Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Inhoudsopgave Inleiding 3 Kenmerken van het onderwijs in de Tweede Fase 3 Indeling van het schooljaar 4

Dovnload 181.25 Kb.

Inhoudsopgave Inleiding 3 Kenmerken van het onderwijs in de Tweede Fase 3 Indeling van het schooljaar 4



Datum09.04.2017
Grootte181.25 Kb.

Dovnload 181.25 Kb.




Inhoudsopgave



1. Inleiding 3

2. Kenmerken van het onderwijs in de Tweede Fase 3

3. Indeling van het schooljaar 4

4. Toetsing in de Tweede Fase 4

5. De begeleiding van de leerlingen 5

6. Nieuwe vakken 6

7. Uitgestelde profielkeuze 6

8. De profielen 7

9. Vakken in de maatschappijstroom en de natuurstroom (4 VWO) 8

10. Vakken in de vier profielen in VWO 5 en VWO 6 10

11. Mogelijkheden in het vervolgonderwijs met de verschillende profielen 11

12. Studiebegeleidingsuren 15

13. Te verwachten kosten in VWO 4 15

14. Voorlichting nieuwe vakken: Filosofie 16

15. Voorlichting nieuwe vakken: Muziek 18

16. Voorlichting nieuwe vakken: Informatica 20

17. Voorlichting nieuwe vakken: Wiskunde D 27


1.Inleiding

Bij de overstap van leerjaar 3 naar leerjaar 4 kom je in de Tweede Fase terecht. Dit brengt de nodige veranderingen met zich mee. De manier van lesgeven in de Tweede Fase is anders dan je in de onderbouw gewend was. Meer dan in de onderbouw ligt de nadruk op zelfstandig werken en plannen. Ook de indeling van het schooljaar en de manier waarop stof getoetst wordt zijn anders dan in de eerste drie leerjaren. Daarnaast zul je in de bovenbouw kennis maken met een aantal nieuwe vakken.

Omdat de masterclass-, gymnasium- en atheneumleerlingen in de bovenbouw de lessen vaak samen volgen, spreken we vrijwel altijd over VWO 4 (Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs). Op het diploma is het verschil tussen gymnasium en atheneum wel te zien: Bij de leerlingen die tot en met Gymnasium 6 een klassieke taal hebben gevolgd staat Gymnasium vermeld op het diploma. De masterclassleerlingen krijgen een diploma Atheneum of Gymnasium en ontvangen daarnaast een getuigschrift.
Een belangrijke verandering is dat je vanaf de 4e klas een keuze maakt voor de maatschappijstroom of de natuurstroom. Aan het einde van VWO 4 kies je vervolgens één van de vier profielen: cultuur & maatschappij, economie & maatschappij, natuur & gezondheid of natuur & techniek. Deze keuzes zijn belangrijk omdat de keuze voor een bepaald profiel directe gevolgen heeft voor je mogelijkheden in het vervolgonderwijs.
In dit boekje vind je informatie over het onderwijs in de Tweede Fase, de samenstelling van de verschillende stromen en profielen en de inhoud van de nieuwe vakken waar je mee te maken kunt krijgen. Het is belangrijk dit goed door te nemen om een weloverwogen stroomkeuze te maken en goed voorbereid te kunnen beginnen aan het vierde leerjaar.
We hebben geprobeerd een aanbod te maken dat recht doet aan de verschillende profielen en goed aansluit bij het vervolgonderwijs. We hebben er voor gekozen niet alle vakken aan te bieden als examenvak. Wel willen we alle leerlingen de mogelijkheid bieden zich breed te ontwikkelen. Daarom hebben we besloten vanaf het schooljaar 2010-2011 te gaan werken met een aanbod van keuzemodules naast de gewone schoolvakken.


2.Kenmerken van het onderwijs in de Tweede Fase

In de vierde klas van het VWO begint de Tweede Fase. Meer dan in de onderbouw leer je in de Tweede Fase zelfstandig te werken en je eigen studietijd in te plannen. Het onderwijs in de Tweede Fase kent daarom een andere opzet dan in de eerste drie leerjaren. De belangrijkste verschillen zijn:




  1. Alle toetsen die in een schooljaar worden gemaakt zijn vastgelegd in het Programma van Toetsing en Afsluiting (het PTA). In de studiewijzer vinden de leerlingen voor ieder vak een overzicht van wat er van week tot week gedaan moet worden. Zo kan er zelfstandig naar de toetsen toegewerkt worden.




  1. We kennen meerdere soorten toetsen. Voor ieder vak heb je een aantal keren per jaar een schoolexamentoets (SET). Voor de meeste vakken is dit 4 keer per jaar, afgenomen tijdens de toetsweken. Daarnaast geven veel vakken een aantal kleinere kennistoetsen (KT’s). Tenslotte worden door een aantal vakken ook andere (praktische) opdrachten (PO’s) gegeven. Al deze toetsen uit VWO 4, 5 en 6 bepalen uiteindelijk je schoolexamencijfer.




  1. Voor de meeste vakken wordt in VWO 6 een afsluitend Centraal Examen (CE) afgenomen. Alle regels met betrekking tot het schoolexamen en het centraal examen staan in het examenreglement.




  1. Alle leerlingen maken in de Tweede Fase een profielwerkstuk. Het profielwerkstuk is het verslag van een zelfstandig uitgevoerd onderzoek, gekoppeld aan een profielvak. Op het VWO beginnen leerlingen hiermee in de laatste maanden 4 van VWO 5.




  1. De leerlingen kunnen een aantal lesuren in de week zelf kiezen waar, aan welk vak en hoe (dus niet of) ze willen werken. Deze studiebegeleidingsuren (sbu) bevorderen de zelfstandigheid.




  1. Om te komen tot een goede keuze voor de vervolgstudie moeten de leerlingen deelnemen aan een traject Loopbaan Oriëntatie en Begeleiding (LOB). Dit wordt tijdens de mentorlessen begeleid door de mentor.

3.Indeling van het schooljaar


In de Tweede Fase wordt gesproken over studielasturen (slu). Met slu wordt bedoeld de tijd die leerlingen aan school besteden, dus inclusief lestijd, huiswerk en toetstijd. Elk schooljaar in de Tweede Fase bestaat uit ongeveer 1600 slu. De hele VWO bovenbouw beslaat dus 4800 slu. Dit komt neer op werkweken van 40 uur, dus per schooldag zo’n 2 uur huiswerk.

Het schooljaar in de Tweede Fase is verdeeld in 4 blokken met ongeveer een gelijk aantal lesdagen. Na het einde van ieder blok worden de behaalde resultaten besproken en worden er rapporten uitgereikt. In VWO 4, 5 en 6 worden alle blokken afgesloten met een toetsweek. Tijdens de toetsweken vervallen de reguliere lessen. In deze toetsperiode worden schoolexamentoetsen (SET) afgenomen voor alle vakken. Tijdens het blok worden daarnaast PO’s (praktische opdrachten) en KT’s (kennistoetsen) afgenomen.


Alle leerlingen hebben gedurende het schooljaar twee keer de mogelijkheid om een schoolexamentoets uit de voorgaande blokken te herkansen. Na blok 2 kunnen de leerlingen een toets herkansen uit blok 1 of 2 en na blok 4 kunnen de leerlingen een toets herkansen uit blok 3 of 4. In de examenklassen kunnen de leerlingen na ieder blok een herkansing maken.


4.Toetsing in de Tweede Fase

Schoolexamentoetsen beslaan een grotere hoeveelheid stof dan proefwerken uit de onderbouw. Goed bijhouden en plannen van stof gedurende het blok is daarom belangrijk.

Om de overgang van onderbouw naar bovenbouw soepeler te laten verlopen zijn daarnaast kennistoetsen en (groeps)opdrachten ingevoerd. Kennistoetsen zijn te vergelijken met de huidige schriftelijke overhoringen / proefwerken in de onderbouw. Een stofomschrijving, data en deadlines voor alle toetsen en opdrachten zijn te vinden in het plan van toetsing en afsluiting, het PTA.
De cijfers die in de 4e klas worden gehaald worden meegenomen naar het examen en tellen daarin (zij het minder zwaar dan de cijfers die in latere jaren worden gehaald) mee. Eigenlijk wordt hiermee het schoolexamen naar voren gehaald, waardoor de druk in het examenjaar wat minder hoog is.


5.De begeleiding van de leerlingen





  1. Mentoraat

De leerling in de Tweede Fase moet meer zelfstandig (leren) werken. Hierbij wordt de leerling begeleid door een mentor. Om de begeleiding vorm te kunnen geven, hebben de leerlingen in de 4e klassen één maal per week een mentoruur, waarin van alles wordt besproken en geregeld. De indeling van de mentorgroepen is niet langer altijd klassikaal, mede doordat in de tweede fase een deel van de lessen niet meer in klassenverband wordt gegeven. Hierdoor is het mogelijk de groepsgrootte van de mentorgroepen beperkt te houden.

Tijdens de mentorlessen wordt onder andere aandacht besteedt aan de volgende onderwerpen:



  • Het eerste waar de leerling mee geconfronteerd wordt in het 4e leerjaar is het Programma van Toetsing en Afsluiting (PTA) en de studiewijzers. Om de leerlingen hierin wegwijs te maken is er een blokuur voor de mentor en de klas ingepland aan het begin van het schooljaar.

  • Met behulp van deze studiewijzers en het PTA plant de leerling de te verwerken stof. De mentor ondersteunt en volgt de verrichtingen van zijn / haar mentorleerlingen.

  • De mentor houdt van iedere leerling uit zijn / haar mentorgroep de vorderingen bij. Zodra de mentor merkt dat er ergens iets niet goed gaat, kan hij / zij bijsturen.

  • Aan het begin van het schooljaar heeft de mentor met iedere mentorleerling een kennismakingsgesprek. Ook is er in september een kennismakingsgesprek met de ouders / verzorgers van de mentorleerling zodat er wederzijds vertrouwen ontstaat, waardoor de mentor de leerling optimaal kan begeleiden.

  • De mentor heeft gedurende het schooljaar regelmatig voortgangsgesprekken met zijn leerlingen.

  • De mentor zal de leerling ook adviseren om zich in te schrijven voor bepaalde studiebegeleidingsuren als er meer hulp wenselijk is voor een bepaald vak.

  • De leerlingen zullen zich in de Tweede Fase moeten oriënteren op hun vervolgopleiding (LOB). Ook hierin worden ze begeleid door de mentor.




  1. Tweedelijns zorg

Voor de leerlingen, die extra begeleiding nodig hebben, zijn er mensen in de tweede lijn beschikbaar: er is een counselor, een decaan en een RT-docent (remedial teacher) aanwezig op school. De mentor zal de leerling zonodig doorverwijzen. De leerling of de ouders kunnen natuurlijk ook zelf contact opnemen met de counselor, de RT-docent of de decaan.


  1. Kennismakingsactiviteit

Leerlingen volgen niet allemaal meer dezelfde vakken; er worden nieuwe klassen en clusters gevormd. Om zo snel mogelijk een hechte groep te krijgen, wordt er voor de VWO 4 leerlingen aan het begin van het schooljaar een kennismakingsactiviteit georganiseerd. Over de exacte invulling van deze kennismakingsactiviteit en de bijbehorende kosten ontvangt u tijdig informatie.


  1. Voorlichtingsavond

In september is er voor de VWO 4 leerlingen en hun ouders een voorlichtingsavond met nadere uitleg over de vernieuwde Tweede Fase. In januari/februari volgt een 2e voorlichtingsavond met informatie over de definitieve profielkeuze en de nieuwe keuzevakken in VWO 5.


  1. Tien minuten gesprekken

Na blok 1, 2 en 3 worden er avonden georganiseerd waarop de ouders / verzorgers (met of zonder hun zoon / dochter) kunnen spreken met vakdocenten en / of de mentor.


6.Nieuwe vakken

In de Tweede Fase krijg je te maken met een aantal nieuwe vakken:




  • Algemene Natuur Wetenschappen (ANW)

  • Culturele en Kunstzinnige Vorming (CKV, alleen voor de atheneumleerlingen)

  • Klassieke Culturele Vorming (KCV, alleen voor de gymnasiumleerlingen)

  • Maatschappijleer (Ma)

  • Filosofie (Fi)

  • Informatica (In)

  • Muziek (Mu)

  • Wiskunde D (WisD)

ANW, CKV (atheneum) / KCV (gymnasium) en Maatschappijleer zijn vakken die door alle leerlingen gevolgd moeten worden. De vakken Filosofie, Informatica, Muziek en Wiskunde D zijn profielvakken of keuzevakken.


Een deel van de studielast in de Tweede Fase mag door school naar eigen inzicht worden ingevuld. Met ingang van het schooljaar 2010-2011 worden in dit “geheel vrije deel” keuzemodules aangeboden. Deze modules bieden leerlingen de kans kennis te maken met (delen van) vakken die niet in het reguliere vakaanbod voorkomen. Het volgen van een extra vak, lidmaatschap van bijvoorbeeld de BLR (leerlingenraad), BLV (feestcommissie) en de BEAT (schoolkrant) of deelname aan PAL (Peer Assisted Learning) zijn alternatieven voor het volgen van een module. De exacte invulling van de modules is op moment van publicatie van deze brochure nog niet bekend. Mogelijk wordt Cambridge Engels aangeboden als vervanging van een module. Later dit schooljaar volgt meer informatie. Suggesties zijn altijd welkom!
Begin maart krijgen de leerlingen de mogelijkheid onder schooltijd voor de nieuwe keuzevakken (Fi, In, Mu en WisD) een voorlichting te volgen. Achterin dit boekje staat informatie over de inhoud van deze vakken.


7.Uitgestelde profielkeuze

Het Bataafs Lyceum heeft op het VWO een uitgestelde profielkeuze. Dit houdt in dat de leerlingen in VWO 4 lessen volgen in de maatschappijstroom of de natuurstroom. Deze keuze wordt in het derde leerjaar gemaakt. In maart/april van VWO 4 wordt dan de definitieve profielkeuze gemaakt: cultuur & maatschappij of economie & maatschappij voor de maatschappijstroom leerlingen en natuur & gezondheid of natuur & techniek voor de natuurstroom leerlingen. Vanaf VWO 5 volgen de leerlingen de lessen in het gekozen profiel.


De uitgestelde profielkeuze heeft als voordeel dat leerlingen langer de tijd hebben om tot een weloverwogen profielkeuze te komen. Tijdens het 4e leerjaar maken ze kennis met vakken uit beide profielen van de gekozen stroom.


8.De profielen

Vanaf VWO 5 volgen de leerlingen een van de onderstaande profielen:




    • Cultuur en Maatschappij

    • Economie en Maatschappij

    • Natuur en Gezondheid

    • Natuur en Techniek

De pakketten zien er als volgt uit:




    1. Een gemeenschappelijk deel. Voor de leerlingen van het atheneum bestaat dit uit Nederlands, Engels, Frans of Duits, maatschappijleer, CKV, ANW en lichamelijke opvoeding. Voor de gymnasiumleerlingen wordt Latijn of Grieks gevolgd in plaats van Frans of Duits en KCV in plaats van CKV.




    1. Een profieldeel. Deze vakken zijn specifiek voor het gekozen profiel. Het profieldeel bestaat uit vier profielvakken. In de 4e klas volgen de leerlingen 5 profielvakken in de gekozen stroom.




    1. Een vrij deel. Hierin moet één keuze-examenvak gekozen worden. Er is de mogelijkheid om een extra keuze-examenvak te volgen. Een tweede keuze-examenvak wordt meegenomen in het rooster. Een eventueel derde keuze-examenvak wordt niet ingeroosterd (dit om veel tussenuren voor medeleerlingen te voorkomen). Met de daarvoor gemotiveerde leerlingen gaan we aan het begin van het schooljaar kijken of we in de roosters een mogelijkheid kunnen vinden voor het volgen van het gewenste extra vak.




    1. Aanvullende module. Leerlingen hebben naast bovengenoemde vakken de mogelijkheid om in VWO 4, 5 en 6 één of meer modules te volgen. Het volgen van 1 module per jaar is verplicht voor alle leerlingen die 1 keuze-examenvak volgen in het vrije deel. Leerlingen die een extra keuze-examenvak volgen hoeven geen module te kiezen. De exacte invulling van de modules wordt nog vastgesteld.


9.Vakken in de maatschappijstroom en de natuurstroom (4 VWO)




Maatschappijstroom





Vak

Gemeenschappelijk deel

Nederlands

Engels

Duits of Frans

Voor gymnasiumleerlingen : Latijn of Grieks



Maatschappijleer *

Culturele en Kunstzinnige Vorming

Voor gymnasiumleerlingen: Klassieke Culturele Vorming*



Lichamelijke Opvoeding

Algemene Natuurwetenschappen *

Profieldeel

Aardrijkskunde

Wiskunde A

Geschiedenis

Economie

Filosofie

Vrije deel

(keuzevakken)


Duits of Frans

Muziek

Informatica **

Grieks of Latijn (alleen voor Gymnasiasten)

Keuzemodule

Aanbod nog niet bekend

* Deze vakken worden afgesloten in VWO 4

** Dit vak start in VWO 5
Bij te geringe belangstelling kan het zijn dat een keuzevak niet wordt aangeboden. De betreffende leerlingen worden in dat geval gevraagd een ander keuzevak te kiezen.


Natuurstroom







Vak

Gemeenschappelijk deel

Nederlands

Engels

Duits of Frans

Voor gymnasiumleerlingen: Latijn of Grieks



Maatschappijleer *

Culturele en Kunstzinnige Vorming

Voor gymnasiumleerlingen: Klassieke Culturele Vorming *



Lichamelijke Opvoeding

Algemene Natuurwetenschappen *

Profieldeel

Biologie

Wiskunde B

Scheikunde

Natuurkunde

Aansluitingsmodule Wiskunde A/D **

Vrije deel


(keuzevakken)


Duits / Frans

Economie

Muziek

Filosofie

Informatica ***

Grieks of Latijn (alleen voor gymnasiasten)

Keuzemodule


Aanbod nog niet bekend

* Deze vakken worden afgesloten in VWO 4

** Voor de leerlingen die in VWO 5 het profiel Natuur en Gezondheid kiezen, bestaat de mogelijkheid in VWO 5 te kiezen voor Wiskunde A in plaats van Wiskunde B. De leerlingen die kiezen voor het profiel NT krijgen Wiskunde D in hun profiel. De aansluitingsmodule Wiskunde A/D zorgt voor een goede aansluiting met Wiskunde A en Wiskunde D in VWO 5.

*** Dit vak start in VWO 5


Bij te geringe belangstelling kan het zijn dat een keuzevak niet wordt aangeboden. De betreffende leerlingen worden in dat geval gevraagd een ander keuzevak te kiezen.

10.Vakken in de vier profielen in VWO 5 en VWO 6











 

 


NT

NG / NG +NT

EM

CM

Gemeenschappelijk deel
 

 

 



Nederlands

Nederlands

Nederlands

Nederlands

Engels

Engels

Engels

Engels

2e MVT / Kl. Taal

2e MVT / Kl. Taal

2e MVT / Kl. Taal

2e MVT / Kl. Taal

Maatschappijleer

Maatschappijleer

Maatschappijleer

Maatschappijleer

LO

LO

LO

LO

CKV of KCV

CKV of KCV

CKV of KCV

CKV of KCV

PWS**

PWS**

PWS**

PWS**

ANW

ANW

ANW

ANW

profielvakken


Wiskunde B

Wiskunde A / B

Wiskunde A

Wiskunde C

Natuurkunde

Natuurkunde

Economie

Geschiedenis

Scheikunde

Scheikunde

Geschiedenis

Aardrijkskunde

Wiskunde D

Biologie

Aardrijkskunde

Filosofie

 keuze examenvak

(ten minste 1, maximaal 2 vakken) 

 
  


MVT / Kl. Taal

MVT / Kl. Taal

MVT / Kl. Taal

MVT / Kl. Taal

Economie

Economie

Muziek*

Economie

Muziek*

Muziek*

Filosofie

Muziek*

Filosofie

Filosofie

Informatica*

Informatica*

Informatica*

Informatica*

 




Biologie

Wiskunde D

 

 













Keuzemodules

Keuzemodules

Keuzemodules

Keuzemodules

keuzemodules

Profielwerkstuk 

profielwerkstuk

profielwerkstuk

profielwerkstuk

profielwerkstuk

* Alleen bij voldoende belangstelling

** in VWO 5/6


11.Mogelijkheden in het vervolgonderwijs met de verschillende profielen

De keuze voor maatschappij- of natuurstroom en vervolgens voor een definitief profiel (cultuur & maatschappij, economie & maatschappij, natuur & gezondheid of natuur & techniek) is van grote invloed op de mogelijkheden in het vervolgonderwijs. Ook de keuzevakken kunnen van invloed zijn. Op de volgende pagina’s vind je een overzicht van de mogelijke vervolgstudies in het Wetenschappelijk Onderwijs (WO, de universiteiten) voor de vier profielen in het VWO. Bij de profielen staat ook aangegeven voor welke studies dit profiel toelating geeft als er een extra vak is gevolgd.



12.Studiebegeleidingsuren

Naast de gewone lessen hebben de leerlingen de mogelijkheid gebruik te maken van de studiebegeleidingsuren. In deze uren kunnen de leerlingen zelf kiezen waar en wanneer ze willen werken en aan welk vak. De leerlingen kunnen zelf kiezen wanneer ze deze uren volgen en zijn daardoor in staat een eventueel ingeroosterd tussenuur nuttig te gebruiken.


De leerlingen kunnen hun keuze (thuis of op school) doorgeven via een computerprogramma (CUP, contacturen planner). De leerlingen kunnen kiezen uit:

    • Een werkplek in de mediatheek, met of zonder computer

    • Een vakondersteuningsuur

Voor de kernvakken Nederlands, Engels en Wiskunde worden wekelijkse steunlessen aangeboden voor leerlingen die moeite hebben met deze vakken. Bij tegenvallende resultaten kan deelname aan deze steunlessen door de docent (tijdelijk) verplicht worden gesteld.


13.Te verwachten kosten in VWO 4

Naast de gewone schoolmaterialen als schooltas en schriften zijn er in VWO 4 de volgende kosten te verwachten:


Kennismakingsactiviteit

Grafische rekenmachine

Schoolboeken

Naslagwerken (woordenboeken, BINAS, atlas)

Schoolbijdrage

Bijdrage aan excursies


14.Voorlichting nieuwe vakken: Filosofie






Ik kies FILOSOFIE als keuzevak !

Omdat

……..


Wat moet hier staan

om jou te kunnen overtuigen:
Ik kan er rijk mee worden

De leraar is goed


Ik wordt eerder toegelaten bij selectie studies op HBO en Universiteit
Aantal opleidingen met selectie: uni: van 26 naar 44, HBO van 17 naar 30 !” NRC 25-1-13

Het is nuttig voor mijn vervolg studie

De onderwerpen zijn heel interessant

MEER INFO: WWW.FILOSTART.NL

Het maakt me gelukkig

Het lijkt me een leuk vak


enquête op school: leerlingen die het vak filosofie volgen zeggen meer dan 90 procent leuk, interessant èn nuttig vinden.
Ik heb goede dingen gehoord van andere leerlingen

Het verbreedt mijn ontwikkeling





Kan een computer denken? Religie of wetenschap?
"De filosofielessen bij Bart van Haaster zal ik nooit vergeten. Een leuke, inspirerende leraar die je, ook buiten zijn vakgebied, stimuleert om je als mens te ontwikkelen. De lessen bieden het aangename tegenwicht dat in een β-school nodig is. Door de lessen heb ik een bredere, scherpere visie gekregen van mijzelf en de wereld om me heen." Michiel van Baar VWO 6 N&G en N&T
Vraag Bart van Haaster om meer info! Lokaal 1.10

Je mag elke les langskomen om te kijken hoe ik les geef !

Ik studeer nu veiligheidskunde op Saxion en ik had niet verwacht dat ik zoveel zou hebben aan het vak filosofie. In de 5e hadden we het bijv. over utopieën en nu hebben we het op Saxion over veiligheidsutopie. ” Luc Kuipers HAVO 5 E&M






Is het erg als er geen

vrije wil bestaat?
Ben je als misdadiger zelf schuld?
Wat is een rechtvaardige straf?

Wat is de beste

samenleving?


Zijn Social Media gevaarlijk

voor mens en samenleving?






Moet ik een goed mens zijn?

Emoties of nuchter verstand?


Hoe kan ik met argumenten overtuigend schrijven en spreken?

Is homeopathie wetenschappelijk?


Wanneer is kennis zeker waar? ………..

WWW.FILOSTART.NL


15.Voorlichting nieuwe vakken: Muziek


Eindexamen Muziek bestaat uit het centraal examen en de schoolexamens.

Het examenprogramma bestaat uit de volgende domeinen:
Domein A

Vaktheorie;

Stap voor stap (ook voor leerlingen die geen instrument bespelen) een basisprogramma theorie om goed wegwijs te raken binnen muziek. Je krijgt d.m.v. speelstukken, bandinstrumenten leren, het spelen in een band en het zingen zo praktisch mogelijk de theorie aangeboden.

Door je bewust te zijn, hoe de eerste en vroegste klanken zich langzaam ontwikkelen naar de top 100 van nu, is muziek beter te plaatsen. Je krijgt door zelf te onderzoeken en te presenteren een overzicht over het ontstaan en de ontwikkeling van de westerse muziek.
Domein B

Praktijk;

We zullen toewerken, zowel logistiek als muzikaal, naar een optreden. Het opnemen van bijv. zang en evt. bandstukken is ook belangrijk. Wie kan van zichzelf zeggen dat hij op een CD staat?

Je krijgt workshops in het bespelen van het drumstel, de basgitaar en begeleiding spelen op piano. Er is ook kans om via allerlei voorhanden materiaal je instrumenten beter onder de knie te krijgen. Door wat investering van je vrije tijd kun je bijv. in je tussenuren en pauzes al een heel eind komen met gitaar spelen.
Domein C

Oriëntatie op studie en beroep.

Als voorbereiding op bijv. het conservatorium is de in het vak eindexamen muziek aangeboden theorie een hele grote en goede stap in de juiste richting. De manier van werken in de lessen sluit goed aan bij de manier gehanteerd op het conservatorium.
Het centraal examen

Het centraal examen heeft alleen betrekking op domein A. Dit zal een examen zijn waarbij muziek(notatie) geanalyseerd, algemene muziekkennis gevraagd wordt en in verschillende muziekstukken auditief een analyse wordt gevraagd.


De schoolexamens

De schoolexamen zullen uit domeinen A & B bestaan.

Op de volgende pagina de wettelijk bepaalde vereisten voor het vak eindexamen-muziek;
Domein A: Vaktheorie

Subdomein A1: Waarnemen en weten

1. De kandidaat kan:

- een muzieknotatie volgen;

- klinkende eenvoudige ritmes en melodiefragmenten noteren;

- muzikale aspecten onderscheiden, herkennen en benoemen naar aanleiding

van klinkende voorbeelden.
Subdomein A2: Analyseren en interpreteren

2. De kandidaat kan:

- muzikale structuren analyseren naar aanleiding van klinkende voorbeelden;

- muzikale processen interpreteren;

-zijn muzikale beleving in verband brengen met de muzikale aspecten,

betekenissen en functies van muziek.


Subdomein A3: Muziek en cultuur

3. De kandidaat kan:

- historische ordening aanbrengen in de ontwikkeling van muzikale vormen en

genres;


- hem bekende werken plaatsen in de ontwikkelingslijn van muzieksoorten, in

een geografische regio en een maatschappelijke context en kan daarbij

verbanden leggen tussen cultuurhistorische perioden;

- hem onbekende werken plaatsen op basis van culturele, stilistische,

vormtechnische en muziekhistorische argumenten;

- op basis van een probleemstelling een onderwerp uit de

muziekgeschiedenis/muziekcultuur uitwerken en daarover verslag doen.
Domein B: Praktijk

Subdomein B1: Zingen en spelen

4. De kandidaat kan:

- een gevarieerd repertoire uitvoeren van één- en meerstemmige vocale en/of

instrumentale muziek;

- onvoorbereid een melodie/muziekstuk spelen;

- een melodie treffen.
Subdomein B2: Improviseren en componeren

5. De kandidaat kan muziek improviseren en componeren, vanuit een

probleemstelling en met weloverwogen gebruik van muzikale materialen en

middelen.


Domein C: Oriëntatie op studie en beroep
Met vragen over Muziek kun je terecht bij dhr. Huiskes (Muzieklokaal).

16. Voorlichting nieuwe vakken: Informatica


Waarom informatica kiezen?


Informatica is een boeiend vak voor iedere leerling. Waar je nu of later ook werkt of studeert: je hebt altijd te maken computers en informatica.

Voorbeelden:



    • kunstmatige intelligentie

    • virtual reality

    • spraaktechnologie

    • gebaarherkenning en computer vision

    • interactie tussen computer en mens

    • op een natuurlijke manier met een computer communiceren

    • ‘onzichtbare’ toepassingen

Wil je vooral allerlei computertoepassingen leren gebruiken? Of internetten? Of gamen? Of websites bouwen? Of programmeren? Dan moet je eerst maar even doorlezen. Bij het vak informatica leer je namelijk veel meer. Interactie met technologie vind je overal en verschillende manieren. Techniek is dan ook minder belangrijk dan in projecten kunnen werken. Dan is het belangrijk dat je goed met anderen kunt samenwerken. En bovendien: creativiteit.
Informatica is dan ook een bijzonder boeiend vak. Het is veelzijdig, want het wordt overal toegepast. Verder is informatica een onderdeel bij alle studies in HBO en op universiteiten. Basiskennis en concepten van informatica heb je daar hard nodig. Meisjes blijken op veel terreinen van informatica minstens zo goed of zelfs beter dan jongens te zijn. Ze richten vaak niet op de techniek, maar op de vraag: wat kun je ermee? En dat is eigenlijk de belangrijkste vraag bij dit vak.

Informatica is in elk geval wel heel praktisch. Je leert veel met en over computers.


In de figuur hieronder zie je de vier pijlers van het vak.


Wat leer je bij informatica?


Kort gezegd: je leert bij informatica heel veel over computers en ICT.

Informatica gaat over het verwerken van informatie met computers.


We noemen dit ook wel ICT: Informatie- en Communicatietechnologie.

De hoofdonderwerpen zijn



  • informatie en communicatie,

  • toepassingen,

  • techniek,

  • computers en netwerken,

  • de inzet in allerlei organisaties,

  • nieuwe ontwikkelingen.

Bij Informatica maken we gebruik van de methode Fundament van uitgeverij Instruct.

Dit voorjaar verschijnt er een nieuwe uitgave van de methode op de markt, dus alle leerstof is weer helemaal up to date. Dat mag ook wel bij Informatica.





Fundament Informatica:. De online omgeving is helemaal geactualiseerd. Op school gebruiken we de online omgeving. (In speciale gevallen kan van een boek gebruik gemaakt worden)

Voor het onderdeel programmeren zijn er diverse programmeermodules.

In het voorjaar van 2012 verschijnen er drie nieuwe uitgaven.

Oa een heel mooi boekje over het maken van apps

NIEUW In het boek Ontwikkelen van iOS apps wordt het ontwikkelen van een app stap voor stap uitgewerkt. Er staan tal van voorbeelden en uitwerkingen in. Dit boek is ook ook online, via Fundament Programmeren, beschikbaar.



nformatica
Fundament is helemaal bij de tijd! Alle modules zijn herschreven, aangevuld met nieuwe ontwikkelingen en aangepast aan het werken in It’s Learning. Ook alle vragen, opdrachten en presentaties zijn bijgewerkt. Een aantal programmeermodulen zijn of worden vernieuwd. Allereerst VB. Net, PHP en Java. Kortom: de vertrouwde lesmethode is helemaal klaar voor de nieuwe generatie leerlingen, dus voor jou.

Een aantal onderwerpen van informatica in beeld:





informatie en communicatie



kunstmatige intelligentie



autoroute plannen



biometrie



samenwerken



legorobot



wat zit er in de computer?




computernetwerken

firewall

beveiliging



programmeren



computer vision



dynamische websites



databases en sql



strokendiagram van
een database




informatie verwerken





games ontwerpen



Hieronder staan onderwerpen uitgewerkt. Pak een pen en streep voor jezelf maar eens aan welke van de volgende dingen je interesseren.

  • Wat is informatie en wanneer kan een computer informatie verwerken?

  • Wat zijn informatiesystemen en hoe werken ze?

  • Hoe zet je met een groep mensen een informatiesysteem in elkaar?

  • Wat is belangrijk voor de gebruikers van een nieuw informatiesysteem?

  • Hoe maken bedrijven en andere organisaties gebruik van informatiesystemen?

  • Op welke manier kunnen computers informatie verwerken?

  • Hoe communiceren mensen met computers en omgekeerd?

  • Wat gebeurt er in de computer als je werkt met hardware en software?

  • Wat voor soorten hard- en software zijn er?

  • Wat is de geschiedenis van computers?

  • Wat komt erbij kijken als computers in netwerken verbonden zijn?

  • Hoe werkt internet?

  • Wat zijn de minder leuke kanten van het werken met computers?

  • Hoe zet je een systeem op dat informatie kan verwerken?

  • Hoe zijn gegevens in databases opgeslagen en hoe werken databases?

  • Hoe verloopt een automatiseringsproject?

  • Hoe ontwikkel je een systeem voor een organisatie?

  • Welke methoden en technieken voor systeemontwikkeling zijn er?

  • Op welke manieren is informatica in vervolgstudies te vinden?

  • Welke informatica studies zijn er in het hoger beroepsonderwijs (HBO) en op universiteiten?




Informatica: groep 3 en groep 4

In het schema hierboven kun je zien waar je je bij informatica in havo en vwo op oriënteert: groep 3 en 4. Het is een boeiend en veelzijdig vak. Je zit regelmatig achter de computer, maar je werkt ook veel in groepjes aan allerlei opdrachten.




Gelukkig past informatica in alle profielen.

In alle profielen is informatica een keuzevak.

Hieronder staan een paar voorbeelden van toepassingen van informatica in de vier profielen.
Cultuur & Maatschappij


  • evolutionaire kunst

  • ontsluiten van cultuur via internet

  • personaliseren van een website

  • digitaliseren van beeld, geluid, film, muziek, video, e.d.

Economie & Maatschappij

  • datamining (zoeken naar informatie in veel verschillende bronnen)

  • eigen bedrijf

  • beheer(sen) van de kosten van ICT-projecten

  • geografische informatiesystemen (GIS)

  • hoe werkt de Verkiezingswijzer?

Natuur & Gezondheid

Natuur & Techniek

  • surveillance en videobewaking

  • simulatieprogramma’s voor scholieren

  • robotica, bijvoorbeeld de robocup met als deelonderwerpen

    • vision - hoe weet de robot waar hij zich bevindt: waar is de robot zelf?
      En waar zijn de doelen? En waar is de bal?

    • communicatie: samenwerking en strategie

    • computerarchitectuur

Examen doe je helemaal op school


Informatica is een examenvak met alleen een schoolexamen. Je doet dus geen centraal schriftelijk examen. Alle toetsen en opdrachten worden door je docent beoordeeld.

Het cijfer voor je schoolexamen bestaat voor tenminste de helft uit praktijktoetsen.


Theorie


De onderwerpen vind je in theorieboeken met uitleg, voorbeelden en opdrachten. Bij de theorie wordt veel verwezen naar websites. Daar kun je aanvullend en actueel materiaal vinden. Nergens gaan de ontwikkelingen immers zo snel als in de informatica.

Bij de theorie krijg je ook toetsen.


Praktijk


Bij de onderwerpen in de theorieboeken vind je veel praktische voorbeelden. Ook krijg je veel korte opdrachten om de theorie in de praktijk te brengen.

Dat kan zijn door het maken van een kleine website voor een opdrachtgever. Maar het kunnen ook langere praktische opdrachten zijn. Voorbeelden:



  • je maakt een website voor leerlingen die bij Management en Organisatie bezig zijn met het onderdeel Marketing;

  • je doet een automatiseringsproject;

  • je maakt dynamische websites met html, php, mysql, en dergelijke.

Voor al deze voorbeelden geldt: de praktijk moet zoveel mogelijk lijken op ‘echte situaties’. Dat zijn ze natuurlijk niet en je mag dus fouten maken. Je bent immers niet met een beroepsopleiding bezig. Informatica is een algemeen vormend vak voor elke leerling in havo en vwo.


Boeken informatica


Er zijn verschillende boeken voor het vak informatica. Op het Bataafs Lyceum is gekozen voor Fundament van uitgeverij Instruct. Dit wordt online gebruikt. (dus geen boek). De informatica methode voor havo en vwo behandelt de theorie en de praktijk van computers. Praktisch werken vormt echter minstens de helft van het vak.

Onderwerpen in de boeken:



  • informatiesystemen: wat komt er allemaal bij kijken?

  • soorten informatiesystemen

  • geschiedenis van computers

  • soorten computers en randapparatuur (beeldschermen, digitale camera’s, printers, e.d.)

  • hoe werkt de computer?

  • computerprogramma’s: de verschillende soorten software

  • internet en andere computer netwerken: hoe communiceren computers?

  • programmeren

  • informatie in computers: relationele databases en sql

  • werken in projecten

  • ontwikkelen van systemen

  • ICT in bedrijven en organisaties

In de boeken leer je ook om websites te maken: html, php en mysql zijn daarbij mogelijke gereedschappen. Ook kun je met verschillende programmeertalen leren werken: Java, Delphi, PHP, Visual Basic.


Meer weten?


  1. Vraag de docent informatica (H.J. de Wilde) hoe het vak er bij hem uitziet.
    En vraag het vooral eens aan leerlingen in de vijfde en zesde klas.

  2. Kijk eens op de websites van de boeken voor informatica. Ze richten zich voor een deel wel op docenten, maar je kunt er toch veel wijzer worden.

  3. Er is een tijdelijk inlog gemaakt voor jullie in It’s Learning: inloggen in It’s Learning en ga naar vak Voorlichting Informatica


Met vragen over informatica kun je terecht bij dhr. De Wilde, lokaal 1.08 of kamer 1.02



17.Voorlichting nieuwe vakken: Wiskunde D



Voorlichting nieuwe vakken: Wiskunde D

Ga in zee met wiskunde D


De dikke en de dunne.

Voor wie is deze wiskunde bedoeld?

Niet voor de heren op de foto. De komieken zijn helaas allang overleden. Zij worstelden al met de rekenvaardigheden van de basisschool.

Wiskunde D is bedoeld voor alle leerlingen van HAVO en VWO die een exacte (technische) studie gaan volgen. Deze leerlingen kiezen in de bovenbouw voor een natuurprofiel met wiskunde B. Wiskunde D is dus een aanvulling (verdieping en verbreding) op Wiskunde B. Wiskunde B is vaak abstracter en theoretischer dan wiskunde A. Wiskunde A is bedoeld voor het maatschappijprofiel. Wiskunde A volstaat ook voor leerlingen die bijvoorbeeld een medische opleiding gaan volgen.

Is wiskunde B dan niet voldoende voor een exacte studierichting?

Leerlingen die een natuurprofiel met wiskunde B met goed gevolg hebben afgelegd moeten worden toegelaten op de universiteit. Dus: wiskunde B is voldoende en wiskunde D is niet verplicht voor een exacte studierichting. Maar de eerstejaars studenten krijgen het in hun eerste studiemaanden vaak zwaar omdat ze allemaal een soort “reparatiecursus” moeten ondergaan voordat de opleiding echt begint. Het gaat er vooral om hun (algebraïsche) rekenvaardigheden op peil te brengen. Degenen met wiskunde D hebben een minder moeilijke start en een betere basis voor een technische studie.



Hoe komt het dat wiskunde B niet voldoende is?

Op de middelbare school bestaat wiskunde uit drie gebieden:



  • kansrekening en statistiek

  • analyse en algebra

  • (ruimte-)meetkunde

Bij de invoering van de Tweede Fase werd het aantal uren wiskunde verminderd. Dat had tot gevolg dat onderwerpen bij wiskunde B minder diepgaand besproken konden worden en dat er bij wiskunde B onderwerpen weg gesneden werden.

Zo werd er veel meetkunde geschrapt en verdwenen er stukken analyse en algebra uit het programma. Kortom leerlingen kregen minder diepgaand en minder wiskunde.

Vanaf 2007, de vernieuwde Tweede Fase, iser bij wiskunde B nog veel meer geschrapt. Om de urenvermindering van wiskunde B te compenseren werd wiskunde D ingevoerd.

Waar gaat wiskunde D over?


  • Wiskunde D staat enerzijds voor verbreding. Bij wiskunde B is de kansrekening verdwenen. Die wordt bij wiskunde D weer aangeboden. Wat geschrapt werd komt bij wiskunde D terug.

  • Anderzijds staat wiskunde D voor verdieping van de wiskunde. Je maakt bijvoorbeeld kennis met nieuwe getallen en nieuwe onderwerpen zoals: de complexe getallen, analytische meetkunde (parabool hyperbool ellips), vectoren, limieten en differntiaalvergelijkingen.


Is wiskunde D leuk?

Er zijn leuke problemen om te onderzoeken, zoals het “driedeurenprobleem” (uit de voormalige Willem Ruis show) en het “schatgraversprobleem”. Je maakt kennis met nieuwe onderwerpen die in de vervolgopleidingen worden aangeboden. Wiskunde is niet altijd leuk of spannend. Er wordt nogal eens een beroep gedaan op je doorzettingsvermogen, maar daar word je dan ook voor beloond. Als je affiniteit met het vak wiskunde hebt en je vindt het leuk, dan is het een ideaal vak voor jou.


In welke leerjaren krijg je wiskunde D?

In VWO 4 is de aansluitingsmodule wiskunde A/D verplicht bij het natuurprofiel. In VWO 5 is wiskunde D een profielvak bij het profiel Natuur en Techniek. De leerlingen met Natuur en Gezondheid die Wiskunde B volgen kunnen het vak kiezen als keuzevak.

Het is een examenvak dat alleen bestaat uit schoolexamens. Er is dus geen Centraal Examen aan het eind van VWO 6.
Wat heb je nu aan wiskunde D?


  • Tijdens de middelbare schooltijd kom je in aanraking met HBO en UNIVERSITEIT en bedrijfsleven. Wiskunde D is daar ook voor bedoeld. Hopelijk kom je daardoor tot een nog betere keuze van je vervolgopleiding.

  • Bij wiskunde D wordt een goede wiskundige basis gelegd voor de exacte vervolgopleiding. De succeskansen voor een student met wiskunde D zijn groter.


Hoe kan ik meer informatie krijgen?

Op de eerste plaats via je eigen wiskundedocent en via de wiskundedocenten die ook in de bovenbouw werken. Voor meer informatie over Wiskunde D kun je bij het Bataafs Lyceum ook terecht bij dhr. Olbertz (lokaal 0.12)





  • 2.Kenmerken van het onderwijs in de Tweede Fase
  • 3.Indeling van het schooljaar
  • 4.Toetsing in de Tweede Fase
  • 5.De begeleiding van de leerlingen
  • 7.Uitgestelde profielkeuze
  • 9.Vakken in de maatschappijstroom en de natuurstroom (4 VWO)
  • 10.Vakken in de vier profielen in VWO 5 en VWO 6
  • 11.Mogelijkheden in het vervolgonderwijs met de verschillende profielen
  • 12.Studiebegeleidingsuren
  • 13.Te verwachten kosten in VWO 4
  • 14.Voorlichting nieuwe vakken: Filosofie
  • 15.Voorlichting nieuwe vakken: Muziek
  • 16. Voorlichting nieuwe vakken: Informatica
  • Wat leer je bij informatica
  • Examen doe je helemaal op school
  • Boeken informatica
  • Meer weten
  • 17.Voorlichting nieuwe vakken: Wiskunde D

  • Dovnload 181.25 Kb.