Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Collegebesluit Collegevergadering: 20 mei 2014 onderwerp

Dovnload 129.16 Kb.

Collegebesluit Collegevergadering: 20 mei 2014 onderwerp



Datum02.06.2018
Grootte129.16 Kb.

Dovnload 129.16 Kb.

Collegebesluit

Collegevergadering: 20 mei 2014

ONDERWERP

Hendrik Andriessenlaan 28, last onder dwangsom berging


SAMENVATTING

Aan de voorkant en zijkant van het perceel Hendrik Andriessenlaan 28 is zonder omgevingsvergunning een berging gebouwd. De berging voldoet niet aan het beleid voor tuinkisten en overkappingen in de voortuinen. Naar aanleiding van de vooraanschrijving heeft betrokkenen zienswijzen ingediend. Hierbij gaat het voornamelijk om het feit dat er geen alternatief voor bergingsruimte zou zijn. Nu er wel alternatieven zijn stellen wij voor de zienswijzen als niet zwaarwegend te beschouwen en een last onder dwangsom op te leggen.


BESLUIT B&W

Een last onder dwangsom op te leggen van € 500 per dag met een maximum van € 5.000 tot:



  • het verwijderen en verwijderd houden van de berging aan de voor- en zijkant op het perceel Hendrik Andriessenlaan 28 voor zover deze niet vergunningvrij is en dus gelegen voor de lijn van 1 meter achter de voorgevelrooilijn of;

  • het aanvragen van een omgevingsvergunning voor een berging die voor de lijn van 1 meter achter de voorgevelrooilijn niet hoger dan 1.50 meter en niet groter dan 4 m2 is. Na het verlenen van de vergunning krijgt betrokkene dan een nieuwe termijn om de berging aan te passen aan de vergunning.


INLEIDING

De berging is zonder vergunning geplaatst. Naar aanleiding van de vooraanschrijving heeft betrokkene zienswijzen ingediend. Van u wordt nu gevraagd te beslissen over het opleggen van een last onder dwangsom.


MOTIVERING
Vergunningplicht

Voor de lijn van 1 meter acher de voorgevelrooilijn kunnen niet zonder vergunning gebouwen en overkappingen worden geplaatst. De berging is dus grotendeels vergunningplichtig.


Beleid

Op 4 december 2012 heeft u beleid vastgesteld voor het afwijken van het bestemmingsplan ten behoeve van tuinkisten en overkappingen op de bestemming “tuin”. Vaste lijn is dat op deze bestemming vanwege het belang van open voorzijden geen bouwwerken en overkappingen vergund worden. Het beleid regelt de uitzondering op deze regel.

Het beleid houdt in dat een vergunning wordt verleend voor één tuinkist of overkapping per woning op de bestemming "tuin" niet hoger dan 1,5 meter gemeten vanaf het maaiveld en niet groter dan 4 m2, waarbij het bouwwerk dient te voldoen aan redelijke eisen van welstand.

De berging is ruimschoots groter dan genoemde afmetingen. De hoogteb is in elk geval meer dan 2.00 meter.


Zienswijzen

Betrokkene heeft schriftelijk zienswijzen ingediend. Naar aanleiding hiervan heeft een medewerker van de afdeling Bouw- en Woningtoezicht ter plaatse met betrokkene gesproken, waarbij de zienswijzen mondeling zijn aangevuld. Samengevat gaat het om onderstaande:



  • Het gaat om een rietkraagvilla die aan het water ligt. Het merendeel van het perceel bestaat uit water. Hierdoor is alleen aan de opritzijde plaats voor het stallen van de fietsen.

  • In samenspraak met de buren is een ontwerp gemaakt waarbij rekening is gehouden met het ontwerp van het huis.

  • De bestaande inpandige bergingsruimte is bij de woning getrokken omdat in de aanvankelijke plannen van de architect een schuur aan de voorkant voorzien was. Deze schuur is op last van de gemeente geschrapt. Toen dat bekend werd was de afspraak met de aannemer voor de verbouwing al gemaakt. Daarom was de nu geplaatste berging noodzakelijk. Er is geen alternatieve mogelijkheid.



Naar aanleiding van de zienswijzen

De bestaande berging is in strijd met ons bestaande beleid voor tuinkisten en overkappingen. Zie hierboven.


Het is inderdaad zo dat de architect aanvankelijk aan de voorkant een schuur heeft gepland. Na de opmerking van de gemeente dat het bestemmingsplan de schuur niet toelaat is de schuur geschrapt. Betrokkene stelt nu dat hij voor een voldongen feit geplaatst is omdat de interne bergingsruimte al bij de woning was getrokken, althans dat de aannemingsovereenkomst al getekend was en dat hij dus een alternatief nodig had. Hierover merken wij onderstaande op:

  • Voor de berging die betrokkene geplaatst heeft is een omgevingsvergunning vereist. Als betrokkene die had aangevraagd hadden wij die geweigerd. Het feit dat de schuur geschrapt was omdat die niet in het bestemmingsplan past had voor betrokkene extra aanleiding moeten zijn om alert te zijn. Als hij eerst geïnformeerd had bij Bouw- en Woningtoezicht had aan betrokkene kunnen worden uitgelegd dat de berging zoals hij die voor ogen had niet mogelijk is. Bouw- en Woningtoezicht had betrokkene dan kunnen informeren over de alternatieve mogelijkheden.

  • Een alternatief is allereerst een vergunning aanvragen voor een berging aan de voorkant die aan het beleid voldoet. Dus een berging met een omvang van maximaal 4 m2 en maximaal 1.50 meter hoog.

  • Betrokkene heeft aan de zijkant van de woning (aan de noordkant) naar achteren (achter de voordeur) een aanbouw geplaatst, die hij ook bij de woning heeft getrokken. Hij had deze aanbouw als berging kunnen gebruiken. Aan deze zijkant voor de voordeur heeft betrokkene tot 1 meter achter de voorgevelrooilijn nog altijd mogelijkheden om vergunningvrij een bouwwerk te plaatsen dat hij als berging kan gebruiken. Vanaf 1 meter achter de voorgevelrooilijn kan hij aan de zijkant immers vergunningvrij bouwen. Weliswaar kan betrokkene niet alle ruimte benutten omdat een ruimte naar de voordeur open moet blijven, maar er is wel degelijk ruimte om iets te bouwen.

  • De huidige berging is vergunningvrij voor zover deze geplaatst is op meer dan 1 meter achter de voorgevelrooilijn. Voor zover vergunningvrij kan de berging blijven staan.


JURIDISCH KADER

Uw bevoegdheid een last onder dwangsom op te leggen is gebaseerd op artikel 2.1 lid 1 aanhef en a en c van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en artikel 125 van de gemeentewet in samenhang met artikel 5:32 van de Algemene wet bestuursrecht.


BIJLAGEN




  • Foto berging, verseon:630362

  • Vooraanschrijving, verseon: 617996

  • Zienswijzen, verseon: 619295

  • Conceptbeschikking, verseon: 630108









  • Collegebesluit Collegevergadering: 20 mei 2014 ONDERWERP
  • JURIDISCH KADER

  • Dovnload 129.16 Kb.