Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Gemeente ingelmunster

Dovnload 1.14 Mb.

Gemeente ingelmunster



Pagina4/7
Datum05.12.2018
Grootte1.14 Mb.

Dovnload 1.14 Mb.
1   2   3   4   5   6   7

Wie kan waar ondernemen?

De drie belangrijkste bezorgdheden voor een ondernemer die een zaak wil starten, zijn:

- waar is er, gelet op mijn economische activiteit, voldoende ruimte om te ondernemen in de gemeente?

- kan de gemeente mij de zekerheid bieden dat ik mijn onderneming kan vestigen op een plek waarbij ik zonder conflict met buurt en gemeentebestuur, alle noodzakelijke vergunningen zal verkrijgen?

- krijg ik op deze plek de kans om in de toekomst, wanneer mijn onderneming gaat groeien, een uitbreiding te realiseren?

Hoe wordt de ondernemer geholpen in zijn zoektocht?

Iedere ondernemer die zich aanbiedt bij de gemeente in zijn zoektocht naar een plek om te starten wordt op een efficiënte en effectieve manier geholpen. Efficiënt wil zeggen dat hij niet van het kastje naar de muur wordt gestuurd maar wel dat hij snel weet waar hij aan toe is met een hoge graad van zekerheid dat wat als ruimte wordt aangeboden, ook realistisch is.

Effectief wil zeggen dat de gemeente meedenkt met de ondernemer en rekening houdt met de doelgroep (een starter of een gevestigde waarde) de sector(industrie, handel, diensten) en de impact op de omgeving (lawaaihinder, verkeershinder, geurhinder).

Zonevreemde bedrijven

Een zonevreemd bedrijf is niet hetzelfde als een illegaal bedrijf. Een zonevreemd gebouw kan bijvoorbeeld wettelijk vergund zijn maar heeft problemen naar de toekomstige ontwikkeling van het bedrijf.

Algemeen gesteld beschouwt de overheid een bedrijf als zonevreemd als een gebouw in een zone ligt waar het niet thuishoort. Voorbeelden zijn: een industrieel bedrijf in landbouwgebied, een bedrijf in recreatiegebied, een milieubelastend bedrijf in woongebied, een kleinhandelsactiviteit in industriegebied, enz. Meestal zijn deze activiteiten historisch zonevreemd geworden door de omvang die het bedrijf door zijn groei heeft genomen, door de verandering van activiteit doorheen de jaren of door een gewijzigde omgeving. Dergelijke bedrijven vragen dringend een oplossing.

Regionale en lokale bedrijventerreinen

Vlaanderen definieert het verschil tussen beide letterlijk als volgt: ‘Een lokaal bedrijventerrein dient enkel voor bedrijven met een lokaal karakter d.w.z. naar ruimtegebruik, aantal werknemers, de gemeente waar het bedrijf ligt, de uitstraling van het bedrijf, hun afzetmarkt, … Een vuistregel die vaak gehanteerd wordt: wie meer dan een 0,5ha ruimtebehoefte heeft, wordt verwezen naar een regionaal bedrijventerrein. Er wordt een uitzondering gemaakt voor bedrijven met een te motiveren groot ruimtebeslag en die quasi geen mobiliteitsgeneriek uitlokken, duidelijk zeer lokale en beperkte afzetmarkt bedienen, enz.’ Kortom, bijzonder verwarrend en geen rechte lijn in te trekken. Voor de ondernemers is het vaak onbegrijpelijk dat er vrije bedrijventerreinen zijn in een gemeente, waarvan zij geen gebruik mogen maken wegens onvoldoende "regionaal belang".



Uniforme regels vergunningen en meldingen

Voor vele ondernemers is een stedenbouwkundige aanvraag een handeling die zij slechts een paar keer in hun ondernemersleven meemaken: een keer bij de bouw van hun bedrijfsruimte en eventueel een tweede keer bij de uitbreiding ervan. Daarom verwacht de ondernemer van de gemeente dat zij zoveel als mogelijk ondersteunt in de aanvraag en opmaak van de noodzakelijke stedenbouwkundige plannen en vergunningen.



- Hoe pakt u dit in de gemeente het beste aan? -

Bij het opmaken van belangrijke beleidsplannen zoals het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan, het mobiliteitsplan, het commercieel-strategisch plan, het milieubeleidsplan wordt telkens rekening gehouden met de bestaande en mogelijke toekomstige vestigingsplaatsen voor ondernemers. Op die manier wordt rechtszekerheid gegeven aan bestaande ondernemers maar wordt het ook duidelijk waar nieuwe economische activiteit zich kan en mag ontwikkelen. Deze belangrijke opdracht moet kaderen in de opmaak en evaluatie van het Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan.

  • Ontwikkel een databank van beschikbare bedrijfspercelen en –gebouwen

Het blijft niet alleen bij plannen, de gemeente maakt tevens werk van effectieve ruimte om te ondernemen. Dat kan door het aanleggen van nieuwe regionale of lokale bedrijventerreinen, het vrijmaken van percelen voor economische activiteit naast de officiële bedrijventerreinen, het oprichten van een bedrijvencentrum waar startende ondernemers kunnen warmlopen in een gehuurd kantoor of atelier, enz.

De ondernemer moet gemakkelijk online kunnen zoeken naar beschikbare bedrijfsruimtes op het gemeentelijk grondgebied. Indien online niet lukt, moet hij op de gemeente een aanspreekpunt hebben waar hij met zijn specifieke locatievraag terecht kan. De bevoegde ambtenaar brengt via regelmatige contacten met projectontwikkelaars, vastgoedmakelaars en terreinbeheerders de beschikbare bedrijfspanden en -percelen op bedrijvenzones voor hem in kaart. Bovendien staat deze ambtenaar klaar om samen met zijn collega’s van de diensten ruimtelijke ordening en milieu, duidelijkheid te verschaffen over mogelijke economische ontwikkelingen, de geldende bestemmingsplannen en hun voorschriften, de stedenbouwkundige vergunningentoestand, vergunningsplicht op vlak van ruimtelijke ordening en milieu.



  • Geef zonevreemde bedrijven een definitieve oplossing

Zonevreemde activiteiten worden definitief en structureel geregeld waarbij eerst alle wettelijke instrumenten worden ingezet om een oplossing uit te werken op de bestaande locatie. Indien dit niet lukt, wordt onder intense begeleiding van de gemeente gezocht naar een ruimte voor herlokalisatie. Telkens wordt rekening gehouden met toekomstige groeimogelijkheden.

  • Realiseer het digitaal vergunningenloket

Van zodra de Vlaamse overheid het digitaal vergunningenloket mogelijk maakt, zal de gemeente daarop inspelen door alle ondernemers de mogelijkheid te bieden om bouwaanvragen, meldingen en stedenbouwkundige formaliteiten volledig digitaal via een internetloket in te dienen.

Hierbij wordt de integratie van stedenbouwkundige- en milieuvergunning via het éénloketsysteem gehanteerd.



De gemeente volgt het Vlaams beleid inzake stedenbouwkundige vergunnings- en meldingsplicht en legt geen extra vergunnings- of meldingplicht op voor werken of handelingen die op Vlaams niveau vrijgesteld zijn.

  • Afstemmen van regionaal en lokaal bedrijventerrein

De gemeente streeft ernaar om zoveel als mogelijk af te stemmen bij de realisatie van zowel lokale als regionale bedrijventerreinen. Bij plannen voor regionale terreinen wordt hierbij gestreefd naar integratie en aansluiting bij lokale bedrijventerreinen zodat vraagstukken rond infrastructuur, ontsluiting, parkeerfaciliteiten, … gezamenlijk aangepakt kunnen worden.

- Bijzondere aandacht voor volgende prioriteiten

UNIZO pleit om nu reeds te straten met de volgende fase voor de uitbouw van KMO- en industriegronden. Vandaag is men reeds bezig met de eerste fase maar de voorbereidende fase heeft kostbare tijd doen verloren gaan. UNIZO vraagt dan ook om een langetermijnvisie die nu start met de noden van morgen. Als de gemeente meer bevoegdheid zou hebben om het tekort aan industriegrond aan te pakken, verwacht UNIZO ook dat de locale ondernemers sneller zouden kunnen geholpen worden.

Daarnaast pleit UNIZO voor een betere aanduiding/omschrijving van de bedrijfszones via borden langs de weg. Zodoende kan men sneller weten wie of wat waar te vinden is. Deze informatie zou ook op de website van de gemeente moeten gepubliceerd worden. Deze suggestie geldt vooral voor de zone Kleine Weg. Daar zou zeker aan het begin van de straat een extra duidelijke signalisatie moeten komen, want nu rijden er teveel vrachtwagens in die er niet moeten zijn en die er zeer moeilijk terug uitgeraken.

      1. BEREIKBAARHEID

- Waarover gaat het? -



Mijn klanten kunnen mij bereiken en ik kan mijn klanten bereiken

Voor elke onderneming die rechtstreeks in contact komt met klanten/patiënten en leveranciers, is het essentieel dat die de onderneming vlot kunnen bereiken. Ook een ondernemer of zijn personeelsleden moeten als dienstverlener of leverancier vlot bij klanten, op werven, bij patiënten geraken.

Bereikbaarheid’ is voor elke onderneming anders

Hoe de onderneming bereikbaar moet zijn, is sterk afhankelijk van haar aard en ligging. Voor dagelijkse boodschappen wensen klanten zo snel en dicht mogelijk bij de winkel te geraken; voor een middagje-shoppen of een avondje terrassen mag het in een autoluwere winkelstraat. Maar minder-mobiele klanten of patiënten moeten wel met de auto op hun bestemming kunnen komen. Sommige ondernemers zijn sterk afhankelijk van de passage, voor hen is er geen “ongewenst” verkeer. Er moeten voldoende goedgekozen laad- en losplaatsen ingericht worden. Venstertijden moeten voldoende ruim zijn opdat het haalbaar en betaalbaar blijft om elke klant te bedienen.

Ondernemingen buiten het centrum of op een bedrijventerrein moeten langs een vlotte route, zonder al te veel omweg en beperkingen, bereikbaar zijn. Wie op locatie werkt, moet daar ook geraken en betaalbaar kunnen parkeren. Duidelijke bewegwijzering is geen overbodige luxe.

Minder hinder bij (tijdelijke) onbereikbaarheid

Ondernemers hebben er begrip voor dat af en toe (openbare) werken noodzakelijk zijn. Zij vinden het belangrijk dat zij tijdig, voldoende én correct op de hoogte gebracht worden over aanstaande openbare en private werken in de straat, buurt en ruimere omgeving. Aangezien de gemeente het dichtst bij de ondernemer staat, is de gemeente het eerste aanspreekpunt bij werken, om het even wie de opdrachtgever ervan is. Ondernemers verwachten dat de werken goed gecoördineerd worden en dat er zowel voor als tijdens de werken een zeer goede communicatie is. Zij appreciëren het als zij betrokken worden bij de uitwerking van de fasering van de werken en bij de (omleidings-)signalisatie. Zij verwachten dat de gemeente rekening houdt met de verzuchtingen van de ondernemers en mee op zoek gaat naar oplossingen of alternatieven die het financiële of commerciële leed kunnen verzachten.



- hoe pakt u dit in de gemeente het beste aan? -

  • Lever maatwerk voor een goede bereikbaarheid

Dit wordt ingevuld per gebied, en wordt ook consequent toegepast en gecontroleerd. Elke maatregel die effect heeft op de bereikbaarheid van de onderneming wordt eerst overlegd met de ondernemers.

  • Zorg voor een bewegwijzering die heel duidelijk en efficiënt is

Voor handelszaken in het centrum wordt het centrum aangeduid, met goed aangeven van de beschikbare parkings, gratis parkeerplaatsen en lang-parkeerplaatsen. Voor bedrijven op een bedrijventerrein wordt deze zone bewegwijzerd vanaf de invalswegen naar de gemeente. Horecazaken en toeristische zaken krijgen de kans om zich individueel te bewegwijzeren via de geijkte wegwijzers.

  • Maak route- en parkeerplannen op

Bij het opmaken van route- en parkeerplannen, houdt de gemeente rekening met de functies van het gebied (runshoppen, frunshoppen, bedrijventerrein), met tijdsbesteding van de klanten, met loopafstanden en looproutes. Bij wijzigingen voorziet men eerst sensibiliseringscampagnes én alternatieven. Laad- en losplaatsen worden vastgelegd in overleg met de ondernemers en in functie van hun noden.

  • Duid een minder-hinder-coördinator aan

Bij openbare werken, of andere redenen van tijdelijke onbereikbaarheid van een onderneming, houdt de gemeente rekening met de extra noden van ondernemers. Er wordt voor elk werk een minder-hinder-coördinator aangeduid. Deze coördinator wordt van in de beginfase bij de werken betrokken. Hij maakt een knelpuntenanalyse voor ondernemingen op. Hij is de contactpersoon en het unieke aanspreekpunt voor de ondernemers voor, tijdens en na de werken. Hij heeft, in overleg met de ondernemers, inspraak in fasering en signalisatie. Hij verzorgt de specifieke communicatie naar ondernemers toe en ondersteunt eventuele commerciële acties.

- Bijzondere aandacht voor volgende prioriteiten

UNIZO is zeer tevreden over de manier waarop de “minder hinder bij openbare werken” door de gemeente wordt aangepakt: er is goed gecommuniceerd, de bedrijven waren meestal goed bereikbaar, er is een goede opvolging van de vragen die gesteld worden. De ondernemers zien nog wel een verbeterpunt in de bestemmingssignalisatie. UNIZO vraagt een betere visuele aanduiding (bord) zodat klanten en leveranciers weten tot waar de bereikbaarheid bij werken loopt.

Wat het vrachtverkeer betreft vraag UNIZO overleg met de aanpalende gemeentes om de bereikbaarheid van de bedrijven te optimaliseren. Nu moeten vrachtwagens dikwijls onnodig ver omrijden naar en van de grote wegen (E403) omwille van beperkingen in bepaalde gemeenten. Een heel concreet voorbeeld in Ingelmunster: de kortste weg naar de E403 is door de Weststraat, Ingelmunsterstraat. Als hier vrachtwagens zouden mogen passeren, kunnen zij een omweg van 8 km vermijden.

Een betere coördinatie met de GPS operatoren zou volgens UNIZO vermijden dat nog langer vrachtwagens straten inrijden waar ze - omwille van hun lengte - eigenlijk niet zouden mogen in rijden.

UNIZO vraagt ook om parkeerplaatsen waar vrachtwagens kunnen rusten/overnachten. Vandaag gebruiken chauffeur bv de straten in het industriepark Bekaert om te overnachten, en zorgen zij zo voor een onveilige situatie.

UNIZO staat achter de verfraaiing van de gemeente maar meent dat de rondepunten te klein zijn voor vrachtwagens en dat sommige stukken weg beter in asfalt worden aangelegd dan in klinkers. Ook vraagt UNIZO overleg naar de toekomst toe betreffende de tonnage van het toegelaten verkeer. Ook in het centrum moeten er immers soms grote/zware goederen geleverd worden.



      1. VEILIGHEID

- waarover gaat het ? -

Objectieve en subjectieve veiligheid

Dit zijn termen die regelmatig door veiligheidsspecialisten in de mond worden genomen. Kort samengevat komt het hier op neer: objectieve veiligheid gaat over veiligheid die objectief te meten is, bijvoorbeeld aan de hand van het aantal geregistreerde inbreuken of het aantal gemeten incidenten; subjectieve veiligheid is gevoelsmatig, bijvoorbeeld de angst om slachtoffer te worden van misdrijven en criminaliteit. Hier wordt de term onveiligheidsgevoel gebruikt.


Het is belangrijk dat de kloof tussen beide vormen van veiligheid niet te groot wordt en dat de gemeente aan de ondernemers niet alleen statistisch kan aantonen dat het veilig is maar dat de ondernemers, hun personeel en hun klanten dat ook zo aanvoelen.
1   2   3   4   5   6   7

  • Hoe wordt de ondernemer geholpen in zijn zoektocht
  • Regionale en lokale bedrijventerreinen
  • Uniforme regels vergunningen en meldingen
  • Heb een duidelijke visie over wie waar in de gemeente kan ondernemen
  • Ontwikkel een databank van beschikbare bedrijfspercelen en –gebouwen
  • Geef zonevreemde bedrijven een definitieve oplossing
  • Realiseer het digitaal vergunningenloket
  • Afstemmen van regionaal en lokaal bedrijventerrein
  • Mijn klanten kunnen mij bereiken en ik kan mijn klanten bereiken
  • Bereikbaarheid’ is voor elke onderneming anders
  • Minder hinder bij (tijdelijke) onbereikbaarheid
  • Lever maatwerk voor een goede bereikbaarheid
  • Maak route- en parkeerplannen op
  • Duid een minder-hinder-coördinator aan

  • Dovnload 1.14 Mb.