Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Deze vertaling is van de hand van Co Bieze. Bij gebruik van deze vertaling voor non-commerciële doeleinden dient hij altijd als vertaler genoemd te worden. Gebruik voor commerciële publicaties e d. is zonder overleg met hem niet toegestaan

Dovnload 491.55 Kb.

Deze vertaling is van de hand van Co Bieze. Bij gebruik van deze vertaling voor non-commerciële doeleinden dient hij altijd als vertaler genoemd te worden. Gebruik voor commerciële publicaties e d. is zonder overleg met hem niet toegestaan



Pagina1/10
Datum29.06.2018
Grootte491.55 Kb.

Dovnload 491.55 Kb.
  1   2   3   4   5   6   7   8   9   10

Deze vertaling is van de hand van Co Bieze. Bij gebruik van deze vertaling voor non-commerciële doeleinden dient hij altijd als vertaler genoemd te worden. Gebruik voor commerciële publicaties e.d. is zonder overleg met hem niet toegestaan.

BESCHRIJVEND PROCES VERBAAL VAN DE GRENSAFSCHEIDING TUSSEN DE KONINKRIJKEN BELGIE EN NEDERLAND OVEREENGEKOMEN BIJ DE GRENSBESPREKINGEN EN VASTGESTELD TE MAASTRICHT
DE 8e AUGUSTUS 1843.
--------------------
In het jaar achttien honderd drie en veertig, de achtste dag van de maand augustus,
Zijn aanwezig:

De commissarissen, benoemd uit krachte van artikel 6 van het Verdrag van 19 april 1839 om over te gaan tot de grensafbakening tussen België en Nederland; te weten:


Voor België:

André Édouard Jolly, ridder in de Orde van Léopold, gedecoreerd met het Ijzeren Kruis, officier in de Orde van het Hertogelijke Huis van Ernest van Saxen, ridder in de koninklijke Orde van het Legioen van Eer, generaal-majoor, commandant van de provincie Antwerpen;

Nicolas Berger, president van de rechtbank te Arlon, oud lid van de Kamer van Afgevaardigden;

Jean Babtiste Vifquain, officier in de Orde van Léopold, ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw en in de koninklijke Orde van het Legioen van Eer, inspecteur van waterstaat;

Charles Emmanuel François Joseph Grandgagnage, ridder in de Orde van Léopold, directeur van de directe belastingen, invoerrechten en accijnzen en van het kadaster in de provincie Luik;

Burggraaf Charles Ghislain Guillaume Vilain XIIII, officier in de Orde van Léopold, gedecoreerd met de Orde van het Ijzeren Kruis, lid van de Kamer van Afgevaardigden.



Voor Nederland:

De heer Paul Eustache René van Hooff, ridder in de Militaire Willemsorde 3e klasse en in de Orde van de Nederlandse Leeuw, ridder in het Grootkruis van de Orde van St.Stanislas en in de Orde van St.Anna 2e klasse van Rusland, gedecoreerd met het Bronzen Kruis, luitenant-generaal, adjudant van Zijne Majesteit de Koning der Nederlanden, in buitengewone dienst;

Guillaume Dominique Aloïs Kerens de Wolfrath, lid van het ridderschap van het Hertogdom Limburg, ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, oud lid van de Staten Generaal,lid van de Staten van het Hertogdom Limburg, commissaris van het gebied en het leger rond Maastricht;

Michel Tock, ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, commandeur in de Orde van de Eikenkroon, ridder in de Orde van de Rode Adelaar 2e klasse van Pruisen, lid van de Hoge Raad van de Belastingkamer in het Groothertogdom Luxemburg, commissaris van het vaarreglement en van de vaarrechten op de Moezel;

François Joseph Charles Marie Wirz, ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, lid van de Hoge Raad van Publieke Werken in het Groothertogdom Luxemburg, en

Etienne de Kruyff, ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, hoofd-ingenieur van Waterstaat.



Die,na de twee exemplaren van de perceelskaarten, getekend op schaal 1:2500, die de hele grens van Pruisen tot aan de Noordzee omvatten, met uitzondering van de stukken van de grens, gevormd door de loop van de Maas en die van de Schelde, waarvan de kaarten op schaal van 1:1000 zijn, zowel de een als de ander te hebben onderzocht, vergeleken en conform bevonden, en na zich overtuigd te hebben, dat de grenslijn wordt gevormd overeenkomstig de zelfde wijze zoals op de twee exemplaren van het huidige proces verbaal wordt omschreven, hebben ter uitvoering van de artikelen 1 en 4 van het verdrag van negentien april een duizend acht honderd negen en dertig en van de artikelen 2 en 4 tot 15 van het verdrag van vijf november duizend acht honderd twee en veertig, definitief bepaald en vastgesteld de grensafscheiding tussen België en Nederland, overeenkomstig het volgende:
AFDELING 1.
Grens vanaf Pruisen tot aan de Maas; grens, gevormd door de loop van deze rivier, evenals die door het gebied van Maastricht
ARTIKEL 1.
Grens tussen de gemeenten

Gemmenich (België) en Vaals (Nederland).
§ 1. De grens tussen deze twee gemeenten, gaat van hun contactpunt met het gebied van Laurensberg (Pruisen) en dat van Moresnet (Neutraal gebied tussen België en Pruisen).Dit punt is reeds aangegeven door een oude paal, en een ruwe steen die er de scheiding van het bos 56 B van Gemmenich en 39 B van Vaals aangeeft. Er zal een nieuwe grenspaal (No.1) worden geplaatst, om aan te geven, dat ook daar het beginpunt van de grens tussen de koninkrijken België en Nederland is. Van dit punt gaat de grens naar het westen, naar een boomstam, die in de richting van een oude weg, genaamd Homburgerweg, staat, de grens gaat samen met de weg, tussen het bos 39 B van Vaals en 56 B van Gemmenich, en wordt gevormd door het midden, tot dat ze aan de Ratweg komt, waar een grenspaal (No.2) zal worden geplaatst.
§ 2. Vandaar, na tot aan een ruwe steen die op de oostelijke hoek van het perceel 41 B van Vaals staat, langs genoemde weg, genaamd Ratweg, die aan Nederland blijft, gegaan te zijn, wordt de grens gevormd door een gebroken lijn, dan weer aangeduid door bomen, dan weer door een sloot, en komt tussen het akkermaalshout 595B van Vaals en 42 B van Gemmenich, aan de weg, genaamd Gemmenicher-Look, waar bij een grenspaal (No.3) zal worden geplaatst.
§ 3. Van deze grenspaal volgt de grens, in plaats van de genoemde weg Gemmenicher-Look over te gaan, zoals de oude gemeentegrens deed. de as van de weg naar het zuiden over een afstand van 15 meter (ellen); dan gaat ze langs de weg, genaamd Hoogweg tot dat ze aan de weg van Raren naar Gemmenich komt. Op dit punt zal een grenspaal (No.4) worden geplaatst, en twee hulpstenen zullen worden geplaatst bij het begin van de Hoogweg en op het punt, waar de grens weer samengaat met de gemeentegrens. Door deze grensafscheiding worden de bospercelen,die ten noorden van de weg, genaamd Hoogweg liggen en toebehoren aan Koonen, Thomas (23 B), Schijns, Henri (20 B), Zimkem, Hubert (22 B), Flas, Jean-Nicolas (19 B) en Van Gertsen (17 B), afgesneden van de gemeente Gemmenich (België) en toegevoegd aan Nederland.
§ 4. Van de laatste grenspaal, geplaatst bij het raakpunt van de weg van Raren naar Gemmenich met de Hoogweg gaat de rijksgrens weer van de oude gemeentegrens af, gaat in een rechte lijn en in westelijke richting door het bos van Hyacinthe de Thiriard (778 A van Gemmenich) en gaat langs het bosperceel van de weduwe Colin, Jacques (731 A België), laat aan Nederland dat van Zimmerman, Corneille, (729 en 730 A), van de kinderen Franck, Herman (728 A), van Merzenich, G. (727 A) en van de kinderen Brandt, Jean (726 A van Gemmenich) en gaat weer samen met de oude gemeentegrens, op het punt, waar dit laatste perceel aan dat van Merzenich, Jean-Joseph (725 A) raakt, en aan het bos van Gertsen en consorten (1443 B van Vaals) grenst. Op dit punt zal een grenspaal (No.5) worden geplaatst en een hulpsteen tussen de percelen van de weduwe Colyn, Jacques (731 A), van Zimmerman (730 A), en van Hyacinthe de Thiriard (778 A).

Door deze grensafscheiding worden het stuk bos van Hyacinthe de Thiriard (778 A), dat ten noorden van de in de vorige alinea omschreven lijn ligt, alsmede de hiervoor gelegen percelen van Zimmerman, Corneille, van de kinderen Franck, Herman, Merzenich, Guillaume en van de kinderen Brandt, Jean, afgescheiden van de gemeente Gemmenich (België) en worden afgestaan aan Nederland.


§ 5. Van de grenspaal geplaatst tussen het bos van Brandt, Jean (726 A), Merzenich Jean-Joseph (725 A van Gemmenich) en van Gertsen en consorten (1443 B Vaals) herneemt de grens de oude gemeentegrens langs de zoom van het bos 1443 voornoemd, genaamd Mallis Bos, en verlaat haar vervolgens, om te worden gevormd door het midden van de weg, genaand Graterweg, dan door die, genaamd Koeweg, tot aan een ruwe steen, die aan de andere zijde van het bos 1445 A van Gemmenich staat, bij een weg, die van Sippenaeken naar Aken gaat, genaamd Akenerweg. Er zal een nieuwe grenspaal (No.6) worden geplaatst, en een hulpsteen op de hoek, gevormd door de Koeweg met de Graterweg.

Door deze grensafscheiding staat België aan Nederland af het beboste perceel van Schyns, Pierre (655 A) en de landbouwgrond van Kutgens, Hubert (654 A), dat ligt in de bocht, gevormd door de voornoemde wegen Graterweg en Koeweg.

België krijgt op zijn beurt van Nederland de gedeelten van het bos van Van Gersten (1445, 1446, 1447 en 1448 B van Vaals), die zijn gelegen aan de zuidelijke achterzijde van de heuvel, ten zuiden van de Koeweg.
§ 6. Van de nieuwe grenspaal, geplaatst ten noorden van het bos van Van Gersten, bij de weg, die het verlengde vormt van de Koeweg, en die van Sippenaeken naar Aken gaat, gaat de grens samen met de gemeentegrens naar het noorden, langs het midden van een ontginningsweg; dan langs een voetpad die haar weer verenigd met de hiervoor genoemde weg naar Aken, tot aan een ruwe steen, waar ze de genoemde weg verlaat om in noord-westelijke richting, langs een lijn, die de bossen genaamd Mallis bos en Kerper bos (1469, 1462 en 1461 C )(Nederland) van het Eltsenbos en van Kandel (86, 74 tot 71, 67 tot 61, 49, 47, 46, 46bis, 40 en 39 A)(België) scheidt. Deze lijn, aangegeven door grensbomen en twee hardstenen grensstenen komt uit bij een beuk, geplaatst bij een oude weg genaamd Sassenerweg.
§ 7. Van deze beuk gaat de grens naar het westen door kreupelhout en volgt een gebroken lijn, aangegeven door grensbomen en door drie hardstenen grenspalen, gaat van de hoogte naar een vlakte, gaat over een weg genaamd Vilenderkinkenweg, bij het bos 1455 C van Vaals, om in een rechte lijn te komen bij een holle weg, waar het regenwater zich verzamelt, dat van de hoogte afkomt, en dat samengaat met de beek, genaamd Kothauzerbach. Er zal een grenssteen (No.7) bij het begin van deze beek, tussen de percelen 1473 C van Vaals en 13 A van Gemmenich worden geplaatst, en een hulpsteen bij de weg, genaamd Vilenderkinkenweg.
§ 8. Vanaf de bij het begin van de beek, genaamd Kothauzerbach, geplaatste grenspaal, wordt de grens gevormd door de bedding van deze beek tot aan een voetpad die hem aan de voet van een heuvel, genaamd Kothauserberg, tussen de weilanden 359 A van Gemmenich, 60, 61 en 87 D van Vaals kruist, en gaat van daar in een rechte lijn, terwijl ze de weilanden 87, 90 en 91 D van Vaals scheidt van die van 359, 360 en 361 A van Gemmenich, naar een eik, die aan de oever van de Geul (rivier) staat,tussen de genoemde weilanden 361 A en 91 D.

Er zal een grenspaal (No.8) bij deze eik worden geplaatst en een hulpsteen op de plaats waar het voetpad de beek, genaamd Kothauzerbach kruist.

De grenspaal, geplaatst bij de eik geeft het contactpunt (dat zich in het midden van de Geul bevindt) aan van de gemeenten Vaals (Nederland), van Gemmenich en van Sippenaeken (België).
ARTIKEL 2
Grens tussen de gemeenten

Sippenaeken (België) en Vaals (Nederland).
§ 1. De Geul vormt stroomafwaarts over een afstand van ongeveer 40 meter(ellen) de grens tussen de twee staten, tot tegenover het punt, waar de weg, genaamd Reinweg, naar het westen gaat. Op dit punt zal een grenspaal (No.9) op de linker oever van de Geul geplaatst worden.
§ 2. Van de laatste grenspaal verlaat de grens de oude gemeentegrens en en begeeft zich naar het westen langs de bovengenoemde weg, genaamd Reinweg, die aan België blijft; vervolgens langs een groene heg, die de bospercelen en de weilanden (Sectie B van Sippenaeken), toebehorende aan Kevers, Brice Guillaume (13), Lousberg J.M. (14), Nix, Jaques (15), Hagelstein (16 en 17), Smeets (18),Bouwens, Guillaume (19), Belleflamme, Jean (20), Smeets en Consorten (21) en Thielen (22), die aan Nederland over gaan, en het land van Flas,Etienne (23B van Sippenaeken), dat aan België blijft, tot aan het punt waarop de rijksgrens weer samen gaat met de oude gemeentegrens tussen Wittem en Sippenaeken, bij aan de hoek van de wei van de erven Schijns, Gerard (1042D van Wittem), komt weer in het genoemde land van Flas, Etienne en gaat naar een wei van Thielen (22B van Sippenaeken). Op deze hoek zal een grenssteen (No.10) geplaatst worden.

Door deze nieuwe grensafscheiding worden de weilanden, gronden en bossen, die zich tussen de Geul en de lijn, die hierboven beschreven werd, en die behoren tot de gemeente Sippenaeken, afgestaan aan Nederland.


ARTIKEL 3.
De grens tussen de gemeenten

Sippenaeken (België) en Wittem (Nederland).
§ 1. Van de laatste grenspaal, geplaatst op de hoek van de wei van de erven Schijns, Gerard, gaat de rijksgrens samen met de oude gemeentegrens, gaat in een rechte lijn naar het zuid-westen naar de hoek van de tuin (116D), die om het huis (118D) van Wittem ligt, bij de weg van Beusdal naar Sippenaeken. Deze lijn wordt aangeduid door beplantingen en kruist twee wegen, genaamd Brockerweg en Kuttingerweg, voordat hij bij de hoek van de tuin (1116D) van Wittem komt. Er zullen twee hulpstenen bij genoemde wegen worden geplaatst; een grenspaal (No.11) zal worden geplaatst op de hoek van het perceel (1116) voornoemd, bij de weg van Beusdal naar Sippenaeken.
§ 2. Van daar verlaat de rijksgrens de gemeentegrens en wordt gevormd door het midden van voornoemde weg van Beusdal naar Sippenaeken, tot aan de eerste viersprong die hij ontmoet, en waar de rijksgrens weer met de gemeentegrens samengaat.Er zal een grenspaal (No.12) worden geplaatst tegen de heg van het gebied van Baron van Stockhem-Méan (775B) van Sippenaeken. Door deze nieuwe grensscheiding worden de gronden, gelegen ten zuiden van de weg van Beusdal naar Sippenaeken, toebehorende aan Levau (1216D), Schillings (1217D), Vincken (1218D) de erven Tychon, Joseph 1219D), Schyns, Jean (1220D), Hommen,Herman (1221D), de weduwe Rumpen (1222D) en Baron van Stockhem-Méan (1223D), en die deel uitmaakten van de gemeente Wittem, afgestaan aan België.
§ 3. Van de grenspaal, vermeld in de vorige paragraaf herneemt de rijksgrens de oude gemeentegrens, en gaat naar het noorden, volgt de westelijke zijde van de weg genaamd Hoogstraat,die aan Nederland blijft, tot aan het ontmoetingspunt met het perceel 1239D van Wittem, om vervolgens af te dalen in de weilanden die rondom de boerderij en kapel van Beusdal liggen en volgt successievelijk in zuid-westelijke richting, daarna naar het noorden en naar het zuid-westen via een gebroken lijn, die over de beek, genaamd Rezieter Beek, gaat. De grens scheidt in zijn loop de percelen (1239, 1240, 1245, 1278 tot 1280 en 1282 tot 1288D) van Wittem van (775, 776, 781, 783 en 789B) van Sippenaeken, waarna hij weer aan de weg van Giveld naar Beusdal komt, bekend onder de naam Ziersdellerweg; zij is trouwens duidelijk aangegeven door heggen en hoge bomen. Op dit punt, tegen het perceel (727B) van Sippenaeken zal een grenspaal (No.13) worden geplaatst; twee hulpstenen zullen worden geplaatst, de een bij de Hoogstraat en de andere op het contactpunt van de percelen (1280, 1282D) van Wittem en (781B) van Sippenaeken, op de meest noordelijke hoek van de omschreven lijn.
§ 4. Van de grenspaal, geplaatst bij de Ziersdellerweg, gaat de grens in noord-westelijke richting langs het midden van de weg tot aan het punt, waar hij het bos van Ziersdel in gaat, waar de grens zich van de weg verwijderd en op zodanige wijze op afstand blijft volgen, dat zij het bos met het perceel van de weduwe Rumpen en perceel (1353D) van Wittem aan Nederland laat.

Na bij een ruwe steen gekomen te zijn, die de grens van de gemeentebossen van Epen aangeeft, komt zij samen met een weg, die zij weer verlaat, en die hier de naam Risselsteynweg draagt, op het punt waar de Zolderenweg hem kruist, en gaat naar een andere ruwe steen. Op de oostelijke hoek van het perceel 641A van Teuven zal een grenspaal(No.14) geplaatst worden,die het raakpunt tussen de gemeenten Sippenaeken, Teuven (België) en Wittem (Nederland) zal aangeven.



Een hulpsteen zal daarenboven worden geplaatst op het punt waar de grens zich los maakt van de weg, op de zuidelijke hoek van het hierboven omschreven perceel, toebehorende aan de weduwe Rumpen.
ARTIKEL 4.
Grens tussen de gemeenten

Teuven (België) en Wittem (NL).
§ 1, Van de hiervoor genoemde grenspaal, die zich op het kruispunt, gevormd door de wegen genaamd Zolderenweg en Risselsteynweg, bevindt, volgt de grens de zuid-westelijke zijde van deze weg totdat ze bij een zijweg komt, die in verbinding staat met de weg van Hombourg naar Maastricht. Tegen deze weg, die aan Nederland blijft, zal op de noordelijke hoek van het perceel640 A van Teuven een grenspaal (No,15) worden geplaatst.
§ 2. Vanaf deze grenspaal gaat de grens over de hiervoor genoemde zijweg en gaat verder langs een door drie oude ruwe grensstenen aangegeven lijn, die het gemeentebos van Epen, genaamd Onderste Bos (1453, 1454, 1503 en 1505 D) (Nederland) van het bos genaamd Givelderdrieschen, en van heidevelden, weilanden en landbouwgronden (11, 12, 10, 10 bis, 6. 4 en 1A) van Teuven, die liggen bij de ingang van de boerderij van Giveld, scheidt. Op het punt waar deze lijn aan het gebied van Slenaken komt, is het raakpunt van de percelen (1 A) van Teuven, 1979, 1328 B van Slenaken en (1505 D) van Wittem. Er zal een grenspaal (No.16) worden geplaatst, die het raakpunt van de drie gemeenten Wittem, Slenaken (Nederland) en Teuven (België) zal aangeven. Twee hulpstenen zullen langs deze lijn worden geplaatst; de eerste op het punt waar de percelen (6, 2 A ) van Teuven en (1454 D) van Wittem bij elkaar komen; de tweede op het punt waar de percelen (2, 1 A) van Teuven en 1454 D van Wittem bij elkaar komen.
ARTIKEL 5.
Grens tussen de gemeenten

Teuven(België) en Slenaken(Nederland)
§ 1. Van de aan het eind van het vorige artikel vermelde grenspaal maakt de grens een scherpe hoek in Nederland, draait naar het Zuid Westen, kruist de weg naar Aubel op het punt waar een ruwe grenssteen staat, en gaat in een rechte lijn door de akkers en door een heideveld (7 en 9A) van Teuven, (1008 en 1008 bis B) van Slenaken naar een andere grenssteen, die bij het begin van een dal staat, volgt de hoogten in de door de Gulp (beek) uitgesleten vallei. Van deze steen gaat ze ongeveer in de zelfde richting naar beneden, komt bij een andere steen tussen het bos (31A) van Teuven en (1010 B) van Slenaken, gaat langs perceel (34 A), dat aan België blijft, en, na de akkers (43 en 44A) van Teuven gescheiden te hebben van (1090 en 1091 B) van Slenaken, alsmede de wei (45A) van Teuven van het bos (1096 B) van Slenaken, bereikt ze de Gulp, zijnde de hiervoor reeds genoemde beek. Op dit punt, aan de oever van de beek, zal een grenspaal (No.17) worden geplaatst, en men zal een hulpsteen plaatsen naast de ruwe grenssteen, die aan het begin van het dal staat.
§ 2. Van daar gaat de grens over de Gulp, dan tussen de weiden (261 A) van Teuven en (110 B) van Slenaken, en vervolgt naar het Zuid Westen via een licht gebogen lijn, aangegeven door levende hagen en door een sloot, waarmee ze de weg, genaamd Hondsboomerweg kruist, en gaat verder door een sloot,tot aan de weg van Teuven naar Maastricht, waar een grenspaal (No.18) zal worden geplaatst tussen het perceel (780 A) (Nederland) en (301 A) (België); een hulpsteen zal worden geplaatst bij de weg genaamd Hondsboomerweg.
§ 3. Van de laatste grenspaal geplaatst bij de weg van Teuven naar Maastricht gaat de grens nog steeds naar het Zuid Westen, gaat over genoemde weg, scheidt het perceel (781 A) (Nederland) van het perceel (323 A) (België). Ze volgt, in deze richting in nagenoeg een zelfde lijn, die de akkers scheidde, langs de zoom van het bos (383 A) van Teuven, genaamd Dikkenbos, dat aan België blijft, scheidt het perceel (833 A) van Slenaken van dat van Teuven (1054 bis A), en komt aan de weg van Aubel naar Maastricht tussen twee boomgaarden (834 A) van Slenaken en (1054 A) van Teuven, tegenover een grenssteen, geplaatst voor de deur van het huis van de kinderen Delacroix, Arnold, gelegen op het perceel (1125 B) van Sint Maartens-Voeren, en dat deel uitmaakt van het gehucht De Planck. Op dit punt zal bij de weg een grenspaal (No.19) tegen de levende heg van een boomgaard worden geplaatst.

Deze grenspaal geeft het contactpunt aan van drie gemeenten: Slenaken (Nederland), Teuven en Sint Maartens-Voeren (België)


ARTIKEL 6
Grens tussen de gemeenten

Sint Maartens-Voeren (België) en Slenaken (Nederland)
Van het aan het eind van het laatste artikel vastgestelde punt -voor het huis van de Kinderen Delacroix, Arnold- gaat de grens naar het Noorden via het midden van de hiervoor genoemde grote weg van Aubel naar Maastricht, tot aan een viersprong, gevormd door genoemde grote weg met die van Slenaken naar Ulvend, die hem kruist voor de eerste huizen van het gehucht Schilberg, gelegen in de gemeente Noorbeek. Dit is het raakpunt van drie gemeenten: Slenaken, Noorbeek (Nederland) en Sint Maartens-Voeren (België). Er zal een grenspaal (No.20) geplaatst worden bij de hoek van het huis van Beuken, Pierre (744 B van Noorbeek).

ARTIKEL 7.


Grens tussen de gemeenten

Sint Maartens-Voeren (België) en Noorbeek (Nederland).
§ 1. Van de grenspaal geplaatst overeenkomstig het vorige artikel bij de hoek van huis 744 B van Noorbeek, draait de grens naar het Zuid Westen en volgt de as van de weg van Slenaken naar Ulvend, reeds genoemd in het vorige artikel, tot aan het in het gehucht Ulvend, hiervoor genoemd, aanwezige kruispunt, waar naast het perceel 1296 A van Noorbeek een grenspaal (No.21) zal worden geplaatst.
§ 2. Van deze grenspaal volgt de grens de as van genoemde weg genaamd Heerbaan, die van 's Gravenvoeren gaat tot aan een oud kreupelbosje, dat is gelegen op, de plaats genaamd Kattenrot, op de Noord West hoek van het perceel 913 B van Sint Maartens-Voeren tegenover een vijver en in de nabijheid van het huis van de Weduwe Kevers, Adolphe. Dit kreupelbosje geeft het raakpunt aan van de gemeenten Noorbeek (Nederland) , Sint Maartens-Voeren en 's Gravenvoeren (België). Er zal een grenspaal (No.22) worden geplaatst.
ARTIKEL 8
Grens tussen de gemeenten

's Gravenvoeren (België) en Noorbeek (Nederland).
Van de grenspaal bij het oude kreupelbosje Kattenrot, reeds genoemd in het vorige artikel,blijft de grens de as van de voornoemde weg volgen, die van Ulvend naar 's Gravenvoeren gaat, tot aan een door een particulier geplaatste grenssteen rechts van de weg op het perceel 1050 A van Noorbeek.

Vanaf deze particuliere grenssteen verlaat de grens de genoemde weg, scheidt de beboste percelen 1136 en 1135 C van 's Gravenvoeren van de percelen 1031 en 1032 A van Noorbeek en gaat in een rechte lijn naar het Noord Westen, die in zijn loop drie wegen kruist, die genaamd Bosweg, die van 's Gravenvoeren naar Noorbeek en die genaamd Steengrubbe, scheidt ten laatste de percelen 3, 2 en 1 A van Noorbeek van de percelen 3, 2, en 1 C van 's Gravenvoeren, bereikt de weg van 's Gravenvoeren naar Galoppe, tegenover een bewerkte grenssteen.

Twee hulpstenen zullen worden geplaatst bij de wegen genaamd Bosweg en Steengrubbe, op het punt waar de grens de wegen kruist. Een bewerkte grenssteen staat reeds bij de kruising bij de weg van 's Gravenvoeren naar Noorbeek.

De bewerkte grenssteen, waar de rechte grenslijn komt, die hiervoor beschreven werd, staat bij de hiervoor omschreven weg van 's Gravenvoeren naar Galoppe, tegenover de scheidingslijn van de hiervoor beschreven percelen 1 A van Noorbeek en 1 C van 's Gravenvoeren; ze geeft ook het contactpunt van drie gemeenten aan: Noorbeek, Mheer (Nederland) en 's Gravenvoeren (België). Er zal tegenover de oude grenssteen en nieuwe grenspaal geplaatst worden (No.23), in de richting van de rechte lijn en aan het einde van de scheidingslijn van de twee percelen, hiervoor genoemd.


ARTIKEL 9.
Grens tussen de gemeenten

's Gravenvoeren (België) en Mheer (Nederland).
§ 1. Van de grenssteen, geplaatst op het contactpunt van de gemeenten Noorbeek, Mheer en 's Gravenvoeren, wordt de grens gevormd door het midden van de in het vorige artikel genoemde weg, die van Galoppe naar 's Gravenvoeren loopt, die ze in Zuid Westelijke richting volgt tot voor het huis genaamd Snauwenberg in de nabijheid waarvan ze komt aan de rechterzijde aan een bewerkte grenssteen, geplaatst op de scheiding van de percelen (805 B) van Mheer en (1151 B) van 's Gravenvoeren, hij geeft het punt aan van de hoek, die de grens maakt met genoemde weg, die ze op dit punt verlaat. Er zal een grenspaal worden geplaatst. (No.24)
  1   2   3   4   5   6   7   8   9   10

  • Zijn aanwezig
  • Voor Nederland

  • Dovnload 491.55 Kb.