Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Frederic chopin (1810-1849)

Dovnload 18.55 Kb.

Frederic chopin (1810-1849)



Datum13.11.2017
Grootte18.55 Kb.

Dovnload 18.55 Kb.



FREDERIC CHOPIN (1810-1849)
Heinrich Heine: “Polen gab ihm seinem chevaleresken Sinn und seinen geschichtlichen Schmerz, Frankreich gab ihm seine leichte Anmut, seine Grazie, Deutschland gab ihm den romantischen Tiefsinn” (10. Brief: über die französische Bühne, Parijs, 1837).
Heinrich Heine: “Seine Finger sind nur Diener seiner Seele, und diese wird applaudiert von Leuten, die nicht blosz mit den Ohren horen, sondern auch mit der Seele”.
Biografische data
1810- 1831: Warschau
1810: Fryderyk Chopin wordt geboren op 1 maart in Zelazowa Wola, in de buurt van Warschau. De vader is een Fransman, de moeder een adellijke Poolse. In oktober verhuist de familie naar Warschau. Vader Chopin werkt er vooral als leraar Frans.

Vanaf 1815 maakt hij via zijn moeder kennis met de piano, vanaf 1816 ontvangt hij officieel piano-onderricht. Uit 1817 dateren de eerste composities (polonaisen), die de knaap al enige faam bezorgen.

1818-1819: Hij treedt op als ‘wonderkind’ op in de salons van de adellijke families.

1821: stichting van het conservatorium in Warschau, geleid door Jozef Elsner, die in 1822 Chopins private compositieleraar wordt.

1823-1826: Onderwijs in het gymnasium.

In 1824 en 1825 brengt hij de zomer door op het platteland als gast van een adellijke familie. Hij komt er in contact met nationale volksliederen en –dansen.

1826-1829: Leerling compositie bij Elsner in het conservatorium van Warschau.

1828: Kennismaking met de klaviervirtuoos Johann Nepomuk Hummel.

1829: Hij hoort de vioolvirtuoos Niccolo Paganini. Vermoedelijk onder invloed van Paganini begint hij ‘études’ te componeren (op. 10). Concertreis naar Wenen.

1830: Succesvolle concerten met de twee pianoconcerti. Tweede verblijf in Wenen, ontmoet Johann Nepomuk Hummel en Karl Czerny. Wegens een patriottische opstand in Warschau, waar zijn familie aan deelnam, blijft hij langer in Wenen. De Russische tsaar wordt afgezet als koning van Polen. Oprichting van een nationale Poolse regering.


1831-1849: Parijs
1831: Reis vanuit Wenen naar Parijs. Warschau wordt door de Russen bezet: de novemberrevolutie is een mislukking. In Parijs maakt hij kennis of sluit hij vriendschap met talrijke vooraanstaande musici (de klaviervirtuoos Kalkbrenner, Luigi Cherubini, Rossini, Franz Liszt, Felix Mendelssohn, Hector Berlioz…) en gevluchte landgenoten (o.m. de schrijver Adam Mickiewicz).

1832: Eerste succesrijk concert, wat heel wat mogelijkheden opent voor de publicatie van zijn werk en voor het rekruteren van pianoleerlingen. De Polen organiseren zich in Parijs in democratische genootschappen. Chopin is er actief lid van.

1833: Zijn werk kent steeds meer verspreiding via publicaties in Leipzig, Parijs en Londen. In Parijs sluit hij vriendschap met Vincenzo Bellini.

1834: Clara Wieck wordt in Duitsland een van de vurige verdedigers van Chopins werk.

1835: Enkele mindere successen tijdens concerten in Parijs doen Chopin besluiten zijn carrière als klaviervirtuoos in grote publieke theaters te beëindigen. Reis naar Polen. Bezoekt in Leipzig Robert Schumann, Clara Wieck en Mendelssohn.

1836: Na een ziekte doet het gerucht de ronde dat Chopin overleden is. Tweede bezoek aan Schumann in Leipzig. Kennismaking in Parijs met George Sand.

1838: Begint een relatie met George Sand. Dubbelportret Chopin-Sand door George Delacroix (later in twee gesplitst). Reis met George Sand naar Spanje en Palma de Mallorca, waar hij ernstig ziek wordt (longaandoening).

1839: Dramatische bootreis naar Genua (ziekte, storm…). Eerste van een reeks verblijven in Nohant in het kasteel van George Sand. Terugkeer naar Parijs.

1840-1846: Vooral actief als klavierleraar. Optredens in het salon van Sand (met gasten als Delacroix, Heine, Balzac, Mickiewicz…). Jaarlijkse verblijven in Nohant tijdens de zomer. Tijndens de winter is hij actief in Parijs. Vruchtbare compositiejaren. Elk jaar doorstaat hij een periode van ziekte.

1846: Breuk met George Sand. Chopin keert alleen naar Parijs terug.

1848: Op 16 februari treedt hij in Parijs voor het laatst op. Concertreis naar Engeland en Schotland. Na zeven maanden keert hij in november ziek terug naar Parijs.

1849: Chopin overlijdt op 17 oktober. Op 30 oktober heeft in de Ste. Madeleien de uitvaartdienst plaats, met een uitvoering van Mozarts Requiem, volgens de laatste wens van de componist. Hij wordt begraven op het kerkhof Père Lachaise. Zijn hart wordt naar Warschau overgebracht en bijgezet in de kerk van het H. Kruis.



Kenmerken
1. De genres

Nagenoeg exclusief klaviermuziek, meestal solo, enkele met orkest (157 werken uitgegeven in 65 opusnummers, daarnaast een aantal onuitgegeven)

a.‘Klassieke’ en virtuoos-romantische genres:

- Pianoconcerto: virtuoze werken als programma als reizend virtuoos (Moscheles,

Kalkbrenner, Hummel) (2)

- Pianosonate (Beethoven) (3)

- Rondo (briljante stijl)) (5)

- Variaties (briljante stijl) (5)


b. Dans (muziek om te dansen evolueerde naar muziek om te beluisteren)

- Wals (Schubert, Weber): lyrisch (8 + 10) – 2 types: ‘valse brillante’ en ‘valse mélancholique’

- Polonaise (Weber, folklore): evolutie van briljant naar ‘heroïsch-dramatisch’ (7 + 9)

- Mazurka (folklore): evolutie van volkse dansen naar diepzinnige, reflexieve stukken (41+17)

- Bolero: Spaans

- Tarantella: Italiaans


c. Karakterstukken

- Nocturne (John Field, Italiaanse opera: Bellini) (18): lyrisch, ornamentele melodie

- Scherzo (4)

- Ballade (4)

- Impromptu (Schubert) (3)

- Prelude (Bach) (24: opus 28)

- Berceuse: thema met 15 variaties

- Fantaisie

- Barcarolle
d. ‘Pedagogische’( stukken

Etude (Bach, Paganini, Liszt): 12 op. 10 en 12 op. 25


2. Algemene stijlkenmerken
a. Chopins werk vertegenwoordigt de twee toen heersende stijlen:

- de ‘briljante’ stijl, gericht op virtuoos spel: pianoconcerti, variaties op bekende thema’s, ‘polonaise brillante’

- de ‘romantische’ stijl, gericht op expressie

b. Geen programmamuziek, wel invloed van het Poolse nationalisme (nationale dansen: polonaise, mazurka): overwegend ‘absolute ‘muziek

c. Het componeren ontstaat vanuit het improviseren: het ‘voltooide’ werk is één versie

d. Minder bedoeld voor grote concertzalen, dan voor het intiem musiceren (salons)


MELODIE

De melodie is het expressieve element (de ‘retorica’), de harmonie zorgt voor de logica (de ‘grammatica’). De kern van zijn muziek is ‘melodie met begeleiding’

Typisch Chopin zijn de vaak sterk geornamenteerde melodieën:; de verseiringen zijn geen toevoegsel, maar essentie (Nocturnes)

Invloed van het Italiaanse belcanto (Bellini): ‘Wanneer je klavier wil spelen, moet je leren zingen’.


HARMONIE

Harmonie zeer expressief: vaak chromatisch en zeer vooruitstrevend


METRUM EN RITME

Vaak complex metrum en ritme (invloed folklore) – accentverschuivingen, typisch ‘rubato’


KLANKKLEUR: Coloristisch gebruik van de piano (impressionisme!)
EXPRESSIE: Veel expressieve aanduidingen (cantabile, espressivo, dolce, grazioso, dolente…)
VORM

1. Grondprincipe: A - B – A (voorstelling – verwijdering - terugkeer), of een uitbreiding daarvan (rondo, met terugkerend refrein)



2. Op basis van één motivisch element (etudes, preludes): continuïteit

  • Biografische data 1810- 1831: Warschau
  • 1831-1849: Parijs

  • Dovnload 18.55 Kb.