Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Fpg brussel Studieprogramma Nederlandstalige bacheloropleiding 2016-2017 Doelstellingen

Dovnload 179.47 Kb.

Fpg brussel Studieprogramma Nederlandstalige bacheloropleiding 2016-2017 Doelstellingen



Datum14.06.2017
Grootte179.47 Kb.

Dovnload 179.47 Kb.

FPG Brussel

Studieprogramma Nederlandstalige bacheloropleiding 2016-2017


Doelstellingen

De bacheloropleiding omvat nominaal drie studiejaren ofwel 180 sp. Men kan deze op voltijds- of deeltijdsbasis doorlopen (zie onder, p. 4).

De opleiding beoogt een even­wichtige basisopleiding in de theologie waarin de student(e):

a) het vermogen ontwikkelt om thema’s met betrekking tot geloof, religie, kerk en samen­leving kritisch en geïntegreerd te bestuderen, te doordenken en te com­municeren in het kader van algemeen wetenschappelijke denkwijzen;

b) zich de basiscompetenties van de verschillende vakgebieden verwerft die beho­ren bij het theologiseren op algemeen aanvaardbaar theologisch niveau;

c) voldoende kennis, inzicht en vaardigheden opbouwt om toegang te krijgen tot de masterop­leiding theologie en daarin tot een verantwoorde keuze kan komen van een meer gespecia­li­seerd theologisch studiegebied.

Geformuleerd in eindtermen houdt dit in dat de student(e) heeft verworven:


  • kennis van en inzicht in basisbegrippen en onderzoeksmethoden van de ver­schillende theolo­gische vakgebieden;

  • het vermogen, theologische vakkennis en inzichten op verantwoorde wijze te verbin­den met actuele the­ma’s van geloof, kerk en samenleving;

  • het vermogen, zelfstandig rele­vante infor­matie op te zoeken, te vergelijken, te beoordelen en te verwerken van met het oog op theologische vraagstukken in hun maat­schappelijke context;

  • het vermogen, theologische thema’s in een samenhangend verband van vakgebieden te doordenken;

  • het vermogen, theologische thema’s adequaat aan het academisch niveau te communiceren, zowel mondeling als schriftelijk, uitlopend op het ontwerpen, schrijven en pre­senteren van een eindwerk met een integrerend karakter;

  • een theoretisch verantwoorde onderzoekshouding, die ingezet kan worden voor verder­gaan­de theologische en godsdienstwetenschappelijke studie.

Deze algemene doelstellingen worden nader toegepast in de vakgebieden van de bacheloropleiding: Godsdienstwetenschap, Oude Testament, Judaïca, Nieuwe Testa­ment, Patristiek, Kerkgeschiedenis, Systematische Theolo­gie en Praktische Theo­logie.

Godsdienstwetenschap

Het onderwijs in dit vakgebied beoogt de student(e) te brengen tot:

-  begrip voor het verschijnsel godsdienst in zijn eindeloze detail en varië­teit als onderdeel van de menselijke cultuur;

-  beginnende historische en vergelijkende kennis van de wereldgodsdiensten;

- begrip voor religiekritiek vanuit filosofisch en theologisch gezichtspunt;

- beginnend vermogen, gedistantieerd-wetenschappelijke en persoonlijk-geëngageerde benaderingen van religie en geloof als complementair te zien.



Oude Testament

Het onderwijs beoogt de student(e) vertrouwd te maken met het Oude Testament (de Hebreeuwse Bijbel) in zijn oorspronkelijke taal, zijn literaire en theologische bijzonderheden en zijn historische context.

Dit omvat de volgende competenties:

­- kennis van het bijbels Hebreeuws;

-  basiskennis van het Oude Testament als literair document in zijn historische context en theologische betekenis;

- inzicht in de receptiegeschiedenis van het Oude Testament;

- kennis van verschillende exegetische en hermeneutische benaderingen, met bijzondere aandacht voor literatuurwetenschappelijke methoden.

- het vermogen om in het gesprek tussen bestaande exegesemethoden een eigen benadering te ontwikkelen aan de hand van concrete teksten.



Judaïca

Het onderwijs op dit vakgebied beoogt de student(e) te brengen tot:

- een beginnende vertrouwd­heid met de wereld van het vroege joden­dom en zijn

geschriften, alsmede met de theologische denktrant van de rabbijnse traditie;

- inzicht in de joodse context van het Oude Testament als canoniek geheel;

- inzicht in de joodse ontstaanscontext van de vroeg-christelijke geschriften;

- het vermogen om zulke verbanden in de eigen theologische reflectie te laten doorklinken.

Nieuwe Testament

Het onderwijs op dit vakgebied beoogt de student(e) te brengen tot vertrouwdheid met de geschriften van het Nieuwe Testament in hun oorspron­kelijke taal, hun historische context en literaire eigenaard, hun doorwerking in de geschiedenis van christendom en jodendom, en hun betekenis voor lezers van nu.

Dit omvat de volgende competenties:

-  kennis van het nieuwtestamentisch Grieks, de beginselen van de tekstkritiek en de problematiek van het vertalen;

-  kennis van de wereld van het Nieuwe Testament en van de aard en wording van zijn geschrif­ten;

- het vermogen, in het gesprek tussen bestaande exegesemethoden een eigen benadering te ontwikkelen aan de hand van concrete teksten;

- het vermogen, actuele aspecten van de boodschap van het Nieuwe Testament in begrijpelijke taal te verwoorden voor een breder publiek.

Patristiek

Het onderwijs op dit vakgebied beoogt de student(e) te brengen tot:

-  vertrouwd­heid met de geschriften en de denkwereld van kerkelijke auteurs uit de eerste eeuwen

- inzicht in de doorwerking daarvan in het latere christelijke denken;

-  het vermogen om kritische verbanden te leggen tussen patristische geschriften en denkbeelden en het Nieuwe Testament.

Kerkgeschiedenis

Uitgaande van concrete situaties en documenten beoogt het onderwijs de student(e) vertrouwd te maken met de grote bewegingen in de geschiedenis van de christelijke kerken, met bijzondere aandacht voor het protestantisme in België.

Dit vereist de volgende competenties:

- kennis van de grote lijnen van de kerkgeschiedenis in oudheid, middeleeuwen, Reformatie en moderne tijd;

- inzicht in de verwevenheid van de kerkgeschiedenis in de algemene geschiedenis en van religie en sociaal-culturele geschiedenis;

- kennis van de oecumenische beweging in Europa en wereldwijd en van de recente geschiedenis van het protestantisme in België.


Systematische Theologie

Systematische theologie doordenkt geloofsinhouden in verbondenheid met de kerkelijke verkon­diging maar onder voorwaarde van rationaliteit en kritische onafhankelijkheid, en in de creatieve spanning tussen verleden en toekomst, tussen traditie en vernieuwing. In de dogmatiek beoefent zij deze discipline aan de hand van de traditionele leerstellingen en hun diverse interpretaties; in de ethiek en (godsdienst)filosofie doet zij dat uitgaande van belangrijke filosofische bewegingen en stromingen, personen en perioden.

Voor de Dogmatiek impliceert dit de volgende competenties:

- inzicht in het christelijk geloof en de theologie door de eeuwen heen

- begrip van de grote dogmatische twisten van de geschiedenis;

- creatief kunnen reflecteren op de voornaamste stromingen in de theologie wereld­wijd.

Voor de Ethiek, godsdienstfilosofie, en hermeneutiek vergt het:

- vertrouwdheid met het ethisch-wetenschappelijk discours met zijn onderscheid tussen feit en norm, tussen ideaal en praktijk, zowel op het domein van de christelijke als de wijsgerige ethiek;

-  ‘durven denken’ (Kant), en kritisch kunnen reflecteren op de relatie tussen de God van Abraham, Isaak en Jakob en de god van de filosofen;

-  bekwaamheid in het zien en horen, het invoelen en verstaan, het interpreteren en representeren van alle mogelijke cultuuruitingen en daarover helder en beknopt kunnen communiceren.



Praktische Theologie

Praktische theologie is een empirisch georiënteerde theologische wetenschap die het leven en beleven, het doen en denken van mensen met het oog op het christelijk geloof in de context van de contemporaine samenleving bestudeert. Het onderwijs beoogt de student(e) in staat te stellen om op een elementair niveau praktisch-theolo­gische processen te beschrijven, te analyseren en daarop te reflecteren.

Dit vereist de volgende competenties:

-  kennis en begrip van wetenschapstheoretische en methodologische aspecten van de praktische theologie;

-  kennis en begrip van relevante aspecten van de godsdienstsociologie,  psycho­logie en  pedagogiek;

-  het vermogen om op systematische wijze praktisch-theologische situaties te beschrijven, analyseren en bereflecteren;

-  kennis en begrip van de theorie van de deelgebieden homiletiek, liturgiek, spiritualiteit, pastorale theologie, gemeentepedagogiek (incl. godsdienstdidac­tiek), diaconaat en gemeenteopbouw;

-  het vermogen om praktisch-theologisch te analyseren en te reflecteren op the­ma’s van de onder­scheiden deelgebieden.


Bacheloropleiding in deeltijd en voltijd

Aansluitend bij de concrete situatie van onze studentenpopulatie worden de modules van de bache­loropleiding met ingang van 2012-2013 ingeroosterd op half­tijdbasis. Elke module wordt dus in principe eens per twee jaar gegeven. Voor studenten die snel­ler of voltijds willen studeren, wordt het programma in overleg met de docenten op individuele basis aangevuld met modules uit andere bachelor­jaren of uit de Frans­talige opleiding, dan wel met zelfstudie onder begeleiding.

Op de volgende pagina’s volgen twee overzichten van de vakken van de bache­lor­opleiding. Het eerste overzicht toont de opleiding op voltijdsbasis, met het geheel van vakken in hun totale omvang van 180 sp. Het tweede over­zicht weer­spiegelt het half­tijdsprogramma waarop het huidig uurrooster is gebaseerd. Deze opzet zal wellicht nog tussentijdse aanpassingen vergen.

Over het feitelijke aanbod van modules in dit academiejaar stelt men zich best in verbinding met Prof. Dr. Doris Lambers-Petry, de verantwoordelijke voor studenten­zaken.



Overzicht bacheloropleiding 2014-2016


Ba 1

Semester 1

ETCS

Semester 2

ETCS




B101 Grieks I (Knop)

B102a Geschiedenis van Israel (JTa)

B103a Inleiding NT I historisch (DLP)

B105a Inleiding theol. + herme. (JTe)

B 106a Inleiding PT (HH)

B107 Studievaardigheden I (HH)




5
5
5
5

5
5
30



B101 Grieks II (Knop)

B102b Inleiding OT I (het concept van de Tora) (JTa)

B103b Inleiding NT II litterair (DLP)

B104 Kerkgeschiedenis 1 (DLP)

B105b Inleiding westerse filosofie (JTe)

B106b Godsdienstpsychologie (HH)

B106c Godsdienstpedagogiek (HH)


5
5

5

5



4

3

3


30


Ba 2

Semester 3




Semester 4







B201a Greeks III (Knop)

B201b Hebreeuws I (Knop)

B202a Inleiding in de Hermeneutiek OT (JTa)

B204a Inleiding Patristiek (DLP)

B205 Dogmageschiedenis (JTe)

B206a Antropologie van de religie (JTe)

B207 Studievaardigheden II (HH)


2
5
5
4
5
5
4
30

B201c Hebreeuws II (Knop)

B201d Latijn (fac. i.p.v. Apocriefen NT)

B202b Inleiding OT II (profetische boeken en de geschriften) (JTa)

B203 Apocriefen NT (DLP)

B204b Kerkgeschiedenis II (McD)

B206b Spiritualiteit / liturgiek /homiletiek (Thienpont / Heyen)

B206c Gemeentepedagogiek (HH)


5

(4)
5

4

5
6


5
30

Ba 3

Semester 5




Semester 6







B301 Hebreeuws III (Knop)

B303a Inleiding Theologie NT (DLP)

B303b Literatuur v.d. 2de Tempel (DLP)

B304a Kerkgeschiedenis III (McD)

B305a Godsdienstfilosophie en kritiek van de religie

B305b Inleiding Ethiek (JTe )

B306 Diaconaal en past. handelen (HH)

2
5
3


5

4
5
6


30

B302 Methodiek van de exegese OT (JTa)

B303c Methodiek van de exegese NT (DLP)

B304b Ecumenism (PP)

B305c Inleiding Dogmatiek II (J Te)

B310 Bachelorproef

5
5


5

5

10


30

In het eerste bachelorjaar ligt een accent op het aanleren van het bijbels Hebreeuws en Grieks. Voorts hebben de modulen hier vooral een inleidend, verkennend en oefenend karakter. In het eerste semester wordt afzonderlijk aandacht besteed aan ‘leren studeren’ en onderzoeksvaardigheden. Tot die laatste hoort ook een beperkte veldver­kenning bij de praktisch-theologische module ‘Gemeenteopbouw en gemeente­verkenning’.

Ba 1

Semester 1
Module: Grieks 1 Ba 101a
Docent: Arjan Knop

Doelstelling: De student(e) verwerft een basiskennis van grammatica en woordenschat van het Grieks van het Nieuwe Testament. De student(e) is in staat om teksten uit het Evangelie voor te lezen, te analyseren en te vertalen.

Inhoud: Inleiding in de grammatica en oefeningen. Analyseren en vertalen van eenvoudige teksten.

Vorm: colleges, oefeningen en zelfstudie

Literatuur: E. Nestle / K. Aland, Novum Testamentum graece, Stuttgart, Deutsche Bibelstiftung, 26e of latere druk.

R. Bieringer, Inleiding tot het Grieks van het Nieuwe Testament, Leuven, Peeters, 1998 of later

Toetsing: lezen, vertalen en analyseren van gedeelten uit de behandelde teksten in een schriftelijk examen

Omvang: 5 SP



Module: Geschiedenis van Israël B 102a
Docent: Prof. dr. J. Taschner

Doelstelling: De student verwerft zich basiskennis over de geschiedenis van Israël tijdens de Bijbelse periode (tot de Perzische tijd) en de religieuze en sociale context waarin de Bijbelse literatuur ontstaan is.

Inhoud: Overzicht van de verschillende periodes in de geschiedenis van Israël en de ontstaansgeschiedenis van het Oude Testament / de Hebreeuwse Bijbel om de religieuze en historische achtergrond van het Oude Testament te kunnen begrijpen.

Vorm: Hoorcolleges, zelfstudie. Presentatie van een werkstuk met aansluitende discussie.

Literatuur:

- Het Oude Testament in vertaling;

- D.M. Carr, An Introduction to the Old Testament: Sacred Texts and Imperial Contexts of the Hebrew Bible, Wiley-Blackwell 2010 en aanvullende artikelen.

- Deurloo, K. A., Exodus en exil, Kampen 2003

- Brad E. Kelle, Interpreting Exile. Displacement and Deportation in Biblical and Modern Contexts, SBL 10, Atlanta 2011

Toetsing: Drie gelijkwaardige gedeelten: beoordeling van de mondelinge presentatie aan het eind van de module, een schriftelijk examen aan het eind, en een leesverslag.

Omvang: 5 SP

Module Inleiding in het NT I (historisch) Ba 103a
Docent: Prof. Dr. Doris Lambers-Petry

Doelstellingen: De student leert de Romeinse periode van de Tweede Tempel kennen als de historische achtergrond van het optreden van Jezus en zijn erste volgelingen.

Inhoud: de student/e leert de wereld van het NT kennen:

de geografie, de politieke en sociologische gegevens, de hellenistische cultuur, de religieuze contekst

de beginselen van uitbreijding en zending, het apostelconvent, de splitsing an de synagoge ezv.

Literatuur : Barrett C.G. (Hg.), Texte zur Umwelt des NT. Ausgewählte Quellen. Erweiterte dt. Ausgabe, hg. von C.J. Thornton, 2. Auflage, Tübingen 1991 (UTB 1591)

Conzelmann H./ Lindemann A., Arbeitsbuch zum Neuen Testament, 14. Auflage, Tübingen 2004 (UTB 52)

Mason S., Josephus and the New Testament, Peabody 1992

Niebuhr K.W., Grundinformationen NT. Eine bibelkundlich-theolog. Einf., 4., durchgeseh. Auflage, Stuttgart 2011 (UTB 2108)

Schäfer P., Geschichte der Juden in der Antike, 2. Auflage, Tübingen 2010

Vouga F., Geschichte des frühen Christentums, Tübingen 1994

Werkvorm : hoor- en werkcollege,

Evaluatie : schriftelijk examen

Omvang : 5 SP




Module: Inleiding Theologie en Hermeneutiek B105a
Docent : Dr. Johan Temmerman

Inhoud : Encyclopedische aspecten van de studie theologie en de hermeneutische kernvragen. Aandacht voor de problematiek profetie versus moderniteit, religie versus wetenschap en geloof versus rede.

Doelstellingen : De student leert fundamentele inzichten rond geloof en rede, openbaring en wetenschap, interpreteren en vertalen. Het theologisch vakgebied wordt overzichtelijk en encyclopedisch voor het voetlicht gebracht. De Bijbelse hermeneutiek, in haar algemene en bijzondere theorië, wordt overlopen.

Verplichte literatuur :

A. McGrath, Christelijke theologie. Een introductie, Kampen, 1997.

D. Sölle, Gott Denken. Einführung in die Theologie, Stuttgart, Kreuz, 1990.

H.W. de Knijff, Sleutel en Slot. Beknopte geschiedenis van de bijbelse hermeneutiek, Kampen, Kok, 1991.

R. Hensen, Teksten van Paul Tillich (gekozen, vertaald en ingeleid), Zoetermeer, Meinema, 1998.

A.A. Spijkeboer, Wat is evangelische theologie ? De zwanezang van Karl Barth, Kampen, Kok, 1999.

W. van Asselt e.a. ‘red.), Wat is theologie ? Oriëntatie op een discipline, Zoetermeer, Meinema, 2001.


Werkvorm : hoorcolleges, zelfstudie en het schrijven van een essay over een hermeneutisch vraagstuk

Evaluatie : een essay van 5000 woorden en nabespreking

Studiepunten : 5 ECTS

Module: Inleiding praktische theologie B 106a
Docent: Prof. dr. H. Heyen

Inhoud: De module biedt een inleiding in de praktische theologie als zelfstandige theologische discipline en in samenhang daarmee ook in een discipline van de sociale wetenschappen, te weten: godsdienstsociologie. Waar mogelijk worden tijdens de colleges verbindingen gelegd tussen deze disciplines om samenhangen en perspectiefverschillen te verduidelijken.

Doelstelling: De student(e) heeft weet van het ontstaan, de historische ontwikkelingen, de achtergronden en de handelingsvelden van de praktische theologie als zelfstandige theologische discipline.

De student(e) heeft kennis van en inzicht in een discipline van de sociale wetenschappen in relatie tot de praktische theologie.

Daartoe verwerft de student(e) zich kennis van godsdienstsociologische begrippen en uitgangspunten; het vermogen verschillende godsdienstsociologische benaderingen te onderscheiden; kennis van actuele godsdienstsociologische ontwikkelingen.
Inhoud: Ontstaan en ontwikkeling van het vak praktische theologie; inleiding in wetenschapsbegrip; visies op en methoden van praktisch-theologisch onderzoek, verkenning van de wetenschappelijke benadering van vraagstellingen binnen de praktisch-theologische handelingsvelden.

Met betrekking tot de godsdienstsociologie: een introductie in de godsdienstsociologie en verkenning van enkele Vlaamse onderzoeken.

Vorm: Hoor- en werkcolleges en zelfstudie.

Literatuur:

- G.D.J. Dingemans, Manieren van doen. Inleiding tot de studie van de Praktische Theologie, Kampen 1996, pp. 13-105

- G. Dekker / H.C. Stoffels, Godsdienst en samenleving, Kampen 8e druk 2009

- R. Brouwer, Geloven in gemeenschap. Het verhaal van een protestantse geloofsgemeenschap, Kampen 2002, pp. 440-496

- R.R. Ganzevoort, De hand van God en andere verhalen, Zoetermeer (Meinema) 2006, pp. 145-162

Toetsing: Schriftelijk examen.

Omvang: 5 SP



Module: Studie- en onderzoeksvaardigheden I B 107
Docent: Prof. dr. H. Heyen

Doelstelling: De student(e) leert studie- en onderzoeksvaardigheden aan.

De student(e) onderkent hoe verschillende theologische disciplines vanuit

hun eigen optiek een bijdrage leveren aan een centraal thema.

De student(e) is in staat een opzet voor een essay te maken en deze uit te

werken.


Inhoud: Methodieken voor studie en onderzoek; raadplegen van bibliotheek-

catalogi; gebruik van computer en internet.

Vorm: Hoor- en werkcolleges; bezoek bibliotheek; het schrijven van een essay.

Literatuur: - W. Oosterbaan, Een leesbare scriptie. Gids voor het schrijven van scripties, essays en papers, Amsterdam, Prometheus / Rotterdam, NRC Handelsblad, 2004

- E. Haag, J. Dirven, Schrijven in stappen. Handboek voor de verslaglegging van literatuuronderzoek, Utrecht, Uitg. Lemma BV, 2004

- E. Brungs, Zinvol zoeken, stijlvol schrijven. Handleiding voor het schrijven van wetenschappelijke teksten in de Sociale Wetenschappen, Leuven / Voorburg, Acco, 2005

Toetsing: Studenten schrijven een essay.

Omvang: 4 SP




Semester 2
Module: Grieks 2 Ba101b
Docent: Arjan Knop

Doelstelling: verdieping van de kennis van grammatica en woordenschat van het Grieks van het Nieuwe Testament.

Inhoud: Grammatica en syntaxis van het Grieks van het Nieuwe Testament. Lezen, analyseren en vertalen van teksten uit het Nieuwe Testament.

Vorm: werkcollege en zelfstudie

Literatuur:

E. Nestle / K. Aland, Novum Testamentum graece, Stuttgart, Deutsche Bibelstiftung, 26e of latere druk.

R. Bieringer, Inleiding tot het Grieks van het Nieuwe Testament, Leuven, Peeters, 1998 of later.

Toetsing: lezen, vertalen en analyseren van gedeelten uit het Nieuwe Testament in een schriftelijk examen

Omvang: 5 SP


Module: Inleiding OT I B102b

(het concept van de Tora)

 

Docent: Prof. dr. Johannes Taschner



Doelstelling: De student begrijpt de zin van de manier waarop de Tora gestructureerd is. Bovendien leert deze de Tora als fundamenteel bestanddeel van de driedelige canon van het Oude Testament / Hebreeuwse Bijbel kennen.

Inhoud: Overzicht van de narratieve en legislatieve teksten van de Tora en de manier waarop de Tora zichzelf begint te interpreteren.

Vorm: Hoorcolleges, zelfstudie. Presentatie van een werkstuk met aansluitende discussie.

Literatuur:

- Het Oude Testament in vertaling

- F. Crüsemann, The Torah: theology and social history of Old Testament law / Trans. by Allan W. Mahnke, 1996

- Deurloo, K. A., Genesis, Kampen 1998

- G. J. Venema, Schriftuurlijke verhalen in het Oude Testament, Delft 2000

Toetsing: Drie gelijkwaardige gedeelten: beoordeling van de mondelinge presentatie aan het eind van de module, een schriftelijk examen aan het eind, en een leesverslag.

Omvang: 5 SP



Module: Inleiding in het NT II (literair) B103b
Docent: Prof. Dr. D. Lambers-Petry

Doelstellingen: de student/e leert gereflecteerd en verantwordelijk om te gaan met de verschillende schriften van het NT, hun conteksten en intertekstuele relaties. Hij/zij

Inhoud : Leren omgaan met de hulpmiddelen bij de studie van het NT. Didactische ontsluiting van de teksten, opsporing van intertekstuele relaties, hun theologische zwaarpunten en hun werkingsgeschiedenis

Literatuur:

Nestle –Aland, The Greek New Testament,

Conzelmann H./ Lindemann A., Arbeitsbuch zum Neuen Testament, 14. Auflage, Tübingen 2004 (UTB 52)

Niebuhr K.W., Grundinformationen NT. Eine bibelkundlich-theolog. Einf., 4., durchgeseh. Auflage, Stuttgart 2011 (UTB 2108)
Werkvorm: Werkcollege

Evaluatie: schriftelijk examen

Omvang : 5 SP


Module : Kerkgeschiedenis I Ba 104
Docent: Doris Lambers-Petry

Doelstellingen: De studente heeft kennis van de krachten en ontwikkelingen in de vroege kerk

Inhoud: cartografie, studie van relevante teksten.

Literatuur:

- Chadwick H., The Early Church, Harmondsworth 1967

- Brown P., Divergent Christendoms: The Emergence of a Christian Europe, 200-1000 AD, Oxford (OUP) 1995

Werkvorm: werkcollege

Evaluatie: werkstuk met presentatie, tentamen

Omvang: 5 SP

Module: Inleiding in de Westerse Filosofie Ba 105b
Docent: Dr. Johan Temmerman

Inhoud: 1. Van de oudheid tot de middeleeuwen: over de antieke Griekse mythologie, kosmogonie, natuurfilosofie en metafysica, de symbiose tussen Athene en Jeruzalem, het neo-platonisme en het christelijke middeleeuwse denken.

2. Van renaissance tot postmodernisme: over het ontstaan van het moderne denken en de verlichting, van rationalisme tot existentialisme en de deconstructie van het postmoderne wereldbeeld

Doelstellingen: De studenten verwerven een overzicht van de belangrijkste personen, perioden en kernvragen van de Westerse filosofie. Ze leren verbanden te leggen door kennis van de bredere context, het ontstaan en het gebruik van filosofische begrippen.


Verplichte literatuur:

Robert C. Solomon & Kathleen M. Higgins, Een andere geschiedenis van de filosofie (vertaald door B. Schomakers), Amsterdam/Kapellen, Wereldbibliotheen/Pelckmans, 1999.

Karl Jaspers, Kleine Schule des Philosophischen Denkens, München, Piper & Co Verlag, 1965.

Johan Temmerman, De onderstroom van religie en atheïsme. Vrijmetselarij, mystiek, gnostiek, hermetisme, Leuven, LannooCampus, 204.


Werkvorm: Hoorcolleges

Evaluatie: Schriftelijk examen

Studiepunten: 4 SP

Module: Godsdienstpsychologie B 106b
Docent: Prof. dr. H. Heyen

Doelstelling: De student(e)heeft zich kennis van en inzicht in enkele godsdienstpsychologische stromingen, begrippen en benaderingen. De student(e) heeft een eerste oriëntatie verworven op het gebied van de psychopathologie, voor zover van belang voor de religieuze beleving.

Inhoud: Godsdienstpsychologie: geloofsbegrippen in godsdienstpsychologisch perspectief; psychopathologische grondbeginselen, saillante psychologische stromingen / scholen en hun vertegenwoordigers in relatie tot geloven en (pastorale) hulpverlening

Vorm: Hoor- en werkcolleges

Literatuur:

- J. van Saane, Religie is zo gek nog niet. Een introductie in de godsdienstpsychologie, Kampen, Ten Have, 2010

- J. Vitkus, The McGraw-Hill Casebook in Abnormal Psychology, McGraw-Hill 2003 (capita selecta)

Toetsing: Schriftelijke examen

Omvang: 3 SP

Module: Godsdienstpedagogiek B 106c
Docent: Prof. dr. H. Heyen

Doelstelling: De student(e) heeft kennis van de heersende stromingen in de pedagogiek en godsdienstpedagogiek en kan die tegen elkaar afwegen. Hij/zij kent enkele basisbegrippen in –thema’s uit de (godsdienst-)pedagogiek en heeft inzicht in de betekenis ervan voor het godsdienstpedagogisch handelen.

Inhoud: Uitgangspunten van en belangrijke thema’s en begrippen in heersende stromingen in pedagogiek en godsdienstpedagogiek, zowel theoretisch als ook betrokken op de praxis van het godsdienstpedagogisch handelen.

Vorm: Hoor- en werk colleges, zelfstudie.

Literatuur:

- W.A.J. Meijer, Perspectieven op mens en opvoeding, (Pedagogische inleidingen) Baarn 6e dr. 2003

- J. Valstar / H. Kuindersma, Verwonderen & ontdekken. Vakdidactiek godsdienst primair onderwijs, Amersfoort (NZG uitgevers) 2008 (capita selecta)

- B. Roebben, Godsdienstpedagogiek van de hoop. Grondlijnen voor religieuze vorming, Leuven / Den Haag (Acco) 3e druk 2012 (capita selecta)

Toetsing: Schriftelijk examen

Omvang: 4 SP



Ba 2

Semester 3
Module: Grieks 3 Ba 201a
Docent : Arjan Knop

Inhoud: cursorisch lezen van teksten uit het Nieuwe Testament en de Apostolische Vaders.

Doelstellingen: verdiepende oefeningen in het lezen, analyseren en vertalen van Griekse teksten

Verplichte literatuur :

E. Nestle / K. Aland, Novum Testamentum graece, Stuttgart, Deutsche

Bibelstiftung, 26e of latere druk.

R. Bieringer, Inleiding tot het Grieks van het Nieuwe Testament,

Leuven, Peeters, 1998 of later.

Werkvorm zelfstudie en werkcollege

Evaluatie: mondeling en schriftelijk examen

Omvang 2 SP

Module Hebreeuws 1 Ba 201b
Docent: Arjan Knop

Inhoud: Inleiding in de grammatica van het Bijbels Hebreeuws, leren lezen, analyseren en vertalen van narratieve teksten


Doelstellingen: De student(e) verwerft een basiskennis van grammatica en woordenschat van het Bijbels Hebreeuws. De student( e) is in staat om narratieve teksten uit de Hebreeuwse Bijbel voor te lezen, te analyseren en te vertalen.

Verplichte literatuur:



Biblia Hebraïca Stuttgartensia

J.P. Lettinga, Grammatica van het Bijbels Hebreeuws en Hulpboek bij de grammatica van het Bijbels Hebreeuws, Brill, Leiden, 1996 of later.

H. Jagersma, Bijbels Hebreeuws basiscursus en Bijbels Hebreeuws vervolgcursus, Kok, Kampen, 1992 of later.

Werkvorm: colleges, oefeningen en zelfstudie

Evaluatie: lezen, vertalen en analyseren van gedeelten uit de behandelde capita in een schriftelijk examen.

Omvang: 5 SP




Module : Inleiding in de hermeneutiek van het Oude Testament B 202a

 

Docent: Prof. Dr. Johannes Taschner



Doelstelling: De Student leert wat het betekent het Oude Testament / de Hebreeuwse Bijbel met respect voor het jodendom als deel van de canon van de christelijke Bijbel te interpreteren.

Inhoud: De theologische en juridische discussie binnen het Oude Testament / de Hebreeuwse Bijbel en daarop voortbouwende verschillende hermeneutische benaderingen tot het Oude Testament / het Hebreeuwse Bijbel: rabbijnse uitleggingen, historisch-kritische en literaire exegese, postkoloniale en gendergevoelige aanpak.

Literatuur:

W. Beuken, The Bible an its readers, London 1991

- , The Bible as cultural heritage, London 1995

Finsterbusch, K., Lange, A. (eds), What is Bible? Leuven 2012

Musa Dube (éd.), Other Ways of Reading, Atlanta (Society of Biblical Literature) Geneva 2001.

Vorm: Hoor- en werkcolleges. zelfstudie. Presentatie van een werkstuk met aansluitende discussie.

Toetsing: Drie gelijkwaardige gedeelten: beoordeling van de mondelinge presentatie aan het eind van de module, een schriftelijk examen aan het eind, en een leesverslag.

Omvang: 5 SP



Module: Inleiding in de Patristiek Ba 204a
Docent: Prof. Dr. D. Lambers-Petry

Doelstelling: De student/e kennt de belangrijke niet-canonieke literatuur van het vroege christendom en hun achtergronden en invloed op de verdere theologische ontwikkelingen.

Inhoud: Kennismaken met en evalueren van vroegchristelijke teksten zo als de Apostolische Vaders, de Apologeten en de vroege kerkvaders. De canonisatie van het NT.

Literatuur:

Kirsopp Lake (ed. & transl.), Apostolic Fathers, 2 vol., Loeb Library

Pratscher W., Die Apostolischen Väter. Eine Einleitung, Göttingen 2009

Döpp S./Geerlings W., Lexikon der antiken christlichen Literatur, 2. Auflage Freiburg (Herder) 1999 (enkele artikelen)

Werkvorm: presentatie en uitwerking van een vroegchristelijke tekst

Omvang: 4 SP

Module: Dogmageschiedenis Ba 205
Docent: Prof. dr. Johan Temmerman

Doel: de student verwerft inzicht in de geschiedenis van ontstaan en ontwikkeling van de christelijke dogma’s

Inhoud: In de colleges wordt aandacht besteed aan het historische kader en de theologische opvattingen van de apostolische verkondiging ten einde helderheid te bekomen over de continuïteit/discontinuïteit met dogmavorming. De inzichten werpen licht op de vraag hoe jodendom en christendom elkaar vormden in de eerste eeuwen. Tevens worden de voornaamste christelijke dogma’s inhoudelijk voor het voetlicht gebracht. Tenslotte wordt in werkcolleges een antwoord geformuleerd op de vraag: ‘Waarom dogma’s?’



Vorm: hoor- en werkcolleges

Literatuur: (capita selecta):

  • A. Adam, Lehrbuch der Dogmengeschichte, Guterloh, 1965

  • J.D.G. Dunn, The Evidence for Jesus / The impact of Scholarship on Our Understanding of How Christianity Began, London, 1985

  • P. Schäfer, The Jewish Jesus. How Judaism and Christianity Shaped Each Other, Princeton, 2012

  • E. Meyering, Geschiedenis van het vroege Christendom. Van de jood Jezus van Nazareth tot de Romeinse keizer Constantijn, Amsterdam, 2004

Toetsing: mondeling examen

Ects: 4 sp.

Module: Antropologie van de religie Ba 206a
Docent: Prof. dr. Johan Temmerman

Doel: de student verwerft inzicht in het mensbeeld dat in religieuze tradities aan bod komt.

Inhoud: Wat zeggen de religieuze stelsels over de mens ? In de colleges wordt een overzicht geboden van de verschillende facetten van het mensbeeld die het religieuze bewustzijn vormgeven. Het gaat over de historisch-culturele ontwikkeling van ‘profeet’, ‘priester’, ‘pelgrim’, ‘heilige en zondaar’, aangevuld met de verhouding tussen de gelovige en de vrije geest.



Vorm: hoor- en werkcolleges

Literatuur: (grondteksten)

  • Het Gilgamesj-epos (Vertaald, ingeleid en van aantekeningen voorzien door Theo de Feyter), Amsterdam 2001.

  • Sofokles, Oidipus – Antigone (vertaald door G. Koolschijn), Amsterdam 2008.

(capita selecta in reader)

  • Armstrong, K., De grote transformative. Het begin van onze religieuze tradities (verteling K. van Santen, M. Vosmaer en E. Vijzelaar), Amsterdam 2005.

  • Rizzuto, G., De reis van Gilgamesj. Over dood en eschatologische verbeelding, Brussel 2011.

  • Finley, M.I., The World of Odysseus, New York 1960.

  • Assmann, J., Moses the Egyptian. The Memory of Egypt in Western Monotheism, London 1997.

  • Broek, R. van den, Hermes Trismegistus. Inleiding, teksten en commentaren, Amsterdam 2006.

  • Sloterdijk, P., Je moet je leven veranderen. Over antropotechniek (vertaling H. Driessen), Amsterdam 2001.

Toetsing: Mondeling examen

Omvang: 5 sp




Module: Studievaardigheden II en interdisciplinair werk B 207
Docent: Prof. dr. H. Heyen

Doelstelling: De student(e)

- heeft studie- en onderzoeksvaardigheden aangeleerd;

- onderkent hoe verschillende theologische disciplines vanuit hun eigen optiek een bijdrage kunnen leveren aan een centraal thema;

- heeft vanuit een centrale thematiek relaties leren ontdekken tussen verschillende theologische disciplines en kan die relaties verdiepen en in samenhang met elkaar brengen.

Inhoud: Studie- en onderzoeksvaardigheden; interdisciplinair werken aan een theologisch thema.

Vorm: Hoor- en werkcolleges.

Literatuur: W. van Asselt e.a., Wat is theologie? Oriëntatie op een discipline, Zoetermeer, Meinema, 2001

Toetsing: Schriftelijke opdracht: een beargumenteerde geïntegreerde theologische probleemstelling voor een onderzoek.

Omvang: 4 SP



Semester 4
Module: Hebreeuws 2 Ba 201c
Docent : Arjan Knop

Inhoud: Grammatica en syntaxis van het Bijbels Hebreeuws. Lezen, analyseren en vertalen van narratieve en profetische teksten.

Doelstelling: Verdieping van de kennis van grammatica en woordenschat van het Bijbels Hebreeuws.
Verplichte literatuur:

Biblia Hebraïca Stuttgartensia

J.P. Lettinga, Grammatica van het Bijbels Hebreeuws en Hulpboek bij de grammatica van het Bijbels Hebreeuws, Brill, Leiden, 1996 of later.

H. Jagersma, Bijbels Hebreeuws basiscursus en Bijbels Hebreeuws vervolgcursus, Kok, Kampen, 1992 of later.
Werkvorm: werkcollege en zelfstudie

Toetsing: lezen, vertalen en analyseren van gedeelten uit capita in een schriftelijk examen.

Omvang: 5 SP

Module Latijn Ba 201d

(verplicht voor wie wil afstuderen met een proefschrift in kg, komt dan in plaats van apokriefen NT)


Docente: Prof. Dr. Doris Lambers-Petry

Doelstelling: De student/e leert de latijnse taal en de Romeinse cultuur kennen. Hij/zij leert eenvoudige teksten uit de Vulgaat en kerkvaders te vertalen

Inhoud: Inleidende studie van de latijnse taal. Basiswoordenschat en eenvoudige syntax. De omgang met de hulpmiddelen.

Literatuur : Vivat Roma! Taal en cultuur van de Romeinen, taal en tekstboek 1, Hermaion 2006

Werkvorm: schriftelijk examen

Omvang: 4 SP



Module Inleiding OT II Ba 202b

(Het concept van de profetische boeken en de geschriften)


Docent:  prof. dr. J. Taschner

Doelstelling: De student begrijpt op welke manier het zin heeft dat het profetisch woord ons door overlevering in boeken bijgebracht wordt die over de boodschap en werking van een profeet in het verleden berichten.

De student leert te begrijpen waarom het Oude Testament / de Hebreeuwse Bijbel vast geformuleerde gebeden voor volgende generaties ter beschikking stelt.

Inhoud: Overzicht van de verschillende theologische vakgebieden van de profetische boeken een die geschriften; tevens de manier waarop het corpus propheticum een die geschriften als tweede een derde deel van de canon van het Oude Testament / Hebreeuwse Bijbel aan de Tora refereert.

Vorm: Hoorcolleges, zelfstudie. Presentatie van een werkstuk met aansluitende discussie.

Literatuur:

- Het Oude Testament in vertaling

- W. Beuken, Historical commentary on the Old Testament, 2vol, Isaiah chapters 28-39, Leuven 2000

- Th. Römer, Psaumes interdits. Du silence à la violence de Dieu, Poliez-le-Grand (Suisse) 2007

- Grohmann, M. (ed.), Jewish and Christian approaches to psalms, HBS 57, Freiburg 2009

 Toetsing: Drie gelijkwaardige gedeelten: beoordeling van de mondelinge presentatie aan het eind van de module, een schriftelijk examen aan het eind, en een leesverslag.

Omvang: 5 SP



Module: Apokriefen NT Ba 203
Docente: Prof. Dr. Doris Lambers-Petry

Doelstelling: De student/e leert de apokriefe geschriften, hun achtergronden en de redenen voor hun verwerping kennen.

Inhoud: De joods-christelijke apokriefen, de gnostische apokriefen (Nag Hammadi), Protevangelie van Jakobus ezv.

Literatuur:

- Henneke E./ Schneemelcher W., Neutestamentl. Apoktyphen I+II

- Uro, Th. (Ed.), Thomas at the Crossroads. Essays on the Gospel of Thomas, Edinburgh 1998

Werkvorm: hoor- en werkcollege

Toetsing: werkstuk met presentatie

Omvang: 4 SP

Module: Kerkgeschiedenis II Ba 204b (De Reformatie)

Docent: prof. dr. Jack McDONALD

Opmerking: Het college wordt in het Engels gegeven.

Doelstellingen: The Student understands the situation in the Catholic Church at the end of the Middle Ages and the principal Continental Reformers of the 16th century: Luther, Bucer, Zwingli and Calvin.



Inhoud:

  1. The religious and intellectual context of the Reformation

  2. Renaissance humanism

  3. Martin Luther

  4. Martin Bucer

  5. Ulrich Zwingli

  6. Jean Calvin

Literatuur:

  • Martin Luther, On Christian Liberty (1520)

  • Martin Bucer, On the Kingdom of Christ (1550)

  • Ulrich Zwingli, On True and False Religion (1525)

  • Jean Calvin, Institution of the Christian Religion, book 4 (1559)

(All these texts are available in numerous English and Dutch translations.)

Owen Chadwick, The Reformation (London, Penguin, revised ed. 1972, many reprints)

Hans Hillebrand, The World of the Reformation (London, Dent, 1975)

George Bernard, The King's Reformation (Yale, 2005)

More detailed bibliographies for each of the Reformers will be given during the course.

Toetsing: 20% of the marks will be apportioned by the professor to candidates based on their attendance and participation in lectures. 40% of the marks will be apportioned to candidates based on their performance in an oral examination of 30 minutes at the end of the course, on topics actually covered in lectures. Students may answer the questions in English or in Dutch. 40% of the marks will be apportioned to candidates based on their performance in a written essay of 2000-3000 words in English.

Omvang: 5 SP

Module: Spiritualiteit, liturgie en het Woord B 206b

(De module kent drie studieonderdelen: spiritualiteit, liturgiek en homiletiek, die afzonderlijk en in hun samenhang aan bod komen)


Docent: Ds. J.-Cl. Thienpont / Prof. dr. H. Heyen

Doelstelling: De student(e) heeft inzicht in de betekenis van spiritualiteit in de huidige maatschappelijke context.

De student(e) heeft kennis van en inzicht in de liturgische uitgangspunten, ontwikkelingen en begrippen en is in staat op basis daarvan over een liturgische praktijksituatie te reflecteren.

De student(e) heeft kennis van en inzicht in homiletische uitgangspunten en ontwikkelingen.

Inhoud: Verschillende aspecten van spiritualiteit: pastor en spiritualiteit, enkele spirituele bewegingen, als ook mogelijkheden van werken met spiritualiteit.

Inleiding liturgiek; liturgische ontwikkelingen en achtergronden; liturgische jaarorde; liturgische elementen van de kerkdienst.

Verdieping van homiletische praktijktheorie en homiletische vragen door verwerking van homiletische uitgangspunten en achtergronden o.a. door preekanalyse.

Vorm: Hoor- en werkcolleges; bespreking literatuur, observeren van een liturgie, maken en presenteren van een mini-liturgie en een mini-preek.

Literatuur:

- A. Grün / M. Dufner, Spiritualiteit van beneden, Uitgeverij Kok, Kampen, 1996 (Spiritualität von Unten, Vier-Türme-Verlag, Münsterschwarzach, 1994). 94 blz.

- F.G. Immink, Het heilige gebeurt – Praktijk, theologie en traditie van de protestantse kerkdienst, Uitgeverij Boekencentrum, Zoetermeer, 2011.. 

-  A. E. McGrath, Christian Spirituality, Blackwell Publishing, New York – Oxford – Victoria, 2008 (first published 1999) Nederlandse vertaling: A. E. McGrath, Christelijke spiritualiteit, Kok, Kampen, 2002. 

- P. Oskamp / N. Schuman (red.), De weg van de liturgieTradities, achtergronden, praktijk, Boekencentrum, Zoetermeer, 1998 (4de druk 2009). 

Toetsing: Schriftelijk examen en opdrachten (literatuurbespreking, mini-liturgie, mini-preek)

Omvang: 6 SP

Module: Gemeentepedagogiek B 206c
Docent: Prof. dr. H. Heyen

Doelstelling: De student(e) heeft inzhicht in achtergronden, stromingen en ontwikkelingen op het gebied van het leren in de gemeente.

De student(e) heeft kennis van en inzicht in levensbeschouwelijk leren en het ontwerpen van onderwijsleerprocessen.

De student(e) heeft kennis van en inzicht in een didactiek gericht op werken met de bijbel.

De student(e) heeft kennis van en inzicht in de theorie en praktijk van groepswerk.

Inhoud: Ontwikkeling, visies, methoden en achtergrond van gemeentepedagogiek; aandacht voor leren van kinderen, jongeren en volwassenen binnen de gemeente; een catechetisch werkplan; intergeneratief leren; begeleiding van huiscatecheten en andere leerkringbegeleiders in de gemeente. Inleiding godsdienst didactiek gericht op het zelf kunnen ontwerpen van een onderwijsleereenheid in de gemeente; bijbel in levenbeschouwelijk onderwijs; aspecten van groepsdynamisch werken.


Vorm: Hoor- en werkcolleges, praktijkopdracht, zelfstudie

Literatuur:

- J. van Ark en H. de Roest (red.), De weg van de groep. Leidinggeven aan groepen in gemeente en parochie, Zoetermeer, Boekencentrum, 2004 (capita selecta)

- J. de Kock / W. Verboom e.a., Altijd leerling. Basisboek catechese, Zoetermeer, Boekencentrum, 2e druk 2012

- L.-J. Parlevliet / B. v.d. Berg / T. Zondervan, Het kind en de grote verhalen. Levensbeschouwelijk leren in het basisonderwijs, Amersfoort, Kwintessens 2013

Toetsing: Schriftelijke examen over de bestudeerde literatuur; ontwerpen van een onderwijsleereenheid in de gemeente.

Omvang: 5 SP

Ba 3


Semester 5
Module: Hebreeuws 3 Ba 301
Docent: Arjan Knop

Doelstelling: verdiepende oefeningen in het lezen, analyseren en vertalen van Hebreeuwse teksten

Vorm: zelfstudie en werkcollege

Inhoud: cursorisch lezen van capita uit de Hebreeuwse Bijbel

Literatuur: Biblia Hebraïca Stuttgartensia

J.P. Lettinga, Grammatica van het Bijbels Hebreeuws en Hulpboek bij de grammatica van het Bijbels Hebreeuws, Brill, Leiden, 1996 of later.

Toetsing: mondeling en schriftelijk examen

Omvang: 2 SP




Module: Inleiding in de Theologie van het NT Ba 303a

(van de historische Jezus naar de kerygmatische Christus)


Docente: Prof. Dr. D. Lambers-Petry

Doelstelling: De student/e leert het verschil kennen tussen een historische en een theologische benadering van het NT

Inhoud: Historisch overzicht van het onderzoek naar de historische Jezus. Evaluatie van de betekenis van dit onderzoek, de tegenwordige benaderingen. Geschiedenis en Christologie in contekst.

Literatuur: Theissen G./Merz A., The Historical Jesus. A comprehensive guide, Augsburg Fortress Publ. 1998 (Der historische Jesus, 3. Auflage, Göttingen 2011)

Werkvorm: hoor- en werkcollege

Evaluatie: werkstuk met presentatie

Omvang: 5 SP
Module: Literatuur van de Tweede Tempel Ba 303b
Docent: Prof. Dr. Doris Lambers-Petry

Doelstelling: De student/e heeft inzicht in de brede literatuur van de tijd van de Tweede Tempel en kan deze in relatie plaatsen met jodendom en christendom

Inhoud: Bestuderen en evalueren van enkele teksten: Intertestament, Pseudepigrafen, Qumran, Philo van Alexandrie, Josephus e.a.

Literatuur: Helyer Larry R., Exploring the Jewish Literature of the Sec. Temple Period, A Guide for NT students, Downers Grove/Ill. 2002 of

VanderKam James C., An Introduction to Early Judaism, Grand Rapids 2000

Werkvorm: werkcollege

Evaluatie: werkstuk met presentatie

Omvang: 3 SP



Module: Kerkgeschiedenis II Ba 304a

(Religion, Reason, Revolution, Restoration: de Kerk en de Verlichting)


Docent: Jack McDonald

Opmerking: Het college wordt in het Engels gegeven.

Inhoud: This course looks at the sweeping intellectual, social and political changes which occurred in Western Europe in the 18th century and at their permanent influence on Christian life and thought. The European Enlightenment, the French Revolution and the Napoleonic Empire are studied. The ways in which the Protestant churches adapted (or refused to adapt) to modernity are examined, along with Christian responses to modernity. The special subject for this course is the evolution of Christian attitudes to slavery.

Doelstelling: The student will understand the main intellectual evolutions which occurred in the modern church, and will be able to analyse the strength of the challenges to Christian belief as well as the efficacy of various Christian responses to these challenges.

Key texts / Literatuur:

- Gottfried Wilhelm Leibniz, Essais de théodicée (1710)

- Denis Diderot, Pensées philosophiques (1746)

- Voltaire, Poème sur le désastre de Lisbonne (1756)

- Jean-Jacques Rousseau, Lettre à Voltaire (1756)

- Nicolas de Condorcet, Réflexions sur l’esclavage des nègres (1781)

- Jean-Paul Rabaut de Saint-Etienne, Déclaration des droits de l’homme et du citoyen (1789)

- François-René de Chateaubriand, Génie du christianisme (1802)

All these texts are readily available in Dutch and English translations.

Toetsing: Oral examination and paper 2500 words.

Omvang: 5 SP


Module: Godsdienstfilosofie en kritiek van de religie Ba 305a

Docent: Prof. dr. Johan Temmerman

Doel: helderheid bekomen over de verhouding tussen het kritische denken van de wijsbegeerte en godsdienst filosofische grondslagen van de godsdienst in de moderniteit

Inhoud: de grote problemen, methoden en thema’s van de godsdienstfilosofie komen aan bod. Verder wordt aandacht besteed aan de voornaamste visies op religie sinds de verlichting en de reacties daarop vanuit theologische hoek. Er zal gefocust worden op het godsdienstwijsgerige werk van Kant, Hegel, Nietzsche, Rosenzweig en anderen. De student zal in een werkstuk zijn of haar actuele positionering verhelderen.

Vorm: hoorcolleges

Literatuur:

  • H.J. Heering, Inleiding tot de godsdienstwijsbegeerte, Amsterdam, 1976, aangevuld met capita selecta uit:

  • I. Kant, De religie binnen de grenzen van de rede (vertaling en annotaties G. Van Eekert, W. Van Herck en W. Lemmens), Amsterdam, 2004

  • G.W.Fr. Hegel, Fenomenologie van de geest (vertaling W. Visser), Amsterdam, 2013

  • Fr. Nietzsche, De antichrist (vertaling P. Hawinkels), Amsterdam-Antwerpen, 1997

  • Fr. Rosenzweig, De ster van de verlossing (vertaling A.P.J. van Ligten), Delft, 2000

Toetsing: mondeling examen en evaluatie van het werkstuk

Ects: 4 sp.

Module: Christelijke Ethiek Ba 305b

(Ethische grondlijnen van het Christendom)
Docent: Dr. Johan Temmerman

Inhoud: De student verwerft een grondig inzicht in de verschillende ethoische tradities en verkent de grondlijnen van een christelijke ethiek

Doelstelling: Ethische vraagstukken behandelen in het licht van traditie en Evangelie

Literatuur:

G.G. de Kruif, Christelijke ethiek. Een inleiding met sleutelteksten, Zoetermeer, Meinema, 2000.

J. Douma, Grondslagen christelijke ethiek, Kampen, Kok, 1999.

A. MacIntyre, A Short History of Ethics : A History of Moral Philosophy from the Homeric Age tot the Twentieth Century, Notre Dame, University Press, 1998.

Werkvorm: Hoor- en werkcolleges

Evaluatie: Mondeling examen over de literatuur en een werkstuk omtrent een probleem in het hedendaagse ethische debat, geanalyseerd in het licht van traditie en Bijbel.

Omvang: 5 SP



Module: Diaconaal en pastoraal handelen Ba 306

Docent: Prof. dr. H. Heyen

Doelstelling: De student(e) heeft kennis van en inzicht in achtergronden, stromingen en ontwikkelingen op het gebied van pastoraal handelen.

De student(e) heeft kennis van bijbelse achtergronden van het diaconaat, van ontwikkelingen, achtergronden en vormen van diaconaal handelen en kan deze kennis verbinden met de diaconale situaties.

De student(e) is in staat een sociaal-maatschappellijke situatie te beschrijven tegen de achtergrond van diaconale begrippen en inzichten en kan daarover reflecteren.

Inhoud: Achtergronden en stromingen in het pastoraat; individueel pastoraat; gemeentepastoraat en andere pastorale handelingsvelden.

Ten aanzien van het diaconaal handelen zijn er twee aspecten: theoretische kennisverwerving en praktijkverkenning. Vandaar dat de inhoud van dit onder deel gekenmerkt wordt door:

Bijbels theologische achtergronden; historische ontwikkelingen; gemeentediaconaat; kennin nemen van onderscheiden diaconale mogelijkheden in hun cocontext en een praktijkgerichte observatiestage met presentatie.

Vorm: Hoor- en werkcolleges; observatiestage met een presentatie; zelfstudie

Literatuur: - H. Crijns e.a. (red.), Barmhartigheid en gerechtigheid. Handboek diaconiewetenschap, Kampen, Kok, 2e dr. 2005

- R.R. Ganzevoort / J. Visser, Zorg voor het verhaal; Achtergrond, methode en inhoud van pastorale begeleiding, Zoetermeer 2007

Toetsing: Presentatie en bespreking daarvan; werkstuk over de behandelde literatuur

Omvang: 5 SP

Semster 6
Module: Methodiek van de exegese (OT) Ba 302
Docent: Prof. dr. J. Taschner

Doelstelling: De student is vertrouwd met het instrumentarium voor de Bijbeluitleg en kan dit toepassen op poëtische en profetische teksten. De student wordt aangemoedigd, zijn historische, taalkundige en theologische kennis toe te passen op de uitleg van Bijbelse teksten in de hedendaagse context.

Inhoud: Poëtische en profetische teksten staan centraal. Aan literaire benaderingen wordt bijzondere aandacht besteed.

Vorm: Werkcolleges en exegeseopdracht.

Literatuur:

- Het Oude Testament in vertaling

- Gedeelten uit: Jan Fokkelman en Wim Weren (red.), De Bijbel Literair, Zoetermeer 2003.

- Eep Talstra, Oude en Nieuwe Lezers. Een inleiding in de methoden van uitleg van het Oude Testament;Kampen 2002.

- Ska, Jean Louis; Sonnet, Jean-Pierre; Wénin, André, L’analyse des récits de l’Ancient Testament, Cahiers Evangile 107, 1999
Toetsing: (Exegese-)opdrachten die tijdens het college met de studenten besproken worden. De student schrijft in de tweede helft van de module een exegetisch werkstuk over een poëtische of profetische tekst.

Omvang: 5 SP




Module Methodiek van de exegese NT Ba 303c
Docent: Prof. Dr. D. Lambers-Petry

Doelstelling: De student/e leert methodisch gereflekteerd om te gaan met de teksten van het Nieuwe Testament.

Inhoud: De student/e maakt kennis met de hulpmiddelen, de verschillende exegetische en hermeneutische methodes en modellen.

Literatuur: Schnelle U., Einführung in die neutestamentliche Exegese, 8. Auflage, Göttingen 2014 (UTB 1253)

Werkvorm: werkcollege met oefeningen

Evaluatie: schriftelijke toetsing, presentatie van een werkstuk

Omvang: 5 SP

Module: Ecumenism: Churches, Societies and Politics in Europe B304b
Opmerking: This module is taught in English.

Docent: Dr. Peter Pavlovic

Doelstelling: The student has general knowledge of the place of the churches and their interaction with state and society in Europe, viewed in the perspective of global modern history.

Inhoud: Historical overview of the ecumenical movement on a worldwide scale and in Europe; exploration of biblical and theological values involved; survey of actual relations between churches and national and European institutions and movements.

Vorm: Lectures; study of literature.

Literatuur:

- Michael Kinnamon, Brian Cope, Ecumenical Movement: An Anthology of Keytexts and Voices, World Council of Churches, 1996 (selected parts)

- Konrad Raiser, Ecumenism in Transition, WCC Publications, 1991

- Peter Alban Heers, The Missionary Origins of Modern Ecumenism, Milestones leading up to 1920

- Lucian Leustean, ‘The Ecumenical Movement and the Schuman Plan, 1950-54’, Journal of Church and State, 53/3 (2011) 442-71

- Peter Pavlovic, ‘The dialogue of churches with European Political Institutions – Does it matter?’ in Representing Religion in the European Union, ed. by Lucian N. Leustean, Routledge Studies in Religion and Politics, 2012, 105-117

Toetsing: paper with oral discussion.

Omvang: 5 Sp

Bachelorproef B310
Ter afsluiting van de bacheloropleiding maakt de student(e) een eindwerkstuk. Het thema van dit werkstuk zal ingekaderd zijn in één van de onderzoeksgebieden van de faculteit.

De student(e) kan zelf een voorstel doen aan een hoogleraar, die hij/zij als hoofdbegeleider ziet. Daarbij moet bedacht worden, dat het eindwerkstuk een integrerend karakter dient te hebben, zodat minstens een tweede discipline van de theologie bij het thema betrokken moet worden. Na overleg met de betreffende hoogleraar dient de student(e) vóór de aanvang van het tweede semester een voorstel in bij de docentenvergadering.

Voor deze en overige aanwijzingen zie het studiegidsonderdeel ‘Richtlijnen en regels’.

Omvang: 10 sp.


Eindbeoordeling

De eindbeoordeling van de bacheloropleiding wordt bepaald door het gemiddelde van de in het derde cursusjaar behaalde cijfers in hun relatieve zwaarte. Voor de criteria zie het studiegidsonderdeel ‘Richtlijnen en regels’. De gemiddelden van de voor­gaande jaren wegen mee bij de afronding van het cijfer. Het beoordelings­cijfer van het eindwerkstuk wordt apart vermeld in de bijlage bij het diploma.


Dovnload 179.47 Kb.