Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Leenboeck van wimpel

Dovnload 468 Kb.

Leenboeck van wimpel



Pagina1/4
Datum30.10.2018
Grootte468 Kb.

Dovnload 468 Kb.
  1   2   3   4



LEENBOECK VAN WIMPEL
1.



Jan Verloo

P(eete)r Verloo

Janssone


Opden 30 Jan(ura)rij 1654 heeft Jan Van loo Peeterss(one) soo voor sijn selven als ten behoeve van sijn susters & broeders kinderen te leen ontfanghen eenen hooijbemt genaemt den varendonck groot drije vierendeelen buijnders gelegen onder Wimpel oost Adriaen bruijnseels Adriaenss(one) suijt d’ Erffgen(aemen) Niclaes van dijck no(m)i(n)e uxoris west d’ erffgenaemen Adriaen Bruijnseels Janssone & noort de Wimpe, den selven opden voorn(oemden) Jan Van loo cum suis gedevolveert wt den hooffde van Maria bosschaerts, & bij scheijdinghe & deijlinge tegens sijne mede erffgenaemen te deele bevallen vt patet fol: 202 inden boeck van M(eeste)r Jan Brab(an)t Adriaenss(one) stadthouder & heeft den selven Jan van loo hem gestelt als sterff & besetman & heeft gedaen den eedt van trouwe in handen van Wijbrecht vander linden leenman bij comissie des Stathouders J. van brussel ten overstaen van Gommaer van haecht & Pauwels Wuijts leenmannen

Et solvit voor hergeweijde XXIIIJ gul(den) die Wijbrecht getelt heeft aen(de) vrouwe van herenthout


Mits de doodt van Jan van Loo Peeterss(on)e heeft Peeter van loo Janss(one) te leen ontfanghen het gerechte derdepaert Jnden bovenges(chreven) hooijbemt den varendonck, & heeft hem selven gestelt als sterff & besetman voor ‘t voors(chreven) derde paert & gedaen den eedt van trouwe in handen des stathouders J. Van brussel ten overstaen van M(eeste)r Jan Verdorent & Wijbrecht Verlinden leenmannen opden XVJ April 1655

Et solvit voor t hergeweijde ses gul(den) derthien ½ st(uijvers)


Dico 6 - 13 - 2

1 verso



Adriaen Verloo

Catalijn Verloo

Catalijn Verloo


Opden XVJ April 1655 heeft Adriaen V(er)loo te leen ontfanghen het derde paert inden vaerendonck op dander seijde naerder geexpresseert bij coope V(er)creghen van P(eete)r V(er)loo Janss(one) lest sterff & besetman en heeft hem selven gestelt als dienstman Gommar Verloo sijnen sone als Sterffman & heeft den selven Adriaen V(er)loo gedaen den eedt van trouwe in handen des Stadthouders ten overstaen van Jan Verdorent & Wijbrecht van(der) linden leenmannen

Et solvit voor t’ hergeweijde 6 - 13 - 2

Mits de doodt van Peeter V(er)loo heeft Cathelijn van V(er)loo Peetersd(ochte)re & Jans sustere te leen ontfanghen het tweede derde paert Jnden varendonck op d’ ander seijde naerder geexpresseert & heeft haer selven & heeft haer selven gestelt als erff & sterffvrouwe & voor dienstich ofte besethman heijndrick heijlen die in handen des Stadthouders heeft gedaen den eedt van trouwe present J. Verdorent Wijbrecht V(er)linden Jan Bruijnseels & Adriaen Bruijnseels leenmannen opden 5 meij 1655

Et solvit voor t hergeweijde - 6 - 13 - 2

Mits de doodt van P(eete)r V(er)oo hebben de drij kinderen van Carel V(er)loo Catelijns broedere & Peeterssone te leen ontfanghen in suster & broederl(ijcke) rechten het resterende derde paert inden varendonck & heeft Catelijn Verloo een der voors(chreven) drije kinderen gehoulijckt met kerstiaen bouwen haer selffven gestelt als sterffvrouwe & voor dienstich ofte besetman heijndrick heijlen die in handen des Stadthouders heeft gedaen den eedt van trouwe present leenmannne bovenges(chreven) & die quo supro

Et solvit voor t hergeweijde 6 - 13 - 2



2.


Jan Bruijnseels

Js V(er)heven op den 22 septemb(er) 1694 bij marten heijlen no(m)i(n)e uxoris



Opden 30 Jan(ua)rij 1654 heeft Matthijs V(er)schueren mits de doodt van Maria bossaerts te leen ontfangen d’ een helft van een plexken landts tot Wimpel genoemt het bruelken wesende dese helft de oost sijde vt patet fol: 202 Jnden boeck van M(eeste)r Jan Brabant, waer van Adriaen bruijnseels d’ ander helft te leene is houdende groot dese helft ontrent een vierendeel regenotende oost het straetken naer de gellekens haeghe gaende suijt de slijck straete, west het wederdeel & noort haer selffs gellekens haeghe, Jnder vueghen & gelijck den selven Matthijs verschueren t’ selve te deele bevallen is tegens sijne mede erffgenaemen, blijvende den voors(chreven) Matthijs V(er)schueren hier van erff & sterffman Ende heeft den selven V(er)schueren den eedt gedaen van trouwe ten daeghe bovenges(chreven) in handen van Wijbrecht van(der) linden leenman Met commissie des stadthouders ter presentien van Gommar van haecht & Pauwels bossaerts leenmannen

Et solvit voor t’ hergeweijde 4 gul(den) die Wijbrecht getelt heeft aen mevrouwe


Opden 16 April 1655 heeft Jan bruijnseels Adriaenss(one) soo tot sijnen als ten behoeff van hendrick heijlen & Peeter Bruijnseels te leen ontfanghen het bovenges(chreven) parcheel in het bruelken, bij coope V(er)cregen van(de) boven(ge)s(chreven) Matthijs V(er)schueren stellende hem selffs sterff & besetman ende heeft gedaen den eedt van trouwe in handen des stadthouders J. Van Brussel ten overstaen van J. Verdorent & Wijbrecht V(er)linden leenmannen

Et solvit t hergeweijde 4 gul(den)


2 verso




Anna heijlen Peetersd(ochter)e

Cathalijn Verstockt


Mits de doodt van Catelijn helsen P(eete)r heijlen wed(uw)e heeft Anna heijlen Peeters dochter ( als haer bij scheijdinghe & deijlinghe tegens haer mede erffgenaemen te deele bevallen ) te leen ontfanghen het blocxken landts genoemt het veldeken staen(de) Jnden boeck van M(eeste)r Jan brabant fol: 224: regenotende oost & noort het clooster van Tongerloo erffve suijt den raesten & west den duncken acker competer(ende) Adriaen boex, & is de voors(chreven) Anna heijlen in desen sterffvrouwe bleven, & besetman hendrick heijlen gel(ijck) fol: 224 V(er)so is blijckende, present Jan van brussel stathouder Jan V(er)dorent Wijbrecht vander linden & Adriaen bruijnseels leenmannen opten 5 meij 1655

S(olvi)t voor thergeweijde VIJ gul(den)


Mits de doodt van Willem V(er)biest staen(de) als sterff & dinstich man Jnden boeck van M(eeste)r Jan Brabant fol: 234 op een bosch ende heijde onder Wimpel genoemt het gelkens haech bos, regenotende oost Adriaen bruijnseels eusel, suijt del plano west gelkens haech bosch van Mattheus V(er)loo genaemt het visseneusel cum suis & noort Mattheus V(er)loo Erffgen(aemen) heeft Catalijne V(er)stockt te leene ontfaen het selve gelkens haech bos, & haer selven gestelt als sterff vrouwe & Andries bultinck als dinstichman die in handen van M(eeste)r Jan van Brussel Stathouder heeft gedaen den eedt van trouwe, ter presentie van Wijbrecht van(der) linden, Gommar van haecht Adriaen Vekemans, M(eeste)r Peeter bouwens & Peeter lens leenmannen opten 6 April 1656

Voor hergeweijde 2 - 10


3.


Anna Lanen

Anna lanen



Mits de doodt van Sebastiaen Lemmens staende te boecke folio 193 in J(an) Brabants, heeft Anna lanen wed(uw)e Sebastiaen lemmens te leene V(er)heven een heijde groot vijff vierendeelen geleghen tot Wimpel genaemt den Leenputten heijde oost........................................ & heeft de selve Anna lanen haer selven gestelt als sterffvrouwe & Peeter vanden broeck getrouwt hebbende Magdalena lemmens als besetman, die in handen van Jan van brussel stadthouder heeft gedaen den eedt van hulde manschap ende trouwe present Jan Bruijnseels & Matthijs V(er)schueren leenmannen vanden leenhove van Wimpel opden 6 Martij 1656

Et solvit voor hergeweijde IIJ gul(den)


Mits de doodt van Sebastiaen Lemmens staende te boecke fol: 225 in J(an) Brabants boeck heeft Anna lanen wed(uw)e Sebastiaen lemmens te leen V(er)heven een maeij oft hooij bemdeken, genaemt het reijken groot bat een halff vierendeel, regenotende oost & noort de slijck straete, suijt haer selffs huijsblock & west Maria de Cortte, ende heeft de selve Anna lanen haer selven gestelt als sterffvrouwe, & P(eete)r van(den) broeck getrouwt hebbende Magdalena lemmens als besetman, die in handen van Jan Van brussel Stathouder heeft gedaen den eedt van hulde manschap & trouwe ter presentien van Jan bruijnseels & Matthijs V(er)schueren leenmannen vanden leenhove van Wimpel opden 6 martij 1657

Solvit voor thergeweijde V gul(den)





3 verso

Adriaen Verloo



Opten 17 Martij 1657 Comp(areer)t voor Jan Van Brussel Stadthouder, Wijbrecht vander linden Matthijs V(er)schueren Jan Bruijnseels & Andries bultinck leenmannen van(den) leenhove van Wimpel, Jaspar van ballaer soo voor hem selven als Jnder qualiteijt van momboir over de weeskinderen Cathalijne van ballaer daer vader aff was franschoijs Leijs beneffens Reijnier leijs & maeijken van ballaer huijsvrouwe van Jan de smet, geassisteert met Christiaen van ballaer mits de sieckte haers mans als daer toe specialijcken gelast soo hij V(er)claerde den selven Christiaen van ballaer oock mede voor de tochte, die welcke gesamender handt & vuijt crachte van authorisatie hun V(er)leent bij Mijer & schepenen der heerlijckheijt van Wickevorst op den 16 decemb(er) 1655 bekenden wel & wettelijck ten hoochsten & schoonsten & met vuijtgange der bernender keersse V(er)cocht te hebben volgens de conditie daer van alhier berust(ende) aen Adriaen V(er)loo als lesten V(er)hooger, een eusel eertijts genoemt het lemmekens eusel & nu het haver eusel geleghen tot Wimpel oost den bogaert, west Adriaen de Cort Erffgen(aemen) noort den gemeijnen bempt, & dienvolg(ende) naer dat sij van(den) voorn(oemden) coop al & ten vollen konden V(er)nueght te sijn opgedraeghen in handen des stadthouders tot behoeff van(den) voorn(oemden) coopere t’ selve havereusel met V(er)thijenisse & renuntiatie in forma, den welcken coopere alsoo ter behoorl(ijcke) manschap des Stathouders & wijsdomme van(den) bovengenoemde leenmannen wel & wettel(ijck) is gevest & geerft onder gelofte etcc. gedaen 16 daeghen inde maent van meert 1657

Comparuit ten daeghe bovenges(chreven) den v(oor)s(chreven) Adriaen V(er)loo den welcken mits de voors(chreven) opdrachte t’ voors(chreven) havereusel heeft te leene ontfanghen hem selven gestelt als erff & sterffman, den welcken is gecontinueert op sijnen ouden eedt


Et solvit Voor t hergeweijde XIJ gul(den)



4.

Cathalijn vande Wauwer getrout met Laureijs V(er)loo


Gommar Stapmans ende Cornelis Vrancx momb(oi)ren vanhansken bruijnseels aertss(one) & Cathelijne vande Wauwere Jans moedere hebben bij mangelinghe gedaen tegens Niclaes bruijnseels Adriaenss(one) thunne weesen behoeve aengenomen een halff buijnder Lants genaemt de strepe leenroerich onder den leenhove van Wimpel, regenotende oost het nonnnen Clooster van herentals, suijt het nieuwblock compet(erende) Jan van dijck west gommar luijmen & noort Adriaen bruijnseels huijsblock prout latuis van t’ selve leen in Jan brabants boeck fol: 199 sta(ende) aldaer bij den selven Niclaes V(er)heven

Ende mits de doodt vant voorn(oemde) hansken Bruijnseels aertssone, is wt crachte van devolutie ( t selve stuck lants de strepe V(er)heven bij Cathelijne Van(den) Wouwere Jans moedere geassisteert met Laureijs V(er)loo Adriaenss(one) haeren tegenwoordigen man, die haer selven heeft gestelt als sterffvrouwe & den selven V(er)loo haeren man als beseth & dienstich man niettegenstaende den voorn(oemden) niclaes bruijnseels int leven is, die in handen van Jan van brussel stadthouder ten overstaen van Jan ende Peeter Bruijnseels met hendrick heijlen adriaen V(er)loo & Andries bultinck leenmannen leenmannen heeft gedaen den eedt van hulde & trouwe

Actum 24 April 1657

S(olvi)t voor thergeweijde bij accorde

XIJ g(u)l(den)

4 verso



Peeter Bruijnseels

Adriaen bruijnseels

P(eete)r Voors(chreven) soon


Mits de doodt van Adriaen bruijnseels Janss(one) & Cathelijn de backer sijne huijsvr(ouw)e heeft P(eete)r bruijnseels Adriaenss(one) te leen ontfanghen de hellicht van een schuere met een driesken daer achter aen geleghen groot ontrent dertich roeden ( als hem bij scheijdinghe & deijlinghe tegens sijne mede erffgenaemen gedaen ) te deele bevallen sijnde, ende waer van de selve sijne mede erffgen(aemen) op date deses t’ sijnen behoeve aen handen van Jan van brussel Stathouder ten overstaen van naergen(oemde) leenmannen hebben V(er)teghen & gerenuntiert in amplissima forma ende welcke schuere & driesken den voorn(oemden) Adriaen bruijnseels te vooren V(er)creghen hadde bij coope van(de) kinderen Balthazar Wouters prout latuis Jnden manuael van Jan brabant fol 126 & heeft den selven Peeter bruijnseels opden voors(chreven) pant hem selven gestelt als sterff & besetman & gedaen den eedt van hulde manschap & trouwe in handen van Jan van brussel Stathouder Coram Adriaen V(er)loo Wijbrecht vander linden Laureijs V(er)loo Adriaenss(one) & Andries bultinck leenmannen opten 24 April 1657

Et solvit voor het hergeweijde bij Acorde IIIJ gul(den)

Mits de doodt van(den) boven(geschreven) P(eete)r bruijnseels soo heeft Elijzabeth Verloo sijne wed(uw)e geassisteert met Jan bruijnseels & Adriaen V(er)loo haeren broeder & swager te leen ontfanghen dese helft van(de) schuere met het driesken, gelegen & regenotende vt supra & dat ten behoeve van haere kinderen, gewonnen bij den voors(chreven) Peeter, & is ten desen sterffman gebleven Adriaen bruijnseels Peeterss(one) v(oor)s(chreven) voor wie den voors(chreven) Jan bruijnseels eedt doende, is ten desen dientich man gestelt & gecontinueert op voorga(enden) eedt

Actum 22 Junij 1670 Coram C. Van Mattenburch Stadthouder Adriaen V(er)loo Gommarss(one) & Jan bruijnseels leenmannen

Voor hergeweijde vier gul(den)

N(ot)a op dese & vijff naervolg(ende) Jtems is voor besetman gestelt merten heijlen Merttenss(one) op ten 22 7 ber 1684


5.

P(eete)r Bruijnseels

Adriaen Bruijnseels Peeterss(one)


Die quo supra heeft den selven Peeter bruijnseels alnoch te leen ontfanghen als hem oock te deele bevallen sijnde Jnder manieren alsboven de weder hellicht van(de) voors(chreven) schuere & driesken bij den voorn(oemde) Adriaen bruijnseels sijnen vader bij mangelinghe V(er)cregen tegens Niclaes Bruijnseels Adriaenss(one) die t’ selve te voorens te leene V(er)heven hadde op ten 9 febr(uarij) 1640 voor stadthouder & leenmannen van desen hove prout latuis Jnden manuael van Jan brabant fol 200, regenotende de selve schuere & driesken alsnu Jnt geheel oost wijbrecht van(der) linden, zuijt P(eete)r Bruijnseels, west d’ Erffgen(aemen) Gommar luijmen, & noort de gemeijne vroente, & hebben voorts de V(oor)s(chreven) mede erffgen(aemen) van(de) selven Peeter Bruijnseels V(er)tegen als boven Coram de bovengenoemde leenmannen in handen des Stathouders & heeft den selven P(eete)r bruijnseels hem gestelt als sterff & besetman, & gedaen den eedt van hulde manschap & trouwe in handen vanden voorn(oemde) stathouder & ten overstaen van(de) bovengenomineerde leenmannen

Ende alsoo den voorn(oemde) Adriaen bruijnseels tot de V(oor)s(chreven) hellicht vande schuere & driesken niet en was gecomen

Et solvit voor dobbel hergeweijde bij accorde
VIIJ gul(den)
Mits de doodt als hier voor is bij de selve Elijzabeth geassisteert & ten behoeve als hier voor te leen verheven de andere helft van(den) voors(chreven) schuere met het driesken blijvende sterff & dienstich man als hier voren opden voorgaen(den) Jtem, Actum data & ten overstaen als boven

Voor hergeweijde vier gul(den)


5 verso



P(eete)r Bruijnseels

Adriaen bruijnseels

Peeterss(one)



Mits de doodt van Adriaen bruijnseels Janss(one) ende Cathelijne de backer sijne huijsvr(ouw)e heeft P(eete)r bruijnseels Adriaenss(one) te leen ontfanghen de hellicht van een stuck lant tot Wimpel gelegen genaemt de strepe groot ontrent een halff boender waer van het wederdeel toebehoort hebbende de kinderen Adriaen bruijnseels als nu te leene V(er)heven is bij Laureijs V(er)loo adriaenss(one) prout inden manuael van Jan brabant fol 199: & Jnden nieuwen boeck fol: 4 als den selven P(eete)r bruijnseels de selve strepe te deele bevallen sijnde bij scheijdinghe & deijlinghe tegens sijne mede erffgen(aemen), & waer van de selve sijne mede erffgen(aemen) op date deses t’ sijnen behoeve aen handen van Jan Van Brussel Stathouder ten overstaen van(de) voorgen(oemde) leenmannen blijkende van het V(oor)gaende V(er)heff inden manuael van Jan brabant fol 126 & heeft den selven Peeter bruijnseels den voors(chreven) pant alsoo te leene ontfanghen hem selven gestelt als erff & sterffman & gedaen den eedt van hulde manschap & trouwe in handen van(den) voorn(oemden) Stadthouder ten overstaen van(den) voorn(oemde) leenmannen & ten daege bovenges(chreven)

Et solvit voor hergeweijde bij acoordt


X gul(den)
Mits de doodt als voor is bij de selve Elijzabeth ten behoeve & geassisteert als boven te leen ontfanghen de voors(chreven) partije lant genoemt de strepe, groot & regenotende ut supra & is voor sterffman & dienstichman gestelt als hier voor opde voorgaende Jtems,

actum dat ende ten overstaen als boven

Voor hergeweijde X gul(den)


6.


P(eete)r Bruijnseels


Catelijn Bruijnseels

Peetersd(ochte)re


Die quo supra heeft den selven P(eete)r Bruijnseels mits de doodt van Adriaen Bruijnseels sijnen vader alnoch te leen ontfanghen wt crachte van scheijdinghe & deijlinge, & mits renuntiatie als boven een huijs met den hoff dries & een bloxken lants daer aen geleghen groot ontrent een halff boender regenotende oost Wijbrecht vander linden, suijt den voors(chreven) Peeters ander erffve, west gommar luijmen, & noort de gemeijne vroente prout latuis Jnden manuael van Jan brabant fol 213 & heeft hem selven daer op gestelt als erff & sterffman die alsoo is gecontinueert op sijnen voorgaenden eedt.

Et solvit voor het hergeweijde bij acoorde


XXVIIJ gul(den)
Mits de doodt van voors(chreven) P(eete)r Bruijnseels is bij Elijzabeth V(er)loo ten behoeve & geassisteert als hier voor te leen ontfanghen dit huijs metten hoff dries & een bloxken lant groot ende regenotende als hier boven, & is voor sterffvrouw hier op gestelt Cathalijn bruijnseels Peeters voors(chreven) dochter voor wie eedt heeft gedaen den voors(chreven) Jan bruijnseels blijvende dienstich man, die gecontinueert is op voorgaenden eede

Actum data & ten overstaen als boven


Voor hergeweijde bij tauxatie van leenmannen


20 gul(den)



6 verso


den selven

De selve Catlijn


Jtem heeft den selven alnoch te leene ontfanghen ( mits de doodt & wt crachte van scheijdinghe & renuntiatie alsboven ) de westen sijde van het bruelken groot ontrent een vierendeel regenotende oost de gellekens strate, suijt d’ Erffgenamen Christiaen Van Ballaer, west hendrick heijlen achterste velt ende noort Adriaen Verloo, prout latuis inden manuael van Jan brabant fol 262 & heeft hem selven daer op gestelt als erff & sterffman, die alsoo is gecontinueert op sijnen voorgaenden eedt

Et solvit voor hergeweijde bij acoorde VJ gul(den)

Mits de doodt ten behoeve & bij assistentie als voor heeft Elijzabeth Verloo te leen ontfanghen het voors(chreven) bruelken groot ende regenotende als hier boven, & is sterffvrouw gebleven de voors(chreven) Cathalijn bruijnseels ende dienstich man den voors(chreven) Jan bruijnseels onder continuatie van eedt ut supra

Voor hergeweijde VJ guldens



7.


P(eete)r Bruijnseels

De selve Catalijn


Jtem heeft den selven noch te leene ontfangen mits de doodt & vuijt crachte van scheijdinge & renuntiatie als boven, het derdendeel van eenen maeijbemt genoemt den gemeijnen bemt groot t’ selve derdendeel ontrent een halff boender, regenotende oost het derdendeel van den selven bemt toebehoort hebbende Adr(iaen) Wouter, suijt Peeter van oostaeijen west Adriaen V(er)loo & noort de Wimpe prout latuis inden manuael van Jan Brabant fol 213: & heeft hem selven daer op gestelt als sterff & erffman die alsoo is gecontinueert op sijnen voorgaenden eedt

Et solvit voor hergeweijde bij acoorde


XIJ gul(den)

Mits de doodt ten behoeve & bij assistentie als voor heeft Elijzabeth Verloo te leen ontfanghen het voors(chreven) derdendeel van den gemeijnen bemt, groot & regenotende als boven, & is sterffvrouw & dienstich man gebleven als Jnden lest voorgaenden Jtems

Actum data & ten overstaen vt supra

Voor heirgeweijde bij tauxatie


XVJ gul(den)

7 verso



Hendrick heijle


P(eete)r heijlen henrixss(one)



Mits de doodt van Adriaen Bruijnseels Janss(one) & Catelijne de Backer sijne huijsvrouwe heeft hendrick heijlen getrout hebbende Cathelijne bruijnseels Adriaensd(ochte)re vuijt crachte van scheijdinghe & deijlinghe & mits renuntiatie wegens sijne mede erffgenaemen gedaen te leene ontfanghen een huijs hoff met den lande & een eusel daer aen geleghen, groot onder halff boender, geleghen tot Wimpel, oost & suijt het nonne clooster van Herentals, & oock eensdeels de gemeijne vroente, d’welck Adriaen Bruijnseels wijlen bij coope V(er)creghen hadde d’ eene hellicht van maria Verlinden Willemsdochter met Jan verwerft haeren manne, ende dander helft van Jannen van Gouberghen prout latuis Jnden manuael van Adriaen Verlinden fol 56 & 59 & heeft hem selven daer op gestelt als erff & sterffman die alsoo is gecontinueert op sijnen ouden Eedt opten 24 April 1657

Et solvit voor hergeweijde bij accorde


XXIIIJ gul(den)

Opden 25 April 1671 mits de doodt van henrick heijlen het bovenges(chreven) huijs hoff & aengeleghe als boven Gommar V(er)stappen als man & momboir van Cathalijn heijlen hendrixd(ochte)re & alsoo no(m)i(n)e uxoris in suster & broederl(ijcke) rechten te leen ontfanghen blijv(ende) ten desen sterffman Peeter heijlen henrixss(on)e & dienstich man den voors(chreven) Gommar V(er)stappen, die eedt naer gewoonte gedaen heeft in handen van C. Van Mattenburch, Stathouder Jan bruijnseels ende Jan Bauwens leenmannen

Voor hergeweijde bij tauxatie mits den slechten tijt vande geldinghe van graenen tweeentwintich gul(den)
Dico 22 gul(den)

8.


Hend(rick) Heijlen

Adriaen Heijlen

Henrixsone



Jtem heeft den selven alnoch te leene ontfanghen mits de doodt & wt crachte van scheijdinghe ende renuntiatie als boven, een pleck lants genoemt het middelste velt groot ontrent een halff boender regenotende, oost het nonneclooster van herentals, west Jan bruijnseels & noort t voors(chreven) nonneclooster, prout latuis Jnden manuael van Jan brabants fol 213, ende heeft hem selven daer oppe gestelt als erff & sterffman, die alsoo is gecontinueert op sijnen voorgaenden eedt

Et solvit voor hergeweijde bij accorde


IX gul(den) X stuijv(ers)

Opden 25 April 1671 is dese partije mits de doodt van hendrick heijlen voors(chreven) te leen ontfanghen bij Gommar V(er)stappen no(m)i(n)e uxoris Cathalijn heijlen hendricxd(ochte)re, in suster & broeders rechten gelijck hier voren Jnden voorgaenden Jtem & is sterffman gebleven Adriaen heijlen hendrixss(on)e, ende dienstich man den voors(chreven) Gommar V(er)stappen, & heeft eedt gedaen vt ante

Voor heirgeweijde mits de slechte geldinghe van graenen acht gul(den)
Dico - 8 - 0

8 verso



Hend(rick) Heijlen


Maeijken Heijlen



Jtem heeft den selven alnoch te leen ontfanghen mits de doodt, vuijt crachte van scheijdinghe & renuntiatie alsboven een stuck lants genoemt het achterste velt, met een eusel daer achter aengeleghen genoemt het vissen eusel regenotende oost P(eete)r Bruijnseels Braecken, suijt des erffve P(eete)r Bruijnseels, west d’ Erffgen(aemen) Gregori del Plano & noort Adriaen V(er)loo, d welck Adriaen bruijnseels Wijlen bij coope V(er)creghen d’ eene hellicht van maria V(er)linden Willemsd(ochte)re met Jannen V(er)werft haeren man, & dander helft van Jannen van Gouberghen prout latuis inden manuael boeck van Adr(iaen) Verlinden fol: 57 & 59 & heeft hem selven daer op gestelt als erff & sterffman die alsoo is gecontinueert op sijnen voorgaenden eedt

Et solvit voor hergeweijde bij accorde


XIJ gul(den)

Data & ten overstaen vt ante is dese partije met den aengelegen vissen eusel te leen ontfanghen in qualiteijt & ten behoeve als voor bij den voors(chreven) Gommar V(er)stappen blijvende sterffvrouw maeijken heijlen hendrixd(ochte)re huijsvr(ouw)e van Peeter aerts Raeijmaeckers tot ballaer & dienstich man den voors(chreven) Gommar Verstappen & heeft eedt gedaen vt ante


Voor hergeweijde mits de slechte geldinghe van graenen elff gul(den)




9


Jan Bruijnseels

Adriaenss(one)

Js verheven opden

feb(ruarij) 1654

Louis Luijmen

Den selven


Mits de doodt van Adriaen bruijnseels Janss(one) & Catelijne de backer sijne huijsvr(ouw)e heeft Jan Bruijnseels Adriaenss(one) te leene ontfanghen het middelste velt groot ontrent een bunder oost het nonneclooster van herentals & henrick heijlen, suijt de slijck straete, west de straete van gellekens haeghe als hem bij scheijdinghe & deijlinghe tegens sijne mede erffgen(aemen) gedaen & te deele bevallen sijnde & waervan de selve sijne mede Erffgenaemen op dathe deses t’ sijnen behoeve aen handen van Jan van Brussel Stathouder ten overstaen vande naergenoemde leenmannen hebben verteghen & gerenuntieert in amplissima forma, prout latuis inden Manuael van Adriaen Brabant fol: 56 & 59 & heeft hem selven daer op gestelt als erff & sterffman die alsoo is gecontinueert op sijnen ouden Eedt Actum Coram Jan van Brussel stadthouder Adriaen V(er)loo Wijbrecht vander Linden Laureijs V(er)loo Adr(iaen)s(son)e & Andries Bultinck leenmannen opten 14 April 1657
Et solvit voor t hergeweijde bij accorde XVJ gul(den)

Opden 15 decemb(er) 1660 heeft Louis luijmen te leen ontfanghen het gerecht derdendeel van(den) gemeijnen bemt groot dit paert ontrent een halff buijnder regenot(ende) oost Adriaen boecx no(m)i(n)e uxoris, suijt ..... west .... & hem is dit aengecomen bij coop tegens M(eeste)r Adr(iaen) Wouters S(ecreta)ris tot Jtegem, gel(ijck) hij op heden daerinne oock is gegoeijt naer stijl van(den) leenhove, blijvende sterff & besetman & is gecontinueert op sijnen ouden eedt

actum ten overstaen van C. Van Mattenburch stathouder P(eete)r lens & Andries bultinck mannen van leene
Voor hergeweijde bij tauxatie negen gul(den)

Opden 13 decemb(er) 1663 heeft Louis luijmen noch in twee Jtems te leen ontfanghen huijs, hoff etc. tot Wimpel de quo Jnden boeck van M(eeste)r Jan Brabant fol 218 et 219: siet daer dit V(er)heff

Voor hergeweijde te samen 24 gul(den)


9 verso

Elijsabet Lemmens

De selve


Mits de doodt van Anna Laenen staende hier voor in van Brussels boeck fol: 3 als sterffvrouwe op seker heijde geleghen tot Wimpel genoemt de leemputten heijde, heeft Magdaleen lemmens haere dochter bij scheijdinghe & deijlinghe voor de eene helft voor haer & voor d’ andere hellicht voor haer suster Elijzabeth lemmens, de selve heijde te leen ontfanghen, & heeft Elijzabeth lemmens haer gestelt als sterffvrouwe & is voor haer op sijnen ouden eedt gecontinueert Peeter van(den) Broecke hier voor in desen staende als besetman p(rese)nt C. Van Mattenburch Stathouder Louis Luijmen & hendrick heijlen mannen van leene actum den 9 meert 1662
Voor hergeweijde 3 gul(den)

Mits de doodt van Anna Lanen voors(chreven) hier voor in desen boeck staende als sterffvrouwe op seker maeijbemdeken genoemt het reijken gelegen tot Wimpel oost & noort de slijck straet suijt haer selffs huijsblock & west maria de Cortte, Elijzabet lemmens dochter vande voors(chreven) anna dit voors(chreven) parcheel te leen ontfanghen, & heeft de selve Elijzabeth haer gestelt als sterffvrouwe & heeft men P(eete)r van(den) broeck hier op staende als dienstich man gecontinueert op sijnen ouden eedt actum die et p(rese)ntibus vt supra


Voor hergeweijde vijff gul(den)

Wij Hendrick heijlen & P(eete)r Lens mannen van leene onder den Ed(ele) heere van herenthout doen te weten dat voor C. Van Mattenburch Stathouder & voor ons bovenges(chreven) gecom(m)en is Magdaleen lemmens geassis(teer)t met Peeter vanden broecke haeren man & momboir & bekende voor eene somme van penninghen bij hem ontfanghen V(er)cocht te hebben aen Louis Luijmen de helft van(de) heijde hier boven bij den selven op heden te leen ontfanghen groot int geheel vijff vierendeelen gelegen tot Wimpel oost hend(rick) heijlen suijt het nonne clooster van herentals west het wederdeel & noort de slijck straete voor soo veel dese helft aengaen mach & hebben dienvolgende den voors(chreven) Louis daer inne gegoeijt ende geerft op sijn leenhoffs recht welcken de selve helft oock alsoo



10.


Louis Luijmen

Mijn heer Joan Goris

priester


Adriaen Verloo

te leen ontfanghen heeft stellende sij selven als dienstich & sterffman & is gecontinueert op sijnen ouden eedt Actum 9 meert 1662
Voor hergeweijde twee gul(den) thien st(uijvers)

Opden 14 septemb(er) 1663 heeft Jo(uffrouw)e maria Berenberch naer de doodt van S(ieur) Balthazar Goris haeren man wijlen te leen ontfanghen seker parcheel bempt genaemt het Beuchum groot twee dachmaelen gelegen tot Wimpel, regenotende Oost d’ Erffgen(aemen) Jo(ncke)r Jacq(ues) van leeffdael, suijt & west t’ Clooster van Tongerloo & noort de Wimpe als jnden ligger fol: 30 & in Adr(iaen) Verlinden fol 8: & is ten desen sterff & besetman gebleven Mijn Heer Joan goris Priester die trouwe hulde ende manschap heeft beloeft in handen van C. Van Mattenburch Stathouder des h(e)ren van herenthout

Voor hergeweijde bij tauxatie van leenmannen acht thien gul(den)

Opden 9 meert 1663 heeft Adriaen V(er)loo Gommarss(one) wt den naem van sijne huijsvr(ouw)e Cathalijn van oostaeijen naer doode haers vaders Adriaen van oostaeijen te leen ontfanghen wt crachte van scheijdinghe & deijlinghe met die mede erffgen(aemen) gemaeckt een stuck lant met een bosken daer aen gelegen groot ontrent een halff buijnder, regenotende oost d’ Erffgenaemen Gommar V(er)stappen, suijt Matthijs V(er)schueren, west d’ Erffgen(aemen) Matthijs Verloo & noort d’ Erffgen(aemen) Balthazar Goris als in M(eeste)r Jan Brabants boeck fol 174 blijvende den selven Adriaen sterff & besetman die gecontinueert is op sijnen ouden eedt ten overstaen van C. Van Mattenburch Stathouder Jan van dijck, huijbrecht van Mattenburch & Jan Bruijnseels leenmannen

Voor hergeweijde - 9 - 0


10 verso

Adriaen Verloo

Het Beugom

Adriaen Verloo

Adriaenss(one)


Opden voors(chreven) 9 meert 1663 heeft Adriaen V(er)loo Gom(m)arss(one) wt den naem van sijn huijsvrouwe Cathalijn naer doode van Adriaen van oostaeijen haeren vader te leen ontfanghen als bij scheijdinghe & deijlinghe met haere mede erffgen(aemen) gemaeckt haer aengecomen een pleck lant genoemt het Beuchom groot vijff vierendeelen regenotende oost het nonnen clooster van herentals, suijt Anthonij van oostaeijen bosken, west sijn selffs, & noort de broeckstraet, de quo Jnden ligger fol 52: blijvende den selven Adriaen dienstichman, & maria sijne dochter sterffvrouwe, & is gecontinueert op sijnen ouden eedt ten overstaen van C. Van Mattenburch Stathouder huijbrecht van Mattenburch Jan van dijck & Jan Bruijnseels mannen van leene

Voor hergeweijde 16 - 0

Date & ten overstaen als boven heeft Adriaen V(er)loo naer doode sijns schoonvaders Adriaen van oostaeijen wt crachte van scheijdinghe & deijlinghe met sijne mede erffgen(aemen) gemaeckt te leen ontfanghen de eene helft van eene stede huijs hoff & lande daer aen geleghen groot ontrent een buuijnder int geheel, & alsoo onverscheijden & onverdeijlt met d’ ander helft gecocht bij Adriaen van oostaeijen Wouterss(one) van Adriaen de Peuter & van desen hove te leen ontfanghen opden 21 Junij 1644 gelijck van d’ een ende d’ ander respective breeder staet in M(eeste)r Jan brabants boeck fol 217 & fol 233, regenot(ende) oost hun selffs, suijt de veltstraet, west Peeter van oostaeijen, & noort de vroente, blijvende den selven dienstich man & sijnen soon Adriaen out ontrent acht Jaeren sterffman, & heeft ten dien eijnde gesworen hulde & trouwe

Voor hergeweijde 10 gul(den) 10 stuij(vers)



11.


P(eete)r Van oostaeijen Adriaenssone

maer comt toe Adriaen Verloo nec uxoris



Dato & ten overstaen als op d’ ander seijde hier voor heeft den selven Adriaen van oostaeijen, naer doode & bij scheijdinghe voors(chreven) te leen ontfanghen de andere helft vande selve stede huijs hoff & lande, gecocht eertijden van Adriaen de Peuter als voors(chreven) is, dan alsoo Peeter Van oostaeijen Adriaenss(one) den voors(chreven) Adriaens in desen V(er)heffer broeder op dese hellicht sterffman gestelt bij het verheff van(den) 21 Junij 1644 alnoch is in leven soo wordt dit op hem Peeter als sterffman gecontinueert ende dienstich man gestelt den selven Adriaen van oostaeijen

Ergo van hergeweij Nihil

Dato ende ten overstaen naer doode ende bij scheijdinghe ende deijlinghe als boven heeft Antonij van oostaeijen te leen ontfanghen de eene hellicht van eenen block lant genoemt t’ peetersblock off wel den bremacker groot ontrent een buijnder, de quo in M(eeste)r Jan brabants boeck fol 202: 214: & 276: waer van d’ ander hellicht toecomt aen Adri(aen) Verloo regenotende int geheel oost t Clooster van Tongerloo, suijt d’ erffgenaemen matthijs Verloo west de veltstraet, & noort

11 verso



P(eete)r van oostaeijen Adriaenss(one)

P(eete)r van oostaeijen P(eete)rs voors(chreven) soon


het nonne clooster van Herentals, blijvende den selven sterff & dienstich man & heeft ten dien eijnde gedaen eedt van manschap hulde & trouwe

Voor hergeweijde 15 gul(den)

Dato & ten overstaen naer doode ende deijlinghe als boven heeft Peeter Van Oostaeijen Andriess(one) te leen ontfanghen een buijnder lants eertijden genoemt het Strepken lant & nu de strepe ende het schuerblock, regenotende oost het wederdeel suijt het straetken west het Nonneclooster & noort de vroente de quo Jnden ligger fol 241 blijvende den selven sterff en dienstich man & is gecontinueert op sijnen ouden eedt

Voor Hergeweijde 20 - 0

Opden 27 Novemb(er) 1664 heeft hendrick heijlen & Jan bruijnseels momboiren vande kinderen van P(eete)r Van oostaeijen dit bovengenoemt buijnder lant te leen ontfanghen voor die voors(chreven) kinderen, blijv(ende) sterffman Peeter Van oostaeijen een der seker kinderen & dienstich man hendrick heijlen die is gecontinueert op sijnen ouden (eedt) ten overstaen van C. Van Mattenburch stathouder Jan bruijnseels & huijbrecht van Mattenburch leenmannen dienstichman gestelt als Jnden voorgaende Jtem

Hergeweijde vt supra 10 gul(den)


12.



P(eete)r Van Oostaeijen

Adriaenss(one)

P(eete)r van oostaeijen

Peeterss(one) voors(chreven)

P(eete)r van oostaeijen

Adriaenss(one)


P(eete)r van oostaeijen

P(eete)rs voors(chreven) soon


Dato ten overstaen naer doode & bij scheijdinghe & deijlinge als boven op d’ ander blat heeft den voors(chreven) P(eete)r van Oostaeijen te leen ontfanghen huijs hoff & lant met een halff dachmael bemt groot te saemen ontrent een buijnder, regenotende oost het havereusel suijt de vroente, west de broeck straet & noort den gemeijnen bempt, de quo Jnden ligger fol 60, blijvende den selven sterff & dienstich man & is gecontinueert op sijnen vorigen eedt
Voor hergeweijde 20 gul(den)

Opden 2 9ber 1664 heeft hend(rick) heijlen momboir van(de) kinderen Peeter van oostaeijen te leen ontfanghen het bovenges(chreven) huijs hoff lant ettc., ten behoeve der selver kinderen, blijvende den selven hendrick dienstich man ende Peeter van oostaeijen een der kinderen sterffman, die is gecontinueert op sijnen vorighen eedt, actum in curia seudali


Hergeweijde vt supra

Opden 25 April 1671 is mits de doodt van hendr(ick) heijlen als besetman hier & op den V(oor)gaenden & volg(ende) Jtem gestelt Jan bultkens hendrixss(one) die eedt van trouwe heeft gedaen ten overstaen van C. Van Mattenburch Stathouder Jan bruijnseels & Adriaen V(er)loo leenmannen


Voor hergeweijde niet

Dato ten overstaen mits de doodt & bij scheijdinge & deijlinghe als voor heeft den selven P(eete)r van oostaeijen te leen ontfanghen een bloxken landt genoemt het heuken groot ontrent een halff buijnder regenot(ende) oost d’ Erffgen(aemen) Christiaen van ballaer suijt het nonne clooster van herentals, west het liermans bosch, & noort de velt straet, de quo in M(eeste)r Jan Brabants boeck fol 92 et 191: blijvende den selven sterff & dienstich man & is gecontinueert op vorigen eedt


Voor hergeweijde 6 - 10 st(uijvers)
Opden 27 Novemb(er) 1664 heeft hendrick heijlen momboir van de kinderen P(eete)r van oostaeijen te leen ontfanghen dit bovenges(chreven) bloxken lant ten behoeve der selver kinderen blijvende den selven dienstich man & P(eete)r van oostaeijen een der selver kinderen sterffman, die gecontinueert is op vorigen eedt actum in curia seudali
Hergeweijde vt supra

dienstich man gestelt als Jnden bovenstaen(den) Jtem



12 verso
  1   2   3   4


Dovnload 468 Kb.