Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Leeftijdsgroepen 2 Signalen op kleuterleeftijd 2 Signalen onderbouw basisonderwijs 3 Signalen bovenbouw basisonderwijs 3

Dovnload 182.77 Kb.

Leeftijdsgroepen 2 Signalen op kleuterleeftijd 2 Signalen onderbouw basisonderwijs 3 Signalen bovenbouw basisonderwijs 3



Pagina1/5
Datum16.06.2017
Grootte182.77 Kb.

Dovnload 182.77 Kb.
  1   2   3   4   5

Routeplanner Dyslexie

Inhoud


Inleiding 1

Afstemming begrip dyslexie 1

Herkennen en diagnose 2

Leeftijdsgroepen 2

Signalen op kleuterleeftijd 2

Signalen onderbouw basisonderwijs 3

Signalen bovenbouw basisonderwijs 3

Zelfvertrouwen en werkgeheugen 5

Samenwerking thuis en school 6

Werkplan lezen 8

Doorgaande lijn naar het VO 13

Inzet van hulpmiddelen 14

Andere materialen 17

Toetsen en examens 19



Bijlagen:

  • Huiswerkplan 19

  • Digitaal dagboek 20

  • Samenwerkingsschema 21

  • Bijlage Cito 22

  • Voorbeeld groepsplan technisch lezen 25

  • Voorbeeld afsprakenlijst/ouderformulier 31

  • Dyslexieroute de Borch 32

  • Speerpunten schooljaar 2014-2015 36



Inleiding


Datum start programma 01-10-2012
Deelnemers programma (gegevens en rol):
Annette Couvée MA Ed SEN, Ib’ er ib@bsdeborch.nl; annettecouvee@freeler.nl
Jolanda Raaijmakers, docent jraaijmakers@bsdeborch.nl josjolanda@tiscali.nl
Hildred Kuik, ouder hildredkuik@hotmail.com
  • Afstemming begrip dyslexie


Dyslexie betekent letterlijk: niet kunnen lezen. Bij dyslexie gaat lezen, spellen en ook zelf schrijven, gezien de leeftijd en het onderwijsniveau, veel te moeizaam.
Er is alleen sprake van dyslexie als er geen andere oorzaken zijn die de leesproblemen kunnen veroorzaken. Bij dyslexie kunnen zowel lees- als spellingsproblemen voorkomen, maar deze komen ook los van elkaar voor.
Officieel wordt dyslexie in Nederland aangeduid als “een hardnekkig probleem met het aanleren en het accuraat en/of vlot toepassen van het lezen en/of spellen, op woordniveau.
Hardnekkigheid is een belangrijk kenmerk van dyslexie, niet alleen bij het leren lezen en spellen, maar ook bij het snel en vlot kunnen lezen.
  • Herkennen en diagnose


. Waar letten we op?

  • Je eigen onderbuik gevoel

  • Je beschikbare ‘harde’ gegevens

  • Je observaties van de kwaliteit van het leesproces (zoals o.a. radend, spellend, zwak geheugen, veel herhaling)

  • De zorgen die ouders aangeven

  • De motivatie en het doorzettingsvermogen van kinderen.


Kinderen met dyslexie kunnen moeite hebben:

  • om het verschil te horen tussen klanken als m en n; p, t en k; s, f en g; eu, u en ui

  • om de klanken in volgorde te zetten, zoals bij 'dorp' en 'drop' of '12' en '21'

  • om de aandacht te houden bij 'klankinformatie' (gesproken woord)

  • met het inprenten van reeksen, bijvoorbeeld tafels of spellingsregels

  • met het onthouden van vaste woordcombinaties, uitdrukkingen of gezegdes

  • met het onthouden van losse gegevens, zoals rijtjes, woordjes en jaartallen

  • automatiseren gaat slecht.



  • Signalen

Per leeftijdsgroep zijn er verschillende signalen die kunnen duiden op (aanleg voor) dyslexie bij kinderen.


Leeftijdsgroepen


  • kleuterleeftijd

  • onderbouw basisonderwijs

  • bovenbouw basisonderwijs

  • voortgezet onderwijs

Signalen op kleuterleeftijd


Op de kleuterleeftijd (groep 1 en 2) is dyslexie nog niet vast te stellen. Wel kunnen er een aantal signalen zijn die aanleiding geven om het kind extra in de gaten te houden. Bijvoorbeeld wanneer het kind:

  • een algemeen zwak taalniveau heeft

  • slecht versjes kan onthouden en slecht kan rijmen

  • moeite heeft met het aanleren van willekeurige afspraken, zoals de begrippen 'links' en 'rechts' en de namen van kleuren.

  • Letters hardnekkig blijft omdraaien, zoals de d-b en p.

  • Moeite heeft met abstract ruimtelijke visuele werkjes, zoals het namaken van een mozaïekfiguur.

Niet alle kinderen met deze problemen ontwikkelen echter dyslexie. Een vertraagde spraak-/taalontwikkeling en dyslexie in de familie heeft wel een zekere voorspellende waarde.

Soms zijn de signalen ook niet terug te zien in de kleutergroepen maar wordt het pas in groep 3 bij de klank-tekenkoppeling zichtbaar.


Signalen onderbouw basisonderwijs


Signalen voor dyslexie in groep 3 kunnen zijn:

  • lang spellend lezen of vroeg radend lezen

  • moeite met aandacht voor verbale informatie

  • moeite om het verschil te horen tussen klanken als m en n, t en k, ba en da, met ritme, klemtoon en de betekenis van woorden

  • moeite om verschil te zien tussen bijvoorbeeld p en q, b en d, en met volgorde in woorden (zodat omkeringen en weglatingen het gevolg zijn)

  • moeite met het inprenten van reeksen (bijv. tafels), met het onthouden van woordcombinaties, uitdrukkingen en gezegdes

Signalen voor dyslexie in groep 4 kunnen zijn:

  • een hekel aan hardop lezen

  • lang spellend lezen

  • veel radend lezen

  • vaak struikelen bij het lezen

  • vaak een woord overslaan

  • delen van woorden weglaten

  • woorden die hetzelfde klinken door elkaar halen

  • een groeiend verschil tussen het leesvermogen en het vermogen een verhaal te begrijpen

Signalen bovenbouw basisonderwijs


In de bovenbouw van de basisschool is het leesonderwijs erop gericht om leerlingen steeds meer woorden te leren lezen, steeds zelfstandiger te maken en door middel van lezen informatie op te laten doen en hun kennis uit te breiden. De signalen van dyslexie in de bovenbouw zijn te merken aan een toenemende weerstand tegen leestaken en/of toenemende faalangst en kenmerken die opvallen bij A) het hardop lezen, B) de spelling, C) het schrijven en D) taken die te maken hebben met snel benoemen en/of de belasting van het verbale korte termijn geheugen.

A bij hardop lezen valt op dat de leerling:



  • te traag leest

  • veel spellend leest

  • veel fouten maakt door het raden van woorden

  • een grote weerstand en/of faalangst tegen leesbeurten ontwikkelt

B bij de spelling valt op dat de leerling:

  • veel spellingsfouten maakt bij vrije schrijfopdrachten

  • vaak fonetisch spelt (letterlijk opschrijft wat hij hoort)

  • de spellingsregels slecht onthoudt

  • zichzelf niet of nauwelijks corrigeert

C bij het schrijven valt op dat de leerling:

  • een traag schrijftempo heeft

  • vaak een onleesbaar schrift heeft met veel doorhalingen (hoeft niet door een motorisch probleem te komen)

D bij het snel benoemen valt op dat de leerling:

  • problemen heeft met het onthouden van namen of het ophalen van namen uit het geheugen, bijvoorbeeld bij vakken als geschiedenis en topografie of als kleuter bij het onthouden van de kleuren en abstracte begrippen.

Bij de bovenbouw kan het ook zo zijn dat de dyslexie helemaal niet opvalt omdat een leerling een hoge(re) intelligentie heeft waardoor deze, bewust of onbewust een aantal manieren heeft bedacht waarop hij/zij kan compenseren/dispenseren. In dat geval komt het probleem pas in het Voortgezet Onderwijs naar boven drijven bij de moderne vreemde talen. Blijf altijd zoeken, goed luisteren en kijken.

Toevoeging ouder als voorbeeld:

In eerste instantie hadden wij helemaal niet door dat er iets aan de hand was met het leren lezen en schrijven bij ons kind. Wel hoorden we dat hij veranderd was van een ‘open’ jongetje uit de kleutergroep die zijn zegje wel durfde te doen, tot een jongetje die stil en teruggetrokken was in groep 3. Dit beeld paste totaal niet bij hem. Al vrij vroeg in groep 3 sprak de betreffende leerkracht haar vermoeden uit dat hij misschien dyslexie heeft. Dit vermoeden verbaasde ons omdat hij in de kleutergroep goed mee kon komen met het hakken en plakken van woorden op kleuterniveau. Ook hadden wij geen andere signalen.

Inmiddels zien wij dat hij moeite heeft met lezen. Hij leest niet snel. (hij blijft achter met AVI lezen) Sommige woorden spelt hij nog steeds. Hij moet zich goed concentreren en graag nog met de vinger onder de regel. Woorden als bv adem of kamer leest hij vaak nog met een korte klank i.p.v. de lange klank. Ook de spelling van woorden is vaak fonetisch.

Op school heeft hij moeite om de opdrachten, die hij zelfstandig moet doen en waarbij gelezen moet worden, op tijd of helemaal af te krijgen.



Wanneer kunnen we een leerling aanmelden voor aanvullende diagnose en behandeling?

Het beste resultaat op een positieve beslissing: eind groep 4/begin groep 5 waarbij een leerling minimaal 3x een E score moet hebben behaald op de methode onafhankelijke toetsen bij technisch lezen en bij spelling D of E scores. Voorbeeld: één E score op spelling en twee E scores op technisch lezen is geen reden tot aanmelding.

Daarnaast moet er door middel van een handelingsplan aangetoond zijn dat er sprake is van hardnekkigheid. Gedurende 12 weken minimaal 3x 20 minuten per week extra ondersteuning/oefening moet zijn aangeboden.

Soms kan het helpen als een bevoegd diagnosticus al aanvullende onderzoeken heeft verricht. Mocht bovenstaande het geval zijn, dan volgen we de volgende procedure.

De school zorgt voor een compleet dossier, ouders of de school melden de leerling aan bij een bevoegde instantie zoals o.a. Giralis en op grond van het aangeleverde dossier wordt bekeken of de leerling valt binnen de gestelde eisen en kan het traject gaan lopen.

RISICO: als je een leerling te vroeg aanmeldt, loop je het risico dat een leerling, op grond van zijn intelligentie, leeftijdsaftrek krijgt bij de diagnose. Daardoor kan een leerling binnen de 4-10% komen waarmee zij/hij uitgesloten wordt van vergoeding. In een aantal gevallen wordt er wel een dyslexieverklaring afgegeven omdat de leerling wel in de groep 4-10% valt. In een later stadium kan deze leerling vaak niet meer aangemeld worden voor behandeling.de Ib-er is aanspreekpunt en initiatiefnemer voor het tijdstip van aanmelding. De zorgverzekeraars worden hier steeds strenger in. Ook zijn de eisen voor hoofdbehandelaars en behandelaars aangescherpt per 1 januari 2013


Dyslexie en passend onderwijs op de Borch:

Ongeveer 1 op de 5 kinderen heeft extra aandacht nodig op de basisschool. Daarom moeten basisscholen onderwijs geven dat past bij de ontwikkeling van het kind.

Met de nieuwe plannen voor Passend Onderwijs moeten scholen vanaf augustus 2014 ervoor zorgen dat er voor elk kind dat extra ondersteuning nodig heeft een passende plek is op de Borch of op een andere school die past bij de ontwikkeling van het kind.

Op de Borch streven wij ernaar om d.m.v. observaties, leerlingvolgsystemen en toetsen het kind duidelijk in beeld te krijgen, ook als het gaat om dyslexie.

Kinderen met leesproblemen krijgen gerichte ondersteuning in samenwerking met ouders en eventuele andere hulpverleners.
Doordat zorg verdeeld moet worden over meerdere zorgleerlingen en meerdere zorgaspecten motiveren wij kinderen ook tot leren van en met elkaar.

Denk hierbij aan tutorlezen en andere manieren van samenwerken.

Daarnaast hopen wij t.z.t. bij het doorvoeren van Passend Onderwijs ook te mogen rekenen op meer begeleiders, ter ondersteuning van zorgleerlingen, in de groep.

  1   2   3   4   5

  • Inleiding
  • Afstemming begrip dyslexie
  • Herkennen en diagnose
  • Leeftijdsgroepen
  • Signalen onderbouw basisonderwijs
  • Signalen bovenbouw basisonderwijs

  • Dovnload 182.77 Kb.