Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Demografische ontwikkelingen internationale politieke ontwikkelingen macro-economische ontwikkelingen

Dovnload 1.36 Mb.

Demografische ontwikkelingen internationale politieke ontwikkelingen macro-economische ontwikkelingen



Pagina2/13
Datum28.10.2017
Grootte1.36 Mb.

Dovnload 1.36 Mb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   13

I N H O U D S T A F EL



ALGEMENE OMGEVINGSANALYSE


DEMOGRAFISCHE ONTWIKKELINGEN 5
INTERNATIONALE POLITIEKE ONTWIKKELINGEN 27
MACRO-ECONOMISCHE ONTWIKKELINGEN 53
SOCIAAL-CULTURELE ONTWIKKELINGEN 79
BEGROTING 103

BIJLAGEN


DEMOGRAFISCHE ONTWIKKELINGEN 1
INTERNATIONALE POLITIEKE ONTWIKKELINGEN 15
MACRO-ECONOMISCHE ONTWIKKELINGEN 18
SOCIAAL-CULTURELE ONTWIKKELINGEN 30
BEGROTING 49


BIJDRAGE

Algemene Omgevingsanalyse



TEN GELEIDE

1. Situering
In het kader van de “bijdrage van de administratie aan het regeerprogramma van de aantredende Vlaamse regering” wordt een algemeen omgevingsrapport opgesteld dat voor enkele algemeen geldende factoren (omgevingsfactoren) de evoluties en de toekomstverwachtingen in Vlaanderen en in de wereld beschrijft.
Volgende omgevingsfactoren werden geselecteerd voor verdere studie:

1. demografische ontwikkelingen

2. internationale politieke ontwikkelingen

3. macro-economische ontwikkelingen

4. socio-culturele ontwikkelingen

5. begroting




2. Studiemethode
Voor elk van de 5 geselecteerde omgevingsfactoren werden volgende inhoudelijke elementen ontwikkeld:
a. te bestuderen deelfactoren

Uit de veelheid van mogelijke deelfactoren waaruit een omgevingsfactor bestaat, werd een gefundeerde selectie gemaakt van deze deelfactoren die het meest relevant zijn voor het algemeen omgevingsrapport.



b. hypothesen (hypothesen)

Voor de omgevingsfactor, rekening houdend met de geselecteerde deelfactoren, werden meerdere hypothesen naar voor geschoven, die dan dienden voor de verdere studie. Deze hypothesen kunnen algemeen geldende beweringen zijn die men leest en hoort in de pers. Ze kunnen ook meer wetenschappelijke onderbouwde beweringen zijn, gegenereerd door universiteiten of experten.


c. buitenlandse en binnenlandse evoluties

In het kader van deze hypothesen werd gekeken naar de evoluties (historiek) in het buitenland en het binnenland van deze deelfactor. Niet enkel de kwantitatieve gegevens werden hiervoor verzameld en bestudeerd, maar ook de kwalitatieve gegevens, i.e. wat was de drijvende kracht achter deze evolutie?



d. mogelijke exogene factoren

in dit gedeelte onderzochten we welke mogelijke uitwendige factoren zich kunnen voordoen en hierdoor de situatie van Vlaanderen grondig kunnen wijzigen ten

gunste of ten ongunste.

e. scenario’s

Op basis van het voorgaande studiewerk hebben we volgens de scenario-methodologie een reeks scenario’s uitgewerkt waaruit we dan onze gevolgtrekkingen getrokken hebben.

We hebben hier een logische toekomstverwachting geformuleerd alsook eventuele alternatieven, in de positieve of de negatieve zin, die rekening houden met de exogene factoren.


3. Inhoud
De omgevingsanalyse bevat, per omgevingsfactor:

1. Deelfactoren

2. Samenvatting hypothesen

3. Buitenlandse en binnenlandse evoluties

4. Mogelijke exogene factoren

5. Scenario’s




4. Werkwijze
De methodologische coördinatie, evenals de samenstelling van de meeste omgevingsfactoren, gebeurde door de administratie Planning en Statistiek. Voor ‘Begroting’ werd een belangrijke inbreng gerealiseerd door de administratie Budgettering, Accounting en Financieel Management.

‘Internationale politieke ontwikkelingen’ werd door de administratie Buitenlands Beleid samengesteld.

Het integrale ontwerp of delen ervan werden verstuurd naar de verschillende administraties en naar externe experten (professoren, organismen, vakbonden, banken,...). De reacties werden met aandacht bestudeerd, overwogen en indien relevant, opgenomen bij de eindredactie van deze tekst. De namen van de externe experten die meewerkten, vindt men in de bijlagen bij elke omgevingsfactor.


5. Noot aan de lezer
Door de vele cijfers waarop de tekst is opgebouwd – en de interacties tussen de hypothesen, de binnenlandse en buitenlandse evoluties, mogelijke exogene factoren en daaruit afgeleide scenario’s – is de Algemene Omgevingsanalyse natuurlijk sterk datumgebonden. Net vóór de afsluitdatum werden alle cijfers nog een laatste maal geactualiseerd. Wat niet belet dat de toekomstige lezer met deze afsluitdatum van 25 mei 1999 nadrukkelijk rekening dient te houden.


6. Voor correspondentie

administratie Planning en Statistiek

Boudewijnlaan 30


  1. Brussel



tel. 02/553.57.84

fax. 02/553.58.08



e-mail: paul.vansnick@azf.vlaanderen.be






Demografische Ontwikkelingen





omgevingsfactor: demografische ontwikkelingen

Inhoud

1. Deelfactoren p. 5

2. Samenvatting hypothesen p. 6

3. Buitenlandse en binnenlandse evoluties p. 7

4. Mogelijke exogene factoren p. 17

5. Scenario’s p. 18


1. Deelfactoren

- geboorten


- sterften
- migraties
- huishoudensvorming

2. Samenvatting hypothesen



De leeftijdsopbouw van de bevolking verandert. Er is een toename van de oudere bevolking en een interne vergrijzing na 2000.”

De bevolking in Vlaanderen zal ook in de toekomst blijven toenemen, zij het aan een steeds trager tempo. Belangrijk daarbij is dat de bevolking veroudert. Na 2000 is de groei van het aantal hoogbejaarden opvallend.




Het uitstel van geboorten draagt bij tot een relatief laag geboortecijfer.”

Er zijn heden relatief weinig geboorten. De afname van de vruchtbaarheid op jongere leeftijd wordt niet geheel gecompenseerd door een toename ervan op oudere leeftijd.




Het inwijkingsaldo van Vlaanderen neemt af.”

Vlaanderen vertoont een inwijkingoverschot t.o.v. andere landen buiten België en t.o.v. het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Deze saldi zijn de laatste jaren gekrompen.




Ondanks een relatief stabiele bevolking neemt het aantal huishoudens nog toe.”

Naast een toename van de bevolking neemt ook het aantal huishoudens toe in Vlaanderen. De groei ervan zal bovendien sterker zijn dan de bevolkingsaanwas. De grootte van de huishoudens wordt steeds kleiner. Leeftijdseffecten spelen een rol. Door de veroudering van de bevolking stromen meer mensen door naar oudere leeftijdscategorieën. In deze categorieën is er sprake van een grotere huishoudensverdunning. De kinderen hebben het huishouden immers verlaten en vormen een apart huishouden. Deze bewegingen verklaren mede de relatief sterkere groei van het aantal huishoudens. Andere bepalende factoren zijn het meer voorkomen van alleenwonen en gesplitste gezinnen onder invloed van een toenemend aantal echtscheidingen.

3. Buitenlandse en binnenlandse evoluties



Hypothese 1: geboorten, sterften, migraties

De leeftijdsopbouw van de bevolking verandert. Er is een toename van de oudere bevolking en een groeiende interne vergrijzing na 2000.”


Vlaanderen maakt deel uit van een werelddeel met een lage bevolkingsgroei.
Het Vlaamse Gewest telde op 1 januari 1998 5.912.382 inwoners. Op 1.000 Vlamingen zijn er 507 vrouwen en 493 mannen.
De structuur naar leeftijd ziet er als volgt uit: minder dan één op vier Vlamingen is jonger dan 20 jaar. De bevolking op beroepsactieve leeftijd (20 à 59 jaar) is goed voor 55% van de bevolking. De bevolking van 60 jaar of meer wordt aangeduid als de groep van de bejaarden of senioren. Daarin is er een onderscheid tussen jongbejaarden (60 à 79 jaar) en hoogbejaarden (80 jaar of meer). De senioren vertegenwoordigen iets meer dan één vijfde van het aantal Vlamingen.
De bevolking en de samenstelling ervan zijn uiteraard onderhevig aan evoluties doorheen de tijd. Het is dan ook interessant na te gaan hoe de situatie was in het recente verleden. Grafiek 1 geeft een overzicht hiervan.
Grafiek 1: Evolutie van de groeivoet van de bevolking in het Vlaamse Gewest over de jaren 1971 – 1997



Bron: NIS



De bevolking in het Vlaamse Gewest kende in de jaren zeventig een steeds kleiner wordende groei. Omstreeks het midden van de jaren tachtig bedroeg de jaartoename nauwelijks één promille. In de tweede helft van de jaren tachtig hernam de bevolkingsgroei enigszins. Vanaf het jaar 1993 zette zich een nieuwe fase van minder sterke groei in. De bevolking in het Vlaamse Gewest groeit, doch op wereldvlak is deze groei erg matig. Volgens gegevens van de Verenigde Naties1 bedroeg de jaarlijkse procentuele groei van de bevolking tijdens de jaren 1985-1990 in West-Europa 4,9 promille tegenover 9,8 in Noord-Amerika, 19,7 in Latijns-Amerika, 18,6 in Azië en 28,4 in Afrika.
De evolutie van het absolute aantal inwoners zegt lang niet alles. Minstens zo belangrijk is welke dynamiek de diverse leeftijdsklassen vertonen. Tabel 1 geeft een beknopt overzicht van de bevolkingsgroei naar leeftijdsklasse. Volgende afbakening in leeftijdsklassen werd onderscheiden: de peuters (0-2 jaar), de kleuterbevolking (3-5), de potentiële bevolking lager onderwijs (6-12), de potentiële bevolking secundair onderwijs (13-18), de potentiële bevolking die hoger onderwijs volgt of het eerste werk aanvangt (19-24), de bevolking op jongactieve leeftijd (25-34), de oudere potentieel actieve bevolking (35-59), de jongbejaarden (60-79) en de hoogbejaarden (80 jaar of ouder).
Tabel 1: Evolutie van de totale bevolking in Vlaanderen naar leeftijdsklasse,
periode 1/3/1991 – 1/1/1998




1/3/1991 – 1/1/1998

Jaarlijkse evolutie
(in promille)


0-2

-10.406

-7.6

3-5

7.894

5.7

6-12

-11.522

-3.4

13-18

2.869

1.0

19-24

-74.577

-23.1

25-34

-54.725

-8.8

35-59

158.275

12.1

60-79

115.189

16.7

80+

10.460

7.7

SOM

143.457

3.6
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   13

  • BIJLAGEN

  • Dovnload 1.36 Mb.