Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Huwelijksmap structuur van de kerkelijke huwelijksviering

Dovnload 0.76 Mb.

Huwelijksmap structuur van de kerkelijke huwelijksviering



Pagina3/8
Datum05.12.2018
Grootte0.76 Mb.

Dovnload 0.76 Mb.
1   2   3   4   5   6   7   8

Romeinen 8, 31b-35.37-39



Als God vóór ons is, wie zal dan tegen ons zijn? Hij heeft zelfs zijn eigen Zoon niet gespaard; voor ons allen heeft Hij Hem overgeleverd.

En zou Hij ons na zo’n gave ook niet al het andere schenken? Wie zal Gods uitverkorenen aanklagen? God die rechtvaardigt? Wie zal hen veroordelen? Christus Jezus misschien, die gestorven is, meer nog, die is opge­wekt en die, gezeten aan de rechterhand van God, onze zaak bepleit?

Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus?

Verdrukking wellicht of nood, of vervolging, of honger, of naaktheid, of levensgevaar, of het zwaard?

Maar over dit alles zegevieren wij glansrijk, dankzij Hem die ons heeft liefgehad. Ik ben ervan overtuigd, dat noch de dood noch het leven, noch engelen noch machten, noch wat is noch wat komt, geen macht in den hoge of in de diepte, noch enig ander schepsel, ons zal kunnen scheiden van de liefde van God, die in Christus Jezus onze Heer is.


-2- uit de brief van Paulus aan de Galaten
Galaten 5, 13-14, 16, 18, 22-23
Broeders en zusters, u werd geroepen tot vrijheid. Alleen, misbruik de vrijheid niet als een voorwendsel voor een zondig leven, maar dien elkaar door de liefde. Want de hele Wet is vervat in dit ene woord: U zult uw naaste liefhebben als uzelf.

Ik bedoel dit: leef volgens de Geest, dan zult u niet toegeven aan de zondige begeerte.

Maar als u zich door de Geest laat leiden, staat u niet onder de Wet. De vrucht van de Geest is liefde, vreugde, vrede, geduld, vriendelijkheid, goedheid, vertrouwen, zacht­moedigheid, zelfbeheersing. Tegen zulke dingen richt de Wet zich niet.


-3- uit de brief van Paulus aan de Romeinen

Romeinen 12, 1-2, 9-18



En nu, broeders en zusters, vermaan ik u bij Gods ontferming: Wijd uzelf aan Hem toe als een levende, heilige offergave, Hem welgevallig. Dat is de geestelijke eredienst die u past.

Stem uw gedrag niet af op deze wereld. Word andere mensen, met een nieuwe gezindheid. Dan bent u in staat om uit te maken wat God van u wil, en wat goed is, welgevallig en volmaakt.

Uw liefde moet oprecht zijn. Verfoei het kwaad, houd vast aan het goede. Bemin elkander hartelijk met broederlijke liefde. Probeer anderen in beleefdheid te overtreffen. Laat uw ijver niet verflauwen, wees vurig van geest, dien de Heer. Laat de hoop u blij maken, houd stand in de verdrukking, volhard in het gebed.

Draag bij voor de noden van de heiligen, leg u toe op gast­vrijheid.

Zegen hen die u vervolgen, u moet hen zegenen in plaats van hen te vervloeken. Wees verheugd met hen die zich verheugen, en huil met hen die huilen. Leef in harmonie met elkaar. Wees niet hooghartig, maar wijd u aan eenvoudige taken. Houd uzelf niet voor wijs.

Vergeld niemand kwaad met kwaad. Heb het goede voor met alle mensen.

Leef, voor zover het in uw macht ligt, met alle mensen in vrede.


-4- uit de brief van Paulus aan de Korintiërs
I Korintiërs 6, 13c-15a.17-20
Het lichaam is er niet voor de ontucht, maar voor de Heer, en de Heer voor her lichaam. God heeft niet alleen de Heer opgewekt uit, Hij zal ook ons laten opstaan door zijn kracht. U weet toch dat uw lichamen lichaamsdelen zijn van Christus?

Maar wie zich met de Heer verenigt, is met Hem één geest. Vlucht weg van ontucht. Elke andere zonde die een mens bedrijft, gaat buiten het lichaam om; maar de ontuchtige zondigt tegen zijn eigen lichaam. U weet het: uw lichaam is een tempel van de heilige Geest, die in u woont, die u van God hebt ontvangen. U bent niet van uzelf. U bent gekocht en de prijs is betaald. Eer God dus met uw lichaam.


-5- uit de eerste brief van Paulus aan de Korintiërs

I Korintiërs 13, 1-8a



Al spreek ik de taal van mensen en engelen - als ik de liefde niet heb, ben ik een galmend bekken of een schelle cimbaal. Al heb ik de gave van de profetie, al ken ik alle geheimen en alle wetenschap, al heb ik het volmaakte geloof dat bergen zou verzetten - als ik de liefde niet heb, ben ik niets. Al deel ik al mijn bezit uit, al geef ik mijzelf prijs om mij daarop te kunnen beroemen - als ik de liefde niet heb, helpt het mij niets.

De liefde is geduldig en vriendelijk; de liefde is niet afgunstig, zij praalt niet, zij verbeeldt zich niets. Zij gedraagt zich niet onfatsoenlijk, zij zoekt zichzelf niet, zij laat zich niet kwaad maken en rekent het kwade niet aan. Zij verheugt zich niet over onrecht, maar vindt vreugde in de waarheid. Alles verdraagt zij, alles gelooft zij, alles hoopt zij, alles verduurt zij.

De liefde vergaat nooit.


-6- uit de brief van Paulus aan de Filippenzen

Filippenzen 1, 3.6.9-11



Ik dank mijn God telkens als ik aan u denk, altijd, bij al mijn gebeden voor u allen. Ik ben er zeker van dat Hij die een goed werk in u begonnen is, het zal voltooien tegen de dag van Christus Jezus.

En dit is mijn bede: dat uw liefde steeds rijker wordt aan ware kennis en fijngevoeligheid in alles, om te kunnen onderscheiden waar het op aankomt. Dan zult u zuiver en onberispelijk zijn op de dag van Christus, vol van de vrucht van de gerechtigheid, die komt van Jezus Christus, tot lof en eer van God.

-7- uit de brief van Paulus aan de Efeziërs


Efeziërs 5, 2a.21-33



Leid een leven van liefde zoals ook Christus ons heeft liefgehad. Schik u naar elkaar, uit ontzag voor Christus. Vrouwen, schik u naar uw man als naar de Heer, want de man is het hoofd van de vrouw, zoals Christus het hoofd is van de kerk. Hijzelf is de verlosser van zijn lichaam. Welnu, zoals de kerk zich schikt naar Christus, zo moet ook de vrouw zich in alles naar haar man schikken.

Mannen, heb uw vrouw lief, zoals ook Christus de kerk heeft liefgehad en zich voor haar heeft overgeleverd om haar heilig rein te maken, door het waterbad en het woord, om haar tot zich te voeren in haar luister, zonder vlek of rimpel of iets dergelijks, maar heilig en onbesmet.

Zo moeten ook de mannen hun vrouwen liefhebben, als waren die hun eigen lichaam. Wie zijn vrouw liefheeft, heeft zichzelf lief. Want nie­mand heeft ooit zijn eigen lichaam gehaat; integendeel: hij voedt en koestert het, zoals Christus de kerk, omdat wij ledematen zijn van zijn lichaam. Daarom zal een man zijn vader en moeder verlaten en zich hechten aan zijn vrouw, en die twee zullen één zijn.

Dit geheim is groot. Ikzelf betrek het op Christus en de kerk. Hoe dit ook zij, ieder van u moet zijn vrouw liefhebben als zichzelf en de vrouw moet ontzag hebben voor haar man.


-8- uit de brief van Paulus aan de Kolossenzen

1   2   3   4   5   6   7   8

  • Romeinen 12, 1-2, 9-18
  • I Korintiërs 13, 1-8a
  • Filippenzen 1, 3.6.9-11
  • Efeziërs 5, 2a.21-33

  • Dovnload 0.76 Mb.