Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Deel I : Inleiding Hoofdstuk 1 : Wat is recht?

Dovnload 251.86 Kb.

Deel I : Inleiding Hoofdstuk 1 : Wat is recht?



Pagina4/8
Datum05.12.2018
Grootte251.86 Kb.

Dovnload 251.86 Kb.
1   2   3   4   5   6   7   8

Andere internationale instanties

  1. De Verenigde Naties


= opvolger Volkerenbond

Opgericht in 1945 → voor vrede en veiligheid en de bescherming van de rechten van de mens

Onderdelen VN :


  • Algemene Vergadering (New York):

    • Hierin zetelen alle lidstaten

    • Aanbevelingen geven aan de regeringen

  • Veiligheidsraad :

    • = beslissingsorgaan

    • Neemt bindende beslissingen of resoluties

    • Uit 10 gekozen leden en 5 permanente leden met vetorecht (China, Frankrijk, Rusland, VK, VSA)

      • Duitsland en Japan willen ook permanentie in Veiligheidsraad

  • Internationaal Gerechtshof (Den Haag):

    • Beslecht enkel geschillen tussen staten

    • Uit 15 rechters



    1. De Raad van Europa


      • → Raad van Europa opgericht in 1949

    • = vrij losse organisatie met relatief weinig belang (uitgebreider dan EU: bevat ook niet- lidstaten)

  • Men wilde een gemeenschap vormen waarin rechten en vrijheden van de mens boven de nationale grondwetten zouden staan

    • → in kader van Raad van Europa : afsluiting Europees Verdrag over de Rechten van de Mens (E.V.R.M – 1950)

  • Europees Hof voor de rechten van de Mens (E.H.R.M.) :

    • Gaat na of de landen die het EVRM ondertekend hebben, dit ook werkelijk naleven

    • Ook beslissingen van rechtbanken toetsen aan het EVRM

    • In Straatsburg

    • Eerst alle andere mogelijke proceduremiddelen uitputten alvorens je hier terecht kan (ook Hof van Cassatie!)

    • Spaghetti- arrest (onpartijdigheid rechter)

    • Belgische taalwetgeving



Hoofdstuk 3 : De federale politieke instellingen

  1. Het Federale Parlement

  1. Samenstelling


Door middel van het Democratisch beginsel ligt de uiteindelijke macht bij het parlement

→ heeft volheid van bevoegdheid



Federale Parlement bestaat uit 2 Kamers :

  • Kamer van Volksvertegenwoordigers (kortweg Kamer):

    • 150 volksvertegenwoordigers om de 4 jaar gekozen

    • Zetels worden per kiesarrondissement verdeeld volgens een ingewikkeld kiesquotiënt, dat grote partijen licht voordeel verschaft

  • Senaat

    • Gemengde samenstelling :

      • 40 senatoren rechtstreeks verkozen

      • 21 senatoren aangeduid door en uit de gemeenschapsraden

      • 10 senatoren worden gecoöpteerd

      • Ook nog senatoren van rechtswege (= kinderen van de Koning), maar zij worden niet meegeteld voor aanwezigheidsquotum
  1. Bevoegdheden


  • Kamer : politieke en wetgevende taak

  • Senaat :

    • eerder de taak van een reflectiekamer

    • exclusief bevoegd inzake belangenconflicten tussen gemeenschappen en gewesten

    • “Evocatierecht”

      • = Senaat kan een in de Kamer gestemde tekst naar zich toe trekken voor amendering

      • Kamer houdt wel laatste woord inzake aangebrachte wijzigingen

  • Meeste wetten enkel door Kamer goedgekeurd

    • Kamer en Senaat wel samen bevoegd voor belangrijke aangelegenheden

    • bvb wijzigingen van de grondwet



  1. Hoe komt een wet tot stand? p 34


  • Initiatief :

    • Leden van het parlement (Kamer & Senaat) kunnen wetsvoorstel indienen

    • Regering kan wetsontwerp indienen

  • Amendementen :

    • Alle leden kunnen amendementen (voorstellen tot wijziging) indienen

    • Overgrote meerderheid nooit aangenomen

  • Parlementaire commissies :

    • Voorstellen en ontwerpen besproken in commissies

      • Verslagen van deze commissies zijn vaak waardevolle bron voor interpretatie van de nieuwe wet

  • Plenaire vergadering :

  • Eventuele behandeling door een andere kamer :

    • Bij tekst Kamer → Senaat kan evocatierecht uitoefenen

    • Bij tekst Senaat → Kamer kan volledige procedure hernemen

  • Bekrachtiging, afkondiging en bekendmaking :

    • Tekst wordt enkel een wet als de Koning deze bekrachtigt

    • Afkondiging = specifieke formule met de rol van de Koning om wetten uit te voeren

    • Bekendmaking gebeurt in Belgisch Staatsblad
  1. Controle op de regering


Tweede taak van het parlement naast het maken van nieuwe wetten

  • Stemmen van begroting

  • Vorderen van aanwezigheid van ministersµ

  • Vertrouwensstemming uitlokken

  • Regering dwingen tot ontslag

  • Stellen van parlementaire vragen

  • Oprichten van onderzoekscommissies



  1. De Federale regering

  1. Koning en regering


België = grondwettelijke monarchie

→ Koning heeft geen persoonlijke bevoegdheden, handelt steeds samen met minister

Koning = onschendbaar en politiek onverantwoordelijk

 moet steeds minster mee tekenen

 deze minister kan wel verantwoordelijk gehouden worden

Regering oefent de bevoegdheden collegiaal uit  Koning kan gelezen worden als Regering



  1. Samenstelling


  • Eerste Minister

  • Vice-Eerste Ministers

  • Ministers

  • Staatssecretarissen

    • Tegenover het publiek en het parlement dezelfde verantwoordelijkheid als een minister
  1. Structuur


  • Ministerraad :

    • Samengesteld uit alle ministers

    • Drijvende kracht achter staatsbeleid en wetsontwerpen

    • Moet taalpariteit zijn en maximaal 15 ministers (voor meerderheid te hebben)

  • Regeringsraad :

    • Ministers + staatssecretarissen

    • Weinig belang in praktijk

  • Ministercomités :

  • Ministeriële kabinetten :

    • Uit persoonlijke medewerkers van de ministers



  1. Bevoegdheden van de Koning (=regering)


  • Als tak van de Wetgevende Macht :

    • Initiatiefrecht : wetsontwerpen indienen

    • Bekrachtiging van wetten

    • Artikelen aanduiden die in aanmerking komen voor grondwetsherziening

  • Als tak van de Uitvoerende Macht :

Enkel als een motie van wantrouwen bij de meerderheid werd aangenomen en als de Kamer er niet in slaagt een nieuwe eerste minister aan te duiden

    • Buitenlandse betrekkingen regelen

    • Handhaven van de openbare orde + reglementering ervan

    • Beheer van de openbare diensten



  1. De rechtsnormen


Bevoegdheden van de Koning uitgevoerd door middel van bindende juridische normen :

  • Koninklijke besluiten

    • Mogen niet strijdig zijn met de Grondwet

    • Kaderwet : een reeks taken worden aan de Koning opgedragen ter uitvoering

    • Soms geeft de Koning een opdracht, die niet tot zijn bevoegdheid maar tot die van het parlement behoort

      • = opdrachtwet

      • Geeft aan de regering de bevoegdheid om bij KB een materie te regelen die normaal tot de bevoegdheid van de wetgevende macht behoort

  • Volmachtbesluiten

    • Genomen op grond van een volmachtenwet

      • Hierin doet het parlement tijdelijk afstand van zijn bevoegdheid en staat het de regering toe wetten te wijzigen of op te heffen bij KB

      • Koning oefent dus tijdelijk de wetgevende bevoegdheid uit van het parlement

    • Vaak gebruikt om besparingen mogelijk te maken



  1. Wederzijdse controle en onafhankelijkheid

  1. Traditionele waarborgen


Wezenlijke taak van parlement = controle uitoefenen op de uitvoerende macht

Daarom :


  • Parlementsleden zijn onschendbaar en politiek onverantwoordelijk

    • Kunnen niet vervolgd worden tenzij op heterdaad betrapt of bij toestemming tot vervolging van de kamer waartoe zij behoren

    • Kunnen niet vervolgd worden voor hun uitspraken in het parlement

  • Ministers in beperkte mate strafrechtelijk onschendbaar

    • Politiek volledig verantwoordelijk tegenover de Kamer (kan hen tot aftreden dwingen)

      • Onschendbaarheid opheffen is mogelijk, maar gaat gepaard met grote negatieve publiciteit, terwijl op dat moment nog niet duidelijk is of de betrokkene schuldig is of niet



  1. Nieuwe discussiepunten


  • Behoefte aan herwaardering van het parlement

  • Overgrote meerderheid van de wetten komen er op initiatief van de regering en door bezuinigingen door te voeren vraagt de regering vaak om zelf wetgevend op te treden bij KB zodat de Kamer er vaak werkloos bijzit

Hoofdstuk 4 : De gemeenschappen en gewesten

  1. De instellingen


Drie gemeenschappen :

  • Vlaamse Gemeenschap

  • Franse Gemeenschap

  • Duitstalige Gemeenschap

Inwoners van Brussel-Hoofdstad hebben dus keuze tot welke gemeenschap zij behoren
Drie gewesten :

  • Vlaamse Gewest

    • = Nederlandse taalgebied

  • Waalse Gewest

    • = Franstalige taalgebied + Duitstalige taalgebied

  • Brussels Hoofdstedelijk Gewest

In Vlaanderen worden gemeenschapsbevoegdheden en gewestbevoegdheden uitgeoefend door dezelfde instellingen maar wel aparte rechtspersoonlijkheid

→ fusie

→ instellingen moeten telkens wel oppassen in welke hoedanigheid zij decreten uitvaardigen



In Wallonië heeft men de scheiding behouden tussen gemeenschap en gewest

→ Gemeenschapsbevoegdheden door Franse Gemeenschapsraad

→ aantal gemeenschapsbevoegdheden overgedragen aan gewestelijke instanties zoals

Waals parlement (wetgevende tak) en Waalse Gewestregering (uitvoerende macht)

Brussel = geen volwaardig gewest

 wetten worden ordonnanties genoemd

→ kunnen door de Koning geschorst worden

→ gewestelijke bevoegdheden door Brusselse Hoofdstedelijke Raad (wetgevende tak)

en Brusselse Hoofdstedelijke regering (uitvoerende tak)

In Duitstalige gemeenschap worden de gemeenschapsbevoegdheden uitgevoerd door raad van Duitstalige Cultuurgemeenschap en uitvoerende macht is Duitse gemeenschapsregering



1   2   3   4   5   6   7   8

  • Hoofdstuk 3 : De federale politieke instellingen Het Federale Parlement
  • Hoe komt een wet tot stand p 34
  • De Federale regering
  • Bevoegdheden van de Koning (=regering)
  • Wederzijdse controle en onafhankelijkheid
  • Hoofdstuk 4 : De gemeenschappen en gewesten De instellingen

  • Dovnload 251.86 Kb.