Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


KM12 Vocaal Serie Vrijdag 15 april 2011

Dovnload 55.74 Kb.

KM12 Vocaal Serie Vrijdag 15 april 2011



Datum25.04.2019
Grootte55.74 Kb.

Dovnload 55.74 Kb.

KM12 Vocaal Serie



Vrijdag 15 april 2011

Het Concertgebouw

Amsterdam

Kleine Zaal, 20.15 uur



Stichting KAMermuziek Amsterdam

i.s.m. Stichting 20ste Eeuwse Lied
HEIMWEH

Een geënsceneerd liederenrecital rond Eduard Mörike
Wolfgang Holzmair, bariton

Reinild Mees, piano

Michael Autenrieth, acteur

Klaus Bertisch, regie

Mmv Michel van Reijn, licht

Hugo Wolf (1860-1903) Denk es, o Seele!



Franz Kafka (1883-1924) Der Aufbruch

Hugo Wolf Fußreise



Günter Kunert (1929) Heimkunft

Hugo Wolf Begegnung

Hugo Wolf Um Mitternacht

Hanns Eisler (1898-1962) An den Schlaf

Hugo Wolf Elfenlied

Ágota Kristóf (1935) Zu Hause

Joseph Marx (1882-1964) Septembermorgen

Hugo Wolf Lied eines Verliebten

Hugo Wolf Gebet



Karl Valentin (1882-1948) Die Fremden

Othmar Schoeck (1886-1957) Restauration



Zbigniew Herbert (1924-1998) Das Land

Hugo Wolf Neue Liebe

Hugo Wolf Er ist's
Pauze

Hugo Wolf Im Frühling

Hugo Wolf Gesang Weyla’s

Robert Walser (1878-1956) Die Sonne scheint…

Hugo Wolf Peregrina 1

Hugo Wolf Peregrina 2

Othmar Schoeck Peregrina 2



Friedrich Nietzsche (1844-1900) Die Krähen schrei’n

Robert Schumann (1810-1856) Jung Volkers Lied

Othmar Schoeck In ein Autographen-Album

Hugo Wolf Selbstgeständnis



Albert Träger (1830-1912) Eine zarte Frauenhand

Hugo Wolf In der Frühe



Luis Cernuda (1902-1963) Und später…

Hugo Wolf Heimweh


Alle liedteksten zijn van Eduard Mörike (1804-1875)
De lied- en spreekteksten van HEIMWEH worden uitgedeeld na afloop van het concert.

CD’s van Wolfgang Holzmair en Reinild Mees zijn te verkrijgen in de foyer tijdens de pauze en na afloop.



N.B. Helaas heeft de acteur Gerd Böckmann wegens ziekte op korte termijn moeten afzeggen. De Duitse acteur Michael Autenrieth is bereid gevonden om zijn rol over te nemen en als tegenspeler van de bariton Wolfgang Holzmair op te treden.
Met dank aan SNS Reaalfonds, Dr.Hofstee Stichting, J.E. Jurriaanse Stichting, St. Fonds voor de Geld- en effectenhandel, Oostenrijkse Ambassade, De Nederlandse Opera en particulieren

Toelichting
‘Anders wird die Welt mit jedem Schritt’.

Zo begint Hugo Wolfs lied ‘Heimweh’ op een gedicht van Eduard Mörike. Ja, de wereld verandert snel. Soms sneller dan wij denken en sneller dan ons lief is. En toch hebben wij vaak niet genoeg aan alle indrukken die we ondergaan. We willen graag verandering en zoeken die. We willen altijd meer: meer zien, meer ervaren; we willen de wereld veroveren. Maar als we dan eenmaal ergens aangekomen zijn, verlangen we weer terug naar ons thuis, want – zoals Mörike zegt – ‘das Herz, das will nicht weiter mit’.

Thuisblijven of weggaan, dat is de vraag waar het om gaat in het programma ‘Heimweh’. De dichter Mörike werd heen en weer geslingerd tussen religie en sarcasme, hij was op zoek naar liefde en rust en tegelijkertijd suggereerde hij met zijn fantasieland ‘Orplid’ een onbereikbaar verlangen naar iets dat heel ver weg ligt. Precies zo vergaat het de hoofdpersoon in ‘Heimweh’, die zich enerzijds wil binden en anderzijds toch vrij wil zijn.

Een mens is altijd op zoek naar zijn ‘centrum’, maar vaak, als hij denkt dit centrum eindelijk gevonden te hebben, wordt hij meegesleept om weer verder te gaan, om nieuwe plekken te ontdekken en nieuwe impulsen te krijgen. Sommige mensen hebben altijd heimwee hebben, waar ze zich ook bevinden. Anderen hebben daarmee geen probleem, ze hebben hun ‘centrum’ altijd bij zich, net als een rugzak of een koffer.

Misschien is het een innerlijke stem die ons steeds weer aanspoort om op te breken en alle tradities en gewoontes achter ons te laten, om deze te overwinnen. Deze zelfde stem maant ons immers ook, als een alter ego, om niet te vergeten wat we al kennen en om te waarderen wat we bereikt hebben in onze eigen, vertrouwde omgeving. Zo staan we steeds voor het dilemma: weggaan of blijven. Het liefst willen we weggaan en op hetzelfde moment toch blijven waar we zijn, met andere woorden onszelf willen blijven en tegelijkertijd bevrijden van wat ons benauwt. We hopen uiteindelijk zekerheid te vinden, onafhankelijk van de plaats waar we zijn.

Over deze menselijke gevoelens gaan de liederen op teksten van Eduard Mörike. De gesproken teksten zijn van de hand van meer recente auteurs: ze gaan weliswaar over dezelfde gevoelens, maar ze zijn ‘moderner’ en vormen zo een contrast met de romantische gedichten van Mörike: ze halen ons uit de romantische emoties waarin we ons anders teveel zouden kunnen verliezen. Ze staan dichter bij het denken van vandaag. Maar wat op het eerste gezicht een grote tegenstelling lijkt, blijkt toch ook weer heel dicht bij Mörike te staan: net zoals lachen en huilen, dichtbij en veraf, het verlangen om afstand te nemen en het verlangen naar thuis ook heel dicht bij elkaar liggen. Het draait steeds om hetzelfde: ons leven is gecompliceerd, we moeten altijd zoeken naar ons geluk. Soms ontmoeten we een mens die ons daarbij helpt, soms hebben we iemand nodig die ons aanspoort en soms iemand die ons voor domheden behoedt. Wat voor ons juist is, kan niemand zeggen. We moeten zelf uitmaken, of we het geluk gevonden hebben of nog niet. Misschien vinden we het nooit. Dan moeten we eeuwig verder zoeken…


Klaus Bertisch

De Oostenrijkse bariton Wolfgang Holzmair studeerde aan de Musikhochschule te Wenen bij Hilde Rössel-Majdan (zang) en Erik Werba (lied). Hij bouwde een grote naam op als lied-, concert- en operazanger met een omvangrijk repertoire. Als liedzanger trad hij op in vooraanstaande concertzalen, onder andere in Londen, New York, Washington, Amsterdam, Wenen en bij het Bath Festival (GB), het Menuhin Festival Gstaad (Zwitserland) en de Bregenzer Festspiele. Als operazanger zong hij rollen als Papageno (Die Zauberflöte), Eisenstein (Die Fledermaus), Don Alfonso (Così fan tutte), Faninal (Der Rosenkavalier), Muziekleraar (Ariadne auf Naxos), Wolfram (Tannhäuser), Eduard (Neues vom Tag) van Hindemith en Demetrius (Midsummer Night’s Dream) van Britten. Onlangs zong hij aan de Metropolitan Opera te New York als Don Alfonso (Così fan tutte) onder William Christie. In het volgende seizoen zal hij Beckmesser (Die Meistersinger von Nürnberg) in Tokyo zingen, evenals Agamemnon in Iphigenie in Aulis van Gluck/Wagner te Bayreuth.


Als concertzanger trad Wolfgang Holzmair op bij orkesten als het Israel Philharmonic Orchestra, de Berliner Philharmoniker, het Gewandhausorchester Leipzig, het Cleveland Orchestra, het Orchestra of the Age of Enlightenment, de Wiener Symphoniker en het Koninklijk Concertgebouworkest onder dirigenten als Pierre Boulez, Riccardo Chailly, Bernard Haitink, Nikolaus Harnoncourt, Seiji Ozawa. Dit seizoen zingt hij onder andere Mahlers Lieder eines fahrenden Gesellen (in Wenen en Amsterdam) en georkestreerde Wolf-liederen met het Budapest Festival Orchestra o.l.v. Iván Fischer.
Wolfgang Holzmair nam talrijke cd’s op, onder andere met liederen van Franz Schubert, Clara en Robert Schumann, Hugo Wolf en Songs from the British Isles. Deze cd’s werden met zeer lovende kritieken ontvangen. Holzmairs opname van Brahms‘ Ein deutsches Requiem onder Herbert Blomstedt werd zelfs met een Grammy onderscheiden. Ook nam hij Pelléas et Mélisande op met het Orchestre National de France onder Bernard Haitink. Daarnaast zette hij zich bijzonder in voor de liederen van componisten die door de Nazis vervolgd werden, getuige ook zijn cd-opname’s van Ernst Krenek, Erich Zeisl, Franz Schreker en van componisten uit Theresienstadt.
Sedert 1998 is Wolfgang Holzmair professor voor lied en oratorium aan het Mozarteum in Salzburg en tevens gastprofessor aan het Royal College in Londen. Hij geeft regelmatig masterclasses in Europa en in de USA.
De Nederlandse pianiste Reinild Mees concentreerde zich na haar opleiding bij Gérard van Blerk, Noël Lee en Malcolm Frager op het begeleiden van zangers en instrumentalisten in recitals. Zij treedt regelmatig op in de belangrijkste Europese muziekcentra aan de zijde van solisten als Olaf Bär, Sergei Leiferkus, Camilla Nylund, Roman Trekel, François Le Roux, Piotr Beczala, Amanda Roocroft, Marlis Petersen, Claudia Barainsky en vele anderen. Naast het begeleiden van masterclasses van zangers als Elisabeth Schwarzkopf, Irmgard Seefried, Grace Bumbry en Galina Vishnyevskaya speelde Reinild ook vaak als begeleidster bij internationale competities. Als vocal coach gaf zij les aan het Conservatorium van Amsterdam, het Europese Centrum voor Opera en Vocale muziek te Gent, de Opera Studio Nederland, de Academia Vocale Tiroliensis te Wörgl (Oostenrijk) en aan de faculteit muziek van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht. Momenteel is zij als docente aan de Jong Talentopleiding van het Conservatorium van Amsterdam verbonden.

In 1998 richtte zij de Stichting 20ste-eeuwse Lied op, om het vocale oeuvre van ‘vergeten’ liedcomponisten uit de vorige eeuw weer onder de aandacht te brengen. Als artistiek leider van deze stichting stelt Reinild Mees themaprogramma’s samen, waarin het liedrepertoire op een theatrale of informatieve wijze wordt gebracht.

Reinild Mees nam een groot aantal cd’s op, met liederen van onder andere Felix Mendelssohn, Robert Schumann, Franz Schreker, Ottorino Respighi, Edward Elgar en Karol Szymanowski. In 2004 kreeg zij de Szymanowski-Award en de onderscheiding Merit of Polish Culture voor haar initiatief tot het uitbrengen van Karol Szymanowski’s complete liedoeuvre op vier cd’s, die tevens bekroond werden met de Fryderyk Award, de meest prestigieuze muziekprijs in Polen. De komende maand gaat zij in Berlijn twee cd’s met liederen van Erich Wolfgang Korngold opnemen, met sopraan Iwona Sobotka en bariton Konrad Jarnot.


De Duitse acteur Michael Autenrieth kreeg zijn toneelopleiding aan de Folkwang-Hochschule in Essen. Na engagementen bij de theaters van Dortmund, Tübingen, Freiburg, Bochum en Mannheim maakte hij vele jaren deel uit van de Städtische Bühnen in Frankfurt. Sinds het begin van de negentiger jaren is hij gespecialiseerd in spreekrollen bij het muziektheater. Zo was hij te gast bij het Aalto-Theater in Essen (Carmen), bij het Théâtre Royale de la Monnaie in Brussel, bij De Nederlandse Opera (Die Zauberflöte), bij de Nationale Reisopera (Die lustige Witwe), bij de Opéra du Rhin in Straatsburg en bij de operahuizen van Lyon, Rennes, Nancy en Oslo.

Onlangs trad hij op bij de Salzburger Festspiele als Sprecher in Die Zauberflöte en bij de Musikbiennale te München, in de hoofdrol van Der alte Pietro/Ende der Nacht van Jens Joneleit, een muziektheaterstuk dat daarna bij de Opera van Frankfurt ging. In het komende seizoen zal Michael Autenrieth bij laatstgenoemd operahuis de rol  van de verteller in een nieuwe productie van Stravinsky’s L’histoire du Soldat op zich nemen. In Keulen trad hij op in de musical Jeckyll & Hyde.  Ook als recitant van klassieke en eigentijdse muziekwerken heeft Michael Autenrieth naam gemaakt, onder andere bij concerten van het Radio-Sinfonie-Orchester Frankfurt, bij het symfonie-orkest van de Bayerische Rundfunk en bij recitals van de gerenommeerde bariton Christian Gerhaher. 


De in Nederland gevestigde Duitse regisseur en dramaturg Klaus Bertisch studeerde Engelse en Duitse taal- en letterkunde, pedagogiek en kunstzinnige vorming aan de Johann Wolfgang Goethe Universiteit te Frankfurt. Van 1979 tot 1987 was hij dramaturg aan de Oper Frankfurt en gastdramaturg bij de operahuizen in Freiburg, Gelsenkirchen en Brussel. Daarna werkte hij voor het Siemens Kultur Programm te München en operahuizen en festivals in Duitsland, Frankrijk, België en Oostenrijk. Bij het Volkstheater München was hij dramaturg en acteur bij de wereldpremière van Franz Helms Kaktus. Als regisseur realiseerde hij het project Verschollen in Essen, The Rake’s Progress en Groots en meeslepend wil ik leven (Ansink/Martinu˚ /Puccini) in Amstelveen in samenwerking met Marcel Sijm. In het Amsterdamse Concertgebouw regisseerde hij Die lustige Witwe van Franz Lehár en De spelers, een onvoltooide opera van Dimitri Sjostakovitsj. Met regisseur Willy Decker werkte hij als dramaturg samen aan Der Ring des Nibelungen voor de Semperoper te Dresden, aan Korngolds Die tote Stadt en Verdi’s La Traviata bij de Salzburger Festspiele en Brittens Death in Venice in Barcelona. Met regisseur Dale Duesing aan Chabriers L’Etoile bij de Staatsoper Berlijn. Met regisseur Pierre Audi werkte hij behalve aan De Nederlandse Opera in Amsterdam ook in Brussel, bij de Salzburger Festspiele en bij de Ruhrtriennale. Klaus Bertisch is als docent verbonden aan de Opera Studio Nederland, waar hij ook de soloavonden Food of Love en Vrouwen, liefde, leven regisseerde. Voor Stichting 20ste-eeuwse Lied stelde hij eerder al een Rilke-programma (met mezzosopraan Margriet van Reisen en bariton Martijn Sanders), een Heine-programma (met de Duitse bariton Olaf Bär) en een Goethe-programma (met sopraan Marlis Petersen) samen dat hij tevens regisseerde. Naast talrijke bijdragen aan boeken en tijdschriften behoren tot zijn belangrijkste publicaties de verzameling Schwanenmärchen en een boek over regisseur Ruth Berghaus. Klaus Bertisch is sinds 1990 verbonden als chefdramaturg aan De Nederlandse Opera.
Heimweh is een productie van Stichting 20ste-eeuwse Lied www.20ste-eeuwselied.nl en de Vereniging Vrienden van het Lied  www.vvhl.nl in samenwerking met Stichting KAM   www.kamconcerten.nl


  • HEIMWEH Een geënsceneerd liederenrecital rond Eduard Mörike
  • Met dank aan
  • Wolfgang Holzmair
  • Reinild Mees
  • Michael Autenrieth
  • Klaus Bertisch

  • Dovnload 55.74 Kb.