Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


De vertaling van persbericht naar nieuwsbericht

Dovnload 1.1 Mb.

De vertaling van persbericht naar nieuwsbericht



Pagina1/63
Datum22.11.2018
Grootte1.1 Mb.

Dovnload 1.1 Mb.
  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   63





De vertaling van persbericht naar nieuwsbericht

Een onderzoek naar de transformaties van persberichten van de gemeente Utrecht naar nieuwsberichten in de lokale media AD / UN, Ons Utrecht en het Stadsblad.



Carlie van Tongeren

Masterscriptie Communicatiestudies

Faculteit Letteren

Universiteit Utrecht

Eerste begeleider: Henk Pander Maat

Tweede begeleider: Daniël Janssen

Tweede versie, juli 2007

Samenvatting

Hoe worden de persberichten van de gemeente Utrecht geschreven en ontvangen door de lokale media AD / UN, Ons Utrecht en het Stadsblad?


Dat is de hoofdvraag van dit onderzoek. Het doel is enerzijds de persberichten van de gemeente Utrecht te verbeteren, anderzijds inzicht te verkrijgen in de transformatie van persbericht naar nieuwsbericht in het algemeen. Hierbij wordt er tevens rekening gehouden met de mogelijkheden en beperkingen van de organisationele context. Om deze doelstelling te realiseren is zowel een kwantitatieve corpusanalyse uitgevoerd als een kwalitatief schrijfprocesonderzoek onder voorlichters van de gemeente Utrecht en journalisten van twee huis-aan-huisbladen (Ons Utrecht en het Stadsblad) en een regionaal dagblad (AD / UN).
Nieuwsberichten zijn wat betreft alle tekstelementen korter: gehele lengte, alinea’s, zinnen, leads en koppen. Wat betreft de lead is het verschil het grootst: leads van persberichten zijn ruim twee keer zo lang als leads van nieuwsberichten. Het weglaten van details en inkorten van de berichten zijn de twee van de drie meest voorkomende linguïstische bewerkingen in het corpus. De motieven hierachter zijn zowel het inkorten van het gehele bericht als het korter en directer maken van zinnen. Een lager informatiegehalte per zin vergroot de leesbaarheid.
Niet alleen worden de persberichten bondiger geformuleerd door journalisten, er vinden ook verschillende bewerkingen plaats om de tekst aantrekkelijker te maken. Formeel taalgebruik dat wordt vervangen door alledaagse termen, behoort tot de top drie van meest voorkomende taalkundige bewerkingen. In iets mindere mate wordt de woordkeus gevarieerd, het gemeenteperspectief gewijzigd in lezersperspectief en worden er citaten of achtergrondinformatie toegevoegd. De bewerkingen die gericht zijn op de leesbaarheid beslaan maar liefst 87 procent van het totaal aantal van 1700 bewerkingen. Verder vindt bijna 9 procent van de bewerkingen plaats om de persberichten minder positief te maken.
Naast de linguïstische bewerkingen is er gekeken naar invalshoekveranderingen van koppen en leads. In 85 procent van de nieuwsberichten vindt er een invalshoekverandering plaats in de kop; in 49 procent van de nieuwsberichten in de lead. Wat betreft de leads viel op dat kortjes en bewerkte overnames vaker de toon van de persberichtlead overnemen.
Een andere belangrijke conclusie betreft de opbouw van pers- en nieuwsberichten: journalisten gebruiken de persberichten niet ‘oprolbaar’. Zij selecteren zelf welke zinnen ze al dan niet gebruiken in plaats van de gehele onderste alinea’s te schrappen. Ze beslissen ook zelf waar die zinnen in hun nieuwsbericht terecht komen. De reden is dat het nieuws waar de gemeente mee begint niet altijd het werkelijke nieuws voor de lezer is. Tevens schrijven voorlichters niet exact volgens het relevantieprincipe: van belangrijke naar steeds minder belangrijke informatie. Zij hanteren slechts een tweedeling in het berichten: nieuws en toelichting.
Wat betreft de bewerkingen valt op dat de twee huis-aan-huisbladen minder bewerkingen plegen dan het regionale dagblad: ze nemen vaker zinnen letterlijk over en plegen minder ingrijpende opbouwwijzigingen. Dit komt overeen met het onderzoek van Pels (1996) dat huis-aan-huisbladen volgzamer zijn wat betreft het overnemen van persberichten.
Maar: lang niet alle persberichten worden gepubliceerd. In dit corpus verdwijnt 28 procent van de persberichten van de gemeente Utrecht in de prullenbak. De publicatie blijkt samen te hangen met de nieuwscriteria conflict, afwijking en negativiteit. Tevens hebben persberichten die aankondigingen betreffen en/of een niet-informatieve lead bevatten, een significant kleinere kans door de media te worden opgenomen.
Hoewel journalisten veel bewerkingen plegen op de persberichten, betekent dat niet direct dat de voorlichters van de gemeente Utrecht geen competente schrijvers zijn. Contextuele factoren blijken een zeer grote invloed te hebben op de kwaliteit van het eindproduct. Elk persbericht betreft een compromis tussen minimaal twee partijen, waarvan de bestuurder en niet de voorlichter eindverantwoordelijke is. Zowel beleids- en communicatiemedewerkers van deelafdelingen als bestuurders hebben een neiging tot volledigheid en nuance, wat resulteert in persberichten met een aanzienlijke lengte. Tevens formuleren zij meer ambtelijke taal dan de voorlichters.
Toch zijn er ook verbeterpunten te benoemen voor de voorlichters van de gemeente Utrecht. Doordat zij teveel ‘in’ hun portefeuille (blijven) zitten en de journalist in plaats van de lezer als doelgroep voor ogen hebben, schatten zij de voorkennis van hun doelgroep te hoog in. Ze vergeten bepaalde vaktermen uit te leggen of herhalen de voorgeschiedenis niet, omdat die reeds verondersteld wordt. Tevens kunnen zij door kennis te nemen van het inzicht in het transformatieproces zien welke linguïstische en opbouwbewerkingen journalisten plegen en daar met hun persberichten beter op inspelen. Zij kunnen bijvoorbeeld de koppen en leads concreter en meer vanuit lezersperspectief formuleren.


Voorwoord

Het verslag dat voor u ligt, is het resultaat van een vijf maanden durend scriptie-onderzoek. Ik heb dit onderzoek verricht in het kader van de Master Communicatiestudies aan de Faculteit Letteren van de Universiteit Utrecht. Verschillende mensen hebben ervoor gezorgd dat ik mijn scriptie naar tevredenheid heb kunnen afronden.


In de eerste plaats bedank ik mijn scriptiebegeleider Henk Pander Maat voor zijn begeleiding gedurende het onderzoek. De gesprekken, aanwijzingen en feedback heb ik als zeer motiverend en leerzaam ervaren. Bovendien vormden zijn onderzoeken naar pers- en nieuwsberichten een grote inspiratiebron voor mijn eigen onderzoek. Tevens bedank ik mijn tweede lezer Daniël Janssen voor zijn suggesties ter verbetering van de schrijfprocesanalyse.
In de tweede plaats wil ik de gemeente Utrecht bedanken voor de stage- en werkplek die zij mij tijdens deze vijf maanden heeft aangeboden. Hierdoor had ik de beschikking over alle pers- en nieuwsberichten die ik voor mijn corpus nodig had. Bovendien had ik de gelegenheid deel uit te maken van de organisationele context van de afdeling Bestuurscommunicatie. Mijn speciale dank gaat uit naar de communicatieadviseurs Erlijn Mulder, Sylvia Borgman, Dianne Westerink en Anita van Wijnbergen voor hun medewerking aan het schrijfprocesonderzoek. Verder wil ik Sari Klatter en Pluup Bataille bedanken voor hun medewerking aan het interview en het tussendoor beantwoorden van al mijn inhoudelijke vragen. Ook bedank ik Maike Koch, die tijdens het gehele onderzoek bij de gemeente mijn aanspreekpunt is geweest.
Ten slotte wil ik de journalisten Hans-Paul Andriessen (AD / UN), Jos van Sambeek (Ons Utrecht) en Peter le Nobel (Stadsblad) bedanken voor hun inspirerende bijdrage aan mijn onderzoek.

Carlie van Tongeren

Utrecht, juli 2007

  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   63

  • Samenvatting
  • Voorwoord

  • Dovnload 1.1 Mb.