Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Braille lezen en schrijven

Dovnload 20.74 Kb.

Braille lezen en schrijven



Datum11.07.2017
Grootte20.74 Kb.

Dovnload 20.74 Kb.

Braille lezen en schrijven

Het brailleschrift.


Braille of brailleschrift is de naam van het stelsel van voelbare puntjes, dat door blinden over de hele wereld wordt gebruikt. dankzij dit schrift kunnen blinden lezen, schrijven, leren, een muziekstuk instuderen, hulpmiddelen gebruiken en met de computer werken.

Het brailleschrift, dat al in de eerste helft van de negentiende eeuw werd ontwikkeld, heeft de ontplooïngskansen van blinden aanmerkelijk vergroot.

Het schrift is genoemd naar de Fransman Louis Braille, die het schrift heeft uitgevonden. Elk brailleteken bestaat uit één of meer voelbare puntjes - maximaal zes – die verschillende combinaties vormen. In totaal kunnen zo 63 verschillende tekens worden gemaakt. Zo bestaat de a uit 1 puntje, de b uit 2 puntjes onder elkaar, de c uit 2 puntjes naast elkaar en de g uit een blokje van 4 puntjes.

Om de e-accent aigu (é) te maken heeft men alle 6 de puntjes nodig. Deze staan dan in 2 rijtjes naast elkaar van 3 puntjes onder elkaar, zoals de 6 op een dobbelsteen.


Omdat de 63 tekens snel op zouden zijn, wanneer je hieruit 26 hoofdletters, 26 kleine letters, 10 cijfers en een stuk of 10 leestekens zou moeten maken, heeft Louis Braille een aantal besparende maatregelen bedacht. Zo worden voor de eerste 10 cijfers dezelfde tekens gebruikt als voor de eerste 10 letters van het alfabet. De a is 1, de b is 2, de c is 3, enzovoort, tot de j is 0. Om te weten of er een letter of een cijfer wordt bedoeld, wordt deze letter voorafgegaan door het zogenaamde cijferteken.

Dit cijferteken is een soort toverspreuk, die bepaalt, dat de letters, die direct achter dit cijferteken staan, cijfers zijn geworden. Staan direct na het cijferteken de letters a, b en c, dan vormen die dus het getal 123.


Op ongeveer dezelfde manier kan met een zogenaamd hoofdletterteken aangegeven worden, dat de letter na dit teken geen kleine, maar een hoofdletter is.
Met de 63 brailletekens kan niet alleen het Nederlandse alfabet worden weergegeven, maar bijvoorbeeld ook het Russische en het Griekse alfabet, het Arabische en het Hebreeuwse alfabet, terwijl zelfs voor het weergeven van Chinees en japans brailletekens zijn vastgesteld. Het brailleschrift wordt over de hele wereld gebruikt, al heeft een bepaald Brailleteken soms in verschillende talen een andere betekenis.
Ook voor tekens uit de wiskunde, scheikunde, natuurkunde, informatica, Enzovoort, zijn brailletekens afgesproken.

Braille lezen.


Braille wordt gelezen door met beide wijsvingers of de middelvingers heel licht van links naar rechts over de brailletekens te strijken. De handen van een geoefende braillelezer glijden daarbij razendsnel over het papier, hoewel braille lezen altijd langzamer gaat dan lezen met de ogen. Omdat de puntjes bij het lezen slechts heel licht worden aangeraakt, zal een brailletekst ook na veel lezen nauwelijks slijten. Een voordeel van braille is, dat je het ook in het donker, bijvoorbeeld in bed, zonder meer kunt lezen. Koude handen vormen echter wel een belemmering voor goed braillelezen.

Braille schrijven.


Braille schrijven gebeurt op vrij dik, stevig papier. Hierin worden aan de ene kant kuiltjes geprikt, waardoor aan de andere kant bobbeltjes, de braillepuntjes, ontstaan. Vroeger gebruikte men hiervoor een reglette, een metalen malmet een aantal rechthoekige vakjes en een prikpen. Met die prikpen werden de brailletekens spiegelbeeldig van rechts naar links in het papier geprikt; draaide men het papier om, dan kon men lezen, wat men geschreven had. Dit was een tijdrovend en inspannend werk. Het is thans nauwelijks denkbaar, dat op deze wijze in het begin van de vorige eeuw door vrijwilligers boeken van zwartdruk in braille werden omgezet.
De brailleschrijfmachine heeft braille schrijven een stuk eenvoudiger gemaakt. Deze machine heeft 6 toetsen, 1 toets voor elk der braillepunten en een spatietoets. Door een of meer toetsen tegelijkertijd in te drukken, wordt een brailleteken gevormd en in het papier geprikt. Deze techniek is niet zo moeilijk en met wat oefening kan men met de brailleschrijfmachine een vrij hoge schrijfsnelheid bereiken.
Steeds meer blinden maken tegenwoordig gebruik van een computer, waaraan een brailleleesregel is gekoppeld. Met die brailleleesregel kan een deel van een tekstregel op het gewone beelscherm in braille worden weergegeven. Door het gebruik van de toetsen, letters en cijfers, van het gewone toetsenbord worden de met die letters en cijfers corresponderende braillepuntjes door middel van electrisch bestuurde pennetjes op de leesregel voelbaar. Als men het tekstdeel op de leesregel heeft gelezen, kan men dat laten verdwijnen en een volgend stukje tekst oproepen.

Drukpers / brailleprinter


Tot voor kort werden grote hoeveelheden brailletekst, denk aan studieboeken en tijdschriften, e.d. via speciale drukpersen op de blindenbibliotheken (anders lezen bibliotheken) vermenigvuldigd. Tegenwoordig kan dit ook met een brailleprinter, die net als een gewone printer aan een computer kan worden gekoppeld.
Een brailleschrijfmachine, een brailleleesregel en een brailleprinter zijn erg dure apparaten; ze kunnen voor thuisgebruik worden aangevraagd in het kader van de sociale wetgeving (zorgverzekering). De brailleleesregel is overigens (nog) niet in staat grafisch beeld, zoals plaatjes en foto’s, weer te geven. De overstap van MS Dos naar Windows gaf technisch veel problemen.
Het braillesymbool, voelbaar op de brailleleesregel, moest speciaal voor het gebruik daarvan worden aangepast. Het brailleteken bestaat nu niet uit 6 (de 6 op een dobbelsteen), maar uit 8 puntjes, te weten 2 rijtjes van 4 puntjes onder elkaar. De onderst 2 puntjes verschijnen o.a. als er sprake is van een hoofdletter of een cijfer. Zij vervangen het hoofdletter- en het cijferteken.

Braille leren


Braille leren is zeker niet alleen een kwestie van allerlei verschillende brailletekens uit het hoofd leren. Veel belangrijker is het de juiste techniek te leren en de gevoeligheid van de vingertoppen te ontwikkelen. Blinde kinderen leren het brailleschrift in of via de speciale blindenscholen. Mensen, die op latere leeftijd blind of zeer slechtziend worden, kunnen leren braillelezen en –schrijven bij een van de regionale instellingen voor hulpverlening aan blinden en slechtzienden of tijdens een revalidatieperiode bij Visio Het Loo Erf, het landelijke revalidatiecentrum voor blinden en slechtzienden in Apeldoorn.

Iemand, die op latere leeftijd leert braillelezen zal nooit zo’n hoge leessnelheid bereiken als iemand, die al van jongs af aan met brailleschrift vertrouwd is geraakt. De tijd, die men nodig heeft te leren braillelezen, kan variëren van 1 - 2 maanden tot 1 - 2 jaar. Een goed doorzettingsvermogen is dan ook een eerste vereiste. De gevoeligheid van de vingertoppen kan men alleen ontwikkelen door heel veel te oefenen.

Louis Braille.
Louis Braille leefde van 1809-1852.

Hij werd geboren in Coupvray, een dorpje in de buurt van Parijs. Op 4-jarige leeftijd stak hij zich, spelend in de zadelmakerij van zijn vader, met een priem in zijn oog. De ontsteking, die toen ontstond, maakte hem blind.

Bij werd leerling van het pasopgerichte blindeninstituut te Parijs. Het onderwijs werd hier grotendeels mondeling gegeven. Ook had men enkele boeken met gewone letters in reliëf. Het maken van deze boeken was echter kostbaar en ingewikkeld. Het lezen van zulke reliëfletters met de vingers ging heel langzaam en de leerlingen konden het niet zelf schrijven.

Louis Braille ontwikkelde een veel beter bruikbaar schrift voor blinden, dat later naar hem genoemd zou worden. Het idee hiervoor ontleende hij aan een systeem van voelbare tekens, dat in het leger werd gebruikt om ’s nachts boodschappen door te geven.

In 1825 presenteerde Louis Braille zijn eerste alfabet, dat later nog door hemzelf werd uitgewerkt en aangevuld. In 1834 presenteerde hij ook een systeem om muziekschrift weer te geven.

Als leraar aan het blindeninstituut en als organist van een van de grote kerken in Parijs was Louis Braille misschien zelf wel de eerste, die intensief gebruik maakte van zijn eigen uitvinding. Ondanks de grote kwaliteiten van het brailleschrift zou het toch nog tot het eind van de 19e eeuw duren voor het in en buiten Frankrijk algemeen toepassing zou vinden.

Braille boeken en tijdschriften.
De blindenbibliotheken in Nederland hadden tot voor kort (eind 20e eeuw) gezamenlijk een collectie van enkele tienduizenden brailleboeken op papier. Romans, populair wetenschappelijke boeken, schoolboeken, studieboeken en muziek.

In vroeger tijden werden brailleboeken door vrijwilligers vanuit het zwartdrukboek via een reglette geprikt of via de brailleschrijfmachine overgeschreven.

Voor het overzetten van 1 bladzijde gewone tekst heeft men gemiddeld 3 bladen braillepapier nodig. Een brailleboek neemt dan ook veel meer ruimte in beslag dan een gewoon boek; het bestaat meestal uit een aantal dikke braillebanden.

Van de meeste brailleboeken bestond maar 1 exemplaar, dat bij een van de blindenbibliotheken kon worden geleend. Slechts enkele boeken werden in een grotere oplage aangemaakt en konden gekocht worden. In het verleden werden brailleboeken, net als gewone boeken, gedrukt met zetwerk: Losse, loden brailleletters in raamwerk. Later gebruikte men metalen platen of kunststof bladen, waarin de brailleteksten geponst werden.

Nu digitale techniek ontwikkeld is en de opslag van brailleboeken op papier een heleboel ruimte in beslag neemt, is overgegaan op een andere aanpak.

De boektekst, vaak al door de uitgever via electronische weg aangeleverd, wordt via de bibliotheek in de eigen computer bewaard. Vraagt een braillelezer naar een bepaalde titel dan wordt de tekst via een brailleprinter gereproduceerd en als wegwerpboek aan de betreffende lezer toegezonden. Wenst deze het boek in braille te behouden, dan kan dat dus.

In het andere geval belandt het boek in de papiercontainer. Op deze wijze kan de bibliotheek net zoveel exemplaren aanmaken als gewenst. Het omzetten van tijdschriften in braille gebeurt via scannen en wederom opslaan in de computer.

Een brailledrukpers wordt op tekst en aantal vanuit de computer aangestuurd en het tijdschrift wordt gebrailleerd. Men abonneert zich op brailletijdschriften, vaak tegen dezelfde abonnementsprijs als die van het gewoon gedrukte blad. Te denken valt daarbij bijvoorbeeld aan een wekelijks verschijnend radio-tv blad in braille.


Vanaf 2007 wordt het omzetten van algemene lectuur in aangepaste leesvormen gecoördineerd door de Ver. Openbaar Bibliotheekwerk en is de uitleentaak door de blindenbibliotheken afgebouwd. Aanvragen lopen nu via 1 loket (Loket aangepast lezen) in Den Haag.

Hulpmiddelen.


Een groot aantal gezelschapsspelen en hulpmiddelen is met behulp van brailletekens geschikt gemaakt voor gebruik door blinden. Zo zijn er speelkaarten met brailleaanduidingen en een bord waarop scrabble of monopoly in braille kan worden gespeeld. Er zijn thermometers, weegschalen, klokken en wekkers met brailleaanduiding; maar ook bestaan er aardrijkskundekaarten en plattegronden in reliëf met brailleaanduidingen. Ook woordenboeken, kookboeken, en bijv. de bijbel zijn in braille verkrijgbaar.

De Postbank en de Rabobank verzorgen voor hun klanten de dagafschriften in braille. Er worden agenda’s, kalenders met cijfers en tekst in braille uitgegeven. Bovendien kunnen blinden zelf allerlei braille etiketten vervaardigen met behulp van dymotape of zelfklevend doorzichtig folie.


Kortom, het brailleschrift is een uitvinding, die uit de leefwereld van veel blinde en zeer slechtziende mensen niet meer is weg te denken.

Oorspronkelijke tekst (1993) - Ronald Polderman



Berwerking en aanvulling - Marijke Kemper-Buiskool


Dovnload 20.74 Kb.