Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Landenfiche: Suriname Correspondenten in het Zuiden

Dovnload 142.25 Kb.

Landenfiche: Suriname Correspondenten in het Zuiden



Pagina3/3
Datum28.10.2017
Grootte142.25 Kb.

Dovnload 142.25 Kb.
1   2   3

Het dagelijks leven

  1. Eten en drinken6


Dé Surinaamse keuken bestaat blijkbaar niet, ment kent wel veel verschillende eetgewoonten door de aanwezigheid van de vele verschillende culturen in Suriname. De roti is waarschijnlijk een van de bekendere gerechten uit Suriname. Roti7 is een woord dat oorspronkelijk uit het Hindi komt en is de algemene benamingen voor brood in verschillende landen (bijvoorbeeld: Pakistan). In Suriname is het beland door de stroom Hindoestani die van India naar Suriname kwamen. Het is een soort ongezoete brood pannenkoek waaraan men verschillende zaken toegevoegd bijvoorbeeld: aardappelen of spliterwten. Het is gebruikelijk dat deze roti met de hand wordt gegeten, daarnaast is het in Suriname eerder een lunchgerecht. (zie bijlage XXX voor het recept)

Rijst is een belangrijk exportproduct van Suriname en wordt dus bijna dagelijks gegeten met op de tweede plaats kip.

Nasikip is een ander bekend recept uit Suriname. Dit is van oorsprong een recept van op het eiland Java (Indonesië) dat door de Javaanse migranten is meegebracht. Door de verschillende invloeden vanop Suriname is deze nasi lang niet meer dezelfde al s diegene op Indonesië. (zie bijlage XXX voor een recept).

Kousenband: buitenproportionele sperziebonen zijn een groente die vaak gebruikt worden. Tot slot is Saoto een ander gerecht dat heel populair is. Ook dit gerecht heeft zijn oorsprong in Java en werd meegebracht door de migranten. Iedereen maakt zijn eigen versie van deze kippensoep met rijst en groenten.

Naast al deze verschillende gerechten vinden we ook een aantal vruchten die wij van in de winkel kennen, maar daar geteeld worden, nl. Mango( manja), meloenen en passievruchten (markoesa).



    1. Feestdagen

25 november: nationale feestdag. In 1975 werd op die dag Suriname onafhankelijk van Nederland

1juli: dag der vrijheden (Keti Koti) dit is de herinnerings dag van de afschaffing van de slavernij

De meeste feestdagen zijn een afspiegeling van de verschillende culturen op Suriname. Hoewel een aantal feestdagen maar door een beperkte groep wordt gevierd zijn alle overheidsgebouwen en instellingen gesloten. Dit geldt natuurlijk voor de twee bovenstaande feesten die door iedereen gevierd worden. Volgende feesten door eerder een beperkte groep.



Het Suikerfeest (Id-ul-Fitr) het feest op het einde van de islamitische vastenmaand.

Holi Phawa: het hindoestaanse Nieuwjaar. Deze valt ergens tussen februari en april, afhankelijk van de stand van de maan.

      1. Kotomosi8

Kotomosi betekent “vrouw met rok” , dit staat voor de typische creoolse manier waarop de vrouwen zich bij feestelijkheden kleden. De manier waarop de vrouwen deze rokken draperen of dragen en de keuze van het motief kunnen verschillende boodschappen uitdragen.

Voor een verdere uitleg over deze kledij verwijs ik graag naar een filmpje op XXXX


De taal


Het Nederlands in Suriname is binnengebracht door de kolonisatie van het land en is nog steeds de officiële taal. Buiten de hoofdstad, Paramaribo, komen er meer andere talen voor dan de officiële taal het Nederlands.
  1. De geschiedenis van Suriname9


In 1593 werd Suriname door de Spaanse kroon in bezit genomen, maar spoedig weer verlaten. Ook Nederlanders stichtten er een vestiging, die echter evenmin stand hield. Na 1650 vestigde een groep Engelse kolonisten uit Barbados zich met succes aan de Surinamerivier; in 1667 telde hun kolonie 175 plantages en ruim 4000 kolonisten en slaven.


5.1 Eigendom West-Indische Compagnie

In dat jaar veroverden de Zeeuwen onder leiding van Abraham Crijnssen Suriname en na de Vrede van Breda (1667) konden zij de kolonie voorgoed in bezit houden. In 1682 droeg de provincie Zeeland de kolonie over aan de West-Indische Compagnie (WIC), die op haar beurt een aparte naamloze vennootschap stichtte, de 'Societeit van Suriname', waarvan eenderde van de aandelen in handen kwam van de WIC, eenderde van de stad Amsterdam en eenderde van de familie Van Aerssen van Sommelsdijk.


Een lid van de laatste familie, Cornelis van Aerssen, werd de eerste gouverneur van Suriname. Hij zette zich in voor de vergroting van het aantal plantages. Door oorlog te voeren tegen de Indianen en de weggelopen slaven trachtte hij Suriname aantrekkelijk te maken voor Europese investeerders, wier geld onontbeerlijk was voor de ontwikkeling van de kapitaalintensieve plantagelandbouw gericht op de export van koffie en suiker. Alle opvolgers van Van Aerssen zetten deze politiek ten gunste van de 'grote landbouw' voort.
De Surinaamse koffie en suiker werden op de Nederlandse markt verkocht en dienden daar te concurreren met soortgelijke producten uit Frans West-Indië. Rond 1750 nam Frankrijk de raffinage en het vervoer van de West-Indische koffie en suiker zelf ter hand. Suriname leek nu op de Nederlandse markt een grotere afzet te krijgen. Met het oog hierop hebben de Nederlandse beleggers (vooral uit Amsterdam) tussen 1751 en 1773 meer dan ƒ 60 miljoen in Suriname geïnvesteerd. Zij hoopten dat Suriname de grootste suiker- en koffieleverancier van de Republiek zou worden. Deze verwachtingen kwamen niet uit; de extra investeringen stelden de Surinaamse planters weliswaar in staat grote aantallen slaven aan te kopen, maar de omvang en de waarde van de export nam niet navenant toe.
In 1773 maakte een crisis op de Amsterdamse beurs een plotseling einde aan de kapitaaltoevoer naar Suriname. Veel planters hadden te veel geleend en konden de rentebetalingen en de aflossing niet voldoen en waren verplicht hun plantages te verkopen aan de geldschieters in Nederland. Daardoor verdwenen veel planter-eigenaars uit de kolonie en hun plaats werd ingenomen door administrateurs en directeuren.
Voor de slaven was deze verandering van weinig betekenis. Zij bleven gedwongen om hun arbeid ter beschikking van de plantages te stellen. Hun aantal werd rond 1800 op 50!000 geschat. Na de verovering van Suriname door de Engelsen in 1799 werd in 1806 de aanvoer van slaven uit Afrika verboden. Door deze maatregel kon het sterfteoverschot onder de slaven niet langer door nieuwe aanvoer gecompenseerd worden; de ongelijkheid onder de seksen (tweederde van de aangevoerde slaven waren mannen) zorgde voor een langzame afname van het aantal slaven. Voorts liep een deel van de slaven weg (rond 1780 was dat 10% van het totale aantal slaven) en deze weglopers vormden aparte 'bosnegergemeenschappen', die de koloniale regering niet kon vernietigen en waarmee zij vredesverdragen afsloot om de plantages voor verdere aanvallen te vrijwaren.


5.2 Afschaffing slavernij en de gevolgen daarvan

In 1863 werd de slavernij in Suriname afgeschaft (er waren toen nog ongeveer 30 000 slaven!) en in 1873 werden de ex-plantageslaven echt vrij; in dat jaar verviel hun verplichting om jaarlijks een arbeidscontract met een plantage-eigenaar af te sluiten. Teneinde het tekort aan arbeidskrachten op te vangen werden vele plantages samengevoegd en werd de verwerking van het suikerriet in de suikermolens beter gemechaniseerd. In 1862 telde Suriname 216 plantages, in 1913 nog 79. De totale opbrengst aan suiker bleef overigens door de eeuwen heen vrijwel constant, wel verdwenen de koffie, de cacao en het katoen.


Hoewel de 'grote landbouw' steeds minder economische betekenis kreeg, bleef de koloniale politiek gericht op de bevordering van deze sector. De ex-slaven, die niet op de plantages wilden werken, kregen geen land voor de verbouw van voedsel; zij dienden zoveel mogelijk ter beschikking van de plantages te blijven. De overheid voerde ruim 30.000 Brits-Indiërs naar Suriname en ruim 33.000 Javanen, die zich vóór hun verscheping hadden verplicht voor de duur van vijf jaar op de plantages te werken, waarna ze naar huis konden terugkeren. In 1916 kwam aan de invoer van Brits-Indiërs een einde door nationalistische oppositie in India tegen deze vorm van arbeidsmigratie. Aan de aanvoer uit Java kwam een einde door de achteruitgang van de plantages. Ongeveer tweederde van de Indiase en Javaanse contractarbeiders keerde overigens niet naar huis terug, maar vestigden zich in de kolonie, nadat de koloniale overheid na 1890 het bezit van kleine percelen voor de voedsellandbouw begon te bevorderen.
Buiten de plantagelandbouw waren er maar weinig economische alternatieven. Goud- en balatavondsten verschaften een deel van de mannelijke ex-slaven emplooi, terwijl de groei van het overheidsapparaat eveneens een aantal arbeidsplaatsen schiep. Van een industriële ontwikkeling in Suriname was maar beperkt sprake. Rond 1970 verdiende 23% van de beroepsbevolking zijn brood in de landbouw ( 'groot' en 'klein'), 15% in de industrie en 40% in de dienstensector (overheid, ambachten).
De sociale structuur van Suriname werd in sterke mate beïnvloed door het gebrek aan contacten tussen de verschillende bevolkingsgroepen. De slavenemancipatie van 1863 had tot gevolg, dat een groot deel van de oorspronkelijk uit Afrika afkomstige bevolking de plantagelandbouw de rug toekeerde en zich richtte op werk in de bos- en mijnbouw alsmede in de dienstensector. Hun plaats in de 'grote' landbouw werd ingenomen door de Hindoestanen en de Javanen. Aan de top bevonden zich de blanke plantagehouders en de uit Nederland afkomstige bestuursambtenaren. De kleine creoolse middenstand voelde zich met de blanke bovenlaag verbonden.
De sociale machtsverhoudingen werden weerspiegeld in de Staten van Suriname, die in 1866 werden ingesteld. In feite vormde dit college een voortzetting van de raad, waarin planters en gouverneur overlegden over de te volgen politiek. De leden van de Staten van Suriname werden tot 1901 benoemd door de gouverneur, daarna werden zij gekozen volgens het censuskiesrecht; pas in 1948 werd het algemeen kiesrecht ingevoerd.


5.3 Politieke ontwikkeling na 1945

Na de oorlog werd Suriname een ruime mate van autonomie verleend. In het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden (1954) werd de positie van Suriname en de Nederlandse Antillen geregeld. Sedertdien werd door de politieke partijen een lossere band met het Koninkrijk nagestreefd. Delen van de voornamelijk onder de creolen aanhangers tellende Nationale Partij Suriname (NPS) - de partij van J. Pengel, die als premier van 1963 tot 1969 het politieke leven beheerste - en de Partij Nationalistische Republiek (PNR) van E. Bruma - die belangrijke bindingen had met de Surinaamse moederbond, de vakcentrale - streefden naar zelfstandigheid op korte termijn. De door J. Lachmon - voorzitter van de Staten van Suriname, tevens sedert ca. 1970 de invloedrijkste politicus - geleide Hindoestaanse Vatan Hitkari Partij (VHP) wenste vooralsnog bestendiging van de band met Nederland.


Onder premier Pengel en zijn opvolger J. Sedney - lid van de Progressieve Nationale Partij (PNP) en leider van een PNP-VHP-coalitie - nam het verzet tegen de slechte sociaal-economische situatie toe: zo waren er stakingen bij het onderwijs (die tot de val van Pengel leidden), bij de Suriname Aluminium Company (Suralco), terwijl begin 1973 een algemene staking plaatsvond. Bij parlementsverkiezingen in 1973 wist de Nationale Partij-kombinatie (NPK), waarin NPS, KTPI, PSV (Progressieve Surinaamse Volkspartij) en PNR samenwerkten, de overwinning te behalen; de regerende PNP verdween van het politieke toneel. H. Arron, voorzitter van de NPS en de NPK, vormde een nieuwe regering, die aankondigde het land vóór eind 1975 onafhankelijk te willen maken. In okt. 1975 werd in het Nederlandse parlement een wet tot wijziging van het Koninkrijksstatuut aanvaard. In Suriname bereikten premier Arron en oppositieleider Lachmon, die zich tot dan toe zeer had verzet tegen onafhankelijkheid, overeenstemming over de Grondwet, die daarna werd aangenomen.


5.4 Onafhankelijkheid en militaire staatsgreep

Op 25 nov. 1975 werd Surinames onafhankelijkheid een feit; J.H.E. Ferrier, tot dan toe gouverneur, werd de eerste president. Premier Arron bleef leider van een NPK-kabinet. Na de eerste parlementsverkiezingen in het zelfstandige Suriname in okt. 1977, die door de NPK werden gewonnen, vormde Arron opnieuw een regering. In febr. 1980 kwam een oud conflict tussen regering en beroepsmilitairen over de oprichting van een vakbond tot uitbarsting, wat uitliep op een militaire staatsgreep (25 febr. 1980). De burgerregering verdween en een aantal van de opstandige militairen, van wie B. Sital en Desi Bouterse het meest op de voorgrond traden, vormde een Nationale Militaire Raad (NMR), die verklaarde de macht overgenomen te hebben, de corruptie te zullen beëindigen en ingrijpende sociale en economische hervormingen te zullen doorvoeren. President Ferrier was aanvankelijk bereid de staatsgreep min of meer te legaliseren op voorwaarde dat er een burgerregering zou komen. Deze werd half maart gevormd en geplaatst onder leiding van H. Chin A Sen, een vooraanstaand lid van de PNR. Half mei aanvaardde het parlement een machtigingswet, die de regering verstrekkende bevoegdheden gaf en de rol van de volksvertegenwoordiging elimineerde.


In de volgende jaren kende Suriname regeringen van duidelijk linkse signatuur en meer gematigde kabinetten, met dien verstande dat de militairen onder leiding van Desi Bouterse ( 'Bevel') het laatste woord hadden. Een dieptepunt vormden de '8-decembermoorden' van 1982, waarbij vijftien prominente oppositieleden door de militairen werden geëxecuteerd.
Door de politieke onvrijheid, de almaar verslechterende economische situatie en het ontstaan van een guerrilla onder leiding van Ronnie Brunswijk in de binnenlanden slonk de populariteit van Desi Bouterse ( 'Bevel'), de militaire machthebber.


5.5 Terugkeer politieke partijen

Uiteindelijk zagen de militairen zich gedwongen met de 'oude burgerlijke' partijen in overleg te treden. Dit leidde tot het referendum en de verkiezingen van 1987, die de oude partijen weer in het kabinet brachten. De president, R. Shankar, werd de belangrijkste man (regeringsleider) in het land. De militairen behielden echter, ondanks hun zware nederlaag tijdens de verkiezingen, achter de schermen grote macht.


5.6 Ontwikkelingshulp ter discussie
Vanaf 1987 kwam het overleg met Nederland over het hervatten van de ontwikkelingshulp weer op gang. Maar in 1990 werd de inmiddels hervatte hulp wederom opgeschort na een nieuwe staatsgreep, de 'telefooncoup', door militairen op kerstavond. In de daarna uitgeschreven verkiezingen kwamen de 'oude partijen', verenigd in het Nieuw Front, als grootste partij naar voren.
Ronald Venetiaan werd in sept. 1991 als opvolger van interim-president J. Kraag tot president gekozen en vormde met leden van Nieuw Front een regering die een grotere toenadering tot Nederland zocht. In juni 1992 tekenden Nederland en Suriname een raamverdrag inzake vriendschap en nauwere samenwerking. Hiermee kwam ook een protocol tot stand over de besteding van de 1, 3 miljard gulden die Suriname nog krachtens een verdrag uit 1975 van Nederland te goed had. Beide staten spraken af vooral de georganiseerde grensoverschrijdende misdaad (m.n. cocaïnehandel) aan te pakken. Ondanks sterk verzet van het leger benoemde Venetiaan in mei 1993 Arthy Gorré tot bevelhebber van het leger. Hierdoor werd de rol van Bouterse, die het jaar daarvoor ontslag uit zijn militaire functies had genomen, verder teruggedrongen.
In 1994 was er sprake van grote sociale onrust vanwege de gierende inflatie (meer dan 300% op jaarbasis), die vooral de salarissen van overheidspersoneel uitholde. Begin okt. kwam ook de onrust in het leger naar buiten, toen een delegatie van officieren haar beklag deed over lage lonen en gebrek aan voedsel en materieel. Van de beloofde reorganisatie van de strijdkrachten was een jaar na de benoeming van Gorré nog weinig terechtgekomen. De economische situatie was zo chaotisch dat het land op de been moest worden gehouden met geld en voedselpakketten uit Nederland.
Nieuwe hulptoezeggingen van Nederland en een vergelijk met Den Haag bleven uit, omdat Suriname het IMF en de Wereldbank niet wilde accepteren als toezichthouder op zijn herstelprogramma. Een Brits onderzoeksinstituut dat wel als zodanig werd gedoogd, kondigde aan zich liever terug te trekken, omdat de Surinaamse regering niets met de economische adviezen deed.
Ook 1995 stond in het teken van de moeizame pogingen van de regering om te komen tot een economisch saneringsprogramma. Tijdens een bezoek van de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken Van Mierlo aan Paramaribo, begin okt. 1995, werd het Rechtshulpverdrag tussen Nederland en Suriname geratificeerd, dat na de decembermoorden van 1982 was opgeschort. In febr. 1996 ondertekenden het Surinaams bedrijf Staatsolie en ABN AMRO contracten voor de bouw van een olieraffinaderij die ongeveer de gehele Surinaamse olieproductie zou moeten kunnen verwerken.
Bij de parlementsverkiezingen van mei 1996 verloor het Nieuwe Front (NF), een coalitieverband van vier partijen, één vijfde van de zetels en raakte het de meerderheid in het parlement kwijt. De voormalige leider van het junglecommando, Ronnie Brunswijk, behaalde met zijn Algemene Bevrijdings- en Ontwikkelings Partij (ABOP) geen enkele zetel. De NPD van Desi Bouterse was een van de grote overwinnaars. Het was evenwel aan het uiteenvallen van de NF-coalitie te danken dat NPD'er Jules Wijdenbosch bij de presidentsverkiezingen van sept. oud-president Ronald Venetiaan kon verslaan. Dit laatste tot grote teleurstelling van de Nederlandse regering en het parlement, die vreesden dat Bouterse zich achter de schermen de ware machthebber zou tonen.
Het snelle economische herstel zette in 1996 door met een groei van 4%, mede door de gestegen bauxietprijzen. Het strakke monetaire beleid en een sterk verbeterde belastinginning, met behulp van Nederlandse experts, zorgden voor een stabielere munt, een sterke daling van de inflatie en een verbetering van de overheidsfinanciën. In april 1997 verklaarde president Wijdenbosch echter dat Suriname in het vervolg zou afzien van de steun van Nederlandse belastingexperts.


5.7 Drugshandel

Op het gebied van de drugshandel behield Suriname zijn slechte naam. In april 1997 deelde het hoofd van de Surinaamse narcoticabrigade mee dat jaarlijks ongeveer 26.000 kilo cocaïne via Suriname naar Europa werd gesmokkeld. Deze doorvoer had in Europa een waarde van meer dan één miljard dollar, waarvan zeker 250 miljoen dollar - gelijk aan de opbrengst van de bauxietsector - in Suriname zou achterblijven. De woordvoerder sprak tevens van een toenemende dienstverlening van politieambtenaren aan de drugsmaffia.



Geraadpleegde bronnen

  1. Internetbronnen


  • http://www.landenweb.net/suriname/ (laatst geraadpleegd op 27/10/2011)




  • http://www.encyclo.nl/begrip/bauxiet (bauxiet) (laatst geraadpleegd op 27/10/2011)

  • http://www.worldwidebase.com/science/suriname.shtml (laatst geraadpleegd op 27/10/2011)

  • http://nl.wikipedia.org/wiki/Roti_(gerecht) (laatst geraadpleegd op 27/10/2011)


  1. Boeken en artikels


  • Anema, K., Brave, I., Dessing, M., Lotens, W., Van Der Pijl, Y., Vermaas, P. (2007) Te gast in Suriname. Informatie verre reizen V.O.F.

  • Fey, T. (2003) Suriname. Switi Sranan. Amsterdam: Uitgeverij Uniepers



















Bijlagen

Nuttige websites:


  • http://afroeurope.blogspot.com/2010/11/black-community-in-netherlands-meet.html

  • http://retro.nrc.nl/W2/Lab/HAL15/inhoud.html

  • http://www.saamaka.com/  saramaccaans voor beginners

  • http://www.surinam.net/  met fimpjes

  • http://www.waterkant.net/  met dagelijks nieuws

  • Www.kinderpleinen.nl  een pagina over de amazone en over suriname met oa. Filmpjes over de koloniale geschiedenis

  • www.klasse.be › tv.klasse › reeksen › Klasse in Suriname

  • www. wwf.be  informatie over het amazonewoud

Bijlage 1/ Recept roti10


Benodigdheden :

  • 1 kg tarwe bloem

  • ±750 ml lauw water ( 3 á 4 glazen)

  • 2 eetlepels zonnebloemolie

  • 1 theelepel baksoda

  • 1 theelepel bakpoeder

Bereidingswijze:

  • Doe 500gr bloem in een kom en maak een kuiltje in het midden. De bakpoeder, baksoda, olie en het water toevoegen en mengen (moet een plakkerige massa zijn). Het geheel met de handen 5 á 10 minuten kneden en net zolang meel toevoegen tot dat het een soepel (elastisch) deeg is. De deeg afdekken en 30 minuten laten rijzen.

  • Maak 15 á 20 bolletjes van de deeg, de bolletjes moeten ongeveer net zo groot zijn als een groot ei

  • Op een aanrecht bestoven met de overige bloem het platgedrukte bolletje verder uitrollen met een deegrol tot een pannenkoek.

  • De roti platen bakken: maak een koekenpan eerst goed heet daarna het vuur matigen. Smeer de koekenpan in met olie en bak vervolgens de roti plaat in de pan. Als de roti plaat in de koekenpan is meteen de bovenzijde insmeren met olie vervolgens de roti plaat omdraaien, weer insmeren en omdraaien (3x). Let op: De roti plaat niet te lang aan één zijde laten bakken. Als de roti plaat gebakken is inwikkelen met een schone theedoek en op een bord leggen.


Bijlage 2/ Recept Nasi:


Benodigdheden

  • 500 gram rijst

  • 400 gram kipfilet

  • 2 fa-sjong ( zijn Chinese varkenssaucijsjes ook in kip verkrijgbaar)

  • 1 grote ui

  • 5 teentjes knoflook

  • 3 takjes selderij

  • 1 theelepel witte/zwarte peper

  • 1 theelepel geraspte gember

  • 7 eetlepels zoute ketjap (black soysaus/ketjap manis)

  • 5 eetlepels zoete marinade (helen marinade)

  • 5 maggieblokjes

  • 4 eetlepels olie

  • 1/2 kopje water

Benodigdheden garnering:

  • 4 eieren

  • snufje zout

  • 2 rijpe bananen

  • 10 eetlepels olie

  • 2 tomaten

  • 1 eetlepel azijn

Bereiding:

  1. Kook de rijst gaar en laat het afkoelen. Was de kipfilet en kook die tezamen met 2 maggiblokjes 1 teentje knoflook en 1 takje selderij. Na +/_ 25 minuten is de kipfilet gaar. Pluis deze dan fijn of snij ze in kleine stukjes. Snij dan ook de fa-sjong in kleine stukjes en leg die bij de kipfilet. Versnipper de ui, pers de 4 teentjes knoflook en hou het apart. Was de selderij en snij deze in stukjes leg het ook apart in een kommetje.

  2. Neem een wok en fruit in de eetlepels olie de uien en knoflook. Als die wat glazig zijn voeg je de kipfilet en fa-sjong toe. Na 1 minuutje gaan de overige ingrediënten erin: zoute ketjap, helen marinade, gember, witte peper, 1/2 kopje water en 1 maggiblokje laat dit alles goed bakken en blijf roeren in de wok. Als het goed is krijg je nu een mooie hoeveelheid jus in je wok. Laat dit ongeveer 3minuten bakken.

  3. Dan haal je de helft van dit mengsel uit de wok en leg dat even opzij in een kom. Nu ga je beetje bij beetje de witte rijst in de wok scheppen en goed blijven omroeren. Het rijst moet een mooie egale bruine kleur krijgen. Schenk op het laatst de aparte kom met jus en kipfilet erbij en goed omroeren het liefst met 1 lepel in elke hand. De nasi is nu klaar. Neem nu de selderij en mix deze door de nasi.

  4. Kluts de eieren met een snufje zout. Bak daarna hele platte omeletjes. Stapel deze op elkaar en snij hiervan dunne reepjes. Snij de tomaten in plakjes en besprenkel het met azijn en een snufje zout. De rijpe bananen schil je en snij deze in schuine plakjes. Verhit 10 eetlepels olie en bak ze goed bruin. Schep de nasi op en garneer het met de ei, plakjes tomaat en 2 bakabana’s.

Tip:

  • Als extra garnering kan ook komkommer, sambal en kroepoek.

  • Bij een nasi hoort ook kip. Je kan de kip ketjap hiervoor gebruiken.

  • In plaats van ui kan je ook een prei gebruiken.

  • Als het niet lukt om de rijst egaal bruin te krijgen, kan je voor de volgende keer als je de rijst kookt een half kopje ketjap in het kookwater doen. Zo wordt het egaal bruin.



1 Afgehaald van: http://www.landenweb.net/suriname/

2 Volgens http://www.encyclo.nl/begrip/bauxiet laatst bekeken op 27/10/2011

3 Afgehaald van: http://www.landenspecials.nl/suriname/ligging-klimaat-cultuur/

4 Fey, T. (2003) Suriname. Switi Sranan. Amsterdam: Uitgeverij Uniepers

5 Afgehaald van: http://taalunieversum.org/onderwijs/termen/beschrijvingen/suriname/primair_onderwijs/

6 Gebaseerd op: Anema, K., Brave, I., Dessing, M., Lotens, W., Van Der Pijl, Y., Vermaas, P. (2007) Te gast in Suriname. Informatie verre reizen V.O.F.

7 Gebaseerd op : http://nl.wikipedia.org/wiki/Roti_(gerecht) laatst bekeken op 27/10/2011

8 Fey, T. (2003) Suriname. Switi Sranan. Amsterdam: Uitgeverij Uniepers

9 Afgehaald van: http://www.worldwidebase.com/science/suriname.shtml laatst bekeken op 27/10/2011

10 http://www.surinamcooking.com/roti-plaat/
1   2   3

  • De taal
  • Geraadpleegde bronnen Internetbronnen
  • Boeken en artikels
  • Bijlage 1/ Recept roti 10
  • Bijlage 2/ Recept Nasi

  • Dovnload 142.25 Kb.