Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Een onderzoek naar de gevolgen van de liberalisering van de handel in landbouwproducten voor milieu en de voorziening van basisbehoeftes

Dovnload 4.64 Mb.

Een onderzoek naar de gevolgen van de liberalisering van de handel in landbouwproducten voor milieu en de voorziening van basisbehoeftes



Pagina8/24
Datum25.10.2017
Grootte4.64 Mb.

Dovnload 4.64 Mb.
1   ...   4   5   6   7   8   9   10   11   ...   24

3.3 Kernbegrippen; milieu, basisbehoeftes en landbouwproducten

In deze paragraaf behandel ik de criteria waarop ik mogelijke milieu-effecten en de basisbehoeftes van de mens die samenhangen met de productie en liberalisering van de handel van landbouwproducten, ga beoordelen. In §3.5 ga ik in op de specifieke kenmerken van landbouwproducten, en de aspecten die samenhangen met een geliberaliseerde of via protectie beschermde landbouw. Dit doe ik onder andere op basis van de theorieën uit §3.4.




  • Milieu

Definitie: de fysieke omgeving waarbinnen het menselijk leven zich afspeelt. (Tellegen en Wolsink, 1992, p.1)

Omdat binnen deze definitie naar mijn mening de lange termijn, de urgentie van de milieuproblematiek en de belangen van andere levende wezens niet genoeg tot uiting komen, beschouw ik zelf het milieu als: de basis voor een sociaal en economisch stabiele menselijke samenleving op de lange termijn. Hiertoe behoort tevens dat er voldoende natuurgebieden gehandhaafd moeten worden om het voortbestaan van andere levende wezens te waarborgen. Om op lange termijn landbouw te kunnen uitoefenen zijn op gebied van het milieu, de volgende zaken van belang:



  • voldoende bodemvruchtbaarheid, dat betekent dat de mineralen die verdwijnen door de oogst van landbouwproducten ook weer moeten terugkomen via bemesting. Ook is het nodig dat er voldoende organisch restmateriaal behouden blijft of groenbemesting wordt toegepast om de bodemvruchtbaarheid en biologische activiteit te behouden.

  • behoud van zoet water; door geen irrigatie toe te passen die meer water verbruikt dan erop natuurlijke wijze wordt aangevuld, dus geen gebruik van fossiele waterlagen;

  • voorkomen van irrigatie waarbij de bodem verzilt raakt;

  • voorkomen van het broeikaseffect, omdat dit direct invloed heeft op de hoeveelheid regenval, hierdoor kunnen overstromingen dan wel droogtes ontstaan. Ook is er door het smelten van de gletsjers minder rivierwater voor irrigatie beschikbaar in droge tijden. Daarnaast zorgt het broeikaseffect ervoor dat bepaalde (traditionele en nieuwe) gewassen door temperatuurstijging juist wel of juist niet meer kunnen worden geteeld.

  • voorkomen van bodemerosie, door de inzet van goede landbouwmethoden, behoud van bossen en struiken op hellingen;

  • geen gebruik van chemicaliën via bestrijdingsmiddelen of kunstmest (die niet volledig biologisch kunnen worden afgebroken), deze stoffen zijn vreemd voor de natuur;

  • snelle overgang van het gebruik van fossiele brandstoffen naar duurzame energiebronnen;

  • geen bouw van waterdammen, waarmee landbouwgrond verloren gaat;

  • behoud van de biodiversiteit zowel in de natuur als van traditionele landbouwgewassen, om risico’s bij ziektes, verzilting van bodems en droogtes op te kunnen vangen door het inkruisen van resistente rassen. Ook kunnen in de natuur nieuwe voedselgewassen worden gevonden. Met het oogpunt op het risico en al bewezen nadelen voor de biodiversiteit in de natuur en in landbouwgewassen verbieden van genetische manipulatie van levende wezens waarvan delen in de natuur terechtkunnen komen.

  • landbouw die primair gebruikt maakt van lokale, hernieuwbare hulpbronnen, omdat hierdoor de kans het grootste is op sluitende kringlopen van mineralen, zoet water en organische stof;

  • efficiënt gebruik van het potentieel van biologische processen om het zonlicht op te vangen;

  • dierenwelzijn via veevoeder en leefomstandigheden, die overeenkomen met de ecologische rol van deze dieren en zodat ze hun soortspecifieke gedrag kunnen uitoefenen. (Informatie onder andere uit Shiva, (1993, p.44), en IFOAM (2002, p.3)

IFOAM de internationale organisatie voor biologische landbouw (2002, p.4) vindt dat relevante sociale, economische en politieke factoren ook horen bij een duurzame landbouw. De bijkomende voorwaarden die zij noemt zijn:

  • boeren hebben volledig toegang tot de voor productie benodigde hulpbronnen zoals land, water en genetische hulpbronnen;

  • economische voorwaarden staan een adequaat boereninkomen toe;

  • lokale en regionale productie moet prioriteit hebben binnen het landbouwbeleid;

  • traditionele landbouwsystemen worden beschermd en erkend als een belangrijke bron van kennis;

  • voedsel wordt niet als elk ander handelswaar behandeld.




  • Basisbehoeftes

Definitie: de behoeften van de mens die hij nodig heeft om te kunnen functioneren binnen zijn fysieke en sociaal-economische omgeving. Hiertoe horen de volgende aspecten:

  • veilig en voldoende water;

  • een kwantitatief en kwalitatief voldoende en veilig voedselpakket;

  • een (redelijk) schone leefomgeving;

  • kleding;

  • huisvesting;

  • gezondheidszorg;

  • opvoeding en onderwijs;

  • oudedagsvoorziening;

  • de mogelijkheid om periodiek in aanraking te komen met andere levende wezens (planten en dieren), hiervoor is behoud van natuurgebieden noodzakelijk;

  • sociale contacten en acceptatie, deze kunnen in gevaar komen bij gedwongen verhuizing naar de stad door exportlandbouw en bouw van waterdammen voor irrigatieprojecten;

  • fysieke veiligheid, komt in gevaar bij oorlogen om bijvoorbeeld natuurlijk hulpbronnen, en bij milieurampen.

In mijn onderzoek neem ik al deze aspecten mee, de nadruk zal echter liggen bij water, voedsel, een schone leefomgeving, sociale contacten en acceptatie, en fysieke veiligheid.

De voorziening van basisbehoeftes gaat dus veel verder dan de gangbare eendimensionale monetaire benadering van een gemiddeld inkomen per hoofd van de bevolking. Deze miskent namelijk de toegang tot collectieve goederen en diensten. ‘Het United Nations Development Program (UNDP) hanteert wel zo’n meerdimensionale benadering en gaat uit van fundamentele basisvoorzieningen die met individueel inkomen of collectieve voorzieningen te bevredigen zijn, zoals gezondheidszorg, onderwijs, water en drainering. Daarmee vat het armoede niet als puur economische grootheid op en vestigt het de aandacht op de sociale en politieke dimensie van armoede.’ (Robert Went in Onze Wereld, juli/aug. 2002, p.63)





  • Landbouwproducten



Definitie: producten die worden voortgebracht via de traditionele of moderne landbouw, en die nog geen of weinig bewerkingen hebben ondergaan. In paragraaf 3.5 ga ik dieper in op de specifieke kenmerken van landbouwproducten, waardoor zij niet te vergelijken zijn met industriële producten en dus overheidsingrijpen noodzakelijk maken.


  • Liberalisering

Definitie: Het verwijderen van handelsbelemmeringen, tussen landen of handelsblokken. In paragraaf 3.4 ga ik in op de achterliggende wereldvisie, in paragraaf 3.5 ga ik specifieker in op de liberalisering van de handel in landbouwproducten.

1   ...   4   5   6   7   8   9   10   11   ...   24

  • Basisbehoeftes
  • Landbouwproducten
  • Liberalisering

  • Dovnload 4.64 Mb.