Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Internationale ontwikkeling van gender theoretische begrippen en beleidsmatige vertalingen

Dovnload 120.75 Kb.

Internationale ontwikkeling van gender theoretische begrippen en beleidsmatige vertalingen



Pagina2/5
Datum25.10.2017
Grootte120.75 Kb.

Dovnload 120.75 Kb.
1   2   3   4   5

College 2 Achtergrond en ontwikkeling van het begrip gender.


Geschiedenis en kenmerken van gender als concept?

  1. Waarom moeten we aandacht schenken aan gender?

  2. Wat is de voorgeschiedenis van het begrip gender?

  3. Wat betekent gender en waar komt het begrip vandaan?

  4. Wat zijn de kenmerken van het begrip gender?


1. Waarom moeten we aandacht schenken aan gender?

- Gender is een primair principe van sociale organisatie.

  • Dwang tot genderkeuze: je moet duidelijk kunnen zien of iemand man of vrouw is, dus geen jongens met lange haren etc.

    • Problemen met genderdysphorie: mensen in “tussencategorie” (bv. meisjes die zich meer jongen voelen). was lang een taboe, de maatschappij kon er niet mee omgaan.

  • Doordringt vele terreinen: keuze van opleiding en werk, gebruik van ruimte, mate van religieuze bekering, etc.

  • Statistisch relevant: het verschil tussen gender op bepaalde terreinen is statistisch relevant. Hebben vrouwen meer kans op een nobel prijs, of heel weinig?

  • Gender is een kern dimensie

- Gender is een onderdeel van de identiteitsconstructie.

- Problemen met wetenschappelijke aandacht voor gender.

  • Heel lang genegeerd: Bijv. in medische wetenschappen werden medicijnen alleen getest op mannen (vrouwen waren ingewikkeld met hormonen) en vervolgens wel bij vrouwen gebruikt.

  • Niet verklaren: er wordt wel vastgesteld dat er een verschil is (bv. dyslectie komt meer voor bij jongens), maar het verschil werd niet verklaard.

  • Methodologisch moeilijk te meten: bijv. inkomen van de vrouw, hangt vaak samen met het inkomen van de man  tegenwoordig meer kijken naar gezinsinkomen.

  • Over-aandacht voor verschillen: een verschil is nieuws, vaak wordt het overdreven, we doen weinig met de overeenkomsten.

    • Ook denken we dat er meer verschillen zijn, dan dat er daadwerkelijk zijn. We willen graag verschillen zien. Er is een ingedeelde wereld en een ingebeelde wereld.

    • Venn-diagram: laat zien dat er maar een heel klein verschil is tussen mannen en vrouwen (‘Fragrance by Gender’) je vindt altijd een verschil maar soms wordt er te veel nadruk gelegd op het verschil.

- Gender is een cultuurproduct.

  • Gender culture (Ramet): patroon in een bepaalde cultuur over hoe er over mannen en vrouwen gedacht wordt.

  • Gender order (Connel): andere naam voor gender culture.

  • Culturele variëteit:

    • Essentialisme kritiek: biologisch essentialisme vs. cultureel essentialisme.

    • Bijdrage aan nature nurture debat.

  • Gender patterns (Kottak): bepaalde overeenkomsten tussen culturen en gender order.

- Sociale ongelijkheid  maatschappelijk probleem (ethisch, economische, politiek).

  • Gender stratification (Mascia-Lees & Johnson Black; Kottak).

  • The difference, which makes a difference (Moore): Welke verschillen leiden tot ongelijkheid/hiërarchie.

    • Niet elk verschil leidt tot ongelijkheid.

    • Maar elke ongelijkheid is ontstaan door een verschil.

- Gender is een factor in ontwikkelingsbeleid en onderzoek.

  • Gender is op elk gebied van invloed.

- Veel vooroordelen en mythes over gender.

  • Vooroordelen komen voor een deel voort uit het feit dat we allemaal mannen en vrouwen zijn. We hebben allemaal ideeën over elkaar, over hoe we zijn en hoe we zouden moeten zijn. We voelen ons allemaal expert op het gebied van gender. Dit leidt tot vooroordelen, stereotypering en mythes

- Invloed gender op het doen van onderzoek.

  • Gender beïnvloed keuzes m.b.t. het onderzoek.

  • Gender beïnvloed het gedrag in het veld.

  • De persoon wie je bent heeft veel invloed op je werk.


2. Wat is de voorgeschiedenis van het begrip gender?

  • ‘De rol van de vrouw’:

  • Voordelen: biologie is ongelijk aan rol, de rol kan aangeleerd worden en kan dus ook veranderen.

  • Nadelen:

    • te generaliserend: DE vrouw, alle vrouwen zijn hetzelfde??

    • niet geproblematiseerd: de rol is heel vanzelfsprekend, er wordt niet gekeken naar wat het betekend voor de positie van de vrouw en man > macht.

    • mens als passief slachtoffer van socialisatie.

  • Patriarchaat (mannelijke dominantie).

  • Voordelen: machtsverschil van gender staat centraal. Eigenstandigheid van gender verhoudingen wijst op ongelijkheid.

  • Nadelen: te generaliserend, te essentialistisch (te veel op een ding), te voorbarig (moet worden beperkt tot bepaalde samenlevingen waar de man als hoofd van de familie de zeggenschap heeft).

  • Gender.


3. Wat betekent gender en waar komt het begrip vandaan?

  • Oorsprong in taalkunde.

    • Gender = genus.

  • Grammaticale indeling in categorieën.

    • Afgesproken (de aarde = vrouwelijk, het huis = onzijdig).

    • Variabel (de stoel in NL, F, UK verschilt).

    • Cultureel.

      • Mens is mannelijk, behalve als het onzijdig is (‘het mens’) dan is het vrouwelijk.

    • Dichotoom = tweedeling (indeling in mannelijk en vrouwelijk).

      • Genderstudies zou zeggen dichotomie bestaat niet, het is eigenlijk een continuüm, iedereen zit er een beetje tussenin.

  • Gender als sociaalwetenschappelijk begrip.

M. Mead (1935) Sex and Temperament in Three Primitive Societies.

    • Vergelijking Arapesh, Mundugumor, Tchambuli.

    • Variatie

    • Inhoud afhankelijk van cultuur.

    • Patroon: sociale sekse.

    • Sommige culturen hebben ook een tussencategorie.

      • Temparement: karaktereigenschap die bij een bepaalde sekse hoort (optutten = vrouwen)

      • Berdacheindianen, mannen die dromen over vrouwelijke taken.

      • Hijra  mannen in India die bepaalde rol vervullen, niet trouwen, rituele rol, aparte categorie van mannen die vrouwelijk zijn, soms zijn ze ook homoseksueel (of als vrouwen verkleed en vallen op mannen).

Terman & Miles, Masculinity-Femininity Test.

    • Geen karaktereigenschappen maar toeschrijvingen.

      • Wat vind je mannelijk, wat vind je vrouwelijk? Welke kenmerken worden in een bepaalde cultuur mannelijk of vrouwelijk gevonden? Zo kun je vervolgens testen hoe mannelijk of vrouwelijk je bent (los van je echte gender).

  • Definities van gender.

    • Sociaal-culturele constructie van mannelijkheid en vrouwelijkheid.

    • Sociaal-culturele constructie van vrouwelijkheden en mannelijkheden die reproductieve verschillen tussen lichamen in sociale, culturele en psychische processen inbrengen.

    • “Gender is the emic (native point of view) definition of being male or female” (Harris)


4. kenmerken van gender.

  • Gelaagd of multidimensionaal

    • Sociaal/structureel:

      • Toegang tot arbeidsmarkt, politiek.

      • Structureel verschil in aantallen (alles wat je kunt tellen).

    • Cultureel/ideologisch:

      • Is god een man of een vrouw? Waarom?

      • Lengte van je haar, lengte hakken, ideologie, normen en waarden, toeschrijvingen van karakter, kleur (roze vrouw blauw man).

      • Materiële cultuur: voorwerpen waar normen en waarden in terugkomen. Kleding, meubilair, gebruiksvoorwerpen, etc.

    • Psychisch/individueel:

      • Hoe voelt men zich? Hoe hebben ze de maatschappelijke norm van mannelijk/vrouwelijk verinnerlijkt? Norm wordt meestal door negatieve variant duidelijk.

  • Historisch veranderlijk

    • gender flexibiliteit: veranderd over tijd; vroeger koningskindjes in jurk.

    • agency: meeschrijven aan genderscripts

  • Cultureel variabel:

    • verschil in sterkte: soms heel groot onderscheid, soms klein onderscheid.

    • Verschil in aard: wat op de ene plaats mannelijk is kan op de andere plaats vrouwelijk zijn (veranderd over tijd).

  • Complex en meervoudig. Op vele gebieden, ook waar je het niet verwacht.

  • Continuüm met hang naar dichotomie:

    • We hebben de neiging heel erg over dichotomie te denken, vrouwen en mannen heel apart bekijken. Je moet man/vrouw niet te veel in hokjes stoppen, want je hebt heel veel soorten mannen en vrouwen (dat is het continuüm).

  • Basis voor machtsverschillen.


Complex en pluriform.

  • Raewyn Connell (1995) Masculinities:

    • meervoudige mannelijkheid:

      • Hegemonische mannelijkheid: ideaal waar eigenlijk alle mannen naar streven, maar waar niemand echt aan kan voldoen.

      • Medeplichtige mannelijkheid: streven en bewonderen van ideaal.

      • Gemarginaliseerde mannelijkheid: past niet in ideaal door bijvoorbeeld verkeerde huiskleur, maar streeft wel naar voldoen aan het ideaal.

      • Ondergeschikte mannelijkheid: vertoont allerlei eigenschappen die tegenovergesteld zijn aan het ideaal bijvoorbeeld homoseksuelen.
1   2   3   4   5

  • 1. Waarom moeten we aandacht schenken aan gender
  • 2. Wat is de voorgeschiedenis van het begrip gender
  • 3. Wat betekent gender en waar komt het begrip vandaan
  • 4. kenmerken van gender.

  • Dovnload 120.75 Kb.