Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Inleiding van Klaas van der Kamp voor het Beraad van Kerken in Zuid-Holland, 14 maart 2009

Dovnload 19 Kb.

Inleiding van Klaas van der Kamp voor het Beraad van Kerken in Zuid-Holland, 14 maart 2009



Datum17.06.2017
Grootte19 Kb.

Dovnload 19 Kb.



Inleiding van Klaas van der Kamp voor het Beraad van Kerken in Zuid-Holland, 14 maart 2009


Amici amicaeque oecumenicae,
Eén van mijn laatste artikelen die ik als fulltime-journalist in 1988 schreef ging over de oecumene. Het was een verslag van een kerkelijke bijeenkomst. Iemand stelde de vraag: ‘Stond de oecumene het afgelopen jaar bij u op de agenda van de kerkenraad of het parochiebestuur?’ Een iets oudere pastoor antwoordde: ‘We hoeven het er niet apart over te hebben, want aan het einde van een agendapunt checken we altijd of het handig is dit onderwerp samen met anderen op te pakken’. Ik schreef een stukje en zette er de kop boven: ‘oecumene als bloeiende sluitpost’. Ik moest er aan denken toen ik aangesteld werd bij de Raad van Kerken. Eigenlijk is het mijn taak om dat honderd tachtig graden te veranderen. Oecumene gaat aan ieder werk voor af. Ik zal u dat uitleggen. Eerst het principe. En dan een paar praktische consequenties.
Als Salomo aan het einde van zijn leven is gekomen, verbrokkelt zijn rijk. De bijbel geeft twee redenen: een maatschappelijke en een religieuze (resp. 1 Koningen 12 en 11). Er staat dat Jerobeam voor koning Salomo opzichter is bij de bouwactiviteiten aan de Millo, de vestingsmuur tussen de stad en de nieuwbouw van de koning, het paleis en de tempel. De arbeiders uit het noorden beginnen te mokken. Ze balen van de slavendienst. Dat is de ene reden van de verbrokkeling: de economische tegenstelling. Dan staat er dat Jerobeam op een dag de stad uitgaat. Hij treft in het veld de profeet Achia. Achia heeft een nieuwe profetenmantel aan. Hij scheurt de mantel in twaalf stukken en Jerobeam moet er tien uitkiezen. Vers 33: ‘Ik breng de scheuring teweeg omdat ze mij verlaten hebben en Astarte zijn gaan vereren…..’.
Met andere woorden: de scheuring van het rijk, het verdampen van de samenhang tussen de bevolkingsdelen wordt voorafgegaan door ontrouw aan de kern van het geloof. De kern is het Sjema: ‘Hoor Israël, de Heer is onze God, de Heer is één’. De laatste letter van het eerste woord en de laatste letter van het laatste woord worden groter gedrukt en vormen het woord ‘eed’, en dat betekent ‘getuigen’. Een gelovige is iemand die getuigt en wel in de eerste plaats over de eenheid van God. Maar Salomo is daar immuun voor geworden en overtreedt het eerste gebod: ‘Je zal geen andere goden voor mijn aangezicht hebben’. Als die belijdenis wordt verkracht, gaat het van kwaad tot erger en verdampt ook de eenheid onder de mensen.
Ik zal u een paar details van het verhaal noemen. Er staat dat Achia een nieuwe mantel draagt. We weten dat een mantel van een profeet een soort afschaduwingen is van God zelf. We zien het aan de mantel die van Elia op Elisa overgaat en die de profetische kracht doorgeeft. We zien het aan de nauwkeurigheid waarmee Exodus de beschrijving geeft van het hogepriesterlijk gewaad. Er staat bij dat hij nieuw is. Iets nieuws is vaak voertuig van God. We zien het aan de eerstelingen die God toekomen. We zien het aan de nieuwe wagen die de ark draagt uit het land van de Filistijnen.
Het is in het oosten een gegeven dat men zijn rouw en verdriet toont door de kleren te scheuren. Als er dus staat dat de profeet Achia zijn nieuwe mantel scheurt is dat een teken van Gods rouw. Gods eigen tranen bungelen op de grond op het moment dat het volk in tweeën wordt geknipt. En eigenlijk zie je in de bijbel bij de profeten daarna niet anders dan dat men zich inspant om de twee en de tien stammen in een greep te houden. In de kabbala is dat ook een bijzonder getal. In 3 x 4 komen hemel en aarde samen. De volheid van de ruimten. En de twaalf maanden als volheid van de tijd. Het is diezelfde hang naar eenheid die je in het Nieuwe Testament terug vindt als er heimelijk en publiek wordt gerefereerd naar het sjema. “Adonai echad’. Paulus heeft het in 1 Corinthiërs 12 ook over ‘één lichaam’ en dan staat er in het hebreeuws achter het grieks ook weer dat woord ‘echad’.
De eenheid is dus niet iets wat achteraf komt. De eenheid is vooraf gegeven. Is gegeven met God. God is één. Als je God wilt dienen en voor zijn altaar komt, kan je dan ook niet anders, dan in eenheid komen. Of je komt samen, of er kan beter niemand komen. Jezus zegt, dat je eerst maar weer weg moet van het altaar als die onderlinge verzoening er niet is. Daar begint het mee. Anders zijn Gods ogen geblokkeerd van de tranen.
Als dat dan waar is, wat ik tot nu toe heb gezegd, luidt de vraag welke beleidsmatige consequenties dat heeft. Ik wil vijf tips geven.
1.

Het gebed. Iedere vorm van samenwerking begint met samen te bidden. Juist omdat je niet weet of Christus onder jouw mensen aanwezig is. Qua activiteit pleit dat voor het centraal agenderen van iedere raad van de gebedsdienst voor de eenheid. Het beste kunt u een gewone kerktijd gebruiken voor de dienst van gebed om eenheid. Misschien dat de mogelijkheden daar voor toenemen, nu de rk-kerk de parochies reorganiseert en groter maakt. Ik meen te hebben begrepen dat men per parochie een eucharistieviering moet aanbieden. Dus met minder parochies is makkelijker aan die eis te voldoen.


We hebben inmiddels cijfers van de gebedsweek geanalyseerd. Daaruit blijkt dat er in 2009 ongeveer tien procent meer bezoekers is geweest dan in 2009. Per dienst steeg het gemiddelde van 172 mensen naar 190 mensen. Een mooi resultaat. Kijk je naar de reden, dan is er naast de oecumenische motivatie ook een praktische reden; verschillende plaatsen hebben de dienst van de middag naar de ochtend verplaatst. Vanuit Schipluiden zegt men dat ook onomwonden en ze geven op dat het aantal daar is gestegen van 100 naar 300.
Misschien kunt het samen met de Evangelische beweging of kerk organiseren. Probeer daarbij om andere activiteiten in het spoor van de gebedsdienst te brengen. Ongeveer een derde van de plaatsen doet dat op dit moment. Dat kan best stijgen. Je kan een gemengde bijbelstudie plaatsen voorafgaand aan de viering. Of een gespreksgroep. Of elkaar vertellen waarom je bidt. Dan zit je in de lijn van de nieuwe trend van het Global Christian Forum.

2.

Beleid. Oecumene vraagt om een serieuze benadering. Dus niet als sluitpost, maar als basis. Dat zegt ook iets over de organisatievorm. Je zorgt er voor dat je kernbestuur vertegenwoordigd is en dat je regelmatig de voortgang terugrapporteert in het kernbestuur van je eigen kerk.


Het is verstandig een zekere zakelijkheid in het contact te brengen. Dat je de voortgang ook formeel verankert. En leg ook een formele basis onder de samenwerking, zodat je niet iedere keer opnieuw het wiel hoeft uit te vinden.
3.

Jongvolwassenen. Betrek een nieuwe generatie bij de oecumene. De jongvolwassenen. We hebben veertien jongvolwassenen aangesteld als ambassadeur voor de oecumene. De ervaringen zullen we deze zomer bekend maken.


Ze geven verschillende tips. Ik noem er een paar: organiseer meer oecumenisch toerustingswerk. Doe het samen. Doopcatechese, niet een keer, maar enkele keren. Betrek er de vraag bij welke kinderbijbel je gaat gebruiken. En hoe je over geloofsconcepten kunt spreken. En relatiecatechese: jonge mensen die een duurzame relatie aangaan: begeleid ze vanuit populaire boekjes als James Gray over vrouwen die van Venus komen en mannen die van Mars afkomstig zijn. Vertel ook gewoon nuchtere dingen. Zoals onlangs rabbijn Evers deed, een beetje seksistisch misschien. Een vrouw vraagt de rabbijn om raad. Haar man slaat haar elke avond. ‘Als je man ’s avonds moe thuis komt, serveer hem dan direct een maaltijd. Neem daarna een slok water in je mond en spuug die pas weeruit als hij klaar is met eten’. Dit doet zij en na een week slaat haar man haar niet meer. Zij is verbaasd. En zegt tegen de rabbijn: ‘Er is een wonder geschied’. ‘Nee’, zegt de rabbijn, ‘Geen wonder. Door het water in jouw mond kan je niet praten en daardoor heeft je man even gelegenheid onder het eten te ontspannen’. Je moet het maar weten.
Jongvolwassenen willen ook best iets voor de kerk doen, maar dan in een project en het moet vooral leuk zijn.
4.

Cement in de samenleving. Onlangs besprak de Raad van Kerken in Gouda de ontwikkelingen van de kerk tot het jaar 2025. Heime Stoffels rekende voor dat de twee grote kerken RKK en PKN tegen die tijd ongeveer de omvang zullen hebben van wat nu de PKN is. Dat lijkt weinig. Maar het is wel de grootste minderheidsgroep die er op dat moment is. En het is de enige organisatie van multi-issues. De ANWB is ook groot, maar is er alleen voor autorijders. De KNVB is al een stuk kleiner maar is er alleen voor voetballers. De kerk is geïnteresseerd in de hele mens. Buit dat uit.


En maak wel een pyramide van waarop je wel en waarop je niet wilt reageren. Wat zijn in jouw situatie op een termijn van pakweg tien jaar zaken die direct met het belijden in de samenleving te maken hebben, die vragen om een kairosmoment. Wij neigen vanuit de landelijke raad naar twee kairosthema’s: saamhorigheid en milieu. Dat zijn dan de items waar we extra op investeren. Ik zeg er eerlijk bij: de kairos-items zijn niet altijd de meest populaire items. Dat was apartheid ook niet toen het dertig jaar geleden boven aan de agenda stond. En de kernwapens al evenmin. In die zin hebben wij het nog makkelijker, omdat de items milieu en saamhorigheid politiek ook op draagvlak kunnen rekenen. Mensen snappen het wel. En zijn er – zeker waar het gaat om milieu – redelijk eensgezind over.
5.

Ik kom tot een laatste punt, tegelijk een soort samenvatting. Neem gastvrijheid als levenshouding. Meer dan de eenheid van de kerk is de laatste jaren in opkomst de vriendelijkheid indien je bij elkaar bent. Ik merk het bij de jongvolwassenen. Ze zijn minder gefocussed op de feitelijke eenheid van de kerken. Iemand van protestantse huize zei tegen me: ‘Ik zit echt niet te wachten op een paus die wel of niet goed geadviseerd mij een lijn gaat voorschrijven’. En een katholiek zei: ‘Ik kan nou niet zeggen dat het proces van eenwording in de PKN uitdaagt om ook zo’n vereniging te zoeken. En wat zal je in zo’n massief eenheidsverband’. De jongvolwassenen kiezen eerder voor: elkaar ruimte laten en als je bij elkaar komt radicaal ruimte maken voor de ander. Wat ik bedoel is een principiële openheid naar anderen, de bereidheid om de ander een moment leidend te laten zijn in je agenda en in je referentiekader. Niet met het idee dat je je eigen identiteit moet loslaten, maar met het besef dat de ander even te gast is, dat je dus het gemeste kalf slacht, om gedurende de maaltijd te ontdekken wat Abraham ontdekte: dat God zelf in het midden was gekomen.


Gastvrijheid is te vinden in het verhaal van de joodse reizigers die vlak voor sjebat in een stad aankomen. Ze zijn op reis. Ze willen niet reizen op de rustdag. Wat te doen? Ze horen dat er in de stad een rabbi woont. En ze besluiten de man op te zoeken. Hij zal hen wel onderdak verlenen. Ze kloppen op de deur. Worden binnengelaten. En vragen of ze de sjebat mogen blijven. Dat mag. ‘Maar’, zegt de rabbi, ‘het kost je wel 350 euro’. Dat is even schrikken. Een stevige prijs. Maar ze hebben weinig keus en ze besluiten te blijven. En eerlijk is eerlijk. De rabbi toont zich daarna een vorstelijk gastheer. Hij laat uitgelezen spijzen komen. En belegen wijnen met een vol aroma. En de gasten laten het zich goed smaken. Ze betalen er tenslotte voor. Als de sjebat is afgelopen en de gasten willen vertrekken, halen ze hun geldbuidels te voorschijn. Ze willen betalen. Maar de rabbi weigert. ‘Waarom hebt u ons dan aanvankelijk 350 euro gevraagd?’ willen de gasten weten. ‘Dat was om te voorkomen dat jullie al te terughoudend zouden zijn bij de maaltijd. Als jullie het gevoel hadden dat je er voor zou betalen, wist ik zeker, dat jullie het er ook stevig van zouden nemen’.
Die houding van de rabbi toont de voorkomendheid van een gastvrije houding. De gast maakt de man tot heer, de vrouw tot dame, het leven tot cultuur, de welwillende tot zalige. De houding brengt ons van de jood met het gescheurde kleed bij Christus van wie het kleed niet is gescheurd. Het bleef ongeschonden aan de voet van het kruis. En ieder die zich christen wil noemen zoekt die ongeschondenheid te handhaven.
Naschrift.

Aan de vergadering werden drie vragen voorgelegd.



  1. Jeruzalem is de moeder van alle kerken. (Eenderde stemde daarmee in).

  2. Oecumene heeft de laatste twee jaar uitvoerig op de agenda van onze kerkenraad of parochiebestuur gestaan (Een kwart stemde daarmee in).

  3. Eerst regel je enkele basistaken in de kerk en als het enigszins kan probeer je vervolgens ook plek te geven aan de oecumene (Een vijfde stemde daarmee in).


Dovnload 19 Kb.