Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Inhoudsopgave 1 Inleiding 7

Dovnload 5.47 Mb.

Inhoudsopgave 1 Inleiding 7



Pagina29/36
Datum25.10.2017
Grootte5.47 Mb.

Dovnload 5.47 Mb.
1   ...   25   26   27   28   29   30   31   32   ...   36

MCCI_MT000300 - Transmission Wrapper in applicatie-antwoorden


D-MIM: MCCI_DM000000

R-MIM: MCCI_RM000300

HL7v3 gestructureerde naam: Application Level Acknowledgement

De Transmission Wrapper in antwoordberichten bevat exact dezelfde elementen als transmission wrapper in ontvangstbevestigingen (zie paragraaf 13.2). Het enige verschil met de transmission wrapper in ontvangstbevestigingen (MCCI_MT000200) zit in de specificatie voor het attribuut Message/acknowledgement/@typeCode. Deze wordt hieronder apart toegelicht

      1. acknowledgement


        Element: acknowledgement

        Pad: Message (Stub)

        Subelement

        DT

        Kard

        C

        LBA

        Omschrijving

        @typeCode

        CS

        1..1

        M




        Een code die aangeeft of een ontvangen bericht al dan niet positief bevestigd wordt. De waarden zijn afkomstig uit de HL7 vocabulaire AcknowledgementType.

        CONF Bevat een ‘Ax’ code. De te gebruiken waarden zijn AA (application accept, geen fouten), AE (application error, één of meer fouten) of AR (application reject, tijdelijk niet verwerkbaar).
    1. MCCI_MT200101 - Batch wrapper event response message


D-MIM: MCCI_DM000000

R-MIM: MCCI_RM200101

HL7v3 gestructureerde naam: Batch Wrapper event response message

De Batchantwoord-wrapper is een specifiek type transmission wrapper en bevat geen koppeling met een TECA-wrapper, maar met de stubklasse Message. Deze klasse staat voor een willekeurige volledige interactie welke weer bestaat uit een transmission wrapper en eventueel een TECA-wrapper met daarin eventueel berichtinhoud.

De Batchantwoord-wrapper volgt in vrijwel alle opzichten de specificatie van de Transmission Wrapper in ontvangstbevestigingen, maar wijkt op een paar punten af. Hier volgt de beschrijving van de batch specifieke berichtelementen.


      1. Batch


Element: MCCI_IN200101 (een Batch “stub” wordt door de interactienaam MCCI_IN200101 vervangen)

Pad:

Subelement

DT

Kard

C

LBA

Omschrijving

id

II

1…1

M




Een unieke identificatie van de interactie. De identificatie wordt toegekend door de zendende applicatie. Het identificatiesysteem dat de applicatie daarvoor gebruikt wordt geïdentificeerd door een OID in het attribuut @root. De OID moet, in combinatie met het toegekende identificatie in in het attribuut @extension, wereldwijd uniek zijn, en mag nooit meer worden uitgedeeld.

De OID voor het identificatiesysteem kan bijvoorbeeld worden afgeleid van de URA, AORTA-organisatie-id, anders, …), of het AORTA applicatie-id, maar dit is geen verplichting. Iedere OID die voldoet aan het principe van uniekheid is geldig.



CONF Deze identificatie is uniek en kan nooit nogmaals worden uitgedeeld, noch door dezelfde applicatie, noch door een andere applicatie.

creationTime

TS

1..1

M




Het tijdstip waarop het bericht is aangemaakt, dit is onafhankelijk van het tijdstip waarop een bepaalde klinische of administratieve gebeurtenis de noodzaak tot het versturen van het bericht deed ontstaan.

CONF @value dient tenminste te bestaan uit jaar, maand, dag, uur, minuten en seconden.

versionCode

CS CNE

1..1

M




De versie van de in het bericht gebruikte HL7-infrastructuurmodellen (o.a. data types, RIM, wrappers). De ontvanger gebruikt deze waarde om het bericht juist te kunnen interpreteren. Dit attribuut bevat standaard de waarde die de versie identificeert waarop de berichten gebaseerd zijn

CONF @code heeft de vaste waarde “NICTIZEd2005-Okt” (NICTIZ Editie Oktober 2005)

interactionId

SET_II

1..1

M




Referentie naar de unieke HL7v3 “Interaction Identifier” (“Interaction ID”) van de interactie waar dit bericht deel van uitmaakt.

CONF @root heeft vaste waarde “2.16.840.1.113883.1.6”

CONF @extension moet het betreffende interaction-id, MCCI_IN200101, bevatten

profileId

II

1…1

M




Identificeert het berichtprofiel en identificeert de AORTA-publicatierelease waaraan het bericht voldoet. De zender van het bericht geeft hiermee aan dat de interactie aan dit berichtprofiel voldoet.

Zie ook het gelijknamige element in §13.1.



CONF @root heeft de vaste waarde “2.16.840.1.113883.2.4.3.11.1”

CONF @extension heeft @extensie vaste waarde “810” voor de AORTA publicatieversie 6.x

CONF Indien de ontvanger constateert dat een interactie niet voldoet aan de eisen zoals vastgelegd in de opgegeven (middels profileId) AORTA publicatierelease dan dient een foutmelding aan de zender gestuurd te worden.

CONF De ontvanger dient antwoorden op de interactie op basis van dezelfde publicatierelease op te stellen als de interactie waarop het een antwoord vormt.

referenceControlId




0..1

NP







name

SC CWE

0..1

NP







batchComment

SET

0…1

NP







transmissionQuantity

INT

1…1

M




Bevat het aantal berichten opgenomen in deze batch.

batchTotalNumber

INT

0…*

NP







acknowledgement




1..1

M




Een batch-antwoord is applicatie-antwoord. Het is in AORTA altijd een positieve bevestiging, ongeacht of er één of meer interacties in zitten met foutmeldingen.

Voor de inhoud van dit element zit het enige verschil met de specificatie onder §13.2.1 dan ook in het attribuut @typeCode. Deze wordt als enige hier toegelicht



CONF @typeCode moet ‘AA’ bevatten

receiver




1..1

M




Bevat de gegevens van de bedoelde ontvangende applicatie van de interactie. Zie verder §13.1.1.

respondTo




0..1

X







sender




1..1

M




Bevat de gegevens van de zendende applicatie van de interactie. Zie verder §13.1.3.

Message




0…*

O




Een Batch bevat nul of meer interacties. Dit deel van het batchantwoord vormt als het ware de payload van het batchbericht.



Een batchantwoord kan interacties bevatten die afkomstig zijn uit de systemen met verschillende AORTA-versies (publicatiereleases), welke op dat moment ondersteund worden op de AORTA. De berichten hebben ieder een eigen transmission wrapper met het desbetreffende profile-id). Als het profile-id afwijkt van het profile-id uit de vraag dan betreft het altijd een eerdere publicatieversie en nooit een latere. In zo’n geval heeft de ZIM de oorspronkelijke vraag moeten converteren naar deze eerdere versie om antwoord te kunnen krijgen van het betreffende systeem.


1   ...   25   26   27   28   29   30   31   32   ...   36

  • MCCI_MT200101 - Batch wrapper event response message
  • Batch

  • Dovnload 5.47 Mb.