Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken

Dovnload 296.11 Kb.

De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken



Pagina7/7
Datum05.12.2018
Grootte296.11 Kb.

Dovnload 296.11 Kb.
1   2   3   4   5   6   7
voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Ouwehand en Thieme. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 17 (33609).

**
Mevrouw Ouwehand (PvdD): Ik merk nog op dat recepten verkrijgbaar zijn bij de Partij voor de Dieren.
De heer Heijnen (PvdA) De vrijdag?
Mevrouw Ouwehand (PvdD): In de motie staat "vergaderdag". Dat is een dinsdag, woensdag of donderdag. Men mag kiezen!
De voorzitter: De voorzitter van het Presidium gaat zich even op de beantwoording voorbereiden.
De vergadering wordt van 15.14 uur tot 15.20 uur geschorst.
Mevrouw Van Miltenburg: Voorzitter. Ik dank de leden opnieuw voor de bijdragen en voor de discussie die is gevoerd in tweede termijn. Er zijn enkele vragen gesteld en er is een aantal moties ingediend. Ik ga eerst de vragen en opmerkingen af.

De VVD-fractie maakte nog de opmerking dat het feit dat zij geld kan terugstorten, niet betekent dat zij het ook graag wil delen met andere fracties, maar dat het een opdracht is aan de andere fracties om ook zuinig te zijn met het geld. Ik heb notie genomen van die opmerking en overigens ook van elke andere opmerking die is gemaakt.

De Partij van de Arbeid-fractie vroeg of de brief die ik heb toegezegd over de werkdruk bij het Bureau Wetgeving kan worden uitgebreid met de werkdruk bij het BOR. Er zou ook moeten worden ingegaan op het tijdelijk personeel dat daar werkt en op de borging van de kennis en de kunde. Dat lijkt me prima; dat zal ik doen.

De Partij van de Arbeid-fractie stelde meer in zijn algemeenheid een vraag over mogelijkheden om minder vaak te stemmen en over de wijze waarop we omgaan met minderheden. Daar plak ik dan gelijk de opmerking van de D66-fractie in tweede termijn aan vast over de manier waarop wij verder gaan praten over de werkwijze van de Kamer en de vraag of wij er nu eens fundamenteel naar gaan kijken. Wij hebben in dit huis de Commissie voor de Werkwijze der Kamer. Ik ben heel blij als er in deze commissie voorstellen komen vanuit de diverse fracties om over deze dingen te spreken. Dat hebben we de afgelopen maanden ook al een aantal keer gedaan. Ik denk dat het belangrijk is dat we daarmee doorgaan. Daar kunnen al die dingen, alsmede de dingen die nog niet zijn opgenoemd maar die u misschien bedenkt als u hier wegloopt, gewoon worden geagendeerd; graag zelfs!

De D66-fractie heeft in eerste en in tweede termijn opmerkingen gemaakt over de flexplekken. Het feit dat wij geen bordjes hebben waarop staat dat er flexplekken zijn, betekent niet dat ze er niet zijn. Integendeel, het afgelopen jaar zijn er grote stappen gezet op het terrein van thuiswerken. Daar is een speciaal project voor. Ik vraag de directeur Bedrijfsvoering om daarop nader in te gaan en om ook iets te zeggen over de diensthoofden, alsmede over de kunst in de Kamer, waarvoor hij toevallig ook verantwoordelijk is. Dat doe ik niet voordat ik daar zelf over heb gezegd dat er beleid is om overal kunst neer te zetten en om daarbij vooral Nederlandse kunstenaars een plekje te gunnen in ons Nederlandse parlement. Ik vraag de heer Bakker, directeur Bedrijfsvoering, om daar nog wat nader op in te gaan.
De voorzitter: Het woord is aan de directeur Bedrijfsvoering.
De heer Bakker: Voorzitter. Zoals de Voorzitter al zei, hebben wij inderdaad flexplekken. We zijn bezig om het oude persbuffet helemaal in te richten met flexplekken. Daarvan kan straks dus gebruik worden gemaakt. Dat wordt nu al gedaan door journalisten, maar het is de bedoeling dat meer mensen ervan kunnen gebruikmaken.

Wat het aantal afdelingshoofden betreft, hebben wij geen vrijgestelde diensthoofden. Het zijn allemaal meewerkende voorlieden. Het zijn er 18 op een totaal van 600 medewerkers van de Kamer. Dat is gemiddeld 34 medewerkers per diensthoofd. Dat lijkt ons eerlijk gezegd een goede ratio. Ik geloof niet dat de stelling kan worden betrokken dat we te veel diensthoofden hebben.

Er is ook iets gevraagd over de topstructuur. De inschalingen door de hele organisatie heen gebeuren op basis van het FUWASYS, een rijksbreed systeem. Dat is een tamelijk objectief systeem waarbij dit type inschalingen van hoog tot laag, dus van schaal 2 tot en met schaal 19 -- die links van mij zit -- er uitkomen.
Mevrouw Van Miltenburg: Voorzitter. De CDA-fractie deed nog een constructief voorstel om met een veiling geld in te zamelen voor de maquette voor blinden en slechtzienden. Ik vind dat een hartstikke leuk voorstel. Ik kijk uit naar de veiling.

Misschien kan ik nog wat binnenslepen.

De ChristenUnie heeft twee vragen gesteld. Zij had het over het vergaderen na 23.00 uur 's avonds. Dat staat in ons Reglement van Orde. Ik probeer daar ook de hand aan te houden. Volgende week heb ik bijvoorbeeld al van te voren bij een debat aangegeven dat we alleen de eerste termijn kunnen houden, juist om de reden die de heer Segers heeft aangegeven. Voor Kamerleden is het best wel te doen om een keer een nachtje door te halen, maar we vragen heel veel van de medewerkers in de Kamer. Ik ben van mening dat we toch een heel eind moeten kunnen komen als we drie dagen aan één stuk door tussen 10.00 uur en 23.00 uur vergaderen en dan ook nog op maandagen een paar notaoverleggen houden. Ik kan echter niet garanderen dat we de komende twee weken elke dag om 23.00 uur klaar zijn.

Er is ook een vraag gesteld over de Fairphone. Ik vraag de directeur Informatiseringbeleid om daar een antwoord op te geven.


De heer Branger: Voorzitter. De Fairphone ligt op dit moment nog niet in de schappen. Dat zal in de tweede helft van dit jaar gebeuren. Er zal dan worden onderzocht of die Fairphone iets is voor deze organisatie, waarbij wordt gekeken naar kwaliteit, financiën, beheerbaarheid en veiligheid.
Mevrouw Van Miltenburg: Ik kom op de beoordeling van de moties. In hoge mate is het aan de Kamer zelf om hierover te oordelen, maar ik kan over sommige moties nog wel een opmerking maken.

In de motie-Heijnen c.s. op stuk nr. 7 wordt het Presidium verzocht om de schoonmakers weer in vaste dienst te nemen. We zullen het komende woensdag in het Presidium bespreken. Vervolgens zal het Presidium een brief sturen naar de Kamer. Daar zal dan ook het advies van het Presidium in staan.


De voorzitter: We bekijken even of dat voor de stemming is.
Mevrouw Van Miltenburg: Die is volgende week dinsdag.
De voorzitter: Volgende week dinsdag zijn dus de stemmingen hierover. Dan zou het dus ook kunnen.
Mevrouw Van Miltenburg: Ja. Ik ben ervan uitgegaan dat we niet morgen hierover stemmen, maar volgende week dinsdag.

Ik kom op de motie-Heijnen op stuk nr. 8 over ProDemos. Ik laat het oordeel over deze motie uiteraard over aan de Kamer. Ik wil wel opgemerkt hebben dat met name de beveiliging -- want daar is het voor van belang -- er nu al op toegespitst is om 150.000 scholieren per jaar te ontvangen. Er is al rekening gehouden met een groei tot 150.000, dus ik zou zeggen: laat ze maar komen!

De motie-Schouw c.s. op stuk nr. 9 gaat over het horen van kandidaat-bewindspersonen. Ik laat het oordeel over deze motie aan de Kamer.

In de motie-Schouw/Van Toorenburg op stuk nr. 10 wordt verzocht om de uitslag van de stemmingen toegankelijk en transparant aan te bieden. In eerste termijn heb ik gezegd dat dit absoluut mijn doelstelling is. Ik zie deze motie als ondersteuning van beleid, als ik het zo mag noemen. Ik laat het oordeel over deze motie aan de Kamer.

De motie-Van Toorenburg c.s. op stuk nr. 11 gaat over de buitenlandvergoeding. Ik laat het oordeel over deze motie ook aan de Kamer.

De strekking van de motie-Van Raak op stuk nr. 12 hebben we al bediscussieerd in eerste termijn. Ik laat het oordeel over deze motie aan de Kamer.

Ik kom op de motie-Van Klaveren en Wilders op stuk nr. 13. Ik laat het oordeel over deze motie ook aan de Kamer. Ik ben benieuwd wat daar de uitkomst van is.

De motie-Segers c.s. op stuk nr. 14 gaat over de verkenning en de parlementaire enquête. Ik laat het oordeel over deze motie aan de Kamer. Als die motie wordt aangenomen, gaan we daarmee aan de slag.

In de motie-Ouwehand op stuk nr. 15 wordt het Presidium verzocht, geen verdere bezuinigingen door te voeren op de ondersteuning van de Kamerfracties. Ik snap waar het verzoek vandaan komt. Ik laat het oordeel over deze motie over aan de Kamer zelf.
In de motie op stuk nr. 16 verzoekt mevrouw Ouwehand het Presidium, te bewerkstelligen dat de Kamer voor internationale werkbezoeken tot 750 kilometer in principe met de (snelle) trein reist. Er is eerder een vergelijkbare motie aangenomen met een cirkel van 500 kilometer. Als de Kamer dat zou willen, kunnen we die cirkel uitbreiden. Ik maak er wel twee opmerkingen bij, opmerkingen die de fracties mee kunnen nemen bij de beoordeling van de motie. De eerste opmerking is dat het niet alleen gaat om duurzaamheid, maar ook om de kosten. Het is namelijk niet zo dat het vliegtuig in alle gevallen duurder is dan de trein. In een substantieel aantal gevallen is de trein zelfs veel duurder dan het vliegtuig en dat kan de Kamer meenemen in haar oordeel.

Mijn tweede opmerking betreft het reizen naar Luxemburg. Omdat veel Europese instituties in Luxemburg zetelen, gaan er nog wel eens Kamerleden naar Luxemburg. Dit land is moeilijk bereikbaar per trein, als ik het zo mag uitdrukken. De indiener van de vorige motie heeft daarom aangegeven dat Luxemburg, net 490 kilometer bij ons vandaan, buiten die cirkel kon blijven. Dat was volgens de indiener een implicatie van de woorden "in principe" in de motie. Deze woorden staan ook in deze motie. Ik wijs daarop, want een dag reizen is vaak niet erg efficiënt voor een Kamerlid. Het oordeel over de motie laat ik verder aan de Kamer.

In de laatste motie, de motie op stuk nr. 17, verzoekt mevrouw Ouwehand om een vleesvrije vergaderdag in de Kamerrestaurants. Het oordeel over deze motie laat ik eveneens aan het oordeel van de individuele Kamerleden.

Voorzitter, volgens mij heb ik al vragen beantwoord. Ik bedank u ten slotte voor het feit dat ik dat zo uitgebreid heb mogen doen.


De algemene beraadslaging wordt gesloten.
De voorzitter: Daarmee zijn we gekomen aan het einde van dit wetgevingsoverleg over de Raming 2014. Ik bedank de Voorzitter en de leden van het Presidium voor hun inspanningen om al onze vragen te beantwoorden. De stemmingen over de moties zijn dinsdag over een week. Ten slotte bedank ik alle medewerkers voor hun ondersteuning.
Sluiting 15.31 uur.

1   2   3   4   5   6   7

  • Van Miltenburg

  • Dovnload 296.11 Kb.