Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


I kronieken 28: 9a “En gij, mijn zoon Salomo, ken de God van uw vader David”. 1 Davids God 2 Davids raad 3 Davids tijd

Dovnload 21.02 Kb.

I kronieken 28: 9a “En gij, mijn zoon Salomo, ken de God van uw vader David”. 1 Davids God 2 Davids raad 3 Davids tijd



Datum26.10.2018
Grootte21.02 Kb.

Dovnload 21.02 Kb.

I Kronieken 28:9a

En gij, mijn zoon Salomo, ken de God van uw vader David”.



1 Davids God 2 Davids raad 3 Davids tijd

Gemeente, doopouders,

Het lijkt een hele sprong. Want jullie, Freek en Janine, staan aan het begin van de opvoeding van Florian. Niet helemaal aan het begin, want opvoeden begint eigenlijk zodra je weet dat je in verwachting bent. Om met zorg en gebed dan al het ongeboren leven te omringen. Maar toch: het is mijn of meer nu nog aan het begin. In onze tekst is David aan het woord. En David staat aan het eind van de opvoeding. David weet dat hij zal gaan sterven over korte tijd. Dan sta je aan het einde, niet alleen van je leven, maar ook van de opvoeding. En Salomo zal zo’n 25 jaar zijn. En op dat moment horen we vader David tegen zijn zoon Salomo zeggen: jongen, ken de God van je vader.

1 Davids God

David heeft zelf blijkbaar de HEERE leren kennen. En hij kan daar nu ook op terugzien, op een leven met de HEERE. Eerst als herdersjongen, later als gezalfde door Samuel, weer later als koning, en dat heeft 40 jaar geduurd. En wat zou David dan bedoelen als hij heeft over zijn God? Twee dingen lijken me wel heel erg eruit te springen dan: Salomo, de God van je vader, dat is de God Die Zijn belofte heeft vervuld, Die trouw blijft. Door diepten heen. Want David was gezalfd tot koning en daarna is hij vernederd, heeft hij moeten vluchten. Saul heeft hem opgejaagd, tot de dood bedreigd. David heeft gezworven, ver van de tabernakel vandaan, ver van Jeruzalem vandaan. Jarenlang. En toen hij koning geworden was, hebben zijn eigen kinderen hem er vanaf willen krijgen. Absalom, Adonia. Die hun vader probeerden te doden om zelf koning te kunnen worden. Maar: God heeft Woord gehouden. Door de meest onmogelijke toestanden heen heeft God Zijn belofte gehouden. Zo heeft David zijn God wel leren kennen.

En het tweede dat eruit springt is wel dit: David is diep, diep in zonde gevallen. Salomo is zijn zoon, zijn moeder is Bathseba. En hoe Bathseba’s Davids vrouw geworden is daar zit een heel verhaal achter: overspel, moord op haar eerste man Uria. Hoe diep kan een mens vallen. Maar God is David zo genadig geweest, heeft Zelf hem tot inkeer gebracht, en heeft hem vergeven. Zo genadig is God! Zo genadig heeft David zijn God leren kennen. Als de God Die aanneemt in genade, zondaren, gevallen zondaren, zondaren die Hem leerden kennen en daarna nog zo diep vielen. God neemt zondaren aan.

Mijn zoon Salomo, ken de God van je vader. Dat is de God, Die aan mij Zijn belofte heeft vervult door de onmogelijkste momenten heen. Dat is de God, Die zo genadig is, zo ontfermend, zo vergevend. Ken de God van je vader. Dat is de God, Die Zijn belofte vervult, al lijkt het al lang niet meer te kunnen, de God, Die aanneemt in genade. Keer op keer. Over deze God verwonder je je. Hoe is het mogelijk. Hoe is het mogelijk, voor mij.

Heeft Florian ook zo’n vader? Een vader die weet uit eigen ervaring hoe trouw de HEERE is, hoe genadig. Een vader die uit eigen ervaring daarvan weet. Dat er geen onmogelijkheden voor deze God zijn en dat je nooit te slecht en te diep gevallen kunt zijn voor deze God om aangenomen te worden. En die daarom zegt: o kind, het is zo heerlijk, je bent echt welgelukzalig als je deze God kent.

Zijn wij vaders die deze God kennen, zo hebben leren kennen? Die over deze God in hun leven kunnen vertellen aan hun kinderen. Hoe God uitkomst geeft. Hoe God je meest dwaze daden wilde vergeven. Dan is godsdienst geen theoretisch verhaal voor onze kinderen, maar praktijk uit het leven van vader en moeder. Noem daar maar eens een voorbeeld van. Hoe God uitkomst gaf. Hoe God terugbracht in schuldbelijdenis na zonden.

Vaders, hebben we ons kinderen echt wat te vertellen? Wat erg, vader zijn en je kind niks te vertellen hebben. Nooit iets kunnen vertellen van deze God uit je eigen leven. Vader die vreemd is aan God. En toch een kind op moet voeden. Laat die vader in de klem komen. In de nood. Laat die vader roepen en smeken: HEERE, red mij, leer mij U kennen. Want ik ken U niet en erger is niet denkbaar.

En hebben onze kinderen moeders die hierin vader onderstrepen? Zodat onze kinderen uit twee monden en twee harten hetzelfde horen. Het is wat als bijv vader zo over zijn God spreekt tegen zijn kind en moeder haalt haar schouders op, ’t zal wel. Maar voor mij hoeft het allemaal niet zo. Arm kind. Alleen al daarom moet je niet willen trouwen met een jongen of meisje dat de HEERE niet zoekt en kent.

En wat kunnen grootouders en ouderen dan weer een geweldige taak hebben. Naar hun kleinkinderen, naar kinderen van de gemeente. Als belijdenis catechisanten rond kerst ouderen bezoeken onder ons. En u mag als oudere, als grootouder iets vertellen: over hoe de HEERE altijd uitkomst gaf en Zijn Woord waarmaakte. Uit een schat van geloofservaring dat kunnen doorgeven. Hoe de HEERE nooit heeft verstoten en niet heeft teruggewezen ondanks zoveel afdwalingen en zoveel zonden. Wat een zegen: ouderen en grootouders die zo over hun God vertellen mogen en kunnen. Doe het toch: in het algemeen gesproken snakken jongeren ernaar om zoiets te mogen horen. Wie en hoe God nou echt werkt in een mensenleven. Of; al zo oud en nog steeds niets te vertellen? Niets over Gods trouw en ontferming kunnen vertellen? En zelf al zo dicht voor de poort der eeuwigheid staan…. Roep Hem aan, zoek Hem. Roep in die nood Hem aan, de God Die is in Sion groot en Die helpt in nood.

2 Davids raad

Zo, vanuit eigen ervaring zegt David dus tegen Salomo: ken de God van je vader. Wat is dat precies? Kennen. God kennen, iemand kennen. Laten we er eens wat over nadenken. En zo beginnen: wie van u kent president Trump?

Ik denk: niemand. O ja, we weten allemaal wel het een en ander van hem. Wie weet niet dat hij veel twittert, erg kort door de bocht kan gaan, zich weinig van Europa aantrekt, kan schelden op de media, op maar een paar dingen te noemen. Dat weet iedereen wel. Maar hem kennen, nee dat zal niemand. Iemand kennen, daarvoor moet je tijdje met iemand omgaan, contact met iemand hebben gehad. Dan zou je moeten proberen Trump aan de lijn te krijgen, maar dat zal niet meevallen schat ik in. Dan zou je naar Amerika moeten gaan en hem eens een paar keer spreken of met hem eten in het Witte huis. Zal ook niet meevallen. En dan, ja dan zou je kunnen zeggen, ik ken president Trump, een beetje.

Ken de God van uw vader David. Dat is ken de God van het verbond. De God van Wie we zojuist gehoord hebben in het formulier dat Hij als Vader alle kwaad weert of ten onze beste keert. Alle dingen laat meewerken ten goede, dat ze tot Zijn eer zijn en tot onze bekering dienen. Dat Hij als Zoon ons wast in Zijn bloed van al onze zonden zodat wij van al onze zonden bevrijd en rechtvaardig voor God gerekend worden. Dat Hij als Heilige Geest in ons wonen wil dat Hij ons hart vernieuwd zodat we gaan vragen en zoeken naar de vergeving van onze schuld en de vernieuwing van ons leven. En deze God wil door ons gekend worden. Hij staat daar voor open, Hij is zo te bereiken. Ga met Hem om, ken Hem.

Ken de God van het verbond, de God van je vader, grootvader en overgrootvader enz. Zoek contact met Hem, ga met Hem om. Hoe ga je dan met Hem om? Als een bedelaar. Een bedelaar die tot deze Koning komt en zijn lege handen ophoudt. O HEERE, geef mij wat U hebt beloofd. Geef mij o Vader, Uw Vaderlijke zorg, geef mij o Zoon, Uw verzoening en vergeving. Geef mij o Heilige Geest, een nieuw hart en vernieuwd leven dat God zoekt. Want ik ben in Adam in zonden ontvangen en geboren. Ik ben dwaas mbt eeuwige dingen, ik heb schuld die ik nooit wegkrijg, ik ben vijandig en onwillig om mezelf te verloochenen. Geef mij, geef mij.

Ken de God van je vader. Bedel bij Hem om Zijn heil, verzegeld in de doop. En je kent Hem, je leert Hem kennen als de God Die vervult, trouw is en genadig. Ken je Hem, kent u Hem? Waarom ik dat vraag is hierom: kijk, soms is het leuk als je iemand kent. Als je kunt zeggen: ja, ik spreek de burgemeester wel eens, of zelfs de premier, of ik heb nog wel eens gegeten met de koning Willem Alexander. Leuk als je dat zeggen kan, maar ja meer ook niet. Maar God kennen is maar niet leuk, dat is welgelukzalig. En als je God niet kent, niet als bedelaar omgang met God gekregen hebt, dan blijf je verloren, rampzalig, onder Gods toorn en op weg naar de eeuwige verdoemenis.

Hebt u leren bedelen bij God? Omgang gezocht met Hem? Hem leren kennen? Ken de God van je vader. En je leert Hem kennen als getrouw en genadig. En dan zit er ook in: let op deze God, wees opmerkzaam op Hem. Zo is dat ook een in goed huwelijk waarin je elkaar kent: dan ben je in die zin opmerkzaam op elkaar dat je het merkt als de ander ergens mee zit, dat je het merkt als de ander blij verrast is. Het zou niet goed zijn als je vrouw zou zeggen: man, ik loop al dagen ergens over te tobben. En als man moet je zeggen: o ja? Niks van gemerkt. Nee, als je elkaar kent, goed kent, merk je dingen van elkaar. Als je God kent, ga je opmerkzaam worden. Je merkt het als je God verdriet gedaan hebt. Je merkt het als je in Zijn wegen wandelt. Die antenne wordt steeds scherper afgesteld. Zodat je in je gebed in je hart gewaar wordt als je God bedroefd hebt, des te eerder kom je tot inkeer om terug te keren. Ken de God van je vader, hoe vaker je met Hem omgaat en teerder, hoe eerder je merkt als Hij in gunst kijk tof in droefheid naar je. Kent u God? Merkt u iets van Hem? Teer en oprecht. Of is die antenne vastgeroest. Omdat je aan Hem voorbij leeft weer. Zo weinig contact zoekt. Zo los van Hem leeft.

En dan is altijd zo: als je God leert kennen en kent, dan krijg je Hem lief. Dat kan niet anders, God leren kennen, is Hem liefkrijgen. Nabij Hem willen zijn. Genieten van Zijn nabijheid in woord en sacrament. Verlangen Hem te dienen. Die Hem kennen zullen Hem liefhebben. Liefde tot Hem, verlangen naar Hem, genieten van Hem zijn de heerlijkste tekenen dat je Hem kent.

Er is nog nooit iemand geweest die God kende en die niet graag bij Hem was, en die niet genieten kon van zijn God, en die met tegenzin Hem diende. Als dat zo is, nee dan kent u Hem niet, dan hebt u een eigen beeld van God, maar niet de God van het verbond, de God van David.

2 Davids tijd

David zegt tegen zijn zoon Salomo: ken de God van uw vader. We letten er nog eens op wanneer David dat zegt en trekken van daaruit wat lijnen naar ons toe. David zegt dit, zo hoorden we al, vlak voor zijn sterven. Vlak voor zijn sterven heeft David twee keer tot Salomo gesproken: eerst onder 4 ogen, in hoofdstuk 22, en hier terwijl de oversten van volk erbij zijn. Allebei de keren komt het op hetzelfde neer. Dat zijn zoon Salomo de HEERE zal zoeken en kennen. Dát.

Kijk, er speelde meer ten aanzien van Salomo. We hebben dat ook nu gelezen. Salomo zou de tempel gaan bouwen. De tempel, het huis van God. Daar zou heel wat bij komen kijken. Als je leest wat David allemaal had verzameld voor die bouw, als je later leest hoeveel mensen erbij betrokken zijn geweest, welke contacten, ook buitenlandse, daarvoor nodig zijn geweest, dat is een project geweest. Het heeft uiteindelijk 7 jaar geduurd. Dus dat was me een verantwoordelijkheid. En Salomo was eigenlijk de hoofdaannemer van dit project. Dus David had heel wat kunnen zeggen aan goede raad waar Salomo allemaal om zou moeten denken bij die tempelbouw. Maar nu ze afscheid nemen, nu David gaat sterven en Salomo bij hem staat, heeft David het uiteindelijk niet over die tempel en die taak, maar zegt David: ken de HEERE, mijn jongen. Dat zal Salomo meekrijgen, bijblijven van zijn vader voor zijn sterven.

Wat zo tegen uw zoon of dochter zeggen als u ging sterven? Iets over school of werk, of…… Of: ken de HEERE, mijn jongen, mijn meid. Wat laten we dan na als boodschap? Zeg toch tegen uw kinderen wat u echt wilt dat hen bij zal blijven. En laat dat toch zijn: ken de HEERE, mijn jongen, mijn meid. Je laatste afscheid. Zo. Wat zeggen we bij eerder afscheid: op vakantie, of als een kind uit huis gaat wonen?

Maar…… we weten niet of er zo’n moment komt. We weten niet of we de gelegenheid van een sterfbed met een heldere geest krijgen. En dan is er al heel wat tijd voorbijgegaan, dan zijn onze kinderen soms al in de kracht van hun leven. Laten we eerder momenten zoeken waarop we zo vanuit ons hart kunnen spreken met onze kinderen. Vanuit ons eigen leven, wie de HEERE is geweest in de diepten en als wij in zonde vielen. Zulke momenten moeten gegeven worden, dat is waar, je moet niet te pas en te onpas weer met je verhaal aan komen zetten wat ze toch al van tevoren weten. Maar je mag er wel naar zoeken en om bidden, om zulke momenten. En proberen ze te creeren. Bijvoorbeeld op oudjaarsavond. Of als je kind de deur uitgaat. Op vakantie gaat. Op bij het uitlaten van de hond. Momenten waarop je eerlijk onder 4 ogen meegeeft vanuit je eigen leven waar het om gaat. Als die er nou nooit zijn….. En ondertussen heb je je wel je regels en ge- woonten, je grenzen en de dingen die je echt niet wilt dat je kinderen doen, die je ze zelfs verbiedt zolang ze thuis wonen, maar ze horen nou nooit eens waarom dat allemaal is……

Als jongere mag daar gerust ook zelf naar vragen: pa, ma wat zou u nou me graag mee willen geven? Of: wat sprak u het meeste aan in de preek vanmorgen? Misschien zijn ze wel zo blij als je het gesprek probeert open te leggen.

Zoek momenten waarin je zeggen kunt en mag: ken de God van uw vader. Ja, David is er nog niet gerust op, hij zegt er nog wat bij in onze tekst: dien Hem met een volkomen hart en een gewillige ziel. David is niet tevreden als Salomo in het spoor loopt en voor het oog alles doet zoals hij dat geleerd heeft. Jongen, God vraagt een oprecht hart: heel je leven. O ja, ik weet het, je zult wel zeggen of denken, pa, en u dan toen u met mijn moeder overspel deed? Was dat een volkomen hart? Ja, toch wel mijn zoon, God gaf dat ik er berouw van kreeg. Het kon niet blijven duren. Het was geen tweedeling in mijn leven, het was een val, vreselijk. Ik wandelde door Gods genade niet op twee wegen, maar ik viel op de goede weg. God duldt geen twee sporen in je leven. Geen tweedeling.

En dien Hem met een gewillige ziel. Van harte. God ziet het hart aan, en zoekt naar liefde en naar een hart dat Hem met vreugde dient. Alleen naar de kerk gaan en blijven gaan en meedoen in de gemeente is op zich niet voldoende, het gaat erom dat je hart erin is, uit liefde, uit wederliefde. Zeg er dat maar bij tegen uw gezin.

En zeg er ook bij wat David tenslotte zegt: indien gij Hem zoekt Hij zal van u gevonden worden, indien gij Hem verlaat Hij zal u tot in eeuwigheid verstoten. Twee wegen. Die horen we op de preekstoel, die geven we toch ook thuis wel door? Er zijn toch wel momenten in de opvoeding, gesprekken met onze kinderen, dat hemel en hel ter sprake komen? Onze kinderen denken toch niet: ja, op de preekstoel hoor je wel over hemel en hel, maar mijn vader heeft het daar nog nooit met me over gehad. Blijkbaar heb je een godsdienst in de kerk waar dat wel een rol in speelt, en een godsdienst thuis waar dat niet in voorkomt.

Ouders, zoek de momenten met u kinderen. Zoek ze biddend, gebruik ze zuiver. Bewogen, eerlijk. Gebruik die momenten als het nog kan. Als het nog kan. Ja, want er zitten ook ouders in de kerk die zullen zeggen: ja, kon ik maar met mijn kinderen over de HEERE spreken. Maar ik hoef er niet meer over te beginnen, ze zouden weglopen of nog meer aversie krijgen. Het kan niet meer. Dan kan dat andere nog wel. Als ik niet meer met mijn kinderen over de HEERE kan praten, kan ik nog wel met de HEERE over mijn kinderen spreken. Blijf dat vooral doen. Volhard daarin.

Mijn zoon, ken de God van je vader, van je moeder. Want je vader en je moeder verlangen er zo naar om God eeuwig groot te maken. En ze willen dat zo graag samen met jou doen!



Amen


Dovnload 21.02 Kb.