Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Les: Gevolgen voor de inheemse bevolking

Dovnload 237.87 Kb.

Les: Gevolgen voor de inheemse bevolking



Pagina1/2
Datum11.10.2017
Grootte237.87 Kb.

Dovnload 237.87 Kb.
  1   2

Les: Gevolgen voor de inheemse bevolking.





  • Doelstelling(en)

  • Instap

  • Les opzet

  • Uitleg Opdracht

  • Opdracht

  • Nabespreking

  • Afsluiting


Doelstelling(en):

De leerling kan de gevolgen van de expeditie noemen.

De leerling krijgt inzicht en kan zich in leven hoe de omstandigheden tijdens voor de bevolking waren.

De leerling krijgt inzicht en leert wat de invloeden en gevolgen zijn van een expeditie


Beginsituatie:

De leerlingen nog rustig en kletsen nog even na over de vorige les Nederlands en hebben bij kunnen tanken, aangezien de 1e pauze net voorbij is.

De leerlingen gaan naar hun plaats en kijken nieuwsgierig na een oude kaart van Nieuw Zeeland die op het scherm staat.
Het is de 2e les uit 8 lessen.

Deze les wordt aandacht geven aan de gevolgen die de expeditie van Abel Tasman voor de inheemse bevolking heeft.


Organisatie:

Voor deze les worden de beamer en de computer gebruikt. De begin sheet met de oude wereld kaart van Nieuw Zeeland.

De tafels en stoelen staan in de bus instelling, zodat alle leerlingen de kaart goed kunnen zien.
Lesopzet:

0 – 5 min. Binnen komst leerlingen.

5 - 10 min.. Instap (dia voorstelling over de landen die Abel Tasman heeft ontdekt).

10 - 15 min. Les uitleg.

15 - 30 min. De leerlingen luisteren en maken zodanig notities.

30 - 33 min. Uitleg van de opdracht.

33 - 50 min. Maken v/d opdracht.

50 - 55 min. Nabespreking opdracht.



55 - 60 min. Afsluiting.


Tijd (min)

Lesdoelen

Lesverloop

Organisatie

Werkvorm

Doet leraar

Doet leerling

0 – 5

Geen










Begroet de klas bij binnenkomst

Komt de klas binnen

5 – 10










PowerPoint presentatie

Laat een diashow zien over het onderwerp

De leerlingen zijn stil en luisteren

10 – 15










Uitleg

Legt kort uit wat de les inhoud

Leerlingen zitten te luisteren

15 – 30










Doceert

Vertelt over de gevolgen die de expeditie voor de inheemse bevolking heeft

Luisteren en maken notities

30 – 33










Uitleg

Vertelt wat de opdracht precies inhoud en wat de bedoeling is

De leerlingen luisteren

33 – 50













Loopt door de klas en helpt als leerlingen er niet uit komen

De leerlingen maken de opdracht.

50 – 55










Nabespreking

Bespreekt de opdrachten

De leerlingen kijken mee na

55 – 60










Afsluiting

Vat de les kort samen en geeft huiswerk op

Schrijven het huiswerk op voor de volgende keer



Opdracht inheemse bevolking:

Bij deze opdracht maak je een lijst met positieve en negatieve gevolgen met daarbij een goede onderbouwing. Bij elk van deze gevolgen moet een voorbeeld. Deze gevolgen kunnen directe gevolgen zijn, maar ook gevolgen die we vandaag de dag nog zien.

Uit deze lijst maak je een verhaal van uit een inheems perspectief, geschreven door een inheemse bewoner. Denk hierbij aan eerste contact, kledij, ruilwaarde, etc.


Bij deze opdracht mag je gebruik maken van het internet, of de boeken van de literatuur lijst.



Docentenhandleiding:



1. Kerndoelen:
36 De leerling leert betekenisvolle vragen te stellen over maatschappelijke kwesties en verschijnselen, daarover een beargumenteerd standpunt in te nemen en te verdedigen, en daarbij respectvol met kritiek om te gaan.
37 De leerling leert een kader van tien tijdvakken te gebruiken om gebeurtenissen, ontwikkelingen en personen in hun tijd te plaatsen.
40 De leerling leert historische bronnen te gebruiken om zich een beeld van een tijdvak te vormen of antwoorden te vinden op vragen, en hij leert daarbij ook de eigen cultuurhistorische omgeving te betrekken.

41 De leerling leert de atlas als informatiebron te gebruiken en kaarten te lezen en te analyseren om zich te oriënteren, zich een beeld van een gebied te vormen of antwoorden op vragen te vinden.



2. Dit zijn de leerdoelen:
Kennis leerdoelen:
- De leerling kan in het kort zijn mening en onderbouwend vertellen.
- De leerling kan de morele boodschap van het verhaal eruit halen en begrijpen.
- De leerling kan zich inleven in verschillende situaties.
Sociaal/affectieve leerdoelen:
- De leerling kan samen werken in groepsverband.
Motorische leerdoelen:

- De leerling kan een (zee)kaart tekenen.



3. De planning van de onderdelen:
a. Hoelang van te voren moet je beginnen met de voorbereidingen?

Het is wel nuttig om er een weekend voor uit te trekken om je te verdiepen en voor te bereiden.


b. Hoelang duurt elk onderdeel van de les?

Voor de instap staat zo rond 5 minuten, waarna de kinderen weer ong. 5 min. Zitten te luisteren naar de uit van de les. Hierna gaan de kinderen 25 min. luisteren en maken ze aantekeningen, waarna ze 3 min. uitleg krijgen over de opdracht. Daarna krijgen de kinderen 28 min. om de opdracht te maken en er volgt een evaluatie rondje waarin de leerlingen hun tekening laten zien en bespreken. De les wordt afgesloten en wordt huiswerk opgegeven.



De indeling van de les.


  • Binnen komst leerlingen met oude land/wereld kaart op scherm (5 minuten).



  • Instap met diashow van plaatjes/foto’s over verschillende inheemse bevolkingsgroepen, zoals de maori. Beginnend met een oude kaart van Nieuw Zeeland (5 minuten).




  • Uitleg les/theorie (5 minuten).




  • De theorie/ les over de inheemse bevolking v/d landen die Abel Tasman ontdekt heeft

(15 minuten).


  • Uitleg van de opdracht (3 minuten).




  • Het maken van de opdracht (17 minuten).




  • Het na bespreken v/d opdracht (5 minuten).




  • De afsluiting: huiswerk op geven (5 minuten).


Bij punt 4:Leerlingenmateriaal. Staat de creatieve opdracht.
c. Waar speelt elk onderdeel zich af en moet daar iets voor gereserveerd of geregeld worden?

De hele les wordt in één lokaal gehouden.


d. Welke hulpmiddelen zijn nodig?

Voor de les is een computer met beamer nodig voor de dia show. Verder voor de opdracht zijn er (kleur)potloden of stiften, gum en de teken stencils nodig.


e. Hoeveel mensen zijn nodig voor de begeleiding?

De leraar is genoeg.


4. Leerlingenmateriaal:

Theorie gedeelte (ca 15 minuten):



Les Expeditie van Abel Tasman.





  • Doelstelling(en).

  • Instap.

  • Les opzet.

  • Opdracht uitleg.

  • Opdracht.

  • Nabespreking.

  • Afsluiting.


Doelstelling(en):

De leerling kan de belangrijkste reizen van Abel Tasman benoemen.

De leerling krijgt inzicht en kan zich inleven hoe de omstandigheden tijdens de expeditie waren.

De leerling leert wat de invloeden zijn geweest van een expeditie.

De leerling kan de link tussen VOC en Abel Tasman maken.
Beginsituatie:

De leerlingen zijn rustig en kletsen nog even na over de vorige les Nederlands en hebben bij kunnen tanken, aangezien de 1e pauze net voorbij is.

De leerlingen gaan naar hun plaats en kijken nieuwsgierig na de oude wereldkaart die op het scherm schijnt.

Sommigen geven blijk van herkenning, maar de rest kijkt nogal verbaast.


Het is de 1e les uit 8 lessen.

Deze les wordt aandacht geven aan de Nederlandse ontdekkingsreiziger Abel Tasman en zijn belangrijkste expeditie, de ontdekking van Tasmanië, Nieuw Zeeland etc.


Organisatie:

Voor deze les word de beamer en de computer klaar gemaakt. De begin sheet met de oude wereld kaart uit de tijd van Abel Tasman.

De tafels en stoelen staan in de les/bus instelling, want de leerlingen hadden voor de pauze Nederlands.
Lesopzet:

0 – 5 min. Binnen komst leerlingen.

5 - 10 min.. Instap (dia voorstelling over ontdekkingsreizen v/d tijd van Abel Tasman).

10 - 15 min. Les uitleg.

15 - 30 min. De leerlingen luisteren en maken zodanig notities.

30 - 33 min. Uitleg van de opdracht.

33 - 50 min. Maken v/d opdracht.

50 - 55 min. Nabespreking opdracht.



55 - 60 min. Afsluiting.


Tijd (min)

Lesdoelen

Lesverloop

Organisatie

Werkvorm

Doet leraar

Doet leerling

0 – 5

Geen










Begroet de klas bij binnenkomst

Komt de klas binnen

5 – 10










PowerPoint presentatie

Laat een diashow zien over het onderwerp

De leerlingen zijn stil en luisteren

10 – 15










Uitleg

Legt kort uit wat de les inhoud

Leerlingen zitten te luisteren

15 – 30










Doceert

Vertelt over de VOC en de expedities van Abel Tasman

Luisteren en maken notities

30 – 33










Uitleg

Vertelt wat de opdracht precies inhoud en wat de bedoeling is

De leerlingen luisteren

33 – 50













Loopt door de klas en helpt als leerlingen er niet uit komen

De leerlingen maken de opdracht.

50 – 55










Nabespreking

Bespreekt de opdrachten

De leerlingen kijken mee na

55 – 60










Afsluiting

Vat de les kort samen en geeft huiswerk op

Schrijven het huiswerk op voor de volgende keer



Docentenhandleiding:



1. Kerndoelen:
36 De leerling leert betekenisvolle vragen te stellen over maatschappelijke kwesties en verschijnselen, daarover een beargumenteerd standpunt in te nemen en te verdedigen, en daarbij respectvol met kritiek om te gaan.
37 De leerling leert een kader van tien tijdvakken te gebruiken om gebeurtenissen, ontwikkelingen en personen in hun tijd te plaatsen.
40 De leerling leert historische bronnen te gebruiken om zich een beeld van een tijdvak te vormen of antwoorden te vinden op vragen, en hij leert daarbij ook de eigen cultuurhistorische omgeving te betrekken.

41 De leerling leert de atlas als informatiebron te gebruiken en kaarten te lezen en te analyseren om zich te oriënteren, zich een beeld van een gebied te vormen of antwoorden op vragen te vinden.



2. Dit zijn de leerdoelen:
Kennis leerdoelen:
- De leerling kan in het kort zijn mening en onderbouwend vertellen.
- De leerling kan de morele boodschap van het verhaal eruit halen en begrijpen.

Sociaal/affectieve leerdoelen:
- De leerling kan samen werken in groepsverband.
Motorische leerdoelen:

- De leerling kan een (zee)kaart tekenen.


3. De planning van de onderdelen:
a. Hoelang van te voren moet je beginnen met de voorbereidingen?

Het is wel nuttig om er een weekend voor uit te trekken om je te verdiepen en voor te bereiden.


b. Hoelang duurt elk onderdeel van de les?

Voor de instap staat zo rond 5 minuten, waarna de kinderen weer ong. 5 min. Zitten te luisteren naar de uit van de les. Hierna gaan de kinderen 25 min. luisteren en maken ze aantekeningen, waarna ze 3 min. uitleg krijgen over de opdracht. Daarna krijgen de kinderen 28 min. om de opdracht te maken en er volgt een evaluatie rondje waarin de leerlingen hun tekening laten zien en bespreken. De les wordt afgesloten en wordt huiswerk opgegeven.



De indeling van de les.


  • Binnen Komst leerlingen met oude land/wereld kaart op scherm (5 minuten).



  • Instap met diashow van plaatjes/foto’s over Abel Tasman (5 minuten).




  • Uitleg les/theorie (5 minuten).




  • De theorie/ les over Abel Tasman (15 minuten).




  • Uitleg van de opdracht (3 minuten).




  • Het maken van de opdracht (17 minuten).




  • Het na bespreken v/d opdracht (5 minuten).




  • De afsluiting: huiswerk op geven (5 minuten).


Bij punt 4:Leerlingenmateriaal. Staat de creatieve opdracht.
c. Waar speelt elk onderdeel zich af en moet daar iets voor gereserveerd of geregeld worden?

De hele les wordt in één lokaal gehouden.



d. Welke hulpmiddelen zijn nodig?

Voor de les is een computer met beamer nodig voor de dia show. Verder voor de opdracht zijn er (kleur)potloden of stiften, gum en de teken stencils nodig.


e. Hoeveel mensen zijn nodig voor de begeleiding?

De leraar is genoeg.


4. Leerlingenmateriaal:

Theorie gedeelte (ca 15 minuten):



  • Hier komen de aantekeningen / bestudering over Abel Tasman (dat is de theorie/ les), waar je een kwartier voor hebt om het mooie verhaal over Abel Tasman te vertellen aan de leerlingen.

Bijv. d.m.v. de aantekeningen een korte samenhangend verhaal maken.

  • Abel Tasman (Lutjegast, 1603 – Batavia, 10 okt. 1659).

→ In dienst van de VOC.

→ Bekendste reizen tussen 1642 en 1644 (ontdekking van o.a. Tasmanië en Nieuw Zeeland.

→ Opgezet door o.a. Antonio van Diemen.

→ Ontdekkin van Tasmanië, Nieuw Zeeland en Tongatapu.




  • Vroege reizen van Abel Tasman:

→ 1633 van Amsterdam naar Batavia.

→ 1637 weer terug.

→1639 Was 2e man op de expeditie van Matthijs Quast. Werden zeeën ten Oosten van Japan onderzocht.

→ 1640 Bezocht Abel, als schipper Nederlands Formosa me geschenken voor de Shogun in Edo.




  • Expedities:

→ 1e expeditie was 14 augustus 1642 – 15 juni 1643. Dit was de reis waar Tasmanië, Nieuw Zeeland en Tongatapu werden ontdekt.

→ 2e expeditie was in 1644 en die ging naar Nieuw Guinea.

→ 3e expeditie was in 1648 en ging naar de Filippijnen.



  • Het uitdelen van de stencils plus uitleg opdracht (3 minuten).

De leerling maakt de opdracht individueel.




  • Het maken en het bespreken van de opdracht + les afsluiten ( 27 minuten).

De opdracht voor de leerlingen is het bedenken en maken van een korte logboek die zij als kapitein moet bij houden op hun expeditie. Tevens maken ze een tekening van de reis.

De in houd van het logboek moet min. een half kantje en max.2 kantjes

Ze moeten rekening mee houden met inslaan van rantsoen etc. (moeten ze laten zien op hun tekening).

Deze opdracht maken ze individueel en hebben ze 27 minuten de tijd voor.

Opdracht:



De opdracht is het bedenken en maken van een korte logboek die jij als kapitein moet bij houden op je expeditie. Tevens maak je een tekening van de reis.

De in houd van het logboek moet min. een half kantje en max.2 kantjes

Hou rekening met bemanning, lengte reis, rantsoen, ziektes, etc.



Hieronder maak je de tekening van je reis:





Voor informatie:

Vierhonderd jaar geleden leefde bij velen het idee dat zich ergens op het zuidelijk halfrond een groot vasteland , Terra Australis Incognita, moest bevinden.

Toen schipper Willem Jansz in 1606 de kust van een nog onbekend continent ontdekte, vroeg men zich af of dit nu het onbekende Zuidland was. Terra Australis, of meer compleet Terra Australis Incognita (het Onbekende Zuidland), is een continent waarvan men vroeger dacht dat het op het zuidelijk halfrond te vinden was. De term stamt van Ptolemeus, die dacht dat de Indische Oceaan door land omgeven was, en Terra Australis aan zijn zuidrand plaatste.

Maar allang voordat Willem Jansz hier in 1606 kwam, waren er al enige schepen van de Portugezen hiernaar afgereisd. Ook de ontdekkingsreiziger Marco Polo sprak over landen ten zuid-oosten van China. Deze zouden rijk zijn aan goud en zilver mijnen. De Europeanen in deze tijd dachten dat het klimaat op dat land gelijk zou moeten zijn aan dat van Europa, en dat daar niet ‘wilde’ mensen leefden zoals in Afrika en Zuid-Amerika, maar beschaafde volken zoals in Europa. Het Zuidland, dat naar alle waarschijnlijkheid dus een land van goud en zilver, specerijen en edelstenen en beschaafde inwoners zou blijken zijn, had een sterke aantrekkingskracht op de Nederlanders. De onverwachte ontdekking van Amerika werd daarbij gezien als een precedent. Het feit dat het Spaanse koninkrijk aan die ontdekking een enorme rijkdom en macht ontleende, was een extra aansporing om zelf ook zo’n continent te gaan ontdekken.

De Portugezen hadden overal in Azië al handelsposten. Maar de Spanjaarden liepen niet ver achterop. Zo ontdekte de Spanjaard Alvaro de Mendana in 1567 een groot aantal berachtige eilanden ten oosten van Nieuw-Guinea. Deze noemde hij de Salomons Eilanden. Hij wou dit land koloniseren, maar zijn eerste tocht mislukte en belande in 1597 in de Filippijnen. Één van zijn opvarende Pedro Fernandez de Quiros gaf de hoop niet op na deze mislukking en ondernam in 1605 een nieuwe expeditie. Hij ontdekte bij Nieuw-Guinea een hoge kust die hij Austrialia del Espiritu Santa doopte. Hij was er van overtuigd dat dit het Zuidland was. Tijdens de terug tocht naar Zuid-Amerika raakte één van zijn schepen gescheiden van de rest. Dit was het schip onder commando van Torres. Hij bereikte via de Molukken de Filippijnen, zo was hij de eerste die de zeestraat tussen Australiè en Nieuw-Guinea doorvoer. Deze reis werd echter vergeten. Spanje heeft in 1609 nog 3 reizen gevoerd naar dit land. Maar tot een kolonisatie leide het nooit.



In Nederland sloeg het verhaal van De Quiros wel aan. De rijke koopman Isaac Le Maire deed er alles aan om de VOC, die in zijn ogen ontrecht handelsmonopolie bezat, te dwars zitten. Le Maire wilde van het onontdekte Zuidland als handelsgebied gebruiken, één waarop hij als eerste monopolie voor een bepaalde tijd zou krijgen. Dit zou de positie van de VOC aantasten.Hij stuurde twee schepen richting het Zuidland, Isaacs zoon Jacob Le Maire en Willem Cornelisz Schouten voerden het bevel over de vloot. Hij ontdekte een zeestraat ten zuiden van eht Vuurland. Behalve Straat Magelhaes, die volgende de VOC-monopolie verboden gebied was voor andere Nederlandse expedities, bestond er dus nog een toegang naar de Stille Oceaan. Deze straat werd Le Maire gedoopt. Na het passeren van deze straat ontdekten ze kaap Hoorn, dit was het meest zuidelijke punt van de passage. Nadat ze verder voeren kwamen ze een bergachtig land tegen dat de naam Statenland kreeg. Toen gingen ze verder met hun tocht over de stille oceaan. Ze ontdekten nog een eilanden groep die ze Hoornse Eilanden noemden, maar het verwachte Zuidland kwam niet in zicht. Uiteindelijk kwam de expeditie ten einde in het handelsgebied van de VOC. Hier werden de schepen in beslag genomen met lading en papieren. Dit omdat ze inbreuk hadden gemaakt op de monopolie van de VOC. Schouten en Le Maire werden direct naar Nederland gestuurd. Le Maire kreeg na een lang proccess een vergoeding voor de schepen, maar belangrijker de scheepspapieren terug. Hiermee een vocablaire voor de taal op de Hoornse Eilanden. Maar ook de journalen van Le Maire en Schouten. Dezen werden door Tasman op zijn ontdekkingsreis gebruikt, en hij verwijst regelmatig naar de reisverslagen.


1
Reis van Le Maire en Schouten in 1615

Terwijl Schouten en Le Maire vanuit het oosten een poging deden om het onbekende Zuidland te vinden, was het Australische continent vanuit het noorden en westen al lang en breed ontdekt. Dit door Willem Jansz in 1605 vanuit de VOC om rondom de kolonieën te verkennen/ontdekken: ‘tot het ontdekken van het grote land van Nova-Guinea en andere Oost-en Zuiderlanden’. Via de kei en Aroe-eilanden voer zijn jacht, de Duyfken, naar de kust van Nieuw-Guinea. Tijdens een korte verkenning van het land werd de bemanning aangevalen door papoea’s. Hierbij kwamen acht bemanningsleden om. Maar Willem ging door met zijn verkenning. Bij de zuidkust van Nieuw-Guinea ging hij naar het zuiden, of de kust daar doorliep wist Willem niet, maar na enige tijd kreeg hij land in zicht. Hier ging hij aan land, het huide York Peninsula. Dit land had geen overeen komst met het Zuidland uit de verhalen. Maar zonder te beseffen had Willem Jansz voet gezet op Australië. De magere resultaten van zijn expeditie gaven geen aandleiding tot een tweede verkenningstocht. Willem Janszoon had ongeveer 320 kilometer van het land in kaart gebracht.



De ontdekking van de westkust van Australië is toevallig ontdekt. Dit kwam door een revolutionaire verbetering van de route naar Oost-Indië. In de beginjaren van de Nederlandse vaart op Azië volgden de schepen grotendeels de route die de Portugezen al jarenlang voeren. Maar dit was vaak een zware reis. Dit ging via de Indische oceaan vanaf het zuidpunt van Afrika pal noordoost. Dit was het zwaarste traject: of er was geen wind, of de wind was tegen. Normaal koste deze reis zo’n 10 maanden tot een jaar of meer. Maar het was sommigen opgevallen dat bij Kaap de Goede Hoop het hele jaar een overwegende westelijke wind waaide. Ze dachten dat hier een parallel op bestond. Dan zou er ten zuiden van Kaap de Goede Hoop ook een westenwindgordel moeten zijn. Daarvan konden de schepen gebruik maken door in eerste instantie ver door te zeilen naar het oosten, en dan op de lengte van Java naar het noorden af te buigen. In 1611 was commandeur Hendrik Brouwer de eerste die deze route bevoer. Al na 5 maanden en 24 dagen kwam hij aan. De route werd in 1616 verplicht voor alle VOC schepen. Het werd de Brouwerroute genoemd. Deze route hield in dat de schepen na Kaap de Goede Hoop een zuidoostelijke koers voerden naar de 35ste tot 40ste breedtegraad. Daarna moesten zij duizend mijl oostwaarts varen en dan de koers verleggen naar het noorden. Met de navigatiemiddelen uit deze tijd was het niet mogelijk goed te bepalen wanneer deze afstand was afgelegd. Schepen die te ver doorzeilden moesten wel op de westkust van Australië stuiten. Al in 1616 kreeg Dirk Hartog op het schip de Eendracht een paar eilanden met daarachter een uitgestrekte kust in zicht. In de jaren erna kregen meer schepen de westkust in zich en stukje bij beetje onstond er een beeld van de kustlijn van West-Australië. In 1622 was de route niet meer het geheim van de VOC.


2
De brouwer route , met oude route en de ‘route’ die vaak tot een schripbreuk leide, zoals de Batavia.

Hoewel er voor de VOC alle reden was om de westkust grondig te verkennen, om verdere ongelukken en schipbreuken te voorkomen, bleek het onmogelijk om voldoende schepen en mannen vrij te maken voor deze omvangrijke opdracht. Wel had de gouveneur van Ambon twee kleine schepen tot zijn beschikking, de Pera en de Arnhem, om de zuidkust van Nieuw-Guinea te verkennen en langs de kust die door de Duyfken was ontdekt zo ver mogelijk naar het zuiden te varen. Ze voerden steeds zuidelijker tot ze het punt van Duyfken voorbij waren. Ze gingen aan land en kwamen aboriginals tegen, die niet vijandig maar eerder nieuwsgierig waren. Ze ontvoerden één van deze mannen om het in Batavia Nederlands te leren en te gebruiken als tolk. Toen ze hierna nog zuidelijker trokken begon hun vooraard op te raken en ging de Pera terug. Met de instructies om de kust nauwkeurig in kaart te brengen. Van de Arnhem bleef omdat het schip te zwak was om zonder oponthoud terug te keren. Tijdens deze terugtocht stuitte de Arnhem op een onbekende kust de westkust van de Golf van Carpentaria. De Pera is nog een aantal keer aan land geweest om contact te maken met de aboriginals. Door hen producten en grondstoffen te tonen, probeerde ze er achter te komen of die zaken in dit gebied voorkwamen. Maar zilver, goud of specerijen lokten een reactie uit. Ze concludeerden dat het gebied door ‘arme en miserabele mensen’ bewoond werd en er weinig waardevols te halen was. Er was voor de VOC geen aanleiding om op korte termijn verder te gaan met het verkennen van dit gebied.

Na de expedities van de Arnhem en Pera lag het ontdekken en verkennen lange tijd stil. De VOC had hun handen vol aan het uitbreiden van het handelsimperium en de strijd tegen Engelse en Portugeese concurrenten. Elk schip en opvarende was nodig, de VOC kon zich geen onzekere expedities veroorloven. Maar de belangstelling voor eigen, goudrijke gebieden bleef. Elk jaar gingen kisten met goud en zilver vanuit Nederland naar Oost-Indië, om daarmee goederen in te kopen. De compagnie maakte winst, maar inversteringen bleven nodig. Daarom wilde Nederland een eigen goud- of zilverrijk gebied. Zodat ze met dat goud en zilver de handel in Oost-Indië konden kopen, en als ze dat weer verkochten in Nederland, alles pure winst zou zijn. Toen er een bericht kwam van de VOC-koopman Willem Verstegen vanuit Japan, dat er in 1611 een Spanjaard een serieuze poging had gedaan om de eilanden Rica de Oro en Rica de Plata te vinden. Die eilanden zouden ergens ten oosten van Japan liggen en uitzonderlijke rijkdommen voortbrengen. De Spanjaard had ze niet gevonden, maar dit betekende niet dat de eilanden niet bestonden. Het leek Verstegen en de VOC-bewindhebbers de moeite waard om ernaar te zoeken. De eerste die dit bericht onder ogen kreeg was Hendrik Brouwer, hij had na de ontdekking van ‘zijn’Brouwerroute zichzelf weten te bekleden tot het hoogste ambt in Oost-Indië. Bij zijn vertrekking uit Oost-Indië in 1636, liet hij een uitgebreid plan achter waarin hij dringend aanbeval de Goud- en zilvereilanden te gaan zoeken en daarnaast het oostelijk deel van de huidige Indonesische Archipel, Nieuw-Guinea en de noord- en westkust van het Zuidland verder te verkennen. Het doel was een veilige vaart ( daarbij hoorde ook het aanwijzen van plaatsen waar water en verversingen konden worden ingeslagen) en het vinden van nieuwe handels-gebieden. Brouwer werd op gevolgd door Anthonie van Diemen. Die nam het ontdekken vrijwel meteen ter hand.
In 1642 stuurde de VOC Abel Tasman met twee schepen op een ontdekkingsreis om te onderzoeken of dat wat Willem Jansz in 1606 had gevonden nou echt Terra Australis Incognita was. Tasman voer met het jacht Heemskerck en de fluit Zeehaen bemand met 110 man. 3

  1   2

  • Docentenhandleiding
  • Les Expeditie van Abel Tasman.

  • Dovnload 237.87 Kb.