Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Het wetsvoorstel Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu

Dovnload 498.37 Kb.

Het wetsvoorstel Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu



Pagina8/15
Datum04.04.2017
Grootte498.37 Kb.

Dovnload 498.37 Kb.
1   ...   4   5   6   7   8   9   10   11   ...   15

Is de staatssecretaris het met de VVD eens dat het het mooiste zou zijn dat je wereldwijd die systemen aan elkaar koppelt en dat je dus wereldwijd één soort prijs hebt voor koolstofuitstoot?

Staatssecretaris Dijksma:


Ja, dat zou briljant zijn.

De heer Remco Dijkstra (VVD):


Dat is het ideaalplaatje, maar zover zijn we nog niet. Het is wel mooi dat recent in Montreal ook de luchtvaart, die eerst niet meedeed aan het klimaatakkoord, nu heeft aangegeven om te gaan voor bronbeleid en voor beprijzing. Hoe zorgen we er zo meteen voor dat een partij zoals de KLM, die nu al Europees belast wordt en straks wereldwijd ook, niet dubbel wordt gepakt?

Staatssecretaris Dijksma:


Ik zal er bij het luchtvaartblok nog iets over zeggen. Het korte antwoord is: dat moeten we met verstand en beleid bekijken. We laten niet nu een oude schoen al los terwijl de nieuwe er nog niet helemaal is. Ik kom daarop terug bij de Kamer en wil er ook met mijn Europese collega's over spreken. Europa heeft op dit dossier echt een voorloperspositie. Wij hebben natuurlijk al een werkend systeem. We gaan toe naar een mondiaal systeem. Ik heb er zelf hard voor gevochten in Montreal om dat voor elkaar te krijgen. Die overgang, die transitie naar dat nieuwe systeem, moet in wijsheid gebeuren met oog voor de economische belangen van de luchtvaartsector en ook met oog voor het ecologisch belang van stappen die iets voorstellen.

De heer Remco Dijkstra (VVD):


Ik ben dat met de staatssecretaris eens, maar je kunt niet vier schoenen, twee paar, tegelijkertijd aanhebben.

Staatssecretaris Dijksma:


Nee, twee wel.

De heer Remco Dijkstra (VVD):


Precies, dus daar moeten we voor gaan.

De heer Madlener (PVV):


Ik hoor de staatssecretaris net iets zeggen over de economische belangen. Ik heb net de laatste peilingen in Amerika gezien. Het zou heel goed kunnen dat Donald Trump president wordt. Dan gaat het klimaatakkoord de prullenbak in; dan doet Amerika niet mee. Dat zet de hele verhouding natuurlijk op z'n kop. Wat gaat u dan doen?

Staatssecretaris Dijksma:


Zover is het gelukkig nog niet.

De heer Madlener (PVV):


Over een paar dagen misschien wel. Als Donald Trump inderdaad president van Amerika wordt en Amerika niet meedoet aan dat akkoord, dan mag dat toch niet betekenen dat onze concurrentiepositie ondermijnd wordt — dat gaat dan gebeuren — en dat u geen flauw idee hebt wat u dan gaat doen?

Staatssecretaris Dijksma:


Het mooie in dit soort kwesties is dat er eigenlijk twee wijsheden zijn. De eerste komt van mijn grootmoeder. Als zij wielen had dan was zij een autobus, zei zij altijd tegen mij: niet ingaan op speculaties over iets waarvan je echt nog geen idee hebt waar het eindigt. De tweede is dat er in Amerika natuurlijk ook een democratisch proces is. Er is niet alleen een president, maar ook een congres en een huis. Men heeft een handtekening gezet. Er is geratificeerd. We moeten het dus gewoon afwachten. Uiteraard kijk ik net zo goed als de heer Madlener op 8 november met spanning naar wat er gebeurt. Ik denk er het mijne van.

De voorzitter:


U hebt er zelfs iets over gezegd.

Staatssecretaris Dijksma:


Zo is het. Maar net niet te veel, denk ik. Of hoop ik.

Mevrouw Cegerek, mevrouw Dik-Faber, mevrouw Van Veldhoven en de heer Smaling vroegen naar de WHO-normen voor luchtkwaliteit en de uitbreiding van het actieplan. Ik heb al eerder gezegd dat ik denk dat het op zichzelf een prima idee is om het Actieplan Luchtkwaliteit wat breder in te zetten dan alleen maar voor Amsterdam en Rotterdam, maar dan vooral gericht op de paar plekken waar we soms nog zien dat we niet voldoen aan de Europese normen. Ik wil wel gezegd hebben dat we hier in de afgelopen jaren veel succes hebben geboekt. Dat lijkt soms niet zo, als je de kranten leest. We hebben echter enorme stappen gezet waar het gaat om verbetering van de luchtkwaliteit. Met name Europees bronbeleid is daar heel belangrijk voor. Dat moeten we goed organiseren. Als we de normen voor voertuigen in Europa strenger maken — daar zijn we op dit moment mee aan de slag, het kabinet wil daar ambitieus in zijn — zal dat een enorm effect hebben op hoe wij het doen.

De Gezondheidsraad brengt in 2017 advies uit over het luchtkwaliteitsbeleid. Ik heb zelf op de laatste dag van het Nederlandse voorzitterschap een zwaarbevochten voorstel binnengehaald rondom de NEC-richtlijn, de luchtkwaliteitsrichtlijn. Dat zal voor Nederland gewoon weer nieuwe stappen betekenen, als wij daarbij de streefwaarden van de WHO in gedachten hebben. Nederland is gelukkig al heel ver, ook als je kijkt naar wat onze bijdrage moet zijn op basis van die richtlijn. We hebben echter steeds gezegd dat we blijven streven naar verdergaande verbetering. Dat is iets anders dan die streefwaarden in een wet opnemen als een nieuwe richtlijn. Ik zou zeggen dat we gewoon frappez toujours moeten handelen. We hebben de Europese normen waar we aan moeten voldoen. Daar voldoen we bijna aan, maar nog niet overal. Vandaar de extra inspanning die ik al eerder aankondigde. Ondertussen zullen we in dat nieuwe luchtplan, ook op basis van de NEC-richtlijn en op basis van wat de Gezondheidsraad gaat zeggen over luchtkwaliteit en het effect daarvan op burgers, vervolgstappen kunnen zetten. De vraag is wat er nog mogelijk is om steeds verder op te schuiven in de richting van die streefwaarden.

Schoon busvervoer speelt een belangrijke rol in het verbeteren van stedelijke luchtkwaliteit. Mevrouw Van Veldhoven vroeg net waar we staan. In het bestuursakkoord hebben we in april jongstleden vastgelegd dat de ambitie is dat we vanaf 2025 alle nieuwe bussen emissievrij hebben. Daar is om gevraagd in een motie van haar hand. We zien dat dat op zichzelf heel goed gaat. Er zijn batterijbussen die 's nachts opladen op Schiermonnikoog en Schiphol. Het is leuk om die even in één adem te noemen. In Noord-Brabant zijn nu 40 elektrische batterijbussen en Limburg 30. Amsterdam en Utrecht timmeren aan de weg. Amsterdam gaat een heel deel van zijn vloot emissievrij maken. Utrecht vervangt tien dieselbussen door tien elektrische bussen. Ik heb in elk geval geen berichten gehad dat het moeilijk zit. We zaten met veel mensen aan tafel. Ook de bussenbouwers hebben meegedaan met het akkoord. We hebben het dus breed ingezet.

Dan kom ik bij het blok spoor en openbaar vervoer.

De voorzitter:


Dat weet ik zo net nog niet. Mevrouw Mulder heeft een vraag.

Mevrouw Agnes Mulder (CDA):


Ik heb nog een vraag gesteld over duurzaam inkopen. Ik dacht dat die misschien beter past in dit blok dan in een van de andere twee. Maar misschien komt er nog een blokje overig met restvragen?

Staatssecretaris Dijksma:


Nee.

Mevrouw Agnes Mulder (CDA):


Dan wil ik de volgende vraag stellen. Er zijn nog geen monitoring- of benchmarkingafspraken gemaakt met decentrale overheden en dat is wel belangrijk voor bedrijven die duurzaam bezig willen zijn. Ik wil daar graag een reactie van de staatssecretaris op. Dat mag in tweede termijn. Misschien komt het zelfs wel in de brief voor het AO over duurzaamheid dat wij nog gaan houden. Tegen die tijd zou ik wel graag willen weten waar we aan toe zijn.

Staatssecretaris Dijksma:


Dat lijkt me fair. We leggen de laatste hand aan een overeenkomst met lokale overheden op dit terrein. We hebben een gemeenschappelijke ambitie. Het akkoord komt vermoedelijk voor het AO naar u toe. Ik kijk even of een van mijn ambtenaren nu niet heel moeilijk gaat kijken. Als ik iets zeg wat niet klopt, kom ik daarop terug in tweede termijn. Bij mijn weten, zullen we met dat bestuursakkoord rondom duurzaam inkopen naar u toe komen. Dat zal dan ook onderdeel zijn van de vraag hoe we ervoor zorgen dat iedereen laat zien zich te houden aan de ambitie die wij samen uitspreken. Er wordt nu driftig ja geknikt, dus ik hoef er niet op terug te komen in tweede termijn.

Mevrouw Agnes Mulder (CDA):


Ik ben in ieder geval blij met de toezegging van de staatssecretaris dat we het voor het AO zullen ontvangen, zodat we het daarbij kunnen betrekken. Een ander punt waarvan ik dacht dat het misschien wel tot dit blokje zou horen, was de asbestsanering. Ik was benieuwd of de staatssecretaris daar nu op ingaat of dat ze daar straks op terugkomt.

Staatssecretaris Dijksma:


Nee, maar ik heb daar in de schriftelijke vragen uitgebreid op gereageerd, evenals op bijvoorbeeld vragen over de landbouwsector. We zijn ook hierbij bezig met een gezamenlijke aanpak. U krijgt in december een actieplan. Daarin zullen we laten zien wat de bijdrage die wij nu met elkaar leveren, betekent en hoe die zich verhoudt tot de ambitieuze doelstelling die we in deze Kamer met elkaar hebben afgesproken. Er is een beperkt bedrag aan subsidie beschikbaar, in totaal 70 miljoen. Nu is de eerste tranche van 10 al verhoogd met 5, omdat het heel succesvol bleek. Zelfs als je dat zou verdubbelen of verdriedubbelen, staat dat in geen verhouding tot de opgave. De oplossing moet door slim beleid, door een combinatie van bijvoorbeeld maatregelen rondom energie, verduurzaming van gebouwen en het opknappen van daken, worden gevonden. Dat is precies het onderwerp waar het actieplan over gaat. Ik zit ook met bijvoorbeeld de heer Prevoo uit Limburg en de bestuurders uit Overijssel om tafel om te kijken hoe we dat slim kunnen doen.

Mevrouw Agnes Mulder (CDA):


Dan zullen we dat in december ontvangen van de staatssecretaris. Ik hoop dat we daarna nog met haar erover kunnen debatteren.

Staatssecretaris Dijksma:


Zeker. Daar ga ik van uit. Er is hard gewerkt, kan ik u zeggen, ook door alle lokale betrokkenen. Daar ben ik echt heel blij mee. Dat is goed werk.

Mevrouw Van Veldhoven (D66):


In Engeland zijn vandaag de dag interessante uitspraken van de rechter, een natuurlijk over de brexit, maar ook een over diesel en luchtvervuiling. Over dat laatste heeft de rechter gezegd dat er gerekend is met modellen die niet klopten. De overheid is in het ongelijk gesteld en moet veel meer doen. Mijn vraag aan de staatssecretaris is de volgende. Kan zij een reactie geven op de redenering die in het artikel wordt weergegeven en denkt zij dat die in Nederland niet van toepassing is? Ik zal het artikel uiteraard graag aan haar geven ter beantwoording in tweede termijn. Mijn tweede punt is dat de staatssecretaris zegt dat ze het actieplan wil uitbreiden, maar dan alleen gebaseerd op de EU-normen, terwijl ze eerder ook heeft gezegd dat we verder moeten kijken. De staatssecretaris wil het niet in wetgeving vastleggen, maar we vragen de Gezondheidsraad niet voor niets om streefwaarden. Waar blijven die streefwaarden, waar verankeren we die, als de staatssecretaris dat niet in wetgeving wil doen?

Staatssecretaris Dijksma:


Dat zijn twee heel verschillende thema's. Wat het eerste betreft, weet ik niet of het wijs is om daar nu een reactie op te geven, aangezien er op dit moment op dit punt een rechtszaak loopt. Dus alles wat ik daarover ga lopen speculeren, is niet in het belang van de Nederlandse Staat. Overigens ga ik ervan uit dat het RIVM heel goede state of the art modellen heeft, die wij ook vaak valideren, ook internationaal. Daar wil ik het nu ook echt bij laten. Dat lijkt mij het meest wijs.

Wat betreft het tweede punt, zit het net iets anders. De Gezondheidsraad komt inderdaad met een advies over luchtkwaliteit en welke nieuwe stappen we in de Nederlandse situatie zouden kunnen zetten. Als u vraagt om nu al wat meer te doen in een actieplan, dan zijn er naast Amsterdam en Rotterdam wel een paar punten waar we misschien nog wat zouden kunnen doen.

Het eerste moeten we dus afwachten en in samenhang met de luchtkwaliteitsrichtlijn bekijken wat de toekomstige stap wordt. Ik heb inderdaad streefwaarden aangegeven, want de Europese norm is de wettelijke norm. Dat betekent echter niet dat je niet meer kunt doen. Natuurlijk kan dat, maar dat moet je dan wel wegen. Hoe doe je dat en welke adviezen spelen daarbij een rol? Op welke plek kun je het beste wat doen? Daar zou ik ook graag het advies van de Gezondheidsraad bij betrekken. Zo zie ik dat eigenlijk qua volgorde.

Mevrouw Van Veldhoven (D66):


Op het punt van de rechtszaak heeft de staatssecretaris natuurlijk helemaal gelijk. Dat punt zal ik dan ook laten vallen. Als het onder de rechter is, hoort de politiek even te zwijgen. Dat zullen we zien wanneer we daar verder meer zijn.

Op het punt van de streefwaarden ben ik blij dat de staatssecretaris nu wel nadrukkelijk zegt: we gaan inderdaad ook verder; we leggen het niet in wetgeving vast, maar het is wel degelijk het doel om dat te doen en we nemen die adviezen mee bij het bepalen van die streefwaarden. We komen daar zeker nog nader over te spreken.

Staatssecretaris Dijksma:
De Kamer krijgt een plan op basis van de NEC-richtlijn, op basis van het advies van de Gezondheidsraad en op basis van een aantal van de punten die eventueel nog resteren. Zodra het advies van de Gezondheidsraad er is, kunnen we daarop reageren. Dat kan dus nu nog niet, want daar wacht ik nog op.

De voorzitter:


Wanneer zal dat ongeveer zijn?

Staatssecretaris Dijksma:


Dat advies komt volgend jaar.

De voorzitter:


Dat is nog best een lange tijd.

Staatssecretaris Dijksma:


Ja, en ik weet nu even niet of dat in het voorjaar is of na de zomer. Dat durf ik niet uit mijn hoofd te zeggen.

De voorzitter:


Misschien weet u dat in tweede termijn?

Staatssecretaris Dijksma:


Dat kan ik inderdaad in tweede termijn wel vertellen.

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):


In de schriftelijke beantwoording verwees de staatssecretaris naar een brief van 11 juli 2016 over een green deal en het uitfaseren van tweetaktbrommers. Ik ben heel blij dat die green deal er gaat komen en dat er wordt gesproken met de fabrikanten, importeurs en verkopers. Ik heb echter ook gelezen dat er een Europese verordening komt op basis waarvan de tweetaktbrommers eigenlijk al niet meer op de markt gebracht kunnen worden. Wat gaat die green deal dan nog doen als Europa ons al zo'n enorme zet in de goede richting geeft? Gaan we dan met elkaar ook kijken naar die stip op de horizon om uiteindelijk brommers en scooter all electric te laten rijden? Pakt die green deal ook het punt van de restvoorraden voldoende aan?

Staatssecretaris Dijksma:


Het gaat juist om die samenhang. We gaan toe naar een situatie waarin steeds meer elektrisch gereden wordt, maar we hebben ook het issue van de restvoorraad. Er is volgens mij ook een amendement op dat punt ingediend. Daar ben ik dan geen voorstander van, maar dat komt later. In een green deal willen we natuurlijk die onderwerpen allemaal bij de kop pakken.

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):


Ik hoor graag van de staatssecretaris wanneer zij ons daar verder over kan informeren. Ik heb nog een tweede vraag en die gaat over textielrecycling. Ook hierover heb ik gelezen dat er geen nieuwe green deal komt, maar dat er een internationaal convenant is, maatschappelijk verantwoord ondernemen. Wat gebeurt er dan met de bestaande green deal, die eigenlijk niet werkt? Ik heb gezien dat de situatie tot nu toe heel erg gericht was op het inzamelen van textiel, maar dat er vervolgens eigenlijk geen markt is voor daadwerkelijk hergebruik en daadwerkelijk recyclen. Komen die punten ook in dat internationale convenant aan de orde? Dus is er naast de productie- en inzamelingskant ook aandacht voor het op gang brengen van het recyclingproces na de inzameling?

Staatssecretaris Dijksma:


In de schriftelijke beantwoording heb ik inderdaad aangegeven dat we een traject zijn gestart met textiel. Dat is namelijk een van de thema's binnen de aanpak van de circulaire economie waarmee we verder willen. Ik kan me voorstellen dat het goed is om dit type vragen te beantwoorden als we daarmee een stapje verder zijn, bij een volgende voortgangsbrief over de circulaire economie en de aanpak daarvan. Dat is dus in december, als het grondstoffenakkoord naar de Kamer komt, of in het voorjaar. Ik heb nu geen precies beeld ervan hoever wij nu met de afspraken zijn. We hebben niet exact een green deal voor ogen, zoals in de schriftelijke beantwoording te lezen is, maar wel een vergelijkbaar traject.

De voorzitter:


Mevrouw Dik-Faber, heel kort. Daarna vervolgt de staatssecretaris haar betoog.

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):


Het is prima dat de staatssecretaris daarop nog terugkomt bij de Kamer. Het punt is dat er na de inzameling echt wat moet gebeuren en dat er een financieel plaatje aan vastzit. Iemand zal dat moeten gaan betalen. Ik weet niet of een recyclingbijdrage van fabrikanten en importeurs dé oplossing is, maar ergens moet het vandaan komen. Ik geef de staatssecretaris graag mee dat dit het grootste knelpunt is dat opgelost moet worden.

Staatssecretaris Dijksma:


Dat begrijp ik, maar daarom is het misschien wel lastig op te lossen. Op voorhand daar ergens een rekening neerleggen is ook ingewikkeld. Laten we erop terugkomen. Ik weet dat mevrouw Dik-Faber op tal van momenten, op vele Prinsjesdagen, hiervoor al met verve aandacht heeft gevraagd. We zijn er ook mee aan de slag, maar we hebben het niet morgen geregeld. Dit is hardnekkig materiaal, waar we echt iets mee moeten, maar daarmee ligt niet elke verantwoordelijkheid altijd alleen maar bij ons. Dat is het ingewikkelde hieraan.

Voorzitter, met uw welnemen ga ik naar het blok openbaar vervoer en spoor.

De voorzitter:
Zeker.

Staatssecretaris Dijksma:


Er is natuurlijk al heel veel gebeurd. Een aantal van de leden memoreerde de vernieuwde stations Den Haag, Breda en Arnhem. Dat laatste heb ik zelf mogen openen en Utrecht Centraal volgt snel. Ik zal zo meteen het een en ander zeggen over fietsparkeren. We hebben een groot project, OV SAAL, waarvoor ik ooit als rapporteur voor de Kamer ben opgetreden. Ook is er begonnen met onderdelen van het Programma Hoogfrequent Spoor. In 2017 gaan we dat zien.

Een aantal leden heeft kort en meer in statements dan echt in vragen gesproken over ProRail. Er komt een hele vragenronde aan, uiteraard gevolgd — ik kijk niet naar iemand in het bijzonder — door een wervelend debat. Ik stel dus voor om daar in deze bijdrage niet heel veel tijd aan te besteden. De heer Smaling heeft mij wel uitgelokt om een filosofische beschouwingen te geven en twintig jaar terug in de tijd te gaan om te achterhalen wat het opknippen van NS en ProRail wel of niet teweeg heeft gebracht. Hij vroeg of daardoor ook missers zijn ontstaan. Het lijkt mij wijs om in samenhang op dat hele dossier een reactie naar de Kamer te sturen. Ik wacht uiteraard alle schriftelijke vragen af.

De voorzitter:
Mijnheer Van Helvert, de staatssecretaris was nog maar net begonnen.

De heer Van Helvert (CDA):


Ik heb een vraag over dit specifieke punt. Wat mij betreft kunnen we dit onderwerp voor dit debat inderdaad afsluiten, omdat we daarmee nog niet klaar zijn. Dan hoop ik wel dat het kabinet straks niet de opmerking maakt dat wij daar dan maar iets bij de begroting over hadden moeten zeggen. Die gelegenheid laten we nu namelijk aan ons voorbijgaan.

Staatssecretaris Dijksma:


Daarin hebt u volstrekt gelijk, maar u kent mij. Daarin ben ik fair; ik ben niet van de trucjes.

De heer Van Helvert (CDA):


Dat is absoluut waar. Ik heb inmiddels van mevrouw Van Tongeren begrepen dat je dat anders moet noemen. Daar heb ik dus van geleerd. Mevrouw Van Tongeren zei iets in de trant van: met haar charme pakt de staatssecretaris de Kamer soms charmant aan. Dat zijn inderdaad mooie woorden.

De voorzitter:


Dat kan ook.

Staatssecretaris Dijksma:


Dat is uitlokking. Ik heb de heer Van Helvert toen geantwoord. Aangezien hij een conversatie publiek maakt, kan ik dat van mijn kant natuurlijk ook doen. Ik heb hem toen uitgelegd dat het inzetten van charme een deugd is en dat het gebruiken van een truc ontoelaatbaar is. En dat is een verschil. Mevrouw Van Tongeren is het daar mee eens, zie ik.

De voorzitter:


We kunnen er natuurlijk ook nog het spreekwoord "zoals de waard is, vertrouwt-ie zijn gasten" op loslaten.

Staatssecretaris Dijksma:


Wij komen bij een onderwerp waarmee ik zelf eigenlijk wel een beetje klaar ben, namelijk de taxironselaars op Schiphol. De heer Hoogland en de heer Smaling hebben daar aandacht voor gevraagd. De heer Smaling heeft dat ook al eerder via schriftelijke vragen gedaan. We zien gewoon ronselpraktijken. Die vind ik ontoelaatbaar. Ik vind ook — dat heeft de Kamer al eerder van mij gehoord; we zijn er achter de schermen ook druk mee bezig — dat die problemen echt snel moeten worden opgelost. Het is slecht voor het aanzien van ons land als je als nietsvermoedende toerist op Schiphol aankomt en dan door mensen met gele hesjes, die niet zo officieel blijken te zijn als ze lijken, een taxi in wordt geronseld en vervolgens soms ook nog bedragen moet aftikken waar je helemaal koud van wordt.

De gemeente Haarlemmermeer, Schiphol en mijn departement hebben de handen ineengeslagen. Wij hebben vanuit ons departement aan de burgemeester van Haarlemmermeer juridische expertise aangeboden om met name het openbareordevraagstuk op te lossen. Waarom noem ik het zo? Omdat de problematiek uiteindelijk vooral een openbareordeprobleem is. Volgens de wet is het aanbieden van taxi's op zichzelf natuurlijk vrij, maar het ronselen brengt echt een openbareordeproblematiek met zich mee. De burgemeester, de politie en het Openbaar Ministerie zitten er nu bovenop. We zijn bezig om een aantal van de oplossingen die wij zien, bijvoorbeeld om gezamenlijk met Haarlemmermeer de APV aan te passen, juridisch te toetsen en om te bekijken of die oplossingen goed uitvoerbaar zijn. Daarvan verwacht ik op zeer korte termijn resultaat.

De Wet personenvervoer is op zichzelf niet geëigend en ook niet bedoeld om openbareordeproblemen snel aan te pakken, maar geeft de gemeente Haarlemmermeer wel de ruimte — daar moet ik de heer Hoogland gelijk in geven — om bijvoorbeeld aanvullende kwaliteitseisen te stellen. Hij noemde zelf het voorbeeld van toegelaten taxiorganisaties. Met de Wet personenvervoer kunnen bijvoorbeeld ook te hoge tarieven worden aangepakt. Ik heb hierover gistermiddag nog overleg gehad met de inspecteur-generaal van de ILT. De ILT gaat ook intensiever controleren. Elke keer als we die beelden zien — recentelijk had iemand weer zoiets op een vlog gezet — hebben we eigenlijk allemaal het gevoel dat we vanuit de gezamenlijke overheden de straat moeten terugpakken voor de burgers en hem niet moeten overlaten aan de hufters.

De heer Houwers (Houwers):


Ik denk dat die laatste woorden van de staatssecretaris door iedereen gedeeld zullen worden. Ik zal mijn vraag aan de staatssecretaris kort houden, zoals u graag wilt, voorzitter. Ten eerste: kan dit problemen niet ook door de markt worden opgelost? Ten tweede: kan de staatssecretaris reageren op het feit dat nu ook Uber zich daar meldt, en er in die zin dus een extra partij is?

Staatssecretaris Dijksma:


Dat zijn wel twee verschillende dingen. Op zichzelf is het legitiem om een kwalitatief goede dienst aan te bieden, maar daar gaat het probleem niet over. Het probleem gaat erover dat nietsvermoedende mensen geronseld worden en in situaties gebracht worden, bijvoorbeeld bij het afrekenen, waar ze niet in terecht willen komen. Dat deel, de manier waarop het gaat, is puur een openbareordekwestie. Dat is uiteindelijk alleen maar op te lossen als alle betrokken partijen de handen ineenslaan en elk bekijken wat ze vanuit hun verantwoordelijkheid kunnen doen. We moeten niet hebben dat de burgemeester zich alleen voelt staan en denkt: iedereen kijkt naar mij. Ik kan ook niet suggereren dat met een wetswijziging het probleem is opgelost, nog los van het feit dat dat nog wel even duurt. Ik heb wel steeds gezegd: als dat noodzakelijk zou zijn en ook zou kunnen, dan ben ik daartoe bereid. Maar wij zijn nog niet tot die conclusie gekomen bij het heel precies bekijken van wat hier nu speelt. Ik heb vanuit mijn positie steeds gezegd: laten we ophouden met naar elkaar wijzen, want dat is voor burgers eigenlijk het meest frustrerende. Het maakt hun echt helemaal geen ene moer uit wie het oplost, als het maar opgelost wordt. Dat is ook een beetje de houding waarmee ik daar aan tafel zit. Dat geldt ook voor alle andere betrokkenen. Het is af en toe best ongrijpbaar en het werkt ook nog niet altijd goed — dat hebben we de laatste tijd ook gezien — maar we moeten het wel met elkaar doen.

De heer Smaling (SP):

1   ...   4   5   6   7   8   9   10   11   ...   15


Dovnload 498.37 Kb.