen op het spaartegoed bij svb.

Houdt u als gemoedsbezwaarde werkgever ook voor

niet-gemoedsbezwaarde werknemers premievervangende

loonbelasting in? Dan mogen die werknemers de ingehouden

premievervangende loonbelasting (in plaats van premie

volksverzekeringen) in hun aangifte inkomstenbelasting

als ingehouden premie volksverzekeringen verrekenen.

Het is belangrijk dat u de premie- en bijdragevervangende

loonbelasting in de juiste rubrieken invult, zodat wij de

juiste bedragen aan uwv, svb en cvz kunnen afdragen.

Jaaropgaaf voor de werknemer

In bijlage 5 van dit handboek vindt u het model van de

jaaropgaaf voor de werknemer. Wij hebben geen apart

model opgenomen voor de gemoedsbezwaarde werknemer.

Als u ons model of een eigen model jaaropgaaf verstrekt,

moet u de rubrieken ‘ingehouden loonbelasting/premie

volksverzekeringen’

en ‘ingehouden bijdrage Zorgverzekeringswet’

aanpassen. U vermeldt: ‘ingehouden

loonbelasting/premievervangende loonbelasting’

en ‘ingehouden bijdragevervangende loonbelasting’.

Belastingdienst | Handboek Loonheffingen 2011 Tarieven, bedragen en percentages vanaf 1 januari 2011 | 258

De invoering van de werkkostenregeling per 1 januari 2011 heeft

voor een aantal tabellen gevolgen. Per 1 januari:

• gelden tabel 7 tot en met 13 alleen voor de oude regeling van vrije

vergoedingen en verstrekkingen

• geldt tabel 27 alleen voor de werkkostenregeling

Voor de overige tabellen heeft de werkkostenregeling geen gevolgen.

Deze gebruikt u dus als u van de oude regeling gebruikmaakt

en ook als u van de werkkostenregeling

gebruikmaakt.

In de tabellen verwijzen we naar paragrafen in het Handboek

Loonheffingen 2011.

Tarieven, bedragen en percentages

vanaf 1 januari 2011

Tabel 1 Schijventarief loonbelasting/premie volksverzekeringen (paragraaf 7.3)

Schijf Loon op jaarbasis

Loonbelasting/premie volksverzekeringen

Jonger dan 65 jaar 65 jaar, geboren in 1946

1 € 0 t/m € 18.628 33,00% 15,10%

2 € 18.629 t/m € 33.436 41,95% 24,05%

3 € 33.437 t/m € 55.694 42,00% 42,00%

4 € 55.695 of meer 52,00% 52,00%

Voor werknemers van 65 jaar en ouder, geboren in 1945 of eerder, gelden andere tariefschijven:



Schijf Loon op jaarbasis

Loonbelasting/premie volksverzekeringen

65 jaar en ouder, geboren in 1945 of eerder

1 € 0 t/m € 18.628 15,10%

2 € 18.629 t/m € 33.485 24,05%

3 € 33.486 t/m € 55.694 42,00%

4 € 55.695 of meer 52,00%

Het tarief in de derde en vierde schijf bestaat geheel uit loonbelasting. Het tarief van de eerste en tweede schijf is als volgt samengesteld:



Schijf Premiesoort Jonger dan 65 jaar 65 jaar en ouder

1 premie AOW 17,90% --

premie Anw 1,10% 1,10%

premie AWBZ 12,15% 12,15%

loonbelasting 1,85% 1,85%

totaal 33,00% 15,10%

2 premie AOW 17,90% --

premie Anw 1,10% 1,10%

premie AWBZ 12,15% 12,15%

loonbelasting 10,80% 10,80%

totaal 41,95% 24,05%

Belastingdienst | Handboek Loonheffingen 2011 Tarieven, bedragen en percentages vanaf 1 januari 2011 | 259

Tabel 2a Heffingskortingen voor de loonbelasting/premie volksverzekeringen (hoofdstuk 21)

voor werknemers tot 65 jaar

Bedrag Percentage Bijzonderheden

Algemene heffingskorting € 1.987 -- --

Arbeidskorting -- 1,716% Voor zover loon uit tegenwoordige dienstbetrekking € 9.209 of lager

• geboren in 1954 en later maximaal € 1.574 12,152% Voor zover loon uit tegenwoordige dienstbetrekking hoger dan € 9.209

• 1951, 1952 of 1953 maximaal € 1.838 14,418% Voor zover loon uit tegenwoordige dienstbetrekking hoger dan € 9.209

• 1949 of 1950 maximaal € 2.100 16,667% Voor zover loon uit tegenwoordige dienstbetrekking hoger dan € 9.209

• 1946, 1947 of 1948 maximaal € 2.362 18,915% Voor zover loon uit tegenwoordige dienstbetrekking hoger dan € 9.209

Afbouw arbeidskorting -- 1,25% van

het loon boven

€ 44.126


De afbouw is € 77 als het loon meer is dan € 50.286

Jonggehandicaptenkorting € 696 - --

Levensloopverlofkorting € 201 - Per gespaard kalenderjaar

Tabel 2b Heffingskortingen voor de loonbelasting/premie volksverzekeringen (hoofdstuk 21)

voor werknemers van 65 jaar en ouder

Bedrag Percentage Bijzonderheden

Algemene heffingskorting € 910 -- --

Arbeidskorting -- 0,785% Voor zover loon uit tegenwoordige dienstbetrekking € 9.209 of lager

maximaal € 1.081 7,921% Voor zover loon uit tegenwoordige dienstbetrekking hoger dan € 9.209

Afbouw arbeidskorting -- 0,571% van

het loon boven

€ 44.126

De afbouw is € 35 als het loon meer is dan € 50.286

Ouderenkorting € 739 -- Het loon op jaarbasis mag niet meer zijn dan € 34.857

Alleenstaande-ouderenkorting € 421 -- --


1   ...   47   48   49   50   51   52   53   54   55

  • Verwijzingen in de toelichting bij de aangifte loonheffingen naar de loonstaat
  • Invullen van de aangifte loonheffingen
  • 24.3.8 Jaaropgaaf personeel aan huis invullen en geven
  • Rubriek: Gegevens werknemer
  • Rubriek 2: Ingehouden loonbelasting/premie volksverzekeringen
  • Rubriek 5: BSN/sofinummer
  • Belastingdienst
  • Ontheffing wegens gemoedsbezwaren
  • Werknemersdeel van de premie
  • Werkgeversdeel van de premie
  • Volksverzekeringen en Zvw
  • Jaaropgaaf voor de werknemer
  • Tabel 1 Schijventarief loonbelasting/premie volksverzekeringen (paragraaf 7.3) Schijf Loon op jaarbasis Loonbelasting/premie volksverzekeringen
  • Schijf Loon op jaarbasis Loonbelasting/premie volksverzekeringen 65 jaar en ouder, geboren in 1945 of eerder
  • Schijf Premiesoort Jonger dan 65 jaar 65 jaar en ouder
  • Tabel 2b Heffingskortingen voor de loonbelasting/premie volksverzekeringen (hoofdstuk 21) voor werknemers van 65 jaar en ouder Bedrag Percentage Bijzonderheden

  • Dovnload 2.98 Mb.