Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Het wetsvoorstel Wijziging van de Mediawet 2008 in verband met het toekomstbestendig maken van de publieke mediadienst (34264)

Dovnload 497.49 Kb.

Het wetsvoorstel Wijziging van de Mediawet 2008 in verband met het toekomstbestendig maken van de publieke mediadienst (34264)



Pagina4/14
Datum28.10.2017
Grootte497.49 Kb.

Dovnload 497.49 Kb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   14
Rutte (VVD):
Ik ga niet over de woorden van de staatssecretaris. Daar moet hij straks zelf een duiding van geven.

De heer Pieter Heerma (CDA):


Sorry, voorzitter, maar ik stel geen vraag aan de staatssecretaris, maar aan de VVD-fractie.

De voorzitter:


De VVD-woordvoerder gaat over zijn eigen woorden.

De heer Rutte (VVD):


De heer Heerma kan nu wel heel gepikeerd doen, maar ik probeer in alle rust antwoord te geven op zijn vraag. De woorden "in strijd met de wet" zijn van de staatssecretaris; die heb ik niet gebruikt. Ik wil dat de NPO ambitie toont op dit punt. Ik vind het een belangrijk onderdeel van de wet. Als de NPO nu meer ambitie toont dan in het aanvankelijke concessiebeleidsplan, is dat een stap in de goede richting. Ik ben wel heel benieuwd hoe de staatssecretaris de NPO tot maximale ambitie kan aanzetten.

De heer Jasper van Dijk (SP):


Op 24 november 2014 is de motie-Van Dijk aangenomen, waarin wordt gesteld dat de omroepen altijd als coproducent moeten fungeren bij het in dienst nemen van externe producenten. Daar spreekt de heer Rutte nu over. Deelt hij de mening dat deze motie is aangenomen en dat die dan ook het uitgangspunt moet zijn?

De voorzitter:


De motie is aangenomen. Ik neem aan dat het om het tweede deel van de vraag gaat.

De heer Rutte (VVD):


Ja, die motie is aangenomen. Het uitgangspunt dat de omroepen als coproducent moeten fungeren, zien we ook terug. Ik heb straks nog wel wat aanvullende vragen over de precieze interpretatie, maar aangenomen moties moeten worden uitgevoerd.

De heer Jasper van Dijk (SP):


Dat is hartstikke mooi. Dan zijn wij het er dus over eens dat de omroepen als coproducent dienen te fungeren bij dit voorstel om externe organisaties toe te laten treden tot het bestel.

De heer Rutte (VVD):


De heer Van Dijk doet nu net alsof er iets nieuws aan de hand is, maar volgens mij komt het overeen met wat we hier met elkaar aan het behandelen zijn. Het is wel van belang om even te kijken hoe verstrekkend dat coproduceren nu precies is. Daarover wil ik zo wat vragen stellen. Volgens mij is de heer Segers geïnteresseerd in iets anders, want hij staat bij de interruptiemicrofoon.

De heer Segers (ChristenUnie):


Zeker, ik ben hier zeer geïnteresseerd in. Er is in Hilversum consensus bereikt over de vraag hoe men in die nieuwe verhoudingen met elkaar omgaat. Er komen inderdaad mensen van buiten en er is een verhouding tussen de NPO en de omroepen. Er ligt een Kameruitspraak en er ligt een Concessiebeleidsplan NPO. Er lijkt een vorm van consensus te zijn. Vindt de VVD-fractie de consensus die is gevonden, prima? Is dat inderdaad het uitgangspunt?

De heer Rutte (VVD):


Het is een goede start. Laat ik het daarbij houden. Het is een goede start dat partijen het enigszins eens zijn geworden over de vraag hoe ze het willen gaan doen. Als we deze wet aannemen en zeggen dat de helft van het budget in principe beschikbaar kan zijn voor partijen van buiten, krijgt de NPO de taak om ook echt te bekijken wat er op dit moment niet te zien en te horen is bij de publieke omroep. Ik vind wel dat we ook die taak serieus moeten nemen. Er mag op dat vlak dus best ambitie worden betracht. Maar dat partijen het eens worden over de werkwijze, is alleen maar goed. Ik heb liever dat dan dat ze rollebollend over straat gaan.

De heer Segers (ChristenUnie):


We hebben net een aantal woorden van collega Verhoeven over de omroepen gehoord. Hij zei dat het alleen maar verzuilde restanten zijn, dat zij iets uit het verleden zijn. Kan de heer Rutte ook de waarde van de omroepen zien? Kan hij ze zien als dragers van pluriformiteit, van een veelkleurigheid waar ook creativiteit in zit, waarbij ook sprake is van een toegevoegde waarde? Is dat ook voor hem een uitgangspunt bij het verder nadenken over het samenspel tussen de NPO, buitenproducenten en de verschillende omroepen?

De heer Rutte (VVD):


Ik kan zo teruggrijpen op de tekst die ik net heb uitgesproken. We maken het nu in principe mogelijk dat 50% van het budget beschikbaar komt voor partijen van buiten. Dat hoeft niet. Het is ook beschikbaar voor de omroepen om in een situatie van concurrentie te bekijken hoe dat het allerbeste kan worden ingevuld voor de publieke taak. Ik vind dat goed. Daarom is de publieke omroep meer van alle Nederlanders geworden. Ik heb gezegd: er zijn 3,5 miljoen leden, dus dat heeft waarde. Maar er zijn ook 17 miljoen Nederlanders. Ik denk dat we daarin met deze wetswijziging een goede balans vinden.

Ik vervolg mijn betoog. Zodra een programma of een programma-idee van een buitenproducent bij de NPO wordt gemeld, moet de NPO dit programma proberen onder te brengen bij een omroep, zo regelt de wet. Als geen enkele omroep interesse heeft, wordt het programma ondergebracht bij de NTR. Maar wat gebeurt er vervolgens? In de memorie van toelichting staat dat de omroep die een voorstel verzorgt met een onafhankelijke producent, altijd coproducent is. Dat heeft de heer Van Dijk ook gezegd. Maar wat wordt daar precies mee bedoeld? Gaat het dan slechts om een technische omschrijving van de wijze van samenwerking of betekent coproductie dat de omroepen ook zeggenschap krijgen over het intellectuele eigendom van de ideeën achter het programma? Krijgen de omroepen ook invloed op de te maken inhoudelijke en creatieve keuzes? Immers, als coproductie zich zover uitstrekt, valt te betwijfelen of veel onafhankelijke producenten geïnteresseerd zullen zijn in de publieke omroep als platform. Het zou kunnen zijn dat je daarmee je intellectuele eigendom en je creatieve autonomie kwijtraakt. Dat lijkt me niet de bedoeling. Of wordt de soep niet zo heet gegeten? Ik hoor daarop graag een reactie van de staatssecretaris.

Mede vanwege de mogelijkheid voor toegang van onafhankelijke producenten tot het bestel regelt de Mediawet nieuwe verhoudingen tussen de omroepen en de NPO. De omroepen en de onafhankelijke producenten produceren — dat gebeurt in coproductie met die omroepen — en de NPO programmeert. De uitzendgaranties vervallen. De NPO zorgt voor een samenhangende programmering en plaatst de aangeboden programma's op het kanaal, het tijdstip en — steeds belangrijker — het medium waarop dat programma het beste past.

In navolging van de Raad voor Cultuur is de VVD een groot voorstander van de introductie van hoofdredacteuren. De Raad voor Cultuur en de NPO noemen ze nog genrecoördinatoren die over alle platforms en netten heen op een logische en samenhangende wijze een bepaald genre maximaal tot zijn recht laten komen door een slimme en samenhangende programmering. Het is wel een beetje teleurstellend dat de NPO in het Concessiebeleidsplan niet verder komt dan een pilot met één genrecoördinator. Daar spreekt wel erg weinig ambitie uit. Is de staatssecretaris het met de VVD eens dat de NPO op dat punt wat meer ambitie moet betrachten? Weegt hij de mate van ambitie die de NPO op dit punt betracht, ook mee bij zijn beoordeling van het Concessiebeleidsplan? En ten slotte op dit punt: hoe verhoudt zich dit tot het in stand houden van de netcoördinatoren? Daar hoorde ik de heer Verhoeven ook al over. Is dat een fenomeen uit het vorige decennium of past het hier nog helemaal? Ik hoor graag een reactie van de staatssecretaris.

Zoals ik al eerder in mijn betoog aangaf, is het van groot belang dat ontwikkelingen in het internationale medialandschap door de publieke omroep omarmd worden en niet worden bestreden of tegengehouden. De ontwikkelingen zijn enorm. Nog steeds kijken veel mensen lineaire televisie en wordt er veel naar de radio geluisterd. Maar bij de generatie onder de 18 jaar is een revolutie gaande. De heer Bosma refereerde er net ook al aan. Daar is namelijk niet de televisie, maar de smartphone het meest gebruikte mediadevice. Voor zover er televisie wordt gekeken, is dat niet lineair, maar worden programma's gekeken wanneer men dat zelf wil. Steeds vaker worden tv of tv-programma's compleet genegeerd. Jongeren kijken massaal naar vloggers op YouTube. Daar komt dus helemaal geen producent meer aan te pas, laat staan een omroep. Content wordt massaal gedeeld en becommentarieerd via social media.

Wie legaal naar series en films wil kijken op ieder gewenst moment, heeft sinds de komst van Netflix in Nederland voor een klein bedrag per maand de wereld aan zijn of haar voeten liggen. En inmiddels zijn er ook andere aanbieders. Het precieze aantal abonnees in Nederland geeft Netflix niet prijs. Een jaar geleden bleek echter al uit extern onderzoek dat al een miljoen Nederlanders toegang hadden tot Netflix, na één jaar aanwezigheid in Nederland. Alles wijst erop dat die ontwikkeling alleen maar verder doorzet. Wie muziek wil luisteren, kan een oneindig aanbod in oneindig variërende afspeellijsten tot zich nemen via aanbieders als Spotify. Iedereen heeft daar de mogelijkheid om consument en producent tegelijk te zijn. Anytime, anywhere. En beperkt die revolutie zich dan tot kinderen onder de 18? Zeker niet. In de groep tussen 18 en 34 jaar nam het aandeel televisiekijken in 2012 af met 4%. Een jaar later, tussen 2013 en 2014, nam dat vervolgens nog een keer af met 10,4%. Dat zijn allemaal nog oude getallen. Alles wijst erop dat het alleen maar sneller gaat. Juist in deze groep zeggen steeds meer mensen hun televisieabonnement gewoonweg op. Dat zou vijf jaar geleden nog ondenkbaar zijn geweest.

Gezien de mediarevolutie die gaande is, is het goed dat de NPO in staat wordt gesteld hierop in te spelen. Dat moet niet door een eigen Netflix op te richten, maar door krachten te bundelen. Wat de VVD betreft gaat de NPO er nu voor zorgen dat de publieke omroep is waar de kijkers en de luisteraars zijn. Dat vraagt om intensieve, slimme en flexibele samenwerkingsverbanden met de nieuwe mediaspelers in de huidige wereld, bijvoorbeeld Youtube en Netflix. Dat houdt de programma's van de publieke omroep relevant, interessant en vooral toegankelijk, ook voor de jongere generaties. Dat biedt bovendien enorme kansen om de programma's van de publieke omroep ook voor een internationaal publiek beschikbaar te stellen. De Deense en Zweedse publieke omroepen doen dat al voor een deel succesvol via Netflix. In dat licht kijkt de VVD met gefronste wenkbrauwen naar het voornemen van de NPO om een eigen betaalplatform op te richten: NPO Plus. Het is een poging om een onstuitbare internationale en sociale ontwikkeling te stuiten door zelf een nieuw platform te maken. De VVD gelooft hier niet in en ziet veel meer in samenwerking met bestaande platforms. Wat is de opinie van de staatssecretaris?

Het is een kleine stap van de digitale wereld naar de wereld van de radio. Ook voor publieke radiozenders zal de nieuwe Mediawet gaan gelden. Wat de VVD betreft is het van groot belang dat het radiolandschap in Nederland pluriform is. Qua aantal zenders is dat wel het geval: er is een breed scala aan publieke en commerciële zenders. Maar hoe groot is de pluriformiteit als je kijkt — bij radio kun je beter zeggen: luistert — naar de inhoud, zeker bij muziek? De heer Bosma zei al dat je, als je van golden oldies houdt, goed bediend wordt, zowel commercieel als uitgebreid op de publieke omroep. Maar vele muzieksoorten zijn niet of nauwelijks op de Nederlandse radio te horen. Jazz wordt momenteel nog bediend via NPO Radio 6, maar die zender verdwijnt. De jazz moet het in de toekomst doen met een klein plekje op Radio 2 en een online themakanaal waar 150.000 euro voor beschikbaar is.

Maar niet alleen de jazz komt er bekaaid vanaf. Wie bijvoorbeeld houdt van country, americana, chansons, schlagers of rockabilly wordt door de NPO Radio niet bediend. Ook de liefhebbers van het Nederlandse product komen er zeer bekaaid vanaf. Er is een themakanaal, maar in de ether heb je meestal pech. Is het niet juist de taak van de publieke omroep om dat te laten horen wat elders niet of nauwelijks te horen is? En omgekeerd: wat is de publieke waarde van datgene laten horen wat elders in het radiolandschap al ruimschoots voorhanden is? Is de staatssecretaris het met de VVD eens dat de huidige koers van NPO Radio niet tot een verrijking, maar tot een verschraling van het radiolandschap leidt? Is hij bereid op dit punt actie te ondernemen en zo een bijdrage te leveren aan een daadwerkelijk pluriform radiolandschap?

In juli heeft de Kamer in ruime meerderheid gestemd voor een motie van SP, Partij van de Arbeid, VVD, CDA en D66, waarin stond dat de commerciële radiovergunningen verlengd moeten worden in plaats van geveild. De verlenging is vooral het pakkie-an van onze collega's die zich met Economische Zaken bezighouden. Een onderdeel loopt echter via OCW: het verruimen van de eigendomsbeperkingen op de radiokavels, zoals ook in die motie werd omschreven. De VVD gaat ervan uit dat die verruiming gelijkloopt met de inwerkingtreding van de Mediawet. kan de staatssecretaris dit bevestigen?

De VVD heeft nog een zorg met betrekking tot het radiolandschap. De publieke zenders NPO Radio 2 en NPO Radio 3 geven regelmatig kaarten weg voor optredens van bands als U2, Counting Crows of Racoon en voor muziekfestivals als Pinkpop, Lowlands en Zwarte Cross. De NPO heeft ook vaak exclusieve uitzendrechten voor grote muziekfestivals. De zender NPO 3FM verbindt de eigen naam aan de optredens van grote artiesten. Denk aan acties als "3FM presents U2 in de Zigo Dome", of "3FM presents The Prodigy in the Heinen Music Hall".

Het is niet duidelijk of de programmeurs van deze festivals en optredens voor deze acties daadwerkelijk betalen. Als er al wel wordt betaald, is het volstrekt onduidelijk welke afspraken daarover zijn gemaakt. Dat is zorgelijk, want deze programmeurs zijn geen publieke instellingen, maar gewoon heel grote commerciële bedrijven. Dit roept de vraag op of de NPO zich door deze werkwijze niet dienstbaar maakt aan de commercie; iets wat uitdrukkelijk verboden is in de Mediawet, de heer Verhoeven zei het ook al. Het verstoort het gelijke speelveld in het medialandschap. Deelt de staatssecretaris de zorg van de VVD over deze gang van zaken en is hij bereid om de NPO om opheldering te vragen en, indien nodig, tegen deze werkwijze op te treden?

Ik rond het blokje radio af en ga verder met de regionale omroep. De VVD wil nadrukkelijk stilstaan bij het goede werk dat de regionale omroepen in het samenwerkingsverband ROOS hebben verzet om tot een plan te komen waarmee de vereiste taakstelling van 17 miljoen wordt gehaald, maar de regionale redacties volledig op sterkte blijven. Dat is een zeer knappe prestatie. Bij de veranderingen die gaan plaatsvinden heeft de staatssecretaris in zijn brief stilgestaan bij de unieke positie van de Friese taal, onze tweede rijkstaal. De VVD zou de positie van het Fries graag gewaarborgd willen zien in de raad van toezicht van een nieuw te vormen regionale publieke omroep; de RPO. Is de staatssecretaris bereid om ervoor te zorgen dat een van de commissarissen in de raad van toezicht specifiek aandacht zal hebben voor de positie van de Friese taal?

De heer Segers veert op. Hij hoor "Friese taal" en denkt: daar wil ik meer van weten.

De heer Segers (ChristenUnie):
Ik heb 15 jaar in Leeuwarden gewoond, dus ik heb enige verbondenheid met die provincie. Het is een bijzondere provincie, omdat daar de tweede taal van ons land wordt gesproken. Er is een commissie-Hoekstra, die zegt: ter bescherming van die taal is de omroep van groot belang. Nu is er Statenbreed een motie aangenomen waarin staat dat er een speciale positie moet komen voor Omrop Fryslân. Ook de VVD-fractie in de Staten van Friesland vindt dat. Is dat een uitspraak waar de VVD-fractie hier goed naar luistert?

De heer Rutte (VVD):


Volgens mij is er al goed naar geluisterd, want de specifieke positie van de Friese taal is geborgd in de voorstellen zoals die hier liggen. Ik vraag er nog wel extra aandacht voor, via de raad van toezicht van de RPO. Ik ben er vast van overtuigd dat daarmee de positie van de Friese taal voldoende is geborgd.

De heer Segers (ChristenUnie):


Ook uw fractie in de Staten vraagt meer dan dat en zegt: het rechtvaardigt een speciale positie van Omrop Fryslân, omdat alleen dan de bescherming de taal en het faciliteren van de taal zijn gewaarborgd. Is dat die extra stap die de VVD-fractie hier ook zou willen zetten?

De heer Rutte (VVD):


Ik kan niet helemaal plaatsen waar de bezorgdheid vandaan komt. Ik weet dat er in Friesland altijd zorgen zijn over de Friese taal en over de vraag of er wel voldoende aandacht voor is. De staatssecretaris heeft daarover een heel goede brief geschreven, waarin hij heel nadrukkelijk — twee pagina's lang — specifiek aandacht besteedt aan de Friese taal. Hij merkt op dat deze een andere positie heeft, niet alleen binnen de provincie Friesland, maar ook binnen Nederland. Ik denk dat daarmee voldoende is geborgd dat die aandacht er is. Maar ik wil het wel graag zekeren. Ik denk dat in de raad van toezicht van de RPO — die komt toch op enige afstand te staan — die aandacht specifiek geborgd zou moeten zijn. Ik denk dat daarmee ook de zorgen van de Friese Staten weggenomen kunnen worden.

De voorzitter:


De heer Rutte vervolgt zijn betoog.

De heer Rutte (VVD):


Ik wil eindigen met een punt dat voor de VVD al lang van groot belang is: veel meer transparantie in de besteding van publiek geld door de publieke omroep. Mijn collega Elias heeft hier in het recente verleden al vaak op gehamerd. Publiek geld vereist transparante publieke verantwoording. Daar heeft de Nederlandse belastingbetaler simpelweg recht op. De gang van zaken rond de rechten voor het eredivisievoetbal was voor hem terecht de grote steen des aanstoots. Waarom mogen wij achteraf niet weten wat er voor die rechten is betaald? Waarom mogen wij niet weten welke aanvullende afspraken rond het verwerven van die rechten zijn gemaakt?

Collega Elias liet niet los en dat bleek terecht te zijn: de NOS had afspraken gemaakt die niet conform de wet waren. Je zou kunnen stellen dat de inhoud van de zendtijd deels door de Ster en door FOX gemaakt werd. Publieke zendtijd! Een bespottelijke gang van zaken, waarin zelfs de NPO van de NOS geen fatsoenlijk inzicht in de afspraken en de cijfers kreeg, terwijl het toch echt om forse hoeveelheden publiek geld gaat. Het is maar goed dat we in ons land een streng Commissariaat voor de Media hebben.

Onlangs bleek ook bij de lopende soap rond de kosten van het Koningslied opnieuw tot wat voor idiote vertoningen het gebrek aan transparantie bij de NPO kan leiden. De dag waarvan je wist dat die zou komen, is er toch niet gekomen, namelijk die van 100% duidelijkheid over de bestedingen van de NPO bij het Koningslied. Het kostenoverzicht werd gewobd, alle bedragen waren zwartgemaakt, de NOS trok daaruit een begrijpelijke conclusie, die bleek achteraf toch niet waar te zijn en de NPO werd boos op de NOS, omdat die laatste dan weer slechte journalistiek zou hebben bedreven. Het is toch treurig dat een publieke omroep die iedereen de maat neemt, niet bereid is zelf transparant te zijn over de kosten!

Wat de VVD betreft is het helder: publiek geld vereist heldere publieke verantwoording. Bij de NPO zou dat logischerwijs op programmaniveau moeten gebeuren, uiteraard achteraf, niet vooraf. Alle andere publieke sectoren gingen de NPO voor. Het wordt hoog tijd dat de NPO beseft dat de tijd van uitvluchten nu echt voorbij is. Ik verzoek de staatssecretaris hier bij zijn definitieve beoordeling van het concessiebeleidsplan een hard punt van te maken. Hij heeft daarbij de volledige steun van de VVD.

De heer Verhoeven (D66):
We hebben net de heer Bosma uitgebreid zijn politieke mening horen ventileren — en dat is zijn goed recht in deze zaal — over de gekleurde berichtgeving van de publieke omroep. Nu zegt de heer Rutte: ik wil van elk programma het bonnetje zien. Nemen we dan niet een levensgevaarlijk groot risico dat politici die een heel sterke mening hebben over de publieke omroep en alles maar gekleurd vinden, op basis van die transparantie hun mening en hun invloed gaan aanwenden op de inhoud van programma's? Dat vraag ik de heer Rutte, en ik hoor daarop graag een antwoord dat langer is dan vier woorden, want ik vind dit een serieus punt. Is dat niet een levensgevaarlijk en reëel risico dat verbonden is aan het voorstel van de VVD?

De heer Rutte (VVD):


Publiek geld vereist publieke verantwoording, in een publiek debat. Het publieke debat vindt niet alleen hier plaats. Het vindt ook maatschappelijk plaats. Mensen moeten dat kunnen zien. De heer Verhoeven is zelf iemand die het graag wil zien. Hij stelt continu vragen, bijvoorbeeld over het Koningslied. Hij stelt allerhande vragen tot op detailniveau. Is er betaald? Hoeveel is er betaald? Allemaal dingen die hij gewoon wil weten, althans tot voor kort wilde hij ze weten. Nu wil hij ze in één keer slechts nog op genreniveau weten. Ik snap dat niet. Laten we daarin nu gewoon transparant zijn.

Hij benoemt als risico dat politici dan zouden gaan sturen op de inhoud. Ik weet dan toch alleen achteraf iets over de kosten? Dat vind ik belangrijk. Het moet transparant zijn. Ik ben totaal niet geïnteresseerd in het sturen op de inhoud van programma's. Dat heeft hij mij niet horen zeggen en dat heeft hij andere sprekers hier ook niet horen zeggen. Misschien de heer Bosma, maar ja, sinds wanneer is de heer Bosma de norm voor alles en iedereen in dit land?

De heer Verhoeven (D66):
Dat ben ik wel met de heer Rutte eens, maar hij had het net zelf over de publieke omroep die iedereen steeds de maat neemt. Dat zei hij letterlijk. Daarmee geeft hij ook een mening over de manier waarop de publieke omroep zich inhoudelijk roert in het publieke debat. Dat is allemaal prima. Ik vraag de heer Rutte of de verleiding niet heel groot wordt om, indien hij van alle programma's de bonnetjes ziet, op basis van die bonnetjes voortdurend bepaalde programma's die hem niet bevallen, aan te gaan vallen en zo de journalistieke onafhankelijkheid te raken. Ja, ik ben ook voor transparantie, maar ik vind wel dat je verder moet kijken dan alleen naar de transparantie. Het gaat hier ook om een ander heel belangrijk recht in elke rechtsstaat, namelijk vrije media. Heeft de VVD-fractie die afweging wel zorgvuldig gemaakt?

De heer Rutte (VVD):


Ik zeg heel terecht dat de NPO anderen de maat neemt, dat is namelijk ook de taak van de NPO: nieuws en informatie, maar ook opinie. Het laatste is iets wat de heer Verhoeven ontzettend belangrijk vindt en daarin wordt mensen de maat genomen. We hebben consumentenprogramma's waarin soms tot op het pijnlijke af dingen worden opgegraven. Er worden dingen uitgezocht, de bonnetjes komen op tafel en daar wordt dan schande van gesproken. Wie die maatschappelijke rol heeft en zelf niet transparant durft te zijn, verliest zijn geloofwaardigheid.

Juist vanuit liefde voor de publieke omroep zeg ik dat de publieke omroep transparant moet zijn tot op programmaniveau. De heer Verhoeven heeft dat ook altijd gevonden, maar hij is in één keer tot een nieuw inzicht gekomen en dat is toch jammer. Ik concludeer dat op basis van de vragen die hij stelt, ook over het Koningslied. Hij vroeg bijvoorbeeld hoe hoog de vergoeding was die de NOS en NPO Radio 2 hebben gekregen voor de promotie van het Koningslied. Dat zijn heel gedetailleerde vragen, bijna tot op programmaniveau. Laten wij dat gewoon transparant maken. Ik citeer gewoon wat vragen van de heer Verhoeven.

De voorzitter:
De heer Bosma, tot slot.

De heer Rutte (VVD):


Tot slot?

De voorzitter:


Ik dacht dat u klaar was met uw betoog.

De heer Rutte (VVD):


Dat is correct. Ik had hier alleen nog staan: voorzitter, ik zie uit naar de antwoorden van de staatssecretaris. Als dat betekent dat de heer Bosma geen vraag meer mag stellen, dan heb ik dat nog niet gezegd.

De voorzitter:


Dat was niet mijn bedoeling. Ik hoorde u een punt achter uw betoog zetten en ik zag dat de heer Bosma nog een vraag aan u had voordat u terugging naar uw plaats.

De heer

1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   14

  • Jasper van Dijk

  • Dovnload 497.49 Kb.