Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Hfdst 3: Materiaalkeuze en modellen 1 Denken in termen van eigenschappen

Dovnload 0.76 Mb.

Hfdst 3: Materiaalkeuze en modellen 1 Denken in termen van eigenschappen



Pagina1/17
Datum25.08.2018
Grootte0.76 Mb.

Dovnload 0.76 Mb.
  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   17

Constructiematerialen

Materiaalkunde voor Technici

HFDST 3: Materiaalkeuze en modellen

3.1 Denken in termen van eigenschappen


Aan de hand van een gedegen analyse van de complete productlevenscyclus kunne we rationeel een geschikt materiaal kiezen. Dat betekent een analyse van:

3.2 Het ontwerpproces


Er zijn 2 belangrijke stromen in de methode van ontwerpen. Één methode is het zo snel mogelijk toewerken naar een beeld van het te ontwerpen product in zijn kerscontext. Dat kan een schets zij, waarin, waarin het product en zijn omgeving met hun interacties zichtbaar worden. Wordt gebruikt als discussiemodel om eisen en wensen verder aan te scherpen of te verduidelijken.

Een tweede veelgebruikte ontwerpmethode is meer gestructureerd. (fig 3.2 p 67)


3.3 Keuzefactoren en materiaalkosten

Verkrijgbaarheid


Wanneer een ontwerper het gebruik van een bepaald materiaal overweegt, is vaak 1 van zijn eerste vragen of het materiaal direct te verkrijgen is. Luidt het antwoord ‘nee’ dan is de volgende vraag in hoeveel tijd het materiaal dan wel kan worden geleverd.

Kosten


Als het beoogde materiaal binnen een aanvaardbare termijn geleverd kan worden, zal de ontwerper zich vervolgens in de kosten gaan verdiepen. Bij het kiezen van een materiaal spelen de kosten – bewust of onbewust – altijd een belangrijke rol.

Herverwerking


Verder moet de ontwerper rekening houden met de afdankfase, waar restwaarde, recyclebaarheid, milieubelasting, stortkosten, verbrandingskosten enz. een belangrijke rol spelen.

Fabricage


De laatste kostenfactor die we bespreken is de fabriceerbaarheid, dus het gemak waarmee een ruw materiaal zich tot het gewenste eindproduct laat verwerken.

3.4 Modelvorming


Gewicht van de constructie wordt bepaald door de afmetingen en door de soortelijke massa:

G en V zijn de productparameters en rho is een materiaalparameter.

Met behulp van productmodellen kan men ‘bewijzen’ wat de beste materiaalkeuze is, gegeven het eisenpakket. De volgende stappen moeten doorlopen worden:


  • Stel de producteisen, wensen en interacties vast, gebruik eventueel de checklist

  • Stel de productparameters vast (eigenschappen specificatie)

  • Bepaal beperkende randvoorwaarden (milieu, temperatuur, productiewijze)

  • Maak een productmodel waarin de productmaten, materiaaleigenschappen en belastingen voorkomen (formules, benaderingen). Gebruik bijvoorbeeld formules als in appendix C.

  • Materiaalparameters van product (dimensie) parameters scheiden (kengetallen toekennen)

  • Bepaal een materiaalkeuzegroep aan de hand van gestelde eisen (6 tot 10 mogelijke zinnige materialen of materiaalsoorten)

  • Koppel terug naar de overige eisen, productiemethoden afbakenen (vorm, seriegrootte, functies)

  • Onderzoek de beschikbaarheid van materiaal in relatie tot productieproces en productgrootte

  • Specificeer eventuele warmtebehandelingen en oppervlaktebehandelingen

  • Verantwoorden van de keuze (documenteren)

  1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   17

  • 3.2 Het ontwerpproces
  • 3.3 Keuzefactoren en materiaalkosten
  • Kosten
  • Fabricage

  • Dovnload 0.76 Mb.