Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Inhoudsopgave 1 Inleiding 7

Dovnload 5.47 Mb.

Inhoudsopgave 1 Inleiding 7



Pagina30/36
Datum25.10.2017
Grootte5.47 Mb.

Dovnload 5.47 Mb.
1   ...   26   27   28   29   30   31   32   33   ...   36

Message Types – Message Control Act Infrastructure

  1. MCAI_MT700201 - Standaard TECA-wrapper


D-MIM: MCAI_DM700200

R-MIM: MCAI_RM700200

HL7v3 gestructureerde naam: Trigger Event Control Act



Deze TECA-wrapper wordt toegepast in notificatieberichten en in verzoekberichten met vertrouwensniveau midden of hoger.
      1. ControlActProcess


Element: ControlActProcess

Pad:

Subelement

DT

Kard

C

LBA

Omschrijving

@classCode

CS

0..1

O




Bevat het klassetype

CONF @classCode is optioneel aanwezig en heeft de standaardwaarde “ACTN”

@moodCode

CS

1…1

M




Dit attribuut heeft een waarde uit de x_ActMoodIntentEvent HL7 vocabulary domain.

CONF @moodCode bevat de vaste waarde “EVN”

id

II

0…*

O




Een unieke identificatie van de gebeurtenis (event). Deze identificatie (bestaande uit een OID en een volgnummer) is uniek en mag nooit nogmaals worden uitgedeeld, noch door dezelfde applicatie, noch door een andere applicatie.

CONF @root bevat verplicht de identificatie van het identificatiesysteem waarmee de unieke identificatie is gemaakt.

CONF @extension bevat verplicht een unieke identificatie binnen het identificatiesysteem dat is geïdentificeerd in @root.

code

CD

0…1

O




Bevat de gecodeerde aanleiding voor verzending van deze interactie. Dit heet het HL7v3-Trigger Event. Elke interactie heeft exact één Trigger Event . Elk Trigger Event kan tot meerdere interacties leiden. De toepassingsgids voor een interactie definieert welk trigger event van toepassing is. Bijvoorbeeld “MCCI_TE000002” voor de interactie “MCCI_IN000002”.

CONF @code bevat verplicht de trigger event code behorende bij de interactie.

CONF @codeSystem bevat verplicht de waarde “2.16.840.1.113883.1.18”

text

ED

0..1

X







effectiveTime

TS

0…1

O




Datum en tijdstip (NB: geen interval) waarop de gebeurtenis die het bericht heeft doen ontstaan, plaatsvond. Dit tijdstip is mogelijkerwijs anders dan het tijdstip van het versturen van het bericht zoals opgenomen in de Transmission Wrapper.



Opmerking ten aanzien van antwoordberichten: de ontvangst van een vraagbericht is aanleiding tot het versturen van een antwoordbericht. Het effectiveTime attribuut van een antwoordbericht bevat om deze reden het verwerkingstijdstip van het ontvangen vraagbericht.

priorityCode

SET CWE

0…*

C




Een code (uit de ActPriority HL7 codeset), of een reeks codes die prioriteit (mate van spoed) aangeven van de omstandigheden waarbinnen de gebeurtenis optreedt. Indien dit attribuut niet mee gezonden is, wordt het bericht met prioriteit normaal (‘R’ – routine) verwerkt.

CONF priorityCode niet gebruiken tenzij specifiek beschreven in een toepassingsgids

reasonCode




0..1

X







languageCode




0..1

X












1…1

M

Inhoudsverantwoordelijke

De partij die inhoudelijk verantwoordelijk is voor de inhoud van de ControlActProcess klasse. Dit kan afhankelijk van het vertrouwensniveau dat toegepast is een persoon of een applicatie zijn. De authorOrPerformer is hierna auteur genoemd. Zie verder §14.1.2

dataEnterer




0..1

X







informationRecipient




0..1

X







overseer




1…1

M

Mandaatverlener

De partij die de uiteindelijke (juridische) verantwoordelijkheid draagt voor de transactie waarop de interactie betrekking heeft, zonder noodzakelijkerwijs betrokken te zijn geweest bij het verzendproces of bij de activiteiten beschreven in het bericht. Veelal is de overseer gelijk aan de auteur of de performer. Een zorgverlener kan ook een medewerker mandateren om bepaalde berichten namens de zorgverlener te versturen (overseer is dan een mandaterende). De overseer kan alleen een persoon zijn. Zie verder §14.1.3

CONF overseer is verplicht als het vertrouwensniveau van de interactie, midden of hoger is. Dit is bijvoorbeeld het geval voor alle initiërende interacties met medisch inhoudelijk karakter.

CONF overseer is optioneel als het vertrouwensniveau van de interactie, laag is. Dit is bijvoorbeeld het geval voor communicatie met de SBV-Z, maar bijvoorbeeld ook voor opleverberichten.

reason




0…*

C




Een of meer gedetecteerde problemen/waarschuwingen/meldingen bij de informatie in de interactie. In eerdere versies van de AORTA-publicatie was hier nog een noodgevalprocedure voorzien. Op dit moment zijn er geen gebruikscenario’s onderkend voor dit element. Post publicatie van dit document kunnen er echter in een toepassing gebruikscenario’s worden geïdentificeerd en gespecificeerd.

CONF reason is verplicht als dit door een toepassing voor een interactie is gespecificeerd.

subject




0..*

C




Bevat de koppeling met de feitelijke berichtinhoud (payload). Zie verder §14.1.7.

CONF subject is verplicht als er berichtinhoud is en mag herhalen indien van toepassing in de betreffende interactie.


      1. authorOrPerformer


        Element: authorOrPerformer

        Pad: ControlActProcess

        Subelement

        DT

        Kard

        C

        LBA

        Omschrijving

        @typeCode

        CS

        1..1

        M




        Bevat het partcipatietype uit de HL7v3-valueset x_ ParticipationAuthorPerformer

        CONF @typeCode moet de waarde “AUT” of “PRF” hebben.

        noteText

        ED

        0…1

        X







        time

        IVL

        0…1

        X







        modeCode

        CE CWE

        0…1

        X







        signatureCode

        CE CNE

        0…1

        X







        signatureText

        ED

        0…1

        X







        participant




        1..1

        M




        De associatie die gebruikt wordt om aan te geven dat de auteur een persoon of een device kan zijn (keuze tussen CMET R_AssignedPerson universal of CMET R_AssigneDevice universal). Zie verder §14.1.4
      2. overseer


        Element: overseer

        Pad: ControlActProcess

        Subelement

        DT

        Kard

        C

        LBA

        Omschrijving

        @typeCode

        CS

        1..1

        M




        Dit attribuut heeft waarde uit de x_ParticipationVrfRespSprfWit HL7 vocabulary domain.

        CONF @typeCode moet de waarde “RESP” hebben.

        time

        IVL_TS

        0…1

        O




        Het tijdstip waarop het mandaat door overseer is verleend.

        modeCode

        CE

        0…*

        X







        signatureCode

        CE CNE

        0…1

        X







        signatureText

        ED

        0…1

        X







        AssignedPerson




        1…1

        M




        Bevat de identificatie van een persoon die een rol kan vervullen namens een organisatie. Zie [HL7v3 IH BC] voor de verdere beschrijving van R_AssignedPerson universal CMET.



        Zie paragraaf 5.1 “TECA-wrapper actoren (auteur en verantwoordelijke)” voor de specificatie van AssignedPerson en onderliggende elementen. Merk op dat hier alleen de elementen en attributen worden beschreven die vanuit de context van de TECA-wrapper relevant zijn. Voor alle niet beschreven attributen geldt conformance “X” (Niet gebruiken) en deze dienen te worden genegeerd bij verwerking door een ontvanger.
      3. ParticipantChoice


        Element: {choice}

        Pad: ControlActProcess/authorOrPerformer/participant

        CONF Eén van de subelementen moet voorkomen.

        Subelement

        DT

        Kard

        C

        LBA

        Omschrijving

        AssignedDevice




        0..1

        C




        Identificeert de auteur van de ControlActProcess klasse wanneer dit een applicatie is. Zie paragraaf 14.1.5 voor de specificatie van de belangrijkste elementen en zie [HL7v3 IH BC] voor de overige detailspecificatie van AssignedDevice in CMET R_AssignedDevice universal.



        Een device kan alleen als auteur optreden in interacties met authenticatie op vertrouwensniveau laag.

        • Een device kan als auteur optreden in verificatieberichten (zie [HL7v3 IH VWI]).

        • Een device kan als auteur optreden in vraagberichten aan de SBV-Z (BSN en WID gerelateerde Query Interacties).

        • Een device kan als auteur optreden in de berichten die geïniteerd zijn door de ZIM.

        • Een device kan als auteur optreden in antwoordberichten op opvraagberichten waarop in dezelfde sessie antwoord wordt verwacht (queryByParameter/responsePriorityCode/@code=”I”)

        AssignedPerson




        0..1

        C




        Identificeert de auteur van de ControlActProcess klasse wanneer dit een persoon is. Zie paragraaf 14.1.6 voor de specificatie van de belangrijkste elementen en zie [HL7v3 IH BC] voor de overige detailspecificatie van AssignedPerson in CMET R_AssignedPerson universal.
      4. AssignedDevice


Zie paragraaf 5.1 “TECA-wrapper actoren (auteur en verantwoordelijke)” voor de specificatie van AssignedDevice en onderliggende elementen. Merk op dat hier alleen de elementen en attributen worden beschreven die vanuit de context van de TECA-wrapper relevant zijn. Voor alle niet beschreven attributen geldt conformance “X” (Niet gebruiken) en deze dienen te worden genegeerd bij verwerking door een ontvanger.
      1. AssignedPerson


Zie paragraaf 5.1 “TECA-wrapper actoren (auteur en verantwoordelijke)” voor de specificatie van AssignedPerson en onderliggende elementen. Merk op dat hier alleen de elementen en attributen worden beschreven die vanuit de context van de TECA-wrapper relevant zijn. Voor alle niet beschreven attributen geldt conformance “X” (Niet gebruiken) en deze dienen te worden genegeerd bij verwerking door een ontvanger.
      1. subject


        Element: subject

        Pad: ControlActProcess

        Subelement

        DT

        Kard

        C

        LBA

        Omschrijving

        @typeCode

        CS

        0..1

        F




        Bevat het type relatie van de geassocieerde act.

        CONF @typeCode moet, indien aanwezig de waarde “SUBJ” bevatten.






        1..1

        M




        Het element hangt af van de gespecificeerde domeininhoud voor een bepaalde interactie.
1   ...   26   27   28   29   30   31   32   33   ...   36

  • ControlActProcess
  • ParticipantChoice
  • AssignedDevice
  • AssignedPerson

  • Dovnload 5.47 Mb.