Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Cvo de Oranjerie hosp finaliteit Stadsgids Leuven Funerair erfgoed Een wandeling op het Leuvens Kerkhof

Dovnload 137.84 Kb.

Cvo de Oranjerie hosp finaliteit Stadsgids Leuven Funerair erfgoed Een wandeling op het Leuvens Kerkhof



Pagina4/5
Datum12.03.2017
Grootte137.84 Kb.

Dovnload 137.84 Kb.
1   2   3   4   5

D. Nieuw Kerkhof




1. Inleiding

Het Nieuwe Kerkhof verschilt in aanleg van het Oude Kerkhof en de Annex en is duidelijk een product van het begin van de 20ste eeuw: geen rechte lanen maar slingerende paden en onregelmatige grafvelden. De hoofdwegen worden geaccentueerd door de aanleg van een dreef met Amerikaanse eik en paardenkastanje. Elk grafperceel krijgt alle aandacht want in het ontwerp worden langs de hoofdassen schilvormige velden voorzien die de concessies maximaal tot hun recht laten komen.




2. Rondleiding




Ereperken

Verschillende ereperken herinneren ons aan de gruwelen van WOI en WOII.



Ereperk politieke gevangenen WOII
De graven met hun schuin afgebroken grafsteen symboliseren het plotse afbreken van het leven. Het monument, centraal tussen de graven, heeft de vorm van een tafel met een kruis in het midden en met per gemeente een gedenksteen.vander kelen 088
Vooraan staat een schrijn met de as van de politieke gevangen van Buchenwald. Dit schrijn kwam er op initiatief van de voorzitter Lamin.
Aan de achterzijde is er een beeld dat door Lode Verhaegen werd gemaakt ter nagedachtenis aan de verzetslieden.

Ereperk Vuurkruisers - WOI

nieuw kerkhof15

De Vuurkruisers14 waren oud-strijders uit WOI die met het Vuurkruis gedecoreerd worden. Het vuurkruis was een onderscheidingsteken waarmee koning Albert I in 1934 de oud-strijders onderscheidde die gedurende de oorlog minimum één jaar effectief aan het front hadden verbleven. Soldaten van ondersteunende eenheden kwamen hierdoor niet in aanmerking voor het ereteken en het Vuurkruis stond bijgevolg al gauw bekend als een herkenningsteken voor de authentieke frontsoldaten. Dit bronzen kruis moet in de hiërarchie van de eretekens alleen het Ijzerkruis laten voorafgaan en kon niet postuum uitgereikt worden. Op het kruis zien we een helm op een bajonet, een 75mm-kanon en de zon die door enkele wolken priemt, allemaal omzoomd door een laurierkrans. Rondom staat een Latijnse tekst: “Salus patriae, suprema lex”15.



Op 1 april 1948 kregen de Vuurkruisen van Leuven toelating een gedenkteken op te richten. Het monument heeft de vorm van een openluchtaltaar met kruis en is eveneens opgevat als een eerbetoon aan de in 1945 in Dora gestorven luitenant-kolonel Louis Begault. Blikvanger tenslotte zijn de twee bronzen kistjes met grond afkomstig van de Ijzeroevers die men tijdens een ware bedevaartstocht op 27 juni 1948 in Nieuwpoort was gaan halen. Het monument werd op 18 juli 1948 ingewijd.
Het monument werd opgericht op initiatief van voorzitter Edouard Arnalsteen ter ere van Kolonel Louis Bégault, erevoorzitter van de Vuurkruisen te Leuven. Kolonel Louis Bégault is geboren in Mortsel in 1891 en was liberaal parlementslid. Gevangene 113992 van Dora, afkomstig van Gross-Rosen ( toegekomen op 30 oktober 1944 nr. 81 757) transport op 12-2-1945. Overleden op 19.02.1945 te Dora, Duitsland.
Tijdens WOII werd hij gevangen genomen en belandde eerst in Gross-Rosen, een Duits concentratiekamp in Neder-Silezië (het huidige Poolse Rogzinca). De locatie was door Albert Speer uitgekozen zodat de krijgsgevangenen graniet konden delven voor de nieuwe hoofdstad Germania. De eerste konvooien Belgen (en Fransen) kwamen aan in oktober 1944, in totaal een duizendtal politieke gevangenen. Onder hen bevond zich Kolonel Louis Bégault16. De barakken van de Belgen werden zwaar getroffen door epidemies van dysenterie, longontstekingen en difterie en in minder dan 15 dagen stierven 350 mannen.
Begin 1945, toen het Sovjet-leger oprukte, begon de SS met de evacuatie van het kamp. Over Weimar en Buchenwald kwamen de krijgsgevangenen uiteindelijk aan in Mittelbau-Dora, een Nazi-Duits concentratiekamp. Het belangrijkste doel van het kamp was niet de uitroeiing van de gevangenen (zoals Auschwitz of Treblinka) maar het misbruik van de gevangenen door ze als goedkope werkkrachten te gebruiken voor de wapenindustrie, voornamelijk in de productie van V-2’s.
De evacuatie gebeurde in open treinen bij temperaturen van min 30° en duurde 4 à 5 dagen zonder eten. De cijfers ontbreken, maar weinigen overleefden deze transporten. Louis Bégault17 werd op transport gezet op 12 februari en overleed op 19 februari 1945.

Ereperk oud-strijders - WOIInieuw kerkhof8

Ereperk van de Nationale Unie der Oudgedienden van de Bezettingslegers en van de Belgische Strijdkrachten in Duitsland (ENUOBBSD)vander kelen 118
Op hun embleem zien we de tekst “Custodia ad Rhenum” (Wachtpost aan de Rijn). Op dit ereperk wordt de nagedachtenis van de gevallen kameraden in het door België bezette Duitsland, zowel voor de periode 1918-1929 als 1945-1955, levendig gehouden.

Ereperk oorlogsinvaliden
Op hun graven zien we volgende letterwoorden:

FNI = Fédération National des Invalides de Guerre

NVI = Nationale Vereniging van Oorlogsinvaliden

VVI = Vlaamse Vereniging van Oorlogsinvaliden



Monument voor de gesneuvelden van WOIvander kelen 091
Knooppunt van het nieuwe gedeelte en bekroning van de Leuvense begraafplaats is het monument voor de gesneuvelden van WOI. Dit monument met crypte voor de gesneuvelden en gefusilleerden uit 1914-1918, werd ontworpen en gebeeldhouwd door Louis Jotthier. Voor de crypte werd gekozen voor een betonnen ondergrondse constructie van 200 individuele kelders en 2 ingangen. Aan elke ingang is er een gedenksteen voorzien waarop de namen van de burgerlijke en militaire slachtoffers vermeld zijn. De Leuvense gemeenteraad gunde de opdracht aan de firma Borremans uit Heverlee. In juni 1924 was de grafkelder klaar en werden de stoffelijke resten naar hun laatste rustplaats gebracht. Niet alleen de lichamen van Leuvense burgers en militairen werden ontgraven, maar ook deze van Belgische, Franse en Russische soldaten die in de loop van de oorlog in Leuven overleden waren. Enkel voor de ontgraving van de resten van 5 Britse militairen werd geen toestemming verkregen. De Imperial War Graves Commission bedankte voor de eer maar hield vast aan het principe dat overleden Britse soldaten enkel bij hoge uitzondering mochten ontgraven worden. Hun lichamen bevinden zich nog steeds op een apart gedeelte van de begraafplaats, samen met 19 Britse gesneuvelden van WOII.
Aan de voorzijde van de beeldengroep staat een engel die hulde brengt aan de slachtoffers van WOI. Aan haar voeten liggen een gefusilleerde burger en een militair die tijdens een gasaanval sneuvelde. De linkerzijde van het monument brengt het leven aan het front in herinnering en toont ons een Belgische loopgraaf met 2 militairen die tijdens een Duitse beschieting dodelijk gekwetst werden. Het rechterpaneel van de groep is gewijd aan de brand van Leuven in 1914. Tussen het puin van de stad zien we een halfnaakte vrouw die de Duitse mishandelingen niet overleefde. Een oude man draagt op zijn rug wat hem rest aan bezittingen en vlucht samen met zijn kleinkind de stad uit..

Het oorlogsmonument werd op 27 juli 1924 onder ruime belangstelling ingewijd. Burgemeester Smolders en een afgevaardigde van de minister van defensie hielden er een toespraak en zowel pers als politici loofden Louis Jotthier voor de artistieke en symbolische waarde van zijn kunstwerk.


De beeldhouwer, Louis Jotthier, werd geboren in Gent in 1866 en overleed in Heverlee in 1942. Hij was verbonden aan de academie voor schone kunsten te Leuven van 1909 tot 1920 en leraar beeldhouwkunsten van 1914 tot 1934. Van zijn hand is ook de buste van Jean François Giele in de Stedelijke Kruidtuin van Leuven, waar Giele toen directeur van was; alsook de buste van Albert I op de Dirk Boutslaan aan het Leuvense conservatorium.

Anatomievelden


vander kelen 081

Op de Leuvense begraafplaats is een gedeelte voorzien voor overledenen die hun lichaam aan de wetenschap hebben afgestaan. De anatomievelden liggen aan de rand van het nieuwe gedeelte en hebben een uniform liggende gedenksteen in Belgische blauwe steen (rechthoekig formaat 40 x 60 cm). Onder elke steen en het grasveld ernaast ligt een volledige kist.




Gedenkplein


kerkhof 30 maart 2008 047

In de buurt van een van de anatomievelden is er een gedenkpleintje waar nabestaanden bloemen kunnen neerleggen voor verwanten of vrienden waarvan het graf is verdwenen.


Jij staat gegrift gebeiteld in

Mijn geheugen en zacht

Gekoesterd in de warmte van mijn hart’
De slak met haar huisje symboliseert de dodenslaap. De slak slaapt in haar huisje tot de heropstanding.

Het beeld is van de Hoegaardse kunstenares Petra Paesman en kostte 260 000BF.



1   2   3   4   5

  • 2. Rondleiding
  • Anatomievelden
  • Gedenkplein

  • Dovnload 137.84 Kb.