Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Differentiële psychologie

Dovnload 0.53 Mb.

Differentiële psychologie



Pagina1/38
Datum04.04.2017
Grootte0.53 Mb.

Dovnload 0.53 Mb.
  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   38




Differentiële psychologie

Pénélopé De Muynck

Academiejaar 2015-2016

Slides + boek + SV Jelke Pattyn



Inhoudsopgave


Inleiding 2

Deel I: constructen en theorieën over individuele verschillen 3

Hoofdstuk 1: interesses 3

1. Structuur van interessen 4

1.1.1 Interessen als individueel verschil 4

2. RIASEC: model en assumpties 6

2.1.1 Oorsprong vh model 6

2.2.1 Illustraties van lettercodes voor omgevingen 8

2.3.1 Consistentie vd lettercode 9

2.3.2 RIASOC differentiatie 9

2.3.3 RIASOC – congruentie 10

3. Person-environment fit 10

3.1.1Person-environment fit vormen (Kristof, 1996) 10

4. Alternatieve modellen 12

4.1.1Alternatieve formulering: Itamar Gati 12

5. Geslachtsverschillen 15

5.1.1 RIASEC: geslachtsverschillen 15

6. Stabiliteit en ontwikkeling 15

6.1.1 RIASEC: stabiliteit 15

7.Evaluatie 17

8. Recente operationalisaties 18

8.2.1 LIV: afgestemd op loopbaan 18

8.2.2 LIV: concepten en uitgangspunten 18

9. Samenvatting 22

Hoofdstuk 2: persoonlijkheid 22

1. Definitie persoonlijkheid 23

7.1.1Trekbenadering: vragen ad orde 23

1.4.1 Zoemsessie: stabiliteit vs verandering 25

1.4.2 Differentiële vs ‘mean level’ / absolute verandering 25

2. Persoonlijkheidstheorie: objectieven en kenmerken 26

3. Persoonlijkheidstaxonomieën 27

3.1.1 Hoe zo’n taxonomie opbouwen? 27

3.2.1 Lexicale benadering 28

3.2.2 Statistische benadering 29

3.2.3 Theoretische benadering 29

3.3.1 Eysenck’s PEN model 30

3.3.2 Wiggins interpersoonlijk circumplex 30

3.3.3 Big five – vijf-factoremodel (VFM, FFM) 31

4. Historiek en operationalisaties vd big 5 / FFM 32

5. Generaliseerbaarheid big 5 / FFM structuur 34

5.3.1 Generaliseerbaarheid over culturen 35

5.4.1 Theoretisch raamwerk voor HEXACO-model (Lee & Ashton) 36

5.4.2 HEXACO-model: evolutionaire basis 36

5.4.3 Kritiek op HEXACO-model 36

6. Persoonlijkheidstrekken bij niet-humane wezens 37

6.1.1 Studie 1: interne consistentie en consensus 38

6.1.2 beoordelaarbias: leeftijd, geslacht 39

6.1.3 Studie 2: predictieve validiteit 40

6.1.4 beoordelaarbias: ras 41

6.1.5 A dog got personality – samenvatting resultaten 42

6.1.6 A dog’s got personality – sterktes design 42

6.1.7 Dog’s personality – what’s next? 43

7. Interface persoonlijkheid en interessen 43

8.1.1Holland: “interest inventories are personality inventories” 43

7.1.1 Validiteit voor Hollands claim? 44

8. Kritische evaluatie 44

9.1.1 Kritiek op trekbegrip, en op FFM/ Big Five in het bijzonder 44

9. Take away message 45

Hoofdstuk 3: intelligentie 46

1. Intelligentie: conceptualisatie en definitie 46

1.2.1 Lay-persons’ implicit theories of intelligence (USA) 47

1.2.2 Lay-persons’ implicit theories of intelligence across cultures (Taiwanese Chinese) 47

2. Intelligentie modellen en theorieën (Maltby: chapter 12) 49

2.3.1 voorbeelden van de Wechsler Adult Intelligence scale 52

2.3.2 The positive manifold 53

2.3.3 Factoranalyse 54

2.3.4 De normaaldistributie vd intelligentie score 55

2.6.1 Vernon’s hierarchical theory of intelligence 56

2.6.2 Carroll: three-stratum model of human cognitive abilities 56

2.6.3 Cattell, Horn and Carroll (CHC) onderzocht en uitgebreid door Kevin S McGrew 56

3. Demonstratie: online intelligentie-tests 57

4. Betekenis en predictieve validiteit van intelligentie (Maltby: chapter 13, vanaf p 106) 57

4.2.1 Studie over de invloed v IQ ih onderwijs: Deary, Strand, Smith & Fernandes (2007) 58

4.2.2 Studie over job performance: Schmidt &Hunter (1998,psychological Bulletin) 59

4.2.3 Studie over measure / training: Schimdt en Hunter (1998, psychological Bulletin) 59

4.2.4 Studie over job performance in verschillende beroepscategorieën 60

4.2.5 Studie over predictive validity over the life span (extrinsic career success) door Jugde et al (1999) 61

5. emotionele intelligentie (EQ) (Maltby: chapter 15, p 182) 63

5.4.1 wat meten ze eigenlijk? 65

5.4.2 Elshout 66

6. Genetische basis vs omgeving 66

6.3.1 toelichting vd studie 67

6.5.1 Biologische factoren en ouders 69

6.5.2 Familie omgeving 69

6.2.3 Educatie en cultuur 71

7. Stabiliteit van intelligentie 72

7.3.1 Discussie: 74

7.3.2 Verklaring: 74

7.3.3 Reversed Flynn effect? Teasdale en Owen (2008) 75

7.5.1 Mozart IQ 76

8. Maatschappelijke discussie omtrent intelligentie (Malbty; chapter 14, p 149 ev): lectuur 78

8.1.1 Herrnstein en Murray’s main arguments (1994) 78

8.1.2 kritiek op de bell curve: intelligentie en klasse structuur in america 79

9. Samengevat 79

10. voorbeeld examenvraagje 79

Deel II: verschillen tussen groepen en hun basis 80

Hoofdstuk 4: cultuurverschillen & verklaringen 80

1. Begrippenkader en definities 80

1.3.1 Ras 81

1.3.2 etniciteit 82

1.3.3 Nationaliteit 82

2. Aandachtspunten bij cross-cultureel onderzoek 84

3. Modellen voor het beschrijven van culturele verschillen: Hofstede en Schwartz 86

3.2.1 Chinese culture connection (1987) 88

4. Culturele verschilen voor specifieke eigenschappen 89

5. National character beoordelingen 91

6. Discussie 94

Hoofdstuk 5: geslachtsverschillen 95

1. begrippenkader 95

2. Gender stereotypen 96

3. Geslachtsverschillen en persoonlijkheidstrekken (VFM & enkelvoudige trekken) 97

4. Geslachtsverschillen en intelligentie 102

5. Verklaringsmodellen 102

5.1.1 Sociaal – culturele modellen 102

5.1.2 Biologische modelle: aangeboren geslachtsverschillen (temperament) 103

5.1.3 Evolutionaire psychologie theorie 103

5.1.4 Combinatie vd voorgaande 103

5.2.1 Biologische verklaringsmodellen voor ‘G’ 103

5.2.2 Biologische verklaringsmodellen voor spatial intelligence 103

5.2.3 Omgevingsinvloeden 104

6. Maatschappelijke betekenis en impact en reflectie 104

7. take-away message 105

Hoofdstuk 6: evolutionaire verschillen 106

1. Evolutionaire theorie: principes en basisbegrippen 106

2. evolutionair perspectief op de menselijke natuur 108

3. evolutionair perspectief op geslachtsverschillen 109

4. David Buss: onderzoek naar maningsstrategieën 111

5. evolutionair perspectief op individuele verschillen 112

5.2.1 Prisoner’s dilemma 113

5.2.2 Differential K-theory (Rushton) 113

5.3.1 Winnowing effect of natural selection 114

5.3.2 Tooby en Cosmides 114

5.3.3 Nettle 114

6. onderzoek naar persoonlijkheid v dieren (zie les PH) 117

7. Beperkingen vd evolutionaire theorie 117

8. take-away message 117




  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   38

  • Inhoudsopgave

  • Dovnload 0.53 Mb.