Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Belastingdienst

Dovnload 2.98 Mb.

Belastingdienst



Pagina7/55
Datum04.04.2017
Grootte2.98 Mb.

Dovnload 2.98 Mb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   10   ...   55

Geen premies werknemersverzekeringen inhouden

Degenen die deze verzekeringsuitkeringen krijgen, zijn geen

werknemers voor de werknemersverzekeringen. U betaalt

dus geen premies werknemersverzekeringen.



Bijdrage Zvw inhouden

U moet de bijdrage Zvw inhouden als er sprake is van een

loontijdvak. Dat is bij verzekeringsuitkeringen uit categorie 1

en 2 het geval. In die situaties moet u dus behalve loonbelasting/

premie volksverzekeringen ook de bijdrage Zvw

inhouden. U hoeft de ingehouden bijdrage Zvw niet te

vergoeden.

De afkoopsommen van categorie 3 en 4 zijn eenmalige

uitkeringen. Ze zijn niet te koppelen aan een bepaald

loontijdvak. Krijgt een verzekerde in een jaar alléén een

afkoopsom uit categorie 3 of 4? Dan houdt u geen bijdrage

Zvw in. Maar als die verzekerde in hetzelfde jaar nog een

andere periodieke uitkering van u krijgt die wel is gekoppeld

aan een loontijdvak, moet u naast loonbelasting/premie

volksverzekeringen ook de bijdrage Zvw inhouden (5,65%).

Hierbij moet u rekening houden met een eventueel

inhaaleffect van het voortschrijdend cumulatief rekenen

(zie paragraaf 5.5.3).



Verzekeringsuitkeringen in de aangifte loonheffingen

verwerken

In uw aangifte loonheffingen gebruikt u voor verzekeringsuitkeringen

uit categorie 1, 2 en 3 de volgende codes en

tarieven:

• voor categorie 1 en 2: de normale tarieven voor de

loonbelasting/premie volksverzekeringen (groene tabel)

• voor categorie 3: het tarief volgens de tabel voor

bijzondere beloningen

• inkomenscode 32 voor de uitkeringen uit categorie 1

• inkomenscode 21 voor categorie 2 en 3

• code loonbelastingtabel:

• voor categorie 1 en 2: 021, 022, 023, 024 en 025

(afhankelijk van het loontijdvak)

• voor categorie 3: 020 (tabel bijzondere beloningen)



Belastingdienst | Handboek Loonheffingen 2011 4 Stap 4 Bepalen wat tot het loon behoort | 40

Voor verzekeringsuitkeringen uit categorie 4 gebruikt u:

• nieuw, vast loonbelastingtarief van 52%

• inkomenscode 32 voor uitkeringen in verband met ziekte, invaliditeit of ongeval

• inkomenscode 21 voor alle andere uitkeringen

• code loonbelastingtabel: 950 (‘52%-tarief in verband met

negatieve uitgaven bij afkoop van inkomensvoorzieningen’)

Let op!

Betaalt u aan dezelfde persoon een uitkering uit categorie 4 en daarnaast

een of meerdere uitkeringen uit de andere categorieën, dan moet u de

categorie-4-uitkering altijd onder een apart nummer inkomstenverhouding

in de aangifte loonheffingen opnemen. De overige uitkeringen

moet u wel samenvoegen onder één nummer inkomstenverhouding.

Belastingdienst | Handboek Loonheffingen 2011 5 Stap 5 Premies werknemersverzekeringen

berekenen | 41

5 Stap 5 Premies Werknemersverzekeringen

berekenen

U moet premies werknemersverzekeringen betalen voor

werknemers die verzekerd zijn voor de werknemersverzekeringen.

Wie wel en niet verzekerd zijn voor deze verzekeringen,

kunt u vinden in hoofdstuk 1. Welke beloningen precies horen

tot het loon waarover u premies werknemersverzekeringen

moet betalen, staat in hoofdstuk 4.

In dit hoofdstuk vindt u informatie over de volgende

onderwerpen:

• werknemersverzekeringen en premies (zie paragraaf

5.1)


• premie ww (zie paragraaf

5.2)


• premie wao (zie paragraaf

5.3)


• premie wia (zie paragraaf

5.4)


• premies werknemersverzekeringen berekenen

(zie paragraaf

5.5)

• kortingen en vrijstellingen (zie paragraaf



5.6)

• premievrijstelling oudere werknemers (zie paragraaf

5.7)

• premiekorting oudere werknemers (zie paragraaf



5.8)

• premiekorting arbeidsgehandicapte werknemers

(zie paragraaf

5.9)


• premiekortingen verrekenen en toetsen

(zie paragraaf

5.10)

• premievrijstelling marginale arbeid (zie paragraaf



5.11)

• premievrijstelling jonge werknemers (kleinebanenregeling)

(zie paragraaf

5.12)


• eigenrisicodragerschap werknemersverzekeringen

(zie paragraaf

5.13)

• teruggaaf van in 2010 te veel betaalde premies



werknemersverzekeringen

(zie paragraaf

5.14)

5.1 Werknemersverzekeringen



en premies

De werknemersverzekeringen verzekeren werknemers tegen

het inkomensverlies als ze werkloos, arbeidsongeschikt of

ziek worden. Nederland kent de volgende

werknemersverzekeringen:

• Werkloosheidswet (ww) (zie paragraaf

5.2)

• Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (wao)



(zie paragraaf

5.3)


• Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (wia)

(zie paragraaf

5.4)

• Ziektewet (zw)



Een aparte zw-premie bestaat niet meer.

De

zw-uitkeringen



worden bekostigd door bedrijven via

de premie voor de ww-Awf en de sectorpremie, en door

overheidswerkgevers via de Ufo-premie.

Als werkgever betaalt u het werkgeversdeel van de premies

werknemersverzekeringen. De premie ww-Awf kent ook een

werknemersdeel, dat u inhoudt op het loon van uw werknemer

en aan ons betaalt. Het werknemersdeel is wettelijk

vastgesteld en is voor 2011 0%. Feitelijk betaalt de werknemer

in 2011 dus geen premie.

De percentages voor de premies werknemersverzekeringen

voor 2011 vindt u in tabel 19, 20 en 24 achter in dit handboek.

5.1.1 Sectoraansluiting

Voor de werknemersverzekeringen is het bedrijfsleven verdeeld

in sectoren. Elke sector bestaat uit een of meer bedrijfsof

beroepstakken of gedeelten daarvan. U bent verplicht

aangesloten bij een van de sectoren. Bij welke sector dat is,

hangt af van uw werkzaamheden. Uitgangspunt is dat werkgevers

met dezelfde werkzaamheden bij dezelfde sector zijn

aangesloten.

U moet weten bij welke sector u bent aangesloten, omdat

de sectoraansluiting de hoogte bepaalt van de sectorpremie

die u moet betalen (zie paragraaf

5.2.2).


Beoordeling sectoraansluiting

Als u zich bij ons aanmeldt als startende werkgever, geeft

u aan welke werkzaamheden u uitvoert. Op basis daarvan

beoordelen wij onder welke sector u valt. Binnen acht weken

na aanmelding krijgt u van ons een beschikking met de

code van de sector waarbij u bent aangesloten. Tegen deze

beschikking kunt u bezwaar maken. Zolang u geen beschikking

hebt, houdt u rekening met de percentages van de

sector

waarbij u volgens u zelf hoort (zie tabel 20 achter



in dit handboek).

Zolang uw ondernemingsactiviteiten niet structureel veranderen,

blijft u aangesloten bij de vastgestelde sector. Als uw

activiteiten structureel veranderen – bijvoorbeeld als u stopt

met fabriceren en alleen nog maar als groothandel werkt –,

moet u ons binnen 14 dagen schriftelijk om een nieuwe

beoordeling

van uw sectoraansluiting vragen. U krijgt dan

een nieuwe beschikking.

Belastingdienst | Handboek Loonheffingen 2011 5 Stap 5 Premies werknemersverzekeringen

berekenen | 42

Als u hoort bij de sectoronderdelen ia of iia van sector 52

(uitzendbedrijven), delen wij u ook in in een bepaalde premiegroep:

kortingsklasse, middenklasse

of opslagklasse. De

premiegroep bepaalt de hoogte van het premiepercentage

voor het sectorfonds. Wij bepalen deze premiegroep door

het ziekteverzuimcijfer van uw onderneming te vergelijken

met het gemiddelde ziekteverzuimcijfer van de sector waar

u bij hoort.

Als uw werkzaamheden bij verschillende sectoren horen

Als uw werkzaamheden bij verschillende sectoren horen,

sluiten wij u aan bij de sector waar het merendeel van uw

werkzaamheden bij hoort. Hierbij is het werk waarvoor u

het hoogste premieloon betaalt (of naar verwachting gaat

betalen), doorslaggevend.

Wij kunnen u op uw verzoek ook bij meer dan een sector

aansluiten, een zogenoemde gesplitste aansluiting. Ook

verschillende bedrijfsonderdelen kunnen bij verschillende

sectoren worden aangesloten. Meer informatie over de

voorwaarden voor gesplitste aansluiting krijgt u bij de

BelastingTelefoon (0800 - 0543) of bij uw belastingkantoor.



Groepsaansluiting

Als u met andere werkgevers die verschillende werkzaamheden

uitvoeren, een economische of organisatorische eenheid

vormt, kunt u toch bij één sector worden aangesloten,

een zogenoemde groepsaansluiting. Hierbij is onder meer

van belang onder welke sector het grootste deel van het

totale premieloon van de aangesloten werkgevers valt.

Meer informatie over de voorwaarden voor groepsaansluiting

krijgt u bij de BelastingTelefoon (0800 - 0543) of bij uw

belastingkantoor.

5.2 Premie WW

De premie voor de ww bestaat in 2011 uit de volgende delen:

• het deel voor het Algemeen werkloosheidsfonds

(ww Awf ) (zie paragraaf

5.2.1)

• het deel voor het sectorfonds (sectorpremie)



(zie paragraaf

5.2.2)


• het deel voor de kinderopvang (zie paragraaf

5.2.3)


• het deel voor de zw (zie paragraaf

5.2.4)


Let op!

Overheidswerkgevers betalen geen premie ww-Awf en sectorpremie.

In plaats daarvan betalen zij de zogenoemde premie Uitvoeringsfonds

voor de overheid (Ufo-premie) en houden zij op het loon van hun

werknemers de zogenoemde pseudopremie-ww in. Het percentage van

de pseudopremie-ww is in 2011 0%. De Ufo-premie en de pseudopremieww

worden voor de loonbelasting/premie volksverzekeringen net zo

behandeld als de premie ww.

Als u werknemers in dienst hebt voor wie u Ufo-premie

moet betalen, en werknemers voor wie u premie ww-Awf

moet betalen, mag u deze opnemen in dezelfde aangifte

loonheffingen. In het werknemersdeel van de aangifte vult

u de Ufo-premie of de premie ww-Awf in. In het collectieve

deel neemt u het totaal op van de premie ww-Awf en het

totaal van de Ufo-premie.



Let op!

Het kan zijn dat u voor een werknemer voor het ene deel van de dienstbetrekking

Ufo-premie moet betalen en voor het andere deel premie

ww-

Awf. In dat geval neemt u deze dienstbetrekking als twee afzonderlijke

inkomstenverhoudingen in de aangifte op. U vult dus voor beide delen

van de dienstbetrekking een werknemersdeel van de aangifte in. In 2011

is het werknemersdeel van de Ufo-premie en van de premie ww-Awf 0%.

5.2.1 Deel voor het Algemeen werkloosheidsfonds

(WW-Awf)

De premie ww-Awf bestaat uit een deel voor de werkgever

en een deel voor de werknemer (zie tabel 19 achter in dit

handboek). Voor bepaalde werknemers kunt u korting

krijgen

op het werkgevers- en het werknemersdeel



(zie paragraaf

5.8 en 5.9). Het werknemersdeel houdt u in op

het loon van de werknemer. De hoogte van het werknemersdeel

wordt wettelijk vastgesteld. Voor 2011 is deze premie

0%, dus feitelijk betaalt de werknemer geen premie.

5.2.2 Deel voor het sectorfonds (sectorpremie)

De hoogte van de sectorpremie is afhankelijk van het werkloosheidsrisico

in de bedrijfs- of beroepssector waarin u werkt

(zie tabel 20 achter in dit handboek).

De volgende sectoren hebben een hoger werkloosheidsrisico

dan andere sectoren:

• agrarisch bedrijf

bouwbedrijf

• culturele instellingen

• horeca algemeen

• schildersbedrijf

Daarom gelden voor deze sectoren twee premiepercentages:

een hoog en een laag percentage. Als u werkgever bent in

een van deze vijf sectoren, bekijkt u per werknemer of u het

hoge percentage of het lage percentage moet gebruiken.

U gebruikt standaard het hoge percentage. Alleen in de

volgende

gevallen mag u het lage percentage gebruiken:

• U sluit een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor ten

minste één jaar of voor onbepaalde tijd met uw werknemer.

In de arbeidsovereenkomst moet de omvang van de arbeid

eenduidig zijn vastgelegd. Aan die voorwaarde is niet

voldaan bij een oproepcontract waarin de omvang niet is

vastgelegd of bij een nulurencontract. U mag dan dus niet

het lage percentage toepassen.

• U sluit een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor maximaal

acht aaneengesloten weken in een kalenderjaar met een

scholier of student die aan het begin van het kwartaal waarin

u de overeenkomst sluit, een wettelijk recht heeft op studieBelastingdienst

| Handboek Loonheffingen 2011 5 Stap 5 Premies werknemersverzekeringen

berekenen | 43

financiering of op vergoeding van studiekosten, of voor wie

aan het begin van dat kwartaal recht bestaat op kinderbijslag.

• U neemt tijdelijk een buitenlandse student of scholier

aan uit een ander land van de Europese Unie, IJsland,

Noorwegen, Zwitserland of Liechtenstein. De student is

maximaal acht aaneengesloten weken per kalenderjaar bij

u in dienst en is aan het begin van het kwartaal waarin u

hem aanneemt, ingeschreven bij een onderwijsinstelling

waar hij een voltijdse opleiding volgt.

• U sluit een leer/werkovereenkomst met een mbo-leerling

die de beroepspraktijkvorming van de beroepsbegeleidende

leerweg volgt.

Als uw werknemer binnen een jaar na indiensttreding recht

krijgt op een ww-uitkering, moet u met terugwerkende

kracht tot het begin van de dienstbetrekking alsnog het

hoge premiepercentage betalen. Waarom de werknemer

recht krijgt op de uitkering, maakt niet uit.

Om het lage premiepercentage te mogen gebruiken moet u

ook voldoen aan de volgende administratieve voorwaarden:

• U legt de omvang van de werkzaamheden vast in de arbeidsovereenkomst.

Een nul-urencontract is niet mogelijk.

• U bewaart de arbeidsovereenkomst bij uw loonadministratie.

• U bewaart voor een scholier of student het Model opgaaf



gegevens voor de loonheffingen (studenten- en scholierenregeling)

bij uw loonadministratie.

• U bewaart voor een buitenlandse student of scholier een

kopie van zijn International Student Identity Card (isic)

bij uw loonadministratie.

• U bewaart voor een werknemer op basis van een leer/

werkovereenkomst

een kopie van die overeenkomst

bij uw loonadministratie.

5.2.3 Deel voor de kinderopvang

De ww-premie heeft ook een deel voor kinderopvang.

Dit is verwerkt in een opslag op de sectorpremie van 0,34%.

5.2.4 Deel voor de ZW

De ww-premie bestaat ook voor een deel uit zw-premie: een

aparte zw-premie bestaat niet. De zw-premie is verwerkt in

een opslag op de sectorpremie.

5.3 Premie WAO

De premie wao bestaat in 2011 alleen uit de basispremie

wao. Met ingang van 2011 hoeft u geen uniforme premie

wao meer te betalen.



Basispremie WAO

De basispremie wao is voor alle werkgevers gelijk (zie tabel

19 achter in dit handboek). U betaalt deze basispremie samen

met de basispremie iva en wga (wia) (zie paragraaf 5.4.1).

De totale premie is 5,10%.

In 2011 beschikking gedifferentieerd WAO-premiepercentage

2006 of 2007

Krijgt u in 2011 voor het eerst een gedifferentieerd waopremiepercentage

voor 2006 of 2007, of krijgt u naar

aanleiding van een bezwaar een nieuw percentage? Dan kan

dat (nieuwe) percentage afwijken van het percentage dat u

in uw aangiften loonheffingen hebt gebruikt. U hebt dan te

veel of te weinig premie betaald. U kunt dit op twee

manieren corrigeren:

• U corrigeert de gedifferentieerde premie wao in de aangiften

loonheffingen die u hebt gedaan, door het verzenden

van correcties.

• U vraagt ons om een naheffing of een teruggaaf voor het

verschil tussen het betaalde en het nieuwe premiebedrag.

Gebruik daarvoor het formulier Verzoek om teruggaaf of



naheffing wao/wga. U kunt dit formulier downloaden van

www.belastingdienst.nl. Als u dit formulier opstuurt, hoeft

u voor 2006 en 2007 geen losse correcties in te sturen.

5.4 Premie WIA

De Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (wia)

bestaat uit de volgende regelingen:

• Inkomensvoorziening volledig arbeidsongeschikten (iva)

• Werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten (wga)

De premie voor de wia bestaat in 2011 uit:

• de basispremie iva en wga

• een gedifferentieerde premie wga

Voor de iva bestaat geen gedifferentieerde premie.



5.4.1 Basispremie IVA en WGA (WIA)

De basispremie iva/wga(wia) is voor alle werkgevers gelijk

(zie tabel 19 achter in dit handboek). U betaalt deze basispremie

samen met de basispremie wao (zie paragraaf

5.3).

De totale premie is 5,10%.



5.4.2 Gedifferentieerde premie WGA

Wij stellen het gedifferentieerde wga-premiepercentage

vast. U krijgt van ons een beschikking met het gedifferentieerde

wga-premiepercentage dat voor u geldt.

Uw gedifferentieerde wga-premiepercentage is afhankelijk

van het arbeidsongeschiktheidsrisico in uw onderneming.

Voor 2011 houden wij daarbij rekening met het aantal (ex-)

werknemers van u dat op de eerste ziektedag bij u in dienst

was en in 2009:

• een wao-uitkering heeft gehad die nog geen vijf jaar loopt

• een wga-uitkering heeft gehad die nog geen vier jaar loopt

(voor een uitkering die is ingegaan voor 1 januari 2007)

• een wga-uitkering heeft gehad die nog geen tien jaar

loopt (voor een uitkering die is ingegaan op of na

1 januari

2007).


Belastingdienst | Handboek Loonheffingen 2011 5 Stap 5 Premies werknemersverzekeringen

berekenen | 44

Voor het bepalen van het arbeidsongeschiktheidsrisico in

uw onderneming delen wij de som van de wao- en wgauitkeringen

van deze werknemers door uw gemiddelde

premieloon

over 2005 tot en met 2009. De som van de waoen

wga-uitkeringen en het gemiddelde premieloon waarmee

wij hebben gerekend, staan in de beschikking. Het percentage

dat we op deze manier hebben berekend, vergelijken wij

met het landelijke gemiddelde percentage (het gemiddelde

werkgeversrisicopercentage). Op grond van deze vergelijking

stellen wij uw percentage hoger of lager vast.

Deze systematiek geldt voor grote en voor kleine werkgevers.

U bent in 2011 een grote werkgever als het totaal van de

premielonen

van uw werknemers in 2009 meer was dan

€ 747.500. U bent in 2011 een kleine werkgever als het totaal

van de premielonen in 2009 niet meer was dan € 747.500.

Bent u het niet eens met uw indeling als kleine of grote

werkgever, dan kunt u ons onder de volgende voorwaarden

vragen uw indeling aan te passen:

• U toont aan dat het totaal van de premielonen van

uw werknemers in 2011 ten minste € 934.375 is (als u bent

ingedeeld als klein en wilt worden ingedeeld als groot)

of maximaal € 560.625 is (als u bent ingedeeld als groot

en wilt worden ingedeeld als klein).

• U doet uw verzoek uiterlijk zes weken nadat u van ons

uw wga-premiepercentage hebt gekregen.

Let op!

Bij een overgang van een onderneming gelden specifieke regels voor

het gedifferentieerde wga-premiepercentage dat u moet gebruiken

(zie paragraaf

5.4.4).

U bent een grote werkgever

Voor grote werkgevers geldt in 2011 voor de gedifferentieerde

premie wga een minimumpercentage van 0,07% en een

maximumpercentage van 2,20%.



U bent een kleine werkgever

Voor kleine werkgevers geldt in 2011 voor de gedifferentieerde

premie wga een minimumpercentage van 0,56% en een

maximumpercentage van 1,65%.



U bent een startende werkgever

U bent een startende werkgever als u – zonder dat er sprake is

van een overgang van onderneming (zie paragraaf

5.4.4) – in

2009 of later werkgever bent geworden. Als u een startende

kleine werkgever bent, is uw percentage voor de gedifferentieerde

premie wga in 2011 0,56%. Als u een startende grote

werkgever bent, is uw percentage voor de gedifferentieerde

premie wga in 2011 0,62%.

Rekenpremie voor werknemers WSW

Als u een werknemer in dienst hebt op grond van de Wet

sociale werkvoorziening (wsw), geldt voor deze werknemer

altijd de zogenoemde rekenpremie in plaats van de gedifferentieerde

premie wga die wij voor u hebben vastgesteld.

Voor 2011 is deze rekenpremie 0,62%.



5.4.3 Gedifferentieerd WGA-premiepercentage

niet of te laat gekregen

Het kan voorkomen dat u onze beschikking met het gedifferentieerde

premiepercentage wga niet of te laat hebt

gekregen.

Hier leest u wat u dan moet doen.

Geen beschikking met gedifferentieerd WGA-premiepercentage

2011 gekregen

Als u voor 2011 nog geen beschikking hebt gekregen, gebruikt

u voorlopig een gedifferentieerd premiepercentage wga van

0,56% als u een kleine werkgever bent en 0,62% als u een

grote werkgever bent.

Als u in de loop van 2011 uw beschikking krijgt en het definitieve

gedifferentieerde premiepercentage niet afwijkt van het

percentage dat u hebt gebruikt, hoeft u niets te doen. Is het

definitieve premiepercentage hoger of lager, dan gebruikt

u het definitieve percentage vanaf de eerstvolgende aangifte.

U moet ook de eerdere aangiften over 2011 waarin u het

voorlopige premiepercentage hebt gebruikt, corrigeren.

Dat doet u bij de eerstvolgende of daaropvolgende aangifte.

Het bedrag dat u moet bijbetalen of dat u te veel hebt

betaald, verrekent u met het bedrag dat u moet betalen over

het aangiftetijdvak waarbij u de correctie indient (zie hoofdstuk

11). Maar u kunt ons ook vragen om een teruggaaf of

naheffing voor het verschil tussen het betaalde en het nieuwe

premiebedrag. Gebruik daarvoor het formulier Verzoek om

teruggaaf of naheffing wao/wga, dat u kunt downloaden van

www.belastingdienst.nl.



In 2011 beschikking gedifferentieerd WGA-premiepercentage
1   2   3   4   5   6   7   8   9   10   ...   55

  • Verzekeringsuitkeringen in de aangifte loonheffingen verwerken
  • Belastingdienst
  • Beoordeling sectoraansluiting
  • Als uw werkzaamheden bij verschillende sectoren horen
  • 5.2.1 Deel voor het Algemeen werkloosheidsfonds (WW-Awf)
  • 5.2.2 Deel voor het sectorfonds (sectorpremie)
  • 5.2.3 Deel voor de kinderopvang
  • In 2011 beschikking gedifferentieerd WAO-premiepercentage 2006 of 2007
  • 5.4.1 Basispremie IVA en WGA (WIA)
  • U bent een grote werkgever
  • U bent een startende werkgever
  • Rekenpremie voor werknemers WSW
  • 5.4.3 Gedifferentieerd WGA-premiepercentage niet of te laat gekregen
  • In 2011 beschikking gedifferentieerd WGA-premiepercentage

  • Dovnload 2.98 Mb.