Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


De europese unie brussel, 24 mei 2007 (30. 05)

Dovnload 28.59 Kb.

De europese unie brussel, 24 mei 2007 (30. 05)



Datum05.12.2018
Grootte28.59 Kb.

Dovnload 28.59 Kb.










RAAD VAN

DE EUROPESE UNIE




Brussel, 24 mei 2007 (30.05)

(OR. en)










9886/07















COPEN 70





NOTA

van:

het voorzitterschap

aan:

het Coreper/de Raad

nr. vorig doc.

9641/07 CATS 57 COPEN 66 + COR 1 + COR 2

Betreft:

Horizontale aanpak in verband met bepaalde categorieën strafbare feiten

  • Stand van zaken



Achtergrond
In de zitting van 1 en 2 juni 2006 is de Raad Justitie en Binnenlandse Zaken tot een algemene oriëntatie gekomen over het kaderbesluit betreffende het Europees bewijsverkrijgingsbevel, en heeft hij zijn voorbereidende instanties de opdracht gegeven het bredere onderwerp van de categorieën strafbare feiten nader te bezien, zodat de Raad eind 2007 een horizontale aanpak inzake terrorisme, cybercriminaliteit, racisme en vreemdelingenhaat, sabotage, racketeering en afpersing, en oplichting kan vaststellen.

De horizontale aanpak is een reactie op de wens van een lidstaat, die betoogde dat die categorieën strafbare feiten inhoudelijk en qua bereik per lidstaat wel eens sterk zouden kunnen verschillen. Als de zes bedoelde categorieën voor alle lidstaten inhoudelijk dezelfde betekenis hebben zal er geen ruimte meer zijn voor verschillende interpretaties, aldus die lidstaat. Doel van de onderneming is het overheidsoptreden voorspelbaarder en transparanter te maken. Een in de gehele EU geldend geheel van vaste criteria waaraan moet worden voldaan wanneer een Europees arrestatiebevel betreffende een "ongedefinieerd" strafbaar feit op de lijst moet worden uitgevaardigd, moet meer vertrouwen scheppen bij de tenuitvoerleggende lidstaten en het overheidsoptreden voorspelbaarder en berekenbaarder maken voor het publiek.


Tijdens de voorbereidingen voor de vaststelling van een horizontale aanpak, moet ook terdege rekening worden gehouden met de informatie die beschikbaar is overeenkomstig de herziening­clausule in artikel 25bis van het ontwerp-kaderbesluit betreffende het Europees bewijsverkrijgings­bevel en met alle overige relevante informatie, zoals de ontwikkelingen in de jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie.
Genomen maatregelen
Conform de instructies van de Raad, kregen de lidstaten een vragenlijst toegezonden over onder meer voorstellen voor het horizontale instrument en praktische problemen betreffende de zes bedoelde categorieën strafbare feiten.
De lidstaten hebben op 22 en 23 maart 2007 een eerste keer gedebatteerd over de horizontale aanpak van bepaalde categorieën strafbare feiten.
Tijdens die bespreking stonden de lidstaten fundamenteel positief tegenover het werken aan een horizontale aanpak die beperkt blijft tot de zes bedoelde categorieën strafbare feiten.

Sommige delegaties vroegen zich echter af of kiezen voor een nauwkeuriger definitie van de in de lijst voorkomende strafbare feiten, geen stap terug in het proces van wederzijdse erkenning betekent, waarbij de toets van dubbele strafbaarheid niet meer zou worden uitgevoerd.


Wat betreft de vraag of een horizontaal instrument de vorm van bindende voorschriften moet aannemen dan wel moet worden ingekaderd in niet-bindende richtsnoeren, neigden de meeste lidstaten naar niet-bindende bepalingen.
Met betrekking tot de wijze waarop de categorieën strafbare feiten nauwkeuriger gedefinieerd kunnen worden, waren sommige delegaties voorstander van een verwijzing naar internationale verdragen of andere EU-instrumenten. Andere plaatsten vraagtekens bij de verwijzing naar internationale verdragen, aangezien vele landen vele verklaringen hadden afgelegd, om uitzonderingen hadden gevraagd of voorbehoud hadden gemaakt met betrekking tot afzonderlijke bepalingen in verdragen.
Ook is bezien of de delegaties misschien in een later stadium het idee van een horizontale aanpak met een bredere basis zouden kunnen bespreken. Het is denkbaar dat een horizontale aanpak uniforme regels vaststelt over kwesties zoals weigeringsgronden (bijvoorbeeld territorialiteit, immuniteit, verjaring). Een dergelijke "uitgebreide" horizontale aanpak zou toekomstige besprekingen over diverse kaderbesluiten kunnen vereenvoudigen. Dezelfde problemen en vraag­stukken zouden niet telkens opnieuw voor elk stuk wetgeving moeten worden besproken. De delegaties verschilden van mening over de voor- en nadelen hiervan.
Opties
Nauwkeuriger definitie

De categorieën strafbare feiten kunnen nauwkeuriger worden gedefinieerd door verwijzing naar internationale instrumenten, zo die er zijn. Voor de categorieën strafbare feiten waaromtrent geen internationale verdragen of instrumenten bestaan, kan een afzonderlijke definitie worden opgesteld. Een andere mogelijkheid zou zijn meteen afzonderlijke definities op te stellen, zonder verwijzing naar internationale verdragen of EU-instrumenten.



Mogelijk mechanisme

Het zou volstaan de kernvoorwaarden waaraan strafbare feiten moeten voldoen opdat de autoriteiten van het tenuitvoerleggende land verplicht zouden zijn uitvoering te geven aan het besluit van het andere land, zonder de toets van dubbele strafbaarheid, nauwkeuriger te definiëren. Het zou bijvoorbeeld mogelijk zijn dat in de formulieren die voor elk kaderbesluit worden gebruikt een vak staat waarin wordt aangegeven of een strafbaar feit al dan niet aan de door de lidstaten opgestelde definitie voldoet. Indien een geval volgens de uitvaardigende autoriteit voldoet aan de nauwkeuriger definitie van het strafbare feit, mag het criterium van dubbele strafbaarheid niet gelden. Als in een zaak volgens de uitvaardigende autoriteit weliswaar sprake is van een op de lijst voorkomend strafbaar feit, maar niet is voldaan aan de nauwkeurige definitie ervan ("het kerndelict"), kan de dubbele strafbaarheid nog altijd in overweging worden genomen.


Besluit
De wetgevingsinstrumenten op basis van het beginsel van wederzijdse erkenning (zoals het Europees arrestatiebevel) zijn nog niet lang genoeg van toepassing om problemen bij de uitvoering ervan in kaart te kunnen brengen. Om dergelijke problemen aan het licht te brengen moet het Europees bewijsverkrijgingsbevel ook worden geëvalueerd. Daarmee moet worden gewacht tot dit bewijsverkrijgingsbevel in alle lidstaten wordt uitgevoerd. Alleen dan zal kunnen worden nagegaan of, en zo ja, op welke basis, specifieke maatregelen met het oog op een horizontaal instrument kunnen worden genomen.
______________


9886/07 gar/YEN/rv

DG H 2B  NL



  • RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 24 mei 2007 (30.05)
  • COPEN 70 NOTA
  • Horizontale aanpak in verband met bepaalde categorieën strafbare feiten Stand van zaken Achtergrond
  • Genomen maatregelen

  • Dovnload 28.59 Kb.