Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Door: Fabian Desmicht

Dovnload 457.35 Kb.

Door: Fabian Desmicht



Pagina9/10
Datum06.12.2018
Grootte457.35 Kb.

Dovnload 457.35 Kb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   10

Algemene conclusie

In deze studie hebben we getracht de literaire journalistiek van Ryszard Kapuscinski te doorgronden. Om de zaken in het juiste perspectief te kunnen plaatsen zijn we begonnen met een korte biografie. Aan de hand van een literatuurstudie hebben we getracht de literaire journalistiek in het algemeen te schetsen in al haar diversiteit en complexiteit. De verschillende definities en (quasi-)synoniemen maken de studie er immers niet makkelijker op. We hebben de literaire journalistiek beschreven in haar historische groei, maar ook als hedendaags genre. Belangrijk is dat we de vele kenmerken van het genre hebben onderscheiden. De literaire journalist typeren we als iemand die de literatuur aanwendt om de conventionele objectiviteit in vraag te stellen en als iemand die door persoonlijke betrokkenheid en interpretaties de droge beschrijving van naakte feiten tracht te overstijgen. Wat de discussie over de categorisatie van het genre betreft, besloten we dat het uitblijven van een consensus net aantoont dat het genre een brug slaat tussen twee andere grote genres: literatuur en journalistiek. Een indeling in één van beide genres zou aan de eigenheid van de literaire journalistiek voorbijgaan.

Kapuscinski’s stilistische kenmerken (zoals beschreven door James Aucoin in 2001) blijken in globo overeen te stemmen met die van de literaire journalistiek en het New Journalism. Maar dat hij beïnvloed geweest zou zijn door de Amerikaanse schrijftraditie lijkt onwaarschijnlijk. Toch vinden we gemeenschappelijke elementen betreffende stijl en sociale bewogenheid tussen Kapuscinski en de New Journalists. Beide partijen leggen uiteraard andere accenten, maar in wezen is dit geen verschil, aangezien subjectiviteit en een persoonlijke touch essentieel zijn voor de literaire journalistiek. Ook essentieel is het schrijven vanuit een ontevredenheid met de gangbare journalistiek. Uit Lapidarium en enkele interviews met Kapuscinski heb we kunnen opmaken dat ook hij de journalistiek niet al te hoog inschatte. Hij was met name misnoegd over de geringe aandacht die Afrika krijgt in de media, de steeds vager wordende grens tussen nieuws en entertainment, de grote kapitalen die de journalistiek gaan bepalen en het vroegere missiegevoel in een hoekje drukken, de zogezegde objectiviteit van wat in de kranten te lezen staat en van wat op televisie te zien is en het gebrek aan medemenselijkheid van veel van zijn collega-journalisten in oorlogssituaties. Kapuscinski zag een alternatief in de literaire reportage. Elk van bovenstaande pijnpunten hebben we in verband gebracht met verwante academische theorieën. Zo hebben we kunnen aantonen dat Kapuscinski’s ideeën niet zomaar uit de lucht zijn gegrepen, maar berusten op zijn ervaring en zeer vaak wetenschappelijk ondersteund worden. Ten slotte hebben we uiteengezet hoe we de ‘narrative theory’ en het concept ‘epistemic responsibility’ kunnen gebruiken om Kapuscinski’s werk en dat van andere literaire journalisten te beschrijven en te evalueren.

Als object voor analyse hebben we Nog een dag gekozen. Aan de hand van dat boek hebben we kunnen illustreren hoe bij Kapuscinski literatuur en journalistiek in elkaar grijpen en hebben we kunnen concretiseren hoe we ‘narrative theory’ en ‘epistemic responsiblity’ kunnen aanwenden om literair-journalistieke werken te beoordelen. Daarbij hebben we besloten dat Nog een dag een coherent en geloofwaardig werk is. Kapuscinski is zowel de verteller als een participerend personage. Zijn persoonlijke stem toont een intense menselijke betrokkenheid bij wat er gebeurt en de manier waarop hij schrijft over angst en gevaar hebben een gunstig effect op onze inschatting van zijn betrouwbaarheid als journalist. De lezer kijkt mee over Kapuscinski’s schouder en wordt aangespoord om actief mee te denken en mee te voelen.

Op basis van bovenstaand onderzoek formuleren we nu kort een antwoord voor elk van de drie onderzoeksvragen: (1) Kapuscinski kan terecht een literair journalist genoemd worden, althans voor wat een groot deel van zijn oeuvre betreft. Niet alleen deelt hij stilistische kenmerken met andere literaire journalisten, maar ook schrijft hij vanuit een ontevredenheid met de journalistiek en met een hoger doel voor ogen, namelijk om zijn lezers bewust te maken van sociale problemen en menselijk leed in conflictsituaties. (2) Kapuscinski heeft een negatieve visie op de journalistiek. Vooral het feit dat die steeds verder evolueert naar een vereenvoudigde en ontmenselijkte versie van de werkelijkheid stoot hem tegen de borst. Zoals voor andere journalisten, is de literaire journalistiek een alternatief om aan de beperkingen van de conventionele journalistiek te ontkomen en om op creatieve wijze relevante informatie aan de juiste vorm te verbinden. (3) Kapuscinski maakt in zijn werk gebruik van stilistische elementen als sfeerschepping, dialoog, humor en ironie, flashback en flashforward, beeldspraak en wisselingen in focalisatie. Samen met de literaire compositie van zijn werk kunnen we dus spreken van een literaire schrijfstijl. Daarnaast laat hij er ook geen twijfel over bestaan dat hij journalist is. Meermaals alludeert hij op zijn beroep. Maar ook leren we als lezer de moeilijkheden van het beroep kennen en dat vergroot de geloofwaardigheid van zijn verhaal. Ook het feit dat de personages in zijn verhaal veelal gewone mensen zijn en dat Kapuscinski van meet af aan duidelijk maakt dat hij een persoonlijk relaas heeft geschreven over de feiten, verhoogt de epistemologische waarde van zijn werk. Door te tonen hoe hij tewerk gaat en voor welke hindernissen hij tijdens de uitoefening van zijn job komt te staan, maakt hij voor de lezer aannemelijk dat wat hij vertelt waar is en dat hij op geen enkel moment de intentie heeft te bedriegen.

Wij analyseerden voor deze studie enkel het boek Nog een dag, maar tijdens de lectuur van andere literair-journalistieke werken van Kapuscinski als De Keizer (1978) en De Sjah aller Sjahs (1982) vonden we dezelfde elementen terug. Deze laatste twee boeken werden, samen met reportagereeks De voetbaloorlog (1978), reeds gebruikt ter illustratie in het artikel van James Aucoin, dat voor deze studie meermaals werd geraadpleegd (cfr. supra), maar ze werden nog nooit uitgebreid geanalyseerd. Een eerste suggestie voor verder onderzoek is dan ook de analyse van deze en andere boeken uit Kapuscinski’s oeuvre. Om nog dieper te kunnen graven kunnen dergelijke studies zich eventueel ook beperken tot één of een aantal verwante aspecten. Nog een dag is het oudste werk van Kapuscinski dat op de hele internationale markt verkrijgbaar is, maar er zijn nog vele boeken die van voor die periode dateren en die op een Nederlandse of Engelse vertaling wachten. Die werken zouden ontsloten moeten worden voor een internationaal lezerspubliek en vervolgens onderzocht kunnen worden. Het zou bijvoorbeeld erg interessant zijn om de evolutie in Kapuscinski’s schrijfstijl te bestuderen, want we stellen ons de vraag wanneer hij precies een literaire stijl is gaan gebruiken. Dergelijke ontwikkeling is essentieel voor een compleet begrip van zijn werk, maar in onze bronnen hebben we er helaas niets over teruggevonden. Een tweede interessante onderzoekspiste is deels historisch van aard. In welke mate ondervond Kapuscinski censuur op zijn werk? Hoe uniek is zijn situatie als buitenlands correspondent voor een land als Polen, dat binnen de invloedssfeer van de Sovjet-Unie lag? Tot welke compromissen was hij bereid of verplicht? Hoe wist hij de censuur te omzeilen? Hoe stond hij tegenover het communisme (in Polen)? Formuleerde hij wel eens kritiek, eventueel in bedekte bewoordingen? Op dit moment zijn de antwoorden op deze vragen niet helemaal onvoorspelbaar, maar een serieuze studie zou ons tot nieuwe inzichten kunnen brengen. Kapuscinski was tegen een monolithische voorstelling van de werkelijkheid, maar kwam dat alleen door zijn ongenoegen met de werking van de journalistiek? Misschien had de macht van de Poolse overheid op de pers er ook iets mee te maken? Het zijn maar enkele van vele mogelijke suggesties. Hoe dan ook blijft Kapuscinski’s werk onterecht grotendeels onontgonnen territorium. Toch bieden de vormelijke en inhoudelijke diversiteit van zijn boeken en de talloze mogelijke benaderingswijzen ervan voer voor vele jaren academisch onderzoek.



1   2   3   4   5   6   7   8   9   10


Dovnload 457.35 Kb.