Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Kwaliteit in ontwerpprojecten

Dovnload 0.55 Mb.

Kwaliteit in ontwerpprojecten



Pagina8/12
Datum05.12.2018
Grootte0.55 Mb.

Dovnload 0.55 Mb.
1   ...   4   5   6   7   8   9   10   11   12

Kwaliteit van kennisontwikkeling


In praktijkgerichte ontwerpprojecten komen kennisontwikkeling (onderzoek) en het oplossen van praktijkproblemen samen. Dat is mogelijk omdat de structuur van ontwerpgericht problemen oplossen (hoofdstuk 2) en ontwerpgericht kennis ontwikkelen identiek is. Wil de in ontwerpprojecten ontwikkelde kennis waarde hebben dan moet de kennisontwikkeling voldoen aan de eisen van wetenschappelijk onderzoek. Door Oost zijn de kwaliteitscriteria voor wetenschappelijk onderzoek in kaart gebracht. Zo zijn er theoretisch gefundeerde kwaliteitscriteria voor probleemstellingen (Oost 1999), (Oost et al. 2002). Ook voor uitvoering en resultaatverantwoording (rapportage) heeft Oost criteria uitgewerkt (Oost 2002a), (Oost 2002b).
    1. De probleemstelling en het onderzoeksplan


Oost (1999) en Oost et al. (2002) stellen dat “de ontwikkeling en formulering van (wetenschappelijke) probleemstellingen vanuit vier theoretische invalshoeken (worden) benaderd, namelijk vanuit:

  • een disciplinair perspectief

  • een maatschappelijk verantwoordingsperspectief

  • een formeel-logisch perspectief

  • een methodisch perspectief.”

en:

  • een overall perspectief dat voorgaande perspectieven met elkaar verbindt.

Oost et al. (2002) geven aan deze perspectieven de volgende uitleg: “Wie een probleemstelling beschrijft als bijvoorbeeld een wiskundige of sociologische probleemstelling, doet dat vanuit een disciplinair perspectief. Een disciplinaire benadering stelt de relatie centraal tussen de vraag waarop het onderzoek antwoord moet geven en het deel van de werkelijkheid dat onderzocht wordt. (….)

Wie een probleemstelling beschrijft als een theoretisch of maatschappelijk vraagstuk, doet dat vanuit een verantwoordingsperspectief. Het verantwoordingsperspectief stelt de relatie centraal tussen de vraag die het onderzoek moet beantwoorden en de reden om die vraag te stellen. (….)

Wie een probleemstelling beschrijft als een vraag of hypothese, doet dat vanuit een formeel-logisch perspectief. De formeel-logische benadering stelt de relatie centraal tussen de vraag die het onderzoek moet beantwoorden en het antwoord dat gezocht of getoetst wordt. (….)

En wie ten slotte een probleemstelling beschrijft als een beschrijvingsprobleem, verklaringsprobleem of nog van een ander type, doet dat vanuit een methodisch perspectief op probleemstellingen. Het methodische perspectief stelt de relatie centraal tussen de vraag die het onderzoek moet beantwoorden en de (globale) strategie die de beantwoording van deze vraag met zich meebrengt. (….)

Bij de vier genoemde benaderingswijzen gaat het om complementaire perspectieven. (….)”


Uit de door hen geïdentificeerde theoretische perspectieven leiden Oost et al. (2002) rechtstreeks functies af van een probleemstelling, zoals die in een wetenschappelijke tekst geformuleerd en gepresenteerd wordt aan een lezer. Deze functies zijn:

  • Onderwerp afbakenen,

  • Belang uitleggen,

  • Onbekende(n) definiëren,

  • Type onderzoek aanduiden,

  • Samenhang scheppen.

Vanuit deze functies komen zij tot kwaliteitskenmerken voor een onderzoeksprobleemstelling waarbij de aanname is dat de kwaliteit van de probleemstelling in hoge mate de kwaliteit van het wetenschappelijk resultaat bepaalt.
De kwaliteitskenmerken voor de probleemstelling zijn in de versie van Oost & Markenhof (2003):

  • Inhoudelijke verankering

De plaats van de probleemstelling in de (inter-)disciplinaire context is duidelijk (disciplinair perspectief);

  • Relevantie

Het theoretisch en/of het maatschappelijk belang van een antwoord op de gestelde vraag is groot (maatschappelijk verantwoordingsperspectief);

  • Precisie

De uitspraak, gegeven het exploratieve of toetsende karakter van de probleemstelling, is compleet ingevuld (formeel-logisch perspectief);



  • Methodisch herkenbaarheid

De formulering van de probleemstelling sluit duidelijk op een onderzoeksfunctie (Beschrijven, Vergelijken, Definiëren, Evalueren, Verklaren, Ontwerpen) aan (methodisch perspectief);

  • Consistentie

Vraag, discipline, reden, strategie en antwoord zijn goed op elkaar afgestemd (totaal perspectief);

Zij voegen hieraan een kwaliteitseis toe die voortkomt uit de noodzaak van kritische beoordeling door derden (peers):



  • Expositie

Vraag, discipline, reden, strategie en antwoord zijn toegankelijk en dus kritisch te beoordelen.
Een verdere uitbreiding naar de kwaliteitskenmerken van een onderzoeksplan is te vinden in Oost & Markenhof (2002) en Oost (2005). Een compleet onderzoeksplan omvat de volgende elementen met kwaliteitskenmerken:

Vraag

  • Afgebakend naar nieuwswaarde, nut en opbrengst (ofwel bereik)

Theoretisch kader

  • De vraag is inhoudelijk verankerd in het kennisgebied naar plaats en thema, de keuzes en vooronderstellingen zijn duidelijk, evenals de achtergrond van de keuzes en veronderstellingen

Verantwoording

Oplossing

  • Precies, de beoogde oplossing is afgebakend naar domein, eigenschappen of kenmerken (variabelen) en eventuele kwantiteit van de variabelen

Methode of strategie

  • De methode is functioneel: de onderzoeksfuncties zijn er in herkenbaar en er is een bijpassende onderzoeksstructuur (beschrijvend of vergelijkend)

Literatuur

  • Kennis- en databronnen zijn geraadpleegd (of worden nog geraadpleegd)

De onderdelen van het onderzoeksplan zijn consistent met elkaar en in totaliteit

Verder is het onderzoeksplan goed gecommuniceerd.
Een nadere uitwerking van de kwaliteitskenmerken van een onderzoeksplan is te vinden in Bijlage I

    1. Kwaliteit van de uitvoering van onderzoek


Kwaliteitskenmerken van de uitvoering van onderzoek zijn te vinden in (Oost 2002a) en (Oost 2005):

  • Controleerbaar

  • Vakkundig

  • Logisch

  • Valide

  • Betrouwbaar

  • Adequaat

Een nadere uitwerking van de kwaliteitskenmerken van de uitvoering van onderzoek is te vinden in Bijlage I


    1. Kwaliteit van de rapportage over onderzoek


Kwaliteitskenmerken van rapportage zijn te vinden in (Oost 2002b) en (Oost 2005):
Vorm

  • Vormgeving

  • Stijl

Inhoud

  • Inhoudelijke ordening

  • Probleemstelling

  • Argumentatie

  • Vakinhoud

Een nadere uitwerking van de kwaliteitskenmerken van rapportage is te vinden in Bijlage I



    1. Uitbreiding met kwaliteitskenmerken vanuit de praktijksituatie

      1. Haalbaarheid


Op ontwerpprojecten zijn de kwaliteitscriteria van wetenschappelijk onderzoek uit de paragraven 3.1, 3.2 en 3.3 van toepassing. Maar kennisontwikkeling in de praktijk moet daarnaast rekening houden met de eisen die deze praktijk stelt. De praktijk is immers vooral geïnteresseerd in daadwerkelijke oplossing van de ervaren problematiek in de eigen situatie. De kennisontwikkeling is innig verbonden met de oplossing daarvan of met de gevolgde aanpak. Dit betekent dat in een praktijksituatie de haalbaarheid van een aanpak en/of een oplossing cruciaal is.

In de traditionele aanpak van wetenschappelijk onderzoek wordt er vanuit gegaan dat het onderzoek haalbaar is als er een goed onderzoeksdesign is en de fasering in de tijd expliciet is gemaakt; het is dan aan de onderzoeker om het design uit te voeren. In de praktijk wordt de haalbaarheid echter sterk bepaald door allerlei factoren in de praktijksituatie: de omgeving, de mensen (wat ze kunnen, de hoeveelheid tijd die ze hebben, hun motivatie), de cultuur, de infrastructuur, de wijze van leiding geven, etc. Ook is een reële vraag of de aanpak “te doen” is voor de projectuitvoerders; sommige projecten vragen kwaliteiten die gewoon niet bij de uitvoerders aanwezig zijn.


      1. Duurzaamheid


Een tweede praktisch kwaliteitscriterium is duurzaamheid. In de traditionele aanpak van wetenschappelijk onderzoek is dit criterium niet eens het vermelden waard, want als het onderzoek goed is uitgevoerd is het wetenschappelijk resultaat per definitie duurzaam. In de praktijk echter is een duurzame oplossing niet per definitie gegarandeerd en kunnen zogenaamde “oplossingen” nieuwe problemen opleveren. Wij introduceren om die reden het criterium van duurzaamheid dat wij plaatsen onder het kenmerk adequaat.
      1. Onderscheid tussen proces en resultaat


De kwaliteitskenmerken voor de uitvoering van onderzoek zoals door Oost ontwikkeld, zijn niet gescheiden naar kenmerken van de uitvoering van het onderzoek enerzijds en kenmerken van het onderzoeksresultaat anderzijds. Toch is er bijvoorbeeld het kenmerk valide dat alleen op resultaten van toepassing is. Verder zal het in ontwerpgericht praktijkonderzoek vaak gaan om oplossingen die prescriptief zijn. Dit betekent dat het resultaat zelf weer acties tot gevolg heeft: het resultaat wordt vertaald in een proces. Het is daarom zinvol de kenmerken voor uitvoering te splitsen in kenmerken voor een proces en kenmerken voor een (statisch) resultaat. Wij hanteren daarbij de volgende indeling:
Proces Resultaat

Controleerbaar

Vakkundig

Betrouwbaar

Logisch

Adequaat

Valide




1   ...   4   5   6   7   8   9   10   11   12

  • De probleemstelling en het onderzoeksplan
  • Kwaliteit van de uitvoering van onderzoek
  • Kwaliteit van de rapportage over onderzoek
  • Uitbreiding met kwaliteitskenmerken vanuit de praktijksituatie
  • Duurzaamheid
  • Onderscheid tussen proces en resultaat

  • Dovnload 0.55 Mb.