Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Een betere manier van bidden 2

Dovnload 124.53 Kb.

Een betere manier van bidden 2



Pagina1/3
Datum28.10.2017
Grootte124.53 Kb.

Dovnload 124.53 Kb.
  1   2   3

Andrew Wommack – Een betere manier van bidden

Een betere manier van bidden - 2

Andrew Wommack

Deel 1: Huichelaars zijn dol op bidden

Deel 2: Jezus, de enige middelaar

Deel 3: Het voornaamste doel van gebed

Deel 4: Spreek tot jouw berg

Deel 5: Gebed is een proces


Vijfdelige onderwijsserie. Vertaald van MP3 bestanden van:

http://www.awmi.net/extra/audio/1042. Vertaling: 2006 Jan Vossen.
Algemene inleiding:

Iedere christen weet dat hij zou moeten bidden, maar slechts heel weinig christenen ervaren dat ze een succesvol gebedsleven hebben. Daar zijn verschillende redenen voor. Het zal je misschien verbazen te ontdekken dat een van de voornaamste redenen waarom gelovigen zo’n moeite met gebed hebben, is dat ze er zoveel verkeerd onderwijs over hebben ontvangen. In deze serie weerlegt Andrew Wommack diverse moderne religieuze tradities over gebed en biedt een fundament waarop een bevredigend en effectief gebedsleven kan worden opgebouwd.


Deel 2: Jezus, de enige middelaar
We beginnen met het lezen van Matteüs 6 vers 5. Het eerste wat Jezus over gebed zei, is dat Hij onderwees wat gebed níet was. En Hij zei een aantal verbijsterende dingen. Een van de dingen waar ik gisteravond op ingegaan ben is dat er in Matteüs 6 vers 5 staat dat huichelaars dol zijn op bidden. En mensen zijn hierdoor geshockeerd.

Gebed is iets geworden waar je niet aan mag komen, daar is het te heilig voor. Maar gebed is één van de gebieden waarbij je verstrikt kunt raken in een heleboel religieuze rommel. Dat is echt een probleem in het lichaam van Christus.


Gisteravond begonnen we dus enkele misvattingen over gebed te weerleggen. En ik heb het gisteravond al gezegd, maar ik zeg het hier nogmaals voor een aantal die vanavond hier nieuw zijn, dat ik dit de titel heb gegeven ‘Een betere manier van bidden’. Het is niet de enige manier om te bidden. Het is geen kwestie van dat als je niet zo bidt, dat je dan verkeerd bent, want niemand van ons heeft een volmaakte openbaring van welk onderwerp dan ook.
Alles waar ik tegen predik heb ik zelf ooit op de een of andere manier gedaan. En ik hield van God, en God hield van mij, dus ik verkondig niet dat jullie allemaal slecht zijn of dat soort dingen.

Als je het op zo’n manier opvat, dat als ik iets weerleg wat jij net in de praktijk brengt, of als ik een bepaalde opvatting weerleg die jij hierover hebt, hoef jij je niet afgewezen te voelen, want je kunt zeggen, God houdt van me, en God verhoort mijn gebeden. Prijs de Heer voor zo’n liefdevolle Vader. En ik kan je zeggen dat Hij soms echt geweldig voor me is geweest, terwijl ik ongelooflijk domme gebeden bad.



Maar ik vertel je dat stomme gebeden, stomme resultaten opleveren. Het levert je slechte resultaten op, want er is gewoon een betere manier om te bidden. Dus gisteravond begonnen we over enkele van die dingen te spreken.
Een van de dingen waarover we het hadden, is dat Jezus expliciet zegt dat je niet verhoord wordt vanwege je vele gepraat. Lange gebeden zijn niets beter dan korte gebeden. Het gaat helemaal niet over de hoeveelheid tijd dat je bidt. Jezus heeft dat nooit onderwezen. En toch is het heel gewoon dat dit wél onderwezen wordt in het lichaam van Christus vandaag de dag. Het komt er op neer dat mensen zeggen, dat als je lange tijd in gebed doorbrengt, dat dan alles zal werken.
Er zijn veel verschillende redenen waarom dingen werken, maar laat me je vertellen dat meestal wanneer er zo over gesproken wordt, en mensen het zo opvatten dat ze het idee krijgen dat God antwoordt afhankelijk van hun prestaties, van hoeveel zij wel gedaan hebben en anders raak je uit de weg van geloof en genade, dan kom je in het gebied van werken en wetticisme. Dus dat God het als het ware aan je verplicht wordt, en dat zal je gebed heel snel onbruikbaar maken.
Het is gewoon niet waar. Je kunt God niet op die manier benaderen. Je kunt God niet manipuleren tot een punt waarop Hij je gebeden gewoon móet beantwoorden. Want je kunt het niet verdienen. En ik weet dat sommigen van jullie zullen zeggen, maar ik doe zoiets niet. Maar toch heb ik echt duizenden mensen gehad, die naar me toekwamen en zeiden: Ik heb gebeden en gebeden, en ik heb dit gedaan en dat gedaan en ze vertellen me alle dingen die ze hebben gedaan en dan vragen ze: hoe kan het toch dat God mijn gebed niet heeft beantwoord?
Wél, je hebt me net verteld waarom Hij je gebed niet beantwoordt, want je hebt niet gesproken over wat God voor jou gedaan heeft, maar je hebt alleen maar gesproken over wat jij voor Hem gedaan hebt. Gebed en bepaalde perioden tijd besteden en door allerlei toewijdingen heen gaan, kunnen de grootste gebieden van gevangenschap vormen in het leven van een christen. Dank je voor die oorverdovende stilte.
Dat kán dus. Is er iets verkeerd met toewijdingen? Nee, als je het doet als een vorm van zelfdiscipline. En als je zegt: ‘God, ik weet dat U niet méér van mij zult houden als ik dit doe, en U houdt ook niet minder van me als ik het niet doe. Maar ík heb het nodig mijzelf te disciplineren, want ik ben een ongedisciplineerd mens, en de drukte van het leven is zo groot, dat ik dan dagen doorbreng, zónder me te verdiepen in het Woord, dus daarom ga ik elke ochtend om 6 uur opstaan, en breng een uur door met de Bijbel.’ Als je het doet om jezelf te disciplineren, en je zegt: ‘God, dit is wat ík nodig heb’, dan is het prima, uitstekend.
Maar weet je, de meeste mensen doen al deze dingen, omdat ze denken dat God het eist, en als je het dan voor elkaar krijgt, dan ga je heel wat van jezelf denken. Kijk eens wat ik gepresteerd heb. Dat is níet volgens de Bijbel. Zo werkt het gewoon niet.
Hier in Lukas hoofdstuk 11 vers 1 staat: ‘En het geschiedde, terwijl Hij ergens in gebed was, dat een van zijn discipelen, toen Hij ophield, tot Hem zei: Here, leer ons bidden, zoals ook Johannes zijn discipelen geleerd heeft.’
We hebben het gehad over Mattheüs hoofdstuk 6 vers 9 t/m 13, wat gewoonlijk het gebed des Heren, het Onze Vader, wordt genoemd. Hier in Lukas 11 staat hetzelfde gedeelte. Het is een beetje ingekort in het verslag van Lukas. Vanaf vers 2 staat er: ‘Hij zei tot hen: Wanneer gij bidt, zegt: Vader, uw naam worde geheiligd; uw Koninkrijk kome; geef ons elke dag ons dagelijks brood; en vergeef ons onze zonden, want ook wijzelf vergeven een ieder, die ons iets schuldig is; en leid ons niet in verzoeking.’

En dan in vers 5 is het punt wat ik duidelijk wil maken. Jezus gebruikt hier een gelijkenis, waaruit heel veel over gebed onderwezen is. En wat meestal geleerd wordt naar aanleiding van deze gelijkenis, is precies het tegenovergestelde van wat Jezus hier zegt. En ik denk dat we dit helemaal moeten behandelen om een aantal zaken te onderzoeken.


Hier in vers 5 zegt Hij: ‘Wie van u zal een vriend hebben, die midden in de nacht bij hem komt en tot hem zegt: Vriend, leen mij drie broden, 6 want een vriend van mij is op zijn reis bij mij aangekomen en ik heb niets om hem voor te zetten; 7 en dat dan hij, die binnen is, zou antwoorden en zeggen: Val mij niet lastig, de deur is reeds gesloten en mijn kinderen en ik zijn naar bed; ik kan niet opstaan om ze u te geven. 8 Ik zeg u, zelfs al zou hij niet opstaan en ze geven, omdat hij zijn vriend was, om zijn onbeschaamdheid zou hij opstaan en hem geven, zoveel hij nodig heeft.’
Nu wordt er over het algemeen onderwezen dat God net zo zou zijn als deze vriend. Dat je tot Hem moet gaan als je een nood hebt. Dan ga je tot Hem. En de eerste keer zegt Hij misschien: nee! Hij is er niet toe bereid, en je moet blijven aandringen bij God, en blíjven aandringen, en bidden, met onbeschaamdheid, en aandringen en opnieuw en opnieuw, tótdat je God dwingt je te geven wat je nodig hebt.
Het wordt misschien niet precies op die manier gezegd, want zo is het nogal erg schaamteloos. Maar in wezen is dit tóch wat er wordt onderwezen: dat je moet bidden, aandringen, en de hemel bestormen. En dit is een variant hierop, in principe onderwijzen ze hetzelfde als ze zeggen: God zal niet reageren op jouw gebed in je eentje, dus je zult anderen erbij moeten gaan betrekken en gezamenlijk gebed organiseren. En dan moet je honderdduizenden mensen erbij betrekken om te bidden voor opwekking. En als we dán de hemel bestormen en bestoken, zal God uiteindelijk deze dingen gaan schenken.
Het is stil hier. Weet je, er zijn een heleboel mensen die dit in feite geloven. Maar dat is níet wat hier door Jezus wordt gezegd. Weet je wat Jezus hier doet? Verderop, als we verdergaan met deze verzen, wordt dat heel duidelijk. Als ik jullie hier bij me had en met ieder van jullie een op een zou spreken, en als ik dan zou zeggen: Wie van jullie heeft een vriend, en als je een nood had, en je ging naar hem toe, alleen maar omdat het midden in de nacht is, en hij al in bed ligt, zou die uit het raam schreeuwen: Laat me met rust, ik lig te slapen, en mijn vrouw en kinderen ook, ga weg! Hoeveel van jullie hebben een dergelijke vriend?
Hier is er eentje die zijn hand opsteekt! Nou ik zal je zeggen, dat is helemaal geen vriend. Dat is niet de manier waarop vrienden elkaar behandelen. Je ként misschien wel iemand die zo zou handelen, maar dat is geen vriend! Jezus gebruikt hier een fysiek voorbeeld, en Hij toont ons, dat als een vriend je al beter zou behandelen, waarom denk je dat God dan lastig gevallen en gesmeekt en gepleit moet worden om iets te doen? Mensen behandelen je al beter dan zo. En God, de schepper van hemel en aarde, die zijn eigen Zoon gezonden heeft om onze zonden te dragen, die véél en véél meer van ons houdt dan wie dan ook, waarom denken we dat Hij véél minder bereid zou zijn om iets te doen in ons leven dan een fysieke vriend die slecht is en allerlei fysieke problemen en beperkingen heeft.
Het punt dat Hij maakt is dat je niet eens zou verwachten dat een méns je zo zou behandelen. En zelfs al zou jij je iemand kunnen voorstellen, die zou zeggen, alleen maar omdat het niet gelegen komt, kom morgen maar terug, laat me met rust, gewoon omdat het laat is, en om met rust gelaten te worden en weer terug in bed te kunnen, alleen daarom al zou deze jou geven wat je nodig hebt.

Je hebt meer geloof dat ménsen je goed zullen behandelen, dan dat je vertrouwen hebt dat Gód je goed zal behandelen. Hij leert helemaal niet dat God zo is en dat God je zo zal behandelen. Wat Hij hier gebruikt is geen vergelijking, maar een tegenstelling.

En deze logica gebruik ik de hele tijd. Ik herinner me een man, hier in Colorado Springs, die op zijn sterfbed lag. Don Krow en ik gingen elke dag bij hem langs om hem te dienen, maanden lang, en het is in ieder geval een lang verhaal, maar deze man, had gewoon moeite om te geloven dat God hem zou genezen.

En zijn vrouw was daar en bad liefdevol voor hem, huilde over hem. Zij was zó bewogen met hem. En op een dag, alleen om mijn stelling duidelijk te maken, zei ik tegen hem: ‘Denk jij, dat als jouw vrouw de mogelijkheid had om jou te genezen, dat zij zou weigeren dat te doen, alleen maar omdat jij bijvoorbeeld je bijbel niet had gelezen, of omdat jij niet de man bent geweest die je had moeten zijn. Zou er ook maar iets in jouw leven kunnen zijn geweest, dat er voor zou zorgen dat zij jou gewoon liet sterven, alleen maar omdat je iets niet goed gedaan hebt?’

En hij werd een beetje beledigd. ‘Op geen enkele manier’, zei hij. ‘Ze zou bereid zijn álles te doen, zelfs om voor me te sterven als dat zou helpen.’

En ik zei tegen hem: ‘En jij denkt dat de almachtige God mínder van jouw houdt dan jouw vrouw?’ Het punt waar het me om gaat is, dat hij meer vertrouwen had in de liefde van zijn vrouw voor hem, dan in de liefde van God.


Ik heb precies dezelfde logica gebruikt bij mensen. En dat is wat de Heer hier zegt. Hij zegt niet dat God net zo is als deze vriend die je moet lastig vallen, en dat je de Heer moet aangrijpen en niet meer loslaten, nét zolang tot God eindelijk toegeeft, en je de dingen waar je om gevraagd hebt overhandigt. Dat gaat gewoon helemaal tegen God in. Dat is gewoon een belediging van God. Maar toch is dat de houding, die de meesten van ons geleerd hebben en toegepast hebben in onze gebeden. Je moet God gewoon aanhoudend vástklampen en God, om wat voor reden ook, is misschien niet geneigd om het aan je te geven, maar je kunt God overréden en manipuleren om het te doen.
Ik zal je zeggen, je kunt God nooit overreden of manipuleren om wat dan ook maar te doen. Als God niet reeds in zijn genade in jouw nood heeft voorzien, zal jouw geloof Hem nooit overreden om het alsnog te doen.

Geloof is níet in staat God in beweging te krijgen. En dit is totaal anders dan heel veel mensen denken. Ik zeg je, God is niet degene die vastzit. Híj is niet degene die in beweging moet komen. Hij heeft alles al gedaan. Hij heeft zelfs al in jouw nood voorzien voordat jij deze ook maar had. Hij schiep de voorziening reeds, voordat jij ook maar een nood had. God is nog nooit voor verrassingen komen te staan.


De Heer heeft reeds iedere ziekte en ieder gebrek genezen, vóórdat jij ook maar het probleem had. Het is niet zo, dat God er op uit moet en nog een antwoord moet gaan vinden. God heeft zíjn deel reeds gedaan. En wij hoeven helemaal niet bij hem te smeken en te bedelen, God heeft het allang gedaan.

Het is niet zo dat God daarboven met zijn armen over elkaar zit en zegt: Smeek eens wat harder, wat vuriger. Je bent niet serieus genoeg, je moet nog wat meer lijden. Je hebt nog niet lang genoeg geleden. Dat is zo’n beetje de houding die mensen hebben. Maar God is helemaal niet zo.




God doet zijn uiterste best om zijn zegening aan jou te geven. Als de Heer niet afhankelijk was van onze medewerking om zijn kracht gemanifesteerd te krijgen, dan zou er geen ziekte zijn. Er zou hier zelfs niemand zijn die een bril hoefde te dragen, niemand die verkouden zou zijn, er zou hier niemand zijn met een pijntje of een steek of een allergie. God is meer dan bereid om in elke nood en behoefte te voorzien. En ik garandeer je, dat God niets anders doet dan te proberen genezing bij jou te krijgen.

God probeert ons allemaal te zegenen. Je hoeft helemaal niet te smeken en te bedelen bij God om zijn kracht uit te storten. God wil nog veel liever een opwekking dan wij dat willen! En de manier waarop ons geleerd is, dat wij moeten pleiten en smeken voor een opwekking bij God is absoluut verkeerd.


Voorzover ik weet ben ik de enige die dit verkondigt. Ik ben er zeker van dat anderen dit ook zeggen, maar daar heb ik nog niet van gehoord. Voor zover ik weet ben ik een eenzame stem. Ik heb nog niemand anders dit horen zeggen. Alle anderen zeggen: ‘Oh, laten we bij God gaan bidden en pleiten voor een opwekking. Laten we God gaan bidden om zijn Geest uit te storten.’

Weet je wat je dan eigenlijk zegt? Dat God verantwoordelijk is voor de dode levenloze toestand van de kerk! En dat als God dat wilde, Hij gewoon zijn Geest kon uitstorten. En wonderen zouden gewoon gebeuren, mensen zouden opgewekt worden, kerken zouden volstromen. Onze regeringen zouden veranderen, de algemene houding zou veranderen. We zouden al deze verschrikkelijke dingen die gebeuren kunnen omkeren.

Het enige dat God hoeft te doen, is zijn pink bewegen en pats boem, de kracht van God is uitgestort.
Maar dat is helemaal fout! God is niet degene die in gebreke blijft! Hij is niet degene die zegt: ‘Ik ga jullie niet zegenen, want jullie hebben niet gedaan wat ik jullie heb bevolen, jullie houden je niet aan de 10 geboden en jullie hebben dit of dat gedaan, zie maar of je mij in beweging kunt krijgen’!

Zo is God helemaal niet. God probeert ons te zegenen. God wil zich met alles wat maar mogelijk is manifesteren. Het is helemaal geen kwestie van bedelen bij God en proberen Hem gemotiveerd te krijgen.

Als jij gaat zeggen: ‘We moeten bidden en God bestormen en bestoken om zijn Geest uit te storten’, belaster je eigenlijk God, zonder dat je dit rechtstreeks zo zegt. Je zegt eigenlijk: ‘God doet niets. Hij is uit zijn hum, vanwege onze zonde of zoiets, en wat wij moeten doen is om genade smeken.’ Dat is verkeerd!
Ik kan zien dat een heleboel van jullie het met mij eens zijn. Jullie zitten echt te kijken van: waar komt dít nou weer vandaan! De Heer houdt van ons. De Heer ís niet uit zijn hum. God staat niet op het punt om ons te oordelen.
Vroeger zei ik dat als God ons land niet zou oordelen, Hij zich zou moeten verontschuldigen bij Sodom en Gomorra. Maar nu zeg ik: als God ons land wél zou oordelen, zou Hij zich moeten verontschuldigen bij Jezus! Want Jezus heeft verzoening gedaan voor onze zonden. Sodom en Gomorra, dat was vóór Jezus. Dat maakt nogal verschil. God is niet ontstemd, God staat niet op het punt om ons land te oordelen.
Betekent dit dan dat ons land veilig is, en dat wij geen problemen zullen hebben? Omdat God ons niet gaat oordelen? Nee, wij zijn bezig ons zelf te vernietigen. Wij maken zelf ons land kapot. Wij geven satan alle ruimte, en ik garandeer je dat als we ons niet bekeren, we de verkeerde kant op gaan. De toekomst ziet er niet goed uit. Maar het is niet God die rampen en tragedies veroorzaakt. En het is niet God die ons verlaten heeft, en niet God die weigert zijn Geest uit te storten.
Wíj zijn degenen die Hem de rug hebben toegekeerd. En wíj zijn degenen die ons moeten bekeren en terugkeren tot Hem. Maar wij hoeven niet bij God te smeken om zijn Geest uit te storten. Ik moet een andere kant uit.

Laten we eens kijken in Genesis 18 en laat me je de tegenstelling tonen tussen de manier van bidden onder het oude verbond en het nieuwe verbond. En nogmaals, de meeste mensen geloven dat het enige verschil tussen het oude en het nieuwe verbond een witte bladzijde in hun bijbel is. Ze begrijpen het verschil niet.

Maar het maakt gewoon een enorm verschil in de manier waarop alles werkt. In het 18e hoofdstuk vinden we, dat God naar beneden kwam en Abraham enkele overweldigende zegeningen beloofde, en tegen het einde van dat hoofdstuk vertelde Hij aan Abraham dat hij Sodom en Gomorra zou gaan vernietigen. Hij zond twee engelen daarheen en vertelde Abraham dat als de zaken die Hij gehoord had waar waren, Hij Sodom en Gomorra zou vernietigen.
22 Toen wendden die mannen zich vandaar en gingen naar Sodom, maar Abraham bleef nog staan voor de HERE. 23 En Abraham trad nader en zei: Zult Gij dan de rechtvaardige met de goddeloze verdelgen? 24 Misschien zullen er vijftig rechtvaardigen in de stad zijn; zult Gij haar dan verdelgen, en aan de plaats geen vergiffenis schenken ter wille van de vijftig rechtvaardigen, die in haar zijn? 25 Het zij verre van U, aldus te handelen, de rechtvaardige te doden met de goddeloze, zodat de rechtvaardige zou zijn gelijk de goddeloze; verre zij het van U; zou de Rechter der ganse aarde geen recht doen?’ - Dit is stoutmoedig. Abraham die zich tot God richt en in feite zegt: ‘Dat kunt U toch beter doen? Hebt U niet meer rechtsgevoel dan dit? Zou U zóiets doen? Dat zou toch niet juist zijn?


Ik zal je wat vertellen, dit is geen goede manier om te bidden. Abraham kwam ermee weg, omdat er sprake was van een ander verbond, en Jezus had nog geen verzoening voor ons gedaan. Ik probeer mezelf in te houden, want hier wil ik morgenavond echt uitgebreid op ingaan.

Het zou volkomen fout zijn voor een gelovige onder het nieuwe verbond om op deze manier te pleiten. Het was wel juist voor Abraham, omdat God inderdaad boos was op de zonde onder het oude verbond. En God vernietigde Sodom en Gomorra onder het oude verbond.


Maar mensen nemen dit als voorbeeld en zeggen: ‘God is boos en als ons land zich niet bekeert, gaat God een oordeel over ons brengen’, dan is dat gewoon niet waar. Hier ligt een groot verschil. Hij bracht een oordeel over Sodom en Gomorra, maar dat gaat Hij nu niet meer doen. Hij gaat geen oordeel meer over ons land brengen.

Dank jullie voor die oorverdovende stilte!

Maar ik weet dat dit wel aan velen van jullie is onderwezen. Velen kregen te horen dat 11 september Gods oordeel over de VS was, omdat we God niet gediend hebben. En God gaf zo een waarschuwing af om ons wakker te schudden. En als we ons niet bekeren dan gaan er nog veel grotere en ergere dingen gebeuren.
Maar dat is helemaal niet van God. De toorn van God is verzoend. Ten tijde van Abraham was die niet verzoend. En dus kwam Hij naar de aarde en vernietigde Sodom en Gomorra. Hij bracht een oordeel over hen. Maar onder het nieuwe verbond is er een verschil. Jezus maakte een enorm verschil. Want vóór Jezus was Abraham hier een middelaar. Het woord middelaar betekent volgens het woordenboek: iemand die optreedt als bemiddelaar, speciaal om te proberen tegenstellingen te overbruggen tussen twee of meer partijen die boos zijn op elkaar. En een middelaar zoekt om die twee weer met elkaar te verzoenen. God was heilig en de mens was onheilig en daarom was er een vonnis en toorn, en was het terecht en juist om die toorn uit te oefenen. En God had voorbidders nodig om te zeggen ‘bekeer U van Uw woedende toorn’. Dat was wat Abraham aan het doen was. En Mozes deed precies hetzelfde in het Exodus 32. God werd zo boos dat Hij zei: ‘Mozes ga opzij, laat mij begaan en ik vernietig al deze mensen en ik zal jou gaan gebruiken en uit jou een nieuw volk bouwen’. Maar Mozes zei tegen de Heer, laat ik dit even voorlezen, want sommigen van jullie zullen het niet geloven als ik dit niet uit de Bijbel voorlees: ‘10 Nu dan, laat Mij begaan, dat mijn toorn tegen hen ontbrande en Ik hen vernietige, maar u zal Ik tot een groot volk maken.’
Hier zitten nogal krasse uitspraken in. Weet je dat God in feite zegt: ‘Mozes, laat Mij met rust, zodat Ik kan doen wat Ik wil doen.’ Op een heel subtiele manier zegt Hij: ‘Mozes, jij hebt invloed bij Mij, en als jij gaat bidden en om genade pleiten bij Mij, dan zul je Mij weerhouden om mijn wraak te voltrekken.’ Nou, dat is toch gewoon verbijsterend? Dat de almachtige God überhaupt enige rekening met onze mening zou houden!

Maar God is zo’n God van liefde! Hij hield van deze man, van Abraham. Hij had een verbond met hem gemaakt en hem verteld: ‘Ik zal je eren en je zegenen.’ Niet omdat hij het verdiende. Abraham was bereid iemand zijn vrouw te laten nemen en overspel met haar te plegen, alleen maar om zijn eigen huid te redden. Abraham was niet de meest edele persoon op aarde. Ik kan je garanderen dat als hij nu zou leven en zoiets vandaag de dag zou doen, zouden wij hem als een schoft beschouwen.

En Abraham deed dat niet één keer, maar twee keer. Abraham heeft enkele ernstige fouten gemaakt, maar God had zijn woord aan hem gegeven en eerde zijn woord. God had hem met eer bekleed en daarom alleen zei God tegen hem: Abraham, mijn verbond met jou heb Ik gezworen, en als jij daar gaat staan kun jij Mij weerhouden om te doen wat Ik wil doen.

Dat is verbazingwekkend. Niet omdat Abraham het waard was, maar God is zó rechtvaardig en zó heilig, dat Hij ons dat privilege, dat voorrecht, bij Hem heeft gegeven. Dus Hij zegt: ‘Ga uit de weg, zodat ik kan doen wat Ik met deze mensen wil.’


En dit is wat Mozes toen zei: ‘11 Toen zocht Mozes de gunst van de HERE, zijn God, en hij zei: Waarom, HERE, zou uw toorn ontbranden tegen uw volk, dat Gij uit het land Egypte hebt geleid met grote kracht en met een sterke hand? 12 Waarom zouden de Egyptenaren zeggen: Tot hun onheil heeft Hij hen uitgeleid, om hen te doden in de bergen en hen van de aardbodem te vernietigen? Laat uw brandende toorn varen en heb berouw over het onheil, waarmede Gij uw volk bedreigt.’

Hier is Mozes die tegen God zegt: ‘Heb berouw, bekeer U!’ Man, dat is verbazingwekkend! Waar haalt hij het léf vandaan! En weet je wat nog verbazingwekkender is? Dat staat hieronder in vers 14: ‘En de HERE kreeg berouw over het kwaad, dat Hij gezegd had zijn volk te zullen aandoen.’


Hier is een mens die zegt: ‘Heer, bekeer u, heb berouw! Beseft U wel dat de Egyptenaren zullen horen wat hier gebeurd is en zullen zeggen: God heeft hen wel uit Egypte kunnen brengen, maar Hij was niet in staat hen het beloofde land binnen te brengen. God is te zwak. God, dat zal niet goed op uw CV overkomen! Heer, heb berouw!’ En God kréég berouw! Dit is verbazingwekkend.
  1   2   3


Dovnload 124.53 Kb.