Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


College 1 17 maart

Dovnload 115.5 Kb.

College 1 17 maart



Pagina1/5
Datum25.10.2017
Grootte115.5 Kb.

Dovnload 115.5 Kb.
  1   2   3   4   5

Cultuur & Mobiliteit - deel 2

College 1 - 17 maart


Materiële en virtuele mobiliteit

  • Flows of things

  • Being online, social media, facebook

Aandacht voor virtuele en materiele mobiliteit  wisselwerking tussen commodity’s & ideeën en waarden in fysieke en in virtuele vorm en wat betekent dat voor de relatie tussen virtuele en materiele mobiliteit en mensen.Wat betekent het (voor ons) dat we vanaf onze computer toegang hebben tot de rest van de wereld?
Paige West - inleiding

Specialty and single-origin coffees, fair-trade and organic coffee from Papua.

In het bijzonder besteedt ze aandacht aan het feit dat wij in Nederland een flink bedrag voor fairtrade/single-origin koffie betalen, maar als je gaat kijken naar wat de growers van de koffie krijgen, dan is er een enorm verschil in prijs zichtbaar. Waar de boer een halve dollar voor een pond koffie krijgt, betalen wij er al gauw 12 dollar voor. Wat gebeurt er in de tussentijd? Hoe komt het dat de waarde van de koffie zo verhoogd wordt?



  • Koffie biedt haar een venster op de mondiale economie en de manieren waarop arbeid, waarden, culturele voorstellingen, ideeën over natuur en cultuur ontstaan en vorm krijgen. Sinds de toename van producten die over de wereld heen gingen heeft koffie in de voorhoede gezeten.

  • In Papoea-New-Guinea is 1 op de 3 inwoners op de een of andere manier verbonden met de koffie-industrie “the people’s industry”. Het verbindt mensen met de rest van de wereld. “Commune of commodity’s (Appadurai)”.

  • Interessant aan koffie is dat het voor de producenten het moderne leven symboliseert, het staat in contrast met traditioneel leven.

  • Koffie is een manier om kosmopolitisch te zijn, het biedt mogelijkheden om kosmopolitische aspiraties te hebben. Het is een belangrijk export product, en een symbool van de natie zelf. De vogel die op de koffieverpakking is afgebeeld is het symbool van het land.

  • Echter, al deze symbolische betekenissen van koffie verdwijnen bijna letterlijk op het moment dat de koffie de grens over gaat. De manier waarop de koffie hier zijn waarde krijgt is het tegenovergestelde van moderniteit. Door fairtrade te kopen, doe je goed voor de primitieve exotische mensen in dat verre land die de koffie verbouwen.

Er kleven sociale en culturele waarden aan de consumptie van koffie, er valt meer aan te ontlenen dan alleen dorstlessing



  • Identiteit vormgeven

  • Politiek

  • Duurzaamheid/fairtrade status

Typisch kenmerk van neoliberalisme in de markt is de manier waarop wij als consumenten worden aangesproken om ons als individuen identificeren.


Hoe West zich theoretisch positioneert.


Inda and Rosaldo 2002 over globalisering en cultuur

Globalisering leidt tot een diepgaande reorganisatie van tijd en ruimte

Transport en technologie maken het een stuk makkelijk om te communiceren. Transport: je vliegt zo voor een weekendje naar Barcelona.



Inda en Rosaldo observeren vier aspecten van globalisering:

  1. Versnelling van stromen van kapitaal, goederen, mensen, beelden en ideeën/ideologieën.

  2. Toename van aantal relaties en vormen van interactie.

  3. Er zijn veel sociale, economische, culturele en politieke activiteiten die over grenzen heen gaan. Die maken handelen vanaf een afstand mogelijk.

  4. Toegenomen verbondenheid en verwevenheid van de ‘global’ en de ‘local’.

Consequentie van deze vier observaties is dat cultuur niet alleen gedeterritorialiseerd raakt, maar zal ook weer opnieuw geterritorialiseerd worden.

 Cultuur is mobiel, en niet langer gebonden aan een bepaalde specifieke plaats. Cultuur kan je niet langer zien als het natuurlijke eigendom van geografisch begrensde volken. Cultuur is niet langer vast te leggen op een specifieke plaats.


  • Het automatische denken in plaats en cultuur, en dus mensen horen in een bepaalde plaats en hebben een bepaalde cultuur, zit heel diep verankerd in hoe we naar de wereld kijken en hoe bijvoorbeeld ook beleid wordt vormgegeven.


Het probleem van het (Westers) cultureel imperialisme. “We veranderen langzaam in een kapitalistische monocultuur gericht op consumptie. We lopen allemaal in dezelfde kleren, drinken allemaal Coca-Cola en eten allemaal noedels en drinken allemaal koffie.”  Inda en Rosaldo vinden dit te simpel gedacht:

  1. Mensen die niet in het Westen wonen worden vaak gezien als passieve ontvangers, maar cultuur laat zich niet op een eenzijdige manier overbrengen. Mensen geven overal hun eigen draai aan en niets wordt zo maar rechtlijnig overgenomen. Manier waarop wij noedels eten is niet hetzelfde zoals dat in Indonesië gebeurd.

  2. Globalisering is geen simpele stroom van het Westen naar de rest van de wereld. Eigenlijk is het eerder andersom.

  3. Er zijn circuits van cultuur die het Westen omzeilen. Het lukt niet meer om alle inwoners van een land in goede nationale subjecten te vormen. Niet alle Nederlanders voelen zich alleen 100% Nederlands, voelen zich ook verbonden met elders. Levens spelen zich niet meer alleen af binnen de grenzen van een natiestaat.vanzelfsprekende verbinding tussen territorium, etniciteit, identiteit, soevereiniteit en natiestaten is verbroken.

    • Zo kan je ook bedenken dat het Westen en Europa helemaal niet meer zo belangrijk en centraal zijn als “vroeger”.

    • “The rest” circumventing “the West”  voorbeeld in documentaire Tegenlicht: Zwart geld: De toekomst komt uit Afrika

Inda en Rosaldo stellen een andere conceptualisering voor als we het hebben over globalisering en cultuur  dislocation:

We moeten niet meer denken in een kern-periferie model, dat lijkt helemaal niet meer van toepassing. Waarschijnlijk kunnen we dat wat er aan de hand is veel beter vangen middels een “complexly interconnected cultural space”. Globalisering is niet zomaar een westers project, maar een mondiaal project, krijgt een verschillende uitwerking op verschillende plaatsen.


Kosmopolitisme

Definities van kosmopolitisme:



  • Komt van het Grieks Kosmos (universe) en Polis (City) - universal citizenship.

  • Kosmopolitisme  wereldburger “Citizen of the World”.


Filosoof Kant: kosmopolitisch burger is sterk gekoppeld aan het Westen en verbonden met het Verlichtings ideaal. Het denken in pluralisme en dat de wereld groter is dan alleen jezelf en je eigen land/volk.

Vertovec en Cohen geven hier kritiek op en zeggen dat deze filosofie al veel langer bestond, en niet begon in de Verlichting en bij Kant.


Vertovec en Cohen over Kosmopolitisme

Kosmopolitisme kan worden gezien als:



  1. Een sociaal-culturele conditie, ofwel we leven in een kosmopolitische tijd. Nieuwe communicatiemiddelen, massa toerisme, enorme hoeveelheid migratie, stroom van goederen en internet hebben allemaal impact op de sociaal-culturele verbintenissen in de wereld op een schaal die nog niet eerder is gezien. Dus met kosmopolitisme kun je verwijzen naar de tijd waarin we nu leven.

  2. Een filosofische kijk op de wereld, soort wereldbeeld.

  3. Een politiek project gericht op ontwikkeling van transnationale organisaties en instituten. Civil Society, EU, Human Rights, etc. Kosmopolitisme is ook het begrip wat slaat op het politieke project voorbij de natiestaat.

  4. Een politiek project voor het erkennen van meervoudige identiteiten. Diverse vormen waarop je jezelf identificeert en affilieert. Veel mensen identificeren zich niet meer op een eenduidige manier, al dan niet vrijwillig/bewust.

  5. Een “state of mind”, een dispositionele oriëntatie. Interesseren voor de culturele ander. Een kosmopoliet kenmerkt zich door een openheid voor cultureel verschil (past goed bij Hannerz).

  6. Kosmopolitisme als een praktijk of als een competentie. Bijvoorbeeld onze studie als ultiem voorbeeld van een kosmopolieten burger.


Hannerz over Kosmopolitisme (1990)

Kosmopolitisme als een “state of mind”. Een oriëntatie en bereidheid om te engageren met de ander.

Hannerz reserveert de term kosmopolitisme voor de elite. Mensen voor wie openheid voor nieuwe ervaringen een deel van hun beroep is, het is hun roeping. Het is een soort ethos en praktijk van individuen en groepen die open staan voor cultureel verschil en streven naar een intercultureel respect en samenleven.

Hannerz stelt het idee van globalisering als een redelijke ongecompliceerd West versus de rest model. Het centrum-periferie model zie je hierin terugkomen, waarbij het Westen de kern is. Dat betekent dat hij het begrip kosmopolitisme dan ook reserveert voor een Westerse elite.

Migranten, vluchtelingen, toeristen kunnen volgens hem niet kosmopolitisch zijn, want ze missen het bewustzijn en de openheid om verschillen te kunnen waarderen. Het zijn geen deelnemers, maar toeschouwers. Ze leven er wel, maar min of meer afgesloten van andere culturele vormen. Een kosmopoliet is een participant i.p.v. een toeschouwer. Bij een kosmopoliet is er geen sprake van Home plus.


Hannerz reserveert de term kosmopolitisme dus voor de Westerse elite.

Hierop is veel kritiek gekomen. Met als belangrijkste kernpunten:



  • Kosmopolieten zijn niet noodzakelijkerwijs mensen die deel uit maken van de Westerse elite.

  • Je kunt ook kosmopolitische zijn zonder dat je reist.


Kritiek op Hannerz

Appiah - rooted cosmopolitanism.

  • Je kunt geworteld zijn op een specifieke geografische plek en toch kosmopolitisch zijn door je omgang en openheid naar anderen.

Clifford - discrepant cosmopolitanism

  • Vluchtelingen zijn wel degelijk kosmopolieten. Om zich staande te houden in een nieuwe omgeving zullen ze zich open moeten stellen voor de culturele ander. De taal leren, bepaalde gebruiken overnemen. Puur en alleen om je staande te houden in het dagelijks leven.

Bhabha - Vernacular cosmopolitanism

  • Heel veel mensen zijn in de samenleving een etnische minderheid. Door hun positie zijn ze gedwongen om in culturele vertaling te leven. Kosmopolitisch om zich staande te houden. Culturele pluraliteit is van alle tijden. Al langer noodzaak om te kunnen omgaan met de culturele ander.


Een bruikbare typering komt van Stuart Hall

  • Kosmopolitisme van bovenaf (‘from above’)

Past goed bij Hannerz. Geprivilegieerde vorm van kosmopolitisme, gaat vaak samen met mondiale entrepreneurs. Via bedrijfsleven het kapitaal volgen. Vrijwillig kosmopolitisme, verbonden aan mobiliteit die mensen in toerisme en expats-leven opzoeken.

  • Kosmopolitisme van onderaf (‘from below’)

Kosmopolitisme als noodzakelijkheid omdat mensen over grenzen bewegen. Mensen die in transit leven, in vluchtelingen kampen. Ze leven een ‘global life’ uit noodzaak en als gevolg van de moeilijkheden die globalisering in alle vormen met zich meebrengt. Omvat eigenlijk de kritiek die op Hannerz is gekomen. Kosmopolitisch zijn uit noodzaak. Je staande houden in nieuwe omgevingen gaat samen met je aanpassen en openstaan voor andere culturen, gebruiken, talen, etc.
Conclusie kosmopolitisme

  • Kosmopolieten zijn niet per se leden van de elite.

  • Je kan kosmopoliet zijn zonder te reizen

  • Hoeft niet per se in de grote steden plaats te vinden.
  1   2   3   4   5

  • Paige West - inleiding
  • Inda and Rosaldo 2002 over globalisering en cultuur
  • Kosmopolitisme
  • Vertovec en Cohen over Kosmopolitisme
  • Hannerz over Kosmopolitisme (1990)
  • Met als belangrijkste kernpunten
  • Een bruikbare typering komt van Stuart Hall
  • Conclusie kosmopolitisme

  • Dovnload 115.5 Kb.