Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Inhoudsopgave 1 Algemene informatie voor bachelorstudenten 9

Dovnload 1 Mb.

Inhoudsopgave 1 Algemene informatie voor bachelorstudenten 9



Pagina6/21
Datum04.04.2017
Grootte1 Mb.

Dovnload 1 Mb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   21



3Bacheloropleiding Bedrijfswetenschappen

3.1Algemeen




3.1.1Inleiding


De studie Bedrijfswetenschappen is opgezet volgens de bachelor-masterstructuur. Dit stelsel is ingevoerd om de universitaire opleidingen in Europa beter op elkaar af te stemmen en onderling vergelijkbaar te maken. Dit houdt in dat er een driejarige bacheloropleiding en een éénjarige masteropleiding wordt aangeboden.
De opleiding Bedrijfswetenschappen geeft je een gedegen theoretische opleiding in de bedrijfskunde. Tegelijkertijd wordt er veel aandacht besteed aan het toepassen van deze theorie op concrete problemen. Hierbij komen ook academische vaardigheden als rapporteren en presenteren aan de orde.
In deze gids vind je uitgebreide informatie over de bacheloropleiding. Alle zaken die van belang zijn voor je studie zijn hier beschreven. Ook het doorstromen naar de masteropleidingen van de faculteit wordt beschreven. Voor de masterprogramma's zelf verwijzen we naar de studiegids Master Programmes.
Vooral het hoofdstuk Praktische Regels ten aanzien van de studie is belangrijk. Hierin staan als het ware de spelregels bij de studie. Spelregels zijn belangrijk, maar houd er rekening mee dat zij in de tijd kunnen veranderen. Aan de informatie in deze studiegids kun je dan ook geen rechten ontlenen. De meest actuele informatie tref je aan op de facultaire website (www.feweb.vu.nl), op Blackboard en op de mededelingenborden bij het studiesecretariaat. Je krijgt ook wijzigingen en informatie op het e-mailadres dat je van de faculteit krijgt. Raadpleeg dit dus regelmatig!

3.1.2Jaarplanning


De jaarplanning voor collegejaar 2006-2007 is als volgt
04.09.06 – 13.10.06 college periode 1

16.10.06 – 20.10.06 zelfstudie

23.10.06 – 27.10.06 tentamens periode 1
30.10.06 – 08.12.06 college periode 2

11.12.06 – 15.12.06 zelfstudie en hertentamens periode 1

18.12.06 – 22.12.06 tentamens periode 2
08.01.07 – 02.02.07 practicum I (periode 3)
05.02.07 – 16.03.07 colleges periode 4

19.03.07 – 23.03.07 zelfstudie en hertentamens periode 2 en periode 3

26.03.06 – 30.03.07 tentamens periode 3 en 4
02.04.07 – 14.05.07 colleges periode 5

15.05.07 – 23.05.07 zelfstudie en hertentamens periode 3 en 4

24.05.07 – 01.06.07 tentamens periode 5
04.06.07 – 29.06.07 practicum II (periode 6)

02.07.07 – 06.07.07 (her)tentamens periode 5 en 6


20-08-07 - 24-08-07 hertentamens periode 6
De volgende dagen zijn college- en tentamenvrij:

25 december 2006 - 5 januari 2007: Kerstvakantie

vrijdag 6 april: Goede Vrijdag

maandag 9 april: Pasen

maandag 30 april: Koninginnedag

donderdag 17 en vrijdag 18 mei: Hemelvaart

maandag 28 mei: Pinksteren

15 juli - 3 september: Zomervakantie


3.2De opleiding




3.2.1Programmabeschrijving


De studie Bedrijfswetenschappen aan de Vrije Universiteit richt zich op de zakelijke dienstverlening. In deze studie staan bedrijfsprocessen van zakelijke dienstverleners centraal. Voorbeelden hiervan zijn banken en verzekeraars, distributeurs en transportbedrijven, adviesbureaus, automatiseerders en internetondernemingen. Maar ook bij producenten vinden dienstverlenende processen plaats. Voorbeelden hiervan zijn interne adviesdiensten, een automatiseringsafdeling en een distributiecentrum.
In de dienstverlening is sprake van een andere situatie dan in een productie- of handelsonderneming. Er worden geen tastbare producten geleverd, maar niet-tastbare diensten, er is intensief contact met de klant, vaak is de dienst speciaal afgestemd op de klant en de menselijke aspecten spelen een cruciale rol in het dienstverleningsproces. Dienstverlening impliceert maatwerk en brengt de noodzaak met zich mee om niet alleen de ‘harde’ kanten van de organisatie, zoals de structuur, de processen en de financiën, maar ook de ‘zachte’ kant, de mensen en de cultuur, goed te kennen. Om die reden leer je bedrijfskundige problemen bezien vanuit vier gezichtspunten:


  • de economische wetenschappen, waarin de economische en financiële achtergrond van de bedrijfsvoering centraal staan

  • de technologie, zowel in haar ondersteunende rol bij bestaande bedrijfsprocessen en informatiesysteem, als in haar vernieuwende rol bij de (her)inrichting van dienstverlenende processen

  • de sociale wetenschappen, waarin het menselijk gedrag in organisaties aan de orde komt

  • algemene bedrijfskunde, waarin strategie en organisatie, centraal staan. In deze discipline wordt ook integratie van de bovenstaande drie disciplines nagestreefd

De studie kent vier specialisaties die zich richten op verschillende sectoren binnen de zakelijke dienstverlening:



  • Finance, Banking and Insurance

  • Electronic Business and IT-Industry

  • Consultancy Industry

  • Transport, Distribution and Logistics



Iedere richting bestaat uit een aantal verplichte vakken en een aantal keuzevakken. De bacheloropleiding wordt afgerond met een scriptie, waarna de studie met een officieel diploma zal worden afgesloten. Je mag dan de internationaal erkende titel Bachelor of Science in Business Administration (BSc in BA) voeren.
Een goede bedrijfskundige is in staat zijn brede kennis te gebruiken om vraagstukken die zich in de praktijk voordoen op te lossen. De studie Bedrijfswetenschappen is een intensieve studie. Een groot deel van het onderwijs vindt plaats in interactieve vorm. Je moet theorie bestuderen en vragen daarover voorbereiden, cases uitwerken, werkstukken maken en je werk presenteren aan je groep.
Elk jaar heeft een studielast van 60 ects (European Credit Transfer System) punten. De eerste twee cursusjaren bestaan elk uit vier perioden van acht weken en twee perioden van vier weken waarin integratieprojecten en aanvullende vakken worden gegeven. Aan het einde van de periode vindt het tentamen plaats. De herkansingen volgen vrij snel op de eerste tentamengelegenheid.
Tijdens de collegecyclus moeten veel opdrachten worden uitgewerkt. Je kunt met behulp van die opdrachten de stof bijhouden. Bij een groot deel van de vakken wordt de beoordeling van deze opdrachten meegewogen in de eindbeoordeling. Dit betekent dat succesvol studeren tijd kost. Je moet rekenen op een werkweek van veertig uur. Het is niet mogelijk om een omvangrijke bijbaan naast je studie te hebben, mede omdat je veel in groepjes op de universiteit aan opdrachten werkt.

3.2.2Doelstellingen en eindtermen



Academische doelstellingen

De opleiding Bedrijfswetenschappen heeft tot doel bedrijfskundigen op te leiden die in staat zijn geavanceerde multidisciplinaire kennis toe te passen en die toepassing in een specifieke situatie te beoordelen. Het accent van deze wetenschappelijke opleiding ligt op kritische reflectie. Centraal staat het produceren of ontwikkelen van kennis en het toepassen van kennis. Deze kennisproductie en kennistoepassing dienen te voldoen aan een aantal criteria, zoals objectiviteit, steekhoudende argumentatie en kritische analyse.


Professionele doelstellingen

De doelstelling van de studie Bedrijfswetenschappen is om academisch gevormde bedrijfskundigen met een bijzondere expertise op het terrein van de zakelijke dienstverlening op te leiden.

De opleiding voorziet in het aandragen van gefundeerde kennis waardoor de afgestudeerden in staat zijn om praktijkproblemen aan de hand van relevante theorie te analyseren, in een multidisciplinair teamverband oplossingen te ontwikkelen en over te dragen aan de afnemer(s) waarbij rekening gehouden wordt met de implementatie-aspecten.

Beoogd profiel van de afgestudeerde

De opleiding Bedrijfswetenschappen leidt op voor management- en adviesfuncties in de dienstverlenende context. Dit kan zijn binnen de dienstverlenende organisaties (zoals bank- en verzekeringswezen, adviesbureaus, internetbedrijven), maar ook binnen de dienstverlenende afdelingen van grote industriële ondernemingen. Vanuit een brede deskundigheid kan de student in een specifieke beroepsrol als manager, consultant, ondernemer of onderzoeker functioneren binnen vier reeds genoemde sectoren (Finance, Banking and Insurance; Electronic Business and IT-Industry; Transport, Distribution and Logistics en Consultancy Industry).

Afgestudeerden dienen bijvoorbeeld inzetbaar te zijn bij projecten zoals:


  • de werkplastplanning bij een verzekeringsmaatschappij of distributiecentrum

  • de invoering van nieuwe technologie en het innovatiebeleid

  • het organiseren van het aanbod van nieuwe producten

  • het vormgeven van organisatieveranderingen als gevolg van fusies, overnames of afsplitsing van activiteiten

  • het opzetten van financieringsconstructies

  • het invoeren van een personeelsbeoordelingssysteem


Operationalisering van de doelstellingen in eindtermen
Inzicht in wetenschapsdiscipline(s)

De student heeft inzicht in het theoretische en methodologische kennisdomein van de bedrijfskundige wetenschapsdiscipline in samenhang met de wetenschapsdisciplines van de economie, de sociale wetenschappen en de technologie.

Na deze opleiding heeft de student voldoende basis om bedrijfskundige vraagstukken te analyseren en oplossingen te ontwikkelen met behulp van bedrijfskundige methoden en technieken om gegevens te verzamelen en te analyseren. Tevens heeft de student ervaring met het wetenschappelijk verantwoord opzetten, uitvoeren en rapporteren van een onderzoeksproject.
Toegang tot wetenschappelijke kennis

De afgestudeerde student is in staat wetenschappelijke artikelen en vakpublicaties op te sporen die nodig zijn in de eigen (wetenschappelijke of maatschappelijke) beroepspraktijk en is in staat deze publicaties kritisch te beoordelen.

Na de bacheloropleiding kan de afgestudeerde student wetenschappelijke vraagstukken en theoretische kaders weergeven en van deskundig commentaar voorzien.

Ook heeft de afgestudeerde bachelor die expertise ontwikkeld op het gebied van de zakelijke dienstverlening in de gekozen specialisatie waarmee hij specifieke bedrijfskundige vraagstukken kan aanpakken.


Wetenschappelijke attitude

De afgestudeerde bachelor:



  • heeft inzicht in de aard van wetenschappelijke kennis en de wijze waarop deze tot stand komt

  • kan op een wetenschappelijk verantwoorde wijze bedrijfskundige vraagstukken beschrijven en verklaren

  • heeft een open oog voor wetenschappelijke en maatschappelijke ontwikkelingen en heeft de attitude en vaardigheden die nodig zijn voor levenslang leren en professionele groei

  • is in staat op heldere wijze schriftelijk te rapporteren en mondeling te presenteren, afgestemd op een gegeven forum en kan zich zowel mondeling als schriftelijk goed uitdrukken in de Nederlandse taal

  • beschikt over de denk- en redeneervaardigheden die nodig zijn voor adequate wetenschapsbeoefening en -toepassing.


Praktische vaardigheden

De afgestudeerde bachelor is in staat projecten planmatig op te zetten en uit te voeren, hij kan werken in teamverband en hij bezit de communicatieve en sociale vaardigheden die nodig zijn voor het functioneren in arbeidsorganisaties, voor het samenwerken met anderen en voor de omgang met opdrachtgevers, cliënten en tegenspelers.

Na de bachelorfase kan de student de veel voorkomende knelpunten en valkuilen in implementatietrajecten beschrijven en kan hierbij oplossingen aandragen op het vlak van organisatie, mensen (acceptatie) en systemen (zowel de productiesystemen als de informatiesystemen).

Professionele vaardigheden

Na de bacheloropleiding kan de student vanuit zijn brede deskundigheid op verschillende terreinen (Finance, Banking and Insurance; Electronic Business and IT-Industry; Consultancy Industry; Transport, Distribution and Logistics) werkzaam zijn.



De afgestudeerde bachelor heeft een kwaliteitsbewuste habitus; rekening houdend met de gegeven randvoorwaarden levert hij producten en diensten van professioneel kwaliteitsniveau.
De afgestudeerde bachelor onderkent in welke omstandigheden het belangrijk is onafhankelijk, rationeel en gedisciplineerd te denken en heeft de durf en de kracht om zijn vermogens dan in te zetten.
Door de internationale oriëntatie van de opleiding is de afgestudeerde bachelor in staat in een internationale context te opereren.
Na deze opleiding benadert de afgestudeerde student bedrijfskundige vraagstukken integraal vanuit de perspectieven van economie, technologische wetenschappen, sociale- en algemene bedrijfswetenschappen.

3.2.3Werkvormen


De werkvormen zijn afgestemd op de eindtermen. Hierin staat centraal dat niet alleen kennis verworven moet worden, maar ook inzicht om de bruikbaarheid van de kennis te beoordelen en de vaardigheid om deze toe te passen. Om die reden wordt het accent gelegd op interactieve werkvormen, zoals discussiecolleges, casecolleges en projecten. Door te werken met theorieën en modellen ontstaat inzicht in de mogelijkheden en onmogelijkheden van deze theorieën en modellen. Door het gebruik van cases en werkstukken kun je oefenen met de toepassing ervan. De meeste colleges vinden plaats als practica, waarin een grote inzet van je gevergd wordt. Er wordt per vak slechts in beperkte mate (ongeveer éénderde tot de helft van de contacturen) hoorcollege gegeven. In deze hoorcolleges wordt een inleiding op de theorie gegeven.
In het eerste en tweede jaar worden hoorcolleges, discussiecolleges, casecolleges en practica gegeven. De discussiecolleges, casecolleges en practica vinden plaats in werkgroepen van 20 tot 25 studenten; hoorcolleges worden gegeven aan grotere groepen studenten.


  • Tijdens een hoorcollege geeft de docent een inleiding over de theorie. Gemiddeld moet je rekenen op twee tot drie hoorcolleges van twee uur per week.

  • Daarnaast worden discussiecolleges gegeven. In discussiecolleges komt een werkgroep bij elkaar en wordt onder leiding van een docent de literatuur kritisch besproken en bediscussieerd. Vaak worden hierbij korte opdrachten verstrekt die je moet voorbereiden..

  • In casecolleges wordt het geleerde toegepast in aan de praktijk ontleende cases. Je zult meestal in teams van twee à drie studenten een case uitwerken. Bij de case-uitwerking moet je het probleem goed definiëren, vaststellen op welke wijze een oplossing voor het probleem ontwikkeld zal worden, en dit vervolgens uitwerken en op schrift stellen. Tijdens het casecollege worden door teams uitwerkingen gepresenteerd, die vervolgens door de groep bediscussieerd worden. De praktijkopdrachten en cases hebben vooral als doel inzicht te bevorderen en te leren hoe iets toegepast moet worden. Voor deze colleges geldt in vrijwel alle gevallen een aanwezigheidsplicht.

  • Practica, waarin uitwerkingen van opgaven worden besproken. Ook hier geldt dat voor deze colleges in het algemeen een aanwezigheidsplicht geldt.



In het derde jaar kennen vakken een grotere diversiteit aan werkvormen dan in jaar één en twee. De meeste vakken zullen gedoceerd worden via hoorcolleges. Verder zal in kleine groepjes of individueel aan een essay of paper worden gewerkt. Het onderwijs van de professionele vaardigheden zal een sterk interactief karakter hebben. Voor een meer gedetailleerde beschrijving van de werkvormen wordt verwezen naar de vakomschrijvingen.

3.2.4Toetsing


De stof die behandeld is in de colleges, wordt schriftelijk getentamineerd. De tentamens kunnen uit zowel open vragen als meerkeuzevragen bestaan. Voor informatie over de becijfering zie het hoofdstuk Algemene informatie voor bachelorstudenten.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   21

  • 3.1.2Jaarplanning
  • 3.2De opleiding
  • 3.2.2Doelstellingen en eindtermen
  • 3.2.3Werkvormen
  • 3.2.4Toetsing

  • Dovnload 1 Mb.