Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Lassen-constructie derde graad bso

Dovnload 234.71 Kb.

Lassen-constructie derde graad bso



Pagina3/4
Datum05.12.2018
Grootte234.71 Kb.

Dovnload 234.71 Kb.
1   2   3   4

  • Montage en kringen

    LEERPLANDOELSTELLINGEN

    LEERINHOUDEN

    1. De plaats (bestaande toestand) waar gelaste constructies moeten geplaatst worden, opmeten, deze schetsmatig optekenen en de bijzonderheden noteren.

    2. Volgens ter beschikking gestelde uitvoeringstekeningen, de uitzetwerkzaamheden voor de plaatsing van een gelaste constructie verrichten.

    • Bestaande toestand

    • Uitvoeringstekeningen

    • Opmeten en uitzetten van punten in plattegrond

    • Controlemetingen

    • Hulpmiddelen en gereedschap

    • Materialiseren van de uitzetpunten

    • Uitzettechnieken, -gereedschap

    • Uitlijntechnieken, -gereedschap

    1. Volgens verstrekte richtlijnen en uitvoeringsplannen van een plaat- en lasconstructie, met geschikt gereedschap, referentiepunten, -lijnen en meetkundige constructies uitzetten en traceren.

    • Referentievlakken, -lijnen en -punten

    • Materialiseren van de uitzetpunten

    • Meetkundige constructies

    • Uitzettechnieken

    • Uitzetgereedschap

    • Traceertechnieken

    1. De elementen van een stroomkring herkennen

    • Spanning

    • Stroomsterkte

    • Stroomkring

    • Stroombron

    • Schakelaar

    • Geleider

    • Verbruiker

    • Symbolische voorstellingen

    • Elektrische grootheden

    • Eenheden

    • Magnetische stroomkring (transfo)

    • Gelijkstroom – wisselstroom

  • Lasconstructies uitvoeringen en voorbereidingen

    LEERPLANDOELSTELLINGEN

    LEERINHOUDEN

    1. Volgens verstrekte richtlijnen en uitvoeringsplannen, constructieonderdelen voorbereiden.

    • Zaag-, knip- en plooilijsten

    • Verdeeltechnieken

    • Voorbereidende bewerkingen

    1. De nabewerkingmethoden van constructies met eigen woorden toelichten.

    2. In functie van de opgelegde nabewerking van een constructie, de nodige voorbereidende werkzaamheden uitvoeren.

    • Nabewerking

    • Nat lakken

    • Poederlakken

    • Metalliseren

    • Galvaniseren/Verzinken

    • Stralen

    • Polieren

    • Beitsen/passiveren (U)

    • Voorbereidende werkzaamheden

    • Boringen in profielbuizen

    • Extra ophangingpunten

    1. Volgens verstrekte richtlijnen en uitvoeringsplannen, de constructieonderdelen, ten opzichte van elkaar, positioneren en bewegingsvrij bevestigen, controlemetingen en eventuele aanpassingen uitvoeren.

    • Positioneertechnieken

    • Bevestigingstechnieken

    • Hulpmiddelen

    • Mallen

    • Laskaliber

    • Klemmen

    • Bruggen en spieën

    • Magneten

    • Hechtlassen

    • Afmetingen

    • Onderlinge afstand, aantallen

    • Volgorde




    1. Het principe van het lasprocedé 111 (1) met eigen woorden toelichten.

    • Lastoestellen en toebehoren

    1. Bij het lasprocedé 111 de invloed van de in te stellen procesvariabelen met eigen woorden uitleggen.

    • Procesvariabelen

    1. De functie en de kenmerken van de lastoestellen en toebehoren met eigen woorden uitleggen.




    1. Bij het gebruik van het lasprocedé 111, voor het leggen van de diverse soorten lassen, een geschikte elektrode kiezen en de keuze verantwoorden.

    • Elektrodekeuze

    1. Het toepassingsgebied en de kenmerken van het lasprocedé 111 met eigen woorden uitleggen.

    • Toepassingsgebied

    • Kenmerken

    1. Bij het lasprocedé 131 (2) en 135 (3) de invloed van de procesvariabelen met eigen woorden uitleggen.

    • Procesvariabelen

    1. Het principe van het lasprocedé 131 en 135 met eigen woorden toelichten.

    • Lastoestel en toebehoren

    1. Bij het lasprocedé 131 en 135 de functie van de beschermingsgassen met eigen woorden uitleggen en de daarbij behorende kleurcodes kennen.

    • Beschermingsgassen

    1. De functie en de kenmerken van de lastoestellen en toebehoren met eigen woorden uitleggen.




    1. Bij het gebruik van het lasprocedé 131 en 135 geschikte lasdraden kiezen en de keuze verantwoorden.

    • Lasdraden

    1. Het toepassingsgebied en de kenmerken van het lasprocedé 131 en 135 met eigen woorden uitleggen.

    • Toepassingsgebied

    • Kenmerken

    1. Het principe van het lasprocedé 141 met eigen woorden toelichten.

    • Toestel en toebehoren

    1. Van het lasprocedé 141 de invloed van de in te stellen procesvariabelen met eigen woorden uitleggen.

    • Procesvariabelen

    1. De functie en de kenmerken van de lastoestellen en toebehoren met eigen woorden uitleggen.

    • Beschermingsgassen

    1. Bij het gebruik van het lasprocedé 141, voor het leggen van de diverse soorten lassen, een geschikte elektrode (draadkeuze) kiezen en de keuze verantwoorden.




    1. Het toepassingsgebied en de kenmerken van het lasprocedé 141 met eigen woorden uitleggen.

    • Toepassingsgebied

    • Kenmerken

    1. Bij het leggen van lassen, de oorzaken en de gevolgen van de krimpwerking met eigen woorden uitleggen.

    2. De mogelijk te treffen maatregelen, om de gevolgen van de krimpwerking tot aanvaardbare proporties te brengen, met eigen woorden uitleggen.

    • Krimpwerking bij lassen

    • Oorzaken

    • Gevolgen

    • Te treffen maatregelen

    1. De karakteristieke kenmerken van de soorten lasnaadvormen met eigen woorden uitleggen.

    • Soorten

    • Niet stompe las (hoeklas met niet volledige doorlassing)

    • Stompe las

    • Voorbereiding

    • Vlakken

    • Hoeken

    • Afmetingen van de lasnaad

    • Kenmerken

    • Geometrie

    • Inbranding

    • Doorlassen

    1. Lasnaadvormen volgens verstrekte richtlijnen en geldende normen voorbereiden.




    1. Het lastoestel instellen en bedienen in relatie tot de uit te voeren las.

    • Lastoestellen

    • Instellen

    • Bedienen

    • Lasparameters

    1. Bij het uitvoeren van lasverbindingen het smeltbad beheersen.




    1. Hoeknaadlassen in verschillende posities volgens het lasprocedé 111, in overeenstemming met de vigerende normering, uitvoeren.




    1. Hoeknaadlassen bij aluminium in verschillende posities volgens het lasprocedé 131, in overeenstemming met de vigerende normering, uitvoeren. (U)




    1. Hoeknaadlassen volgens het lasprocedé 135, in overeenstemming met de vigerende normering, uitvoeren.




    1. Hoeknaadlassen in verschillende posities bij verschillende materialen volgens het lasprocedé 141, in overeenstemming met de vigerende normering, uitvoeren.(U)




    1. Plaatnaadlassen volgens het lasprocedé 111, in overeenstemming met de vigerende normering, uitvoeren.




    1. Plaatnaadlas bij aluminium volgens het lasprocedé 131, in overeenstemming met de vigerende normering, uitvoeren.(U)




    1. Plaatnaadlassen volgens het lasprocedé 135, in overeenstemming met de vigerende normering, uitvoeren.




    1. Plaatnaadlassen in verschillende posities bij verschillende materialen volgens het lasprocedé 141, in overeenstemming met de vigerende normering, uitvoeren.(U)




    1. Aan de hand van een constructietekening een werkvoorbereiding opstellen en met eigen woorden toelichten.

    • Plaatconstructie

    • Lasconstructie

    1. Bij een gegeven opgave, aan de hand van verstrekte richtlijnen en uitvoeringsplannen, plaatconstructies vervaardigen.




    1. Aan de hand van verstrekte richtlijnen en uitvoeringsplannen, lasconstructies vervaardigen.




    1. Volgens verstrekte richtlijnen nabewerkingen aan lasnaden uitvoeren.




    1. Bij het uitvoeren van lasverbindingen, de verstrekte richtlijnen om de krimpwerking en vervorming te beperken, opvolgen.

    • Te treffen maatregelen

    • Te lassen stukken klemmen.

    • De opgelegde hechtvolgorde respecteren.

    • De opgelegde lasvolgorde respecteren.

    • Het aanbrengen van een voorhoek.

    • Het aanbrengen van een voorbocht.

    • Lasnaden onderbreken

    1. Mechanische- en thermische richtmethoden met eigen woorden toelichten.




    1. Volgens verstrekte richtlijnen, instructiekaarten en bedieningshandleidingen, machines, lastoestellen en gereedschappen onderhouden.

    • Machines

    • Gereedschappen

    • Gereedschapswisselingen

    • Het instellen

    • Het gebruik

    • Het onderhoud

    • Instructiekaarten en bedieningshandleidingen

      1. Doelstellingen te realiseren via stages

    De leerlingen kunnen via stages met de bedrijfscultuur kennismaken.

    LEERPLANDOELSTELLINGEN

    LEERINHOUDEN

    1. Contacten leggen, communiceren en afspraken maken met bedrijfsleiders.

    • Contact met bedrijfsleiders




    • Solliciteren(U)



    • Contractuele afspraken




    • Werkuren




    • Verplaatsing




    • Veiligheid en kledij



    1. Met de bedrijfscultuur en –organisatie van een las- en constructiebedrijf kennismaken.

    2. De eisen die de bedrijven aan de werk nemers stellen zelf ervaren.

    3. De wijze waarop in een bedrijfscontext aspecten van preventie en welzijn worden behartigd en richtlijnen worden verstrekt, ervaren en deze richtlijnen naleven.

    4. De noodzaak van de kennis van basis veiligheid op de bedrijfsvloer ervaren.

    • Bedrijfscultuur




    • Bedrijfsorganisatie



    • Gestelde eisen aan werknemers




    • Arbeidsritme




    • Rendement en efficiëntie




    • Naleven van de bedrijfsrichtlijnen en voorschriften




    • Flexibiliteit




    • Preventie en Welzijnsrichtlijnen



    1. Met werkgevers en werknemers leren samenwerken.

    • Teamwerk

    1. De in de school verworven competenties in een reële arbeidssituatie toepassen.

    2. Met competenties, die slechts in een bedrijfscontext kunnen worden ver- worven, kennismaken.

    • Verworven competenties inoefenen in reële arbeidssituatie

    • Kennismaken met specifieke bedrijfscompetenties

    1. Zich in een methodische en procesmati- ge werking van een bedrijf inpassen.

    • Methodische en procesmatige werking van het bedrijf

    1. Eigen mogelijkheden ontdekken en mo- gelijkheden van opleiding en bijscholing met eigen woorden uitleggen.

    • Bedrijfsspecifieke opleidingen

    • Bijkomende opleidingen in het objectief van levenslang leren

      1. Doelstellingen eventueel in uitbreiding te realiseren in lasconstructies kunststof

    • De leerlingen kunnen in kunststof lasconstructies uitvoeren, de uitvoering voorbereiden en begeleiden.



    LEERPLANDOELSTELLINGEN

    LEERINHOUDEN

    1. De functie van kunststofmachines, gereed schappen en hulpstukken en de kenmerken ervan met eigen woorden uitleggen.

    • Machines

    • Gereedschappen

    • Hulpstukken

    • Hechtmondstuk

    • Rondlasmondstuk

    • Snellasmondstuk

    1. Diverse te lassen kunststofproducten herken- nen en hun kenmerken met eigen woorden uitleggen.

    • Kunststofproducten

    • Herkomst

    • Kenmerken

    • Aanduidingen

    1. De materiaaleigenschappen met eigen woor- den uitleggen.

    • Dichtheid

    • Eigenschappen

    • Mechanische

    • Thermische

    • Elektrische

    • Optische

    • Veroudering

    1. De macromoleculaire opbouw met eigen woorden uitleggen.

    • Structuur

    • Thermoharders

    • Thermoplasten

    • Elastomeren

    1. Het toepassingsgebied van de toeslagmateria- len met eigen woorden uitleggen.

    • Van polymeer tot kunststof

    • Versterkers, ladingen

    • Stabilisatoren

    • Weekmakers

    • Kleurstoffen en pigmenten

    • Schuurmiddelen

    • Brandvertragers

    • Nucliaters

    1. De symbolische voorstellingen herkennen.

    • Materiaalaanduidingen

    • Maat-, vorm- en plaatstoleranties

    • Bewerkingstekens

    • Eenheden, doorsneden

    • Ruwheden

    1. Met behulp van technische documentatie een geschikte lijmsoort kiezen.

    • Soorten lijm

    • Op basis van solventen

    • Reactielijmen

    • Contactlijmen

    • Amorfe lijmen

    1. De toepassingsmogelijkheden van de diverse kunststoflasprocedé’s met eigen woorden uit- leggen.

    • Lasprocessen:

    • Heetelementlassen

    • Heteluchtlassen

    • Stomp-, mof-, elektromof, spiegel- en elektrolassen

    • Werktemperaturen

    • Lassnelheden

    1. Volgens verstrekte richtlijnen, lijmnaden uitvoeren.

    • Lijmen van

    • Laagkristallijne kunststoffen

    • Hoogkristallijne kunststoffen

    • Thermoharders

    • Elastomeren

    • Componentenlijmen

    1. Volgens verstrekte richtlijnen, lasnaden
      uitvoeren.

    • Lasprocessen

    • Heetelement

    • Heteluchtlassen

    • Aard

    • Stomplas

    • Moflas

    • Elektromoflas




    1. Minimale materiële vereisten

      1. Infrastructuur

    Voor de studierichting “Lassen-constructie derde graad bso” dient men te beschikken over een ruime werkplaats, die beantwoordt aan de reglementaire eisen op het vlak van veiligheid, gezondheid, hygiëne, ergonomie en milieu. In het bijzonder wordt er aandacht gevraagd voor het verfraaien en het inrichten van oude of verouderde werkplaatsen. Zij bepalen immers in belangrijke mate het leer- en leefklimaat van de leerlingen. Voor alle betrokkenen blijft het een belangrijke uitdaging om voor deze leerlingengroep een aangename leeromgeving te creëren. Ook moet er voldoende ruimte worden voorzien voor het stapelen van materialen, het bergen van zwaar materieel en het opbergen van onderhoudsmateriaal. Een ruimte voor het wegbergen van dure of breekbare gereedschappen en meettoestellen is eveneens geen overbodige luxe.

    Daarnaast zijn volgende lokalen, liefst aangrenzend, noodzakelijk:



    • een goed uitgerust klaslokaal met documentatiecentrum,

    • een wasplaats,

    • een kleedkamer.

      1. Algemene uitrusting

    • Schoolmeubilair

    • Projector

    • Pc’s

    • Printer

    • Software

    • Tekstverwerking

    • Rekenblad

    • Bestandsbeheer

      1. Per leerling

    • Lasmalletje ter controle van de a-hoogte

    • Rolmeter:

    • Zijkniptang: toepassing MIG/MAG-lassen

    • Potlood en afschrijfnaald

    • Schuifmaat voor het opmeten van plooiwerk en dergelijke

    • Lashelm

    • Gehoorbescherming

    • Lashandschoenen voor het TIG- en MIG/MAG-lassen

    • Veiligheidsbril

    • Veiligheidsschoenen

    • Lederen voorschoot voor het lassen, snijbranden en slijpen

    • Bril voor het solderen en gaslassen

    • Hoofdbescherming

    • Bikhamer

    • Staaldraadborstel

      1. Gemeenschappelijk klein gerief

    • Set boren

    • Zaagboren

    • Zwaaihoek, klein en groot

    • Set draadtappen

    • Haakse slijpmachines

    • Positioneringgereedschap

    • Handboormachine

    • Blindniettang met blindnieten

    • Set doorslagstempels

    • Set slagnummers en letters

    • Stroomtang voor = en ~ stroom

    • Universeel meettoestel

    • Set schroevendraaiers (ook met philips, posidrive en torch-profiel)

    • Set inbussleutels

    • Set kruissleutels

    • Snelspantangen

    • Waterpomptang

    • Bektang

    • Zijkniptang

    • Set steeksleutels

    • Set ringsleutels

    • Verstelbare spanklemmen van diverse lengten. (sergeanten)

    • Metaal beitels

    • Vijlen: driehoekig, vierkant, rond, halfrond en plat van diverse lengten en ruwheden

    • Bankhamers

    • Draadmeterkam

    • Gas flowmeter



      1. Gemeenschappelijke materialen

    • Slagboormachine

    • Set steenboren

    • Lastafels

    • Las- en voedingskabels

    • Soepele snoeren

    • Stopcontacten en stekkers

    • Aambeeld

    • Lascel of werkpost met afscherming en afzuiging

    • Gehoorbeschermers voor slijpwerkzaamheden

    • Afzonderlijke slijpruimte

    • Verlengkabels

    • Reserve las- en werkstukkabels

    • Reserve TIG-toortsen en spare-parts

    • Reserve MIG/MAG-toortsen en spare-parts

    • Elektroden

    • Plaat- en profielmateriaal voor constructies en lasoefeningen

    • Elektrodendroogkast voor het bewaren en/of drogen van de basische elektroden

    • (Temperatuurbereik van 40 tot 350 °C.)

    • Snijbrander handbediend, machinale

      1. Gemeenschappelijke machines

    • Gelijk- en wisselstroom lasmachines voor het BMBE

    • MIG/MAG lastoestellen

    • MIG/MAG invertor-pulsbron met synergische regeling

    • TIG-toestellen voor het gelijkstroomlassen

    • Dubbelstroom TIG-toestellen voor het lassen van aluminium (U)

    • TIG-toestel van het invertortype,

    • Lasinstallatie voor het gassmeltlassen, vlamrichten

    • Snijbrandtafeltje (oxy-acetyleen) voor de naadvoorbereidingen van dikke plaat

    • Snijbrander voor het autogeen snijden

    • Plasmasnijbrander (U)

    • Afkantpers CNC-gestuurd (U)

    • Profiel- en plaatschaar

    • Guillotineschaar

    • Ponsmachine, uithoekschaar

    • Plaatrolmachine

    • Bandzaagmachine

    • Slijpmolens voor het slijpen van gereedschappen en voor het slijpen van de TIG-elektroden

    • Schuurbandmachine

    • Kolomboormachine



    1. Bibliografie
  • 1   2   3   4

  • Lasconstructies uitvoeringen en voorbereidingen
  • Doelstellingen te realiseren via stages
  • Doelstellingen eventueel in uitbreiding te realiseren in lasconstructies kunststof
  • LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN
  • Minimale materiële vereisten Infrastructuur
  • Gemeenschappelijk klein gerief
  • Gemeenschappelijke materialen
  • Gemeenschappelijke machines

  • Dovnload 234.71 Kb.