Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Het wetsvoorstel Wijziging van de Mediawet 2008 in verband met het toekomstbestendig maken van de publieke mediadienst (34264)

Dovnload 497.49 Kb.

Het wetsvoorstel Wijziging van de Mediawet 2008 in verband met het toekomstbestendig maken van de publieke mediadienst (34264)



Pagina3/14
Datum28.10.2017
Grootte497.49 Kb.

Dovnload 497.49 Kb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   14
Grashoff (GroenLinks):
Ik wil even een punt van orde maken. Ik meende dat wij hier bezig waren met een wetsbehandeling en niet met een cabaretprogramma van de PVV. Mijn vraag aan de voorzitter is: past dit nog binnen de orde? Want anders ga ik even weg en dan kom ik wel weer terug als deze cabaretvoorstelling voorbij is en we weer met een wetsbehandeling verder kunnen gaan.

De voorzitter:


Ik kan hierop antwoorden. Er is sprake van een wetsbehandeling. Daarbij gaan de leden uiteraard over hun eigen tekst, maar u kunt vragen stellen als u bepaalde onderdelen mist, mijnheer Grashoff.

De heer Grashoff (GroenLinks):


Ik kan daar slechts aan toevoegen dat ik alle onderdelen mis.

De heer Bosma (PVV):


Ik begrijp dat de heer Grashoff even weg wil. Wat mij betreft is dat prima.

De heer Verhoeven (D66):


De heer Bosma heeft hier de afgelopen jaren steeds in dezelfde lijn geredeneerd. Hij heeft het altijd over een staatsomroep. Hij heeft altijd voorbeelden aangehaald waarmee hij probeert duidelijk te maken dat hij vindt dat de omroep de inhoud in het publieke debat probeert te sturen. Hij doet dit nu met een zeer lang stuk tekst over de vluchtelingenproblematiek. Ik zat mij inderdaad ook wel op mijn tanden te bijten, maar het is het recht van de heer Bosma. Ik vraag hem wel het volgende. Wat heeft de heer Bosma gedaan om alles wat hij zegt en vindt, te vertalen naar een verbetering in de wet? Hij moet dan wel proberen om daar iets te doen. Hij kan hier prachtige verhalen houden die allemaal in meer of mindere mate onzin zijn, maar hij moet dan ook iets doen aan deze wet.

De heer Bosma (PVV):


Dat is nu net mijn punt, het principiële punt dat ik maak. Het zou mooi zijn als een partij die zichzelf "democraten" noemt, het met mij eens zou zijn. Ik wil het punt maken dat de wet niet wordt uitgevoerd en het dus heel weinig zin heeft om te praten over een nieuwe wet. De staatssecretaris wil niet eens antwoord geven op de zeer principiële vraag of de wet wordt uitgevoerd, want dan gaat het volgens hem over de inhoud. Ik wapper altijd met de artikelen uit de Mediawet waarin gewoon allerlei zaken worden opgelegd over de wijze waarop de omroep moet functioneren. De omroep doet dat niet.

De heer Verhoeven (D66):


Het wordt wel steeds gekker. Ik heb het idee dat de peilingen de PVV een beetje naar het hoofd beginnen te stijgen. Dat is weleens vaker gebeurd in het verleden. Een paar weken geleden werd gezegd dat we een nepparlement zijn, vandaag zegt de heer Bosma dat het toch geen bal uitmaakt wat we een in wet veranderen omdat die toch niet wordt uitgevoerd. Hij houdt vervolgens wel een heel lang betoog over een onderwerp waarvan hij verder zegt: daar verander ik verder maar niks aan want het doet er toch allemaal niet meer toe. Waarom scherpt de heer Bosma als parlementariër de wet niet aan op de punten die hij zo belangrijk vindt? Waarom heeft hij helemaal niks gedaan om die heel lange woordenstroom om te zetten in één verbetering van de wet?

De heer Bosma (PVV):


Er is mij niets naar het hoofd gestegen. Ongeacht de peilingen is dit het verhaal dat ik afdraai sinds ik in 2006 mediawoordvoerder ben geworden. De heer Verhoeven is van harte welkom. Hij is wat nieuw op dit dossier, maar hij kan misschien eens een belletje plegen met Boris van der Ham als hij een achterstand heeft op het gebied van de informatie. Dit is het verhaal dat ik altijd vertel. De wet wordt niet uitgevoerd en daar moet iets uit volgen. Als de wet niet wordt uitgevoerd, moeten we gewoon praten over de financiering. Het is heel simpel. Als een speeltuinvereniging niet doet wat ermee is afgesproken, moeten we hakken in de financiering.

De voorzitter:


Gaat u verder met uw betoog.

De heer Bosma (PVV):


Het is wel fijn dat de heer Grashoff blijft zitten, voorzitter. Dat waardeer ik dan wel weer.

De voorzitter:


Hoelang nog, mijnheer Bosma?

De heer Bosma (PVV):


Ik heb nog tien minuten. Ik zie dat de tijd doorloopt. Dat zou niet zo moeten zijn.

De voorzitter:


De tijd is net weer gaan lopen. Hij heeft stilgestaan.

De heer Bosma (PVV):


Ik geloof u op uw woord, voorzitter.

De Raad van State stelt dat de omroepverenigingen verschillende stromingen in de samenleving vertegenwoordigen en dat enige mate van diversiteit hierdoor verzekerd is. Dat is dus een dode letter. Afshin Ellian heeft gelijk: in Hilversum geloven ze in pluriformiteit, de pluriformiteit van dezelfde kerk: de linkse kerk.

Er is nog een overeenkomst. De NPO-idealisten wonen allemaal in blanke dorpen, in blanke buurten en brengen hun kinderen naar blanke scholen. Ze zijn allemaal voor de multiculturele samenleving, maar wel met behoud van de eigen blanke straat. Ik voorspel dat we de komende maanden en jaren nog heel veel programma's krijgen vol met leuke, knuffelbare, zielige vluchtelingen die het heel goed doen op school en die heel goed kunnen zingen. We zullen ermee worden doodgegooid, want we moeten worden opgevoed.

De NPO is behept met een vreemde raciale obsessie. Er wordt nu gezocht naar een netmanager. We lezen daarover dat een kandidaat met een niet-westerse achtergrond de voorkeur geniet. Waarom niet gewoon de beste voor die functie? Waarom afscheid nemen van het principe van een meritocratie? We lezen dat er een Turkse popzender komt. Kan de staatssecretaris vertellen wat daar de dieperliggende gedachte achter is? Ik dacht dat dit kabinet voor integratie was. Dit is tenslotte Nederland en niet Turkije. De PvdA roept altijd: niet je afkomst telt, maar je toekomst. Maar als het aankomt op het uitdelen van subsidiegeld aan radiokanalen telt ineens toch weer je afkomst. Dan ben je ineens weer geen Nederlander, maar weer gewoon een Turk. Ik vind dat vreemd. Mijn voorstel is: Turkse zenders, prima; in Turkije. Waarom moet de Nederlandse belastingbetaler meebetalen aan iets wat Turken in Nederland aanspreekt op het feit dat zij Turken zijn? We zien het vaker bij de NPO, zoals stages alleen voor allochtonen en het opzettelijk in beeld brengen van mensen die een bepaalde huidskleur hebben, om daarmee aan allerlei afspraken te voldoen.

De Raad van State zegt ook: de publieke omroep is cultuurdrager van Nederland. Mijn indruk is een heel andere: de NPO is een cultuurvernietiger. De NPO sloopt systematisch Zwarte Piet, onze kindervriend die nooit een vlieg kwaad heeft gedaan. De haatcampagne begon bij de VARA, is voortgezet door de EO en straks gaat de NTR praten met de minister van Sociale Zaken over het vermoorden van onze Zwarte Piet. Waarom doet de NTR dit? Het lijkt mij in flagrante strijd met artikel 7 van de Grondwet, oftewel geen voorafgaand verlof hebben voor het uiten van een mening. Waarom gaat de omroep, de NPO, in hemelsnaam praten op het ministerie over de inhoud van televisieprogramma's? In de DDR deden ze dat en dat begrijp ik, maar waarom praat de NPO met een minister over de inhoud van televisieprogramma's? Waarom wil de NPO niet islamitische feestdagen aanpassen maar wel onze feestdagen? Het is illustratief voor de NPO die alle voeling met ons volk is kwijtgeraakt en helemaal aan de leiband loopt van gekke actievoerders. Daarom hulde aan RTL, want daar blijft
Zwarte Piet zwart. De Luxemburgers laten zich niet terroriseren. Hulde aan de commerciëlen, zij vervullen de publieke taken waar de hooghartige staatsomroep de neus voor ophaalt.

Ik heb nog zeven minuten en veertig seconden, maar ik zal tijd overhouden. Concluderend, de wet wordt niet nageleefd. De Mediawet is een dode letter. Dat is erger. Wat nog erger is, is dat wij een staatssecretaris hebben die daar niets over wil zeggen. Praten over een nieuwe Mediawet heeft dus bijzonder weinig zin. De publieke omroep is ervoor om ons te voeden. We denken verkeerd, we stemmen verkeerd en we vieren racistische feesten. Dus moeten we op betere gedachten worden gebracht. We moeten net zo leren denken als in Hilversum, want daar wonen betere mensen. Wij moeten ook met knuffelbeertjes klaarstaan bij azc's en de ogen sluiten.

Nog nooit is de kloof zo groot geweest. Nog nooit waren de verschillen zo groot tussen de normen en waarden van het Mediapark en de normen en waarden van het overgrote gedeelte van ons volk. De omroep is verworden tot een instrument in de omvolking van Nederland. Het doel van de omroep is om ons aan te praten dat elk verzet zinloos is. Het is psychologische oorlogsvoering. Die kloof is reëel. Hij bestaat en hij valt niet te dichten. Aan de ene kant zien we de gaskamerretoriek, de gestrekte rechterarm, het actievoeren op Kos, de handtekening onder "Voelt u zich geroepen?" en aan de andere kant zien we het overgrote gedeelte van ons volk dat massaal zegt dat de grenzen dicht moeten en dat we moeten stoppen met die waanzin. Nogmaals, de kloof is reëel. Laten we die erkennen; hij valt niet te dichten. Laten we uit elkaar gaan als goede vrienden. We denken met plezier terug aan Fred Oster en Swiebertje. Decennialang is geweldige radio en televisie gemaakt door professionals van wereldklasse. Jullie hebben ons laten lachen en laten huilen. Bedankt voor al die mooie momenten. Ik zeg dat in alle oprechtheid. Maar er zijn nu echt andere tijden. De technologie heeft jullie achterhaald en jullie ideeën zijn net zo achterhaald. Als jullie ons toch tokkies en mindere mensen vinden, willen jullie vast ons geld ook niet meer hebben.

De heer Rutte (VVD):


Voorzitter. Ik begin mijn woordvoering met een korte luisterwijzer. Ik start straks met een inleiding die ons zal meevoeren naar mijn jonge jaren. Daarna ga ik in op de doelstellingen van de Mediawet, zal ik inzoomen op de mogelijkheden die gecreëerd worden voor producenten van buiten om rechtstreeks toegang te krijgen tot het publieke bestel en besteed ik aandacht aan nieuwe rollen en aan verantwoordelijkheden tussen de NPO en de omroepverenigingen. Dat brengt mij bij de rol van de publieke omroep in het snel veranderende medialandschap, in het bijzonder de digitale wereld. Van daaruit is het een kleine stap richting het prachtige medium radio. Als politicus uit de mooie provincie Groningen ben ik van mening dat de regionale omroep niet mag ontbreken. Ik zal mijn betoog beëindigen met een krachtig appel voor meer transparantie bij de publieke omroep.

Het begin van mijn mediacarrière was behoorlijk internationaal. Ik groeide op in het mooie Haaksbergen, ongeveer vier kilometer van de Duitse grens. Dankzij die kleine afstand hadden wij thuis niet de beschikking over slechts twee tv-zenders, maar over maar liefst vijf en, als de wind heel erg gunstig stond, soms zelfs een heel kleine kans op maar liefst zes zenders. Dat opende allerhande nieuwe mogelijkheden. Als klein Twents jongetje van ongeveer drie jaar oud keek ik op een bakbeest van een zwart-wittelevisie naar Die Sendung mit der Maus. Regelmatig werd dat gevolgd door Sesamstrasse. Ik vond dat prachtig en ik had niet in de gaten dat ik ongemerkt ook nog eens Duits leerde. Lang leve de grensstreek!

Het was de tijd waarin het medialandschap overzichtelijk was. Nederland kende twee tv-zenders. Daarnaast waren er vier publieke radiozenders en in iedere regio een regionale radiozender.

Het internationale karakter nam toe toen begin jaren tachtig de mogelijkheid van de kabel-tv kwam. De zwart-wit-tv was inmiddels ingeruild voor een bakbeest van een kleuren-tv. En naast een derde publiek tv-net was daar ook ineens Sky Channel te zien, commercieel en in het Engels. Ontzettend spannend allemaal, zeker toen daar Linda de Mol verscheen met een enorm getoupeerd kapsel en een pratende kat, waarmee ze de Dj Kat Show presenteerde. Zie ik een blik van herkenning bij de staatssecretaris? Het was onvermijdelijk dat de komst van de kabel in ieder huishouden het eind zou inluiden van het verbod op commerciële televisie in Nederland. Waarom zouden we immers wel via de kabel mogen kijken naar buitenlandse commerciële zenders en zou dat voor Nederlandse commerciële zenders verboden moeten blijven? Joop van den Ende wilde zijn kans grijpen en zette alles op alles om eind 1989 met een echt Nederlandse zender vanuit Nederland uit te gaan zenden. Succes leek verzekerd, totdat er uit de geledingen van sommige politieke partijen verzet kwam. De publieke omroep zou beschermd moeten worden tegen het commerciële geweld. Dat verzet slaagde. Het Commissariaat voor de Media kon niet anders dan het TV 10 van Joop van den Ende de toegang tot de kabel ontzeggen. De politieke actie om de publieke omroep te beschermen tegen de komst van een commerciële zender bleek echter een pyrrusoverwinning. RTL Veronique, destijds tegelijk opgezet met TV 10 maar officieel geen Nederlands maar een Luxemburgs station, begon in 1989 wel met uitzenden. Niets of niemand in de Nederlandse politiek kon daar nog iets tegen beginnen. Een jaar later bracht Joop van den Ende al zijn sterren naar RTL Veronique, werd het station omgedoopt tot "RTL 4" en was de commerciële televisie minstens even populair en relevant als de publieke omroep.

Inmiddels lijkt dit alles lang geleden. Commerciële tv en radio zijn tegenwoordig wel toegestaan en maken een essentieel onderdeel uit van het media-aanbod in Nederland. Dit heeft geleid tot een enorme diversiteit en een aanbod dat beschikbaar is voor iedereen. Bovendien is de mediasector een enorme innovator. Nederlandse producenten maken programma's en concepten die de hele wereld overgaan, van Lingo tot Big Brother tot The Voice.

Waarom is het belangrijk om bij deze lessen uit het verleden stil te staan? Omdat deze lessen ons leren dat een pluriform, relevant en innovatief medialandschap baat heeft bij een overheid die niet tegenhoudt maar juist meebeweegt. Als de wereld van de media verandert, is het essentieel dat de overheid en de wetgeving meeveranderen. Wat de VVD betreft moeten we met die realistische en optimistische blik kijken naar de voorliggende wijzigingen van de Mediawet en de rol van de Nederlandse publieke omroep. De VVD is positief over de voorgestelde wijziging. Met de wijziging zetten we met betrekking tot de modernisering van de publieke omroep een grote stap.

Dit leidt al tot vragen!

De heer Verhoeven (D66):


Ik zat even te wachten, want de historische schets van de heer Rutte was het aanhoren best waard. Maar vandaag gaat het natuurlijk om deze wet. De staatssecretaris heeft een jaar geleden de strategie gekozen om naar een schip te gaan en daar met heel grote woorden te zeggen: ik ga de publieke omroep helemaal veranderen en het bestel volledig openbreken. De heer Rutte lijkt er nu voor te kiezen om een lange historische schets te gebruiken, om zo toch iets te verdoezelen. Ik vraag het hem gewoon: is het niet zo dat de VVD in het afgelopen jaar ongeveer alles in deze wet heeft moeten weggeven aan de Partij van de Arbeid, en dat de VVD dus eigenlijk niets meer terugziet van haar eigen oorspronkelijke plannen voor de publieke omroep? Hoe duidt de heer Rutte deze nederlaag van de VVD?

De heer Rutte (VVD):


Er is geen sprake van een nederlaag. Ik herken mij totaal niet in dit verhaal van de heer Verhoeven.

De heer Verhoeven (D66):


Kan de heer Rutte dan iets meer woorden wijden aan het verschil tussen wat een jaar geleden de voorstellen van de staatssecretaris en de VVD-fractie waren en wat er nu ligt? Kan de heer Rutte een aantal punten noemen die volledig zijn afgezwakt? Zou hij daar wel op in willen gaan?

De heer Rutte (VVD):


Ik wil overal op ingaan, maar ik ben echt nog aan het begin van mijn betoog. Ik heb net mijn inleiding gehad en wilde nu in de inhoud duiken. Daar mag de heer Verhoeven op wachten. Dan vertel ik het straks. Ik wil echter nu al wel een paar zaken ophelderen. Het is voor de VVD belangrijk dat de publieke omroep zich beperkt tot de kerndoelen. Die staan helder in de wet. Ieder programma moet daaraan voldoen. Ook dat wordt bij dezen geregeld. Dat vinden wij heel belangrijk. Daarnaast wordt het stelsel opengebroken, zodat mensen van buiten, die dingen doen die nu misschien niet te zien zijn bij de publieke omroep, een plek krijgen. Dat is ontzettend belangrijk. Dat heeft de staatssecretaris beloofd en dat wordt met deze wetgeving geregeld.

De voorzitter:


U vervolgt uw betoog.

De heer Rutte (VVD):


Dat ga ik doen. De publieke omroep krijgt stevige doelstellingen om de publieke rol in het dynamische medialandschap maximaal en op onderscheidende wijze in te kunnen vullen. Ieder programma, of het nu online, op de radio of op de tv is, moet bijdragen aan de kerndoelen van de Mediawet, informatie, educatie en cultuur. Dat is een langgekoesterde wens van de VVD. Deze koers werd ruim een jaar geleden ook nadrukkelijk geadviseerd door de Raad voor Cultuur. Nu wordt die koers ook daadwerkelijk wet. Hiermee zorgen we ervoor dat de Nederlandse publieke omroep relevant blijft en dat zijn bestaansrecht gewaarborgd blijft.

Wat de VVD betreft moet klip-en-klaar zijn dat ieder programma dat straks door de NPO uitgezonden wordt, bijdraagt aan de publieke doelstellingen informatie, educatie en cultuur. De staatssecretaris is er in zijn beantwoording van de schriftelijke vragen ook duidelijk over. De NPO laat het in zijn concessiebeleidsplan echter nog een beetje in het midden. Het Commissariaat voor de Media heeft er bij zijn advisering over het concessiebeleidsplan nog stevig commentaar op geleverd. Het commissariaat bepleit de komst van een helder toetsingskader waarmee voor ieder programma getoetst wordt of het bijdraagt aan de publieke kerndoelen. De VVD is het daarmee eens. Op welke wijze gaat de staatssecretaris zich verzekeren van de komst van een toetsingskader? Is hij bereid om het toetsingskader te laten beoordelen door het onafhankelijke Commissariaat voor de Media? Is hij bereid zijn goedkeuring van het concessiebeleidsplan afhankelijk te maken van de komst van een toetsingskader dat de toets van het Commissariaat van de Media kan doorstaan? Is hij het met de VVD eens dat de uitkomst van de toetsing van de programma's transparant, inzichtelijk en raadpleegbaar moet zijn voor iedereen? Ik krijg hierop graag een reactie.

Het wetsvoorstel zorgt ervoor dat het publieke medialandschap toegankelijker wordt voor partijen van buiten die mooie programma's maken die voldoen aan de publieke kerndoelen. Beter gezegd: het publieke medialandschap wordt toegankelijker voor partijen die aanbod creëren waarin nu misschien nog niet voorzien wordt. Dit zorgt voor meer concurrentie op inhoud en genereert innovatie. Het deel van de programmering dat van buiten komt, kan oplopen tot maar liefst 50% van het programmabudget. De publieke omroep wordt daarmee, nog meer dan nu het geval is, een omroep van en voor alle Nederlanders. Er zijn 3,5 miljoen leden, maar er zijn 17 miljoen Nederlanders. De VVD is blij met die ontwikkeling. Misschien is de heer Klein dat niet, want ik zie dat hij er een vraag over wil stellen.

De heer Klein (Klein):


De heer Rutte roemt het idee van de buitenproducenten. Deze onafhankelijke producenten kunnen er volgens hem zomaar in komen. Ik heb de wet goed gelezen en volgens mij is dit toch een beetje een dooie mus. Je mag het aanbieden. Vervolgens kan de omroepvereniging zeggen dat zij het niet doet. De enige mogelijkheid is dan nog dat de NPO de NTR verplicht om een en ander erin te zetten. Als de NTR dat niet wil doen, kan dat ook, want de NTR heeft ook eigen besluitvorming, met een eigen redactie en een eigen onafhankelijkheid.

De voorzitter:


Wat is uw vraag?

De heer Klein (Klein):


Is het dus niet een volledig dooie mus? Je denkt dat iets van buiten naar binnen mag komen, terwijl dat in feite niet het geval is.

De heer Rutte (VVD):


Ik deel de somberheid van de heer Klein totaal niet. We creëren met maar liefst de helft van het budget van de publieke omroep de mogelijkheid voor mensen van buiten om voet aan de grond te krijgen bij de publieke omroep. Dat kunnen grote producenten zijn, die nu ook al vaak de weg weten te vinden naar de publieke omroep, maar het kunnen ook kleinere innovatieve partijen zijn, die nu geen platform kunnen vinden voor hun uitzending. Daardoor wordt de publieke omroep pluriformer en wordt hij misschien zelfs wel veel beter. Ik ben er helemaal niet somber over. Ik ga zo nog wat dingen zeggen over de ondersteunende rol die omroepen hierin hebben, maar ik hoef het toch niet meteen een dooie mus te vinden? Waarom is de heer Klein zo somber?

De heer Klein (Klein):


Het gaat om twee dingen. Het gaat om de wetsbepalingen in de Mediawet. Hierin gaat het expliciet over de toetreding van de buitenproducenten, de externen. Het gaat ook over de vraag hoe je ervoor kunt zorgen dat buitenproducenten actief mee kunnen doen in de programma's van de publieke omroep, van de omroepvereniging. Dat gebeurt nu toch al? Het is 30,6%, terwijl de Europese minimumeis 10% is en terwijl de Nederlandse minimumeis 16,5% is. Er zijn dus mogelijkheden voor groot en klein om binnen de publieke omroep, binnen de omroepverenigingen, binnen de taakorganisaties, hun aanbod te leveren. De bepalingen die er nu zijn, zijn dus alleen maar een dooie mus.

De heer Rutte (VVD):


Ik begrijp de heer Klein niet zo heel goed. Ik ben enthousiast over de veranderingen. Vervolgens zegt de heer Klein dat het nu ook allemaal al kan, hoewel er wel degelijk veranderingen in de wet zijn. Daar ben ik enthousiast over, maar de heer Klein volgens mij niet. Ik snap niet waarom hij tegen mij zo somber zit te doen. Ik ben er wel degelijk enthousiast over dat dit kan. Ik hoop dat de heer Klein dat straks ook is; dat zou mooi zijn.

De voorzitter:


Ik wijs de leden er nogmaals op dat interrupties bedoeld zijn om vragen te stellen en in tweede instantie een korte bondige vervolgvraag te stellen. De heer Rutte vervolgt zijn betoog.

De heer Rutte (VVD):


Of die buitenproducenten echt voet aan de grond kunnen krijgen in het publieke landschap is wel afhankelijk van de wijze waarop de NPO zijn nieuwe wettelijke rol in de praktijk handen en voeten gaat geven. Gaat de NPO echt op zoek naar wat nu nog niet of nauwelijks te zien en te horen is bij de publieke omroep? Gaat de NPO echt producenten actief uitnodigen om programma's te maken waarmee die lacunes worden ingevuld? In het conceptconcessiebeleidsplan is het allemaal erg zuinigjes. Is de staatssecretaris het met de VVD eens dat de NPO op dit punt veel meer ambitie moet tonen? Het gaat hier immers om een essentieel punt van de nieuwe Mediawet en een essentiële nieuwe verantwoordelijkheid van de NPO. Is de staatssecretaris bereid, hiermee rekening te houden bij zijn beoordeling van het concessiebeleidsplan?

De heer Pieter Heerma (CDA):


De heer Rutte raakt hier een interessant punt. Hij stelt een vraag waar de staatssecretaris in zijn schriftelijke beantwoording veel scherper over is. In de schriftelijke beantwoording van de Kamervragen heeft hij namelijk geschreven dat wat in het concessiebeleidsplan staat, strijdig is met de wet. Vorige week hebben wij van de omroepen en de NPO een uitleg gekregen van hetgeen zij voorstaan met het concessiebeleidsplan. Daaruit blijkt wel degelijk dat zij goed geluisterd hebben naar het advies van de Raad voor Cultuur en dat er meer toegang moet komen voor buitenproducenten. Vindt de VVD-fractie de lezing die in deze brief staat, strijdig met de wet die nu voorligt?

De heer Rutte (VVD):


De VVD-fractie vindt het belangrijk dat de NPO in zijn rol actief op zoek gaat naar mensen van buiten het bestel voor programma's die nu nog niet of in onvoldoende mate te zien zijn bij de publieke omroep. Als de NPO daarin nu extra stappen zet ten opzichte van wat hij zelf heeft opgeschreven in het concessiebeleidsplan, is dat goed.

De heer Pieter Heerma (CDA):


Het is heel aardig dat de VVD-woordvoerder zijn betoog van zojuist herhaalt, maar dat is geen antwoord op mijn vraag. In de schriftelijke beantwoording geeft de staatssecretaris aan dat het concessiebeleidsplan op dit punt strijdig is met de wet. De omroepen en de NPO hebben een brief gestuurd waarin zij uitleggen hoe zij producenten van buiten toegang gaan geven tot het bestel, in lijn met het rapport van de Raad voor Cultuur. Die brief hebben wij allemaal ontvangen. Vindt de VVD-fractie hetgeen in die brief staat op dit punt strijdig met de wet die wij vanavond bespreken? Dat lijkt mij ook voor andere fracties, zoals alle fracties die vorig jaar de motie-Van Dijk hebben gesteund, wel relevant voor hun afwegingen over dit wetsvoorstel. Is deze lezing strijdig met de wet of niet?

De heer

1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   14

  • Grashoff
  • Rutte
  • Pieter Heerma

  • Dovnload 497.49 Kb.