Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Hoofdstuk examentraining pdl personeel Organisatie en Communicatie examen 1 Vraag 1

Dovnload 0.58 Mb.

Hoofdstuk examentraining pdl personeel Organisatie en Communicatie examen 1 Vraag 1



Pagina1/9
Datum02.04.2019
Grootte0.58 Mb.

Dovnload 0.58 Mb.
  1   2   3   4   5   6   7   8   9

Uitwerkingen hoofdstuk 9 PDL POC niveau 4 2017 – 2018 09-06-2017

HOOFDSTUK 9. Examentraining PDL Personeel Organisatie en Communicatie
EXAMEN 1
Vraag 1.

Taken waarvoor de P&O-manager verantwoordelijk is:



  • medeverantwoordelijk voor de ontwikkeling en realisatie van besturingsvisie en strategisch kader;

  • vertalen van externe ontwikkelingen naar interne strategie tactiek en operationele P&O-cyclus;

  • verantwoordelijk voor de ontwikkeling en implementatie van personeels-, kwaliteits- en communicatiebeleid inclusief personeelsbehoefte, personeelsbeoordeling, arbeidsvoorwaarden, opleidingen, arbeidsomstandigheden en verzuim;

  • analyseren van knelpunten in de organisatiestructuur en aandragen van oplossingen;

  • faciliteren van veranderingsprocessen;

  • realiseren van een effectieve inzet van mensen, middelen en processen;

  • zorgdragen voor een goede werking van de benodigde systemen, processen en faciliteiten;

  • ondersteunen van de directie bij het overleg met de ondernemingsraad;

  • begeleiden van (afdelings)managers en ontwikkelen van leiderschap;

  • zorgen voor een goede verbinding met de landelijke arbeidsmarkt en het landelijk opleidingsveld;

  • opstellen en verzorgen van rapportages;

  • bewaken van budgetten en signaleren van knelpunten;

  • aansturen van de afdeling P&O.


Vraag 2.

De onderneming moet regelmatig rapporteren aan externe instanties:



  • aan de Belastingdienst;

  • aan UWV;

  • aan het Centraal Bureau voor de Statistiek;

  • aan banken en kredietverzekeraars.


Vraag 3.

Een database moet voldoen aan de volgende minimale (CRUD) voorwaarden:



  • gegevens moeten eenvoudig duurzaam kunnen worden opgeslagen (Create);

  • gegevens moeten eenvoudig kunnen worden opgezocht en doorzocht (Read);

  • gegevens moeten onderhouden kunnen worden (Update);

  • gegevens moeten verwijderd kunnen worden zonder dat dit de werking van dat systeem nadelig beïnvloedt (Delete).


Vraag 4.

A is de push-strategie, B is de pull-strategie.


Vraag 5.

Naast beoordeling door de leidinggevende komt het volgende voor:



  • zelfbeoordeling;

  • gezamenlijke beoordeling door leidinggevende en werknemer;

  • beoordeling door collega’s;

  • beoordeling door een specialist, die buitenstaander is.


Vraag 6.

De P&O-adviseur is verantwoordelijk voor onderstaande taken:



  • mede uitvoering geven aan het P&O-beleid, -procedures en -instrumenten;

  • begeleiden en adviseren van lijnmanagement en medewerkers ten aanzien van primaire P&O-taken als sociale verzekeringen, arbeidsvoorwaarden, ontwikkeling en organisatie;

  • werving en selectie van nieuwe medewerkers;

  • opstellen van arbeidscontracten;

  • procesbewaking met betrekking tot onder andere de ketenregeling bij tijdelijke contracten;

  • begeleiden van frequent verzuim preventie en Poortwachtertrajecten;

  • uitvoering geven aan het arbobeleid;

  • adviseren en organiseren van assessments, training & opleidingstrajecten;

  • onderhouden van contacten met werving- en selectiebureaus;

  • behandelen van verzuimvraagstukken en arbeidsrechtelijke dossiers;

  • adviseren over en begeleiden van in-, door- en uitstroom;

  • bijhouden en implementeren van nieuwe ontwikkelingen op het gebied van P&O-gerelateerde onderwerpen en wetgeving;

  • aansturen van P&O-projecten;

  • opstellen en verzorgen van rapportages.


Vraag 7.

In de praktijk ziet men wel de volgende afdelingen administratie:



  • personeelsadministratie;

  • salarisadministratie;

  • financiële administratie, soms onderverdeeld in:

      • verkoop/debiteurenadministratie;

      • inkoop/crediteurenadministratie;

      • voorraadadministratie;

      • grootboekadministratie.


Vraag 8.

Salarisverwerking kan in de cloud via software as service (SaaS). De onderneming is zelf verantwoordelijk voor de salarisverwerking, maar regelt dit via een online dienst. In dat geval hoeft er geen dure, eventueel maatwerk software aangeschaft te worden, maar werkt de onderneming op aanwijzingen van de clouddienstverlener. (De meeste leveranciers van salarispakketten bieden een keuze tussen het kopen van software die bij de onderneming zelf wordt geïnstalleerd en het werken in de cloud met software bij de leverancier).



Vraag 9.

Voorbeelden van reclame:



  • advertenties;

  • telewinkelen;

  • sponsoring;

  • productplaatsing;

  • verpakking;

  • etiketten;

  • buzz marketing;

  • spaaracties;

  • narrow casting;

  • direct marketing.


Vraag 10.

Bij zelfbeoordeling mag de werknemer zelf aangeven hoe hij functioneert. Samen met de leidinggevende volgt de definitieve beoordeling.



  • Voordeel is dat de leidinggevende minder interpretatiefouten zal maken.

  • Maar een minder communicatieve medewerker is hier in het nadeel.


Vraag 11.

Onjuist. Bij Het Nieuwe Werken wordt de band van de werknemer met de onderneming minder, hierdoor kan de saamhorigheid van het personeel lager worden.


Vraag 12.

Onjuist. Cloud computing is het via een netwerk (online) op aanvraag beschikbaar stellen van hardware, software en gegevens, ongeveer zoals elektriciteit uit het lichtnet.


Vraag 13.

a. Bij de Contingentiebenadering is de leiderschapsstijl afhankelijk van de groepsatmosfeer, de taakstructuur en de machtspositie van de leider;

d. Het Revisionisme voegt de klassieke en gedragskundige organisatietheorieën samen.
Vraag 14.

De kasstroom in verband met…

b. betaling voor het aflossen van een bankkrediet;

d. ontvangst wegens de uitgifte van een obligatielening.


Vraag 15.

a. Stelling I en II zijn beide juist.


Vraag 16.

c. samenwerken.


Vraag 17.


Personeelsinstrument

Hard

Zacht

Medezeggenschap




x

Opleiding en training




x

Studieovereenkomsten

x




Taakroulatie




x

Werving & selectie

x





Vraag 18.



Stappen bij de selectie van een ERP-systeem

Stap 1

onderzoek eigen bedrijfsprocessen

Stap 2

opstellen Programma van Eisen en Wensen (PVE)

Stap 3

onderzoek leveranciers

Stap 4

opstellen businesscase

Stap 5

demonstratie

Stap 6

hands on demo

Stap 7

principebeslissing

Stap 8

contractbesprekingen



Vraag 19.

McDonald’s maakt een keuze uit de volgende 4 groeimogelijkheden.



  • Marktpenetratie. Het doel is vergroten van het marktaandeel. De onderneming gaat met bestaande producten dieper doordringen in de markt. McDonald’s biedt voor een euro extra een extra large menu.

  • Productontwikkeling. De onderneming bedenkt een nieuw product en biedt dat de huidige klantenkring aan. McDonald’s ontwikkelt een nieuwe snack.

  • Marktontwikkeling. Er vindt uitbreiding plaats naar andere, naastliggende markten. McDonald’s opent volgens het vertrouwde concept nieuwe vestigingen in een geheel nieuw land.

  • Diversificatie. De onderneming stapt over naar andere markten om daar ervaring op te doen. McDonald’s start voor het eerst in een nieuw land en biedt daar geen fastfood aan, maar producten van de Franse keuken.



EXAMEN 2

Vraag 1.

De P&O-medewerker is verantwoordelijk voor de volgende taken:



  • onderhouden van documentatie op het gebied van personeelszaken;

  • zelfstandig verzorgen van de personeelsadministratie, waaronder mutaties en urenadministratie, vakantie en ander verlof, ziekteverzuim en re-integratie, adressen, beoordelings- en functioneringsverslagen, opleidingen, functiewijzigingen;

  • verrichten van ondersteunende werkzaamheden bij de werving & selectieprocedure;

  • verwerken en beoordelen van sollicitaties, opstellen en verwerken van contracten;

  • informatie inwinnen bij vorige werkgevers, bijvoorbeeld om diploma’s te verifiëren;

  • afwijzingen en bevestigingen versturen naar sollicitanten;

  • verzorgen introductie nieuwe medewerkers;

  • beantwoorden van vragen van medewerkers op personeelsgebied;

  • administratieve taken, zoals het aannemen van telefoongesprekken en het ordenen van binnengekomen vacatures;

  • signaleren en regelen van jubilea (kaartjes en bloemen versturen, gratificaties regelen);

  • introductieprogramma ontwikkelen voor nieuwe medewerkers;

  • verzamelen van personeelsgegevens;

  • opslaan en raadplegen van personeelsdossiers op verzoek;

  • secretariële en administratieve ondersteuning van de afdeling P&O.


Vraag 2.

Doelstellingen van de financiële administratie:



  • overzicht hebben en houden in de financiële positie van de onderneming;

  • inzicht krijgen in de resultaten (winsten en verliezen);

  • verantwoording afleggen over het gevoerde financiële beleid;

  • gegevens leveren voor kostprijsbepaling en voorcalculaties en het uitbrengen van offertes.


Vraag 3.

Goede HRM-software levert voor de managementrapportage Informatie over:



  • competentiebibliotheek;

  • 360 graden feedback;

  • e-learning modules;

  • balanced scorecard;

  • opleiding beheer;

  • matchfuncties;

  • werving & selectie;

  • gegevens voor de planning;

  • ken- en stuurgetallen op het gebied van in-, door- en uitstroom;

  • gerealiseerde loonkosten ten opzichte van de begroting;

  • inzicht in de medewerkerstevredenheid.

Vraag 4.

Voordelen van e-marketing.

Voor de kopers biedt inkopen op internet veel voordelen. In het kort komt het erop neer dat de consument meer macht heeft dan vroeger en met meer gemak kan winkelen.


  • Prijsvergelijking is op internet makkelijker.

  • Het online assortiment is vaak groter dan in een fysieke winkel.

  • Goede sites bieden minstens zo veel productinformatie dan in een gewone winkel verkregen kan worden. Liedjes kunnen beluisterd worden en boeken steeds vaker ingekeken.

Voordelen voor de aanbieders:



  • Internet is een goed instrument voor het opbouwen van klantrelaties. Internet is een massamedium dat toch een op een communicatie mogelijk maakt.

  • Internetklanten zijn loyaler dan vaak gedacht wordt. Als de klant eenmaal gemerkt heeft dat een online winkel betrouwbaar is, is hij geneigd het zekere voor het onzekere te nemen en niet te veranderen van aanbieder.

  • Als aanbieder kun je het aanbod toespitsen op de individuele behoeften van een consument. Ook het verkrijgen van feedback is veel eenvoudiger, waardoor marktonderzoek een extra kanaal heeft.

  • De kosten zijn lager, omdat er geen fysieke filialen gerund hoeven te worden. Door internet als directe schakel te gebruiken met klanten en leveranciers kan een efficiëntere orderverwerking plaatsvinden.

  • Een grotere flexibiliteit bij de presentatie van het actuele assortiment. Kreten als op=op hoeven niet meer vermeld te worden, zoals vroeger op de papieren versie van een folder (hoewel de promotionele waarde van zo’n kreet een doel op zich kan zijn).

Vraag 5.

Opbouw van een beoordelingsgesprek:



  • Opstellen van de agenda met het doel van het gesprek, de duur en het tijdstip. De werknemer kan ook gespreksonderwerpen aandragen.

  • Opening met het opnoemen van de doelen, bijvoorbeeld of de werknemer in aanmerking komt voor promotie met de criteria waarop het oordeel is gebaseerd. Doornemen van de agenda en de tijdsplanning.

  • Oordeel van de leidinggevende met een correcte wijze van feedback: onderbouwing van het oordeel met waarnemingen en feiten. Hierbij mag de werknemer niet met volkomen onverwachte zaken worden geconfronteerd.

  • Reactie van de werknemer, waarbij de leidinggevende zo nodig moet doorvragen en zich empathisch moet opstellen, zeker bij een emotionele reactie van de werknemer op een negatieve beoordeling door de leidinggevende.

  • Afspraken over te nemen acties: Welke actie, door wie, wanneer? Eventuele consequenties voor de werknemer komen hier aan de orde:

    • positief: vast contract, ontwikkelmogelijkheden, promotiekansen;

    • negatief: verplichte bijscholing, andere functie, ontslag.

  • Afronding van het gesprek: Samenvatten, afspreken hoe verder wordt gegaan, eventueel een vervolgafspraak maken. Het gesprek mag niet negatief eindigen, doordat de werknemer boos of overstuur de deur uit gaat.


Vraag 6.

Takenpakket afdeling loonadministratie:



  • Het controleren en corrigeren van individuele en collectieve gegevens in de salarisadministratie.

  • Het actualiseren van personeelsgegevens, zoals nieuw personeel, vrijstellingen, transfers en ontslag en het verwerken hiervan in de salarisadministratie.

  • Het verzorgen van aan- en afmeldingen bij de pensioenverzekeraar.

  • Het samenstellen van gegevens over arbeidstijd, productie en salaris op basis van tijdschrijfformulieren en andere documenten.

  • Het verifiëren, berekenen en actualiseren van salarisinformatie, zoals aanwezigheid, gewerkte uren, overwerk, onregelmatigheidstoeslagen, commissies, salarisverhogingen, onbetaald verlof en aanpassen en het verwerken hiervan in het urenregistratiesysteem en in de salarisadministratie.

  • Het berekenen van betalingen van salarissen, uitkeringen, toeslagen, inhoudingen, vrijwillige bijdragen en kostendeclaraties met inachtneming van de geldende arbeidsvoorwaarden.

  • Het berekenen van in te houden en af te dragen loonheffingen met inachtneming van de relevante wet- en regelgeving.

  • Het verzorgen van de salarisverwerking.

  • Het verdelen van salarissen en uitkeringen naar productie- en kostenplaatsen t.b.v. het grootboek.

  • Het verrichten van invoerwerkzaamheden.

  • Het in het salarissysteem verwerken van de salarisadministraties van medewerkers of van cliënten.

  • Het periodiek vervaardigen van:

    • salarisstroken;

    • loon- en betalingsverdeelstaten;

    • journaalposten;

    • aangiften loonheffingen.

  • Het berekenen van vakantiebijslagen, eindejaarsuitkeringen, vergoedingen in geval van ziekte, zwangerschapsverlof, sociale voorzieningen en overige uitkeringen.

  • Het verzorgen van ziekmeldingen en het controleren van ziekengelduitkeringen van de uitkeringsinstanties.

  • Het zorgdragen voor dossiervorming.

  • Het vervaardigen van jaaropgaven voor

    • personeelsleden;

    • Belastingdienst.

  • Het gevraagd en ongevraagd zorgdragen voor informatie- en documentatieverschaffing aan het personeel, met name op het gebied van:

    • fiscale- en sociale verzekeringwet- en regelgeving;

    • arbeidsvoorwaarden;

    • pensioenen;

    • overige salarisgerelateerde vraagstukken.

  • Het beheren van het gecomputeriseerde salarissysteem op zodanige wijze, dat de output volledig blijft beantwoorden aan de verplichtingen tegenover werknemers en instellingen/instanties. Dit betekent:

    • installeren van de gewenste programma’s en zorgen voor het onderhoud en de beveiliging ervan;

    • voorbereiden van programmawijzigingen, uitvoering geven hieraan en toezien op het juiste gebruik.

  • Het gevraagd en ongevraagd zorgen voor management-informatie, zodat beleid kan worden bijgesteld en een verantwoorde controle t.b.v. interne en externe accountants kan plaatsvinden.

  • Het samenstellen van verklaringen op de specifieke gebieden van salaris, pensioen, sociale verzekeringen.

  • Het verrichten van schademeldingen aan verzekeringen.

  • Het verrichten van kasboekingen en de verwerking van de journaalposten.

  • Het beheren van het vakantiedagensaldo van de werknemers.

  • Het onderhouden van de zakelijke contacten met de afdelingen HRM en financiële administratie.

  • Het onderhouden van de contacten met overige instanties, als salarisadviesbureaus, accountant, belastingdienst, UWV, verzekeraar e.d.

  • Het op de juiste wijze archiveren van de voorgeschreven documenten en overige gegevens.

  • Het uitvoeren van controles op alle periodiek verwerkte gegevens en de daarbij te hanteren regels, wetten en procedures, inhoudend:

    • controleren, navragen en/of aanvullen en verwerken van mutaties en noodzakelijke bijstellingen, zo nodig met terugwerkende kracht;

    • controleren van de output m.b.v. loonstaat, betaalstaat en zelf opgestelde totaalcijfers;

    • controleren op automatische journaalposten en kostenverdeling;

    • maken van verbandcontroles op vaste gegevens en bijbehorende mutaties;

    • controleren en zo nodig corrigeren van de aansluitingen van de salarisadministratie met de HRM-administratie en met de financiële administratie;

    • het bewaken van alle in gebruik zijnde tussenrekeningen of subadministraties met betrekking tot salarissen en overige personeelskosten.


Vraag 7.

De belangrijkste taken van de financiële administratie:



    • Het registreren van financiële feiten.

    • Het verzorgen van wettelijke administratieve verplichtingen, zoals periodieke aangiften voor diverse belastingen.

    • Het verstrekken van (stuur)informatie ten behoeve van de ondernemingsleiding.

    • Het verzorgen van uitgaande en inkomende geldstromen en de planning van de cashflow (liquide middelen).

    • Bij kleinere organisaties ook de salaris- en of personeelsadministratie.


Vraag 8.

Outsourcing (uitbesteding) is een totaaloplossing. De continuïteit van de salarisadministratie wordt gewaarborgd door goede bereikbaarheid, back-ups van de gegevens en administratie en de kennis die de specialist over de onderneming opbouwt. Bij de uitbesteding van de salarisadministratie heeft een onderneming in veel gevallen de vrijheid over de manier waarop zij de mutaties aanlevert. Of het nu gaat om mail, fax of eigen online software, de dienstverlener zal zich door haar gespecialiseerde werkzaamheden kunnen aanpassen aan de voorkeur van de klant.


Vraag 9.

Voorbeelden van reclamemedia:



    • krant of tijdschrift;

    • internet (via banners);

    • radio, tv;

    • per post of telefoon;

    • op het product zelf;

    • in de bioscoop;

    • billboards op straat;

    • op openbare vervoersmiddelen;

    • (huis-aan-huis)folder;

    • op toegangsbewijzen voor evenementen;

    • In een winkel;

    • e-mail.


Vraag 10.

Kenmerken van een beoordelingsgesprek:



    • Het gesprek is eenzijdig.

    • De leidinggevende geeft een oordeel over het functioneren van de medewerker. Voor de beoordeling kan gebruik worden gemaakt van een standaardbeoordelingsformulier. Hierop staan de belangrijkste beoordelingsaspecten met de daarbij behorende score.

    • De werknemer krijgt uiteraard wel de kans om te reageren (tell and listen), maar dit heeft geen gevolgen voor het oordeel.

    • Gedurende het gesprek worden de prestaties van de medewerker ten opzichte van de eerder vastgelegde doelstellingen en competenties beoordeeld. Er wordt dus vooral naar de arbeidsprestaties in het verleden gekeken.

    • De verhoudingen tussen leidinggevende en medewerker zijn ongelijkwaardig.

    • Aan een beoordelingsgesprek gaat bijna altijd een functioneringsgesprek vooraf.

    • Na het gesprek wordt er een verslag gemaakt en eventueel een actieplan opgesteld. Dit plan kan in een volgend gesprek geëvalueerd worden.



Vraag 11.

Juist.
Vraag 12.

Onjuist. Tegenover de b2c-marketing, gericht op de consument, staat de business to business marketing (b2b), gericht op andere ondernemingen.
Vraag 13.

b. Competenties zijn kwaliteiten waarover een medewerker moet beschikken om zijn werk goed te kunnen doen;

c. Competentiemanagement ondersteunt leidinggevenden in hun rol als begeleider van leerprocessen.

  1   2   3   4   5   6   7   8   9

  • Vraag 4.
  • Vraag 11.
  • Vraag 14.
  • Personeelsinstrument Hard Zacht
  • Stappen bij de selectie van een ERP-systeem
  • EXAMEN 2 Vraag 1.

  • Dovnload 0.58 Mb.