Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Duurzaamheid pakket van teksten

Dovnload 199.83 Kb.

Duurzaamheid pakket van teksten



Datum10.09.2018
Grootte199.83 Kb.

Dovnload 199.83 Kb.


D U U R Z A A M H E I D PAKKET VAN TEKSTEN
Tekst 0: voor de RS-gespreksgroep over duurzaamheid op donderdag 5 juli 2018
DUURZAAMHEID een inleiding (nog zonder vragen / die komen later)
Voor de bijeenkomst van donderdag 5 juli heb ik (na beperkte raadpleging van de vaste deelnemers) gekozen voor het complexe thema DUURZAAMHEID. Het blijkt een thema waar volgens sommigen “alles” onder valt, maar volgens anderen “niets”, omdat het thema te weinig specifiek is.

Om wat zicht te krijgen op DUURZAAMHEID heb ik 5 artikelen verzameld, waarin het thema enigszins wordt ingevuld en van verschillende kanten bekeken.


Ooit is gezegd dat DUURZAAMHEID het lustrumthema van de universiteit c.q. PV c.q. RS zou zijn. Ik merk daar maar weinig van. Hoe dan ook: wij hebben hiermee een lustrum-activiteit te pakken en dat mag men weten.
Enkele voorzetten:

De VN hebben een omschrijving gegeven in het rapport ‘Our Common Future’: “Duurzame ontwikkeling is de ontwikkeling die aansluit op de behoeften van het heden zonder het vermogen van de toekomstige generaties om in hun eigen behoeften te voorzien in gevaar te brengen”.


tekst 1: René ten Bos (Denker des Vaderlands):

“iedereen gelooft er in”, je lijkt er niet bij te horen als je er niet in gelooft.


tekst 2: Marc Peeperkoorn (De Volkskrant):

Brussel doet wat aan het wegwerpplastic.


Tekst 3: Mounir Samuel over Dina el Filali (De Groene Amsterdammer)

jeugdig activisme en (on)belemmerd geloof in mensen


Tekst 4: Thijs Broer en Chris Ostendorf (Vrij Nederland):

Wat is duurzame politiek volgens Niesco Dubbelboer?


Tekst 5: Paus Franciscus (volgens aantekeningen van bisschop De Korte):

Vernieuwend geloof als activisme?


DUS: veel kanten aan duurzaamheid: veel leesplezier en een goede discussie gewenst.

BEDENK vragen voor de discussie …. (adres bekend)

. die ga ik tegen donderdag 5 juli verspreiden.


En.. moeilijkheden bij het printen? Laat je het pakket toesturen.
Ad
Tekst 1: Voor de RS-gespreksgroep over duurzaamheid van 5 juli 2018

Op donderdag 5 april wordt Unilever-topman Paul Polman geëerd met de tweejaarlijkse Vrede van Nijmegen Penning. De Denker des Vaderlands René ten Bos (foto) plaatst kritische kanttekeningen bij het thema van de dag: duurzaamheid.

“Is duurzaamheid een nieuw soort religie?” Deze vraag stelt Denker des Vaderlands René ten Bos vandaag bij de uitreiking van de Vrede van Nijmegen Penning 2018 aan Paul Polman, de CEO van Unilever. Polman ontvangt de prijs vanwege zijn inzet, zowel op nationale als internationale schaal, voor een groenere en duurzamere leefomgeving. Voorafgaand aan de uitreiking houdt Ten Bos een lezing, geen lofzang op de laureaat, maar een kritische beschouwing over het begrip duurzaamheid. Want de vergelijking met religie bedoelt Ten Bos niet positief. “Precies zoals je in een religieuze samenleving jezelf buiten de sociale orde plaatst als je zegt dat je niet gelooft, zo geloven mensen hun oren niet als je zegt tegen duurzaamheid te zijn. Iedereen lijkt in duurzaamheid te geloven.”



Geloof wordt in bijeenkomsten beleden in speciaal daarvoor ingerichte ruimtes.

Ziet u die bij duurzaamheid ook?
'Op conferenties over duurzaamheid kom ik mensen tegen die in een halleluja-stemming verkeren. Managers uit overheid en bedrijfsleven, maar ook organisatieadviseurs en bedrijfsethici omarmen duurzaamheid als een centraal onderdeel van wat maatschappelijk verantwoord ondernemen wordt genoemd. Iedereen zingt de juiste gospel. Nergens twijfel, overal heerst opgewektheid. Zelfs de politiek raakt besmet door de can do-mentaliteit.'

unt u daar een voorbeeld van geven?
'In de aanloop naar de laatste gemeenteraadsverkiezingen zag ik op een affiche met: "Een goed klimaat? D66 zorgt er voor". Wie zegt te gaan zorgen voor een goed klimaat, belazert de kluit omdat hij zichzelf niet ziet als deel van dat klimaat maar als iets wat er boven staat. Alles wat ik weet van klimatologie wijst erop dat we met een complexiteit van doen hebben die eenvoudige maakbaarheidsfantasieën of zorgparadigma’s ongeloofwaardig maakt.”

Eindelijk een vooraanstaande CEO met inzet voor duurzaamheid, en dan zaagt u de pijler onder het begrip uit?
'Ik verketter niet het hele idee van duurzaamheid maar enige kritische reflectie kan geen kwaad. Van Karl Marx is de uitspraak: religie is opium van het volk. Ik geloof dat er iets waar is van de vaak gehoorde variant hierop, dat duurzaamheid een soort opium voor de massa is, die hen in staat stelt rustig verder te leven in onze kapitalistische samenleving met de altoos blijde verwachting dat de problemen eerdaags worden opgelost. Met rustig bedoel ik hier: "zonder al te veel gedragsverandering" of "zonder depressiviteit".'

Schuld aan de crisis

Ten Bos ziet een nog veel groter probleem bij het debat over duurzaamheid: wie een smet werpt op fraaie vergezichten, wordt verdoemd en schuldig bevonden. Ook daarin ziet hij een parallel met religie, verwijzend naar een recente ontmoeting met de Brits-Amerikaanse ecofilosoof Timothy Morton. 'Hij wees me erop dat je schuldig voelen aan de "crisis" zo door en door katholiek is dat het bijna dom wordt. O jee, ik ben vandaag met de auto gegaan, ik heb een stuk vlees gegeten, ik heb te lang gedoucht of een vliegvakantie gepland. Wat zegt dat over uw … eh … morele geaardheid? Niet zo veel. Steeds als u al deze dingen van plan bent, verdenk ik u er immers niet van dat u van zins bent de wereld naar de verdoemenis te helpen. U draagt bijna niets bij aan die verdoemenis, uw gedrag is statistisch irrelevant.'



Het maakt niet uit of ik met de auto ga of met het vliegtuig?
'Wat u bijdraagt, is te vergelijken met wat een zandkorrel bijdraagt aan de hoop waarvan hij een deeltje is. Deze vergelijking staat in de filosofie bekend als de Sorites-paradox: 1 miljoen zandkorrels zijn een zandhoop, 1 miljoen min 1 zandkorrel zijn ook nog een hoop, 1 miljoen min 2 ook nog. De vraag is hoeveel zandkorrels je kunt wegnemen om de hoop nog een hoop te laten zijn. Hier loopt de duurzaamheidsdiscussie vast: individueel slecht gedrag is even irrelevant als individueel goed gedrag. Een simpel beroep op schuldethiek schiet tekort. Juist daarom kun je duurzaamheid niet zomaar even doen, fiksen, regelen. Je kunt niet zeggen: nu gaan we ons moreel verbeteren en komt het allemaal goed.'

Vandaag wordt de Vrede van Nijmegen Penning 2018 uitgereikt aan de CEO van Unilever, omdat het bedrijf zich inzet voor een groenere leefomgeving. Nu zegt u dat het niet uitmaakt.
'Als ik lees dat een beperkt groepje bedrijven verantwoordelijk is voor een onevenredige hoeveelheid emissies, dan voel ik ook opstandigheid en vraag ik me af waarom er niets gedaan wordt. Dus ben ik ook stiekem blij met berichten over grote bedrijven die er wat aan lijken te doen. Maar we mogen niet vergeten dat ook een grote zandkorrel slechts een zandkorrel is. De paradox van de zandhoop is in één opzicht niet misleidend: ze dwingt ons na te denken over de verhouding tussen het geheel (de hoop) en de delen. Is dat nog een verhouding? Of is het een wanverhouding? In feite gaat het om niets minder dan de wanverhouding die wij allen hebben tot de wereld om ons heen. Ik sta niet boven die wereld. Ik kan niet voor die wereld zorgen omdat ik zelf die wereld ben.'

Hoe merk je dat?
'Op het moment dat ik de schuld bij anderen leg. Dat doe ik vaak. Neem al dit verschrikkelijke nieuws: de noordelijke witte neushoorn die uitsterft (schuld van de bijgelovige Chinezen), de bodem van de Nijldelta die verzilt (schuld van vrouwonvriendelijke imams), het ontdooien van de permafrost in Siberië (schuld van die cynische Russen) of de bodemverzakkingen in mijn geboortestreek Twente (schuld van AKZO en NAM). De schuld ligt altijd ergens anders. Maar wie zo denkt, weet ook dat uiteindelijk de schuld over ons allen komt te liggen. Daarom is duurzaamheid zo door en door katholiek: het verspreidt zich (kata) over het geheel (holou).'

Tekst: Peter Henk Steenhuis. eerder gepubliceerd in Trouw, 5 april

overgenomen uit e-mailing van Radboud Recharge, 5 april 2018



Tekst 2: Voor de RS-gespreksgroep over duurzaamheid van 5 juli 2018

De Volkskrant / maandag 28 mei 2018



Brussel verbiedt groot deel wegwerpplastic

De Europese Commissie doet wegwerpplastic in de ban.

Plastic rietjes, bestek, bordjes, roer- en ballonstaafjes worden verboden, voor andere plastic producten voor eenmalig gebruik komen beperkingen. Het wetvoorstel dat de Commissarissen Timmermans (Betere Regelgeving) en Katainen (Groei) vandaag presenteren moet de steeds dikkere plastic soep' in zeeën en oceanen tegengaan.

De plannen treffen de tien meest gevonden soorten plasticafval op de Europese stranden. Ook voor visnetten die vaak op de bodem van de zee belanden - komen er beperkende maatregelen. Deze producten zijn volgens de Commissie nu goed voor 70 procent van de zeevervuiling.

'We kunnen niet accepteren dat er in 2050 meer plastic dan vis in de oceanen zit', liet Timmermans zondagavond alvast via de Duitse tv-zender ZDF weten. De vervuiling van zeeën en oceanen met plastic neemt hand over hand toe, concludeert de Commissie. Plasticresten worden aangetroffen in vissen, schelpdieren, zeehonden, schildpadden, walvissen en vogels, waarmee ze ook in het voedsel voor de mens belanden. Een gevaar voor dier en mens, concludeert de Commissie, want plastic is vaak schadelijk en giftig. Daarnaast is het slecht voor de economie omdat grondstoffen worden verspild. De Commissie verwacht dat haar plan bedrijven aanzet tot het vinden van duurzame alternatieven en bewuster gebruik van plastic.

De Commissie kiest voor een absoluut verbod op de plastic wattenstaafjes, bestek, rietjes en roerstaafjes omdat hierdoor duurzame alternatieven bestaan. 'Een rietje maken, kost een paar seconden, je gebruikt het misschien vijf minuten maar het duurt vijfhonderd jaar eer het is afgebroken', zei Timmermans. 'Nu mijn kinderen dit weten, willen ze geen plastic rietjes meer: Het gebruik van etensbakjes door de afhaalchinees, traiteurs, snackbars en fastfoodketens, moet 'substantieel' worden teruggedrongen. Datzelfde geldt voor plastic bekers. De Commissie vult 'substantieel' vooralsnog niet in met een hard percentage. Plastic flessen moeten in 2025 voor 90 procent worden ingezameld, onder meer door statiegeldheffingen. Als het aan de Commissie ligt, betalen de producenten van plastic etensbakjes, flessen, bekers, babydoekjes en ballonnen straks de kosten van het opruimen en verwerken n hun afval. Ook de fabrikanten van filtersigaretten moeten dat doen, filters bevatten plastic en vervullen stranden en zeeën. De fabrikanten worden aangeslagen voor de hoeveelheid producten die ze op de markt brengen. Verder moeten etiketten en campagnes de consument helpen duurzamer producten te kiezen en plastic spullen in de juiste afvalbak te stoppen. Om de massale hoeveelheid plastic dopjes op stranden en in zeeën terug te dringen, worden fabrikanten verplicht de flessen zo te ontwerpen dat de sluiting niet losraakt. Vissers worden aangemoedigd hun oude netten naar de havens te brengen. Eerder legde de EU het gebruik van plastic tasjes al aan banden. Verscheidene lidstaten hebben sindsdien verdergaande maatregelen genomen maar de Commissie acht het tijd voor Europese bindende regels om het plasticafval in zee aan te pakken. GroenLinks- europarlementariër Eickhout spreekt van een 'belangrijke stap maar vindt dat er meer moet gebeuren. De Commissie kiest volgens hem nog te veel voor het hergebruik van plastic; GroenLinks wil met financiële heffingen het gebruik van plastic ontmoedigen.

MARC PEEPERKORN

Tekst 3: Voor de RS-gespreksgroep van 5 juli 2018

De Groene Amsterdammer
28 mei 2018


Hervormingsfundamentalisten #13: Dina el Filali

Dat de systemen gaan kantelen. Daar heb ik echt zin in!’



door Mounir Samuel
De Marokkaans-Nederlandse Dina el Filali (27) is een ingenieur in opleiding die woorden laat zingen, gedichten schrijft aan de tekentafel en zaken als spiritualiteit een wezenlijk onderdeel vindt van de creatie van de duurzame stad. Als uitblinker in Amsterdam Nieuw-West begon ze - tot grote trots van haar omgeving - aan de studie civiele techniek aan de TU Delft om te ontdekken dat ze zich daar helemaal niet thuis voelde en haar levensmissie ergens anders lag.

Hoewel El Filali al de nodige bestuurlijke ervaringen heeft, ligt haar passie toch bij zeer praktische en concrete projecten. ‘Politiek was het niet helemaal omdat het voor mijn gevoel te langzaam ging. Ook had ik het gevoel dat ik het mijn VWO-profiel natuur en techniek het meest resultaat zou boeken door in Delf te leren hoe ik duurzame steden kon bouwen omdat deze wereld steeds verder verstedelijkt en dat de grootste impact heeft op de aarde. Daar kwam ik erachter dat de problemen die ik wilde benaderen, zoals het toegang verstrekken aan minderbedeelden tot hulpbronnen als water en energie, een stuk complexer zijn dan ik dacht omdat het huidige systeem nog steeds voortkomt uit het modernisme. Daarin staat de didactische mens centraal die door het beantwoorden van empirische vraagstukken grip kan krijgen op de wereld. Dit denken resulteerde in kolonisaties, instituties en noem maar op. Toegang geven aan minderbedeelden betekent dus dat onze systemen en zienswijze fundamenteel zouden moeten veranderen. In mijn tweede jaar aan TU Delft werkte ik mee aan een integraal waterproject – landdegradatie, erosie en watermanagement - in Marokko en kwam een student uit Wageningen tegen. Ik twijfelde al, maar ben toen ben ik van civiele techniek afgestapt.’



Waarom voelde je je in Delft zo niet thuis?
‘Dat had meerdere redenen. Allereerst omdat binnen mijn studie civiele techniek destijds de focus vooral lag op de natuurkundige wetten en het bouwen van gebouwen en constructies en minder op de systemen die de desbetreffende context beïnvloeden. Ik vroeg heel vaak: “Maar als we daar gaan bouwen hoe zit het dan met de sociaal-economische context, hoe zit het met het milieu?” Dan kreeg ik het antwoord: “Ja, maar dat is niet voor ons. Dan kun je daar en daar terecht.” Ik voelde me daardoor enorm beperkt. Ik miste de interdisciplinariteit ontzettend. Op een gegeven moment had mijn studieadviseur ook de vraag wat ik nog in Delft deed. Ik had veel te veel vragen waarop ik geen antwoord kon vinden. “Als je deze visie van de duurzame nieuwe stad echt hebt zijn er ook andere wegen om daar te komen”, zei hij.’

‘Het was heel moeilijk om los te laten. Iedereen kende mij als dat meisje dat n&t (natuur en techniek) had gedaan en naar de TU Delft zou gaan. De TU was toch wel een beetje mijn identiteit geworden. Ik ken nog één ander Marokkaans-Nederlands meisje dat uit Nieuw-West naar de TU is gegaan, maar echt niet meer dan dat. Het is nog echt heel ongebruikelijk voor Marokkaans-Nederlandse meiden om daar heen te gaan. Op mijn school was ik de enige samen met een groep van vier jongens die daar naar Delft gingen. Het was al vrij uitzonderlijk dat ik überhaupt natuur en techniek deed, niet voor mijzelf want ik had altijd een voorliefde voor de abstracte vakken, maar wel voor m’n omgeving.’

Evengoed vertrok El Filali naar het voor haar onbekende landelijke Wageningen en rondt ze momenteel als eerste Marokkaans-Nederlandse vrouw de master urban environmental system engineering af. Daar kwam alles samen: de liefde voor God, de mens, de vrije geest en duurzaamheid, oh en vergeet vooral de term ‘circulaire economie’ niet.

‘In mijn studie aanschouw ik de stad als een soort ecosysteem met een eigen metabolisme. Ik houd me bezig met de vraag hoe we de stad zodanig kunnen managen of engineeren dat het metabolisme van de stad verbeterd wordt. Dus dat datgene wat erin komt - energie, water, nutriënten, materialen - zo efficiënt mogelijk binnen de stad te gebruiken.’



Wat een rechtgeaarde calvinist het tegengaan van de spilzucht zou noemen?
‘Ja, het tegengaan van verspilling inderdaad, maar ook het letterlijk beter gebruik maken van wat er al is, inclusief afval in de vorm van warmteverlies bijvoorbeeld.’

‘In de wetenschap willen we zaken bewijzen en heb je een hele reductionistische manier van onderbouwing nodig’, legt ze uit. ‘Gelukkig ben ik door mijn nieuwsgierigheid terechtgekomen bij complexity science. Daarin probeer je zaken te begrijpen door naar de relaties te kijken binnen het grotere geheel. Dit geeft mij de vrijheid om out of the box te denken. Schrijven en dichten, of creatieve expressie in z’n geheel, geven mij de vrijheid om betekenis te geven aan dingen waar je op een reductionistische manier van benaderen gewoon niet terechtkomt helaas. Je hebt convergent en divergent denken. Normaal gesproken is de wetenschap en engineering heel erg convergent, omdat je naar een design of conclusie toewerkt. Maar je hebt eigenlijk beide nodig. Met divergentie kun je het geheel begrijpen. Tekenen, schrijven en dichten geeft je de vrijheid om het grote geheel te bevatten.’



Jij sluit dus geen benadering of zienswijze uit? Je gaat helemaal de free flow van thought en beelden in om vanaf daar systematisch weer te construeren?
‘Ja, precies, om zo ook te kijken naar: wat zijn de emergente thema’s *), wat komt hieruit voort, hoe zijn die met elkaar verbonden? Er ontstaan wel emergences als het ware.’

Maar hoe was het om op te groeien in Amsterdam-Nieuw-West? Want jij bent gewend alles te bevragen terwijl je nu niet bepaald uit een gemeenschap komt waar het de norm is alles hardop te bevragen als jonge vrouw.
Voor het eerst is El Filali even stil en denkt hardop na. ‘Ik zal heel eerlijk zijn: ik deed gewoon mijn ding. En soms liep ik gewoon tegen puzzelstukjes aan en daar werd ik heel erg enthousiast over, maar ik kon ze op dat moment geen plek geven in m’n leven - zoals quantum mechanica of een design, of een idee, of een quote of een opdracht. Ik wist niet waar dat later in mijn leven zou passen maar ik vond dat gewoon iets van mij. Hier word ik warm van en dit houd ik vast en ik zie later wel waar het op mijn pad past… Ik ben bijvoorbeeld op mijn negentiende uit huis gegaan om op kamers te gaan. Dat was heel lastig voor heel veel mensen. Want niemand uit mijn buurt, tenzij je trouwt, gaat op kamers. Zelfs m’n Hollandse buurmeisjes zijn niet op kamers gegaan!’, ze lacht weer. ‘En dan ga ik als Marokkaans meisje, huppa!’

El Filali is een kind van gescheiden ouders en werd voornamelijk opgevoed door haar moeder die een duidelijke wil en een scherpe visie voor haar dochter had. ‘Mijn moeder had echt zoiets van: mijn dochter gaat studeren. Mijn tantes in Marokko hebben dat ook gedaan. Een van hen is een PHD in Spanje gaan doen, een andere van vaderskant deed hetzelfde in Nederland. Mijn ooms gingen ook uit huis. Dus voor mijn moeder was het heel normaal. Natuurlijk is het lastig. Opeens woon je zonder je moeder thuis. Je voelt je heel vaak alleen. Sommige jongens, die wel op en neer pendelden van Amsterdam naar Delft, vonden het heel raar. “Hoezo wil jij op kamers? Wil je vrijheid? Heb je vrijheid te kort of zo?”, vroegen ze dan. Nee, dat is het niet, ik wilde gewoon het volledige studentenleven ervaren.’

De rol van El Filali’s moeder is onmiskenbaar in haar leven. ‘Toen ik dertien was scheidden mijn ouders. Mijn moeder en ik gingen toen het huis managen waar verder mijn zusje en mijn broertje woonden. Ze heeft toen ik heel jong was al in me geloofd. Ze was zelf ook jong.’

Waren jullie arm?
‘Mijn moeder heeft een uitkering, dus ja, ik heb sinds mijn vijftiende bijbaantjes gehad om te overleven.’

Is dit iets wat je ook meeneemt in je werk en denken? Veel studenten die bijvoorbeeld in Delft studeren komen immers uit (stabiele) hogere middenklasse gezinnen of provincieplaatsen als Amersfoort of Zwolle weten daardoor niet echt hoe het is om in volkswijken op te groeien.
‘Mijn moeder zei altijd: “Iedereen is gelijk. Iedereen poept. We gaan allemaal één kant op. Mensen doen wel alsof het allemaal helemaal fenomenaal is het leven, maar uiteindelijk is het allemaal een reis in dezelfde richting.” Ik heb me hierdoor altijd, ongeacht de setting, of persoon, volstrekt gelijkwaardig gevoeld. Al was het een witte hoogopgeleide man, ambassadeur, directeur. Ik had altijd het gevoel: “Ik heb wat te zeggen, ik ben evenwaardig en ik deel mijn ding”, of het nu de collegezaal was of bij een presentatie aan bestuurders. Natuurlijk mijn moeder begrijpt geen quantum mechanica, maar ze wist me wel een diep gevoel van waardigheid te geven.’

Prachtig gezegd, maar wat ik bedoel is…’ probeer ik uit te leggen, ‘heeft je achtergrond ook impact op je zienswijze? Kijk, dan komt er een projectontwikkelaar die even voor Nieuw-West bepaalt wat de nieuwe koers wordt of wat er gebouwd moet worden. Maar komt hij uit zo’n buurt? Heeft hij enige feeling? Of gaat het over de hoofden van mensen mee?’


‘Oh ja!’ roept El Filali terwijl ze in haar handen klapt. ‘Maar dit is de hele tijd het geval! Kijk, in mijn bachelor internationaal land- en waterbeheer viel het nog wel mee. Daar leerde je echt “jouw ontwerp stelt weinig voor als je de condities van een context niet meeneemt”. Dus als westerse ingenieur die bijvoorbeeld in een Afrikaans land irrigatiesystemen aanlegt, dien je de social practises en lokale cultuur in je denken te incorporeren. In mijn master ligt de focus meer op resource flows dan op sociale context.’

‘Ik moet mijn medestudenten en docenten telkens zeggen: “Nee, we kunnen niet richting duurzaamheid als we de empowerment van de mensen niet meenemen.” Beter nog, het vergroten van zelfbewustzijn van burgers en andere actoren spelen een cruciale rol in de transitie naar een duurzame stad. Daarom heb ik me naast engineering in empowerment for sustainability verdiept en heb ik tijdens mijn afstudeeronderzoek een Complex Urban Systems Engineering Translation tool ontwikkeld om een brug te slaan tussen de engineers en een stedelijke context.’

Haar stijl en down to earth aanpak helpen bruggen te slaan of ze nu eerste generatie moeders uitlegt wat circulaire economie betekent, of MBO-studenten retail bewust maakt van een duurzame supply chain. ‘We moeten ons bewust zijn wie de power heeft om hulpbronnen te geven aan wie minder power hebben.’

En wie hebben die power dan?
‘Nou de grote organisaties toch wel. Mensen in Nieuw-West gaan met hun loon echt geen zonnepanelen op hun dak leggen - voor zover ze een eigen dak hebben. Maar een woningbouwcorporatie zou daar wel naar kunnen kijken. Die zou kunnen zeggen: “We willen de huisvesting duurzaam aanbieden, wij kunnen haar duurzamer maken.” Maar dan krijg je opeens dat energieleveranciers zoals NUON en Essent boos worden omdat woningbouwcorporaties eigen energie-opwekkers worden en er dus een rolverschuiving optreedt.

Maar de belangen zijn dus heel groot om het huidige systeem te behouden?
‘Het kost een hele grote investering om het anders te doen.’

Maar niet alleen dat: energieleveranciers en netwerkbeheerders zijn eigenlijk uitgeschakeld als een huis zelfvoorzienend wordt in z’n energie?
‘Ja, dat sowieso. Ik denk dat de angst voor rolverschuiving en het loslaten van de organisatie-identiteit heel groot is. Ik durf geen uitspraken te doen over de energielobby omdat ik me daar niet afdoende in heb verdiept. Maar je ziet wel duidelijk dat er bepaalde systemen zijn. Zo vertelde men mij bij Ecostroom bijvoorbeeld hoeveel makkelijker het is om met woningeigenaren samen te werken dan met woningbouwcorporaties, terwijl die een groot deel van de woningen in Nieuw-West hebben. Ik heb nog niet met de woningbouwcorporaties gepraat, wel met veel andere partijen, maar ik ben echt benieuwd wat hen drijft. Ik denk de angst voor verantwoordelijkheid, grote investeringen maar ook echt voor die rolverschuivingen.’

Staan we niet op een drie voor twaalf moment? Is dit allemaal niet too little, too late. Ben jij echt optimistisch?
Opeens is El Filali een stil en verdwijnt de voortdurende lach van haar gezicht. ‘Ik moet wel’, herhaalt ze drie keer op ernstige toon. ‘Ik zal eerlijk zijn, ik ben heel vaak wanhopig. Ik denk heel vaak: waar gaan we naartoe in deze wereld, letterlijk. Hoe lang moeten we landen in Afrika uitbuiten voor smartphones, jonge kinderen in rampzalige condities laten werken voor drie euro goedkopere H&M-shirtjes, watervervuiling, luchtvervuiling. Hoe ver moeten we het laten komen voor we realiseren dat we één geheel zijn? Als ik daarbij stilsta, word ik best wel wanhopig. Mensen zien niet hoe krachtig ze zijn in het compleet laten kantelen van de systemen.

ingekort en vet geaccentueerd door Ad Verhoeven (29/5 ’18)


*) Emergent betekent: spontaan optredend, te voorschijn tredend. Een emergente kwaliteit of emergent gedrag vloeit voort uit de toegenomen complexiteit door het aaneenschakelen van verschillende elementen tot een groter geheel (Google).

Tekst 4: Voor de RS-gespreksgroep over duurzaamheid van 5 juli 2018

Een vitale democratie
Uit: Vrij Nederland 79 (maart 2018), p. 108 *)
Ook volgens Niesco Dubbelboer, huidig directeur van de stichting Meer Democratie en voorheen als Kamerlid voor de PvdA onder meer de drijvende kracht achter het burgerinitiatief en het raadgevend referendum, mag die selectieve betrokkenheid van de burgers bij het lokaal bestuur geen reden zijn voor politiek Den Haag om democratische vernieuwing op een laag pitje te zetten of zelfs tegen te werken, zoals de afgelopen jaren gebeurt. 'Politici roepen al snel dat burgers weinig gebruik maken van inspraakmogelijkheden en dat ze kennelijk best tevreden zijn met hoe het nu gaat,' zegt hij. 'Maar dat gebrek aan actieve betrokkenheid wordt juist veroorzaakt door het feit dat mensen het gevoel hebben dat inspraak nauwelijks zin heeft omdat er tóch niet naar ze wordt geluisterd. En heel vaak is dat ook zo. Dat blijkt ook uit dit onderzoek: bijna twee derde van de Nederlanders en zelfs meer dan 70 procent van de lager opgeleiden vindt dat de politieke partijen alleen geïnteresseerd zijn in hun stem, niet in hun mening.'
Volgens Dubbelboer is de afschaffing van het raadgevend referendum daar een sprekend voorbeeld van: 'Over het Oekraïne-referendum kan je van alles zeggen, maar het raadgevend referendum weer snel aan de dijk zetten omdat de uitkomst die ene keer de politiek niet beviel, maakt het wantrouwen in de politiek alleen maar groter. Zelfs progressieve partijen als GroenLinks en de PvdA hebben de laatste tijd last van demofobie. Burgers willen best meepraten over kwesties die hun aangaan in hun buurt, hun gemeente of op nationaal niveau, maar alleen als ze weten dat ze serieus worden genomen. Als je dat goed wilt organiseren, zijn verkiezingen eens in de vier jaar niet meer genoeg. Een vitale democratie kan niet zonder betrokken burgers, maar ook niet zonder politici die bereid zijn democratische vernieuwing te onderzoeken en te ondersteunen.'
*) deel van artikel “Nieuwe vormen” door Thijs Broer en Chris Ostendorf, p. 102-109.

Tekst 5: voor de RS-gespreksgroep over duurzaamheid op donderdag 5 juli 2018
PAUS FRANCISCUS EN DE ENCYCLIEK "LAUDATO SI'
13 maart 2013 nieuwe paus

Vanaf begin heeft paus Franciscus ons verrast: een Jezuïet die naam Franciscus koos. De naam van de paus vormt programma: bescheiden en dienstbaar; inzet voor armen en kwetsbaren; inzet voor natuur


Op 18 juni 2015 werd de encycliek: Laudato Si / Geloofd zijt GIJ gepresenteerd met als ondertitel: om de zorg voor ons gemeenschappelijk huis. De aarde is ons gemeenschappelijk huis.

De paus noemt in het eerste hoofdstuk een aantal aspecten van de huidige (sociale- en milieu-)crisis: zorgen over voldoende schoon water, oprukken van woestijnen, teloorgang biodiversiteit, klimaatverandering, maar ook: de ongelijkheid in de wereld en de aantasting kwaliteit van leven


De achtergronden van de crisis komen aan de orde in hoofdstuk 3
antropocentrische versmalling

technocratisch, eendimensionaal paradigma

technocratisch beheersingsdenken

Teruggrijpend op de dialectiek van de Verlichting; kritiek op de heerszucht en de hebzucht van de moderniteit om de inzet van de moderniteit te redden.


Hoofdstuk 2 van de encycliek: als antwoord op crisis: evangelie van de schepping: de hele schepping verbonden in een broeder- en zusterschap.

Onze wereld heeft een sacramentele gestalte.

De schepping verwijst naar de Schepper.

Wie de schepping schendt, schendt de Schepper


Centraal woord in rondzendbrief: integrale ecologie (hoofdstuk 4).

Ecologie heeft een theologische, sociale en biologische dimensie.

Relatie met God, mensen onderling en andere onderdelen schepping, verbinden van micro ethiek, sociale gerechtigheid en duurzaamheid,

zorg voor ongeboren leven, zorg voor oude, aftakelende leven.


inzet voor duurzaamheid

Hier zijn de kernnoties katholiek sociaal denken aan de orde (vgl. Rerum Novarum, 1891): menselijke waardigheid: wie mens schendt schendt de Schepper: personalisme versus individualisme; een mens komt tot bloei in verbondenheid met anderen /de ander; belang van gemeenschap, solidariteit, alle mensen kinderen van één Vader.

Wij zijn geroepen om rentmeester/ hovenier te zijn.

We zijn één mensenfamilie: rijke landen moeten arme landen helpen.



Bij alle beslissingen moeten sociale gerechtigheid en duurzaamheid centraal staan.
Bewerking en inkorting van aantekeningen voor een lezing

van Mgr. Dr. Gerard de Korte, bisschop van Den Bosch (2018)

  • DUS: veel kanten aan duurzaamheid: veel leesplezier en een goede discussie gewenst. BEDENK vragen voor de discussie …. (adres bekend)
  • Tekst 1: Voor de RS-gespreksgroep over duurzaamheid van 5 juli 2018
  • Unilever-topman Paul Polman geëerd met de tweejaarlijkse Vrede van Nijmegen Penning. De Denker des Vaderlands René ten Bos (foto) plaatst kritische kanttekeningen bij het thema van de dag
  • Geloof wordt in bijeenkomsten beleden in speciaal daarvoor ingerichte ruimtes. Ziet u die bij duurzaamheid ook
  • Eindelijk een vooraanstaande CEO met inzet voor duurzaamheid, en dan zaagt u de pijler onder het begrip uit
  • Het maakt niet uit of ik met de auto ga of met het vliegtuig
  • Tekst 2: Voor de RS-gespreksgroep over duurzaamheid van 5 juli 2018
  • Tekst 3: Voor de RS-gespreksgroep van 5 juli 2018 De Groene Amsterdammer 28 mei 2018 Hervormingsfundamentalisten 13: Dina el Filali
  • Tekst 4: Voor de RS-gespreksgroep over duurzaamheid van 5 juli 2018 Een vitale democratie
  • Tekst 5: voor de RS-gespreksgroep over duurzaamheid op donderdag 5 juli 2018
  • Bewerking en inkorting van aantekeningen voor een lezing van Mgr. Dr. Gerard de Korte, bisschop van Den Bosch (2018)

  • Dovnload 199.83 Kb.